Zoekresultaat: 55 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2016 x Rubriek Article x
Artikel

Enkele kanttekeningen bij het wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, bestuurdersaansprakelijkheid stichting, decharge-problematiek, one-tier board, raad van commissarissen
Auteurs Prof. mr. S.M. Bartman, Mr. C. de Groot, Mr. J. Nijland e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het wetsvoorstel voor de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen wordt beoogd de kwaliteit van bestuur en toezicht bij verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen en stichtingen te verbeteren. In dit artikel bespreken de auteurs kort enkele aspecten van het wetsvoorstel in het licht van de doelstelling en de bruikbaarheid in de praktijk.


Prof. mr. S.M. Bartman
Prof. mr. S.M. Bartman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Prof. mr. drs. I.S. Wuisman
Prof. mr. drs. I.S. Wuisman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Weerbaarder door reflectie

Ervaringen in PI Vught

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Gevangenispersoneel, Werkstress, Weerbaarheid, Reflectie
Auteurs Marie-José Geenen, Frank Stolzenbach, Diana Tedeschi e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses the importance of reflection for prison staff. Their work is both physical and emotionally incriminating. That increases risk on turnover, burn-out, psychosomatic diseases and negative experiences with prisoners. To render all challenges in their work it’s important to build up resiliency. One of the means to stimulate resilience is organized reflection. It is described how guided by experts, reflecting on own experiences can contribute to resilience of prison employees and strengthen their learning capacity. That is done by literature study and a description of experiences with organized reflection in PI Vught.


Marie-José Geenen
Marie-José Geenen is docent-onderzoeker aan de Hogeschool Utrecht.

Frank Stolzenbach
Frank Stolzenbach is supervisor bij de PI Vught.

Diana Tedeschi
Diana Tedeschi is supervisor bij de PI Vught.

Camiel van der Roest
Camiel van der Roest is supervisor bij de PI Vught.

Dr. Janine Jansen
Dr. Janine Jansen is lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan het Expertisecentrum Veiligheid van de Avans Hogeschool. Tevens is zij voorzitter van de redactie van PROCES.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. Emile Kolthoff is lector Veiligheid, Openbare orde en Recht aan het Expertisecentrum Veiligheid van de Avans Hogeschool.
Artikel

Culturen van letselschadeafwikkeling

Indrukken uit een vergelijkend onderzoek naar de wijze van afwikkeling van letselschades in Engeland, Noorwegen en Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden letselschade, schadeafwikkeling, personenschade, cultuurverschillen, rechtsvergelijking
Auteurs Mr. E.S. Engelhard en Prof. mr. S.D. Lindenbergh
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzoek naar de wijze waarop letselschades worden afgewikkeld in Engeland, Noorwegen en Nederland brengt relevante verschillen in afwikkelingsculturen aan het licht. De Engelse wijze van afwikkeling is sterk gericht op afwikkeling in rechte en is vergaand vercommercialiseerd. De Noorse praktijk kenmerkt zich door een op sociale zekerheid gebaseerde afwikkelingscultuur buiten rechte, die in hoge mate is gebaseerd op onderling vertrouwen. De Nederlandse praktijk van schadeafwikkeling heeft met de Engelse gemeen dat zij vorm krijgt in een commerciële setting tegen de achtergrond van het civiele aansprakelijkheidsrecht. Met de Noorse praktijk heeft zij gemeen dat het proces van afwikkeling in hoge mate is gebaseerd op overleg buiten rechte en op onderling vertrouwen.


Mr. E.S. Engelhard
Mw. mr. E.S. Engelhard is als promovenda verbonden aan de Erasmus School of Law.

Prof. mr. S.D. Lindenbergh
Prof. mr. S.D. Lindenbergh is als hoogleraar privaatrecht verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

