Zoekresultaat: 178 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Factuurfraude: wie betaalt de prijs?

Bevrijdend betalen na het Devante/Hascor-arrest (HR 28 mei 2021, ECLI:NL:HR:2021:783)

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 11 2021
Trefwoorden internetcriminaliteit, digitalisering, fraude in het betalingsverkeer, artikel 6:34 BW, Kamerman/Aro Lease-arrest
Auteurs Mr. D.M.H. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Devante/Hascor-arrest heeft de Hoge Raad zich uitgelaten over de te hanteren maatstaf bij beantwoording van de vraag of bevrijdend is betaald in het geval van factuurfraude. In dit artikel wordt onder meer ingegaan op de vraag welke omstandigheden een uitzondering op de in dit arrest gegeven hoofdregel kunnen rechtvaardigen en welke concrete handvatten voor het bestuur van vennootschappen uit dit arrest kunnen worden afgeleid.


Mr. D.M.H. de Leeuw
Mr. D.M.H. de Leeuw is advocaat bij Wijn & Stael Advocaten te Utrecht.
Artikel

Wet franchise: de remedies bij het schenden van precontractuele verplichtingen. Voegt de nieuwe wet wat toe?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2021
Trefwoorden Schenden precontractuele verplichtingen, Onrechtmatige daad, Artikel 3:40 BW, Verbintenis die voortvloeit uit de precontractuele redelijkheid en billijkheid, Wet franchise
Auteurs Mr. Y. Hafez
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Wet franchise zijn verschillende precontractuele informatieverplichtingen opgenomen teneinde de rechtspositie van de franchisenemer te verbeteren. In dit artikel wordt betoogd dat de remedies bij het schenden van die verplichtingen onvoldoende uitgekristalliseerd zijn. De toelichting van de wetgever is verre van helder en de structuur van de wet is onvoldoende doorgedacht. De wet kan zodoende tot aardig wat discussie leiden.


Mr. Y. Hafez
Mr. Y. Hafez is docent bij de faculteit Rechtswetenschappen van de Open Universiteit en doet als promovendus onderzoek naar de Wet franchise (titel 7.16 BW).
Artikel

Denken in kansen. Het leerstuk verlies van een kans stevig verankerd

Bespreking van HR 26 maart 2021, ECLI:NL:HR:2021:461, NJ 2021/127 (ISG/Natwest)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2021
Trefwoorden kansschade, proportionele aansprakelijkheid, bancaire zorgplicht, condicio sine qua non-verband, schade
Auteurs Mr. J. den Hoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs zag de Hoge Raad zich in een zaak over bancaire (bijzondere) zorgplicht gesteld voor de vraag of het leerstuk van verlies van een kans ook van toepassing is ingeval het van gedrag van benadeelde zou hebben afgehangen of de kans zich zou hebben verwerkelijkt. In dit artikel wordt onderzocht of de Hoge Raad met het hier besproken arrest het leerstuk oprekte dan wel een eerder ingezette lijn bevestigde.


Mr. J. den Hoed
Mr. J. den Hoed is cassatieadvocaat bij Köster Advocaten
Artikel

Hoe zet je contractuele verplichtingen door naar subleveranciers bij een uitbesteding?

Een overzicht van de juridische (on)mogelijkheden en enkele praktische aandachtspunten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2021
Trefwoorden derdenbeding, kettingbeding, outsourcing, EBA Guidelines, onderaannemer
Auteurs Mr. W. van Angeren en Mr. E.C. Hangelbroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Uitbesteders hebben wettelijke verplichtingen waaraan zij alleen kunnen voldoen als subleveranciers daar ook aan gebonden worden, terwijl de onderhandelingsruimte van uitbesteders in dit opzicht beperkt is. Op basis van praktijkervaringen bespreekt dit artikel de (on)mogelijkheden van het ‘doorzetten’ van verplichtingen naar subleveranciers middels derden- en kettingbedingen, en aandachtspunten daarbij.


Mr. W. van Angeren
Mr. W. van Angeren is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.

