Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 74 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving x Rubriek Article x
Artikel

Access_open Bestuurlijke aanpak van ondermijning: ervaringen in Nederland en het buitenland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Openbare orde, Ondermijning, Bestuurlijke aanpak, Handhaving, Bestuursrecht
Auteurs Prof. dr. A.C.M. Spapens
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bestuurlijke aanpak van ondermijnende criminaliteit, al dan niet als onderdeel van een integrale aanpak, is in Nederland inmiddels gemeengoed. Toch bestaan er nog volop misverstanden over, die ook aanleiding geven tot niet altijd terechte kritiek. Het handhavingsinstrumentarium waarop deze aanpak is gebaseerd vinden we in alle landen terug. De mate waarin het wordt toegepast om (zware en georganiseerde) misdaad te bestrijden verschilt echter, al naar gelang de aard, ernst en de historie van die problematiek. Een bestuurlijke aanpak is een manier om hogere drempels op te werpen voor criminele bedrijfsprocessen, maar is geen afzonderlijk alternatief voor het strafrecht.


Prof. dr. A.C.M. Spapens
Prof. dr. A.C.M. Spapens is hoogleraar criminologie aan Tilburg University.
Artikel

Afstand of nabijheid?

Publiek-private relaties rondom normovertredend gedrag van werknemers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Publiek-private samenwerking, Werknemerscriminaliteit, Particuliere opsporing, Particulier onderzoek
Auteurs Dr. C.A. Meerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Private veiligheid staat in de belangstelling. Hierbij richt de belangstelling zich dan vooral op de rol die private actoren kunnen spelen in het beheersen van (publieke) veiligheidsvraagstukken in het kader van publiek-private samenwerking. Inmiddels bestaat er een robuuste basis aan empirisch en theoretisch werk over publiek-private verhoudingen in het veiligheidsdomein. Dit werk is echter vooral gefocust op private veiligheid. In dit artikel wordt er gekeken naar private opsporing en de verhoudingen tussen deze private actoren en het strafrechtelijk systeem. Op basis van een aantal interessante kenmerken van de private onderzoeksmarkt pleit dit artikel voor een frisse benadering van publiek-private contacten.


Dr. C.A. Meerts
Dr. C.A. Meerts is universitair docent bij de sectie criminologie, afdeling strafrecht en criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

‘Ik mag doen wat ik moet doen’

Bevindingen en praktijkimplicaties uit een onderzoek naar de criminele ontwikkeling van fraudeurs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Fraudeur, Levensloop, Criminologie, Moraliteit, Sociale binding
Auteurs Dr. J. van Onna
SamenvattingAuteursinformatie

    Fraude heeft grote maatschappelijke en financiële gevolgen. Toch is over het proces waarlangs en de redenen waarom managers, bestuurders of ondernemers zich inlaten met serieuze vormen van fraude nog relatief weinig bekend. Deze kennislacune omtrent de criminele ontwikkeling van fraudeurs is onderwerp van onderzoek in een recent afgerond proefschrift. In het artikel worden de belangrijkste bevindingen uit het proefschrift en de aanbevelingen voor de handhaving besproken.


Dr. J. van Onna
Dr. J. van Onna is senior adviseur en onderzoeker bij het Functioneel Parket (Openbaar Ministerie) en research fellow aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

‘50 is het nieuwe 100’

Moeite met maatwerk bij het opleggen van boetes voor schending van de inlichtingenplicht uit de Participatiewet

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2019
Trefwoorden Bestuurlijke boete, Inlichtingenplicht, Participatiewet, Evenredigheid, Handhaving
Auteurs Mr. dr. A.G. Mein
SamenvattingAuteursinformatie

