Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 93 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Rubriek Article x
Artikel

Access_open Tenuitvoerlegging van een grosse van een notariële akte in het erfrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden executie, grosse van (uittreksel van) notariële akte, geldlegaat, vordering uit hoofde van overbedeling, vordering uit hoofde van wettelijke verdeling
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel besteedt de auteur aandacht aan een aantal gevallen waarin het in het erfrecht van belang is dat tenuitvoerlegging kan plaatsvinden van een grosse van een (uittreksel van een) notariële akte. In sommige gevallen, zoals bij de geldvorderingen uit hoofde van de wettelijke verdeling, kan de mogelijkheid die artikel 430 Rv biedt een (extra) reden zijn om de vaststelling van de geldvorderingen bij notariële akte te doen plaatsvinden. In het geval van een geldlegaat, dat in het algemeen bij openbare uiterste wil wordt gemaakt, is het van belang dat de legataris met de grosse van een uittreksel van de uiterste wil tot verhaalsexecutie kan overgaan.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Nietigverklaring van een testament bij leven van de testateur: kan dat?

Procesrechtelijke aspecten

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden nietigverklaring testament voor overlijden testateur, nietig, testament, wilsonbekwaamheid, belang
Auteurs Mr. drs. J.H. Lieber
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur onderzoekt in deze bijdrage of ook tijdens leven van een testateur procedures over de geldigheid van een testament al mogelijk zijn. In de situatie dat sprake is van financieel misbruik van een kwetsbare, wilsonbekwame persoon kan dat zeer wenselijk zijn. De uitkomst van het onderzoek is dat die mogelijkheid bestaat, mits aan de strenge eisen van artikel 3:302 en 3:303 BW is voldaan.


Mr. drs. J.H. Lieber
Mr. drs. J.H. Lieber is senior raadsheer bij het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en het gerechtshof Amsterdam.
Artikel

Levenstestament en euthanasieverzoek

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden euthanasie, levenstestament, vrijwillig, weloverwogen, verzoek
Auteurs Mr. R.J. van Oorschot
SamenvattingAuteursinformatie

    In september 2019 heeft de rechtbank zich gebogen over de vraag of de arts de plicht heeft om de stervenswens van een wilsonbekwame patiënt te verifiëren, om te voldoen aan een vrijwillig en weloverwogen verzoek. Er wordt geoordeeld dat een dergelijke plicht niet bestaat, en dat de arts zijn overtuiging ook mag halen uit andere bewijsstukken. Door deze uitspraak wordt niet alleen de bevoegdheid van de vertegenwoordiger verruimd en verzwaard, ook krijgt het levenstestament zo een positie die van doorslaggevend belang kan zijn in de euthanasieprocedure.


Mr. R.J. van Oorschot
Mw. Mr. R.J. van Oorschot heeft zich gedurende haar master in het bijzonder gericht op het familie- en erfrecht en is thans werkzaam als letselschadejurist bij Columbus Letselschade in Assen.
Artikel

Het recht van de onterfde legitimaris op informatie over de periode vóór het overlijden van de erflater uit hoofde van artikel 4:78 lid 1 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden onterfd, legitieme portie, legitimaris, informatieplicht, executeur
Auteurs Mr. F.W. Brans en Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken de auteurs de positie van de onterfde legitimaris als schuldeiser van de nalatenschap (art. 4:7 lid 1 sub g BW), aan wie door de erfgenamen c.q. executeur, ondanks aanspraak daarop ex artikel 4:78 lid 1 BW, inzage in en afschrift van alle bescheiden die hij voor de berekening van zijn legitieme portie nodig heeft, wordt onthouden, nu geen c.q. onvolledige informatie wordt verstrekt. Aan de hand van een aantal recente uitspraken wordt onderzocht welke omstandigheden voor de onterfde legitimaris bepalend kunnen zijn voor de reikwijdte van de informatieplicht, zoals die voor de erfgenamen c.q. executeur voortvloeit uit artikel 4:78 BW.