Mr. E.C. Hangelbroek
Mr. E.C. Hangelbroek is advocaat bij Brinkhof Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Tussen partijautonomie en ­ongelijkheidscompensatie: hoe kantonrechters omgaan met niet-vertegenwoordigde partijen

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2021
Trefwoorden Self-representation, Party autonomy, Equality of arms, Judging, Civil procedure
Auteurs Jos Hoevenaars
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the impact of the (increasing) possibility for parties in Dutch civil cases to litigate without the guidance of a legal aid provider on Dutch civil procedure. It analyses the extent to which such self-representation influences the role of the judge in the context of Dutch subdistrict court procedures, where representation is not mandatory. Through empirical data, collected through semi-structured interviews with 26 subdistrict judges, more insight is gained into the dilemmas that the lack of representation of parties presents to judges, and the ways in which they deal with these dilemmas. The interviews show how judges seek a balance between their role as neutral arbitrator in a dispute and a more active role necessitated by parties not being represented by a legal aid provider. In doing so, they navigate between process and content. Within this dynamic, judges must constantly balance the trade-off between acting more actively to gather sufficient information for a substantive handling and assessment of the case, on the one hand, and safeguarding the limits of party autonomy and their own (perceived) neutrality, on the other. Full party autonomy is viewed by judges as unrealistic and, moreover, contrary to truth-finding.


Jos Hoevenaars
Jos Hoevenaars is postdoctoraal onderzoeker aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Dit onderzoek maakt deel uit van het ERC consolidator project ‘Building EU Civil Justice: challenges of procedural innovations – bridging access to justice’ (Grant Agreement No.726032), www.euciviljustice.eu.
Artikel

Kroniek Vermogensrecht 2021

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 8 2021
Auteurs Coen Drion, Anna Zwalve, Bastiaan Kout e.a.

Coen Drion

Anna Zwalve

Bastiaan Kout

Allard Carli

Xandra van Heesch

Lindsey Huberts
Artikel

Verrassingen voorkomen bij commercieel contracteren

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2021
Trefwoorden precontractuele fase, uitleg, exoneratiebeding, beknelde tussenschakel, beëindiging
Auteurs Mr. D.J. Beenders en Mr. J.J. Valk
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse recht stelt partijen die commercieel contracteren wel eens voor verrassingen. Dit wordt geïllustreerd aan de hand van de chronologie van het contract: precontractuele fase, uitleg, exoneratiebedingen en beëindiging. Daarbij wordt besproken hoe partijen deze verrassingen, en de risico’s die daarmee gepaard gaan, zo veel mogelijk kunnen voorkomen of mitigeren.


Mr. D.J. Beenders
Mr. D.J. Beenders is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.

Mr. J.J. Valk
Mr. J.J. Valk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Aansprakelijkheids- en verhaalsproblemen rondom een FGR

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2021
Trefwoorden beleggingsinstelling, juridisch eigenaar, beheerder, afgescheiden vermogen, beleggingsrestricties
Auteurs Prof. mr. W.A.K. Rank
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de vraag hoe men dient te contracteren met een fonds voor gemene rekening (FGR) om zeker te stellen dat het fonds aansprakelijk is voor de uit een dergelijke overeenkomst voortvloeiende verbintenissen en dat verhaal op de activa van het fonds tot de mogelijkheden behoort.


Prof. mr. W.A.K. Rank
Prof. mr. W.A.K. Rank is hoogleraar financieel recht aan de Universiteit Leiden, Of Counsel bij NautaDutilh te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Kansschade of proportionele aansprakelijkheid?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2021
Trefwoorden proportionele aansprakelijkheid, kansschade, causaliteitsonzekerheid, medische aansprakelijkheid, kansberekening
Auteurs Mr. A.J. Van
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Deloitte/H&H Beheer maakte de Hoge Raad onderscheid tussen de leerstukken van kansschade en proportionele aansprakelijkheid. Volgens een aantal auteurs is dit slechts een dogmatisch onderscheid en gaat het in de kern om dezelfde onzekerheid. In het ene geval wordt die uitgedrukt in het verlies van een kans op een beter behandelingsresultaat en in het andere in een getal dat de veroorzakingswaarschijnlijkheid aanduidt. Zo bezien, zou het niet moeten uitmaken welk leerstuk men toepast. De praktijk laat echter zien dat het in een aantal gevallen wel degelijk uitmaakt welk leerstuk wordt gebruikt. Dat biedt steun aan de opvatting dat hier sprake is van meer dan een louter dogmatisch onderscheid. In deze bijdrage wordt die gedachte verder uitgewerkt en wordt duidelijk gemaakt in welke gevallen de ene, dan wel de andere methode de voorkeur verdient.