    Op overtreding van de inlichtingenplicht uit de Participatiewet staat een bestuurlijke boete. Aanvankelijk schreef de wet een relatief hoge boete voor (100% van het benadelingsbedrag). Echter, de CRvB heeft dit boetestelsel gematigd, met een beroep op de evenredigheid. Daartoe heeft het boetecategorieën geïntroduceerd (opzet, grove schuld, normale verwijtbaarheid en verminderde verwijtbaarheid) met bijbehorende boetehoogtes (100%, 76%, 50% en 25%). In de praktijk blijkt deze boetesystematiek niet goed werkbaar. De gemeentelijke boetefunctionaris kan moeilijk uit de voeten met dit begrippenkader, dat is ontleend aan het strafrecht. Gemakshalve kiest hij voor een boete die past bij normale verwijtbaarheid. Schiet de CRvB hiermee zijn doel voorbij?


Mr. dr. A.G. Mein
Mr. dr. A.G. Mein is lector aan de Hogeschool van Amsterdam, faculteit Maatschappij en Recht.
Artikel

Risico’s op witwassen via virtuele valuta in Nederland geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Witwassen, Virtuele valuta (bitcoins), NRA witwassen, Wwft, Vijfde anti-witwasrichtlijn
Auteurs Mr. L.M. de Zeeuw en Drs. R. Bastiaan RA
SamenvattingAuteursinformatie

    Door het Europees Parlement en de Raad van de Europese Unie is nieuwe wetgeving aangenomen om witwassen en terrorismefinanciering te voorkomen ten aanzien van wisselplatforms voor virtuele valuta en aanbieders van bewaarportemonnees. De afspraken maken deel uit van een grotere set aan maatregelen tegen financiële criminaliteit en belastingontduiking.
    In dit artikel wordt besproken in hoeverre het risico op witwassen via virtuele valuta in Nederland adequaat wordt beheerst en of de aangenomen maatregelen van de EU hiervoor voldoende zijn.


Mr. L.M. de Zeeuw
Mr. L.M. de Zeeuw is accountmanager witwasbestrijding bij het Anti Money Laundering Centre (AMLC), FIOD.

Drs. R. Bastiaan RA
Drs. R. Bastiaan RA is projectleider witwasbestrijding bij het Anti Money Laundering Centre (AMLC), FIOD.
Artikel

Het Huis voor Klokkenluiders in een internationaal perspectief

Een kwalitatief vergelijkend onderzoek naar instellingen voor klokkenluidersbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Klokkenluiden, Meldregeling, Advies en psychosociale ondersteuning, Onderzoek naar misstanden, Integriteitsbeleid en -management
Auteurs Dr. K.M. Loyens en Dr. W. Vandekerckhove
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt hoe het Huis voor Klokkenluiders zich verhoudt tot gelijkaardige instellingen in tien andere landen, gebaseerd op 21 interviews en de analyse van beleidsdocumenten en onderzoeksrapporten. Het onderzoek laat zien dat deze buitenlandse instellingen ook vaak door de overheid gefinancierd zijn, maar enkel gericht op klokkenluiders in de publieke sector. Onderzoek naar misstanden en benadeling van klokkenluiders wordt vaak door afzonderlijke instellingen gedaan om belangenverstrengeling te voorkomen, terwijl het Huis beide taken combineert. Verder valt op dat naast Nederland weinig landen overheidsfinanciering voorzien voor psychosociale hulp aan klokkenluiders. Advies en preventie zijn wel belangrijk in de meeste landen.


Dr. K.M. Loyens
Dr. K.M. Loyens is universitair docent bij het departement Bestuurs- en Organisatiewetenschap, Universiteit Utrecht.

