Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 4570 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Article

Access_open South African Mandatory Offers Regime: Assessing Minorities’ Leverage to Seek Recourse and Equal Treatment in Takeover Bids

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden company takeovers, mandatory offers, minority shareholders, equal treatment, acquisition procedure
Auteurs Paul Nkoane
SamenvattingAuteursinformatie

    A firm intention announcement must be made when the offeror is able and willing to acquire securities, and when a mandatory offer must be made. When the firm intention announcement is implemented, some sort of a contract is created. This rule has helped to determine the particular time the offeror should be liable to minorities. The question of when the offeror should bear the obligation to implement mandatory offers in aborted takeovers is thus no more problematic. Previously, the courts wrestled with this issue, but delivered what appears to be unsatisfactory decisions. This article will discuss the effect of a firm intention announcement and the responsibility that attends the making of that announcement. It intends to illustrate the extent of liability the offeror must bear in the event of a lapsed takeover, before and after the making of the firm intention announcement. The article examines the manner in which takeover rules can be enforced, and whether the current measures afford minorities proper protection. This brings to light the issue of equal treatment in takeovers and the fallacy thereof. A minor appraisal of the takeover rules in two jurisdictions in Europe (the United Kingdom and the Netherlands) is conducted to assess how equal treatment for minorities is promoted. Due to the difficulty minorities may experience in enforcing equal treatment in company takeovers, the article advocates for the alteration of the current South African takeover procedure for the promotion of minorities’ interests and for establishing rules that provide the offeror adequate information.


Paul Nkoane
Paul Nkoane is a lecturer at the College of Law of the University of South Africa in Pretoria.
Artikel

Access_open Teaching Comparative Law, Pragmatically (Not Practically)

Special Issue on Pragmatism and Legal Education, Sanne Taekema & Thomas Riesthuis (eds.)

Tijdschrift Law and Method, oktober 2020
Trefwoorden comparative legal studies, legal education, pragmatism
Auteurs Alexandra Mercescu
Auteursinformatie

Alexandra Mercescu
Alexandra Mercescu, Ph.D is lecturer at the Department of Public Law, University of Timisoara, Romania.
Artikel

De witwasgedragingen van de a-grond van artikel 420bis Sr nader beschouwd

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden witwassen, bewijs, verbergen of verhullen, kwalificatie-uitsluitingsgrond
Auteurs Mr. dr. F.C.W. (Fanny) de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staan de verschillende witwasgedragingen centraal die strafbaar zijn gesteld in artikel 420bis lid 1, aanhef en onder a, Sr (de a-grond). Onderzocht wordt wat de verschillen tussen de in de a-grond opgenomen witwasgedragingen zijn en hoe die kunnen worden verklaard. Daarnaast wordt de verhouding tussen voornoemde witwasgedragingen en de kwalificatie-uitsluitingsgrond nader onderzocht. Daarbij wordt voorgesteld de kwalificatie-uitsluitingsgrond anders in te vullen.


Mr. dr. F.C.W. (Fanny) de Graaf
Mr. dr. F.C.W. de Graaf is wetenschappelijk medewerker bij de Hoge Raad.

    Eind 2019 wees de Hoge Raad twee arresten in zaken waarin de Mr. Big-methode is ingezet om bewijsmateriaal, in de zin van een bekennende verklaring van de verdachte, te vergaren. In beide zaken is de inzet van deze methode gebaseerd op artikel 126j Sv, het stelselmatig inwinnen van informatie. Naar aanleiding van voornoemde arresten staat de auteur stil bij de verschijningsvormen van de bevoegdheid tot het stelselmatig inwinnen van informatie anno nu en de (juridische) bijzonderheden die daaraan verbonden zijn. Tevens pleit de auteur voor meer transparantie over de inzet van deze undercovermethode als een noodzakelijke voorwaarde voor een effectieve rechtmatigheids- en betrouwbaarheidstoets.


