Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 289 artikelen

x
Artikel

Access_open Onderwijs juridische beroepsethiek aan rechtenstudenten

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, juli 2021
Trefwoorden professional ethics, legal ethics, research ethics, moral psychology
Auteurs Anne Ruth Mackor
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel geeft de auteur haar visie op het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten. Ze bespreekt de inhoud van de juridische beroepsethiek en enkele didactische aspecten. De auteur maakt onderscheid tussen rechtvaardigende perspectieven, die een explicatie en rechtvaardiging van een onderscheidende juridische beroepsethiek en -moraal mogelijk maken, en kritische perspectieven, die een kritische beoordeling van die rechtvaardigende verhalen mogelijk maken. Ze benadrukt daarbij het belang van empirische, in het bijzonder sociaal- en moraalpsychologische benaderingen in het onderwijs van beroepsethiek. Ze wijst op het feit dat studenten niet beschikken over relevante praktijkervaring en dat dit een obstakel vormt voor diepgaande casusanalyses. In de conclusie betoogt de auteur dat de belangstelling en de ruimte voor het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten sinds het nieuwe millennium wel is toegenomen, maar dat meer systematische reflectie op deze vakken nodig is. Ook stelt ze dat bij het onderwijs in beroepsethiek aan rechtenstudenten die nog geen werkervaring hebben in een specifieke beroepspraktijk, de nadruk zou moeten liggen op thema’s die in de beroepsopleiding minder aandacht krijgen. Het accent moet meer liggen op het verwerven van ethische en empirische theoretische kennis en kritische reflectie op rechtvaardigende verhalen, en minder op discussie over concrete gevallen. Haar laatste aanbeveling is dat in het onderwijs niet alleen normatief-ethische theorieën aan de orde moeten komen, maar ook empirische inzichten over bounded ethicality.


Anne Ruth Mackor
Prof. mr. dr. Anne Ruth Mackor is als hoogleraar professie ethiek, in het bijzonder van juridische professies, verbonden aan de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Snelrecht: voor elk wat wils, maar wat willen we?

De (on)mogelijkheden van snelrecht in het kader van ‘lik-op-stuk’ en efficiency

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2021
Trefwoorden Snelrecht, Lik-op-stuk, Taakstrafverbod, Voorlopige hechtenis, Snelrechtgrond
Auteurs Mr. dr. J.M.W. (Joep) Lindeman, mr. dr. L. (Leonie) van Lent en mr. dr. B. (Benny) van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staan wij stil bij het snelrecht, een fenomeen dat al lang bekend is in de strafrechtspleging, maar waar tegelijk veel verschillende beelden bij bestaan. Enerzijds wordt snelrecht gezien als hét instrument in de ‘lik-op-stuk’-aanpak. Anderzijds is het een middel om snel en efficiënt strafzaken af te doen en achterstanden weg te werken. Het snelrecht voldoet echter lang niet altijd aan de verwachtingen en is onvoldoende met procedurele waarborgen omkleed. We proberen de (on)mogelijkheden op een rij te zetten.


Mr. dr. J.M.W. (Joep) Lindeman
Joep Lindeman is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht. Hij is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.

mr. dr. L. (Leonie) van Lent
Leonie van Lent is universitair docent straf- en strafprocesrecht. Ze is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.

mr. dr. B. (Benny) van der Vorm
Benny van der Vorm is universitair docent straf- en strafprocesrecht. Hij is werkzaam bij het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van dezelfde universiteit.
Artikel

De zaakafbakening: ratio en werking

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden rechtseconomie, waardemotief, modulariteit, complementariteit
Auteurs Mr. R. Bloemink
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel zoekt naar een rechtseconomische verklaring voor het gegeven dat sommige (samenstellingen van) objecten dwingend als ‘zaak’ worden aangemerkt. Die verklaring wordt niet gevonden in het streven om bepaalde waardevolle samenstellingen te conserveren, maar in het streven naar inzichtelijkheid van de rechtstoestanden, en de verhandelbaarheid, van objecten.