Mr. A.J. Van
Mr. A.J. Van is advocaat bij Beer Advocaten en universitair docent aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

De verplichting tot het aanbieden van excuses

Over hoe de medische tuchtrechtspraak inspiratie kan bieden voor de civiele rechtspraak

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2021
Trefwoorden excuses, verplichting, vordering, aansprakelijkheid, tuchtrecht
Auteurs Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
SamenvattingAuteursinformatie

    Er is in de literatuur de afgelopen jaren veel aandacht geweest voor de rol van excuses in het civiele recht. Een vraag die hierbij aan bod komt, is in hoeverre en onder welke omstandigheden een juridische verplichting kan bestaan voor het aanbieden van excuses. Op basis van een jurisprudentieanalyse wordt in dit artikel inzichtelijk gemaakt hoe de medische tuchtprocedure en de civiele procedure invulling geven aan de verplichting tot het aanbieden van excuses. Hoewel de geconstateerde verschillen deels te verklaren zijn door te kijken naar de doelen van de procedures, wordt betoogd dat de civiele rechter inspiratie kan ontlenen aan de wijze waarop het medisch tuchtcollege hiermee omgaat.


Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens
Mr. dr. L.A.B.M. Wijntjens is universitair docent bij Tilburg Law School, Tilburg University. Zij promoveerde 11 september 2020 cum laude aan Tilburg University op haar proefschrift ‘Als ik nu sorry zeg, beken ik dan schuld?’ Over het aanbieden van excuses in de civiele procedure en de medische tuchtprocedure.
Artikel

Kroniek Pensioenrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 4 2021
Auteurs Bastian Bodewes, Annemiek Cramer, Jan Aart van de Hoef e.a.
Auteursinformatie

Bastian Bodewes
Bastian Bodewes is advocaat bij Van Heest Bodewes Pensioenrechtadvocatuur te Assen.

Annemiek Cramer
Annemiek Cramer is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Amsterdam.

Jan Aart van de Hoef
Jan Aart van de Hoef is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Woerden.

Pascal van Schaik
Pascal van Schaik is advocaat bij AKD N.V. te Amsterdam.

Wim Thijssen
Wim Thijssen is advocaat bij Pensioenadvocaten.nl te Amstelveen en tevens verbonden aan het VU Expertisecentrum Pensioenrecht te Amsterdam.
Artikel

Ontslag van de genormaliseerde ambtenaar: veertien maanden Wnra

Tijdschrift Tijdschrift voor Ontslagrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden genormaliseerde ambtenaar, Wnra, Ambtenarenwet 2017, publiek arbeidsrecht
Auteurs mr. Saar van Waegeningh en mr. Jolijn van Maurik
SamenvattingAuteursinformatie


mr. Saar van Waegeningh
Saar van Waegeningh is advocaat bij BINGH Advocaten in Amsterdam en gespecialiseerd in zowel het ambtenaren- als het arbeidsrecht.

mr. Jolijn van Maurik
Jolijn van Maurik is advocaat bij BINGH Advocaten in Amsterdam en gespecialiseerd in zowel het ambtenaren- als het arbeidsrecht.
Artikel

De aanvang van de lange verjaringstermijn ex art. 3:310 lid 1 BW

Van schadeveroorzakende gebeurtenis naar aansprakelijkheidscheppende gebeurtenis

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2021
Trefwoorden verjaring, aansprakelijkheidsrecht, onrechtmatigheid, schadevergoeding, causaliteit
Auteurs Mr. drs. P.A. Fruytier
SamenvattingAuteursinformatie

    De lange verjaringstermijn vangt aan met de ‘schadeveroorzakende gebeurtenis’. Dat criterium is volgens de auteur lastig hanteerbaar, omdat het als causaal begrip per definitie meerdere gebeurtenissen aanwijst. De auteur stelt voor te werken met het begrip ‘aansprakelijkheidscheppende gebeurtenis’. Dat begrip kan de lijn van de Hoge Raad eenduidig verklaren voor zowel contractuele als schuld- en risicoaansprakelijkheden.


