Zoekresultaat: 223 artikelen

x
Artikel

Access_open Onvrijwillige aansprakelijkheid van een moedervennootschap: een overzicht van de risico’s en suggesties ter beperking daarvan

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2020
Trefwoorden concernaansprakelijkheid, risicobeperking, artikel 6:162 BW, moedervennootschap
Auteurs Mr. D.R.C. Smit
SamenvattingAuteursinformatie

    Doorbraak van aansprakelijkheid is een risico voor de moedervennootschap van een concern. Aan de hand van arresten van de Hoge Raad brengt deze bijdrage de aansprakelijkheidsrisico’s voor een moedervennootschap op grond van onrechtmatige daad jegens crediteuren van haar groepsvennootschap in kaart en reikt voorts suggesties aan ter beperking van die risico’s.


Mr. D.R.C. Smit
Mr. D.R.C. Smit is recent afgestudeerd aan de Universiteit Utrecht en binnenkort werkzaam bij Houthoff te Amsterdam.
Kroniek

Kroniek publiekrechtelijke handhaving Mededingingswet 2019

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2020
Auteurs Cees Dekker, Ekram Belhadj en Vanessa Jasarevic
Auteursinformatie

Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh en redacteur van dit tijdschrift.

Ekram Belhadj
Mr. E. Belhadj is advocaat bij Nysingh.

Vanessa Jasarevic
Mr. V. Jasarevic is advocaat bij Nysingh.
Kroniek

Kroniek concentratiecontrole 2019

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2020
Auteurs Bart de Rijke en Vivian van Weperen
Auteursinformatie

Bart de Rijke
Mr. B. de Rijke is partner en advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam en Brussel.

Vivian van Weperen
Mr. V.Y.H. van Weperen is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Artikel

Access_open De WHOA als instrument voor (grensoverschrijdende) groepsherstructureringen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2020
Trefwoorden faillissement, groepen, herstructureren, WHOA, garanties
Auteurs Mr. S.C. Pepels
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de Wet homologatie onderhands akkoord (WHOA) introduceert de wetgever een nieuw instrument in de Faillissementswet: het dwangakkoord buiten surseance en faillissement. De auteur verkent in dit artikel de toepassingsmogelijkheden van de WHOA bij groepsherstructureringen, zowel in nationale als in internationale context.


Mr. S.C. Pepels
Mr. S.C. Pepels is associate Business Restructuring and Reorganization bij Jones Day Amsterdam en verricht als buitenpromovendus onderzoek naar het grensoverschrijdend herstructureren van groepen vennootschappen onder de herziene Insolventieverordening.
Annotatie

Het Gerecht in Slovak Telekom: een triomf van vorm over inhoud?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2019
Trefwoorden misbruik van een economische machtspositie, toegangsverplichting, essential facility, uitsluiting
Auteurs Jotte Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze annotatie reflecteert op overwegingen van het Gerecht in het Slovak Telekom-arrest die betrekking hebben op de vraag wat de voorwaarden zijn voor het vaststellen van een constructieve leveringsweigering in de context van een gereguleerde markt. Het Gerecht kiest een opvallend (nieuwe) formele benadering. Enige reflectie op de stand van de jurisprudentie is daarmee wenselijk.


Jotte Mulder
Mr. dr. J. Mulder is werkzaam bij de ACM en tevens universitair docent aan de Universiteit van Utrecht. Deze annotatie is geschreven op persoonlijke titel. Met dank aan de redactie voor inzichtelijke opmerkingen op een eerdere versie.
Mededingingsrecht

Nationale veiligheid en buitenlandse investeringen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden nationale veiligheid, investering screening, investeringstoets, Verordening 2019/452, ongewenste zeggenschap
Auteurs Mr. J. de Kok
SamenvattingAuteursinformatie

    In reactie op de toenemende aandacht voor geopolitieke belangen in het kader van buitenlandse investeringen is recent een Europese verordening aangenomen en is een Nederlands wetsvoorstel voor de Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (WOZT) aanhangig gemaakt. De Europese Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie creëert een Europees kader op het gebied van de screening van buitenlandse investeringen op grond van veiligheid of de openbare orde. De verordening is een hybride instrument dat (1) coördinatie tussen nationale screeningsautoriteiten faciliteert, (2) in een mate van harmonisatie voorziet en (3) formele Europese bevoegdheid op het gebied van screening van buitenlandse investeringen introduceert. De lidstaten blijven in het licht van hun soevereiniteit op het gebied van nationale veiligheid echter de uiteindelijke verantwoordelijke voor de vraag of een investering al dan niet wordt geblokkeerd op grond van de nationale veiligheid of openbare orde. Op grond van de WOZT krijgt de minister de bevoegdheid het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap in een telecommunicatiepartij te verbieden op grond van een bedreiging van het publiek belang. Omdat de ‘bedreiging van het publiek belang’-norm limitatief en zeer specifiek is gedefinieerd, zal de minister enkel in uitzonderlijke gevallen het verkrijgen of houden van overwegende zeggenschap kunnen verbieden.
    Verordening (EU) 2019/452 tot vaststelling van een kader voor de screening van buitenlandse directe investeringen in de Europese Unie (PbEU 2019, L 791/1); Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie (Kamerstukken II 2018/19, 35153, 2 (Wetsvoorstel) en 3 (MvT).