Mr. F.W. Brans
Mw. Mr. F.W. Brans is senior jurist bij AD Advocaten te Amsterdam.

Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers
Mr. Ph.A.J. Raaijmaakers is advocaat bij AD Advocaten te Amsterdam.
Griekenland

Griechisches Erbrecht, insbesondere Ehegattenerbrecht und Pflichtteilsrecht

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Testament, Pflichtteil, Familie, Ehegatte, Erbfolge
Auteurs Prof. Dr. Achilles Koutsouradis
SamenvattingAuteursinformatie

    Die Kodifizierung des griechischen Zivilrechts, um die Mitte des zwanzigsten Jahrhunderts, ist durch ihre rechtsvergleichende Perspektive charakterisiert, welche starke Einflüsse aus den europäischen Rechtsordnungen (vor allem des deutschen Rechtskreises) mit einem historisch erklärbaren römisch-byzantinischen Substrat und gewissen Einflüssen der im Lande vorherrschenden orthodoxen Kirche vereint.
    Die grundlegende Rechtsquelle auf dem Gebiet des Zivilrechts (und des Erbrechts insbesondere) ist das gr. ZGB von 1941 bzw.1947, welches vielfach seit jener Zeit durch Novellen revidiert bzw. ergänzt worden ist. An erster Stelle sei auf das Gesetz Nr.1329/1983 hinzuweisen, welches die verfassungsrechtlich gebotene Gleichberechtigung von Mann und Frau verwirklichte und in diesem Sinne die ehelichen Beziehungen und das Verwandtschaftsrecht (einschließlich der Rechtsstellung von nichtehelichen Kindern) reformierte. Einen neuen Impuls gab ferner das Gesetz Nr.3089/2002 betreffend die medizinisch assistierte Fortpflanzung bei Menschen, welches sehr großzügig das Verwandtschaftsrecht revidierte (Zulassung u.a. von Leihmutterschaften, künstliche Insemination post Mortem des Erzeugers etc.), sowie das Gesetz Nr. 4356/2015 das die registrierte (gleichwie verschiedengeschlechtliche) Partnerschaft, als neue Eheform juris minoris, anerkannte.
    Der Einfluss des deutschen Rechts ist zwar besonders augenfällig (z.B. Erbschein), aber die Beiträge des schweizerischen (Stellung von nichtehelichen Kindern, Annahme und Ausschlagung der Erbschaft), wie auch des französischen Rechts (bezüglich der Form der letztwilligen Verfügungen) sind ebenfalls leicht erkennbar.
    Unter einer dem deutschen, in erster Linie und schweizerischen Rechtssystem ähnlichen Gesamtstruktur, bietet das griechische Recht jedoch zahlreiche Besonderheiten (wie beispielsweise die sog. elterliche Teilung, oder die Zulässigkeit der auflösenden Bedingung des sog. Witwenstandes in der letztwilligen Verfügung des Erblassers zu Lasten seines überlebenden Ehegatten). Das aktuelle griechische Erbrecht ist insbesondere von der relativ schwachen Rechtstellung des überlebenden Ehegatten, den generellen Verbot von Erbverträgen, sowie von gemeinschaftlichen Testamenten, wie auch durch den weitgehenden Pflichtteilschutz und der erbrechtlichen Gleichstellung zwischen ehelichen und nicht ehelichen Kindern geprägt.
    Alles in Allem. Das griechische Erbrecht, geregelt in den Art. 1710-2035 gr. ZGB (Fünftes Buch wie im BGB), bietet einen eindrücklichen Beispiel der erfolgreichen Vermischung von inländischen Rechtstraditionen, lokalen Gewohnheiten, und ausländischen Vorbildern.


