Zoekresultaat: 85 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2016 x Rubriek Article x
Artikel

De relatie tussen racisme en criminaliteit in Nederland

Een verkennende studie onder Surinaamse en Caribische Nederlanders

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2016
Trefwoorden Surinaamse en Caribische migranten, Racisme, Huidskleur, Criminaliteit
Auteurs Dr. Katharina J. Joosen
SamenvattingAuteursinformatie

    Surinamese and Dutch Caribbean migrants have been overrepresented in (official) Dutch crime statistics for years. From Hirschi’s Social Control Theory and the Theory of African-American Offending, this study investigates to what degree racism based on skin color is related to self-reported offending among Surinam and Dutch Caribbean migrants in The Netherlands. A total of 91 online questionnaires were filled out regarding skin color, experiences with racism, and offending. Results show that darker-skinned respondents experienced more racism and that more racism was reported by the respondents who committed more offenses; especially regarding violent and drug-related offenses.


Dr. Katharina J. Joosen
Dr. Katharina Joosen is postdoctoraal onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving.
Artikel

De strafrechtelijke aanpak van meisjesbesnijdenis in een rechtsvergelijkende context

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden besnijdenis, genitale verminking, culturele delicten, burgerschap, recht en religie
Auteurs Mr. Sohail Wahedi en Mr. dr. Renée Kool
SamenvattingAuteursinformatie

    In Europe, female circumcision has been considered a grave violation of human rights. However, many European countries fail to combat this illegal practice. This article answers the question why criminal law enforcement with regard to female circumcision seems to fail in various European states, with the exception of France. To answer this question, this article analyses various models of citizenship.


Mr. Sohail Wahedi
Mr. S. Wahedi studeerde rechten in Utrecht. Hij is als promovendus verbonden aan de afdeling Sociology, Theory and Methodology van de Erasmus School of Law en verricht onderzoek op het terrein van recht en religie.

Mr. dr. Renée Kool
Mr. dr. R.S.B. Kool is als universitair hoofddocent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor strafrechtswetenschappen en het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL). Zij heeft in het kader van haar onderzoek naar het aansprakelijkheidsrecht ook gepubliceerd over culturele delicten, zoals meisjesbesnijdenis en huwelijksdwang.
Artikel

Franse toestanden?

Veranderende visies op religieuze vrijheid in Nederland en Europa

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Godsdienstvrijheid;, Liberalisme, Secularisme, ontkerkelijking, gewetensvrijheid, morele gemeenschappen
Auteurs Dr. mr. Floris Mansvelt Beck
SamenvattingAuteursinformatie

    Ideas about the purport and value of religious liberty differ from place to place and can change over time. Over the past fifty years, the trend of secularization has laid the social foundations for a reassessment of religious liberty in the Netherlands. Prompted by the confrontation with Islam, the process of reassessment has gained urgency from, but is also hampered by, terrorist attacks and the migration crisis. However that may be, the result is a prioritization of individual autonomy above freedom of conscience in religious matters. This is borne out by an analysis of parliamentary debates in the Netherlands since 2000 and is explained as part of a broader shift from conscience-based to autonomy-based interpretations of liberalism in Dutch society.


Dr. mr. Floris Mansvelt Beck
Dr. mr. F.F. Mansvelt Beck is als politiek filosoof verbonden aan het Instituut voor Politieke Wetenschap van de Universiteit Leiden. Hij doet onderzoek naar vrijheid en tolerantie in post-geseculariseerde samenlevingen.
Artikel

De burgemeester als crisismanager

Implicaties van de decentralisatie van jeugdzorg voor leiderschapsstijlen tijdens crises

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2016
Trefwoorden burgemeester, crisis management, jeugdzorg, decentralisatie
Auteurs Patricia Schat en Ruth Prins
SamenvattingAuteursinformatie

    Dutch mayors are confronted with various crises differing from a deadly incident with a monster truck to societal unrest due to convicted sex offenders returning to local society. This article presents the results of a research about the role of the mayor in so-called ‘youth crises’. The ‘big decentralization operation’ of January 1, 2015 resulted in new tasks and responsibilities for local governments regarding youth care. This research focuses on the implications of this decentralization for the leadership style of the mayor when a youth related crisis causes societal unrest. The way in which mayors deal with such a crisis was studied by means of in-depth interviews and a vignette study before and after the decentralization. This research concludes that the leadership style of the mayor did not change after the decentralization. Mayors consistently show two dominant leadership styles when managing a youth crisis: ‘First Civilian’ and ‘Peer Governor.’ As a ‘First Civilian’ the mayor’s crisis management actions focuses primarily on the community and the affected family. The style ‘Peer Governor’ is all about gathering relevant information and consultation with various partners, such as youth care organizations and aldermen. More interestingly, the results show that decentralization of youth care redefines the relationship between the local alderman responsible for youth care and the mayor as a crisis manager safeguarding local order and public safety. This relationship is currently under construction and could grow either competitive or fruitful.