Mr. dr. S. (Sven) Brinkhoff
Mr. dr. S. Brinkhoff is als hoogleraar straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit.

    Op 21 april 2020 vernietigde de Hoge Raad het oordeel van de medische tuchtcolleges in de zaak van de verpleeghuisarts die het leven van een patiënte met dementie beëindigde zonder de levensbeëindiging eerst met de patiënte te bespreken. Volgens het Regionaal Tuchtcollege Den Haag en het Centraal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg had de arts wel met de patiënte moeten praten over het voornemen om haar leven te beëindigen. Deze rechtsopvatting van de tuchtcolleges heeft een hechte grondslag in gezondheidsrechtelijke en mensenrechtelijke rechtsnormen. Daarom had de Hoge Raad de rechtsopvatting van de tuchtcolleges hierover niet moeten vernietigen, maar bevestigen.


Mr. dr. N. (Klaas) Rozemond
Mr. dr. N. Rozemond is universitair hoofddocent strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden zwijgrecht, bewijsrecht, prima facie-case, procespositie, nemo tenetur
Auteurs Mr. J.C. (Justus) Reisinger
SamenvattingAuteursinformatie

    In het straf(proces)recht is het zwijgrecht een fundamenteel recht voor de verdachte. De redenen om gebruik te maken van het zwijgrecht kunnen zeer divers en uiteenlopend zijn: van schuldige tot en met onschuldige, alle gradaties daartussen. Omdat de rechter normaliter niet weet wat de reden is, roept de auteur van het artikel op om niet langer gebruik te maken van het betrekken van het zwijgen van een verdachte in de bewijsvoering. Welbeschouwd is dat – bewijsrechtelijk gezien – ook helemaal niet nodig. Het voorkomt in elk geval (de schijn van) een afbreuk aan de wezenlijke belangen die aan het zwijgrecht ten grondslag liggen.


Mr. J.C. (Justus) Reisinger
Mr. J.C. Reisinger is advocaat bij Van Boom Advocaten.
Artikel

De Euthanasiearresten van de Hoge Raad: lessen voor de toekomst

Een analyse van het strafrechtelijk en tuchtrechtelijk arrest in de zaak ‘Kastanje’

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden euthanasie, dementie, artikel 293 Sr, wilsbekwaamheid
Auteurs Mr. J.T.E. (Tim) Vis
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur analyseert de in de zaak ‘Kastanje’ gewezen arresten, waarin de Hoge Raad heeft bepaald dat euthanasie bij door voortgeschreden dementie wilsonbekwaam geworden patiënten, op grond van een schriftelijke wilsverklaring, onder voorwaarden is toegestaan. De auteur bespreekt waarom de thematiek in zowel de medische als juridische praktijk tot discussie leidde, beschrijft de bijzondere rechtsgang en het normenkader dat de Hoge Raad heeft vastgesteld en destilleert lessen voor de toekomst. Daarbij gaat hij in op de herijking van de positie van het strafrecht in de euthanasiepraktijk, de rol van het openbaar ministerie daarbij en ontwikkeling van de ‘medisch-professionele norm’.


Mr. J.T.E. (Tim) Vis
J.T.E. Vis is advocaat bij Vis & Van Reydt advocaten in Amsterdam.
Artikel

Over de omvang van het hoger beroep

De uitleg van de tenlastelegging en de beperking van het hoger beroep nader beschouwd

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden artikel 407 Sv, artikel 423 Sv, partieel appel, uitleg, tenlastelegging
Auteurs Mr. M. (Menco) Rasterhoff en Mr. D. (Dino) Bektesevic
SamenvattingAuteursinformatie

    In hoger beroep bestaat regelmatig onduidelijkheid over de uitleg van de tenlastelegging en de vraag of sprake is van cumulatieve feiten. In deze bijdrage verkennen de auteurs het wettelijk systeem en de mogelijke belangen bij beperking van het hoger beroep. Vervolgens analyseren zij de rechtspraak van de gerechtshoven en doen zij enkele aanbevelingen.