Prof. Dr. Achilles Koutsouradis
Dr.jur.utr. (Würzburg) Achilles Georg Koutsouradis ist ordentlicher Professor emeritus für Zivilrecht an der Juristischen Fakultät der Aristoteles-Universität Thessaloniki. Gleichzeitig ist er als Anwalt beim obersten Landesgericht (Areopag) zugelassen und Mitglied des Anwaltvereins Athen. Ferner: Er ist ordentliches Mitglied des Deutschen Juristentages (DJT), Mitglied der Expert group der Commission on European Family Law (CEFL), sowie des internationalen Beirates der FamRZ.
Slovenië

Die Stellung des überlebenden Ehegatten und das Pflichtteilsrecht in der slowenischen Rechtsordnung

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Slowenien, Erbfolge, überlebender Ehegatte, Testament, Pflichtteilsrecht
Auteurs Dr. Gregor Dugar
SamenvattingAuteursinformatie

    Der Beitrag befasst sich mit dem rechtlichen Status des überlebenden Ehepartners (nichtehelicher Partner, gleichgeschlechtlicher Partner) und der Pflichterbfolge in Slowenien. Bei einer gesetzlichen Erbfolge erbt der überlebende Ehegatte zusammen mit den Leibeserben des Verstorbenen in der ersten Erbfolgeordnung; wenn der Verstorbene jedoch keine Leibeserben hatte, erbt der Ehegatte zusammen mit den Eltern des Verstorbenen in der zweiten Erbfolgeordnung. Es ist nicht notwendig, dass der Anteil des Ehegatten fest ist, er kann jedoch unter bestimmten Umständen zugunsten anderer Erben erhöht oder herabgesetzt werden. Der Erblasser kann über sein Eigentum von Todes wegen auch so verfügen, indem er es seinem Ehegatten überlässt. Das Erbgesetz hat keine Sondervorschriften über die gewillkürte Erbfolge des Ehegatten, was bedeutet, dass für ihn allgemeine Vorschriften zur testamentarischen Verfügung gelten. Der Ehegatte kann jedoch nicht aufgrund eines Erbvertrags erben, da dieser nach slowenischem Erbrecht nicht zulässig ist. Wenn der Erblasser dem überlebenden Ehegatten im Testament nichts vermacht, hat der Ehegatte das Recht auf den Pflichtteil. In diesem Beitrag wird neben der Stellung des Ehegatten als Pflichterben auch die Regelung der Stellung anderer Pflichterben dargestellt.


Dr. Gregor Dugar
Doc. dr. Gregor Dugar, univ. dipl. jur., Dozent für Zivil- und Wirtschaftsrecht, Fakultät für Rechtwissenschaften, Universität Ljubljana.
Spanje

Compulsory Shares and Spousal Protection in Spanish and Catalan Succession Law

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden testamentary freedom, compulsory shares, spousal protection, intestacy rights, disinheritance
Auteurs Prof. Dr. Josep Ferrer-Riba
SamenvattingAuteursinformatie

    The rules of the Spanish and the Catalan civil codes dealing with compulsory shares and spousal protection in succession law represent very differentiated models of family protection within the large variety of legal regulations coexisting in Spain. The Spanish code, with little changes since 1889, lays down a system of large compulsory shares for the descendants (2/3 of the estate) or, failing them, the ascendants (1/2 of the estate), and confers a right of usufruct of varying extension to the surviving spouse. The Catalan code, renewed in 2008, establishes a much shorter compulsory share (1/4 of the estate) for the descendants or, failing them, the parents of the deceased person, and protects not only the spouse but also the unmarried partner by granting the survivor a maintenance-like right of up to a quarter of the estate.