OPEN en eerlijke omgang met klachten en incidenten in de zorg

Verslag van het eerste jaar van leernetwerk OPEN

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden openheid, medisch incident, transparantie, zorg, aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. B.S. Laarman, Prof. mr. A.J. Akkermans, Prof. dr. ir. R. Friele e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Als er iets misgaat in de behandeling van een patiënt is het van groot belang dat daar door de zorgaanbieder openheid over wordt gegeven. Hoe dat het beste kan worden georganiseerd, wordt onderzocht in OPEN. OPEN is een leernetwerk waarin door onderzoekers en ziekenhuizen wordt samengewerkt om meer inzicht te verkrijgen in werkwijzen die openheid na medische incidenten kunnen bevorderen. In deze bijdrage wordt kort toegelicht wat OPEN als leernetwerk inhoudt. Vervolgens wordt uiteengezet wat de verplichtingen van het ziekenhuis inhouden als het misgaat en worden enkele begrippen uitgelegd. Daarna komt aan bod in hoeverre aan die verplichtingen wordt tegemoetgekomen en wordt toegelicht wat er op het niveau van patiënten, zorgverleners en leidinggevenden georganiseerd moet worden voor een open en eerlijke omgang met incidenten in het ziekenhuis.


Mr. B.S. Laarman
Mr. B.S. Laarman is onderzoeker aan het Amsterdam Centre for Comprehensive Law (ACCL), verbonden aan de afdeling Privaatrecht van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. mr. A.J. Akkermans
Prof. mr. A.J. Akkermans is hoogleraar privaatrecht en geeft leiding aan het ACCL aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Prof. dr. ir. R. Friele
Prof. dr. ir. R. Friele is adjunct-directeur van het NIVEL in Utrecht.

Prof. mr. J. Legemaate
Prof. mr. J. Legemaate is hoogleraar gezondheidsrecht aan de UvA/AMC.
Artikel

Schade door een ongeschikte medische hulpzaak ex artikel 6:77 BW: een rechtsvergelijking met Frankrijk en Duitsland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden artikel 6:77 BW, medische hulpzaken, Frans aansprakelijkheidsrecht, Duits aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. V.J.P. Ramaekers
SamenvattingAuteursinformatie

    De aansprakelijkheidsregeling voor gebruikers van ongeschikte medische hulpzaken volgens artikel 6:77 BW heeft geleid tot rechtsonzekerheid en discussie. Om nieuwe inzichten te verkrijgen is het interessant om een rechtsvergelijking te maken met twee nabijgelegen landen die voor wat betreft het rechtssysteem en de juridisch-culturele ontwikkeling op Nederland lijken. In deze bijdrage is daarom onderzocht wie in Frankrijk en Duitsland door patiënten kunnen worden aangesproken, wat daar de tendensen in zijn en op welke manier het Nederlandse recht daar inspiratie aan kan ontlenen.


Mr. V.J.P. Ramaekers
Mr. V.J.P. Ramaekers is jurist bij OBV-Logistiek B.V. te Eijsden.
Artikel

De strafrechtelijke aanpak van meisjesbesnijdenis in een rechtsvergelijkende context

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden besnijdenis, genitale verminking, culturele delicten, burgerschap, recht en religie
Auteurs Mr. Sohail Wahedi en Mr. dr. Renée Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    In Europe, female circumcision has been considered a grave violation of human rights. However, many European countries fail to combat this illegal practice. This article answers the question why criminal law enforcement with regard to female circumcision seems to fail in various European states, with the exception of France. To answer this question, this article analyses various models of citizenship.


Mr. Sohail Wahedi
Mr. S. Wahedi studeerde rechten in Utrecht. Hij is als promovendus verbonden aan de afdeling Sociology, Theory and Methodology van de Erasmus School of Law en verricht onderzoek op het terrein van recht en religie.

Mr. dr. Renée Kool
Mr. dr. R.S.B. Kool is als universitair hoofddocent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL). Zij heeft in het kader van haar onderzoek naar het aansprakelijkheidsrecht ook gepubliceerd over culturele delicten, zoals meisjesbesnijdenis en huwelijksdwang.
Artikel

Street-level bureaucrats in de justitiële jeugdinrichting?

Hoe groepsleiders hun discretionaire ruimte benutten

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2016
Trefwoorden street-level bureaucracy, juvenile correctional facility, group workers, discretion
Auteurs Dr. Marie-José Geenen, Prof. dr. Emile Kolthoff, Drs. Robin Christiaan van Halderen e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Although group workers in juvenile correctional facilities (JCFs) are restricted in their actions by many rules and regulations, they still have the opportunity for tailor-made actions. Based on Lipsky’s (2010) theory of ‘street-level bureaucracy’ this article explains what this discretion means for group workers in JCFs and how they deal with it. Based on 24 interviews with group workers, this article outlines how they exercise discretion in a context where group dynamics and dealing with emotions affect their actions to an important degree. In addition, this article describes how group workers deal with dilemmas they encounter.


