Zoekresultaat: 32 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Toe-eigening bij pandbelening: terug bij de Lombarden

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden pandrecht, toe-eigeningsverbod, pandhuis, consumentenbescherming
Auteurs Mr. W. Ruys
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de in 2014 in werking getreden nieuwe regeling voor pandbelening in titel 7.2D BW is het toe-eigeningsverbod van art. 3:235 BW buiten toepassing verklaard. Het is de vraag of de wetgever hierbij voldoende oog heeft gehad voor het belang dat juist bij deze regeling vooropstaat, te weten de bescherming van de pandbelener.


Mr. W. Ruys
Mr. W. Ruys is adviseur bij NautaDutilh in Amsterdam.
Consumenten

Access_open Nieuwe regels voor de consumentenkoop en overeenkomsten met betrekking tot digitale inhoud

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9-10 2019
Trefwoorden consumentenbescherming, consumentenkoop, digitale inhoud
Auteurs Mr. dr. M.Y. Schaub
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage belicht enkele aspecten van twee nieuwe richtlijnen op het terrein van consumentenbescherming, te weten Richtlijn (EU) 2019/770 (Richtlijn digitale inhoud) en Richtlijn (EU) 2019/771 (nieuwe Richtlijn consumentenkoop). Deze richtlijnen voorzien onder meer in regels die specifiek zijn toegesneden op digitale producten en goederen met digitale elementen.

    • Richtlijn (EU) 2019/770 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de levering van digitale inhoud en digitale diensten, PbEU 2019, L 136/1-27;

    • Richtlijn (EU) 2019/771 van het Europees Parlement en de Raad van 20 mei 2019 betreffende bepaalde aspecten van overeenkomsten voor de verkoop van goederen, tot wijziging van Verordening (EU) 2017/2394 en Richtlijn 2009/22/EG, en tot intrekking van Richtlijn 1999/44/EG, PbEU 2019, L 136/28-50.


Mr. dr. M.Y. Schaub
Mr. dr. M.Y. (Martien) Schaub is universitair docent Transnational Legal Studies aan de VU Amsterdam.

Vanessa Mak
Prof. mr. Vanessa Mak is hoogleraar privaatrecht aan Tilburg University.
Artikel

Wo viel Licht ist, ist starker Schatten?

Het recht op een effectieve (civiele) remedie naar Unierecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden effectiviteitsbeginsel, effectieve rechtsbescherming, doorwerking, Unierecht, civiele remedie
Auteurs Mr. I.V. Aronstein
SamenvattingAuteursinformatie

    Het effectiviteitsbeginsel en het beginsel van effectieve rechtsbescherming vormen het fundament van de doorwerkingsvormen van Unierecht in privaatrechtelijke rechtsverhoudingen. Deze bijdrage geeft globaal inzicht in hoe private partijen Unierecht kunnen inroepen tegen een andere private partij, welke voorwaarden gesteld worden aan civiele remedies en hoe in die context de bovengenoemde beginselen andere beginselen beperken.


Mr. I.V. Aronstein
Mr. I.V. Aronstein is onderzoeker aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht, Radboud Universiteit en daarnaast verzorgt zij postacademisch onderwijs op het gebied van de invloed van het Unierecht op de civiele rechtspraktijk.
Artikel

Richtlijnen en privaatrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2019
Trefwoorden implementatie, doorwerking, invloed, ambtshalve toetsing, remedies
Auteurs Mr. drs. D.F.H. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    Richtlijnen zijn niet meer weg te denken uit het privaatrecht. In deze bijdrage gaat de auteur in op verschillende wijzen waarop richtlijnen invloed uitoefenen op het privaatrecht, anders dan door middel van implementatie. De auteur formuleert een antwoord op de vraag in hoeverre richtlijnen voor het Nederlandse én Europese (Unie)privaatrecht als ‘gamechanger’ moeten worden aangemerkt.


Mr. drs. D.F.H. Stein
Mr. drs. D.F.H. Stein is promovendus en docent Burgerlijk recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen en verbonden aan het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R). Hij is tevens redacteur van dit blad.
Artikel

Consumentenbescherming door informatie?