Mr. drs. P.A. Fruytier
Mr. drs. P.A. Fruytier is cassatieadvocaat bij BarentsKrans te Den Haag en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Typische afspraken uit relationship agreements inhoudelijk getoetst

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden bestuursautonomie, governance, grootaandeelhouder, beursvennootschap, doorwerking
Auteurs Mr. B. Baaijens
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur toetst typische afspraken uit relationship agreements tussen Nederlandse beursvennootschappen en hun grootaandeelhouders aan klassieke governanceleerstukken. Vervolgens wordt onderzocht of deze afspraken vennootschapsrechtelijk kunnen doorwerken. De belangrijkste conclusie is dat grootaandeelhouders via relationship agreements vergaande invloed verkrijgen binnen beursvennootschappen, gebaseerd op afspraken die geregeld grenzen van dwingend vennootschapsrecht overschrijden.


Mr. B. Baaijens
Mr. B. Baaijens is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Aansprakelijkheid van bestuurder en accountant na dividenduitkering

Beschouwingen bij een vonnis van de rechtbank Rotterdam van 3 februari 2021, ECLI:NL:RBROT:2021:1011

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2021
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, accountantsaansprakelijkheid, dividend, uitkeringstest, vrijwaring
Auteurs Mr. J.E. Brink-van der Meer
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt een uitspraak waarin een bestuurder op grond van artikel 2:216 BW aansprakelijk wordt gesteld voor het tekort dat door een uitkering is ontstaan. De bestuurder wentelt zijn aansprakelijkheid in deze zaak succesvol af op de accountant. Welke lessen kan de accountant bij de uitoefening van zijn niet-wettelijke taak hieruit trekken?


Mr. J.E. Brink-van der Meer
Mr. J.E. Brink-van der Meer is werkzaam bij de Vrije Universiteit Amsterdam als docent ondernemingsrecht en is fellow van het Zuidas Instituut voor Financieel recht en Ondernemingsrecht (ZIFO).
Artikel

Stroperige letselschadeprocedures: effectieve remedies tegen rechterlijke termijnoverschrijding?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2021
Trefwoorden redelijke termijn, doorlooptijden, versnelling, Kudla/Polen, Severijnen c.s./Gem. De Bilt
Auteurs Mr. E.A. de Vries
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bevat de (beknopte) neerslag van een studie naar de mate van effectiviteit van de bestaande nationale remedie bij een geconstateerde rechterlijke redelijketermijnoverschrijding in de civiele (letselschade)procedure. Op grond van de bevindingen van het verrichte onderzoek is met name de praktische effectiviteit van deze remedie bediscussieerd. De bijdrage bevat derhalve een gedachte-experiment van mogelijke (theoretische) denkrichtingen ter eventuele bevordering van de effectiviteit van de repressieve remedie.


Mr. E.A. de Vries
Mr. E.A. de Vries is junior juridisch medewerker bij de rechtbank Zeeland-West-Brabant.
Artikel

Het vermogen van een beëindigde rechtspersoon

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2021
Trefwoorden ontbinding, vereffening, rechthebbende, baten, toebehoren
Auteurs Mr. B. van der Wal
SamenvattingAuteursinformatie

    Een rechtspersoon kan ophouden te bestaan ondanks de aanwezigheid van baten. Vervolgens is het onduidelijk of het vermogen van de beëindigde rechtspersoon kan blijven bestaan, of dat het met de rechtspersoon eindigt. De auteur komt in dit artikel tot de conclusie dat het vermogen van de beëindigde rechtspersoon kan blijven bestaan.


