Zoekresultaat: 17 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Caribisch Juristenblad x Rubriek Article x
Artikel

Ontwikkelingen rondom toelating en uitzetting

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Rijksvisumwet, Landsverordening toelating en uitzetting, van rechtswege toegelaten, niet van toepassingsverklaring, uitlandigheidsvereiste
Auteurs Mr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    Toelating en uitzetting wordt in het Caribische deel van het Koninkrijk geregeld door de Rijksvisumwet en de Landsverordening toelating en uitzetting (Ltu) van de diverse landen. Nader wordt ingegaan op deze juridische tweedeling. Tevens komen twee recente uitspraken aan bod. De eerste handelt over de toekenning van een ‘van rechtswege toegelaten verklaring’ aan Nederlanders die langer dan tien jaar woonachtig zijn in een van de Caribische landen. De Lar-rechter is van mening dat dit een ‘niet van toepassingsverklaring’ behoort te zijn. Ook is de Lar-rechter in de tweede uitspraak van mening dat de strikte toepassing van het uitlandigheidsvereiste bij aanvraag van een vergunning tot toelating gedurende legitiem verblijf geen voorwaarde meer mag zijn.


Mr. J. Sybesma
Mr. J. Sybesma is redactielid van het Caribisch Juristenblad. Dit artikel is geheel op eigen titel geschreven en reflecteert op geen enkele wijze de zienswijze van de CBCS, de RvA, het GHvJ, de FdR UoC, dan wel de redactie van het Caribisch Juristenblad.
Artikel

Aandeelhoudersovereenkomsten en de vennootschappelijke overeenkomst

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2018
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, stemovereenkomst, vennootschappelijke overeenkomst, artikel 2:127 BW, statuten
Auteurs Mr. H.Th.M. Burgers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de plaats van de aandeelhoudersovereenkomsten in het recht centraal.


Mr. H.Th.M. Burgers
Mr. H.Th.M. Burgers is oud-notaris te Curaçao.

    In deze bijdrage staat het arrest HR 7 oktober 2016, ECLI:NL:HR:2016:2285, NJ 2017/124 (Resort of the World/Maple Leaf) centraal. Alvorens het arrest te bespreken, zal worden ingegaan op het leerstuk van de vereenzelviging in algemene zin, waarbij de in dat kader belangrijke arresten HR 9 juni 1995, NJ 1996/213 (Krijger/Citco) en HR 13 oktober 2000, ECLI:NL:HR:2000:AA7480, NJ 2000/698, m.nt. J.M.M. Maeijer (Rainbow) aan bod zullen komen. Geconcludeerd kan worden dat er klemmende redenen moeten zijn om aan de afzonderlijke identiteit van een rechtspersoon voorbij te gaan. Tevens wordt in het arrest bevestigd dat de formele hoedanigheid van de handelende persoon niet beslissend is voor de vraag van toerekening van kennis en dat voor terughoudendheid bij de toerekening van zogeheten interne kennis aan een rechtspersoon geen plaats is.


Mr. dr. P.S. Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Enkele opmerkingen over de invoering van de Curaçaose Landsverordening inzake concurrentie en de instelling van een Curaçaose mededingingsautoriteit

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2017
Trefwoorden mededingingsrecht, mededingingsautoriteit, Landsverordening Concurrentie, Fair Trade Authority Curaçao, handhaving
Auteurs Mr. dr. P.S. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat het Curaçaose mededingingsrecht centraal. Er zal worden stilgestaan bij (i) de achtergronden voor invoering van de Landsverordening Concurrentie op Curaçao en de vraag in hoeverre kleinere jurisdicties als die van Curaçao (überhaupt) regels nodig hebben die de economische mededinging reguleren en aan banden leggen, (ii) de belangrijkste verschillen en overeenkomsten tussen de Landsverordening Concurrentie en de Nederlandse Mededingingswet en (iii) de vraag hoe de publiek- en privaatrechtelijke handhaving van de nieuwe landsverordening eruit zal (kunnen gaan) zien.