Mr. M. (Menco) Rasterhoff
M. Rasterhoff is advocaat bij De Roos & Pen advocaten te Amsterdam.

Mr. D. (Dino) Bektesevic
Mr. D. Bektesevic is advocaat bij Ficq & Partners te Amsterdam.
Artikel

Noodweerexces: in het Belgisch strafrecht aanwezig in alles behalve naam?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Noodweerexces, Noodweer, Belgisch strafrecht, Uitlokking, Dwang
Auteurs Dr. J. (Jeroen) De Herdt
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Belgische strafrecht kent de figuur van noodweerexces niet. Deze problematiek wordt via andere instrumenten geregeld, in het bijzonder de onweerstaanbare dwang, de uitlokking en de verzachtende omstandigheden. Op die manier wordt een tweesporenbeleid gevolgd, waarbij de strafrechtelijke reactie afhankelijk is van de emotionele impact van de noodweersituatie op de betrokkene. In het kader van de mogelijke invoering van een nieuw Strafwetboek in België wordt wel voorzien in een bepaling inzake noodweerexces. Het gevoerde tweesporenbeleid blijft daarbij evenwel behouden.


Dr. J. (Jeroen) De Herdt
Jeroen De Herdt is rechter in de rechtbank van eerste aanleg Antwerpen en postdoctoraal navorser in de onderzoeksgroep Rechtshandhaving van de Universiteit Antwerpen
Artikel

Access_open Eichmann, moreel oordelen en strafuitsluitingsgronden

De gedeelde verantwoordelijkheid voor verantwoordelijkheid

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden strafrechtelijke verantwoordelijkheid, reflexieve zelfcontrole, morele en juridische normen, strafuitsluitingsgronden
Auteurs Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Tegenwoordig bestaat meer aandacht voor burgers die om uiteenlopende redenen niet goed in staat zijn om zich aan juridische normen te houden, in het bijzonder ook aan strafrechtelijke normen. Het gaat om mensen wier cognitieve vermogens tekortschieten en/of die een onderontwikkeld vermogen van zelfcontrole hebben. Deze ontwikkeling kan worden beschouwd als een zekere mate van erkenning dat de maatschappij – en de overheid in het bijzonder – medeverantwoordelijk is voor het scheppen van de bestaansvoorwaarden waaronder mensen zich kunnen ontplooien tot verantwoordelijke burgers. In dit artikel betoog ik dat deze gedeelde verantwoordelijkheid niet alleen geldt voor de ontwikkeling van de mentale capaciteiten die nodig zijn om de normen van het recht te kunnen volgen, maar ook voor het bieden van toegang aan burgers tot de materiële normen zelf.


Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
Johannes Bijlsma is universitair docent strafrecht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL), Universiteit Utrecht.
Artikel

Drie modellen voor eigen schuld bij strafuitsluitingsgronden

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Culpa in causa, Actio libera in causa, Eigen schuld, Strafuitsluitingsgronden, Vollrausch
Auteurs Mr. R.H. (Robert) Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Nederlandse rechtspraktijk kan de rechter een beroep op een strafuitsluitingsgrond verwerpen als blijkt dat de verdachte een zekere mate van eigen schuld heeft, ondanks dat de (overige) voorwaarden zijn vervuld. In de literatuur worden bezwaren aangevoerd tegen deze pragmatische benadering en zijn alternatieve aansprakelijkheidsmodellen tot stand gekomen: eigen schuld als zelfstandig strafbaar feit en de actio libera in causa. In deze bijdrage worden beide modellen beschreven en vergeleken met de Nederlandse benadering.