Mr. J. de Kok
Mr. J. (Jochem) de Kok is advocaat bij Allen & Overy LLP.
Artikel

Civiele aansprakelijkheid voor de ‘economisch opvolger’ van een overtreder van het mededingingsrecht

Noot bij het arrest HvJ EU 14 maart 2019 in zaak C-724/17 (Skanska Industrial Solutions Oy)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2019
Trefwoorden economische continuïteit, Skanska, mededinging, aansprakelijkheid, moedervennootschap
Auteurs Mr. N.R. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt het Skanska-arrest, waarin het Hof van Justitie heeft geoordeeld dat de economisch opvolger van een rechtspersoon die het mededingingsrecht heeft overtreden voor de daardoor veroorzaakte schade aansprakelijk is. Hiermee wordt een uitzondering gemaakt op het beginsel van zelfstandige rechtspersoonlijkheid en mogelijk de deur opengezet naar concernaansprakelijkheid.


Mr. N.R. de Jong
Mr. N.R. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Skanska, de onderneming en de laedens: gamechanger of buitencategorie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden kartelschade, Skanska, ondernemingsbegrip, economische continuïteit, follow-on litigation
Auteurs Mr. S.L. Boersen en Mr. S. de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof van Justitie oordeelde in het Skanska-arrest van 14 maart 2019 dat de vraag wie aansprakelijk is voor de schade die is veroorzaakt door een kartelinbreuk wordt beantwoord aan de hand van het Unierechtelijke ondernemingsbegrip. In dit artikel wordt onderzocht wat de effecten zijn van dit oordeel.


Mr. S.L. Boersen
Mr. S.L. Boersen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. S. de Jong
Mr. S. de Jong is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Annotatie

Van een kikker kan men geen veren plukken – het mededingingsrechtelijke ondernemingsbegrip in het kader van de civielrechtelijke handhaving

HvJ EU 14 maart 2019, zaak C-724/17, Skanska Industrial Solutions, ECLI:EU:C:2019:204

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Robbert Jaspers en Tom Binder
Auteursinformatie

Robbert Jaspers
Mr. R.M.T.M. Jaspers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.

Tom Binder
Mr. T.J. Binder is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Europees en mededingingsrecht van AKD Benelux Lawyers te Brussel.
Praktijkberichten

Virtuele valuta in een regulatoir hoekje

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Wwft, vergunningplicht witwassen, virtuele valuta, anti-witwasrichtlijn
Auteurs Mr. J.M. van Poelgeest
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt besproken in welk financieelrechtelijk hoekje virtuele valuta vallen en de activiteiten met betrekking tot virtuele valuta en welke criteria daarvoor belangrijk zijn. In dit kader worden de cryptoplatformen besproken en de partijen die virtuele valuta beheren of middelen beheren ter belegging in virtuele valuta. In dit verband wordt ingegaan op de komende vergunningplicht voor bepaalde cryptoplatformen en op de Wwft-verplichtingen die in dit verband ook voor die partijen zullen gelden.


Mr. J.M. van Poelgeest
Mr. J.M. (Jonneke) van Poelgeest is advocaat bij Trivvy Advocatuur te Amsterdam.
Artikel

Access_open Waarheidsplicht en bewijslastverdeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2019
Trefwoorden burgerlijk procesrecht, waarheidsplicht, bewijslastverdeling, bewijsrecht, artikel 21 Rv
Auteurs Redouan El Gamali en Eric Tjong Tjin Tai
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de verhouding tussen de waarheidsplicht en de bewijslastverdeling aan een nader onderzoek onderworpen. Besproken zal worden de praktische uitwerking van de interactie tussen de twee leerstukken. Het wetsvoorstel vereenvoudiging en modernisering bewijsrecht wordt daarbij betrokken. Geconcludeerd zal worden dat de waarheidsplicht in zeker opzicht breder is dan de bewijslastverdeling, maar zij is niet los te denken van de vraag wie het bewijsrisico draagt. Een verbeterd sanctiestelsel zou de waarheidsplicht beter doen aansluiten bij de praktijk van het civiele proces.