Mr. dr. P.S. Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam bij Spigt Dutch Caribbean en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam. De auteur dankt mr. S. Tuinenga en prof. mr. L.J.J. Rogier voor hun advies en commentaar op een eerdere versie van dit artikel. Dit artikel is, in iets gewijzigde vorm, eerder verschenen in het tijdschrift Markt & Mededinging (M&M 2017, afl. 4).
Artikel

Bescherming van de consument-koper door de wettelijke garantie van artikel 7:17 BW

Zin en onzin van een servicecontract bij koop

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2017
Trefwoorden consument, wettelijke garantie, commerciële garantie, servicecontract, koop
Auteurs Dr. mr. P. Klik
SamenvattingAuteursinformatie

    De wettelijke bepalingen van de kooptitel, Titel 7.1 BW, beschermen de consument-koper vergaand. Winkeliers in Curaçao doen hieraan afbreuk door onder meer zeer korte garantietermijnen te hanteren en zelfs onnodig en tegen betaling ‘bijkoopgaranties’ of servicecontracten aan te bieden. Nagegaan wordt wat, gelet op de bij consumentenkoop geldende dwingendrechtelijke bepalingen, de voor- en nadelen van servicecontracten zijn en in hoeverre een servicecontract meer bescherming biedt dan de bescherming die de consument-koper al geniet door de garanties die in de wet verankerd zijn.
    Besproken worden de remedies die de wet biedt (de verkoper moet overgaan tot herstel of vervanging binnen een redelijke termijn en zonder ernstige overlast van de koper), de wettelijke garantie van artikel 7:17 BW waarbij geschiktheid voor normaal gebruik het uitgangspunt is (waaronder ook een normale levensduur valt), de regel van artikel 7:6a BW dat de verkoper verplicht is te vermelden dat een ‘commerciële garantie’ geen afbreuk doet aan de ‘wettelijke garantie’, en de omkering van de bewijslast in artikel 7:18 lid 2 BW op grond waarvan de zaak vermoed wordt bij aflevering ondeugdelijk geweest te zijn wanneer de non-conformiteit zich binnen zes maanden heeft geopenbaard.
    In deze bijdrage wordt voor Curaçao voorgesteld om in een overleg tussen bijvoorbeeld consumentenorganisatie FpK en vertegenwoordiging van branches tot gedragscodes te komen waarin – rekening houdend met specifieke lokale omstandigheden – een concrete nadere invulling wordt gegeven aan de wettelijke rechten van de consument-koper. Een geschillencommissie zou een logisch sluitstuk daarvan zijn.


Dr. mr. P. Klik
Dr. mr. P. Klik was tot voor kort lector aan de University of Curaçao Dr. Moises da Costa Gomez en is thans werkzaam bij Burgers Advocaten te Curaçao en als consultant.
Artikel

Enige beschouwingen over trustakten naar Curaçaos recht en de uitleg daarvan

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2016
Trefwoorden trusts, objectieve uitleg, derden, goederenrecht, verbintenissenrecht, Haviltex
Auteurs Mr. dr. P.S. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij het fenomeen van de Curaçaose trust en bij de uitleg van akten, waarmee dergelijke trusts in het leven plegen te worden geroepen. De auteur betoogt dat in de regel een gedifferentieerde uitlegmethode voor dit soort akten aangewezen is, waarbij onderscheid wordt gemaakt tussen bedingen in de trustakte met goederenrechtelijke implicaties jegens derden en bedingen van zuiver verbintenisrechtelijke aard.


Mr. dr. P.S. Bakker
Mr. dr. P.S. Bakker is werkzaam aan de rechtenfaculteit van de University of Curaçao (s.bakker@uoc.cw) en tevens verbonden aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.

    De vuistregel ‘distributie is attributie’ heeft inmiddels beperkingen, die met name zichtbaar worden als toepassing ervan leidt tot het moeten baseren van rechtsmacht van de burgerlijke rechter op artikel 103b Rv. Dat artikel kan niet dienen als grondslag voor rechtsmacht. Andere rechtsgeldige grondslagen voor rechtsmacht, die met toepassing van de regel ‘distributie is attributie’ over het hoofd worden gezien, zijn te vinden in het internationale recht. Wanneer men de internationale of interregionale bevoegdheidsvraag beantwoordt vóór toe te komen aan de relatieve bevoegdheidsvraag (top down in plaats van bottom up), vermijdt men vast te lopen in de beperkingen van de vuistregel.