Dr. W. Vandekerckhove
Dr. W. Vandekerckhove is werkzaam bij de Work and Employment Relations Unit (WERU), University of Greenwich.
Artikel

De sprekende gelijkenis besproken

Over de toepassing van het sprekende gelijkenis-criterium uit de Regeling wapens en munitie in de rechtspraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Sprekende gelijkenis, Regeling wapens en munitie, Wet wapens en munitie, Categorie I, ten zevende, Nepwapens
Auteurs Mr. M.E. Veerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Voorwerpen die een ‘sprekende gelijkenis’ vertonen met echte wapens vallen onder de categorie wapens van de WWM waarvoor de strengste restricties gelden. Maar wanneer is sprake van een sprekende gelijkenis, en wanneer niet? De sprekende gelijkenis is in literatuur en rechtspraak herhaaldelijk bekritiseerd en wordt wel bestempeld als een vaag criterium, niet in de laatste plaats omdat de interpretatie van het criterium in de praktijk sterk uiteen zou lopen. Deze bijdrage bevat een onderzoek naar de toepassing van de sprekende gelijkenis in de feitenrechtspraak en verstrekt op basis daarvan enkele aanbevelingen voor de omgang met dit criterium in de rechtspraktijk.


Mr. M.E. Veerman
Mr. M.E. Veerman heeft vorig jaar de master Straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden afgerond.
Artikel

Verkoop van schadelijke waren

De ‘toepassing’ van artikel 174 Wetboek van Strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Schadelijkheid, Opzet, Waren, 174 Sr, Gezondheid
Auteurs Mr. H.J. Gerrits
SamenvattingAuteursinformatie

    De verkoop van schadelijke waren. Wanneer kan worden gesproken van schadelijkheid als bedoeld in 174 Sr en hoe moet het bestanddeel opzet worden gezien bij dit misdrijf? Vanaf het begin van de 21e eeuw lijkt de rechtspraak in ieder geval steeds meer in lijn te komen met de oorspronkelijke bedoeling van de wetgever. Dit gebeurt door van algemene bekendheid te verklaren wat schadelijk is voor het leven en de gezondheid. De door de wetgever beoogde bescherming van niet-deskundige consumenten tegen behendige handelaren komt verder tot uitdrukking in een ruim toepassingsbereik zoals ontwikkeld in de rechtspraak.


Mr. H.J. Gerrits
Mr. H.J. Gerrits is als jurist werkzaam bij de Inlichtingen- en Opsporingsdienst van de Nederlandse Voedsel en Warenautoriteit. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Access_open De immuniteit van de feitelijk leidinggever na NJ 2018/134 (Stichtse Vecht)

Een analyse in het licht van de uit artikel 2 EVRM voortvloeiende positieve verplichtingen

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Feitelijk leidinggeven, Exclusieve bestuurstaak, Stichtse Vecht, Pikmeer, Immuniteit
Auteurs Mr. dr. M.J. Hornman
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de Pikmeerjurisprudentie deelt de feitelijk leidinggever in de immuniteit van het openbare lichaam waaraan deze is verbonden. In de literatuur wordt ten onrechte aangenomen dat die immuniteit onverenigbaar is met de Straatsburgse positieve verplichtingen-rechtspraak. Deze rechtspraak verplicht enkel tot vervolging indien de betrokken overheidsfunctionaris een wezenlijk persoonlijk verwijt wegens dood door schuld kan worden gemaakt. In alle gevallen waarin deze aansprakelijkheidsdrempel is gehaald, kan de immuniteit eenvoudig worden omzeild door de betrokkene uit hoofde van ‘eigen daderschap’ te vervolgen. Alleen voor minder ernstige gevallen blijft de immuniteit overeind, maar in die situaties bestaat geen verplichting tot vervolging.


Mr. dr. M.J. Hornman
Mr. dr. M.J. Hornman is werkzaam bij de afdeling Juridische Zaken van de Autoriteit Financiële Markten.
Artikel

Access_open Enkele opmerkingen over het het una via-beginsel en het nieuwe Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Modernisering strafvordering, Bestuursstrafrecht, Una via-beginsel, Bestuurlijk sanctierecht, Bijzonder strafrecht
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Thans is een belangrijke wetgevingsoperatie gaande, waarbij het Wetboek van Strafvordering wordt herzien. Opmerkelijk genoeg wordt in de vaststellingswetten op geen enkele wijze aandacht besteed aan de keuze tussen bestuurlijke en strafrechtelijke handhaving. Om het una via-beginsel een plaats te geven in het nieuwe Wetboek van Strafvordering wordt voorgesteld om het bepaalde in artikel 243, tweede lid, Sv, te transponeren naar artikel 3.1.4, vijfde lid, van het nieuwe Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht. Hij is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Gemoderniseerde voordeelsontneming

