Zoekresultaat: 154 artikelen

x

    In deze bijdrage behandelt de auteur de materiële wijzigingen van de geschillenregeling van het voorontwerp. Het voorontwerp is een stap in de goede richting naar een effectieve(re) geschillenregeling, maar komt niet aan alle bezwaren tegemoet.


Mr. J.A.G. de Boer
Mr. J.A.G. de Boer is advocaat te Den Haag.
Artikel

Kroniek Vennootschapsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2020
Auteurs Lisette van der Gun en Rogier Wolf
Auteursinformatie

Lisette van der Gun
Lisette van der Gun is advocaat bij UdinkSchepel Advocaten in Den Haag.

Rogier Wolf
Rogier Wolf is advocaat bij UdinkSchepel Advocaten in Den Haag, universitair docent Ondernemingsrecht aan Maastricht University (ICGI) en lid van de advocatenredactie van het Advocatenblad.
Artikel

Het gebruik van oligarchische clausules bij benoeming en ontslag door Nederlandse beursvennootschappen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden corporate governance, bindende voordracht, ontslag, ontstentenis, aandeelhouders
Auteurs Mr. B. Kemp en Mr. A.S. Renshof
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit ons onderzoek volgt dat een ruime meerderheid van de Nederlandse beursvennootschappen de bevoegdheid van de aandeelhoudersvergadering om bestuurders te benoemen en ontslaan beperkt door het gebruik van zogeheten oligarchische clausules. Hieruit worden in deze longread enkele conclusies getrokken, waaronder dat oligarchische clausules worden gebruikt als correctie op het aandeelhoudersvriendelijke wettelijke uitgangspunt.


Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam en als universitair docent verbonden aan Maastricht University. Hij is daarnaast redacteur van dit tijdschrift.

Mr. A.S. Renshof
Mr. A.S. Renshof is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Het ambacht

Inwerkingtredingswetten

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2019
Trefwoorden inwerkingtreding, invoeringswetten, Omgevingswet, Aanwijzingen voor de regelgeving
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de figuur waarbij in een wet wordt bepaald dat die wet in werking wordt gesteld via een andere wet. Die andere wet wordt in deze bijdrage aangeduid als ‘inwerkingtredingswet’. Aanleiding voor deze bijdrage was het verzoek vanuit de Tweede en Eerste Kamer om zo’n constructie toe te passen bij de Omgevingswet. Uiteindelijk is daar voor een eenvoudigere oplossing gekozen (een zware voorhangprocedure voor het inwerkingtredings-KB). De figuur van inwerkingtredingswetten voert terug tot in de negentiende eeuw, toen het Wetboek van Strafrecht op die wijze in werking is gesteld. In de laatste decennia van de vorige eeuw kwam dit verder regelmatig voor bij wetten van Financiën, Binnenlandse Zaken en Verkeer en Waterstaat die grote stelselwijzigingen inhielden. Nooit was sprake van een ‘zuivere’ inwerkingtredingswet: steeds bevatte zo’n wet naast de inwerkingstelling van de ‘hoofdwet’ ook overgangsrecht en aanpassingen van specifieke wetten. Het ging dus steeds om ‘invoeringswetten’. De laatste jaren is deze methode in onbruik geraakt, omdat de inwerkingstelling van zowel de hoofdwet als de invoeringswet wordt gedelegeerd aan de regering, die beide wetten dan in werking laat treden via één inwerkingtredings-KB.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Eenvoudig personenvennootschapsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden personenvennootschap, rechtspersoonlijkheid, vennotenaansprakelijkheid, afgescheiden vermogen, LLP
Auteurs Mr. Chr.M. Stokkermans
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recente ambtelijk voorontwerp tot modernisering van het personenvennootschapsrecht geeft te veel complexiteit. Dit komt vooral door het ontbreken van een vennootschapstype zonder rechtspersoonlijkheid en een volwaardig alternatief voor de LLP. Daarnaast kan meer bij het algemene vermogensrecht worden aangesloten, zoals bij de vormgeving van vruchtgebruik en pandrecht op vennootschapsaandelen.


Mr. Chr.M. Stokkermans
Mr. Chr.M. Stokkermans is oud-notaris te Amsterdam.
Artikel

Een eerste stap in de implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde Voorontwerp ter implementatie van de Aandeelhoudersrichtlijn, alsmede de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders centraal. De auteur besteedt hierbij ook aandacht aan enige consultatiereacties van diverse Nederlandse stakeholders.


Mr. T.C.A. Dijkhuizen
Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.
Artikel

Harmonisatie van Europees vennootschapsrecht: de EMCA

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2018
Trefwoorden Europees vennootschapsrecht, harmonisatie, modelwet
Auteurs Dr. J. Roest
SamenvattingAuteursinformatie

    In september 2017 is de European Model Company Act (EMCA) gepubliceerd: een modelwet van het EU-vennootschapsrecht. De EMCA kan een inspirator zijn voor nationale wetgevers bij herziening van hun nationale vennootschapsrecht en vormt daarmee een nieuw middel in het proces van ‘bottom-up’ harmonisatie van Europees vennootschapsrecht.


