Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 488 artikelen

x
Overheidsaanbestedingen

Een nieuwe impuls aan het begrip ‘publiekrechtelijke instelling’: een aanbestedingsplicht voor nationale sportbonden?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden aanbestedingsrecht, Hof van Justitie, publiekrechtelijke instelling, nationale sportbond, Richtlijn 2014/24/EU
Auteurs Mr. L. Bozkurt en T. Heystee
SamenvattingAuteursinformatie

    Prejudiciële beslissing over de aanbestedingsrechtelijke kwalificatie van de Italiaanse voetbalbond. Een marktpartij meent dat de Italiaanse voetbalbond kwalificeert als een aanbestedende dienst in de zin van de Aanbestedingsrichtlijn en daarom opdrachten via een aanbesteding dient te vergeven. Het Hof van Justitie benoemt in zijn beslissing de relevante criteria om te oordelen of sprake is van een publiekrechtelijke instelling, te weten: de instelling (1) is opgericht met het specifieke doel te voorzien in andere behoeften van algemeen belang dan die van industriële en commerciële aard, (2) bezit rechtspersoonlijkheid en (3) vertoont overheidsafhankelijkheid. Het Hof van Justitie geeft de Italiaanse feitenrechter handvatten om te onderzoeken of voldaan is aan het derde vereiste, en meer specifiek of sprake is van overheidstoezicht op het beheer van de voetbalbond.
    HvJ 3 februari 2021, gevoegde zaken C-155/19 en C-156/19, ECLI:EU:C:2021:88 (Federazione Italiana Giuoco Calcio (FIGC)).


Mr. L. Bozkurt
Mr. L. (Leyla) Bozkurt is Counsel aanbestedingsrecht bij Maverick Advocaten.

T. Heystee
T. (Tess) Heystee is juridisch medewerker bij Maverick Advocaten.
Artikel

De OK-functionaris: ervaringen uit het veld

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden lege holding, vormvoorschriften, enquêteprocedure, hindsight bias, aandeelhouders
Auteurs Mr. W.G. Van Hassel
SamenvattingAuteursinformatie

    Veertig jaar OK-ervaring levert een bont palet van opmerkelijke casus en getroebleerde relaties, en ook lege holdings, beursfondsen, familiebedrijven en zelfs een artikel 12 Sv-procedure. Deze terugblik rondt de auteur af met enkele gedachten over vormvoorschriften, hindsight bias, gesprekstechniek van onderzoekers, en een oplossing voor duurzaam ontwrichte relaties tussen aandeelhouders.


Mr. W.G. Van Hassel
Mr. W.G. van Hassel is vice-voorzitter van de Raad van Commissarissen van AMG te Amsterdam.
Jurisprudentie

Kroniek ondernemingsstrafrecht

Eerste helft 2021

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2021
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.), mr. J.S. Boeser, mr. J. Boonstra e.a.

Prof. mr. H.J.B. Sackers (red.)

mr. J.S. Boeser

mr. J. Boonstra

mr. dr. S.S. Buisman

mr. A.A. Feenstra

mr. K.M.T. Helwegen

mr. A.C.M. Klaasse

mr. dr. I. Koopmans

mr. V.S.Y. Liem

prof. mr. M. Nelemans

mr. dr. J.S. Nan

mr. dr. drs. B. van de Vorm

mr. dr. W.S. de Zanger
Rechtsbescherming

Access_open Hof van Justitie sluit zich voor het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen aan bij het EHRM

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden zwijgrecht, nemo tenetur, medewerkingsplicht, bestraffend bestuursrecht, Handvest
Auteurs Mr. M.A.A. Traousis
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest DB/Consob oordeelt de Grote kamer van het Hof van Justitie over de reikwijdte van het zwijgrecht en het nemo tenetur-beginsel voor natuurlijke personen. Eerder is dit al gedaan voor rechtspersonen in het kader van het mededingingsrecht, maar voor natuurlijke personen breidt het Hof van Justitie dit nu uit door aan te sluiten bij de rechtspraak van het EHRM. Dit leidt ertoe dat iemand geen boete mag krijgen omdat hij weigert te antwoorden, wanneer die antwoorden mogelijk tegen hem zouden kunnen worden gebruikt bij een criminal charge.
    HvJ 2 februari 2021, zaak C-481/19, ECLI:EU:C:2021:84 (DB/Commissione Nazionale per le Società e la Borsa (Consob)).