Mr. R. Bloemink
Mr. R. Bloemink is wetenschappelijk medewerker bij de sectie civiel van het Wetenschappelijk Bureau bij de Hoge Raad en als buitenpromovendus verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De positie van de belanghebbende in het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden enquêteprocedure, verzoekschriftprocedure, belanghebbenden, kring van belanghebbenden
Auteurs Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in deze bijdrage in op de kwesties wie in het enquêterecht als belanghebbenden kwalificeren en wat de bevoegdheden van belanghebbenden zijn. Tevens besteedt hij aandacht aan enkele ‘knelpunten’ in wetgeving en jurisprudentie. De auteur stelt onder meer de introductie van een ‘Leidraad Belanghebbenden’ voor.


Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf
Mr. dr. C.E.J.M. Hanegraaf is advocaat ondernemingsrecht.
Kroniek rechtspraak

Tussenkroniek rechtspraak strafrecht

Euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden EuthanasieCode, RTE, dementie, Koffie-euthanasiezaak, gezondheidsrecht
Auteurs Prof. mr. P.A.M. Mevis en Mr. dr. L. Postma
SamenvattingAuteursinformatie

    In het onderstaande wordt de gang van zaken in de Koffie-euthanasiezaak betreffende euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring op een rij gezet. Enkele onderdelen daarvan worden van enig commentaar voorzien. Daarnaast wordt aandacht besteed aan de herziene versie van de EuthanasieCode 2018 en RTE-oordelen met betrekking tot euthanasie bij dementie op basis van een schriftelijke wilsverklaring uit de periode ná de beslissingen van de Hoge Raad van 21 april 2020. De conclusie is dat euthanasie op basis van een schriftelijke wilsverklaring van een eigen, op deze modaliteit toegesneden wettelijke regeling moet worden voorzien. Een voorstel daartoe is voorhanden.


Prof. mr. P.A.M. Mevis
Paul Mevis is hoogleraar strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. dr. L. Postma
Liselotte Postma is universitair docent strafrecht en strafprocesrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Vrij verkeer

Access_open Kinderontvoering en het vrij verkeer van EU-burgers

Europese grenzen aan de bevoegdheid tot strafbaarstelling

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2021
Trefwoorden burgerschap van de Unie, reis- en verblijfrecht, Verordening Brussel II-bis, bescherming van het kind, strafbepaling kinderontvoering
Auteurs Prof. dr. A.A.M. Schrauwen
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest ZW geeft het Hof van Justitie antwoord op de vraag of het recht op vrij verkeer van burgers van de Unie belet dat een lidstaat voor ontvoering van een kind naar een andere lidstaat een strengere strafmaat hanteert dan voor ontvoering van een kind binnen een lidstaat. Hiermee wordt tevens duidelijk welk gewicht lidstaten toe moeten kennen aan de Brussel II-bis-verordening.
    HvJ 19 november 2020, zaak C-454/19, ECLI:EU:C:2020:947 (ZW/Staatsanwaltschaft Heilbronn).


Prof. dr. A.A.M. Schrauwen
Prof. dr. A.A.M. (Annette) Schrauwen is hoogleraar Europese integratie, verbonden aan het Amsterdam Centre for European Law and Governance en tevens opleidingsdirecteur Masteropleiding International and European Law aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Access_open Belemmeringen bij de aanpak van onregelmatigheden door de curator

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Insolvency practitioner, Insolvency fraud, Directors’ liability, Enforcement, Empty estates
Auteurs Jessie Pool LL.M. BSc., Dr. Helen Pluut en Prof. mr. Reinout Vriesendorp
SamenvattingAuteursinformatie

    For years, Dutch legal scholars have been debating about the desirability of mandatory private enforcement of irregularities and fraud by the insolvency practitioner. The assumption is that revenue-oriented insolvency practitioners impede efficient enforcement of irregularities in insolvency. The findings of our quantitative study support the assumption that insolvency practitioners do not take enforcement actions in every suspicious insolvency and that norm violations are less likely to enforced when no recourse is offered. The findings of our qualitative study indicate that there are additional explanations for this relative lack of enforcement, such as lack of renumeration and poor follow-up procedures. Therefore, although the insolvency practitioner is assumed to be of great importance in combatting irregularities in bankruptcies, we doubt the effectiveness and preventive effect of the role of the insolvency practitioner. We make various recommendations to facilitate insolvency practitioners in dealing with irregularities.