Dr. Marie-José Geenen
Dr. M.-J. Geenen is docent en supervisor bij het Instituut voor Social Work en onderzoeker bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader van de Hogeschool Utrecht.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. E.W. Kolthoff is hoogleraar criminologie aan de Open Universiteit en lector Veiligheid, openbare orde en recht bij Avans Hogeschool in Den Bosch.

Drs. Robin Christiaan van Halderen
Drs. R.C. van Halderen is onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool in Den Bosch.

Drs. Jeanet de Jong
Drs. J. de Jong is docent bij de Academie Sociale Studies in Breda en onderzoeker bij het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool in Den Bosch.
Artikel

Herstelrecht bij partnergeweld

Resultaten van een Europees onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Auteurs Annemieke Wolthuis en Katinka Lünnemann
SamenvattingAuteursinformatie

    Restorative Justice is not evident in cases of intimate partner violence, but it can take and does take place under certain conditions. Wolthuis and Lünnemann explain about the European research they coordinated in six European countries (Austria, Denmark, Finland, Greece, the Netherlands and the UK) on context and practicalities of the use of victim-offender mediation in such complex cases. Cases dealing with violence of mainly men against women and where power imbalances often play a role. That means that mediators, referrers and others involved should know about this complexity and the needs of participants. Austria and Finland turned out to have the most experienced working methods. Their models, good practices and challenges are presented as well as the main outcomes of the research. Interviews and focus groups in the countries gave additional insights. It resulted in a guide with minimum standards addressing the different stages of a mediation process with extra attention for safety and empowerment.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is zelfstandig onderzoeker, trainer en mediator. Zij is tevens redactielid van het Tijdschrift voor Herstelrecht.

Katinka Lünnemann
Katinka Lünnemann is als senior-onderzoeker verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut.
Artikel

Aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden en het mededingingsrecht: wat moet een mededingingsjurist weten van de mogelijkheden tot uitsluiting in het aanbestedingsrecht?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2016
Trefwoorden aanbesteding, uitsluitingsgronden, ernstige fout, valse verklaring, proportionaliteit
Auteurs Maurice Esssers en Robert Fröger
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de per 1 juli 2016 geïntroduceerde wijzigingen van de Aanbestedingswet 2012 is het kader voor aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden gewijzigd. In dit artikel staan de uitsluitingsgronden centraal die voor beoefenaars van het mededingingsrecht relevant zijn. Met name wanneer ACM boetes oplegt wegens overtreding van (sectorspecifieke) regelgeving, gaan deze uitsluitingsgronden in latere aanbestedingen een rol spelen. Aspecten van een besluit die een impact hebben op de aanbestedingsrechtelijke kansen van ondernemingen zijn onder meer: de duur van de overtreding, de aard van de overtreding, de wijze van afdoening, de rechtspersonen waaraan de overtreding wordt toegerekend, de publicatiedatum en de mate van verwijtbaarheid.


Maurice Esssers
Mr. M.J.J.M. Essers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Robert Fröger
Mr. R.A. Fröger is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Artikel

De beperkte macht van de regel

De kracht van sturen op gewenst gedrag bij verandering in de financiële en zorgsector

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2016
Trefwoorden effectiviteit van wetgeving, publieke toezichthouders, cultuur en gedrag
Auteurs Mr. dr. M.F.M. van den Berg, Mr. H.F.L. Goverde en Mr. C.W.M. Vergouwen
SamenvattingAuteursinformatie

    De macht van de regel is beperkt. Veranderingen binnen de financiële sector en de gezondheidssector vereisen vooral een gedragsverandering van de traditionele spelers binnen die sectoren. Wet- en regelgeving kunnen maar een beperkte rol spelen om de vereiste veranderingen te realiseren. Dit geldt voor meerdere (publieke) sectoren van de samenleving. Zeker als sprake is van overregulering en daarmee samenhangende regeldruk, zoals in de financiële sector het geval is.


Mr. dr. M.F.M. van den Berg
Mr. dr. M.F.M. van den Berg is zelfstandig trainer en adviseur op juridisch en compliancegebied. Daarnaast is zij als research fellow verbonden aan het Tilburg Institute for Private Law (TIP) en het Amsterdam Centre for Insurance Studies (ACIS). Tevens is zij redacteur van dit tijdschrift.

