Zoekresultaat: 72 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2016 x Rubriek Article x
Artikel

De bestuurlijke aanpak van het jihadisme

De intrekking van het Nederlanderschap in het belang van de nationale veiligheid als (preventieve) verbanning

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Bestuurlijke aanpak, Jihadisme, Intrekking Nederlanderschap, Dubbele nationaliteit
Auteurs Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    In the fight against terrorism, administrative measures are increasingly applied. This is called the administrative approach on terrorism. A recent bill seeks to the withdrawal of the Dutch citizenship of those who are suspected of certain terrorist activities abroad and when such is needed in the context of national security. Under this bill it is made possible to withdraw the Dutch citizenship of those who voluntarily join a terrorist group abroad. The idea behind this proposed administrative measure is to protect the national security of the Netherlands, by banning those who voluntarily joined a jihadi organization and pose a threat to national security due to their return. The bill has several major drawbacks: the limited legal protection of the persons concerned, the possible criminal nature of this measure and doubts about its effectiveness.


Mr. dr. drs. Benny van der Vorm
Mr. dr. drs. Benny van der Vorm is universitair docent Straf(proces)recht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Civiele vorderingen en transnationale racketeering

Een kritische lezing van het arrest van het Amerikaanse Hooggerechtshof in RJR Nabisco tegen de Europese Gemeenschap

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2016
Trefwoorden racketeering, extraterritorialiteit, private vorderingen, Verenigde Staten, Europese Unie
Auteurs Prof. dr. C.M.J. Ryngaert
SamenvattingAuteursinformatie

    In RJR Nabisco besliste het Amerikaanse Hooggerechtshof dat de Europese Unie en haar lidstaten in de VS geen civiele vordering konden indienen op basis van de Amerikaanse racketeeringwetgeving wanneer de schade van racketeering buiten de VS is ingetreden. De redenering van het Hof dat deze uitspraak internationale spanning voorkomt, overtuigt niet, integendeel. Deze uitspraak past in een evolutie waarbij Amerikaanse rechtbanken een steeds isolationistischer houding aannemen tegenover transnationale zaken. Men mag verwachten dat dergelijke zaken, met inbegrip van strafzaken, zich steeds meer zullen verplaatsen naar andere jurisdicties, waaronder de EU en Nederland.


Prof. dr. C.M.J. Ryngaert
Prof. dr. C.M.J. Ryngaert is hoogleraar internationaal publiekrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Schadebegroting bij een doorberekeningsverweer en een bijgestelde maatstaf voor voordeelstoerekening

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Kartelschade, Passing-on verweer, Schadebegroting, Voordeelstoerekening
Auteurs Prof. mr. A.L.M. Keirse en Mr. dr. M. van Kogelenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In lijn met Europees schadevergoedingsrecht wendt de Hoge Raad overcompensatie af. In de recente follow-on kartelschadeprocedure TenneT c.s/ABB c.s. maakt de Hoge Raad namelijk de weg vrij voor een consistente toekenning van het zogenoemde passing-on verweer. Daarbij geeft hij te kennen ruimer te zijn gaan denken over het leerstuk van voordeelstoerekening. In deze bijdrage wordt het belang van deze ontwikkelingen voor zowel het mededingingsrecht als het algemene schadevergoedingsrecht geduid.


Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. Anne Keirse is als hoogleraar Privaatrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht. Zij is daarnaast (parttime) raadsheer bij het Gerechtshof Amsterdam.

Mr. dr. M. van Kogelenberg
Mr. dr. M. van Kogelenberg is als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht en aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Schade door een ongeschikte medische hulpzaak ex artikel 6:77 BW: een rechtsvergelijking met Frankrijk en Duitsland

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2016
Trefwoorden artikel 6:77 BW, medische hulpzaken, Frans aansprakelijkheidsrecht, Duits aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Mr. V.J.P. Ramaekers
SamenvattingAuteursinformatie

    De aansprakelijkheidsregeling voor gebruikers van ongeschikte medische hulpzaken volgens artikel 6:77 BW heeft geleid tot rechtsonzekerheid en discussie. Om nieuwe inzichten te verkrijgen is het interessant om een rechtsvergelijking te maken met twee nabijgelegen landen die voor wat betreft het rechtssysteem en de juridisch-culturele ontwikkeling op Nederland lijken. In deze bijdrage is daarom onderzocht wie in Frankrijk en Duitsland door patiënten kunnen worden aangesproken, wat daar de tendensen in zijn en op welke manier het Nederlandse recht daar inspiratie aan kan ontlenen.