Mr. R.F. van den Heuvel
Mr. R.F. van den Heuvel is advocaat te Curaçao.
Artikel

De effectiviteit van de dwangsom als instrument ter bevordering van de nakoming van bestuursrechtelijke uitspraken

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2016
Trefwoorden bestuursrecht, naleving, uitspraken, dwangsom, beslagverbod
Auteurs Mr. K.R. Concincion
SamenvattingAuteursinformatie

    Juridische geschillen kunnen in een democratische rechtstaat voorgelegd worden aan een onafhankelijke en onpartijdige rechter die dan een voor partijen bindende uitspraak doet. Binnen de door de wetgever gestelde grenzen, kan deze rechter bepalen dat de procespartij die een uitspraak niet uitvoert een dwangsom zal verbeuren. De verminderde effectiviteit van een zodanige dwangsom in het bestuursrecht wordt in dit artikel nader toegelicht aan de hand van onder andere de regels van het bestuurs(proces)recht en de jurisprudentie.


Mr. K.R. Concincion
Mr. K.R. Concincion is de Ombudsman van Curaçao. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Constitutionele toetsing in het Koninkrijk in context

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Constitutionele toetsing, Caribische landen, Commonwealth Caribbean, Eastern Caribbean, Caricom
Auteurs Mr. dr. F. Goudappel en Mr. dr. J. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    Waarom hebben de Caribische landen binnen het Koninkrijk op 10-10-’10, terwijl constitutionele toetsing in het Koninkrijk geen usance was, gekozen voor het in hun Staatsregeling opnemen van een rechterlijke bevoegdheid van constitutionele toetsing? De auteurs zoeken een antwoord op deze vraag door in de eerste plaats de gekozen systemen van constitutionele toetsing in de Caribische landen te bespreken. Aansluitend plaatsen zij deze systemen in het perspectief van toetsing in andere Caribische overzeese gebieden en in regionale internationale samenwerkingsverbanden. Het blijkt echter zeer moeilijk, zo niet onmogelijk, om de gronden achter de verschillende systemen van constitutionele toetsing in Aruba, Curaçao en Sint Maarten te verklaren. De verschillen en de keuzes kunnen niet direct worden herleid naar enige traditie in de regio of in het Koninkrijk. De noodzaak van de keuzes gemaakt voor unieke systemen is de auteurs na deze rechtsvergelijking en bespreking van de ervaringen tot nu toe niet duidelijk.


Mr. dr. F. Goudappel
Mr. dr. F. Goudappel houdt de Jean Monnet Chair EU Trade Law in the Overseas Territories en is consultant Europees recht.

Mr. dr. J. de Wit
Mr. dr. J. de Wit is universitair hoofddocent aan Erasmus School of Law.
Artikel

Ontbinding of opzegging van de huurovereenkomst wegens wanbetaling

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Huurovereenkomst, Huur woonruimte, Beëindiging wegens huurachterstand, Drie maanden
Auteurs Mr. W.J. Noordhuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deel 12 van de Studiereeks Nederlands-Antilliaans en Arubaans Recht (SNAAR), over het Nederlands-Caribisch huurrecht, werd opgemerkt dat een huurachterstand van ten minste drie maanden, waarbij op korte termijn geen concreet zicht bestaat op volledige afbetaling van het openstaande bedrag, doorgaans voldoende is om de huur te beëindigen. Een dergelijke vooropstelling komt men in de rechtspraak wel tegen. In de praktijk kan het door de verschillende procedures die aan ontruiming voorafgaan (doorgaans) meer dan drie maanden duren voordat de verhuurder weer over de woonruimte kan beschikken. Tijdens het wetgevingsproces zijn daarover in Sint Maarten vragen gesteld. Waar komt die driemaandentermijn vandaan? En is die (nog) wel gerechtvaardigd?


