Zoekresultaat: 56 artikelen

x
Jaar 2009 x

J.H.M. van Swaaij
Artikel

Op weg naar de 'nieuwe' Successiewet 1956 (II)

Samenloop overdrachts-/schenkbelasting

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 19 2009
Trefwoorden schenking

    Biogasinstallatie en het gebruik van de ‘Handreiking co-vergisting van mest’. Afwijking provinciaal beleid in casu gerechtvaardigd.

Jurisprudentie

De groepsrentebox: verduidelijking van staatssteuncriteria gewenst en gekregen?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2009
Trefwoorden groepsrentebox, groepsvenootschappen, selectiviteitsbegrip, fiscale autonomie lidstaten
Auteurs Prof. mr. dr. R.H.C. Luja
SamenvattingAuteursinformatie

    In de groepsrenteboxbeschikking heeft de Commissie zich uitgesproken over fiscale dispariteiten en de toerekening daarvan in het kader van staatssteun. Daarnaast heeft zij getracht helderheid te verschaffen over de vraag of voordelen die beperkt zijn tot ondernemingen die deel uit moeten maken van een groep per definitie selectief zijn. In deze bijdrage worden beide onderwerpen nader besproken.


Prof. mr. dr. R.H.C. Luja
Prof. mr. dr. R.H.C. Luja is hoogleraar rechtsvergelijkend belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en verbonden aan Loyens & Loeff N.V.
Artikel

Vergoeding van medische schade in België: het nieuwe tweesporensysteem

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2009
Trefwoorden tweesporensysteem, medische schade, foutaansprakelijkheidsrecht, no fault-systeem
Auteurs Mevrouw mr. E. de Kezel
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden kort de ontwikkelingen geschetst die het medisch aansprakelijkheidsrecht in België heeft ondergaan en wellicht nog zal ondergaan. In België ligt het foutaansprakelijkheidsrecht als systeem tot vergoeding van medische schade reeds lang onder vuur. Door de Wet van 15 mei 2007 werd het klassieke foutaansprakelijkheidsrecht als vergoedingssysteem voor medische schade afgeschaft en werd er een nieuw vergoedingssysteem ingevoerd, waarbij de fout als grondvoorwaarde tot de vergoeding wordt geschrapt (het zogenoemde ‘no fault’-systeem). Hoewel de inwerkingtreding voorzien was voor 1 januari 2008, is dit systeem nooit in werking getreden. Op 23 oktober 2008 besliste de federale ministerraad om de nieuwe ingevoerde no fault-regeling te herzien en te vervangen door een foutloze aansprakelijkheidsregeling, geïnspireerd door het Franse systeem (tweesporensysteem). Tegelijkertijd werd beslist om het Federaal Kenniscentrum voor de Gezondheidszorg, het KCE, te belasten met een studieopdracht om de kostprijs te ramen van een dergelijk systeem in België. De inwerkingtreding van de no fault-Wet van 15 mei 2007 werd, in afwachting daarvan, voor de tweede maal uitgesteld voor onbepaalde tijd, via een bepaling in de Wet houdende diverse bepalingen (I) van 22 december 2008. De zet die de procedure inzake de geschillen over het toepassingsgebied van de no fault-Wet regelde (Wet inzake de regeling van geschillen van 15 mei 2007) werd eveneens voor de tweede maal uitgesteld, via een bepaling opgenomen in de Wet houdende diverse bepalingen (II) van 22 december 2008. Op dit moment speelt dus nog steeds het ‘klassieke’ foutaansprakelijkheidsrecht.


Mevrouw mr. E. de Kezel
Mw. mr. E. de Kezel is docent aan het Molengraaff Instituut van de Universiteit Utrecht, Vrij Wetenschappelijk Medewerker aan het Centrum voor Verbintenissenrecht van de Universiteit Gent, en advocaat bij Stibbe aan de Balie te Brussel.
Praktijk

