Zoekresultaat: 92 artikelen

x
Artikel

Kroniek Arbeidsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2021
Auteurs Karol Hillebrandt, Christiaan Oberman en Nadia Adnani
Auteursinformatie

Karol Hillebrandt
Karol Hillebrandt is advocaat bij Sparck I Arbeidsrecht Advocaten.

Christiaan Oberman
Christiaan Oberman is advocaat bij Palthe Oberman Advocaten.

Nadia Adnani
Nadia Adnani is advocaat bij Palthe Oberman Advocaten.
Artikel

Access_open De stand van de stelselherziening: de AMvB’s afgerond

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden inwerkingtreding, Omgevingswet, aanvullingsbesluiten, Invoeringsregeling, digitaal stelsel
Auteurs Mr. H.W. (Wilco) de Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de stand van de stelselherziening omgevingsrecht besproken in de periode eind 2020-begin 2021.


Mr. H.W. (Wilco) de Vos
Mr. H.W. de Vos is werkzaam bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en is als juridisch projectleider betrokken bij de totstandkoming van de nieuwe omgevingswetgeving.
Artikel

Access_open De discriminerende werking van de algemenevoorwaardenafdeling

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2020
Trefwoorden algemene voorwaarden, voorrangsregels, verkeersvrijheden, uitvoerbeperking, discriminatieverbod
Auteurs Mr. L.M. van Bochove en Mr. T.J. de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs onderzoeken hoe art. 6:247 lid 2 BW, dat de algemenevoorwaardenafdeling uitschakelt voor internationale overeenkomsten, zich verhoudt tot het Europese recht. Zij concluderen dat de bepaling verenigbaar is met de Rome I-Verordening, maar strijdig met het discriminatieverbod dat voortvloeit uit de verkeersvrijheden. Ook doen zij een voorstel tot wetswijziging.


Mr. L.M. van Bochove
Mr. L.M. van Bochove is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. T.J. de Graaf
Mr. T.J. de Graaf is universitair hoofddocent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden en redacteur van dit tijdschrift.
Het ambacht

Delegatie onder het vereiste van goedkeuring bij wet

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Aanwijzingen voor de regelgeving, Voorhangprocedures, Fiscale wetgeving, Wet op de omzetbelasting 1968, Grondwet, Raad van State, Goedkeuringswetten
Auteurs Mr. T.C. Borman
SamenvattingAuteursinformatie

    Delegatie onder het vereiste van goedkeuring bij wet betekent dat de formele wetgever regelgevende bevoegdheid delegeert (aan de regering of een minister), maar dat er vervolgens een wetsvoorstel moet komen om de algemene maatregel van bestuur of ministeriële regeling ‘goed te keuren’. In deze bijdrage wordt de historie van deze figuur belicht en wordt aan de hand van casuïstiek ingegaan op de bedoeling en de toepassing ervan. Het is een zeldzame figuur, waar de wetgevingspraktijk niet altijd goed raad mee weet. De modelbepaling in de Aanwijzingen voor de regelgeving roept enkele vragen op. Een conclusie is verder dat de goedkeuring maar beter niet kan worden gecombineerd met andere onderwerpen.


Mr. T.C. Borman
Mr. T.C. (Tim) Borman is werkzaam bij de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open Moet de strafrechter ook de scheidsrechter zijn van het publieke debat?

De scheiding der machten in het licht van de vrijheid van meningsuiting voor volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Freedom of speech, Separation of powers, Criminal law, Hate speech, Legal certainty
Auteurs Jip Stam
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains a critical review of the provisions in the Dutch penal code regarding group defamation and hate speech. It is argued that not only these provisions themselves but also their application by the Dutch supreme court, constitutes a problem for the legitimacy and functioning of representative democracy. This is due to the tendency of the supreme court to employ special constraints for offensive, hateful or discriminatory speech by politicians. Because such a special constraint is not provided or even implied by the legislator, the jurisprudence of the supreme court is likely to end up in judicial overreach and therefore constitutes a potential – if not actual – breach in the separation of powers. In order to forestall these consequences, the protection of particularly political speech should be improved, primarily by a revision of the articles 137c and 137d of the Dutch penal code or the extension of parliamentary immunity.


