Zoekresultaat: 31 artikelen

x
Artikel

De aansprakelijkheid van advocaten jegens derden en cliënten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, advocaat, zorgplicht, opdracht, derde
Auteurs Mr. P.H. Kramer
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit jaar oordeelde de Hoge Raad over een zaak waarin een advocaat door de curatoren van zijn voormalige cliënten werd aangesproken vanwege het meewerken aan de onttrekking van de verkoopopbrengst van een vliegtuig. Aan de hand van dit arrest wordt ingegaan op de aansprakelijkheid van advocaten jegens derden en cliënten.


Mr. P.H. Kramer
Mr. P.H. Kramer is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Access_open Dwaling bij renteswaps – de Hoge Raad geeft richting

Bespreking van HR 28 juni 2019, ECLI:NL:HR:2019:1046 (Boomkamp/ABN AMRO)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden zorgplicht, rentederivaat, mededelingsplicht, vernietiging, waarschuwingsplicht
Auteurs Mr. S. Timmerman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het arrest Boomkamp/ABN AMRO van 28 juni 2019 besproken. De Hoge Raad geeft in dit arrest antwoord op een aantal prejudiciële vragen over de vereisten voor een beroep op dwaling bij een renteswap die was aangegaan met een niet-professionele partij.


Mr. S. Timmerman
Mr. S. Timmerman is advocaat bij Hausfeld te Amsterdam.
Artikel

Access_open Dwaling en schending van de zorgplicht in het kader van rentederivatenjurisprudentie

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2018
Trefwoorden rentederivaten, renteswap, prejudiciële vragen, jurisprudentieonderzoek
Auteurs Mr. M.P.R. Sardjoe
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel betreft een onderzoek naar de wijze waarop de civiele rechter tot nu toe heeft geoordeeld of sprake is van dwaling of schending van de zorgplicht door banken in rentederivatenjurisprudentie. Uit het onderzoek blijkt dat niet eenduidig wordt geoordeeld en dat een richtinggevende uitspraak door de Hoge Raad gewenst is.


Mr. M.P.R. Sardjoe
Mr. M.P.R. Sardjoe is advocaat bij Greenberg Traurig te Amsterdam.
Artikel

Scheidslijnen tussen kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel

Enkele praktische opmerkingen over verschillen tussen deze drie leerstukken naar aanleiding van HR 27 oktober 2017, ECLI:NL:HR:2017:2786

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden aansprakelijkheid, bewijs, kansschade, beroepsfout, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het hier te bespreken arrest, waarin aan de orde was of een ziekenhuis aansprakelijk is voor schade als gevolg van een te laat uitgevoerde operatie, geeft aanleiding voor enkele gedachten over en praktische wenken voor de afbakening van kansschade, proportionele aansprakelijkheid en de omkeringsregel ten opzichte van elkaar. De drie figuren komen hier samen. Getracht wordt de grenzen nader in kaart te brengen.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten te Haarlem.
Artikel

Beroepsaansprakelijkheid advocaten: een update

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden advocaat, beroepsaansprakelijkheid, zorgplicht, tegenstrijdig belang, waarschuwingsplicht en onderzoeksplicht
Auteurs Mr. E.M. van Orsouw en Mr. L.A. Godwaldt
SamenvattingAuteursinformatie

    De inhoud van de zorgplicht van de advocaat wordt mettertijd nader ingevuld door arresten van de Hoge Raad. Eind 2017 heeft de Hoge Raad wederom twee arresten gewezen over deze zorgplicht. Naar aanleiding van deze arresten maken auteurs enkele beschouwende opmerkingen over de onderzoeks- en waarschuwingsplicht (ook buiten de aan de advocaat verstrekte opdracht) en over de vraag wanneer sprake kan zijn van een (dreigend) belangenconflict.


Mr. E.M. van Orsouw
Mr. E.M. van Orsouw is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.

Mr. L.A. Godwaldt
Mr. L.A. Godwaldt is advocaat bij Kennedy Van der Laan te Amsterdam.
Artikel

Invulling van de norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, notaris, zorgplichten, bewijs
Auteurs Mr. H.J. Delhaas en Mr. L.C. Dufour
SamenvattingAuteursinformatie

    De norm waaraan een redelijk handelend en redelijk bekwaam notaris moet voldoen, wordt aan de hand van vijf zorgverplichtingen besproken: de onderzoeksplicht, de wilscontrole, de informatieplicht, de bijzondere waarschuwingsplicht en de zorgplicht ten opzichte van derden. Hoe worden deze normen in de rechtspraak toegepast?