Over nut en noodzaak van goede geschillenregelingen voor (familie)bedrijven

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2009
Trefwoorden impasse, geschillenregeling, enquêterecht, deskundigenbericht
Auteurs dr. Bart Prinsen en Carmen Verschuur-Buijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In companies people work together intensively, especially in family run companies. In such a situation, the interests (income, capital and employment) can be enormous when parties fail to live up to each others expectations.How to deal with situations when parties are in a dead-lock and the continuity of the business is at stake? Depending on the legal form of the company and the type of conflict, there are different legal actions to settle a (legal) conflict. However, there are so many rules and different procedures for each type of legal form, that it may dazzle the reader. Moreover, these procedures may take a long time, while the parties in a family dead-lock desire an expert/arbiter/mediator proceeding expeditiously.In a sense a marriage is also a family run company. The following experiences from the area of family law are described: the processes of a divorce, the break-up announcement (the opposite of the marriage proposal), the experiment in court with the so-called regierechter in family cases, the prenuptial agreement and the plan for parenthood after a divorce. Our conclusion is that in case of a dead-lock, parties need to have a good set of rules on the settlement of disputes, to find a qualified expert/arbiter/mediator having knowledge and experience in financial/tax/pension/legal matters and familiar with dealing with emotions in a deadlock.


dr. Bart Prinsen
Bart Prinsen is advocaat ondernemingsrecht bij MannaertsAppels AdvocatenNotarissen te Breda, lid van Teamwork = Maetwerk, expertisegroep bij conflicten en conflictbeheersing rondom vennootschap en rechtspersoon, en docent ondernemingsrecht aan het Departement Business Law van de Universiteit van Tilburg.

Carmen Verschuur-Buijssen
Carmen Verschuur-Buijssen is advocaat personen- en familierecht bij Asselbergs & Klinkhamer advocaten te Etten-Leur (voorheen rechterlijk ambtenaar in opleiding bij de rechtbank te Breda en docente contract- en aansprakelijkheidsrecht aan het Departement Privaatrecht van de Universiteit van Tilburg).
Artikel

Enkele recente ontwikkelingen inzake overgang van een onderneming

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2009
Trefwoorden identiteitsbehoud, informatieplicht, overgang van onderneming
Auteurs Mr. K. Wiersma
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt stilgestaan bij een aantal recente uitspraken inzake de rechten van werknemers bij een overgang van een onderneming. Aan bod komt de zaak Klarenberg/Ferrotron waarin het Hof van Justitie van de EG betrokken werknemers een extra hulpmiddel geeft ter voorkoming van oneigenlijk gebruik van overgang van ondernemingen. Ook komt aan bod de Heineken-zaak en de naar aanleiding daarvan ontstane discussie over de vraag welke werknemers bescherming aan de richtlijn inzake overgang van ondernemingen kunnen ontlenen. Ten slotte wordt het arrest Pax/Bos van de Hoge Raad besproken, welk arrest laat zien dat een overdragende werkgever zich moet realiseren dat hij de plicht heeft om betrokken werknemers adequaat te informeren over hun positie.


Mr. K. Wiersma
Mr. K. Wiersma is advocaat arbeidsrecht bij Loyens & Loeff N.V.

    Vergunninghoudster kan niet worden verplicht tot het saneren van bestaande bodemverontreiniging.

Artikel

Statutaire kwaliteitseisen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2009
Trefwoorden statutair, Kwaliteitseis, Wet onafhankelijk netbeheer
Auteurs Mr. drs. C.E. Parlevliet
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur aan de hand van de uitspraak van de Rechtbank Arnhem van 10 juli 2009 wat de uitleg is van een statutaire kwaliteitseis en wat de gevolgen zijn indien sancties op het niet meer voldoen aan de kwaliteitseis ontbreken.


Mr. drs. C.E. Parlevliet
Mr. drs. C.E. Parlevliet is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff.

    Vergunninghoudster heeft niet aannemelijk kunnen maken dat zij een langere termijn nodig heeft om te kunnen voldoen aan de best beschikbare technieken.


Hans Paul Nijhoff
Jurisprudentie

ABRvS 15 juli 2009, nr. 200805470/1/M1 (GS Zuid-Holland)

Tijdschrift StAB, Aflevering 4 2009
Auteurs Valérie van ‘t Lam
Samenvatting

    Onder ‘oprichten’ wordt verstaan het juridisch oprichten van een inrichting. Geen bestaande rechten voor een slechts feitelijk opgerichte inrichting.