Mr. M.A.A. Traousis
Mr. M.A.A. (Marko) Traousis is stafjurist bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven en redacteur van de ABkort.
Artikel

Access_open Voetbal en doping

Tijdschrift Voetbal- & Sportjuridische Zaken, Aflevering 1 2021
Trefwoorden voetbal, dopingcontroles, dopingincidentie, strafmaat
Auteurs Herman Ram
SamenvattingAuteursinformatie

    Anders dan veel anekdotiek doet vermoeden worden in het voetbal relatief veel dopingcontroles uitgevoerd, maar worden daarbij betrekkelijk weinig dopingovertredingen vastgesteld. De wel vastgestelde overtredingen worden op dezelfde basis afgehandeld als in andere sporten gebeurt. Tuchtrechtelijke uitspraken worden echter zelden gepubliceerd, wat het verzamelen van objectieve data bemoeilijkt.


Herman Ram
Mr. H. (Herman) Ram is voorzitter van de Dopingautoriteit.
Artikel

De tijd heelt alle wonden … maar de littekens blijven

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Tijdsverloop, Vervolgingsverjaring, Recht tot strafvordering, Afschaffing van de verjaring, Opportuniteitsbeginsel
Auteurs Mr. A.J.A. (Leo) van Dorst
SamenvattingAuteursinformatie

    Van oudsher vervalt na verloop van tijd het recht tot strafvordering. De wettelijke regeling van deze zogeheten vervolgingsverjaring vormt echter allang geen rustig bezit meer. Zij is de laatste decennia zo vaan en zo ingrijpend gewijzigd dat de vraag rijst of ze niet evengoed helemaal kan worden afgeschaft. Dat is de vraag die in dit artikel onder ogen wordt gezien.


Mr. A.J.A. (Leo) van Dorst
Leo van Dorst is oud-vicepresident van de Hoge Raad.
Strafrecht

Access_open Zorgen om de rechtsstaat in Polen bij uitvoering van een Europees aanhoudingsbevel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden Europees aanhoudingsbevel, overlevering, Rule of Law, onafhankelijkheid rechtspraak Polen
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Verrest
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft in een arrest van 17 december 2020 prejudiciële vragen beantwoord van de rechtbank Amsterdam. De rechtbank wilde weten of de aantasting van de onafhankelijkheid van de rechtspraak in Polen betekent dat de overlevering van personen aan die lidstaat op grond van een Europees aanhoudingsbevel dient te worden geweigerd, ook zonder de concrete omstandigheden in de desbetreffende zaak aan een gedetailleerd onderzoek te onderwerpen. Het Hof van Justitie herhaalt dat de dreiging van een mensenrechtenschending voor de opgeëiste persoon altijd moet worden beoordeeld op het niveau van de individuele zaak. Er is bovendien geen reden om een Poolse rechter niet langer als ‘rechterlijke autoriteit’ in de zin van het kaderbesluit Europees aanhoudingsbevel aan te merken.
    HvJ 17 december 2020, gevoegde zaken C-354/20 PPU en C-412/20 PPU, ECLI:EU:C:2020:1033 (L. en P.).


Prof. mr. P.A.M. Verrest
Prof. mr. P.A.M. (Pieter) Verrest is hoogleraar straf(proces)recht, in het bijzonder Europees en Internationaal strafrecht, aan Erasmus School of Law te Rotterdam.
Artikel

Kroniek Vennootschapsrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2021
Auteurs Lisette van der Gun en Rogier Wolf
Auteursinformatie

Lisette van der Gun
Lisette van der Gun is advocaat bij UdinkSchepel Advocaten in Den Haag.

Rogier Wolf
Rogier Wolf is advocaat bij UdinkSchepel Advocaten in Den Haag, universitair docent Ondernemingsrecht aan Maastricht University (ICGI) en lid van de advocatenredactie van het Advocatenblad.
Artikel

Non-conviction based confiscation: eerst het middel, dan de kwaal?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden non-conviction based confiscation, afpakken, ontneming, pluk ze, wetsvoorstel
Auteurs Mr. L.W.A. Gruijthuijsen en Mr. L.M. Smithuijsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Minister Grapperhaus heeft aangekondigd een wetsvoorstel te zullen opstellen om non-conviction based confiscation (ontneming zonder voorafgaande veroordeling) mogelijk te maken. In dit artikel wordt aan de hand van het huidige wettelijk kader aan afpakmogelijkheden en de argumenten die de minister aanvoert, onderzocht of een dergelijke nieuwe procedure daadwerkelijk nodig is.