Patricia Schat
Patricia Schat is Consultant COT, Instituut voor Veiligheids- en Crisismanagement, an Aon Company, and alumnus Master Crisis and Security Management, Universiteit Leiden. p.r.schat@gmail.com

Ruth Prins
Ruth Prins is universitair docent aan de Universiteit Leiden, Institute of Security and Global Affairs. r.s.prins@fgga.leidenuniv.nl

Dr. Jorrit de Jong
Dr. J. de Jong is wetenschappelijk directeur van het Innovations in Government Program op Harvard University’s John F. Kennedy School of Government en Faculty Director van het Bloomberg Harvard City Leadership Initiative.
Artikel

Bemiddeling door de politie bij eergerelateerd geweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Trefwoorden Eergerelateerd geweld, Eerwraak, Eerconflict, Culturele traditie
Auteurs Janine Janssen en Ruth Sanberg
SamenvattingAuteursinformatie

    Tackling honour related violence is part of the Dutch policy on domestic violence. On the police level a centre of expertise was installed, the LEC EGG. Next to strategies with regard to detection, the LEC EGG has put forward instructions with regard to the application of police mediation in cases of honour related violence. These rules, the ‘7 golden W’s’, are presented and discussed, paying attention to the institutional role of the police.


Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de nationale politie en tevens lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties verbonden aan Avans hogeschool in Den Bosch.

Ruth Sanberg
Ruth Sanberg is als onderzoeker verbonden aan het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG).
Artikel

Herstelrecht bij partnergeweld

Resultaten van een Europees onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2016
Auteurs Annemieke Wolthuis en Katinka Lünnemann
SamenvattingAuteursinformatie

    Restorative Justice is not evident in cases of intimate partner violence, but it can take and does take place under certain conditions. Wolthuis and Lünnemann explain about the European research they coordinated in six European countries (Austria, Denmark, Finland, Greece, the Netherlands and the UK) on context and practicalities of the use of victim-offender mediation in such complex cases. Cases dealing with violence of mainly men against women and where power imbalances often play a role. That means that mediators, referrers and others involved should know about this complexity and the needs of participants. Austria and Finland turned out to have the most experienced working methods. Their models, good practices and challenges are presented as well as the main outcomes of the research. Interviews and focus groups in the countries gave additional insights. It resulted in a guide with minimum standards addressing the different stages of a mediation process with extra attention for safety and empowerment.


Annemieke Wolthuis
Annemieke Wolthuis is zelfstandig onderzoeker, trainer en mediator. Zij is tevens redactielid van het Tijdschrift voor Herstelrecht.

Katinka Lünnemann
Katinka Lünnemann is als senior-onderzoeker verbonden aan het Verwey-Jonker Instituut.

    Het Haags Kinderontvoeringsverdrag (HKOV) is in het leven geroepen om internationale kinderontvoering tegen te gaan en is sinds 1 september 1990 voor Nederland van kracht. Het uitgangspunt van het verdrag is dat kinderen die van de ene naar de andere Verdragsstaat ontvoerd zijn zo spoedig mogelijk dienen terug te keren naar de Staat van gewoon verblijf. De rechter van de Staat waarnaar het kind ontvoerd is kan echter van dit uitgangspunt afwijken, en derhalve een verzoek tot teruggeleiding van het ontvoerde kind afwijzen, door gebruik te maken van een van de zogenoemde weigeringsgronden die zijn neergelegd in de artikelen 12, 13 en 20 HKOV. Deze bijdrage gaat in op de wijze waarop deze weigeringsgronden de afgelopen (ruim) vijfentwintig jaar in de Nederlandse jurisprudentie zijn toegepast. Uit die jurisprudentieanalyse volgt dat de weigeringsgronden in het algemeen niet (te) ruim worden geïnterpreteerd, maar dat een beroep daarop wel degelijk succesvol kan zijn. Vanwege de casuïstische aard van internationale kinderontvoeringszaken kunnen echter niet eenvoudig één of meer combinaties van factoren worden aangewezen op grond waarvan aanstonds duidelijk is dat een teruggeleidingsverzoek zal worden afgewezen.
    The Hague Convention on the Civil Aspects of International Child Abduction aims to prevent international child abduction. The Convention came into force in the Netherlands on the 1st September 1990.
    As a starting point, the Convention holds that a child abducted from one Contracting State and taken to another should be promptly returned to the country of his or her habitual residence. However, the court of the Contracting State to which a child has been abducted may depart from this rule and decide to dismiss the application for the return of the child on the basis of one of the exceptions stipulated in Articles 12, 13 or 20 of the Convention.
    This article deals with the way in which the above-mentioned provisions have been applied in Dutch case law since the Convention came into force. From the analysis of the case law it can be generally established that courts tent to interpret these exceptions rather restrictively. Nevertheless, such exceptions have still been successfully invoked. However, owing to the casuistically nature of international child abduction matters it is not possible to uncover certain combinations of factors that would definitively lead to the rejection of return of the child.