Jessie Pool LL.M. BSc.
Jessie Pool is als PhD-Fellow verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden. Dit artikel is geschreven in het kader van haar proefschrift over het signaleren en redresseren van onregelmatigheden door de curator.

Dr. Helen Pluut
Helen Pluut is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Leiden.

Prof. mr. Reinout Vriesendorp
Reinout Vriesendorp is als hoogleraar Insolventierecht verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en de afdeling Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Leiden en is advocaat te Amsterdam.
Artikel

AI-risicotaxatie: nieuwe kansen en risico’s voor statistische voorspellingen van recidive

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Artificiële intelligentie, Risicotaxatie, Kunstmatige intelligentie, recidiverisico, voorspellingen
Auteurs G.M. (Max) de Vries, Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma, Prof. mr. dr. A.R. (Anne Ruth) Mackor e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt inzicht geboden in nieuwe instrumenten die een risicotaxatie mogelijk maken met behulp van artificiële intelligentie. In het bijzonder wordt ook ingegaan op de talrijke fundamentele vragen die met het gebruik ervan gepaard gaan. Tevens gaan de auteurs na in welke mate AI-risicotaxatie accurater is – of kan zijn – dan de bestaande methoden van risicotaxatie.


G.M. (Max) de Vries
Max de Vries volgt de Master Rechtswetenschappelijk Onderzoek aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
Johannes Bijlsma is als universitair docent strafrecht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen (WPI) en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL), Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. A.R. (Anne Ruth) Mackor
Anne Ruth Mackor is als hoogleraar professie-ethiek, in het bijzonder van juridische professies, werkzaam bij de Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. dr. F.J. (Floris) Bex
Floris Bex is bijzonder hoogleraar data science en rechtspraak aan het Department of Law, Technology, Markets and Society, Tilburg University, wetenschappelijk directeur van het Nationaal Politielab AI bij het Innovation Centre for AI (ICAI) en universitair docent AI bij het departement Informatica, Universiteit Utrecht.

Prof. dr. G. (Gerben) Meynen
Gerben Meynen is als hoogleraar forensische psychiatrie verbonden aan het WPI en UCALL, Universiteit Utrecht en tevens bijzonder hoogleraar ethiek en psychiatrie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Professioneel ethiekonderwijs voor de ­aankomend overheidsjurist

Special issue on Education in (Professional) Legal Ethics, ­Emanuel van Dongen & Jet Tigchelaar (eds.)

Tijdschrift Law and Method, april 2021
Trefwoorden beroepsethiek, overheidsjuristen, onderwijs
Auteurs Peter van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    De beroepsethiek van overheidsjuristen wordt traditioneel gericht op het functioneren als poortwachter van de rechtsstaat. Zij ontlenen hun beroepsethisch normenkader aan bovenliggende normen van democratie en rechtsstaat. Beroepsdilemma’s komen daarbij voort uit zich voordoende spanning tussen ambtelijke en juridische verantwoordelijkheden, bijvoorbeeld die tussen loyaliteit aan de politieke leiding versus het bevorderen van proportionaliteit van bevoegdheden (case Tijdelijke wet maatregelen covid-19) en die van handhaving (case kinderopvangtoeslagen). In de praktijk van de overheidsjurist is de beroepsethiek het resultaat van het omgaan met genoemde dilemma’s. Deze contextuele beroepsethiek van onderop wijkt af van de aan de rechtstaat ontleende beroepsethiek van bovenaf. Er zijn de nodige argumenten om het professionele (universitaire) ethiekonderwijs voor aankomend overheidsjuristen te richten op een normatieve oriëntatie van onderop. Het bevordert realisme, waakzaamheid voor tegenkrachten en rolvastheid. In het ethiekonderwijs voor aankomend overheidsjuristen zou dan een empirische en op verantwoording gerichte attitude centraal moeten staan.