Prof. Dr. Josep Ferrer-Riba
Dr. Josep Ferrer-Riba is Professor of Civil Law at Universitat Pompeu Fabra, Barcelona.
Frankrijk

Access_open Länderbericht Frankreich

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Frankreich, überlebende Ehegatte, Pflichtteil
Auteurs B. Crocq
SamenvattingAuteursinformatie

    Das Erbrecht ist im 3. Buch des französischen Zivilgesetzbuch – Code civil – geregelt (Art. 720 ff.). Seit des Inkrafttretens des Code civil im Jahre 1804 wurde das Erbrecht in seinen Grundsätzen wenig geändert. Zu erwähnen sind jedoch zwei Gesetze vom 3. Dezember 2001 und vom 23. Juni 2006. Der überlebende Ehegatte ist sowohl kraft des Güterstandes als auch kraft des Erbrechts am Vermögen des Erblassers beteiligt. Seine Stellung kann auch durch einen Ehevertrag, ein Testament oder eine vertragliche Erbeinsetzung verbessert werden. Die Möglichkeit den Ehegatten zu bevorzugen wird aber vom Pflichtteil der Abkömmlinge beschränkt.


B. Crocq
Barbara Crocq ist Juristin im Bereich internationales Privatrecht und Rechtsvergleichung, CRIDON Lyon.
Hongarije

The Legal Status of the Surviving Spouse and the Compulsory Share in the Hungarian Succession Law

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2019
Trefwoorden Hungarian Succession Law, surviving spouse, usufruct rights, disinheritance, compulsory share
Auteurs Prof. Dr. Orsolya Szeibert
SamenvattingAuteursinformatie

    Hungarian succession law is regulated by the Hungarian Civil Code (HCC), Act No V of 2013 which contains certain new rules in comparison to the former Hungarian Civil Code, Act IV of 1959. The article gives a short overview on the law of intestacy succession in Hungary and a broad introduction into two important fields of Hungarian succession law. The legal status of the surviving spouse is analysed in details while explaining the content of the widow’s usufruct rights, the surviving spouse’s succession with the decedent’s descendants and with the parents of the decedent. The spouse’s debarment is discussed such as the spouse’s usufruct right in the legal order of lineal succession and the legal position of partners outside marriage. The compulsory share’s meaning, its traditional character, the disinheritance, and the basis and extent of compulsory share are also discussed.


Prof. Dr. Orsolya Szeibert
Professor Dr. Orsolya Szeibert Full Professor of Civil Law Department of Civil Law , Faculty of Law , Eötvös Lorand University.
Artikel

Met schenken bespaar je geld (?)

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden rechtsgronden schenkbelasting en erfbelasting, vrijstellingen schenkbelasting, tarieven schenkbelasting, eigen woning, eigenwoningschenking
Auteurs Mr. dr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage besteedt de auteur aandacht aan de relatie tussen de schenk- en erfbelasting.


Mr. dr. K.M.L.L. van de Ven
Mw. Mr. dr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en tevens werkzaam bij Athena Advies en Praktijk.
Artikel

Zekerheidsrechten op een aandeel in (een goed van) de gemeenschap van nalatenschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2019
Trefwoorden zekerheidsrecht op aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap, beschikken over aandeel in gemeenschappelijk goed afzonderlijk, beschikken over aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap, uitwinning aandeel in gehele gemeenschap van nalatenschap
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    Een deelgenoot in een gemeenschap van nalatenschap kan zijn aandeel in de gehele gemeenschap niet verpanden. In deze bijdrage bespreekt de auteur de mogelijkheid en de gevolgen van het vestigen van een zekerheidsrecht op een aandeel in een gemeenschappelijk goed afzonderlijk. Hij verduidelijkt de betekenis van de wettelijke regelingen, die een redelijk hoog abstractieniveau hebben, mede aan de hand van voorbeelden.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Erfrecht in de onderwereld (deel IV): de nabestaanden

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden afgeleide onrechtmatige daad, beneficiaire aanvaarding, affectieschade, shockschade, criminele nalatenschap
Auteurs Mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van twee recente uitspraken wordt ingegaan op de afgeleide onrechtmatige daad en de affectieschade. Er kan secundaire aansprakelijkheid zijn als er sprake is van een afgeleide onrechtmatige daad. Waren de ouders van Tristan van der V. zich ervan bewust dat hun zoon derden leed zou gaan betrokkenen? Het Hof Den Haag deed er onlangs uitspraak over. De ouders en broer van Anne Faber hebben affectieschade gevorderd. In het hoger beroep van Michael P. werd daar onlangs door het Hof Arnhem-Leeuwarden een uitspraak over gedaan. De mogelijkheid om affectieschade te vorderen (in het strafrechtelijke proces) is op 1 januari 2019 ingegaan.