Jip Stam
Jip Stam is onderzoeker en docent bij de afdeling Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Leidse rechtenfaculteit.
Artikel

Ruzie op de werkvloer, over een verstoorde horizontale arbeidsverhouding

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Arbeidsrecht, Ontslag, Verstoorde arbeidsverhouding, Ruzie, Werknemers
Auteurs mr. Alexander Briejer
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over een verstoorde horizontale arbeidsverhouding als g-grond. De auteur gaat aan de hand van wetgeving en rechtspraak dieper in op dit onderwerp. Diverse vraagstukken komen uitgebreid aan bod, zoals de vraag in hoeverre van een werkgever mag worden verwacht een dergelijke verstoring te herstellen. Het beoordelingskader van een rechter komt ook ter sprake. Slechts in bijzondere gevallen kan een verstoorde arbeidsrelatie tussen werknemers onderling een verstoorde arbeidsverhouding met de werkgever opleveren. Er dient ten minste sprake te zijn van een verstoorde horizontale arbeidsverhouding die doorwerkt in de verticale arbeidsrelatie. Uit de door de auteur in dit artikel besproken rechtspraak blijkt dat er meer aan de hand is dan een puur horizontale verstoorde arbeidsverhouding, zoals een situatie waarin de werknemer zich weigerachtig opstelt in een mediationtraject. Die verstoring werkt dan door in de verticale arbeidsverhouding waardoor een geslaagd beroep op de g-grond mogelijk is.


mr. Alexander Briejer
Alexander Briejer is advocaat bij Van Doorne.
Annotatie

Gedeeltelijke beëindiging en het toetsingsmoment in ontslagzaken

HR 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:283 (werkneemster/Schoonmaakbedrijf Victoria B.V.) en ECLI:NL:HR:2020:284 (werknemer/werkgever)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Gedeeltelijke ontbinding, Ex tunc, Ex nunc, Vermindering arbeidsduur, Wijziging arbeidsvoorwaarden
Auteurs Mr. dr. D.M.A. Bij de Vaate
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 21 februari 2020 wees de Hoge Raad een tweetal beschikkingen waarin de vraag naar de mogelijkheid van gedeeltelijke ontbinding en het toetsingsmoment van ontbindingsbeschikkingen in hoger beroep centraal stond. Op beide punten was nadere richting gewenst. De Kolom-beschikking kon vermoeden dat een belangrijke stap gezet was richting de mogelijkheid van een gedeeltelijke ontbinding. Niets blijkt minder waar, getuige het oordeel in de Victoria-beschikking, of toch…? Ook de vraag naar het toetsingsmoment van ontslagzaken in hoger beroep heeft de gemoederen beziggehouden. De Hoge Raad komt niet tot een uniform antwoord. Gaat het om een afgewezen ontbindingsbeschikking, dan is de toetsing in hoger beroep ex nunc; gaat het om een toegewezen ontbindingsbeschikking, dan is de toetsing ex tunc. Deze bijdrage onderwerpt de twee beschikkingen aan een nadere analyse.


Mr. dr. D.M.A. Bij de Vaate
Mr. dr. D.M.A. (Vivian) Bij de Vaate is universitair docent bij de Vrije Universiteit Amsterdam.

