Zoekresultaat: 22 artikelen

x
Artikel

Nietigverklaring van een testament bij leven van de testateur: kan dat?

Procesrechtelijke aspecten

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden nietigverklaring testament voor overlijden testateur, nietig, testament, wilsonbekwaamheid, belang
Auteurs Mr. drs. J.H. Lieber
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur onderzoekt in deze bijdrage of ook tijdens leven van een testateur procedures over de geldigheid van een testament al mogelijk zijn. In de situatie dat sprake is van financieel misbruik van een kwetsbare, wilsonbekwame persoon kan dat zeer wenselijk zijn. De uitkomst van het onderzoek is dat die mogelijkheid bestaat, mits aan de strenge eisen van artikel 3:302 en 3:303 BW is voldaan.


Mr. drs. J.H. Lieber
Mr. drs. J.H. Lieber is senior raadsheer bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en het gerechtshof Amsterdam.
Jurisprudentie

Nietigverklaring van een testament bij leven van de testateur

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden uiterste wil, meerderjarigenbewind, wilsgebrek, nietigverklaring, financieel misbruik
Auteurs Mr. dr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs verklaarde de rechter een uiterste wil nietig. Het bijzondere aan de uitspraak was dat de testateur nog leefde. In een andere recente zaak werd een verzoek om een testament bij leven van de testateur nietig te verklaren afgewezen. In deze bijdrage worden beide uitspraken naast elkaar gezet. Er wordt ingegaan op de vraag in hoeverre het wenselijk is dat een uiterste wil nog tijdens leven van een testateur nietig verklaard kan worden.


Mr. dr. J.H.M. ter Haar
Mr. dr. J.H.M. ter Haar is universitair docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Jurisprudentie

Testeren onder vier ogen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden testeren, hoogstpersoonlijk, tuchtrecht, beïnvloeding, zorgplicht notaris
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    In recente tuchtrechtspraak komt naar voren dat zowel de (voor)bespreking als het passeren van een uiterste wil in de regel onder vier ogen moet plaatsvinden. Het is namelijk een van de kernverantwoordelijkheden van de notaris om in te staan voor een vrije en onafhankelijke wilsvorming van de erflater. De notaris dient alert te zijn op mogelijke beïnvloeding door derden, die een belang bij het testament hebben. Ook het risico van non-verbale beïnvloeding – bijvoorbeeld doordat derden weliswaar niet aan het gesprek deelnemen, maar wel in dezelfde ruimte aanwezig zijn – moet worden voorkomen.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mw. Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is notarieel jurist/wetenschappelijk medewerker bij FBN Juristen te Amsterdam en als Fellow verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Een nietigverklaring van een testament tijdens leven; jawel het kan!

Rechtbank Zeeland-West-Brabant 3 juli 2019

Tijdschrift AdvoTip, Aflevering 13 2019
Auteurs Mw. mr. dr. N.V.C.E. Bauduin

Mw. mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Artikel

Testeren door minderjarigen en de maatschappelijke behoefte van artikel 4:58 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden artikel 4:55 BW, artikel 4:58 BW, testeren door minderjarigen, minderjarigen, leermeesters
Auteurs Mr. H.J. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    Minderjarigen die de leeftijd van 16 jaar hebben bereikt, kunnen uiterste wilsbeschikkingen maken. Uit cijfers verstrekt door de KNB blijkt dat op jaarbasis gemiddeld enkele tientallen testamenten door minderjarigen worden opgesteld. Dat was onder het oude erfrecht al zo. Indien een minderjarige testeert, mag hij op grond van artikel 4:58 BW geen uiterste wilsbeschikking maken ten voordele van zijn leermeester, met wie hij tezamen woont. In de literatuur wordt gesteld dat artikel 4:58 BW thans vrijwel achterhaald is en nauwelijks nog betekenis heeft. Ondanks het feit dat de resultaten van een door mij verricht praktijkonderzoek anders laten zien dan de heersende opvatting in de literatuur, ben ik het met deze stelling eens. Naar mijn mening is er voldoende reden om te stellen dat artikel 4:58 BW thans niet meer in een maatschappelijke behoefte voorziet. Daarnaast is er de bijstand van een notaris bij het opstellen van uiterste wilsbeschikkingen om ongewenste beïnvloeding van de testateur te voorkomen.