Mr. L.A.G.M. van der Geld
Mr. L.A.G.M. van der Geld is directeur Netwerk Notarissen, en docent bij het Centrum voor notarieel recht Radboud Universiteit Nijmegen
Artikel

Access_open Aanvaarding, verwerping en beschermingsbewind: geen automatisme na drie maanden

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2019
Trefwoorden beschermingsbewind, wettelijke vertegenwoordiging, verwerping, beneficiaire aanvaarding, zuivere aanvaarding
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft wat rechtens is wanneer aan iemand wiens vermogen onder bewind staat een erfdeel toekomt. De drie mogelijkheden (zuivere aanvaarding, beneficiaire aanvaarding en verwerping) komen aan bod.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar algemene rechtswetenschap en familievermogensrecht RUG en adviseur bij Elan Notarissen.
Artikel

Het notarisbegrip in artikel 4:109 lid 2 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden artikel 4:109 BW, waarneming, Wna, vormvoorschriften, nietigheid en vernietigbaarheid
Auteurs Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 4:109 lid 2 BW verlangt dat een notaris de uiterste wil ondertekent op straffe van nietigheid. Deze bepaling gaat uit van een materieel notarisbegrip: een uiterste wil ondertekend door een onbevoegde notaris wordt niet met nietigheid bestraft. In het verlengde hiervan is het verdedigbaar dat een uiterste wil ondertekend door een kandidaat-notaris – die onbevoegd als waarnemer optreedt vanwege een te late melding van zijn waarneming (Rb. Zeeland-West-Brabant 9 mei 2018, ECLI:NL:RBZWB:2018:3209) – niet nietig is op grond van artikel 4:109 lid 2 BW. De akte is immers verleden met notariële tussenkomst en de daarbij behorende waarborgen.


Mr. dr. N.V.C.E. Bauduin
Mw. mr. dr. N.V.C.E. Bauduin is notarieel jurist/wetenschappelijk medewerker bij FBN Juristen te Amsterdam en als Fellow verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Access_open Samenloop bewind en insolventie deelgenoot bij de verdeling van een gemeenschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden bewind, aandeel in gemeenschap, deelgenoot gemeenschap, wijze van verdeling, failliet en saniet
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat centraal aan wie bij de verdeling van een gemeenschap bevoegdheden toekomen indien over een aandeel in een gemeenschap een bewind is ingesteld en de deelgenoot een failliet of saniet is.
    Bij (de verdeling van) een gemeenschap waarvan een aandeel met testamentair bewind is belast, zal de curator in beginsel niet bevoegd zijn met bewind belaste goederen op te eisen. Dat betekent dat aan de curator, aan wie niet het recht toekomt een met bewind belast aandeel in een gemeenschap op te eisen, geen bevoegdheden toekomen bij de verdeling van de gemeenschap. Het met bewind belaste aandeel valt dan buiten de faillissementsboedel. Bij een bewind op de voet van titel 1.19 BW kan dat anders zijn.
    De auteur besteedt ook aandacht aan de wijze waarop artikel 3:183 BW in verschillende te onderscheiden gevallen dient te worden toegepast.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Fideicommissaire schulden uit giften en uiterste wilsbeschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2019
Trefwoorden fideicommis, schulden, gift, legaat, bezwaarde en verwachter
Auteurs Mr. dr. R.E. Brinkman
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de vraag of de insteller van een fideicommis de bezwaarde de mogelijkheid kan geven om zo over het fideicommissaire vermogen te beschikken, dat de bezwaarde giften of legaten (dus ‘schulden’) ten laste van het fideicommissaire vermogen kan laten komen.