    De grote toestroom van migranten en asielzoekers in de EU houdt vandaag nog steeds verschillende regelgevers wakker. Niet alleen de nationale overheden, maar ook de EU-regelgevers zoeken naarstig naar oplossingen voor de problematiek. Daartoe trachten de EU-regelgevers het Gemeenschappelijk Europees Asielstelsel (GEAS) bij te werken.
    Binnen de groep migranten en asielzoekers bestaat een specifiek kwetsbaar individu: de niet-begeleide minderjarige vreemdeling (NBMV). Hij is zowel vreemdeling als kind en kreeg reeds ruime aandacht binnen de rechtsleer. Nochtans werd deze aandacht niet altijd weerspiegeld in de EU-wetgeving. Het lijkt alsof hij door de regelgevers af en toe uit het oog verloren werd.
    Uit het onderzoek blijkt dat de EU-regelgevers nog een zekere weg te gaan hebben. In de eerste plaats bestaat er wat betreft het geheel aan regels met betrekking tot de NBMV weinig coherentie. De EU-regelgevers zouden bijvoorbeeld meer duidelijkheid kunnen scheppen door een uniforme methode vast te leggen voor de bepaling van de leeftijd van de NBMV. Hetzelfde geldt voor een verduidelijking van de notie ‘het belang van het kind’ binnen asiel en migratie. Verder blijken de Dublinoverdrachten en de vrijheidsontneming van de NBMV nog steeds gevoelige pijnpunten. Hier en daar moet aan de hervorming van het asielstelsel nog wat gesleuteld worden, zodat de rechten van de NBMV optimaal beschermd kunnen worden.
    ---
    Today, the large influx of migrants and asylum seekers into the European Union (EU) keeps several regulators awake. Not only national authorities, but EU regulators too are diligently searching for solutions to the problems. To this end, EU regulators are seeking to update the Common European Asylum System (CEAS).
    There is however a particularly vulnerable individual within the group of migrants and asylum seekers: the unaccompanied alien minor (UAM). These minors already received a great deal of attention within legal doctrine. However, this attention was not always reflected in EU legislation. It seems as if UAM are occasionally lost from sight by the regulators.
    This article shows that the EU regulators still have a certain way to go. First, there is little coherence in the set of rules relating to the UAM. The EU regulators could, for example, create more clarity by laying down a uniform method for determining the age of the UAM. The same applies to a clarification of the notion of 'best interests of the child' within the context of asylum and migration. Second, the proposal for a new Dublin Regulation and the proposal for a new Reception Conditions Directive still appear to be sensitive. Here and there, the reform of the asylum system still needs adjustments, so that the rights of UAM can be optimally protected."


Caranina Colpaert LLM
Caranina Colpaert is PhD researcher
Artikel

Slapende dienstverbanden

Het bedje is gespreid

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2019
Auteurs Sander Theunissen
Auteursinformatie

Sander Theunissen
Sander Theunissen is sinds 2016 arbeidsrechtadvocaat bij Lexence in Amsterdam.
Artikel

Access_open Extra beschermd of extra beschadigd?

De juridische positie en leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Handicap, VN-Kinderrechtenverdrag (IVRK), kinderen met een handicap in asielzoekerscentra, belang van het kin, non-discriminatiebeginsel
Auteurs Mr. M. Goeman en Mr. S. Schuitemaker
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van drie zaken afkomstig van de Kinderrechtenhelpdesk van Defence for Children illustreren de auteurs verschillende problemen waar kinderen met een handicap in asielzoekerscentra tegenaan lopen. Het artikel bevat een samenvatting van het onderzoek van Defence for Children, ‘Extra beschermd of extra beschadigd? Onderzoek naar de leefomstandigheden van kinderen met een handicap in asielzoekerscentra in Nederland’. Besproken wordt daarbij een recent vernietigend rapport van de Kinderombudsman over medische zorg die aan een doof meisje werd geweigerd omdat zij geen verblijfsvergunning had. De auteurs betogen dat de wetgever, immigratieautoriteiten en opvanginstanties aan zet zijn om ervoor te zorgen dat de rechten van kinderen met een handicap gerespecteerd worden. Dat moet gelden zowel in de verblijfsprocedure als in de opvangprocedures en bij de toegang tot medische zorg.


Mr. M. Goeman
Mr. M. (Martine) Goeman is Programmamanager kinderrechten en migratie.