Peter van Lochem
Mr. dr. P.J.P.M. (Peter) van Lochem is Fellow van het Meijers Instituut (Universiteit Leiden).
Artikel

De last onder dwangsom nieuwe stijl: een bestraffende sanctie?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2021
Trefwoorden last onder dwangsom, herstelsanctie, bestraffende sanctie, criminal charge, rechterlijke toetsing
Auteurs Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot en Mr. W. Zorg
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderscheid tussen herstelsancties en bestraffende sancties blijft vragen oproepen. Vanwege het verschil in rechtswaarborgen voor de overtreder is de kwalificatie van een sanctie als het een of het ander van belang. Dit geldt met name ook voor de inzet van de last onder dwangsom nieuwe stijl, die de laatste jaren als alternatief voor het stafrecht en de bestuurlijke boete door vooral gemeenten wordt gehanteerd. De ABRvS kwalificeert deze sanctie als niet-bestraffend. Daar is zeker iets voor te zeggen. Toch is enige twijfel op zijn plaats, met name in het licht van het criminal charge-begrip van artikel 6 EVRM.


Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot
Mr. dr. A.P.W. Duijkersloot is universitair docent staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Utrecht en daar als onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (Renforce) en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL).

Mr. W. Zorg
Mr. W. Zorg is jurist bij Hoogheemraadschap De Stichtse Rijnlanden.
Artikel

Art. 81 Wet RO: de stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2021
Trefwoorden cassatie, Hoge Raad, motivering, rechtsvorming
Auteurs Tom van Malssen en Coen van Schaijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage brengt de huidige art. 81 Wet RO-toepassingspraktijk van de civiele kamer van de Hoge Raad in kaart, mede tegen de achtergrond van de invoering van art. 80a Wet RO en de gespecialiseerde cassatiebalie in 2012. De bijdrage signaleert enkele verschuivingen in het type 81-zaken, de wijze waarop het parket in 81-zaken concludeert en de samenstelling waarin de Hoge Raad de zaken afdoet. Deels laten deze verschuivingen zich op het conto schrijven van de Wet versterking cassatierechtspraak, maar deels zouden zij hun oorzaak ook elders kunnen vinden, bijvoorbeeld in de zelfverklaarde focus van de Hoge Raad op rechtsvorming.


Tom van Malssen
Mr. dr. T. van Malssen is advocaat (bij de Hoge Raad) bij Dirkzwager legal & tax en raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.

Coen van Schaijk
Mr. C.F.N. van Schaijk is advocaat bij Dirkzwager legal & tax.

    In deze bijdrage analyseert de auteur de gevolgen van het Skanska-arrest in een schadeprocedure voor overtreding van het Europese mededingingsrecht. Op grond van de jurisprudentie en literatuur concludeert de auteur dat de doorwerking van het ondernemingsbegrip, als gevolg van het Skanska-arrest, de benadeelde een significante uitbreiding van aansprakelijkheidsmogelijkheden kan bieden.


S.W. Bothof
S.W. Bothof is juridisch medewerker bij Newground Law te Amsterdam.
Artikel

Nikola Tesla en de coltrui-CEO: de gevaren van informatiemanipulatie

Vertrouwen van het beleggend of het algemeen publiek?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden marktmisbruik, marktmanipulatie, marktintegriteit, investor confidence, public confidence
Auteurs Mr. M.J. Giltjes
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur betoogt dat met de doelstellingen achter het informatiemanipulatieverbod van de Marktmisbruikverordening wordt beoogd het vertrouwen van het algemeen publiek, in tegenstelling tot slechts het vertrouwen van het beleggend publiek, te waarborgen. Een helder begrip van deze doelstellingen is noodzakelijk voor de effectieve handhaving van het informatiemanipulatieverbod.