Mr. H.F.L. Goverde
Mr. H.F.L. Goverde is voormalig Group Compliance Officer van Achmea en directeur Juridische Zaken van Interpolis. Thans is hij partner van het organisatieadviesbureau ZorgopKoers. Daarnaast vervult hij bestuurs- en toezichtfuncties binnen de zorg- en verzekeringssector.

Mr. C.W.M. Vergouwen
Mr. C.W.M. Vergouwen is Manager Compliance & ORM bij Achmea.
Artikel

Markttoezicht in de gezondheidszorg na wijziging Wmg

Overheveling van een AMM-instrument van de NZa naar ACM en verruimde toepassing daarvan

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2016
Auteurs Sjaak van der Heul en Frank Cornelissen
SamenvattingAuteursinformatie

    Momenteel worden de zorgspecifieke aspecten van een voorgenomen concentratie in de zorgsector – na een melding van de betrokken partijen – getoetst door de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa). Ook is de NZa op grond van artikel 48 Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg) bevoegd om verplichtingen op te leggen aan zorgaanbieders en -verzekeraars die beschikken over aanmerkelijke marktmacht (AMM). Als het aan minister Schippers van VWS ligt, gaat daarin per 1 januari 2017 verandering komen. Zij stelt voor deze taken door een wetswijziging van de Wmg over te hevelen naar de Autoriteit Consument en Markt (ACM). Die beoogde overheveling gaat gepaard met enkele materiële wijzigingen in het zorgspecifieke mededingingstoezicht. In dit artikel analyseren de auteurs het wetsvoorstel en voorzien dat van commentaar.


Sjaak van der Heul
Mr. S. van der Heul is advocaat bij Dirkzwager advocaten & notarissen N.V.

Frank Cornelissen
Mr. drs. F.J.J. Cornelissen is advocaat bij Dirkzwager advocaten & notarissen N.V.
Artikel

Wetenschappelijk onderzoek na overlijden: goed geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Wetenschappelijk onderzoek, Overlijden, Gegevens, Lichaamsmateriaal, Artikel 7:458 BW
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem en Prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van het gebruik van gegevens en lichaamsmateriaal voor medisch-wetenschappelijk onderzoek nadat de patiënt is overleden, vertoont lacunes. Voor gegevens zijn de artikelen 7:457 eerste lid en 7:458 BW richtinggevend. Voor lichaamsmateriaal wordt een toegespitste regeling node gemist. Voor obductie en ontleding in het belang van de wetenschap zou de wet nadere voorwaarden moeten stellen.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/ docent gezondheidsrecht bij het AMC/Universiteit van Amsterdam, en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Verslag jaarvergadering Vereniging voor Gezondheidsrecht 2016

Thema: ‘Functioneren en disfunctioneren’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Functioneren en disfunctioneren, zorgprofessional, bestuurder, toezichthouder, zorginstelling
Auteurs Mr. O.A. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    De 49e jaarvergadering van de Vereniging voor Gezondheidsrecht vond april 2016 plaats. Tijdens het inhoudelijke gedeelte lichtten prof. dr. M.J.M.H. Lombarts, mr. A.C. de Die, drs. H.C. van Eyck van Heslinga MMC en mr. A. Hammerstein hun bijdrage aan het preadvies ‘Functioneren en disfunctioneren’ toe. Aan de orde kwam het (dis)functioneren van zorgprofessionals en bestuurders en het belang van de professionele toezichthouder binnen zorginstellingen. Coreferaten over het voorkómen van disfunctioneren, onder verwijzing naar de mogelijkheid tot het instellen van commissies voor advies en begeleiding (zoals door de NVvH) en vanuit organisatiekundige optiek, werden gehouden door respectievelijk prof. dr. J.H. van Bockel en dr. H.K.J.M. de Sonnaville. Tijdens de goedbezochte vergadering werd daarmee een brede blik op het onderwerp geboden.