Mr. L.W.A. Gruijthuijsen
Mr. L.W.A. Gruijthuijsen is als advocaat werkzaam bij Hertoghs Advocaten.

Mr. L.M. Smithuijsen
Mr. L.M. Smithuijsen is als advocaat werkzaam bij Hertoghs Advocaten.
Artikel

Open heimelijke netwerken in de Nederlandstalige georganiseerde synthetische-drugscriminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2021
Trefwoorden synthetic drugs, poly-drug trafficking, organized crime, encrypted communication data, social network analysis
Auteurs Irma Vermeulen, Melvin Soudijn en Wouter van der Leest
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years, the authorities have dismantled several encrypted phone providers. These providers stored millions of messages about covert activities that were overtly exchanged between criminals. This type of communication offers a unique insight into serious organized crime and the people involved. Based on one such intercepted encrypted phone network, called PGP-Safe, we carried out a social network analysis on the Dutch-speaking synthetic drug market. Three findings stand out. Firstly, three-quarters of all accounts (N=4,158) are interconnected in a giant component, resulting in a criminal small-world effect. Secondly, the network appears to be robust. As a consequence, the removal of central accounts will hardly have any impact on the network as a whole. Thirdly, the majority of the accounts within the synthetic drug market is involved in poly-drug trafficking. The Dutch synthetic drug market is much more closely intertwined with other drug markets than is commonly known.


Irma Vermeulen
Drs. I.J. Vermeulen MSc is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Melvin Soudijn
Dr. M.R.J. Soudijn is senior onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Wouter van der Leest
Drs. W.P.E. van der Leest is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.
Artikel

Access_open Netwerken van netwerken in transit

De doorvoer van cocaïne via Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2021
Trefwoorden cocaine trafficking, ping-pong trade, poly-drug trafficking, qualitative social network analysis, transnational networks of networks
Auteurs Vanessa Dirksen, Wouter van der Leest en Irma Vermeulen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes traits of the hitherto underexposed transit trade of cocaine via the Netherlands, based on a qualitative social network analysis of a diversity of data. Research findings show that the transit trade via the Netherlands is dominated by poly-drug trafficking. It is noteworthy that streams of predominantly mono-drugs are entering the Netherlands, while mainly streams of poly-drugs are leaving the country. Our research furthermore shows that cocaine intended for European markets may be transited via the Netherlands to European countries to which the cocaine was initially imported. This is what we refer to as ping-pong trade. Another characteristic of the transit trade of cocaine via the Netherlands is that the actors involved, mainly coordinate parts of the cocaine supply chain. Although different groups within the cocaine distribution chain collaborate, this does not necessarily mean they actually know each other. Taken together, the organization of the distributive trade of cocaine is in this article positioned as an interdependent transnational network of networks (NoN). We suggest that future research into the transit trade of cocaine should apply such a transnational NoN perspective to fully grasp the interdependence of the micro and meso levels of the trade and, in so doing, ultimately comprehend the effect this may have on the macro level.


Vanessa Dirksen
Dr. V. Dirksen is universitair docent en onderzoeker bij de afdeling Informatiekunde van de Open Universiteit.

Wouter van der Leest
Drs. W.P.E. van der Leest is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Irma Vermeulen
Drs. I.J. Vermeulen MSc is onderzoeker bij de afdeling Analyse & Onderzoek van de Dienst Landelijke Informatieorganisatie van de Landelijke Eenheid van de politie.

Marianne Meijssen
Mr. M.A. Meijssen is advocaat bij Scott+Scott.

Stefan Tuinenga
Mr. S. Tuinenga is advocaat bij Scott+Scott.
Artikel

Access_open Hoe rechtvaardigheid ook tot rechtsonzekerheid leidt: loyaliteitsaandelen, verleden en toekomst

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden loyaliteitsaandelen, aandeelhoudersrechten, beschermingsmaatregelen
Auteurs Prof. mr. H.M. Vletter-van Dort en Mr. T.A. Keijzer
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel bespreken de auteurs de Mediaset-uitspraken van de rechtbank Amsterdam en het gerechtshof Amsterdam, die (onder meer) zien op loyaliteitsaandelen. Hoewel het hof het wat ons betreft bij het juiste eind had, is de onduidelijkheid rondom de eisen die aan de invoering van een loyaliteitsregeling gesteld worden met diens uitspraak wel toegenomen.


