Zoekresultaat: 5 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Rubriek Article x
Artikel

Access_open Het teletestament: testeren op afstand onder de Tijdelijke wet COVID-19

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden uiterste wil, corona, vormvoorschriften testament, testament op afstand, notariële akte
Auteurs Prof. mr. drs. J.W.A. Biemans en Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Tijdelijke wet COVID-19 Justitie en Veiligheid is het sinds maart 2020 mogelijk een uiterste wil te verlijden zonder de gelijktijdige fysieke aanwezigheid van notaris en testateur. Dit ‘teletestament’ kent enkele bijzondere voorschriften. Deze bijdrage plaatst deze voorschriften in de context van de reeds bestaande testamentsvormen.


Prof. mr. drs. J.W.A. Biemans
Prof. mr. drs. J.W.A. Biemans is hoogleraar Burgerlijk recht, in het bijzonder Goederenrecht en Notarieel recht, aan de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar algemene rechtswetenschap en familievermogensrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.
Artikel

Access_open Procederen ten behoeve van de gemeenschap van nalatenschap

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2018
Trefwoorden procederen, erfrecht, gemeenschap van nalatenschap, ontbonden huwelijksgemeenschap, beheersregeling
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage besteedt de schrijver aandacht aan de vraag wie bevoegd is ten behoeve van de gemeenschap van nalatenschap te procederen. Daarbij constateert hij dat het in de praktijk regelmatig voorkomt dat (de advocaat van) een erfgenaam zich niet realiseert dat het gaat om een (rechts)vordering van de gemeenschap en er ten onrechte van uitgaat dat hij namens de erfgenaam privé dient te procederen. Bij de beantwoording van de vraag dient een aantal onderscheidingen te worden gemaakt. Allereerst of het gaat om een vordering op een derde of op een erfgenaam/deelgenoot. En ook of er eventueel een met het beheer van de vordering belaste erfrechtelijke functionaris in functie is.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Hoge Raad preciseert ‘opzettelijke verzwijging’ van artikel 3:194 lid 2 BW

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2017
Trefwoorden inkeer, herstel, opzet, bewijslast, verzwijging
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman en Mr. B. Hoops
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 31 maart 2017 heeft de Hoge Raad zijn licht laten schijnen over enkele toepassingsvoorwaarden van artikel 3:194 lid 2 BW.
    Voor een beroep op artikel 3:194 lid 2 BW is volgens dat arrest vereist dat de deelgenoot ten minste wist dat het verzwegen goed deel uitmaakte van de gemeenschap. Voorwaardelijk opzet op het onttrekken van het goed aan de gemeenschap is niet voldoende. De Hoge Raad laat na de opzettelijke verzwijging geen inkeer toe. Dit betekent dat de deelgenoot de sanctie van artikel 3:194 lid 2 BW niet kan voorkomen door vóór een ontdekking van de verzwijging de verzwijging te openbaren. De deelgenoot kan de sanctie evenmin voorkomen door het goed na de ontdekking van de verzwijging weer terug te brengen in de gemeenschap.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar Algemene Rechtswetenschap en Familievermogensrecht RUG en adviseur bij Elan Notarissen.

Mr. B. Hoops
Mr. B. Hoops is promovendus en docent en verbonden aan de vakgroep privaatrecht en notarieel recht van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Het willekeurige karakter van de verboden beschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2017
Trefwoorden verboden beschikking, willekeurig karakter, curatoren
Auteurs Mr. H.J. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur in op het willekeurige karakter van de verboden beschikkingen in het erfrecht. Men kan zich afvragen waarom een curator niet uitgesloten is van het genieten van voordeel uit een uiterste wilsbeschikking van zijn curandus. Men zou zich op het standpunt kunnen stellen dat artikel 4:57 lid 1 BW van overeenkomstige toepassing is op testamentaire bevoordelingen van een onder curatele gestelde ten behoeve van zijn curator. De heersende opvatting in de literatuur is echter dat er geen sprake is van een overeenkomstige onbevoegdheid. De auteur meent dat er voldoende argumenten zijn om de vraag naar een wettelijke regeling (opnieuw) aan de orde te stellen.


Mr. H.J. de Jonge
Mr. H.J. de Jonge is kandidaat-notaris te Helmond.
Artikel

De bijzondere conflictregel van art. 24 Europese Erfrechtverordening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden toelaatbaarheid en geldigheid uiterste wilsbeschikking, aparte verwijzingsregel, rechtskeuze
Auteurs Prof. Mr. A.H.N. Stollenwerck
SamenvattingAuteursinformatie

    Voor de toelaatbaarheid en materiële geldigheid van uiterste wilsbeschikkingen geeft art. 24 ErfVo een aparte van de algemene verwijzingsregel van art. 21 ErfVo afwijkende verwijzingsregel. Die bijzondere collisieregel geldt op grond van art. 25 ErfVo ook voor de in het Nederlandse erfrecht niet voorkomende erfovereenkomst. Art. 26 van de verordening leert wat onder de materiële geldigheid van een uiterste wilsbeschikking moet worden verstaan.


Prof. Mr. A.H.N. Stollenwerck
Prof. mr. A.H.N. Stollenwerck is raadsheer in het Gerechtshof Den Haag en hoogleraar Estate Planning aan de VU Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.