Mr. O.A. Meijer
Ottilie Meijer is advocaat met specialisatie gezondheidszorg bij Nysingh advocaten-notarissen te Zwolle.
Artikel

Staatssteun. Wat is dat?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden voordeel, begrip, mededeling, steunmaatregel, onderneming
Auteurs Dr. mr. N. Saanen
SamenvattingAuteursinformatie

    In juli 2016 is de Mededeling van de Europese Commissie betreffende het begrip staatssteun gepubliceerd. Daarin geeft de Commissie een overzicht van vaste jurisprudentie van het Hof van Justitie en het Gerecht ten aanzien van de interpretatie van de constitutieve bestanddelen van het begrip staatssteun. De Commissie vult dit soms aan met een eigen interpretatie. Het is een informatief document dat richting kan bieden wanneer moet worden vastgesteld of een maatregel een steunmaatregel in de zin van artikel 107 lid 1 VWEU is.
    Mededeling van de Commissie betreffende het begrip ‘staatssteun’ in de zin van artikel 107, lid 1, VWEU, PbEU 2016, C 262/1.


Dr. mr. N. Saanen
Dr. mr. N. (Nienke) Saanen is als universitair docent verbonden aan de TU Delft, faculteit TBM, sectie Policy, Organisation, Law and Gaming (POLG).
Artikel

Detailhandel – een dienst die geen dienst mag heten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, ruimtelijke ordening, detailhandel, Verordening ruimte
Auteurs Mr. J.J. (Jaap) van der Gouw en Mr. M.J.W. (Matthijs) Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van wijzigingen van ruimtelijkeordeningswetgeving, de schorsing van enkele bepalingen van de Verordening ruimte 2014 van de provincie Zuid-Holland vanwege (vermeende) strijd met de Dienstenrichtlijn en prejudiciële vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak aan het Hof van Justitie wordt in dit artikel de relatie tussen de Dienstenrichtlijn en de ruimtelijke ordening besproken.


Mr. J.J. (Jaap) van der Gouw
Mr. J.J. van der Gouw is advocaat bij Van der Feltz advocaten te Den Haag.

Mr. M.J.W. (Matthijs) Timmer
Mr. M.J.W. Timmer is advocaat bij Van der Feltz advocaten te Den Haag.
Artikel

Safe havens voor onrechtmatig in Nederland verblijvende vreemdelingen

Veiligheid en het toezicht op irreguliere migratie via hulpverleningsorganisaties

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2016
Trefwoorden unauthorized migrants, civil society, safety, migration control, policing non-citizens, NGOs
Auteurs prof. dr. Richard Staring en Mieke Kox MA
SamenvattingAuteursinformatie

    Nongovernmental organizations (NGOs) within Dutch civil society provide material and immaterial assistance to unauthorized migrants in the Netherlands. Based on long-term qualitative fieldwork in the life worlds of unauthorized migrants, the authors describe how the migrants experience these NGOs as a safe haven where they feel at home and secure for the risks of apprehension and deportation. We argue that these safe havens are also beneficial for the society at large. These NGOs contribute to preventing unauthorized migrants from sleeping in public places and employing illegitimate survival strategies. In addition, the NGOs’ empowerment of these migrants is advantageous for their willingness to access healthcare and employ legal rights. Recent attempts of the Dutch government to restrict the number of these NGOs, lead amongst other things to NGOs who are increasingly focusing on the unauthorized migrants’ return. We argue that these governmental efforts of controlling unauthorized migration through NGOs, will result in unauthorized migrants loosing trust in these safe havens. Ultimately, this governmental control through NGOs will have a negative impact on feelings of security in the society at large as it fundamentally diminishes the significance of these NGOs in civil society for unauthorized migrants without offering an alternative.


prof. dr. Richard Staring
Prof. dr. Richard Staring is bijzonder hoogleraar mobiliteit, toezicht en criminaliteit aanp de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mieke Kox MA
Mieke Kox, MA, is PhD kandidaat bij de sectie criminologie van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Het gebruik van patiëntgegevens in de nieuwe klachtenprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden Klachtrecht, Wkkgz, patiëntgegevens, verdediging, art. 6 EVRM
Auteurs Mr. C.E. Philips-Santman
SamenvattingAuteursinformatie