Valérie van ‘t Lam
Artikel

De Commissie als amicus curiae en het fiscale karakter van een mededingingsboete

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8-9 2009
Trefwoorden amicus curiae, fiscaal karakter (mededingingsrechtelijke) boete, aftrekbaarheid (mededingingsrechtelijke) boete
Auteurs Mr. R.C.L. Urlings LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In het hier besproken arrest heeft het Hof van Justitie een ruime interpretatie gegeven aan de amicus curiae toelating. Een ander interessant punt, de aftrekbaarheid van de boete opgelegd in verband met overtreding van de communautaire mededingingsregels, aan de orde gekomen bij de Rechtbank Haarlem en het Gerechtshof Amsterdam, wordt ook kort behandeld.Na bespreking van de geschiedenis van de voorliggende zaak en het arrest van het Hof zelf wordt bij die punten stilgestaan.


Mr. R.C.L. Urlings LLM
Mr. R.C.L. Urlings LLM is beleidsmedewerker bij de Nederlandse Zorgautoriteit.
Artikel

De toelaatbaarheid van beschermingsconstructies bij beursvennootschappen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2009
Trefwoorden beursvennootschap, beschermingsconstructies, ASMI, preferente aandelen
Auteurs Mr. L.M. Mantel en Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de vereisten die op grond van de wet en jurisprudentie aan het gebruik van uitgifte van preferente aandelen als beschermingsconstructie worden vereist. Zij bespreken vervolgens de toelaatbaarheid van dergelijke beschermingsconstructies in het licht van de meest recente beschikking van de Ondernemingskamer in de ASMI-zaak


Mr. L.M. Mantel
Mr. L.M. Mantel is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam.

Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M.
Mr. F.G.K. Overkleeft LL.M. is advocaat bij NautaDutilh N.V. te Amsterdam, docent-onderzoeker aan het Center for Company Law, Universiteit van Tilburg, en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Het wetsvoorstel corporate governance en het consultatiedocument melding zeggenschap financiële instrumenten

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2009
Trefwoorden Monitoring Commissie Corporate Governance, commissie, corporate governance-systeem
Auteurs Mr. H.U. van Heyningen Nanninga
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft een overzicht van de inhoud van het wetsvoorstel Wijziging van de Wet op het financieel toezicht, de Wet giraal effectenverkeer en het Burgerlijk Wetboek naar aanleiding van het advies van de Monitoring Commissie Corporate Governance Code.


Mr. H.U. van Heyningen Nanninga
Mr. H.U. van Heyningen Nanninga is advocaat bij Clifford Chance LLP Amsterdam.
Artikel

Beleggingsfondsen en civielrechtelijke praktijk

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden beleggingsfondsen, fondsvermogen, deelnemers, beheerder, bewaarder
Auteurs Mr. J.W.P.M. van der Velden
SamenvattingAuteursinformatie

    Beleggers kiezen er dikwijls voor om gezamenlijk te beleggen. Vaak gebruiken zij daarbij personenvennootschappen en fondsen voor gemene rekening. Bij dergelijke beleggingsfondsen plegen drie partijen betrokken te zijn: een beheerder, een bewaarder en deelnemers. Deze drie partijen zijn civielrechtelijk met elkaar verbonden. Daaruit vloeien vragen voort over de eigendom van het fondsvermogen, de zeggenschap en de kwalificatie van de onderlinge verhoudingen. Van der Velden behandelt dergelijke vragen in zijn recente proefschrift Beleggingsfondsen naar burgerlijk recht. In deze bijdrage zet hij een aantal bevindingen die voor de praktijk van belang zijn kort uiteen.