Mr. S. Schuitemaker
Mr. S. (Sander) Schuitemaker is Juridisch adviseur kinderrechten en migratie bij Defence for Children.
Artikel

Misbruik van de wrakingsregeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Wraking, Misbruik, Burgerlijk procesrecht, Verschoning, Onpartijdigheid
Auteurs Annemarie van der Kruk
SamenvattingAuteursinformatie

    Binnen de rechterlijke macht en de literatuur leeft het beeld dat vaker dan voorheen op oneigenlijke wijze gebruik wordt gemaakt van de wrakingsregeling. Of dat daadwerkelijk zo is, kan vanwege het ontbreken van empirisch onderzoek niet worden vastgesteld. In 2018 heeft een aantal ontwikkelingen plaatsgevonden die eventuele oneigenlijke wrakingsverzoeken kunnen terugdringen. De Hoge Raad heeft op 25 september 2018 heldere criteria geschetst voor het toetsingskader van wrakingskamers. Daarnaast hebben de voorzitters van de Raad voor de rechtspraak en het College van procureurs-generaal een globale voorzet gedaan voor wijziging van de wrakingsregeling. Beide ontwikkelingen waren aanleiding voor het schrijven van dit artikel.


Annemarie van der Kruk
Mr. A. van der Kruk is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Annotatie

Het autonome ontslagbegrip in Richtlijn 98/59: inclusief de wijziging?

HvJ EU 21 september 2017, C-149/16, ECLI:EU:C:2017:708 (Socha e.a.) en C-429/16, ECLI:EU:C:2017:711 (Ciupa e.a.)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Richtlijn 98/59, Collectief ontslag, Europees ontslagbegrip, Socha e.a., Ciupa e.a.
Auteurs Dr. N. Gundt
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijn 98/59 omtrent collectief ontslag ziet blijkens de in deze annotatie besproken arresten niet alleen op een ‘ontslag’ in strikte zin, maar onder omstandigheden ook op een wijziging van de arbeidsovereenkomst door de werkgever. De auteur analyseert of en in hoeverre de arresten toepasbaar zijn op het stelsel van (collectief) ontslag en wijziging in het Nederlandse alsmede het Duitse, Franse en Belgische recht.


Dr. N. Gundt
Dr. N. Gundt is universitair docent Arbeidsrecht aan Maastricht University.
Artikel

Ziet u de UBO(men) door het bos nog?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden vierde anti-witwasrichtlijn, vijfde anti-witwasrichtlijn, UBO, registratieverplichting, openbare informatie
Auteurs Mr. M.A.R. Vonk
SamenvattingAuteursinformatie

    De vierde anti-witwasrichtlijn introduceert een nieuwe verplichting in de strijd tegen witwassen en financiering van terrorisme. EU-lidstaten moeten bewerkstelligen dat van entiteiten die zijn opgericht op hun grondgebied, informatie over de ‘uiteindelijk belanghebbende’ centraal wordt geregistreerd en deels openbaar toegankelijk is. De auteur geeft in deze bijdrage een praktische weergave van de (mogelijke) inhoud van deze nieuwe verplichting.


Mr. M.A.R. Vonk
Mr. M.A.R. Vonk is als Juridisch adviseur Ondernemingsrecht werkzaam bij Bureau Vaktechniek van BDO Accountants & Belastingadviseurs te Tilburg.
Artikel

Een eerste stap in de implementatie van de herziene Aandeelhoudersrichtlijn

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden aandeelhoudersrechten, beloningsbeleid, transparantie, langetermijnbetrokkenheid, corporate governance
Auteurs Mr. T.C.A. Dijkhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het door de wetgever gepubliceerde Voorontwerp ter implementatie van de Aandeelhoudersrichtlijn, alsmede de langetermijnbetrokkenheid van aandeelhouders centraal. De auteur besteedt hierbij ook aandacht aan enige consultatiereacties van diverse Nederlandse stakeholders.