Mr. W.J. Noordhuizen
Mr. W.J. Noordhuizen is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie en als zodanig werkzaam bij het Gerecht in Eerste Aanleg van Aruba. Het artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Over de rol van leemtes in de wet bij de ontwikkeling van concordante rechtspraak

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Concordantie van rechtspraak, Leemte in de wet
Auteurs Dr. G.C.C. Lewin
SamenvattingAuteursinformatie

    In welke gevallen ontwikkelt de burgerlijk rechter in het Caribische deel van het Koninkrijk concordante rechtspraak? Schr. onderzoekt deze vraag aan de hand van rechtspraak over de begrippen ‘leemte in de wet’ en ‘concordantie van rechtspraak’. De conclusie is dat leemtes in de wet er in soorten en maten zijn en dat de aard van de leemte in de wet in sommige gevallen direct of indirect gezichtspunten kan opleveren die van belang zijn bij de beoordeling van deze vraag.


Dr. G.C.C. Lewin
Dr. G.C.C. Lewin is lid van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie van Aruba, Curaçao, Sint Maarten en van Bonaire, Sint Eustatius en Saba.
Artikel

Autonomie: geen recht zonder verantwoordelijkheid

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Koninkrijksrecht, staatsstructuur, Statuut voor het Koninkrijk der Nederlanden, Koninkrijksaangelegenheden, autonomie
Auteurs Mr. R.R. Santos do Nascimento
SamenvattingAuteursinformatie

    In de 21ste eeuw blijkt meer dan ooit dat verzorging van het algemeen welzijn een verantwoordelijkheid is die staten niet onafhankelijk kunnen dragen. Dit brengt de noodzaak van steeds meer onderlinge afstemming en samenwerking met zich. Tegen deze achtergrond onderzoekt de auteur hoe de autonomie van de Caribische Landen binnen het Koninkrijk moet worden opgevat, waarbij hij tot de conclusie komt dat de belangen van burger en Koninkrijk met zich brengen dat autonomie begrepen moet worden als meer dan enkel een recht dat Nederland dient te eerbiedigen: autonomie is ook en vooral een plicht met de daaraan noodzakelijk gekoppelde verantwoordelijkheden.


Mr. R.R. Santos do Nascimento
Mr. R.R. Santos do Nascimento is momenteel werkzaam als wetenschappelijk assistent Staatsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en werkt aan een dissertatie over de positie van Aruba binnen het Koninkrijk.
Artikel

Het Arubaanse voorstel met betrekking tot de koop van een onroerende zaak: weg met de bedenktijd, schakel de notaris in!

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2015
Trefwoorden koop onroerende zaak, woning, notaris, Landsverordening aanvulling Burgerlijk Wetboek van Aruba, artikel 7:2 BWA
Auteurs Mr. C. Bollen
SamenvattingAuteursinformatie

    In Aruba ligt het ontwerp van de Landsverordening aanvulling Burgerlijk Wetboek van Aruba bij de Staten. In dit ontwerp is artikel 7:2 opgenomen, dat voor de koop van een woning door een particulier een schriftelijke overeenkomst voorschrijft, met daaraan gekoppeld een bedenktijd van drie dagen. Doel hiervan is bescherming van de koper. Dit is in lijn met de wetgeving hierover in Nederland en Curaçao. De schrijver betoogt dat op deze manier deze bescherming niet wordt gerealiseerd. Volgens hem moet de bedenktijd worden geschrapt en, mede gelet op de praktijk in Aruba, de notaris verplicht worden ingeschakeld bij het sluiten van de koopovereenkomst. Zo kan de beoogde bescherming wel worden geboden.


Mr. C. Bollen
Mr. C. Bollen is wetenschappelijk hoofdmedewerker Privaatrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba en tevens decaan van deze faculteit.
Artikel

De nieuwe erfrechtelijke penshonado-regeling?

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2014
Trefwoorden erfrecht, penshonado, legitieme portie, interregionaal, conflictregels
Auteurs Anita C.E. Sewberath Misser LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Een artikel dat is afgeleid van de afstudeerscriptie van de auteur met als titel De invloed van de afschaffing van de legitieme portie op het interregionaal erfrecht binnen het Koninkrijk der Nederlanden.