Mr. H.J. de Jonge
Mr. H.J. de Jonge is kandidaat-notaris in De Wijk en buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Een nietig huwelijk, maar (nog) geen nietig testament

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2018
Trefwoorden bescherming ouderen/financieel misbruik ouderen, artikel 1:69 BW, artikel 4:55 lid 2 BW, vertegenwoordiging bij uiterste wilsbeschikking, nietigverklaring uiterste wil en huwelijk
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 1:69 BW kunnen bloedverwanten in rechte lijn van een der echtgenoten verzoeken een huwelijk nietig te verklaren. Sinds 1 april 2014 kunnen bloedverwanten in neerdalende lijn een dergelijk verzoek al meteen doen na het ontstaan van het huwelijk. Zij hoeven dus niet meer te wachten tot het huwelijk is geëindigd. De wetgever had hierbij oog voor de situatie waarin sprake is van een ouder die ten tijde van de huwelijksvoltrekking niet in staat was zijn wil te verklaren, terwijl dit voor de ambtenaar van de burgerlijke stand niet kenbaar was. In deze bijdrage komt naar aanleiding van een recent geval de vraag aan de orde of het gerechtvaardigd is dat een huwelijk van een persoon die niet in staat was zijn wil te bepalen tijdens zijn leven nietig verklaard kan worden, terwijl een door deze persoon gemaakte uiterste wilsbeschikking gedurende zijn leven niet aantastbaar is. Er wordt een aanbeveling gedaan voor een hanteerbare oplossing.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is universitair docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2017
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Artikel

Het willekeurige karakter van de verboden beschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden verboden beschikking, willekeurig karakter, curatoren
Auteurs Mr. H.J. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op het willekeurige karakter van de verboden beschikkingen in het erfrecht. Men kan zich afvragen waarom een curator niet uitgesloten is van het genieten van voordeel uit een uiterste wilsbeschikking van zijn curandus. Men zou zich op het standpunt kunnen stellen dat artikel 4:57 lid 1 BW van overeenkomstige toepassing is op testamentaire bevoordelingen van een onder curatele gestelde ten behoeve van zijn curator. De heersende opvatting in de literatuur is echter dat er geen sprake is van een overeenkomstige onbevoegdheid. De auteur meent dat er voldoende argumenten zijn om de vraag naar een wettelijke regeling (opnieuw) aan de orde te stellen.


Mr. H.J. de Jonge
Mr. H.J. de Jonge is kandidaat-notaris te Helmond.
Artikel

Van ‘levensexecuteur’ tot executeur, waar ligt de grens?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden levenstestament, gevolmachtigde, executele, subrogatie
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    Bevoegdheden in levenstestamenten zijn vaak ruim verwoord en omvatten vaak ook allerlei erfrechtelijke bevoegdheden. In deze bijdrage staat de vraag centraal of de gevolmachtigde namens de volmachtgever een executeursbenoeming al dan niet mag aanvaarden én namens de volmachtgever de bevoegdheden van de executeur mag uitoefenen.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is als kandidaat-notaris verbonden aan Vrijthofnotarissen te Maastricht en Fellow aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Vaart de notaris tuchtrechtelijk op het kompas van de verkopende executeur? In het algemeen wel, nu niet!

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden verkoopbevoegdheid executeur, notarieel tuchtrecht, afwikkelingsbewind, schulden van de nalatenschap
Auteurs Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    De aanleiding voor deze bijdrage is het arrest van Hof Amsterdam van 22 december 2015, ECLI:NL:GHAMS:2015:5551, waarin de notariële tuchtrechter moest oordelen over de rol van de notaris bij de verkoop van een landgoed door een beheersexecuteur. Bijzondere omstandigheden in de casus zijn onder meer dat er géén schulden van de nalatenschap waren en dat de koopovereenkomst op een notariskantoor werd gesloten.
    De notaris dient volgens het hof te onderzoeken of tegeldemaking nodig is voor de betaling van de schulden van de nalatenschap. De auteur concludeert dat de notaris civielrechtelijk en tuchtrechtelijk niet te benijden is in dezen. De erflater doet er in ieder geval goed aan om ter uitbreiding van de beschikkingsbevoegdheid van de executeur een afwikkelingsbewind in te stellen.


Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols
Prof. mr. dr. B.M.E.M. Schols is als hoogleraar verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en is tevens vennoot bij ScholsBurgerhartSchols.
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2015
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2014
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. E.M.A. van Amersfoort
Jurisprudentie

Jurisprudentieoverzicht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Auteurs Mr. E.M.A. van Amersfoort en Mr. dr. I. Visser

Mr. E.M.A. van Amersfoort

Mr. dr. I. Visser


Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de fiscaliteit

‘Niet meer inhoudelijk overeenkomen met?’

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Quasi-wettelijke verdeling, Ventieltechniek, Afvullegaat, Defiscalisatie, Tweetrapstestament
Auteurs Prof. dr. B.M.E.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijft de auteur de fiscale perikelen die het Nederlandse keuzetestament, in het bijzonder de quasi-wettelijke verdeling, de afgelopen tien jaar heeft doorgemaakt, alsmede de huidige stand van zaken. De rode draad van het verhaal is de vraag in hoeverre het keuzetestament nog ‘inhoudelijk moet overeenkomen met’ de wettelijke verdeling. Dit was het geval voor defiscalisatie in de inkomstenbelasting en voor de ventieltechniek in de Successiewet. Fiscaal is dit thans echter geen must meer, maar dat neemt niet weg dat de praktijk om praktische redenen inhoudelijk zal blijven overeenkomen met de wettelijke verdeling. De auteur geeft ook aan dat art. 10 SW 1956 in beginsel niet van toepassing is op de langstlevendentestamenten. Ook komt de fiscale hype rond het Radartestament aan bod. De auteur geeft aan dat de reden dat er zo veel fiscaal creatieve testamenten worden gemaakt, is gelegen in het afnemen van de kracht van de legitieme portie onder nieuw erfrecht. Hierdoor heeft bijvoorbeeld het fiscale fenomeen ‘afvullegaat’ zich kunnen ontwikkelen.


Prof. dr. B.M.E.M. Schols
Prof. dr. B.M.E.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols Estate Planning te Nijmegen.
Praktijk

Inzage in het medisch dossier en het beroepsgeheim

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden wilsbekwaamheid, medisch dossier, medisch beroepsgeheim, HR 20 april 2001, NJ 2001, 600, wetsvoorstel Wet cliëntenrechten zorg
Auteurs Mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    Als de wilsbekwaamheid van erflater ten tijde van het maken van het testament wordt betwist, komt de vraag op of in verband met de bewijsvoering daarvan inzage mogelijk is in het medisch dossier van erflater. Het medisch beroepsgeheim geldt ook na overlijden van een patiënt, maar kan onder voorwaarden worden doorbroken. In deze bijdrage wordt daar een korte verkenning naar gedaan.


Mr. L.A.G.M. van der Geld
Mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur van Netwerk Notarissen, kandidaat-notaris en docent aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Overweging 26: testeer- en keuzevrijheid ordre public en fraus legis

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden IPR-erfrecht, Erfrechtverordening, rechtskeuze testeervrijheid, ordre public, fraus legis, dwingend erfrecht
Auteurs Prof. mr. F.W.J.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage stelt de auteur de vraag aan de orde of, na de inwerkingtreding van de Erfrechtverordening, ook het dwingende erfrecht van een ‘verordeningsland’ waarvan de erfwet niet van toepassing is, moet wijken, ook al zijn bijvoorbeeld goederen van de nalatenschap in dat land gelegen of had erflater aldaar zijn woonplaats. De auteur beantwoordt de vraag bevestigend. Bij zijn zoektocht stuit hij op overweging 26 bij de Erfrechtverordening: ‘Niets in deze verordening mag een gerecht beletten om mechanismen voor de bestrijding van wetsontduiking toe te passen, zoals fraus legis in het kader van het internationaal privaatrecht’, en spreekt de vrees uit dat Europese rechters overweging 26 te snel zullen aangrijpen als hun eigen dwingende erfrecht geweld wordt aangedaan.


Prof. mr. F.W.J.M. Schols
Prof. mr. F.W.J.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen.
Artikel

Veilig de grens over met de IPR-Erfrechtverordening

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 25 2012
Trefwoorden internationaal
Auteurs


Artikel

Turbotestament en artikel 10 SW, HR 19 juni 2009, LJN BG6455

De Hoge Raad is in ieder geval consequent en heft dubbel

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 25 2009
Trefwoorden testament
Toont 1 - 20 van 22 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.