Mr. M.J. Giltjes
Mr. M.J. Giltjes is promovendus bij Erasmus Graduate School of Law en fellow van het International Center for Financial law & Governance (ICFG).
Artikel

Access_open ‘Voltooid leven’ en de grenzen van het medisch domein

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden toegang tot dodelijke middelen, medisch geclassificeerde ziekte, pil van Drion, existentieel lijden
Auteurs Prof. dr. G.A. den Hartogh
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit het Perspectief-rapport (januari 2020) blijkt dat het besluit om het eigen leven te beëindigen zonder dat er sprake is van een medische grondslag niet samenhangt met de leeftijd van de betrokkene. Aan een wettelijke regeling die de zelfgekozen dood mogelijk maakt voor mensen met een ‘voltooid leven’, zoals voorgesteld door D66, bestaat daarom geen behoefte. De eis van een medische grondslag is echter onnodig restrictief en verdient dan ook heroverweging. Dat hoeft er niet toe te leiden niet-artsen bij de uitvoering van een besluit tot levensbeëindiging te betrekken.


Prof. dr. G.A. den Hartogh
Govert den Hartogh is emeritus hoogleraar ethiek aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

EU Bank Resolution Framework. A Comparative Study on the Relation with National Private Law

Bespreking van het proefschrift van mr. L.G.A. Janssen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden resolutiekader, privaatrecht, coherentie, harmonisatie, crediteuren
Auteurs Mr. dr. M.L. Louisse-Read
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van privaatrechtelijke onderwerpen is grotendeels in handen van de nationale wetgevers van de Europese lidstaten. Als gevolg daarvan moet het Europese resolutiekader worden geïnterpreteerd en toegepast op een wijze die consistent is met het nationale privaatrecht.


Mr. dr. M.L. Louisse-Read
Mr. dr. M.L. Louisse-Read is senior jurist bij De Nederlandsche Bank N.V. te Amsterdam en fellow bij het Instituut voor Financieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Access_open ‘Ik verblijf in een gevangenis, daar is niets moreels aan.’ Ervaren procedurele rechtvaardigheid bij binnenkomst in vreemdelingenbewaring.

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden procedurele rechtvaardigheid, legitimiteit, vreemdelingenbewaring, binnenkomstprocedure, vreemdelingen
Auteurs Nicolien de Gier MSc, Mieke Kox MA, Prof. mr. dr. Miranda Boone e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Qualitative research in an immigration detention center in the Netherlands shows that detained unauthorized migrants consider the entry procedure in Immigration Centre Rotterdam procedurally just. These migrants are generally positive on the fairness of the entry procedure as their safety and welfare are guaranteed and existing procedural justice criteria are respected. However, they believe that immigration detention in itself is illegitimate and that they do not deserve to be detained. This shows that the focus on procedures and interactions is insufficient to understand the perceived legitimacy of immigration detention if shared values and consent with the legal basis of immigration detention are lacking.


Nicolien de Gier MSc
C.N. de Gier MSc is docent Criminologie bij de Universiteit Leiden.

Mieke Kox MA
M.H. Kox MA is postdoc Sociale Geografie bij de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. Miranda Boone
Prof. mr. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie bij de Universiteit Leiden.

Dr. Gabry Vanderveen
Dr. G.N.G. Vanderveen is universitair docent Erasmus School of Law bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Een decennium oordelen over doorlopende kredieten: uiteenlopende interpretaties van het contractuele rentewijzigingsbeding