Bespreking van het proefschrift van mr. C. de Jager

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden informatieplichten, PRIIPs-verordening, Key Information Document, beleggersbescherming, beleidstheorie
Auteurs Mr. dr. J.J.A. Braspenning
SamenvattingAuteursinformatie

    De Jager gaat in haar proefschrift in op de ontwikkeling en werking van gestandaardiseerde informatieplichten op het gebied van beleggersbescherming. De Jager concludeert dat dergelijke informatieplichten niet in staat zijn om complexe financiële producten voor beleggers begrijpelijk en vergelijkbaar te maken.


Mr. dr. J.J.A. Braspenning
Mr. dr. J.J.A. Braspenning is advocaat bij Linssen cs Advocaten te Tilburg.

    In dit artikel wordt ingegaan op het voorstel van de Europese Commissie voor een betere handhaving van de Europese regels voor consumentenbescherming en de modernisering van deze regels en de samenhang met de Mededeling van de Commissie ‘Een “new deal” voor consumenten’. In het tweede deel van deze bijdrage, dat in het volgende nummer van dit blad verschijnt, zal worden nagegaan of met de gedane voorstellen recht wordt gedaan aan de resultaten van de in 2017 uitgevoerde fitness check, welke bedoeld was om te onderzoeken in hoeverre het consumenten-acquis nog voldoende is toegerust voor de bescherming van consumenten en handelaren in staat stelt om gebruik te maken van de interne markt.

    • Voorstel van 11 april 2018 voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Richtlijn 93/13/EEG van de Raad van 5 april 1993, Richtlijn 98/6/EG van het Europees Parlement en de Raad, Richtlijn 2005/29/EG van het Europees Parlement en de Raad en Richtlijn 2011/83/EU van het Europees Parlement en de Raad wat betreft betere handhaving en modernisering van de regels voor consumentenbescherming in de EU, COM(2018)185 final

    • Mededeling van de Commissie aan het Europees Parlement, de Raad en het Europees Economisch en Sociaal Comité: ‘Een “new deal” voor consumenten’, Mededeling van 11 april 2018, COM(2018)183 final


Prof. dr. M.B.M. Loos
Prof. dr. M.B.M. (Marco) Loos is als hoogleraar verbonden aan het Centre for the Study of European Contract Law van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Op afstand bestuurbaar eigendom

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 7-8 2018
Trefwoorden overdraagbaarheid, Internet of Things, eigendom, technoregulering, IoT
Auteurs Mr. A. Berlee
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is de positie van de eigenaar wanneer zijn apparaat op afstand kan worden bestuurd, onbruikbaar kan worden gemaakt, of zodanig beveiligd dat men het niet mag repareren als het stuk gaat. Wie heeft er dan eigenlijk de controle: de eigenaar of een ander?


Mr. A. Berlee
Mr. A. Berlee is universitair docent goederenrecht bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.

    Onderzocht wordt of het elektronisch verrichten van rechtshandelingen rechtsgeldig is en dezelfde bewijskracht heeft als wanneer dat schriftelijk zou geschieden.


Mr. T.J. de Graaf
Mr. T.J. de Graaf is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Vernietiging van de overeenkomst bij een oneerlijke handelspraktijk; een hanteerbare sanctie?

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2018
Trefwoorden oneerlijke handelspraktijk, vernietiging, misleidende omissie, ambtshalve toetsing, causaal verband
Auteurs Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon en Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds juni 2014 kent de afdeling oneerlijke handelspraktijken een bijzondere vernietigingsgrond: art. 6:193j lid 3 BW. Deze bepaling is tot nu toe weinig toegepast, zo blijkt uit de gepubliceerde rechtspraak. In deze bijdrage wordt daarom onderzocht hoe hanteerbaar, in de zin van toegankelijk en gebruiksvriendelijk, de vernietigingsgrond uit art. 6:193j lid 3 BW eigenlijk is. Dit gebeurt door het analyseren van zes uitspraken. Uit het onderzoek blijkt dat de vernietigingsgrond toegankelijk en gebruiksvriendelijk is voor de consument mede dankzij de rol van de rechter. De rechter is namelijk degene die meestal het initiatief neemt tot toepassing van de sanctie.


Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Prof. mr. drs. C.M.D.S. Pavillon is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder consumentenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. dr. L.B.A. Tigelaar
Mr. dr. L.B.A Tigelaar is universitair docent verbintenissenrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Ambtshalve toepassing van EU-recht: ook financieel toezichtrecht?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2018
Trefwoorden ambtshalve, consumentenbescherming, financieel toezichtrecht, gedragstoezicht, B2C
Auteurs Mr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de vraag of de door het HvJ EU geformuleerde verplichting tot ambtshalve toepassing van consumentenbeschermende bepalingen ook moet gelden voor financieel toezichtrecht, voor zover de bepalingen daarvan ook ten dele de particuliere belegger beogen te beschermen.