Anita C.E. Sewberath Misser LLM
A.C.E. Sweberath Misser LLM is lid van de Raad van Toezicht van het St. Elisabeth Hospitaal te Curaçao. Zij heeft in mei 2013 haar LLM-titel behaald aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van de Nederlandse Antillen. Dit artikel is afgeleid van haar afstudeerscriptie De invloed van de afschaffing van de legitieme portie op het interregionaal erfrecht binnen het Koninkrijk der Nederlanden.
Artikel

Contractuele verrekening tijdens faillissement

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Trefwoorden faillissement, contractueel, verrekening
Auteurs Mr. Robert M. Bottse
SamenvattingAuteursinformatie

    Contractueel kan van het bepaalde in afdeling 6.1.12 BW worden afgeweken. De verrekeningsbepalingen van afdeling 6.1.12 BW zijn in faillissement onverkort van toepassing mits niet strijdig met de bijzondere verrekeningsbepalingen van artikel 49, 50 en 51 Faillissementsbesluit (Fb). Op grond van jurisprudentie van de Hoge Raad kan een nauwkeurig raamwerk van regels worden onderscheiden waar het gaat om het toepassingsbereik van artikel 49 en 50 Fb. In deze bijdrage richt de auteur zich op de vraag in hoeverre een contractueel beding waarbij wordt afgeweken van de bepalingen van afdeling 6.1.12 BW van kracht blijft tijdens faillissement.


Mr. Robert M. Bottse
Mr. R.M. Bottse is advocaat bij HBN Law Curaçao.
Artikel

De Eilandsverordening Bevordering Openbare Orde en Bescherming Gemeenschap en het technisch keuren van voertuigen voor Karnaval en Seú.

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2014
Trefwoorden openbare orde, Wegenverkeersverordening, voertuigtechnische keuringen, rechtsbescherming voertuigkeuringen, optochtvergunningen
Auteurs Mr. Wendy A.M. Hu-a-ng
SamenvattingAuteursinformatie

    Elk jaar worden op Curaçao optochten op de openbare weg georganiseerd zoals Karnaval en Seú. De wettelijke grondslag voor het verlenen van vergunningen voor deze evenementen is vervallen. Niettemin dienen voertuigen die gebruikt worden voor Karnaval en Seú uit veiligheidsoverwegingen technisch goedgekeurd te zijn. In dit artikel wordt ingegaan op deze aspecten en anderen zoals de bevoegdheid van de minister, de rechtsbescherming van de keuringplichtige en de noodzaak van een wettelijke regeling op het gebied van de openbare orde.


Mr. Wendy A.M. Hu-a-ng
Mw. mr. W.A.M. Hu-a-ng is adviseur bij het Secretariaat van de Raad van Advies van Curaçao. Dit artikel is echter geheel op eigen titel geschreven en reflecteert in geen geval de zienswijze van de Raad van Advies van Curaçao.
Artikel

Aandelen zonder stemrecht

Is in het Curaçaose recht de positie van de houder van aandelen zonder stemrecht voldoende beschermd? Een vergelijking met het Nederlandse recht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2014
Auteurs Mr. H.Th.M. Burgers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden de regelingen van stemrechtloze aandelen van de Nederlandse flex-bv vergeleken met die van de aandelen zonder of met beperkt stemrecht bij de Antilliaanse nv en bv. Aandacht wordt besteed aan de bepalingen in beide wetgevingen ter bescherming van de aandeelhouder zonder of met beperkt stemrecht. De algemene conclusie is dat de aandeelhouder zonder of met beperkt stemrecht in het Curaçaose Boek 2 BW minder beschermd is dan de houder van stemrechtloze aandelen in de Nederlandse flex-bv. De Nederlandse regeling is derhalve geen klakkeloze overneming van de 25 jaar eerder in Curaçao ingevoerde regeling van aandelen zonder of met beperkt stemrecht.


Mr. H.Th.M. Burgers
H.Th.M. Burgers is notaris te Curaçao en lid van de redactie van CJB.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.