Mr. B. van der Wal
Mr. B. van der Wal is docent burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open Contracteren in de platformeconomie

De derde-aanbieder als zwakke partij

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden platformen, algemene voorwaarden, p2b-Verordening, servicenormen, rechtsbescherming
Auteurs Prof. dr. mr. V. Mak
SamenvattingAuteursinformatie

    In de platformeconomie zijn consumenten niet de enige zwakke partij. Ook aanbieders die hun producten of diensten aanbieden via een platform dat ook eigen aanbod heeft (‘derde-aanbieders’), hebben vaak een zwakke onderhandelingspositie en worden gebonden aan strenge voorwaarden en prestatienormen. In dit artikel onderzoekt de auteur welke bescherming derde-aanbieders genieten tegen strenge servicenormen van online platformen, in het bijzonder onder de Europese platform-to-business-Verordening en de algemenevoorwaardenregels uit het BW.


Prof. dr. mr. V. Mak
Prof. dr. mr. V. Mak is hoogleraar civiel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Het ontbinden van een overeenkomst en de Tenzij-jurisprudentie

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Ontbinding, Tekortkoming, Tenzij-clausule, Rechtszekerheid, Eigen Haard
Auteurs Mr. A.J. Rijsterborgh
SamenvattingAuteursinformatie

    Meijers heeft een ontbindingsregime ontwikkeld dat voornamelijk was geënt op het (eenzijdig) belang van de schuldeiser. De Hoge Raad heeft zowel voor als na de invoering van het BW het door Meijers ontworpen regime mijns inziens gerelativeerd door bij de beoordeling van de ontbindingsbevoegdheid de belangen van de schuldenaar via een open belangenafweging te laten meewegen. In de Tenzij-jurisprudentie heeft de Hoge Raad zijn eerdere – meer gefragmenteerde – rechtspraak op het gebied van ontbinding bevestigd en gepresenteerd als een meer coherent systeem. Alhoewel het misschien (rechtspolitiek) wenselijk kan zijn om de belangen van een schuldenaar zwaarder te laten meewegen, wordt hiermee wel afbreuk gedaan aan het – aanvankelijk – scherpe normenkader van artikel 6:265 lid 1 BW. De auteur betoogt dat als gevolg daarvan de ontbindingsrechtspraak minder voorspelbaar is. Zo valt in het Tenzij-arrest op dat voorzieningenrechter en hof tot verschillende uitkomsten komen. De onvoorspelbaarheid wordt volgens de auteur versterkt doordat de omstandigheden die de rechter bij een beslissing over een ontbinding kan meewegen, zowel aan de kant van de schuldeiser als aan die van de schuldenaar, tot het moment van vonnis moving targets kunnen zijn.


Mr. A.J. Rijsterborgh
Mr. A.J. Rijsterborgh is advocaat te Amsterdam en werkt als buitenpromovendus aan de Open Universiteit aan een proefschrift over partiële aantasting van overeenkomsten.
Artikel

Access_open De rechtsverhouding tussen erfpachter en erfverpachter

Bespreking van het proefschrift van mr. J. Broese van Groenou

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden erfpacht, toestemming, canon, redelijkheid en billijkheid, erfpachtvoorwaarden
Auteurs Mr. J.M. Milo
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze dissertatie analyseert het recht van erfpacht, in de individuele rechtsverhouding tussen de gerechtigden, eigenaar en erfpachter. Verbintenisrechtelijke normen – ook Europees-consumentenrechtelijke – vervullen een belangrijke functie in de beslechting van geschillen over toestemming, canon en beëindiging, en in de rechtsontwikkeling van erfpacht, zo blijkt uit een mooi en lezenswaardig onderzoek, empirisch-historisch van aard, aan twee eeuwen erfpacht, in doctrine en, met name rechtspraak.


Mr. J.M. Milo
Mr. J.M. Milo is universitair hoofddocent aan de Universiteit Utrecht
Toont 1 - 20 van 178 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.