Mr. H.J. Delhaas
Mr. H.J. Delhaas is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.

Mr. L.C. Dufour
Mr. L.C. Dufour is advocaat bij WIJ advocaten te Amsterdam.
Artikel

Het swappen van mededelingsplichten

Over de invloed van MiFID I/II en de Wft op het leerstuk van dwaling

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2017
Trefwoorden renteswaps, dwaling, mededelingsplicht, artikel 6:228 BW
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    Renteswaps staan volop in de belangstelling. Vaak wordt getracht een renteswap te vernietigen met een beroep op dwaling. In deze bijdrage wordt ingegaan op de wisselwerking tussen de informatieplichten uit de Wft en de mededelingsplicht van art. 6:228 BW.


Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is als gerechtsauditeur verbonden aan de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Eigen schuld geen effect?

Over standaardisering in de afweging van wederzijdse verantwoordelijkheid in effectenleasezaken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden effectenlease, precontractuele zorgplicht, eigen schuld, art. 6:101 BW, verdelingsmaatstaf
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse
SamenvattingAuteursinformatie

    Daar de avonturen in de effectenlease voor alle betrokken partijen slecht afliepen, volgden vele procedures over de wederzijdse verantwoordelijkheid van de financiële instellingen en de particuliere beleggers. Door standaardisering en het aandragen van duidelijke maatstaven probeert de Hoge Raad nu een einde te maken aan de vele geschillen die nog lopen. Naar aanleiding van een recent arrest vat deze bijdrage de maatstaven samen voor het bepalen van de omvang van de schadevergoedingsplicht van de aanbieder van effectenleaseproducten.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

    De beroepsbeoefenaar – en dus ook de letselschadeadvocaat – die een informatieverplichting schendt, zal enigszins op zijn aansprakelijkheidsrechtelijke tellen moeten passen als het om het bewijs van die zorgplichtschending en het (bewijs van het) causaal verband gaat. Maar daar is die advocaat nog redelijk ‘beschermd’. Geraakt een cliënt voorbij die hindernissen, dan is het echter snel afgelopen: eigen schuld als verweer mag niet meer in beeld komen, althans mag slechts een marginale rol spelen, zo wordt betoogd.


Prof. mr. I. Giesen
Prof. mr. I. Giesen is hoogleraar Privaatrecht aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en programmaleider van het Utrecht Center for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Wat niet weet, wat wel deert. Over de mededelingsplicht ten aanzien van onbekende omstandigheden

Annotatie bij HR 27 november 2015, ECLI:NL:HR:2015:3424 (Inbev/Van der Valk)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden dwaling, mededelingsplicht, onderzoeksplicht, behoren te weten, art. 3:228 BW
Auteurs Mr. S.L. Boersen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een partij kan haar wederpartij in beginsel niet informeren over voor haar onbekende omstandigheden. In deze bijdrage wordt aan de hand van een HR-arrest besproken of desondanks onder omstandigheden een onderzoeks- en mededelingsplicht kan bestaan ter voorkoming van dwaling van de wederpartij.


Mr. S.L. Boersen
Mr. S.L. Boersen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

De relatieve zwaarte van wederzijdse verantwoordelijkheid voor teleurstellende effectenleaseresultaten

Over schadedeling wegens eigen schuld in effectenleasezaken

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2014
Trefwoorden Effectenlease, eigen schuld, artikel 6:101 BW, Verdelingsmaatstaf, Veroorzakingswaarschijnlijkheid, (pre)contractuele zorgplicht, Onderzoeksplicht
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. A. Van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Avonturen in de effectenlease liepen slecht af als gevolg van een samenloop van omstandigheden, waaronder een te gretig winstoogmerk aan de zijde van de financiële aanbieder en een te grote lichtvaardigheid aan de zijde van de afnemende consument. In deze bijdrage wordt de (inmiddels gestandaardiseerde) schadedeling onder de loep genomen die in de rechtspraak is gevolgd op de erkenning van de wederzijdse verantwoordelijkheid in dezen.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is hoogleraar privaatrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en in dit verband verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law, alsook aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe. Zij is tevens parttime raadsheer bij het Gerechtshof te Amsterdam. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.