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Voordeelsontneming, Ontnemingsmaatregel, Ontnemingsprocedure, Misdaadgeld, Modernisering van het Wetboek van Strafvordering
Auteurs Mr. dr. W.S. de Zanger
SamenvattingAuteursinformatie

    De modernisering van het Wetboek van Strafvordering zal ook het proces ter ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel aanpassen. Deze wetgevingsoperatie zal de ontnemingsmaatregel grotendeels ontdoen van zijn bijzondere karakter. Zo komt het strafrechtelijk financieel onderzoek te vervallen en wordt voorgesteld de oplegging van de ontnemingsmaatregel als hoofdregel in het reguliere strafproces te laten plaatsvinden. Deze bijdrage brengt in kaart welke wijzigingen worden voorgesteld en hoe die moeten worden beoordeeld. Geconcludeerd wordt dat de moderniseringsplannen kunnen worden onderschreven, maar wel nader dienen te worden doordacht.


Mr. dr. W.S. de Zanger
Mr. dr. W.S. de Zanger is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) en het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen, Universiteit Utrecht.
Artikel

Het nemo-teneturbeginsel in de conceptwetsvoorstellen van het Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Nemo-teneturbeginsel, Modernisering Strafvordering, Handschriftanalyse, Stemvergelijking, Meewerkverplichting
Auteurs D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden twee in de modernisering van het Wetboek van Strafvordering geïntroduceerde opsporingsmethoden beoordeeld in het licht van het nemo-teneturbeginsel, te weten de handschriftanalyse en de stemvergelijking. Hiervoor wordt ten eerste uit de memories van toelichting de visie van de wetgever betreffende het nemo-teneturbeginsel gedistilleerd. Vervolgens worden de conceptartikelen waarin de nieuwe opsporingsmethoden zijn geregeld aan de rechtspraak van het EHRM getoetst.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. (Dave) van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan de Open Universiteit en als wetenschappelijk medewerker Straf(proces)recht & Criminologie aan de Universität Bielefeld (Duitsland). Hij schreef meerdere artikelen over de verplichting tot meewerken aan de uitvoering van een opsporingsbevoegdheid, zoals het decryptiebevel, de ontgrendeling van een smartphone en administratie- en inlichtingenverplichtingen.
Artikel

Wie moderniseert de bijzondere strafvordering?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Modernisering strafvordering, Wet op de economische delicten, Wet wapens en munitie, Opiumwet, toezicht
Auteurs Prof. mr. H.J.B. Sackers
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de modernisering van het Wetboek van Strafvordering blijven de strafprocessuele bevoegdheden uit het bijzondere strafrecht vooralsnog buiten beeld. Gegeven de bijzondere aard van deze bevoegdheden, de wisselende verdenkingsgraad en de complexe verhouding met de commune strafvordering, wordt bepleit aandacht te schenken aan de vraag of een modernisering van met name de bevoegdheden inzake de inbeslagneming, de doorzoeking en het onderzoek aan de kleding uit de Opiumwet en de Wet wapens en munitie gewenst is.


Prof. mr. H.J.B. Sackers
Prof. mr. H.J.B. Sackers is hoogleraar bestuurlijk sanctierecht aan de Radboud Universiteit en redacteur van dit tijdschrift.