dr. mr. Geeske Ruitenberg
Geeske Ruitenberg is lecturer/researcher at the VU University Amsterdam.
Artikel

Overlijden, voogdij en de (gezags)positie van de langstlevende ouder

A match made in heaven?

Tijdschrift AdvoTip, Aflevering 2 2016
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens

Mr. F.M.H. Hoens
Artikel

Estate plannen mag/moet iedere adviseur!

Maar in ieder geval de notaris

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 37 2016
Trefwoorden Testament
Artikel

De jubelton in tweede termijn (V)

‘Eenvoudig, verdedigbaar en overzichtelijk’

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 38 2016
Trefwoorden Schenking
Artikel

Mediale verbeelding en politiecultuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0203 2016
Trefwoorden Police, culture, media
Auteurs Lianne Kleijer-Kool en Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In the traditional understanding of police culture as well as in the criticism against the use of the concept of ‘police culture’, not much attention has been paid towards the influence of the representation of police work and crime in the media. Although since the pioneering studies in the sixties and seventies of the last century it has been made clear that police work is not limited to dealing with crime and criminal justice, the mass media for decades have presented a completely different image: one of thrill seeking and hardcore action. Police officers themselves tend to ‘sensationalize’ their work. Police culture is no longer understood as a deterministic coping mechanism, but is rooted in active and constructive participation of police officers. As a consequence we must pay attention to representation of ‘the police’ by the media and ask ourselves how identity work by police officers is influenced by the representation of crime and the police in the (new) media.


Lianne Kleijer-Kool
Lianne Kleijer-Kool is onderzoeker bij het lectoraat Werken in Justitieel Kader en docent Integrale Veiligheidskunde bij Hogeschool Utrecht.

Janine Janssen
Janine Janssen is Lector Veiligheid in afhankelijkheidsrelaties bij het expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool en hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de nationale politie.
Artikel

Wetenschappelijk onderzoek na overlijden: goed geregeld?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2016
Trefwoorden Wetenschappelijk onderzoek, Overlijden, Gegevens, Lichaamsmateriaal, Artikel 7:458 BW
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem en Prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    De regulering van het gebruik van gegevens en lichaamsmateriaal voor medisch-wetenschappelijk onderzoek nadat de patiënt is overleden, vertoont lacunes. Voor gegevens zijn de artikelen 7:457 eerste lid en 7:458 BW richtinggevend. Voor lichaamsmateriaal wordt een toegespitste regeling node gemist. Voor obductie en ontleding in het belang van de wetenschap zou de wet nadere voorwaarden moeten stellen.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/ docent gezondheidsrecht bij het AMC/Universiteit van Amsterdam, en lid van de redactie van dit tijdschrift.

Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Radboud Universiteit te Nijmegen, en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Positieve veiligheid en positieve vrijheid

Meningen van wijkbewoners in Rotterdam-Zuid over Buurt Bestuurt

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2016
Trefwoorden Big Society, Isaiah Berlin, Charles Taylor, positive liberty, security management
Auteurs dr. mr. Marc Schuilenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    The article is an ethnographical study of Rotterdam’s experience with a program called ‘Community Governs’ (Buurt Bestuurt). Community Governs, a Dutch version of the Chicago Alternative Policing Strategy (CAPS), is a community-based program which goal is to solve neighbourhood crime and disorder problems. Community commitment and involvement are a main component of this program. The article emphasizes the effects that this program had on three levels of trust (performances, intentions and skills) of the residents in police officers and municipal service agencies as partners in the fight against crime and disorder. The results indicate that a ‘positive exercise’ of liberty through political participation of civilians is difficult to realise in poor, inner city, neighbourhoods.


dr. mr. Marc Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is universitair docent Strafrecht en Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Positieve veiligheid. Een inleiding

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2016
Trefwoorden state of nature, trust, empathy, care, ethics
Auteurs dr. mr. Marc Schuilenburg en dr. Ronald van Steden
SamenvattingAuteursinformatie