Mr. V.J.P. Ramaekers
Mr. V.J.P. Ramaekers is jurist bij OBV-Logistiek B.V. te Eijsden.
Artikel

Aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden en het mededingingsrecht: wat moet een mededingingsjurist weten van de mogelijkheden tot uitsluiting in het aanbestedingsrecht?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2016
Trefwoorden aanbesteding, uitsluitingsgronden, ernstige fout, valse verklaring, proportionaliteit
Auteurs Maurice Esssers en Robert Fröger
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de per 1 juli 2016 geïntroduceerde wijzigingen van de Aanbestedingswet 2012 is het kader voor aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden gewijzigd. In dit artikel staan de uitsluitingsgronden centraal die voor beoefenaars van het mededingingsrecht relevant zijn. Met name wanneer ACM boetes oplegt wegens overtreding van (sectorspecifieke) regelgeving, gaan deze uitsluitingsgronden in latere aanbestedingen een rol spelen. Aspecten van een besluit die een impact hebben op de aanbestedingsrechtelijke kansen van ondernemingen zijn onder meer: de duur van de overtreding, de aard van de overtreding, de wijze van afdoening, de rechtspersonen waaraan de overtreding wordt toegerekend, de publicatiedatum en de mate van verwijtbaarheid.


Maurice Esssers
Mr. M.J.J.M. Essers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Robert Fröger
Mr. R.A. Fröger is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Karen Vandekerckhove
Karen Vandekerckhove is Gedeputeerd afdelingshoofd bij het EC Directoraat-Generaal Justitie en Consumenten.
Artikel

E-commerce sector inquiry

De voorlopige (mededingingsrechtelijke) bevindingen van de Europese Commissie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden E-commerce, Sector inquiry, mededinging, SWD(2016) 312, Sectoronderzoek
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en Mr. M.A.M.L. van de Sanden
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 15 september 2016 heeft de Europese Commissie als onderdeel van haar Digital Single Market-strategie een rapport gepubliceerd waarin de voorlopige bevindingen van haar e-commerce sector inquiry zijn opgenomen. Dit rapport brengt de praktijken aan het licht die tot een beperking van de concurrentie zouden kunnen leiden. De bevindingen uit het rapport kunnen mogelijk een grote impact hebben op de e-commerce sector in de Europese Unie. In dit artikel worden de belangrijkste door de Commissie geïdentificeerde ontwikkelingen en praktijken beschreven alsmede of die ontwikkelingen en praktijken aanleiding geven tot mededingingsbezwaren. Het definitieve rapport wordt in het eerste kwartaal van 2017 verwacht.
    European Commission, Preliminary Report on the E-Commerce Sector Inquiry, Commission staff working document, 15 september 2016, SWD(2016) 312 final.


Mr. drs. D.P. Kuipers
D.P. (Pauline) Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Mr. M.A.M.L. van de Sanden
M.A.M.L. (Mariska) van de Sanden was tot 1 november 2016 advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag. Inmiddels is zij werkzaam bij Houthoff Buruma te Brussel.
Artikel

Nieuwe jurisprudentie over de dienstenrichtlijn

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, vrijheid van vestiging, vergunningsvoorwaarden, concessies, meldingsplicht
Auteurs Mr. T.P.J.N. van Rijn
SamenvattingAuteursinformatie