    De auteur gaat in op de definitie van het begrip ‘zwaar ongeval’. Hij constateert dat de uitwerking van dit begrip in de rechtspraak nog weinig aandacht krijgt. Uit diverse rapporten kan worden opgemaakt dat zich in de praktijk weinig voorvallen voordoen die onder de noemer ‘zwaar ongeval’ vallen. Het is dus de vraag of eventuele gebreken in de naleving van het Brzo wel zo vaak kunnen leiden tot een zwaar ongeval. Dat wringt vooral in strafzaken, waar hoge eisen moeten worden gesteld aan het bewijs dat niet alle maatregelen zijn getroffen om te voorkomen dat een zwaar ongeval kan plaatsvinden.


Mr. J. Barensen
Mr. J. Barensen is advocaat bij Ploum in Rotterdam.
Artikel

Grensoverschrijdende fraudebestrijding?

De interpretatie van artikel 225 Sr als Nederlandse variant van de Amerikaanse books and records provisions

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Valsheid in geschrift, fraudebestrijding, books and records, FCPA, toerekening
Auteurs Mr. T. Walter
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt gesteld dat het Openbaar Ministerie in grote corruptiezaken een interpretatie geeft aan valsheid in geschrift, die gebaseerd lijkt te zijn op de Amerikaanse books and records provisions. Het Nederlandse strafbare feit valsheid in geschrifte en de books and records provisions worden in deze bijdrage met elkaar vergeleken, en er wordt geconcludeerd dat valsheid in geschrift, in het bijzonder valsheid van bedrijfsadministratie, een aanzienlijk beperktere reikwijdte heeft dan de books and records provisions. De interpretatie die het Openbaar Ministerie aan valsheid in geschrift lijkt te hebben gegeven in recente fraudezaken, dient dan ook met enige argwaan te worden beschouwd.


Mr. T. Walter
Mr. T Walter is advocaat-stagiair bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. te Amsterdam.
Artikel

De ontwikkeling van de Wet Damocles: burgemeesters trekken zwaard in de strijd tegen drugs

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden 13b Opiumwet, Drugscriminaliteit, Empirical legal research, Hennepteelt, Drugshandel
Auteurs Mr. L.M. Bruijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van artikel 13b Opiumwet sluiten burgemeesters elk jaar honderden panden vanwege drugshandel en hennepteelt. Dit artikel geeft een zo volledig mogelijk overzicht van de ontwikkeling, uitleg en toepassing van deze sluitingsbevoegdheid. Allereerst wordt onderzocht hoe vaak de bevoegdheid wordt toegepast. Daarna vindt een kwantitatieve jurisprudentieanalyse plaats, waarbij o.a. wordt gekeken naar de winkans van belanghebbenden. Deze resultaten worden vervolgens verklaard aan de hand van een meer kwalitatieve jurisprudentieanalyse. Door gebruik van verschillende onderzoeksmethoden en de uitvoerige jurisprudentiebespreking levert dit onderzoek een wetenschappelijke bijdrage aan de discussie over de toepassing en uitbreiding van artikel 13b Opiumwet.


Mr. L.M. Bruijn
Mr. L.M. Bruijn is docent en promovenda aan de Rijksuniversiteit Groningen. Haar promotieonderzoek betreft de legalisering van cannabis en de niet-strafrechtelijke aanpak van drugscriminaliteit in Nederland en Amerika.
Artikel

Access_open De aanval is de beste verdediging

Het indammen van witwaspraktijken in de professionele voetballerij

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Witwassen, Voetbal, Risicomanagement, 5e Europese anti-witwasrichtlijn, Georganiseerde misdaad
Auteurs Mr. drs. P. Steenwijk en Prof. dr. mr. H. Nelen
SamenvattingAuteursinformatie

    Complexe geldstromen, irrationele prijsvorming van transfers en het ontbreken van gerichte wetgeving maken het betaald voetbal aantrekkelijk voor het witwassen van crimineel geld. Bij de belangrijkste stakeholders is het besef inmiddels doorgedrongen dat het noodzakelijk is de witwasbestrijding binnen de sector serieus aan te pakken. De preventieve toetsing van grote investeerders in clubs door de KNVB en de aanbevelingen van De Nederlandsche Bank aan banken om alert te zijn op witwasrisico’s bij voetbalklanten zijn stappen in de goede richting.
    Voor een effectieve aanpak wordt gepleit voor de invoering van een periodieke integriteitstoetsing van eigenaren en leidinggevenden van betaaldvoetbalorganisaties, in combinatie met een breder screeningsinstrument, zoals is opgenomen in de Wet Bibob.