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2020
Trefwoorden rentewijzigingsbeding, kredietovereenkomsten, marktrente, doorlopend krediet, Kifid
Auteurs Mr. drs. Ruud van de Meerakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent hebben zowel de Commissie van Beroep financiële dienstverlening als diverse rechters uitspraken gedaan over rentewijzigingsbedingen. Dergelijke bedingen gebruikten kredietverstrekkers van doorlopende kredietovereenkomsten om de variabele rente van die kredieten aan te passen. De uitspraken markeren de verschuiving van een nadruk op contractvrijheid en marktwerking naar de focus op een zekere mate van marktregulering en consumentenbescherming. In deze bijdrage wordt uiteengezet via welke weg deze verschuiving het afgelopen decennium heeft plaatsgevonden en wordt bijzondere aandacht gegeven aan de huidige stand van zaken, waarin twee wegen te herkennen zijn. Door de Commissie van Beroep is het beding uitgelegd – zodat consumenten mochten verwachten dat hun rente in de pas zou blijven met de marktrente. In de rechtspraak is in veel gevallen besloten tot vernietiging van het beding. Geconcludeerd wordt welke van de beide oordelen het meest overtuigt.


Mr. drs. Ruud van de Meerakker
Mr. drs. R.P.W. van de Meerakker is als buitenpromovendus verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en werkzaam als Secretaris Specialist bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Hij schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel.
Discussie

Access_open Coronapandemie 2020: een kritisch perspectief

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Pandemic, Cost-benefit analysis, qaly, Opportunity costs, COVID-19
Auteurs Dr. Roel Pieterman
SamenvattingAuteursinformatie

    Most countries in the world chose a more or less stringent form of lockdown policy in order to protect citizens from contagion. This essay offers a critical perspective by asking for the Netherlands whether flattening the curve does not cost more healthy life years (qaly’s) than it saves. A cost-benefit analysis is performed discussing four issues. First: how many qaly’s are actually saved by the lockdown measures? Second: what are the opportunity costs of the lockdown? This means investigating how many qaly’s could have been generated if the economic cost of the lockdown had been spent directly into health care. Third: investigating how many qaly’s are lost because of postponing regular care. And fourth: discussing how many qaly’s are at stake because of excess unemployment. While acknowledging uncertainties the conclusion seems unavoidable: lockdown has and will cost more qaly’s than it generates.


Dr. Roel Pieterman
Roel Pieterman was tot zomer 2019 UHD Rechtssociologie aan Erasmus School of Law. Onderzoek naar risicobeleid met speciale belangstelling voor de voorzorgbenadering. Zijn laatste boek Gewicht zit niet tussen je oren (2017) levert een kritische analyse van de wetenschap over overgewicht en concludeert dat er geen effectief beleid is.
Discussie, Nieuws en Analyse

De strafbaarstelling van gebruikers

Een onderzoek naar de legitimiteit en rechtvaardigheid van strafbaarstelling van harddrugsgebruik

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Drugsgebruik, Legitimiteit, Rechtvaardigheid, Criteria voor strafbaarstelling, Strafbaarstelling
Auteurs Mr. Y. (Yamit) Hamelzky
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van ontwrichtende criminaliteit ontstaat steeds meer aandacht voor de gebruikerskant. Zo ook voor de harddrugsgebruiker, die een ontwrichtende invloed op de samenleving heeft. Dit artikel beantwoordt daarom de vraag of strafbaarstelling van harddrugsgebruik legitiem en rechtvaardig is. Teneinde deze vraag te beantwoorden wordt getoetst aan de criteria voor strafbaarstelling en worden de argumenten die ten grondslag liggen aan de strafbaarstelling van de prostituant die misbruik maakt van prostituees die slachtoffer zijn van mensenhandel ter inspiratie gebruikt.


Mr. Y. (Yamit) Hamelzky
Yamit Hamelzky is docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Redactioneel

De betekenis van de Grondwet voor de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2020
Auteurs Mr. dr. L.C. Groen en Prof. mr. R.J.B. Schutgens
Auteursinformatie

Mr. dr. L.C. Groen
Mr. dr. L.C. (Lisanne) Groen is wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State en redacteur van RegelMaat.

Prof. mr. R.J.B. Schutgens
Prof. mr. R.J.B. (Roel) Schutgens is hoogleraar Algemene rechtswetenschap aan de Radboud Universiteit Nijmegen en redacteur van RegelMaat.
Toont 1 - 20 van 289 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 14 15
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.