Mr. T.C.A. Dijkhuizen
Mr. T.C.A. Dijkhuizen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en als promovendus verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en het Hazelhoff Centre for Financial Law van Universiteit Leiden.
Praktijk

Het conceptwetsvoorstel ‘Wet homologatie onderhands akkoord ter voorkoming van faillissement’

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden sanering van de kosten van wederkerige overeenkomsten, WHOA, hypothetisch faillissement, liquidatiewaarde versus going concern-waarde, ongelijke behandeling van schuldeisers
Auteurs Mr. B.S.J.M. van Gangelen en Mr. G.H Gispen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaan de auteurs aan de hand van een concrete casus in op het conceptwetsvoorstel ‘Wet homologatie onderhands akkoord ter voorkoming van faillissement’ (hierna: de WHOA). De auteurs staan stil bij een aantal materiële criteria waaraan het akkoord volgens de regels van de WHOA dient te voldoen en plaatsen daarbij enkele kanttekeningen. De auteurs concluderen dat de WHOA de schuldenaar – en soms ook de schuldeisers – een flexibel maar potentieel vérstrekkend instrument in handen geeft om met enige mate van precisie zijn bovenmatige kosten en schulden te saneren buiten surseance en faillissement.


Mr. B.S.J.M. van Gangelen
Mr. B.S.J.M. (Barbara) van Gangelen is advocaat bij Houthoff in Amsterdam respectievelijk Rotterdam.

Mr. G.H Gispen
Mr. G.H. (Gerhard) Gispen is advocaat bij Houthoff in Amsterdam respectievelijk Rotterdam.
Contracten maken

Het eenzijdig wijzigingsbeding in de franchiseovereenkomst

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2018
Trefwoorden Franchise, Formulewijziging, Wijzigingsbeding, Franchiseovereenkomst
Auteurs Mr. A.W. Dolphijn
SamenvattingAuteursinformatie

    De vraag of de franchiseformule door de franchisegever gewijzigd zou mogen worden, en in hoeverre, kan een bron van conflicten zijn. Bij de beoordeling gaat het om de formulering van het wijzigingsbeding, de wijziging zelf en overige omstandigheden. Tegen deze achtergrond wordt in deze bijdrage bezien welke factoren van belang kunnen zijn bij een toelaatbaar beroep van een franchisegever op een beding in een franchiseovereenkomst tot eenzijdige wijziging van de franchiseformule.


Mr. A.W. Dolphijn
Mr. A.W. Dolphijn is advocaat te Rotterdam bij Ludwig & Van Dam advocaten.
Artikel

Resultaatgericht indiceren binnen het sociaal domein: een kronkelige weg

Moet de Algemene wet bestuursrecht worden aangepast?

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden sociaal domein, WMO 2015, persoonsgebonden budget, besluit, rechtsbescherming
Auteurs Mr. dr. M.F. Vermaat en mr. J.J. Homan
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de toekenning van maatschappelijke ondersteuning hanteren gemeenten de praktijk van resultaatgericht indiceren. Dat houdt in dat in een overleg tussen een hulpvrager en een aanbieder van zorg afspraken worden gemaakt over de te verlenen ondersteuning. Die afspraken hebben zelden de vorm van een besluit in de zin van de Awb. Dat heeft geleid tot een lacune in de rechtsbescherming: het is moeilijk of soms onmogelijk om tegen een dergelijke ‘afspraak’ bezwaar te maken of beroep in te stellen. In plaats van dit model staan de auteurs het ‘AOB-model’ voor. Dat wil zeggen maatschappelijke ondersteuning aanvragen, samen overleggen hoe daarin te voorzien en in een besluit vastleggen hoe dat dan naar het oordeel van de gemeente moet. Dat perspectief is zonder ingrijpende wetswijziging op korte termijn al te realiseren of verder te verstevigen (toepassing en/of uitbreiding van artikel 2.3.9 Wmo 2015). Een dergelijke rechtsbescherming, samen met een sterkere en meer onafhankelijke positie van de cliëntondersteuner (in de aanvraag- en bezwaarfase), draagt er ook aan bij dat de burger beter in kan schatten waar de grenzen liggen van ‘je recht halen’.