Mr. A.G.F. Ancery
Mr. A.G.F. Ancery is verbonden aan het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad der Nederlanden.

Stephan van der Giessen

    Het leerstuk van ambtshalve toetsing in consumentenzaken heeft zich ontwikkeld tot een gewichtige factor, waarbij een aantal nationale begrenzingen van het processueel debat in eerste aanleg en appel is losgelaten. Ambtshalve toetsing is gestoeld op de veronderstelling dat de consument zich tegenover zijn professionele wederpartij in een zwakke onderhandelingspositie bevindt en over minder informatie beschikt. Dit artikel gaat in op de vraag of er voldoende rechtvaardiging bestaat voor ambtshalve toetsing als de processuele belangen van een consument worden behartigd door een belangenorganisatie.


Mr. F.E. Vermeulen
Mr. F.E. Vermeulen is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.

Mr. T.L. Schasfoort
Mr. T.L. Schasfoort is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Opteren voor de Netherlands Commercial Court

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2017
Trefwoorden NCC (Netherlands Commercial Court), Forumkeuze, internationale handelsgeschillen, Naamsbekendheid, Hof Amsterdam
Auteurs J. Hoeben LLM, Prof. mr. A.L.M. Keirse en M.D. Reijneveld LLB
SamenvattingAuteursinformatie

    Internationale contracten leiden tot internationale handelsgeschillen. Deze kunnen onder meer worden beslecht bij een commercial court. In Nederland wordt momenteel een Netherlands Commercial Court (NCC) opgericht. Dit introduceert een keuze voor (contracts)partijen voor een nieuw forum voor beslechting van internationale handelsgeschillen in de Engelse taal, waarbij de belangen van snelheid, efficiëntie en goede financierbaarheid centraal staan. Dit artikel verkent de positieve aspecten van de NCC en houdt de contractspraktijk de mogelijkheid voor om te opteren voor dit nieuwe forum.


J. Hoeben LLM
J. Hoeben LLM is student aan de Universiteit Utrecht, Legal Research Master.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar Privaatrecht verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht. Zij is daarnaast (parttime) raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

M.D. Reijneveld LLB
M.D. Reijneveld LLB is student aan de Universiteit Utrecht, Legal Research Master.
Artikel

Grenzen aan de uitoefening van een hypotheekrecht

Over de implementatie van art. 28 Richtlijn 2014/17/EU (hypothecair krediet)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2017
Trefwoorden hypotheekrecht, kredietovereenkomst, implementatie Richtlijn hypothecair krediet, zorgplicht bank, uitwinning
Auteurs Mr. J.W.A. Biemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Art. 28 Richtlijn hypothecair krediet is ten dele geïmplementeerd in art. 7:128 BW dat de uitoefening van het hypotheekrecht in verschillende opzichten begrenst. In deze bijdrage komen de inhoud en strekking van beide bepalingen aan bod.


Mr. J.W.A. Biemans
Prof. mr. J.W.A. Biemans is hoogleraar Burgerlijk recht, in het bijzonder Goederenrecht en Notarieel recht, aan de Universiteit Utrecht, raadsheer-plaatsvervanger aan het Hof Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De dwingende bewijskracht van onderhandse akten en de leer van de verklaringsfictie

Het belang van art. 157 Rv nader beschouwd

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2017
Trefwoorden Dwingende bewijskracht, Akte, Verklaringsfictie, Bewijsverklaringsclausule, 157 Rv
Auteurs Mr. L.A. van Amsterdam
SamenvattingAuteursinformatie

    In zijn artikel bespreekt mr. L.A. van Amsterdam de dwingende bewijskracht die art. 157 Rv aan onderhandse akten toekent. Komt deze bewijskracht (ook) toe aan een bepaling in een ‘standaardakte’ dat bepaalde documentatie of informatie is verstrekt, of moet - zoals in de procespraktijk nog wel eens wordt betoogd - een dergelijke clausule als een ‘verklaringsfictie’ worden aangemerkt? Mr. Van Amsterdam gaat in op de achtergrond en het belang van art. 157 Rv, behandelt rechtspraak waarin de leer van de verklaringsfictie een rol speelt, en plaatst enkele kanttekeningen bij deze leer