    In de afgelopen maanden zijn door Europese rechterlijke instanties drie arresten gewezen, die verschillende artikelen van de Dienstenrichtlijn op nieuwe punten interpreteren. Het gaat om vragen als: zijn concessies als vergunningen aan te merken, hoe moeten bepaalde (verboden) vergunningsvoorwaarden worden geïnterpreteerd, kunnen vergunningen automatisch verlengd worden en in hoeverre is een meldingsplicht voor dienstverrichtingen vanuit een andere lidstaat geoorloofd. Tot slot zal onderzocht worden of uit het arrest Promoimpresa afgeleid kan worden dat de artikelen 9 t/m 15 van de richtlijn ook van toepassing zijn op zuiver interne situaties.
    HvJ 23 februari 2016, zaak C-179/14, Commissie/Hongarije, ECLI:EU:C:2016:108
    HvJ 14 juli 2016, gev. zaken C-458/14 en C-67/15, Promoimpresa e.a., ECLI:EU:C:2016:558.
    EVA-Hof 10 mei 2016, zaak E-19/15, ESA/Liechtenstein


Mr. T.P.J.N. van Rijn
Mr. T.P.J.N. (Thomas) van Rijn is gewezen juridisch hoofdadviseur bij de Juridische Dienst van de Europese Commissie.
Artikel

Hof van Justitie eist in de cementzaken een steviger fundament onder inlichtingenverzoeken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden Mededinging, Inlichtingenverzoek, motivering, zelfincriminatie, 1/2003
Auteurs Mr. J.W. Fanoy en Mr. T. Raats
SamenvattingAuteursinformatie

    In de cementzaken concludeert het Hof van Justitie dat de Europese Commissie haar inlichtingenverzoek onvoldoende had gemotiveerd. In dit artikel wordt de verwachte impact van deze uitspraak besproken. Daarnaast gaan auteurs in op (rechts)vragen die het arrest oproept.


Mr. J.W. Fanoy
Mr. J.W. (Joost) Fanoy is partner binnen de afdeling Mededinging & aanbesteding van BarentsKrans.

Mr. T. Raats
Mr. T. (Tim) Raats is advocaat-medewerker bij Maverick Advocaten.

    In HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sárl, ECLI:EU:C:2016:612 heeft het Hof van Justitie geoordeeld dat oneerlijke bedingen in online gesloten of nog te sluiten overeenkomsten met consumenten en tegen het gebruik waarvan met een preventieve collectieve verbodsactie wordt geageerd, het karakter hebben van verbintenissen uit overeenkomst. De rechtmatigheid van dergelijke bedingen moet daarom, ook wanneer de rechtmatigheidstoets als voorvraag opkomt in het kader van een niet-contractuele collectieve verbodsactie, worden beoordeeld naar het recht dat door Verordening (EG) nr. 593/2008 (Rome I) wordt aangewezen. Daarentegen is volgens de advocaat-generaal alleen Verordening (EG) nr. 864/2007 (Rome II) relevant.
    HvJ 28 juli 2016, zaak C-191/15, Verein für Konsumenteninformation/Amazon EU Sàrl, ECLI:EU:C:2016:612


Mr. R.P. Streng
Mr. R.P. (Renze) Streng LL.M. is werkzaam als Professional Support Lawyer bij NautaDutilh NV te Amsterdam. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.

    Op grond van het (internationaal) maatschappelijk verantwoord ondernemen (IMVO) stimuleert de overheid ondernemingen in dertien Nederlandse sectoren om in sectorverband samen met de overheid en partijen uit het maatschappelijk middenveld afspraken te maken om complexe IMVO-risico’s in de keten aan te pakken. Dit is opmerkelijk, want op grond van het mededingingsrecht kan het maken van dergelijke afspraken – indien zij in strijd zijn met het kartelverbod – ondernemingen duur komen te staan. Om deze gecompliceerde situatie te verbeteren heeft de minister van Economische Zaken op 30 september 2016 de herziening van de Beleidsregel mededinging en duurzaamheid gepubliceerd. In dit artikel analyseert de auteur de effecten van de herziening en beoordeelt zij of het mededingingsrecht op deze manier meer ruimte geeft aan duurzaamheidsinitiatieven.