Mr. dr. M.F. Vermaat
Mr. dr. M.F. (Matthijs) Vermaat is advocaat-partner bij Van der Woude De Graaf Advocaten en heeft zich gespecialiseerd in onder meer de Wmo 2015 en de Jeugdwet.

mr. J.J. Homan
Mr. J.J. (Jan Jasper) Homan is juridisch medewerker bij Ieder(in).
Artikel

Tien jaar Pensioenwet

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Pensioenovereenkomst, uitvoeringsovereenkomst, pensioenuitvoerder, Wijziging (van pensioenovereenkomst), Pensioenwet
Auteurs prof. Erik Lutjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De Pensioenwet is in 2007 in werking getreden. Deze wet geeft regels betreffende het – aanvullend – pensioen in de werkgever-werknemersverhouding. De Pensioenwet beoogt aan werknemers financiële en uitvoeringszekerheid te geven, opdat hun pensioenverwachtingen ook uitkomen. Kort na inwerkingtredingen ontstonden hierin al teleurstellingen van werknemers: de financiële en kredietcrisis sloeg een bres in het vermogen van pensioenfondsen en voor veel rechthebbenden waren kortingen nodig. Dit leidde tot een nu al jaren durend debat over de inrichting van het pensioenstelsel in de toekomst. Tegen die achtergrond geeft dit artikel een overzicht van de juridische aandachtspunten van tien jaar Pensioenwet.


prof. Erik Lutjens
Prof. E. Lutjens is hoogleraar Pensioenrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verbonden aan het Expertisecentrum Pensioenrecht en Of Counsel bij DLA Piper.
Diversen

Yes or no to no oral modification clauses?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden Boilerplate, NOM-clausule, No oral modification, Gerechtvaardigd vertrouwen bij totstandkoming, Wil/vertrouwensleer
Auteurs Prof. mr. T.H.M. Van Wechem en Prof. mr. H.N. Schelhaas
SamenvattingAuteursinformatie

    Clausules waarin vooraf afspraken worden gemaakt over vormvereisten waaraan toekomstige wijzingen van de gemaakte afspraken moeten voldoen, zogenoemde NOM-clausules, laten zich lastig juridische plaatsen. Wat gaat vóór: de oude afspraak die aangeeft dat een nieuwe afspraak slechts schriftelijk kan worden gemaakt, of de nieuwe mondelinge afspraak waarbij klaarblijkelijk van de oude is afgeweken? In het artikel wordt min of meer aangegeven dat het hiervoor bedoelde ‘klaarblijkelijk’ het scharnierelement is. Om vast te stellen of partijen een nieuwe afspraak hebben willen maken, dient met precisie naar artikel 3:35 BW te worden gekeken. Volgens de auteurs zal het antwoord op voornoemde vraag afhangen van het ‘gerechtvaardigd’ vertrouwen dat in de nieuwe situatie al dan niet is opgewekt.


Prof. mr. T.H.M. Van Wechem
Prof. mr. T.H M. van Wechem is hoogleraar Professional Leagal Councelling aan de Open Universiteit.

Prof. mr. H.N. Schelhaas
Prof. mr. H.N. Schelhaas is hoogleraar privaatrecht aan de Erasmus Universiteit.
Column

‘Met de Wmcz in de hand lopen is wat niemand wil’ – of toch wel?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden medezeggenschap, Wmcz, governance, cliëntenra(a)d(en)
Auteurs Mr. dr. T. van Malssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt beargumenteerd dat het wetsontwerp tot wijziging van de Wet medezeggenschap cliënten zorginstellingen (Wmcz) weliswaar zegt vooral maatwerk mogelijk te willen maken bij de inrichting van cliëntparticipatie, maar feitelijk kiest voor (een versterking van) formele rechten van cliëntenraden. Het artikel bepleit een fundamentele (her)bezinning op de invulling van goede en effectieve cliëntmedezeggenschap.


Mr. dr. T. van Malssen
Tom van Malssen is advocaat bij Dirkzwager advocaten & notarissen
Toont 1 - 20 van 92 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.