Prof. mr. H.M. Vletter-van Dort
Prof. mr. H.M. Vletter-van Dort is hoogleraar Financieel Recht & Governance aan de Erasmus School of Law (ESL).

Mr. T.A. Keijzer
Mr. T.A. Keijzer is advocaat in Amsterdam, onderzoeker aan de ESL en redacteur van dit tijdschrift.
Rechtsbescherming

Van meelwormen, krekels, sprinkhanen en andere wijzen van uitlegging van Unierecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden Verordening (EG) nr. 258/97, dynamische uitlegging, hele insecten, uitlegging materiële werkingssfeer van de verordening
Auteurs Mr. drs. K.J. Defares
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 oktober 2020 gaf het Hof van Justitie van de Europese Unie antwoord op de door de Franse Conseil d’État gestelde prejudiciële vraag of hele insecten, zoals wormen, sprinkhanen en krekels, een novel food zijn in de zin van Verordening (EG) nr. 258/97. Tegen de achtergrond van deze vraag besteedt advocaat-generaal Michal Bobek in zijn conclusie, naast de standaardmethoden van uitlegging van het Unierecht, aandacht aan de minder vaak toegepaste dynamische uitlegging. In deze bijdrage wordt derhalve nader stilgestaan bij de beperkingen en mogelijkheden van de toepassing van de dynamische interpretatie in de context van het Unierecht.
    Conclusie A-G Bobek 9 juli 2020, zaak C-526/19, ECLI:EU:C:2020:552 (Entoma)


Mr. drs. K.J. Defares
Mr. drs. K.J. (Kenneth) Defares is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Stroperige letselschadeprocedures: effectieve remedies tegen rechterlijke termijnoverschrijding?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden, versnelling, Kudla/Polen, Severijnen c.s./Gem. De Bilt
Auteurs Mr. E.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat de (beknopte) neerslag van een studie naar de mate van effectiviteit van de bestaande nationale remedie bij een geconstateerde rechterlijke redelijketermijnoverschrijding in de civiele (letselschade)procedure. Op grond van de bevindingen van het verrichte onderzoek is met name de praktische effectiviteit van deze remedie bediscussieerd. De bijdrage bevat derhalve een gedachte-experiment van mogelijke (theoretische) denkrichtingen ter eventuele bevordering van de effectiviteit van de repressieve remedie.


Mr. E.A. de Vries
Mr. E.A. de Vries is junior juridisch medewerker bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Annotatie

Goed nieuws: Hof van Justitie beschermt stakingsrecht voor de happy few

HvJ EU (Gerecht) 29 januari 2020, T-402/18 (Aquino e.a./Europees Parlement)

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Handvest van de grondrechten van de Europese Unie, Recht op collectieve actie, Beperkingen bij wet voorgeschreven, Europese Unie, Ambtenarenrecht
Auteurs Prof. dr. Filip Dorssemont
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 29 januari 2020 vernietigde het Gerecht (Hof van Justitie) een bevel van het Europees Parlement als werkgever waarbij een aantal tolken en conferentietolken werd opgeëist. Het bevel kwam tot stand om het hoofd te bieden aan een staking. Het is de eerste maal dat het Hof van Justitie uitdrukkelijk erkent dat EU-ambtenaren een recht te staken hebben. Het arrest illustreert dat beperkingen van in het Handvest van de grondrechten van de Europese Unie gewaarborgde grondrechten bij wet moeten zijn voorzien. Dit veronderstelt dat een duidelijke en voldoende nauwkeurige juridische grondslag moet bestaan. Deze bijdrage werpt licht op het weinig gekende stelsel van collectieve arbeidsverhoudingen binnen de Europese instellingen.


Prof. dr. Filip Dorssemont
Prof. dr. F. Dorssemont is gewoon hoogleraar aan de Université Catholique de Louvain en gastprofessor aan de Vrije Universiteit Brussel.