Jeanine Wubbels
Mr. J.J. Wubbels is onderzoeker aan de Leerstoel International Business and Human Rights aan de Erasmus Universiteit.
Artikel

Schets van het internationaal gezondheidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden internationaal gezondheidsrecht, WHO-standaarden, gezondheid en mensenrechten
Auteurs Prof. mr. B.C.A. Toebes
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de aard en reikwijdte van het internationaal gezondheidsrecht, een tak van het internationaal publiekrecht die nauw verweven is met het nationale gezondheidsrecht. De standaarden van de Wereldgezondheidsorganisatie komen aan bod, evenals de relevante mensenrechtenbepalingen. De conclusie luidt dat het internationaal gezondheidsrecht een dynamisch veld is dat voor grote uitdagingen staat, waaronder het ontwikkelen van nieuwe standaarden in antwoord op de mondiale stijging van chronische ziektes en het ter verantwoording roepen van invloedrijke niet-statelijke actoren zoals de farmaceutische industrie en de tabaksindustrie.


Prof. mr. B.C.A. Toebes
Brigit Toebes is adjunct hoogleraar en Rosalind Franklin Fellow, Afdeling Internationaal Recht, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Rijksuniversiteit Groningen. Email b.c.a.toebes@rug.nl.
Artikel

Naar een Europees wetboek voor elektronische communicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden elektronische communicatie, telecommunicatie, internet, breedbandtoegang, radiospectrum
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek wordt ingegaan op de ontwikkelingen in het Europese telecommunicatiekader in de afgelopen drie jaren. Het bevorderen van connectiviteit was een thema uit de voorstellen voor een ‘Connected Continent’ van Commissaris Kroes in 2013. Opnieuw is toegang tot snelle internetconnectiviteit een belangrijke doelstelling van regulering in het voorstel voor een geheel nieuw Europees wetboek voor elektronische communicatie dat de Europese Commissie in september 2016 publiceerde. Het voorstel betekent een algehele herziening van het Europees telecommunicatiekader dat gevolgen zal hebben voor de Nederlandse Telecommunicatiewet.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is bijzonder hoogleraar telecommunicatierecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid (afdeling eLaw) van de Universiteit Leiden en advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Artikel

De leer van de Hoge Raad over onrechtmatig bewijs (‘zozeer indruist’-criterium) door het EU Handvest op de schop?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden strafrechtelijk, onrechtmatig verkregen bewijs, belastingprocedures, ‘zozeer indruist’-criterium, Unierecht
Auteurs Mr. R. van der Hulle en Mr. R. de Bree
SamenvattingAuteursinformatie

    In een arrest van 20 maart 2015 heeft de belastingkamer van de Hoge Raad het toetsingskader voor het gebruik van strafrechtelijk onrechtmatig verkregen bewijs in belastingprocedures uiteengezet. De houdbaarheid van dit toetsingskader is echter in de literatuur ter discussie gesteld naar aanleiding van het WebMindLicenses-arrest van het Hof van Justitie van 17 december 2015. In deze bijdrage wordt beoordeeld of het toetsingskader van de belastingkamer van de Hoge Raad daadwerkelijk aanpassing behoeft.
    HR 20 maart 2015, nr. 13/03959, ECLI:NL:HR:2015:643.
    HvJ EU 17 december 2015, zaak C-419/14, ECLI:EU:C:2015:832.


Mr. R. van der Hulle
Mr. R. (Rick) van der Hulle en mr. R. (Robbert) de Bree zijn beiden advocaat bij Wladimiroff Advocaten te Den Haag.

Mr. R. de Bree

Jeroen ten Voorde
Prof. mr. J.M. ten Voorde is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden en als bijzonder hoogleraar strafrechtsfilosofie (leerstoel Leo Polak) verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Detailhandel – een dienst die geen dienst mag heten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Dienstenrichtlijn, ruimtelijke ordening, detailhandel, Verordening ruimte
Auteurs Mr. J.J. (Jaap) van der Gouw en Mr. M.J.W. (Matthijs) Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van wijzigingen van ruimtelijkeordeningswetgeving, de schorsing van enkele bepalingen van de Verordening ruimte 2014 van de provincie Zuid-Holland vanwege (vermeende) strijd met de Dienstenrichtlijn en prejudiciële vragen van de Afdeling bestuursrechtspraak aan het Hof van Justitie wordt in dit artikel de relatie tussen de Dienstenrichtlijn en de ruimtelijke ordening besproken.