    De heersende opvatting dat voor het gebruik van patiëntgegevens in een klachtenprocedure uitdrukkelijke toestemming van een patiënt nodig is, moet in het kader van de inwerkingtreding van de Wkkgz worden heroverwogen. Twee belangrijke wijzigingen in het klachtrecht geven daarvoor aanleiding: (1) een zorgaanbieder is voor de interne behandeling van een klacht niet langer verplicht gebruik te maken van een onafhankelijke klachtencommissie en (2) een zorgaanbieder is verplicht zich aan te sluiten bij een geschilleninstantie die (in tweede instantie) bij wege van bindend advies over een klacht oordeelt. Als een zorgaanbieder zelf een oordeel velt over de gegrondheid van een klacht moet het gebruik van patiëntgegevens in dat kader ook zonder toestemming van de patiënt mogelijk zijn. De procedure bij een geschilleninstantie valt onder de reikwijdte van artikel 6 lid 1 EVRM. De daarmee samenhangende waarborgen zouden ook van toepassing moeten zijn op de afhandeling van een klacht in ‘eerste aanleg’.


Mr. C.E. Philips-Santman
Cezanne Philips-Santman (34 jaar) is docent/onderzoeker in de sectie ethiek en recht van de gezondheidszorg in het LUMC. De auteur dankt Dick Engberts voor zijn commentaar op een eerdere versie van dit artikel.
Artikel

Samenloop tussen de Wkkgz en de Wet Bopz: een verbetering voor klachtenbehandeling?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden klachtrecht, Wet Bopz, Wkkgz, klachtencommissie, klachtenfunctionaris
Auteurs Mr. S.M. Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat betekent de vervanging van de Wkcz door de Wkkgz voor het klachtrecht van Bopz-patiënten? Om dat te onderzoeken worden de verschillende klachtbepalingen naast elkaar gelegd en wordt gekeken naar mogelijke oplossingen voor de knelpunten waar de verschillende bepalingen samenlopen. Het verruimen van de Bopz-klachtbepalingen kan hierin uitkomst bieden.


Mr. S.M. Steen
Mr. Sofie Steen (27 jaar) is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht. De auteur dankt mr. dr. V.E.T. Dörenberg voor het meelezen van eerdere versies van dit artikel.
Artikel

De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht – een eerste verkenning

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden doorleverplicht, zorginkoop, precontractuele fase, artikel 3:40 B beperkende werking redelijkheid en billijkheid
Auteurs Mr. B.A. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    De juridische houdbaarheid van de doorleverplicht is afhankelijk van de omstandigheden van het geval. Een rechtsgrond die zich in absolute zin tegen de doorleverplicht verzet, dient zich niet direct aan. In de precontractuele fase zal een doorleverplicht vermoedelijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de doorleverplicht in combinatie met een omzetplafond wordt opgelegd door een dominante zorgverzekeraar. In de nakomingsfase zal de doorleverplicht waarschijnlijk het snelst ontoelaatbaar worden geoordeeld indien de bedrijfsvoering van de zorgaanbieder in gevaar komt, de reden voor effectuering niet bij de zorgaanbieder ligt, de verzekerden voor dezelfde zorg terecht kunnen bij een andere zorgaanbieder en de prijs-kwaliteitverhouding te veel doorslaat naar prijs.


Mr. B.A. van Schelven
Bas van Schelven (30 jaar) is advocaat bij Van Doorne. De auteur dankt Willemien Bischot en Cees Jan de Boer voor hun commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Artikel

Civiele aansprakelijkheid voor het gebruik van medische applicaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden medische applicaties, software, medische hulpmiddelen, civiele aansprakelijkheid
Auteurs Mr. A.J. Zijlstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Het toenemende gebruik van smartphones en de technologische ontwikkelingen op het gebied van medische applicaties hebben voor grote veranderingen gezorgd binnen de gezondheidszorg. Ook de juridische wereld wordt geconfronteerd met dit fenomeen, aangezien de schade die voortvloeit uit het gebruik van medische applicaties zou kunnen leiden tot claims. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre medische applicaties passen binnen het wettelijk kader van een gebrekkig product en een ongeschikte hulpzaak. Daarnaast worden verschillende verhaalsmogelijkheden voor de patiënt behandeld, wanneer een dergelijke applicatie wordt ingezet bij een geneeskundige behandelingsovereenkomst.


Mr. A.J. Zijlstra
Anna Zijlstra (27 jaar) is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam. Dit artikel is geschreven naar aanleiding van de scriptie ter afronding van de master Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, met de titel: ‘Civiele aansprakelijkheden bij medische applicaties’ en te raadplegen via www.gzr-updates.nl. De auteur dankt mr. dr. R.P. Wijne voor het commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Toont 1 - 20 van 55 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.