Redouan El Gamali
Mr. R. El Gamali is advocaat bij Pels Rijcken te Den Haag en afgestudeerd aan Tilburg Law School.

Eric Tjong Tjin Tai
Prof. mr. ir. T.F.E. Tjong Tjin Tai is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University en onderzoeker bij het Tilburg Instituut voor Privaatrecht (TIP).
Artikel

Ernstig verwijtbaar gedrag van bestuurders als reden voor ontslag en aansprakelijkheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Bestuurders, Ernstig verwijt, artikel 7:673 lid 7 sub c BW, artikel 2:9 BW, Samenloop
Auteurs Mr. Huib Schrama en Mr. Klaas Wiersma
SamenvattingAuteursinformatie

    De wetgever heeft bij de e-grond en bij de toets van ernstige verwijtbaarheid van artikel 7:673 lid 7 sub c BW (waardoor de aanspraak op een transitievergoeding vervalt) geen concreet onderscheid gemaakt tussen een bestuurder en een ‘gewone’ werknemer. Die toets vergt een aparte beoordeling van het handelen van de bestuurder en lijkt los te staan van de toets of sprake is van ernstig verwijt dat is vereist voor interne bestuurdersaansprakelijkheid ex artikel 2:9 BW. Niettemin zijn rechters geneigd een link te leggen tussen beide maatstaven, waarbij zij veelal de norm voor (on)behoorlijk bestuur vooropstellen. Dit kan een aandachtspunt zijn bij het ontslag van een bestuurder.


Mr. Huib Schrama
Advocaat/senior associate

Mr. Klaas Wiersma
Advocaat/partner
Artikel

De Nederlandse Staat als aandeelhouder in Air France/KLM: een nieuwe deelneming, een nieuw deelnemingenbeleid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden deelnemingenbeleid, overheidsdeelnemingen, publieke belangen, minderheidsaandeelhouder, Air France-KLM S.A.
Auteurs Mr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aankoop van aandelen in Air France-KLM hoopt de Nederlandse Staat de internationale bereikbaarheid van Nederland beter te borgen. Deze bijdrage bespreekt in hoeverre deze aankoop de positie van de Staat versterkt en hoe het huidige deelnemingenbeleid aldus verruimd lijkt te worden met ruimte voor nieuwe overheidsdeelnemingen.


Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Kroniek

Kroniek civiele rechtspraak mededingingsrecht 2018

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2019
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
Auteursinformatie

Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Staatssteun

De Saneringsclausule

Is een uitzondering op een uitzondering op een fiscaal stelsel algemeen of selectief in de zin van artikel 107 VWEU?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden staatssteun, selectiviteit, insolventie, fiscaal recht, ontvankelijkheid
Auteurs Mr. D. Ninck Blok en Mr. G. van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Het op 28 juni 2018 door het Hof van Justitie gewezen arrest in zaak C-203/16 P, Dirk Andres q.q./Commissie is met name interessant vanwege de overwegingen en beslissingen van het Hof van Justitie over de ontvankelijkheid van het door de faillissementscurator ingestelde beroep en over het selectiviteitscriterium voor de toepassing van het verbod op staatssteun. De navolgende bespreking van dit arrest zal met name op deze twee punten ingaan.
    HvJ 28 juni 2018, zaak C-203/16 P, Dirk Andres q.q./Europese Commissie, ECLI:EU:C:2018:505.


Mr. D. Ninck Blok
Mr. D. (Doortje) Ninck Blok is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.

Mr. G. van der Wal
Mr. G. (Gerard) van der Wal is werkzaam als advocaat Europees en mededingingsrecht bij Windt Le Grand Leeuwenburgh te Rotterdam.
Wetenschap

Vennootschappelijke medezeggenschap onder druk

Sluit de structuurregeling nog aan op de economische werkelijkheid?

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden structuurregeling, medezeggenschap, raad van commissarissen, werknemers
Auteurs Mr. H. van Roosmalen en Mr. H. Koster
SamenvattingAuteursinformatie

    Het adagium van medezeggenschap, dat ‘zij de zeggenschap volgt’, ligt ten grondslag aan de in 1971 ingevoerde structuurregeling. Het doel dat destijds met deze regeling werd nagestreefd, betrof het verschaffen van een stem aan werknemers op het hoogste niveau binnen de onderneming. De structuurregeling moest dus voorzien in de groeiende behoefte aan vennootschappelijke medezeggenschap. In dit artikel analyseren de auteurs de Nederlandse structuurregeling voor naamloze en besloten vennootschapen. Ook is er enige aandacht voor rechtsvergelijking met het Duitse recht. De kernvraag die de auteurs beantwoorden, is in hoeverre het vennootschappelijke medezeggenschapsrecht op basis van de structuurregeling in Nederland nog het beoogde effect heeft.