Mr. J.J. (Jaap) van der Gouw
Mr. J.J. van der Gouw is advocaat bij Van der Feltz advocaten te Den Haag.

Mr. M.J.W. (Matthijs) Timmer
Mr. M.J.W. Timmer is advocaat bij Van der Feltz advocaten te Den Haag.
Artikel

Detailhandel en de provinciale verordening: grenzen overschreden?!

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden omgevingsrecht, ruimtelijke ordening, Dienstenrichtlijn
Auteurs Mr. H. (Hans) Koolen
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat in op één specifieke instructieregel in de Verordening ruimte 2014 van de provincie Zuid-Holland, te weten art. 2.1.4 VR. Deze regel ziet op de vestigingsmogelijkheden van detailhandel in Zuid-Holland. Art. 2.1.4 VR staat al enige tijd in de belangstelling. Het is onderwerp van een aantal procedures bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over reactieve aanwijzingen ex art. 3.8 lid 6 Wro en de weigering van een ontheffing ex art. 4.1a Wro. De regeling staat ook in de belangstelling in verband met de vraag hoe dit artikel zich verhoudt tot de eisen van het Unierecht, de vraag of het voortvloeit uit dwingende redenen van algemeen belang, de vraag of het geschikt, evenredig en noodzakelijk is om ruimtelijke doelstellingen te bereiken, en tot slot de vraag of het kan worden geacht ruimtelijke en provinciaal noodzakelijke belangen te dienen.


Mr. H. (Hans) Koolen
Mr. H. Koolen is advocaat bij de maatschap Gijs Heutink Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Civiele aansprakelijkheid voor het gebruik van medische applicaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden medische applicaties, software, medische hulpmiddelen, civiele aansprakelijkheid
Auteurs Mr. A.J. Zijlstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Het toenemende gebruik van smartphones en de technologische ontwikkelingen op het gebied van medische applicaties hebben voor grote veranderingen gezorgd binnen de gezondheidszorg. Ook de juridische wereld wordt geconfronteerd met dit fenomeen, aangezien de schade die voortvloeit uit het gebruik van medische applicaties zou kunnen leiden tot claims. In dit artikel wordt onderzocht in hoeverre medische applicaties passen binnen het wettelijk kader van een gebrekkig product en een ongeschikte hulpzaak. Daarnaast worden verschillende verhaalsmogelijkheden voor de patiënt behandeld, wanneer een dergelijke applicatie wordt ingezet bij een geneeskundige behandelingsovereenkomst.


Mr. A.J. Zijlstra
Anna Zijlstra (27 jaar) is advocaat bij Lauxtermann Advocaten te Amsterdam. Dit artikel is geschreven naar aanleiding van de scriptie ter afronding van de master Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, met de titel: ‘Civiele aansprakelijkheden bij medische applicaties’ en te raadplegen via www.gzr-updates.nl. De auteur dankt mr. dr. R.P. Wijne voor het commentaar op eerdere versies van dit artikel.
Artikel

TenneT/ABB: een mijlpaal voor kartelschade én het algemene schadevergoedingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2016
Trefwoorden kartelschade, voordeelstoerekening, bewijslast(verdeling), passing-on verweer, doorberekeningsverweer
Auteurs Mr. J.A. Möhlmann en Mr. M.R. Fidder
SamenvattingAuteursinformatie

    Het TenneT/ABB-arrest van de Hoge Raad vormt een mijlpaal voor kartelschade en het algemene schadevergoedingsrecht. Het biedt duidelijkheid over het bij kartelschade belangrijke passing-on verweer en herziet de vereisten voor voordeelstoerekening. Het arrest werpt echter ook nieuwe vragen op met betrekking tot de bewijslastverdeling bij toerekening van voordeel.


Mr. J.A. Möhlmann
Mr. J.A. Möhlmann is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Mr. M.R. Fidder
Mr. M.R. Fidder is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht.

Dr. mr. C. Blankman
Dr. mr. C. (Kees) Blankman is als universitair docent verbonden aan de Juridische Faculteit van de VU te Amsterdam.

mr. K. Vermariën
Mr. Karen Vermariën is werkzaam als wetenschappelijk docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Toont 1 - 20 van 72 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.