Mr. R.H. (Robert) Jansen
Robert Jansen is docent/onderzoeker strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht promotieonderzoek naar culpa in causa in het stelsel van strafuitsluitingsgronden.
Artikel

Het bewijs van excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Bewijsrecht, Excepties, Formeel recht
Auteurs Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt betoogd dat de stelling dat het bewijs van excepties een lagere bewijsdrempel niet juist is. De strafrechter geeft een oordeel over het bewijs van het tenlastegelegde én over de strafbaarheid van feit en dader. Voor elk van die oordelen geldt de eis dat de feiten buiten redelijke twijfel moeten vaststaan. Er is in die zin geen onderscheid tussen de eerste vraag zoals genoemd in artikel 350 Sv en de tweede en derde vraag die in die bepaling genoemd worden. Wel wijkt de wijze waarop de rechter tot zijn oordeel over de strafbaarheid komt af van de wijze waarop hij meestal tot het bewijsoordeel komt.


Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
Wilma Dreissen is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Open Universiteit.
Artikel

(On)geschreven excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Excepties, Codificatie, Strafuitsluitingsgrond, Kwalificatie-uitsluitingsgrond, Ontbreken van materiële wederrechtelijkheid
Auteurs Mr. S.R. (Sven) Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Naast de geschreven algemene en bijzondere strafuitsluitingsgronden en de ongeschreven algemene strafuitsluitingsgronden ontbreken van materiële wederrechtelijkheid en afwezigheid van alle schuld, zijn in de jurisprudentie ook verschillende ongeschreven contextgebonden excepties aanvaard, bijvoorbeeld de medische exceptie, de kunstexceptie en de sport- en spelexceptie. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag of c.q. in hoeverre er aanleiding bestaat dergelijke ongeschreven excepties in de wet te verankeren.


Mr. S.R. (Sven) Bakker
Sven Bakker is als docent en onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en verricht promotieonderzoek naar contextgebonden excepties in het Nederlandse strafrecht. Tevens is hij redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Artikel

Het pleitbaar standpunt als bijzondere strafuitsluitingsgrond?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Pleitbaar standpunt, Strafuitsluitingsgrond, Fiscaal boeterecht
Auteurs Prof. mr. G.J.M.E. (Guido) de Bont
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2017 heeft de strafkamer van de Hoge Raad het zogeheten ‘pleitbaar standpunt’ uit het fiscale boeterecht een plaats gegeven in de strafrechtelijke doctrine, door aan te geven op welke wijze een dergelijk verweer in het kader van de vragen ingevolge artikel 348/350 Sv dient te worden aangemerkt. In deze bijdrage wordt de meest recente jurisprudentie omtrent het pleitbaar standpunt binnen het leerstuk van opzet in het strafrecht toegelicht en wordt bezien in hoeverre het pleitbaar standpunt kan worden aangemerkt als een erkende strafuitsluitingsgrond dan wel of er argumenten bestaan om een bijzondere strafuitsluitingsgrond aanwezig te achten.


Prof. mr. G.J.M.E. (Guido) de Bont
Guido de Bont is advocaat bij De Bont Advocaten en hoogleraar formeel belastingrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Bont en blauw: strafbaar en straffeloos geweldgebruik door de politie

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden politiegeweld, ambtsinstructie, wettelijk voorschrift, noodweer, feitenonderzoek
Auteurs Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
SamenvattingAuteursinformatie

    Van de politie wordt in beginsel verlangd dat zij zich vreedzaam van haar taken kwijt. Bij de uitoefening daarvan kan zij echter geconfronteerd worden met personen die deze frustreren, en genoopt worden geweld te gebruiken. Dat levert veelal een strafbaar feit op, dus rijst de vraag hoe recht gedaan moet worden aan de omstandigheid dat geweld gebruikt werd door een overheidsfunctionaris, onder moeilijke omstandigheden. De Wet geweldsaanwending opsporingsambtenaar markeert de keuze voor een nieuw perspectief op politiegeweld.


Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
Menno Dolman is rechter-plaatsvervanger in de rechtbanken Den Haag en Rotterdam.
Artikel

Grondslag en grenzen van noodweer(exces)

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden noodweer, noodweerexces, grondslag, proportionaliteit, subsidiariteit
Auteurs Mr. R. (Rob) ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Noodweer berust op een dubbele grondslag: zelfverdediging en rechtsordeverdediging. In de praktijk bestaat onduidelijkheid over de precieze verhouding tussen beide pijlers. In dit artikel wordt een aanzet gegeven die verhouding te verduidelijken, om vervolgens enkele recente moeilijke noodweerzaken te bezien in het licht van die verhouding. Tevens is getracht de grondslag van noodweerexces bloot te leggen.


Mr. R. (Rob) ter Haar
Rob ter Haar is docent strafrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

De schikkende pandhouder

De deur op een kier voor goederenrechtelijke partijafspraken?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden Neo-River, pandrecht, art. 3:246 BW, schuldeisersbevoegdheid pandhouder, volmacht
Auteurs Mr. M.C.J. Jonckers en Mr. J.M.J.M. van Eck
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van het vonnis van de rechtbank Midden-Nederland van 18 december 2019 bespreken de auteurs de vraag of de bevoegdheid tot het schikken van een verpande vordering contractueel aan de pandhouder toegekend kan worden en of die afspraak goederenrechtelijk effect heeft.


Mr. M.C.J. Jonckers
Mr. M.C.J. Jonckers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.

Mr. J.M.J.M. van Eck
Mr. J.M.J.M. van Eck is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Verpanding van andere objecten dan eigendom, beperkte rechten en vorderingsrechten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden vermogensrecht, overdracht, overdraagbaar, verpandbaar
Auteurs Mr. dr. ing. A.J. Verdaas
SamenvattingAuteursinformatie

    De praktijk heeft behoefte aan de verpanding van andere objecten dan eigendom, beperkte rechten en vorderingsrechten. Onderzocht wordt in hoeverre het vermogensrecht in deze behoefte dient te voorzien. Geconcludeerd wordt tot enkele toevoegingen aan de Aanwijzingen voor de regelgeving.


Mr. dr. ing. A.J. Verdaas
Mr. dr. ing. A.J. Verdaas is advocaat bij Ronald Verdaas advocatuur en onderzoeker bij het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open Corona en arbeidsrecht: hoe NOW verder met loon en werkplek?!

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden COVID-19, Tijdelijke Noodmaatregel Overbrugging voor Werkbehoud, overmacht, thuiswerken, Wet flexibel werken
Auteurs Prof. mr. A.R. Houweling
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur onderzoekt de reikwijdte van art. 7:628 BW in geval van niet werken vanwege corona. De conclusie is dat de wetsgeschiedenis alle ruimte biedt voor maatwerk en als uitgangspunt steun biedt voor het ‘overmachtsverweer’ van de werkgever. De feitenrechtspraak 2020 laat een ander beeld zien. Ook staat de auteur stil bij de vraag of werknemers een recht hebben op thuiswerken en/of werkgevers werknemers kunnen dwingen thuis te werken.


Prof. mr. A.R. Houweling
Prof. mr. A.R. Houweling is hoogleraar Arbeidsrecht verbonden aan de Erasmus School of Law (ESL), Rotterdam.
Artikel

Abstracte schadeberekening bij het herstellen van leidingschade in eigen beheer

Bespreking van HR 21 februari 2020, ECLI:NL:HR:2020:315 (Liander/Meeùs)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2020
Trefwoorden schadevergoeding, zaakschade, schadebegroting, storingsherstel, zelfherstellende benadeelde
Auteurs Mr. M.T.M. Vijverberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 21 februari 2020 oordeelde de Hoge Raad dat indien storingsherstel slechts door de netbeheerder zelf kan (en mag) worden verricht, daarvan niet geabstraheerd dient te worden. Indien de netbeheerder zijn eigen tarieven vergoed wenst te krijgen, zal hij echter wel voldoende inzicht moeten geven in de opbouw daarvan.


Mr. M.T.M. Vijverberg
Mr. M.T.M. Vijverberg is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 4570 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.