    Atypische arbeidsvormen zijn in opmars. Tijdelijke arbeid, en een arbeidscontract voor bepaalde tijd in het bijzonder, is zo mogelijk de meest gekende vorm. In het onderwijs wordt veelvuldig gebruikgemaakt van dergelijke arbeidscontracten. De Europese sociale partners sloten eind vorige eeuw nochtans een Raamovereenkomst met als doel de kwaliteit van de arbeid voor bepaalde tijd te verbeteren en het misbruik van opeenvolgende arbeidsovereenkomsten voor bepaalde tijd te voorkomen. In deze bijdrage wordt zowel de Nederlandse als de Vlaamse regelgeving inzake het gebruik van opeenvolgende tijdelijke contracten aan de universiteiten getoetst aan de Europese regelgeving. Het voordeel van een dergelijke rechtsvergelijkende aanpak is dat het mogelijk nieuwe inzichten biedt, niet alleen voor de rechtswetenschapper, maar ook voor de rechtspractici. Het onderzoek vangt aan met een analyse van de Europese regelgeving aan de hand van de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie. Vervolgens worden de toepasselijke Nederlandse en Vlaamse reglementeringen besproken en geëvalueerd, waarna een algemene conclusie volgt.


Dr. Evelien Timbermont
Dr. E. Timbermont is postdoctoraal onderzoeker aan de Vrije Universiteit Brussel en gastprofessor aan de Universiteit Gent.
Artikel

Access_open The ECHR and Private Intercountry Adoptions in Germany and the Netherlands: Lessons Learned from Campanelli and Paradiso v. Italy

Tijdschrift Family & Law, januari 2021
Trefwoorden Private intercountry adoptions, surrogacy, ECHR, UNCRC, the best interests of the child
Auteurs dr. E.C. Loibl
SamenvattingAuteursinformatie

    Within the past half century, a market in adoptable children has emerged. The imbalance between the demand for and the supply of adoptable children, combined with the large sums of Western money, incite greedy actors in poor countries to illegally obtain children for adoption. This renders intercountry adoption conducive to abuses. Private adoptions are particularly prone to abusive and commercial practices. Yet, although they violate both international and national law, German and Dutch family courts commonly recognize them. They argue that removing the child from the illegal adopters would not be compatible with the rights and best interests of the individual child concerned. In 2017, the ECtHR rendered a ground-breaking judgement in Campanelli and Paradiso v. Italy. In this case, the Court dealt with the question as to whether removing a child from the care of an Italian couple that entered into a surrogacy agreement with a Russian clinic, given that surrogacy is illegal in Italy, violated Article 8 ECHR. Contrary to previous case law, in which the ECtHR placed a strong emphasis on the best interests of the individual child concerned, the Court attached more weight to the need to prevent disorder and crime by putting an end to the illegal situation created by the Italian couple and by discouraging others from bypassing national laws. The article argues that considering the shifting focus of the ECtHR on the prevention of unlawful conduct and, thus, on the best interests of children in general, the German and Dutch courts’ failure to properly balance the different interests at stake in a private international adoption by mainly focusing on the individual rights and interests of the children is difficult to maintain.

    ---

    In de afgelopen halve eeuw is er een markt voor adoptiekinderen ontstaan. De disbalans tussen de vraag naar en het aanbod van adoptiekinderen, in combinatie met grote sommen westers geld, zet hebzuchtige actoren in arme landen ertoe aan illegaal kinderen te verkrijgen voor adoptie. Dit maakt interlandelijke adoptie bevorderlijk voor misbruik. Particuliere adoptie is bijzonder vatbaar voor misbruik en commerciële praktijken. Ondanks het feit dat deze privé-adopties in strijd zijn met zowel internationaal als nationaal recht, worden ze door Duitse en Nederlandse familierechtbanken doorgaans wel erkend. Daartoe wordt aangevoerd dat het verwijderen van het kind van de illegale adoptanten niet verenigbaar is met de rechten en belangen van het individuele kind in kwestie. In 2017 heeft het EHRM een baanbrekende uitspraak gedaan in de zaak Campanelli en Paradiso t. Italië. In deze zaak behandelde het Hof de vraag of het verwijderen van een kind uit de zorg van een Italiaans echtpaar dat een draagmoederschapsovereenkomst met een Russische kliniek is aangegaan, in strijd is met artikel 8 EVRM, daarbij in ogenschouw genomen dat draagmoederschap in Italië illegaal is. In tegenstelling tot eerdere jurisprudentie, waarin het EHRM sterk de nadruk legde op de belangen van het individuele kind, hechtte het Hof meer gewicht aan de noodzaak om de openbare orde te bewaken en criminaliteit te voorkomen door een einde te maken aan de illegale situatie die door het Italiaanse echtpaar was gecreëerd door onder andere het omzeilen van nationale wetten. Het artikel stelt dat, gezien de verschuiving in de focus van het EHRM op het voorkomen van onwettig gedrag en dus op het belang van kinderen in het algemeen, de Duitse en Nederlandse rechtbanken, door met name te focussen op de individuele rechten en belangen van de kinderen, er niet in slagen om de verschillende belangen die op het spel staan ​​bij een particuliere internationale adoptie goed af te wegen.