Dr. J. Roest
Dr. J. Roest is universitair hoofddocent ondernemingsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, en sinds 2012 lid van de EMCA Group.
Artikel

Het structuurregime: vijf rechtsvragen in de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2017
Trefwoorden structuurregime, structuurvennootschap, aanbevelingsrecht, internationale holdingvrijstelling, uitloopperiode
Auteurs Mr. J.H.G. Visser
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk blijkt dat het huidige structuurregime nog veel vragen oproept, omdat de wet en de literatuur op een aantal punten geen heldere richtlijnen geven. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele punten waar praktijkbeoefenaars bij het opzetten of het afschaffen van een structuurregime tegenaan (kunnen) lopen.


Mr. J.H.G. Visser
Mr. J.H.G. Visser is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Het verzetrecht van artikel 2:404 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2017
Trefwoorden verzetrecht, 403-verklaring, overblijvende aansprakelijkheid, artikel 2:404 BW, groepsvrijstelling
Auteurs Mr. K. Notenboom
SamenvattingAuteursinformatie

    In het recente arrest inzake SNS/Propertize kwam het verzetrecht tegen het voornemen van de moedermaatschappij om de overblijvende aansprakelijkheid uit hoofde van een 403-verklaring te beëindigen aan de orde. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele knelpunten ten aanzien van het verzetrecht van artikel 2:404 BW: de verzetgerechtigdheid, de betwiste vorderingen en de omvang van de zekerheid of andere waarborg.


Mr. K. Notenboom
Mr. K. Notenboom is per 1 juli 2017 advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Praktijk

Onttrekkingen door aandeelhouders en de (niet benijdenswaardige) rol van het bestuur

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2017
Trefwoorden uitkeringen, bestuur, vennootschappelijk belang, bestuurdersaansprakelijkheid, art. 2:216 lid 2 BW
Auteurs Mr. R. Fluit
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage geeft de auteur een overzicht van de grenzen die de wet en jurisprudentie thans stellen aan uitkeringen bij een bv. De nadruk ligt op de rol van het bestuur en meer in het bijzonder op de reikwijdte van zijn bevoegdheid om goedkeuring aan uitkeringen te weigeren. Indien het bestuur geen ruimte ziet om op basis van art. 2:216 lid 2 BW zijn goedkeuring te weigeren, maar het bestuur overigens wel van mening is dat door de uitkering het vennootschappelijk belang onevenredig wordt geschaad, welke middelen staan het dan ten dienste om de vennootschap te beschermen tegen deze uitkering.


Mr. R. Fluit
Mr. R. Fluit is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Shoot-out clausules bij 50/50-BV’s

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2017
Trefwoorden shoot-out clausule, aandeelhoudersgeschil, joint venture, aandeelhoudersovereenkomst
Auteurs Mr. M.J.R. Brons
SamenvattingAuteursinformatie

    Shoot-out clausules kunnen een nuttig mechanisme zijn voor de doorbreking van impasses bij BV’s met twee aandeelhouders die ieder 50% van de aandelen houden. Dit artikel bespreekt verschillende varianten van shoot-out clausules, enkele specifieke kenmerken per variant en voor- en nadelen van het gebruik van shoot-out clausules in het algemeen.


Mr. M.J.R. Brons
Mr. M.J.R. Brons is advocaat bij Höcker Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Kroniek Vennootschapsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 3 2017
Auteurs Bas Visée en Rik Analbers

Bas Visée

Rik Analbers
Artikel

Rechtsgeldigheid en doorwerking van een aandeelhoudersovereenkomst in de persoonsgebonden BV: een stappenplan voor de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, rechtsgeldigheid, doorwerking, vennootschapsrechtelijke werking, persoonsgebonden
Auteurs Mr. R. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel de literatuur als de rechtspraak geeft geen blijk van een helder toetsingskader voor de beoordeling van de rechtsgeldigheid en doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten. Dit artikel beschrijft een eenduidig toetsingskader (inclusief schematisch stappenplan) waarmee een rechter, notaris of advocaat kan beoordelen of een aandeelhoudersovereenkomst geldig is, en zo ja, of deze in het concrete geval doorwerkt in de vennootschap.


Mr. R. de Leeuw
Mr. R. de Leeuw is juridisch medewerker bij Schaap Advocaten Notarissen te Rotterdam.
Artikel

De mogelijkheden voor vergoeding van afgeleide schade verruimd

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden afgeleide schade, herziene geschillenregeling, art. 2:343 lid 4 BW, billijke verhoging
Auteurs Mr. A.E. Goossens
SamenvattingAuteursinformatie

    Afgeleide schade komt in beginsel niet voor vergoeding in aanmerking. De herziene geschillenregeling (art. 2:343 lid 4 BW) biedt de aandeelhouder de mogelijkheid compensatie te krijgen voor afgeleide schade. Dit artikel bespreekt hoe art. 2:343 lid 4 BW uitpakt in de praktijk. Daarbij komt ook de wenselijkheid van het verruimen van de mogelijkheden tot het vergoeden van afgeleide schade aan de orde.