Mr. A. Van Onna
Mr. A. van Onna is advocaat bij Holland van Gijzen Advocaten en Notarissen te Utrecht. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Hypothecair krediet: de klant centraal of soms toch niet?

De invloed op de civielrechtelijke verhouding tussen particulier en hypothecair financier van overheidsregulering voor de precontractuele fase

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden Wft, (hypothecair) krediet, zorgplicht, AFM, overkreditering
Auteurs Mr. drs. M. van Eersel
SamenvattingAuteursinformatie

    Publiekrechtelijke regels hebben een significante invloed gekregen op de civielrechtelijke verhouding tussen partijen in de financiële sector. Dit geldt ook voor de relatie tussen banken en consumenten die de aankoop van een eigen woning willen financieren. In deze bijdrage wordt ingegaan op de betekenis hiervan in de precontractuele fase.


Mr. drs. M. van Eersel
Mr. drs. M. van Eersel is advocaat bij Holland Van Gijzen te Amsterdam.
Artikel

Overkreditering bij consumentenkrediet

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2014
Trefwoorden consumentenkrediet, overkreditering, doorwerking publiekrecht, (bijzondere) zorgplicht, omvang schade
Auteurs Mr. M.H.P. Claassen en Mr. J.L. Snijders
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij overkreditering zal een consument veelal genoegdoening proberen te krijgen via de ‘(bijzondere) zorgplicht’. Daarnaast levert schending van een publiekrechtelijke norm (art. 4:34 Wft) ook rechtstreeks een onrechtmatige daad op. In beide gevallen spelen lastige kwesties ten aanzien van causaal verband, de omvang van de schade en eventuele eigen schuld.


Mr. M.H.P. Claassen
Mr. M.H.P. Claassen is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam.

Mr. J.L. Snijders
Mr. J.L. Snijders is advocaat bij FIZ advocaten te Rotterdam.
Artikel

Herziening Tabaksrichtlijn

Over de nieuwe Tabaksrichtlijn en de implicaties voor de Nederlandse rechtsorde

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2014
Trefwoorden interne markt, volksgezondheid, harmonisatie, Richtlijn 2014/40/EU, intellectueel eigendom
Auteurs Mr. R.A. Fröger en Mr. K. de Weers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 14 maart 2014 is de nieuwe Tabaksrichtlijn 2014/40/EU (hierna: de Richtlijn) vastgesteld. De nieuwe Tabaksrichtlijn brengt een ingrijpende wijziging op het gebied van de productie en distributie van tabaksproducten met zich mee. Op 20 mei 2016 moet de Richtlijn in de Nederlandse wetgeving zijn geïmplementeerd. In deze bijdrage worden de belangrijkste kenmerken van de Richtlijn besproken en wordt kort ingegaan op de gevolgen voor de Nederlandse rechtsorde.
    Richtlijn 2014/40/EU van het Europees Parlement en de Raad van 3 april 2014 betreffende de onderlinge aanpassing van de wettelijke en bestuursrechtelijke bepalingen van de lidstaten inzake de productie, de presentatie en de verkoop van tabaks- en aanverwante producten en tot intrekking van Richtlijn 2001/37/EG, Pb. EU 2014, L 127/1.


Mr. R.A. Fröger
Mr. R.A. (Robert) Fröger is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.

Mr. K. de Weers
Mr. K. (Koen) de Weers is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.
Wetenschap

De (bijzondere) zorgplicht van banken jegens ondernemers bij renteswaptransacties

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Bijzondere zorgplicht, renteswaptransacties, renteswaps, verhouding publiekrechtelijke zorgplichten en privaatrechtelijke zorgplichten, reikwijdte bijzondere zorgplicht
Auteurs Mw. mr. V.Y.E. Caria
SamenvattingAuteursinformatie

    In twee recente uitspraken van de Rechtbank Oost-Brabant en het Hof Den Bosch stond de vraag centraal wat de reikwijdte van de zorgplicht van de banken is jegens ‘professionele’ cliënten met wie zij een renteswaptransactie zijn aangegaan. Zij hebben vastgesteld dat banken de bijzondere zorgplicht niet alleen jegens particulieren, maar ook jegens ondernemingen in acht dienen te nemen. In deze bijdrage wordt besproken hoe de bijzondere zorgplicht in deze uitspraken wordt toegepast. Ook het belang van de uitspraken voor de verhouding tussen publiekrechtelijke gedragsnormen en de civielrechtelijke bijzondere zorgplicht komt aan de orde. Het is volgens de auteur te betwijfelen of de bescherming van ondernemers wel past binnen de reikwijdte van de civielrechtelijke bijzondere zorgplicht.