dr. E.C. Loibl
Elvira Loibl is Assistant Professor Criminal Law and Criminology, Universiteit Maastricht.
Staatssteun

De zaak TenderNed: de reikwijdte van overheidsgezag en het staatssteunrechtelijke economische-activiteitenbegrip

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden economische activiteit, ondernemingsbegrip, overheidsgezag, overheidsaanbestedingen, staatssteun
Auteurs Mr. G.J. van Midden
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het arrest TenderNed besproken, waarin het Hof van Justitie oordeelde dat het aanbieden van applicaties ter ondersteuning van aanbestedende diensten bij de uitvoering van hun aanbestedingsactiviteiten niet onder de staatssteunregels valt. Met het aanbieden van TenderNed wordt namelijk uitvoering gegeven aan overheidsgezag en daarom is geen sprake van een economische activiteit waarop de staatssteunregels van toepassing zijn. In dit artikel onderzoekt de auteur de in deze arresten gegeven interpretatie van het begrip ‘overheidsgezag’.
    HvJ 7 november 2019, zaak C-687/17 P, ECLI:EU:C:2019:932 (Aanbestedingskalender BV e.a./Europese Commissie)


Mr. G.J. van Midden
Mr. G.J. (Gijs) van Midden is senior adviseur EU-recht bij de Afdeling advisering van de Raad van State en redacteur van dit tijdschrift.
Mededinging

Google Android: mag men een gegeven paard toch in de bek kijken?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden Google, platforms, machtspositie, misbruik, koppelverkoop
Auteurs Mr. A.A.J. Pliego Selie en Mr. B.A. Verheijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Google Android-besluit heeft de Europese Commissie aan Google een recordboete opgelegd wegens misbruik van een economische machtspositie in de zin van artikel 102 VWEU. In het besluit staat Android, het besturingssysteem van Google voor smartphones en tablets, centraal. Google biedt dit aan via een open source-model. Het besluit stelt een machtspositie van Google vast op verschillende digitale markten: (1) de markt voor licenseerbare besturingssystemen voor slimme mobiele apparaten, (2) de markt voor Android appstores en (3) de markt voor algemene zoekdiensten op het internet (Google Search). Volgens de Commissie heeft Google met verschillende gedragingen, waaronder exclusiviteitsbetalingen en koppelverkoop, haar positie op laatstgenoemde markt, waarop zij inkomsten genereert via online advertenties, willen beschermen. De Commissie kwalificeert deze gedragingen als misbruik in de zin van artikel 102 VWEU. De auteurs analyseren het besluit en de inzet van het mededingingsrechtelijke instrument misbruik van een economische machtspositie in deze complexe digitale omgeving. Daarbij gaan zij in het bijzonder ook in op het bijzondere verdienmodel van Google ten aanzien van Android, waarbij innovatieve technologie kosteloos ter beschikking wordt gesteld in ruil voor restricties die erop zijn gericht de Googlediensten die advertentie-inkomsten genereren een zo groot mogelijk bereik te garanderen.
    Besluit van de Europese Commissie van 18 juli 2018 met betrekking tot een procedure onder artikel 102 VWEU en artikel 54 van de EER-overeenkomst (zaak AT.40099 – Google Android)


Mr. A.A.J. Pliego Selie
Mr. A.A.J. (Alvaro) Pliego Selie is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.

Mr. B.A. Verheijen
Mr. B.A. (Bart) Verheijen is advocaat bij Freshfields Bruckhaus Deringer te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 488 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 24 25
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.