Mr. A.E. Goossens
Mr. A.E. Goossens is advocaat bij Van Doorne te Amsterdam.
Artikel

Gevolgen voor winstuitkeringen aan aandeelhouders na herziening jaarrekening BV

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2016
Trefwoorden herziening jaarrekening, herroeping vaststellingsbesluit, gevolgen winstuitkeringen aandeelhouders
Auteurs Mr. M.A.R. Vonk
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk bestaat soms behoefte om de jaarrekening te herzien. Bijvoorbeeld wanneer deze geen juist beeld geeft over de gang van zaken bij een onderneming. In dit artikel bespreekt de auteur wat bij herziening van de jaarrekening de mogelijke gevolgen zijn voor de reeds gedane winstuitkeringen aan aandeelhouders.


Mr. M.A.R. Vonk
Mr. M.A.R. Vonk is als Junior Adviseur Ondernemingsrecht werkzaam bij Bureau Vaktechniek van BDO Accountants & Belastingadviseurs te Tilburg.
Artikel

Doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten na invoering van de flex-BV: wat is het alternatief?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomsten, vennootschapsrechtelijke doorwerking, flex-BV
Auteurs Mr. T.L.M. van der Weijden
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit recente jurisprudentie blijkt dat de praktijk nog steeds worstelt met de vraag in hoeverre contractuele verplichtingen uit hoofde van een aandeelhoudersovereenkomst doorwerken binnen de vennootschapsrechtelijke verhoudingen. De invoering van de flex-BV heeft hier kennelijk onvoldoende verduidelijking gebracht. Aan de hand van enkele alternatieven voor aandeelhoudersovereenkomsten worden aanbevelingen gedaan voor de wetgever.


Mr. T.L.M. van der Weijden
Mr. T.L.M. van der Weijden is onlangs afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen in de masters Ondernemingsrecht en Burgerlijk recht.
Artikel

Een reactie op een reactie: artikel 2:210 lid 5 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vennootschapsrecht, faillissementsrecht, aansprakelijkheid te late deponering, artikel 2:210 lid 5 BW
Auteurs Mr. M.W. Josephus Jitta
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze reactie wordt ingegaan op de reactie van Schwarz en Wolf op de bijdrage van Van Hooff, waar het gaat om de gevolgen van artikel 2:210 lid 5 jo. artikel 2:248 lid 2 BW. Op grond van de rechtspraak van de Hoge Raad komt de auteur tot de conclusie dat de zorg van Schwarz en Wolf dat bij toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW de sanctie van artikel 2:248 lid 2 BW eerder zou intreden dan zonder toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW, ongegrond is.


Mr. M.W. Josephus Jitta
Mr. M.W. Josephus Jitta is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Praktijk

Vennootschappelijk belang en doeloverschrijding

Art. 2:7 BW richtlijnconform uitgelegd

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2016
Trefwoorden vennootschappelijk belang, doelomschrijving, art. 2:7 BW, Eerste Richtlijn Vennootschapsrecht
Auteurs Mr. D.A. Viëtor en Mr. H.M.H. Speyart
SamenvattingAuteursinformatie

    Art. 2:7 BW heeft een Unierechtelijke achtergrond. Het is gebaseerd op de Eerste Richtlijn Vennootschapsrecht. Een richtlijnconforme uitleg van art. 2:7 BW brengt mee dat bij rechtshandelingen van een rechtspersoon art. 2:7 BW geen ruimte biedt voor enige derogerende werking van het vennootschappelijk belang en er onder normale omstandigheden evenmin sprake is van een onderzoeksplicht voor de wederpartij van de rechtspersoon naar het doel van die rechtspersoon.


Mr. D.A. Viëtor
Mr. D.A. Viëtor is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.

Mr. H.M.H. Speyart
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Statuten, een kwestie van uitleg op maat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden uitleg, statuten, reglement, objectief, subjectief
Auteurs Mr. J.R. Hurenkamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de rechtspraak anno 2016 volgt dat statuten objectief moeten worden uitgelegd, maar dat in uitzonderingsgevallen een meer subjectieve uitleg gerechtvaardigd kan zijn, indien partijen betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de statuten, in een contractuele verhouding staan of de redelijkheid en billijkheid in art. 2:8 BW dat eist.


Mr. J.R. Hurenkamp
Mr. J.R. Hurenkamp is advocaat bij Wijn & Stael Advocaten te Utrecht.
Artikel

Aansprakelijkheid voor het boedeltekort en de publicatieplicht: wat is te laat deponeren?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, artikel 2:248 BW, publicatietermijn, vereenvoudigde vaststelling, Uitvoeringswet richtlijn jaarrekening
Auteurs Mr. J.E.P.A. van Hooff
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor jaarrekeningen die zien op boekjaren die starten op of na 1 januari 2016 gaat de maximale publicatietermijn van dertien naar twaalf maanden. Deze maximale termijn is de enige relevante termijn in het kader van artikel 2:248 BW. Ook bij vereenvoudigde vaststelling van de jaarrekening op grond van artikel 2:210 lid 5 BW.


Mr. J.E.P.A. van Hooff
Mr. J.E.P.A. van Hooff is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 154 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.