Mr. drs. P. Steenwijk
Mr. drs. P. Steenwijk is docent risicomanagement aan de Haagse Hogeschool en externe promovendus aan de Universiteit Maastricht.

Prof. dr. mr. H. Nelen
Prof. dr. mr. H. Nelen is hoogleraar criminologie aan de faculteit der rechtsgeleerdheid van de Universiteit Maastricht.
Artikel

Over schurftige schapen, natte geiten, dorstige honden en dikke eekhoorns

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Wet dieren, Nietigheid, Onthouden nodige zorg, Dierenwelzijn, tenlastelegging
Auteurs Mr. J.L. Baar
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel geeft een update van twee eerdere artikelen die in dit tijdschrift verschenen. In de eerste plaats wordt jurisprudentie ten aanzien van de geldigheid van de dagvaarding besproken in Wet dieren-zaken. Daarnaast wordt de ondergrens van het onthouden van de nodige zorg, artikel 2.2 lid 8 Wet dieren, besproken.


Mr. J.L. Baar
Mr. J.L. Baar is advocaat in straf- en bestuursrechtzaken bij Kuyp Baar advocaten.
Artikel

De hoogtepunten uit vijf jaren milieustrafrechtjurisprudentie (2013-2018)

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden Milieustrafrecht, Jurisprudentie, Milieu, Strafrecht, Handhaving
Auteurs Mr. M. Velthuis
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt een overzicht gegeven van de jurisprudentie op het gebied van het milieustrafrecht over de afgelopen vijf jaren (2013-2018). De zaken tegen Odfjell, Trafigura, Dow Benelux en Chemiepack komen aan de orde. Daarnaast wordt jurisprudentie behandeld waaruit volgt dat rechters kritisch beoordelen of het OM ontvankelijk is, of de relevante delictsbestanddelen bewezen kunnen worden, of voldaan is aan de vereisten voor daderschap en/of deelneming en of de overtreding opzettelijk is begaan. Ook worden relevante ontnemingsuitspraken gesignaleerd. De auteur sluit af met een blik op de toekomst.


Mr. M. Velthuis
Mr. M. Velthuis is advocaat bij Stibbe.
Artikel

Access_open Amerikanisering van corruptiebestrijding

Buitengerechtelijke afdoening en andere tendensen in de handhaving van anticorruptiewetgeving

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden corruptie, transactie, strafbeschikking
Auteurs F. Haijer, LL.M. en Mr. dr. E. Sikkema
SamenvattingAuteursinformatie

    In de jaren 2014-2017 heeft in Nederland een grote omschakeling plaatsgevonden op het terrein van de handhaving in buitenlandse corruptiezaken. Van een niet-handhaver lijkt Nederland veranderd te zijn in een corruptiebestrijder om rekening mee te houden. Wij verklaren deze ontwikkeling allereerst vanuit het perspectief van Amerikaans buitenlands beleid. Vervolgens beschouwen wij de stand van zaken met betrekking tot buitengerechtelijke afdoening in Nederland, in het bijzonder de hoge of bijzondere transactie en de strafbeschikking. We werpen ten slotte een blik op de toekomst, waarbij wij vooral kijken naar de mogelijkheden van rechterlijke toetsing en het compenseren van buitenlandse slachtoffers.


F. Haijer, LL.M.
F. Haijer, LL.M is promovenda aan de Universiteit Utrecht en interim-directeur Transparency International Nederland.

Mr. dr. E. Sikkema
Mr. dr. E. Sikkema is universitair docent straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Toont 1 - 20 van 74 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.