Mr. H. van Roosmalen
Mr. H. (Hidde) van Roosmalen is momenteel bezig met het afronden van de master Internationale Betrekkingen aan de Universiteit Utrecht en heeft de master Onderneming en recht aan dezelfde universiteit in 2018 succesvol afgerond.

Mr. H. Koster
Mr. H. (Harold) Koster is verbonden aan de Erasmus School of Law en aan de Universiteit van Dubai.
Artikel

Van saldocompensatie naar saldoconcentratie?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2018
Trefwoorden cash pooling, saldocompensatie, saldoconcentratie, CRR, kapitaalvereisten
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal wat de (nieuwe) regels van de CRR inzake de berekening van de solvabiliteitseisen voor het kredietrisico, de leverage ratio en de liquidity coverage ratio betekenen voor het product saldocompensatie. Is dit product nog levensvatbaar of zijn de banken genoodzaakt om in plaats daarvan saldoconcentratie aan hun cliënten aan te bieden?


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden en Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam.
Annotatie

Goldman Sachs/Europese Commissie. Private equity in het vizier van mededingingsautoriteiten

Gerecht 12 juli 2018, zaak T-419/14, ECLI:EU:T:2018:445

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2018
Trefwoorden private equity, investeerder, toerekening, aansprakelijkheid, bewijsvermoeden
Auteurs Robin Struijlaart en Mark Brabers
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 juli 2018 heeft het Gerecht een beroep van Goldman Sachs tegen een boetebesluit van de Commissie verworpen. Dit arrest maakt (nogmaals) duidelijk dat private equity-investeerders een reële kans lopen om aansprakelijk te worden gesteld voor kartelgedrag van hun portfolio-ondernemingen. De toets die de Commissie en het Gerecht uitvoeren, komt er in essentie op neer dat volstaat dat de moederonderneming zeggenschap heeft in de zin van het concentratietoezicht en dat er bewijs is dat zij die zeggenschap aantoonbaar heeft uitgeoefend. Veel investeerders zullen aan die beide criteria voldoen en bevinden zich dus in de gevarenzone.


Robin Struijlaart
Mr. R.A Struijlaart is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.

Mark Brabers
Mr. drs. M.C. Brabers is werkzaam als advocaat bij de praktijkgroep Mededinging en Overheid van Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

Access_open Moet wie administratie zegt ook boekhouding in concernverband zeggen?

Over het bestaan van de groepsadministratieplicht van de holding

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2018
Trefwoorden administratieplicht, bestuurdersaansprakelijkheid, 403-verklaring, holding, faillissementsrecht
Auteurs Mr. drs. J. Verstoep
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beantwoordt de auteur de vraag of een holding op grond van artikel 2:10 BW in haar administratie inzicht dient te bieden in de vermogenspositie van haar dochtervennootschappen. De auteur betoogt dat onvoldoende overtuigende argumenten het bestaan van een zogeheten groepsadministratieplicht rechtvaardigen.


Mr. drs. J. Verstoep
Mr. drs. J. Verstoep is advocaat bij Wieringa Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Wetsvoorstel Wet verzekerdeninvloed Zvw: één aanpassing nog dringend gewenst

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2018
Trefwoorden zorgverzekeraars, inspraak, statuten, ledenraden, permanente vertegenwoordiging
Auteurs Mr. dr. A.G.H. Klaassen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt onderzocht of het Wetsvoorstel een verbetering is ten opzichte van het Voorontwerp en of er nog aanpassingen nodig zijn. De nadere invulling van een aantal gestelde eisen is een verbetering, evenals de wettelijke vastlegging van het ongevraagd adviesrecht en de aanvulling van de nieuwe regels met een geschillenregeling. De eis dat bepaalde onderwerpen in de statuten van een zorgverzekeraar dienen te worden geregeld, is daarentegen zeer ongewenst. Op dit punt is aanpassing van het Wetsvoorstel dringend gewenst.


Mr. dr. A.G.H. Klaassen
Ageeth Klaassen is universitair docent ondernemingsrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij doceert het vak Organisatie en bestuur van de zorg in de master Recht van de gezondheidszorg; zij is lid van een raad van commissarissen in de eerstelijnsgezondheidszorg.
Toont 1 - 20 van 223 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 10 11 12
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.