Mr. J.W.P.M. van der Velden
Mr. J.W.P.M. van der Velden start in september 2009 een advocatenkantoor in Nijmegen (www.keijservandervelden.nl). Hij is fellow aan het Onderzoekcentrum Onderneming en Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De voorgestelde wijziging van de Wge

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Wge, vermogensscheiding, dematerialisatie
Auteurs Mr. J.S. Polderman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel tot wijziging van de Wet giraal effectenverkeer (Wge) heeft twee hoofddoelstellingen: de uitbreiding van de bescherming van de belegger in geval van faillissement van de instelling waar de belegger zijn effecten in bewaring heeft gegeven en het bewerkstelligen van een verdergaande vorm van dematerialisatie van het giraal effectenverkeer dan thans is voorzien in de Wge. Beoogd is het gebruik van effectenbewaarbedrijven zo veel mogelijk overbodig te maken en het aantal fysieke stukken verder te doen afnemen. Dit wordt bereikt door het toepassingsgebied van de Wge uit te breiden en door voor te schrijven dat effecten aan toonder uitsluitend door middel van verzamelbewijzen in bewaring kunnen worden gegeven. In zijn bijdrage bespreekt Polderman op welke manier de voorgestelde wijzigingen van de Wge moeten leiden tot het bereiken van deze twee hoofddoelstellingen in het licht van de huidige situatie. Tevens laat hij enkele in het oog springende voorgestelde wijzigingen van de Wge de revue passeren.


Mr. J.S. Polderman
Mr. J.S. Polderman is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Over de grenzen van het ondernemingsrecht: Fortis

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Fortis, deskundigenonderzoek, enquête, algemene vergadering
Auteurs Prof. dr. C.F. van der Elst en L.S.F. van den Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    De zaak Fortis hield het afgelopen jaar België en Nederland in de ban. Het Belgische hof van beroep verplichtte Fortis tot het bijeenroepen van een algemene vergadering en liet deskundigen een onderzoek uitvoeren. In deze bijdrage bespreken Van der Elst en Van den Steen het Belgische deskundigenonderzoek en trekken zij vergelijkingen met het enquêterecht. Vervolgens gaan zij in op het verloop van de algemene vergaderingen bij Fortis. Vooral de lage opkomst van aandeelhouders valt op, doch ook de talrijke agendapunten die de aandeelhouders wegstemden. Deze bevindingen nopen tot reflectie over de nood aan bijzondere reglementering voor vennootschappen met een systeemrisico eerder dan een aanpassing van het vennootschapsrecht.


Prof. dr. C.F. van der Elst
Prof. dr. C.F. van der Elst is hoogleraar aan de Universiteit van Tilburg en werkzaam als onderzoeker aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.

L.S.F. van den Steen
Dr. L.S.F. van den Steen is assistent aan het Financial Law Institute van de Universiteit van Gent.
Artikel

Flex BV and MoMiG – Revising the law of limited liability companies in the Netherlands and Germany

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2009
Trefwoorden limited liability, Flex BV, MoMig, BV, GmbH
Auteurs Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M.
SamenvattingAuteursinformatie

    In the light of the ECJ case law on the freedom of establishment, both the Dutch and German governments have recently launched legislative proposals that are designed to revamp their national limited liability companies. This gives reason to take a closer look at the Dutch and German approach regarding some important issues for investors, namely minimum capital, non-voting and non-profit participating shares and shareholder instruction rights.


Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M.
Mrs. C.E. Grundmeier, LL.M. is working as a trainee at Clifford Chance. The author would like to thank J.A. Lazell and T.P. van Duuren for their contributions to this article.
Artikel

Het wettelijk pandrecht: afgeleid of eigen karakter?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2009
Trefwoorden wettelijk pandrecht, ontstaan, inhoud, uitwinning
Auteurs Mr. L.W. Kelterman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de verhouding tussen het wettelijk pandrecht op aandelen als bedoeld in artikel 3:259 BW en een ‘gewoon’ pandrecht op aandelen onderzocht.


Mr. L.W. Kelterman
Mr. L.W. Kelterman is kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff.
Artikel

Struisvogelpolitiek bij het wetsvoorstel flexibilisering BV-recht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7-8 2009
Trefwoorden wetsvoorstel tweede nota van wijziging, uitkering, bestuursbevoegdheid, belang van de vennootschap, aandeelhouderbesluit
Auteurs Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de voors en tegens van de verschillende versies van het wetsvoorstel betreffende artikel 2:216 BW. Daarnaast gaat zij in op de vraag wat dit voorstel uiteindelijk zou moeten behelzen.


Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman
Jkvr. mr. A.E.C. de Savornin Lohman is werkzaam als advocaat bij Allen & Overy.
Toont 1 - 20 van 56 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.