Mr. L.A. van Amsterdam
Mr. L.A. van Amsterdam is advocaat bij NautaDutilh
Artikel

Een Mexican standoff in faillissement

Over de faillissementsrechtelijke houdbaarheid van overeenkomsten tot lossing tussen een pandhouder en een boven hem bevoorrechte schuldeiser

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2017
Trefwoorden pandrecht, rententierecht, bodemrecht fiscus, rol curator, voorrechten
Auteurs Mr. O.M. Spronken en Mr. C.J.D. Warren
SamenvattingAuteursinformatie

    De pandhouder moet sommige schuldeisers, zoals de retentor of de fiscus, voor zich dulden. In faillissement delen deze hoogpreferente schuldeisers in de faillissementskosten. Bij een negatieve boedel zullen zij niets ontvangen. Voor de fiscus en de retentor is het dan aantrekkelijk om een overeenkomst te sluiten met de pandhouder waardoor zij buiten de omslag van de faillissementskosten blijven. Omdat de curator hierdoor buiten spel wordt gezet, is het de vraag of deze overeenkomst faillissementsbestendig is. In dit artikel wordt deze vraag bevestigend beantwoord.


Mr. O.M. Spronken
Mr. O.M. Spronken is advocaat bij Tanger in Velsen.

Mr. C.J.D. Warren
Mr. C.J.D. Warren was docent-onderzoeker bij het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en werkt tegenwoordig als professional support lawyer bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Experimenteren met informeren

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2016
Trefwoorden mandated information disclosure, effectiveness, experimental design, external validity, cult of significance
Auteurs Prof. mr. dr. W.H. van Boom
SamenvattingAuteursinformatie

    In the regulation of private law relationships, the concept of informed choice-making is an important point of departure for policymakers. As a result, professionals and traders are often under a legal duty to offer certain information to the public in order to inform, persuade or warn against dangers. Policymakers and academics alike tend to refer to findings from purely experimental studies to underpin the effects and overall effectiveness of such information duties. This contribution argues that such studies have limited value as a basis for policymaking. Moreover, it is argued here that policymakers may in fact benefit from practice-oriented research which lacks significant findings.


Prof. mr. dr. W.H. van Boom
Prof. mr. dr. Willem van Boom is hoogleraar civiel recht te Leiden.
Artikel

De ‘gratis’ telefoon die niet gratis was … en dat toch werd?

Annotatie bij HR 12 februari 2016, (Lindorff/Nazier)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden koop op afbetaling, consumentenkrediet, (partiële) vernietiging, collectieve afwikkeling, belangenbehartiging
Auteurs Mr. M.R. Hebly en Mr. I. Tillema
SamenvattingAuteursinformatie

    In Lindorff/Nazier beantwoordt de Hoge Raad ‘vervolgvragen’ op Lindorff/Statia, waarin telefoonabonnementen met ‘gratis’ toestel onder meer werden gekwalificeerd als koop op afbetaling. In Lindorff/Nazier draait het om (de consequenties van) eventuele ambtshalve vernietiging van dergelijke overeenkomsten. De auteurs behandelen de wederzijdse verplichtingen van betrokken partijen na vernietiging en enkele aspecten van collectieve afwikkeling.


Mr. M.R. Hebly
Mr. M.R. Hebly is promovendus bij de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is promovendus bij de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Regulering van crowdfundingplatforms: een goede stap in de verkeerde richting

Het huidige systeem van regulering, het Wijzigingsbesluit financiële markten 2016 en de wenselijkheid van een (meer) toegesneden regelgevend kader

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden crowdfunding, crowdfundingplatform, regulering, wijzigingsbesluit, platform
Auteurs Mr. J.R.C. Tangelder
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de regulering van crowdfunding centraal. Al geruime tijd worstelen wetgever, toezichthouder en marktpartijen met niet voor crowdfunding geschreven wet- en regelgeving. Besproken worden knelpunten in de huidige systematiek en een alternatieve wijze van regulering van de crowdfundingpraktijk.


Mr. J.R.C. Tangelder
Mr. J.R.C. Tangelder is als promovendus verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming & Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Toont 1 - 20 van 32 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.