Mw. mr. V.Y.E. Caria
Mw. mr. V.Y.E. Caria is als promovenda verbonden aan het Hazelhoff Centre for Financial Law, Universiteit Leiden.
Artikel

Bank, zorgplicht en derden: enkele lessen voor de bancaire praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden bank, zorgplicht, derden, beleggersbescherming, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. A.J.C.M. Meijs
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bank heeft een zorgplicht jegens derden wanneer zij zich realiseert dat mogelijk door een cliënt zonder een vereiste Wft-vergunning wordt gehandeld, waardoor derden schade kunnen ondervinden. De bank moet dan onderzoek doen naar de cliënt. Nadat de bank onderzoek heeft gedaan en ervan overtuigd is dat er niet overeenkomstig de vergunningsplicht wordt gehandeld, moet de bank aan dat gevaar voor beleggers adequaat een einde maken. In de jurisprudentie zijn verschillende mogelijkheden aan de orde geweest, maar zij zijn niet allemaal even adequaat.


Mr. A.J.C.M. Meijs
Mr. A.J.C.M. Meijs is in april 2013 afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen op de bancaire zorgplicht jegens derden.

    Bespreking van het proefschrift van mr. K.J.O. Jansen


Mr. W.L. Valk
Mr. W.L. Valk is vicepresident van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Informatieplichten bij bemiddeling verkoop melkquota

HR 24 februari 2012, LJN BU9855, NJ 2012, 144 (Mooijman c.s./WLTO)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden informatieplichten, overeenkomst van opdracht, mededelingsplicht, onderzoeksplicht
Auteurs Mr. K.J.O. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    De hier geannoteerde uitspraak ziet op de wederzijdse informatieplichten uit hoofde van een overeenkomst van opdracht (art. 7:400 e.v. BW), meer in het bijzonder de opdracht tot bemiddeling bij de verkoop van melkquota. Aan de orde komen onder meer het rechtskarakter van zulke informatieplichten en de verhouding tussen de mededelingsplicht van de opdrachtgever en de onderzoeksplicht van de opdrachtnemer.


Mr. K.J.O. Jansen
Mr. K.J.O. Jansen is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn te Den Haag.
Artikel

Access_open Algemene bankvoorwaarden: modernisering, maar geen vernieuwing

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Algemene Bankvoorwaarden, informatieplicht, titel 7.7B BW, zekerheidsrechten, beëindiging kredietrelatie
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 november 2009 gelden de Algemene Bankvoorwaarden 2009, die de Algemene Bankvoorwaarden 1995 vervangen. De Algemene Bankvoorwaarden 2009 bevatten een modernisering ten opzichte van de voorwaarden uit 1995. Er is rekening gehouden met de bepalingen van titel 7.7B BW. Opmerkelijk is voorts de schrapping van de aansprakelijkheidsbeperking. De belangrijkste onderdelen uit de Algemene Bankvoorwaarden 1995 zijn niet gewijzigd, zodat de onder die voorwaarden gewezen rechtspraak haar gelding blijft behouden. De reikwijdte van de voorwaarden is evenwel beperkt, omdat de specifieke bankproducten hun eigen voorwaarden kennen die boven de algemene bankvoorwaarden prevaleren.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Artikel

Zorgplicht bank jegens derden

HR 23 december 2005, RvdW 2006, 14 (Safe Haven)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2006
Trefwoorden bank, belegger, stichting, vergunning, aansprakelijkheid, zorgplicht, belegging, moeder, onrechtmatig handelen, rekeninghouder
Auteurs I.S.J. Houben

I.S.J. Houben
Toont 1 - 20 van 31 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.