Mr. dr. R.E. Brinkman
Mr. dr. R.E. Brinkman is notaris te Hardenberg, docent aan de Rijksuniversiteit Groningen en raadsheer-plaatsvervanger bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden.
Artikel

Over synthetische toerekening van schulden in geval van een wettelijke verdeling

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden wettelijke verdeling, gemeenschap, gedwongen schuldverrekening
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage verdedigt de auteur dat artikel 3:184 BW naar analogie van toepassing is in geval van een wettelijke verdeling. Dit is van praktisch belang indien een van de erfgenamen insolvent is. Alvorens te motiveren waarom zijn standpunt naar zijn mening geldend recht weergeeft, vraagt de auteur aandacht voor de wijze waarop het aandeel van een deelgenoot-schuldenaar in de gemeenschap dient te worden bepaald. Het antwoord op deze vraag is ook van belang voor de analogische toepassing van artikel 3:184 BW. De auteur geeft vervolgens aan op welke wijze artikel 3:184 BW analogisch dient te worden toegepast, waarbij hij een onderscheid maakt tussen het geval dat een kind schuldenaar is van de nalatenschap en het geval dat de langstlevende dat is.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Access_open Artikel 4:74 BW: een erfrechtelijke bedrijfsopvolgingsfaciliteit

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden legitieme portie, legaat in termijnen, betalingsregeling, bedrijfsopvolging, vereenzelviging
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de mogelijkheden die het erfrecht biedt om in het kader van een bedrijfsopvolging via het testament van de ondernemer de legitieme portie van de niet-bedrijfsopvolgers in termijnen te voldoen. Dit betreft met name artikel 4:74 BW, het legaat in termijnen aan de legitimaris ter waarborging van de continuïteit van de onderneming, en de algemene erfrechtelijke betalingsregeling van artikel 4:5 BW. De auteur gaat daarbij ook in op de vraag in hoeverre de juridische structurering van de onderneming van invloed is op de toepasselijkheid van de bedoelde erfrechtelijke faciliteiten.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is senior kandidaat-notaris bij Loyens & Loeff N.V. te Amsterdam.
Artikel

Noodtestamenten en artikel 4:61 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2019
Trefwoorden noodtestamenten, buitengewone testamentsvormen, verboden beschikkingen, ongeoorloofde beïnvloeding, artikel 4:61 BW
Auteurs Mr. H.J. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de regeling van de noodtestamenten onder het huidige en oud BW. De auteur heeft onderzocht hoeveel noodtestamenten er (de laatste jaren) zijn opgesteld. Daarnaast heeft hij een (korte) rechtsvergelijking gemaakt tussen de Nederlandse regeling omtrent noodtestamenten en die van België en Duitsland. In het verlengde daarvan is de auteur specifiek ingegaan op degene die het noodtestament verlijdt. Deze persoon wordt in artikel 4:61 BW aangeduid als de ‘andere persoon’. Ten opzichte van deze andere persoon geldt een bevoordelingsverbod. In de praktijk blijkt dit bevoordelingsverbod geen rol van betekenis te spelen.


Mr. H.J. de Jonge
Mr. H.J. de Jonge is kandidaat-notaris in De Wijk en buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

    Deze bijdrage beziet of de wetgever effectief toezicht door de rechter tijdens de vereffening mogelijk maakt, en gaat verder in op de vraag hoe de rechter uitvoering aan dit toezicht geeft en in hoeverre daarbij voor de verdelingsrechter een rol is weggelegd.


Mr. drs. J.H. Lieber
Mr. drs. J.H. Lieber is senior raadsheer bij het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en het Gerechtshof Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 93 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.