    Criminology has come under the spell of thinking negatively about safety and security. It’s focus merely lies on themes such as control, punishment and exclusion. Much interest therefore goes to public policing, private security, CCTV camera’s, anti-social behaviour orders, gated communities and prisons. Of course, this definition of security and security governance as the protection of citizens against crime and disorder must not be rejected out of hand. Without a minimum level of security, society would fall apart in chaos and despair. At the same time, however, we feel increasingly uncomfortable about the dominance of current negative – control and risk-oriented – approaches to (in)security as they overlook positive interpretations associated with trust, community and care. This introduction therefore provides an overview of academic literature that nuance, counter or resist hegemonic and negative meanings of security. In so doing, our aim is to introduce a positive turn in criminology’s interests and concerns regarding crime and disorder problems.


dr. mr. Marc Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is universitair docent Strafrecht en Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

dr. Ronald van Steden
Dr. Ronald van Steden is universitair hoofddocent Bestuurswetenschappen & Politicologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Hoe lang zijn ouders aansprakelijk wegens slecht bewind?

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden bewind, verjaring, minderjarige, kantonrechter, toezicht
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Slecht bewind over erfrechtelijke verkrijgingen van minderjarigen door ouders kan lange tijd verborgen blijven. De vraag is dan in hoeverre ouders jaren nadat een kind meerderjarig is geworden alsnog aansprakelijk gesteld kunnen worden voor de schade die uit het slechte bewind is voortgevloeid. Aan de hand van twee recente uitspraken wordt hierop nader ingegaan. Daarbij wordt tevens de rol van de kantonrechter als toezichthouder belicht.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is universitair docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Het belang van conservatoir beslag ter verzekering van niet opeisbare erfrechtelijke vorderingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2016
Trefwoorden conservatoir beslag, belangenafweging, aanhangig maken, overgang conservatoir beslag in executoriaal beslag
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de relevantie van een recent arrest van de Hoge Raad voor de mogelijkheid om conservatoir beslag te leggen voor niet opeisbare erfrechtelijke vorderingen van kinderen op de langstlevende. Dit conservatoir beslag kan in het bijzonder van belang zijn in de gevallen dat de niet opeisbaarheid niet wordt gerechtvaardigd door de ruim opgevatte verzorgingsbehoefte van de langstlevende.
    De voorzieningenrechter dient het belang van het kind om de voldoening van zijn vordering zeker te stellen en het belang van de langstlevende om over het beslagen goed te kunnen beschikken, af te wegen. Hij dient praktisch om te gaan met het voorschrift dat na het beslag de eis in de hoofdzaak wordt ingesteld.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Samenloop tussen de Wkkgz en de Wet Bopz: een verbetering voor klachtenbehandeling?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden klachtrecht, Wet Bopz, Wkkgz, klachtencommissie, klachtenfunctionaris
Auteurs Mr. S.M. Steen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat betekent de vervanging van de Wkcz door de Wkkgz voor het klachtrecht van Bopz-patiënten? Om dat te onderzoeken worden de verschillende klachtbepalingen naast elkaar gelegd en wordt gekeken naar mogelijke oplossingen voor de knelpunten waar de verschillende bepalingen samenlopen. Het verruimen van de Bopz-klachtbepalingen kan hierin uitkomst bieden.


Mr. S.M. Steen
Mr. Sofie Steen (27 jaar) is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht. De auteur dankt mr. dr. V.E.T. Dörenberg voor het meelezen van eerdere versies van dit artikel.
Artikel

Wilsbekwaam maar te jong? Over euthanasie bij wilsbekwame kinderen jonger dan twaalf jaar

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden Twaalfjaarsgrens euthanasie, leeftijdsgrenzen Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding, wilsbekwaamheid onder de twaalf, euthanasie minderjarigen
Auteurs Mr. O.A. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt naar aanleiding van de actuele discussie en de hierbij door de Nederlandse Vereniging voor Kindergeneeskunde (NVK) en de Minister van VWS ingenomen standpunten, de mogelijkheid tot het schrappen van leeftijdsgrenzen in de Wet toetsing levensbeëindiging op verzoek en hulp bij zelfdoding (Wtl) besproken en becommentarieerd. Dit artikel spitst zich hierbij toe op de juridische positie van kinderen die jonger dan twaalf én wilsbekwaam zijn. Ingegaan wordt op voor- en nadelen van het schrappen van de leeftijdsgrenzen en de juridische mogelijkheden en moeilijkheden die zich bij een eventuele wijziging van de Wtl zullen voordoen.


Mr. O.A. Meijer
Ottilie Meijer (26 jaar) is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen en schreef in 2015 de masterscriptie Over()lijden; als het jonge leven slechts lijden rest, waarin zij onderzoek deed naar de juridische, rechtsfilosofische en ethische aspecten bij de vormgeving van euthanasie en actieve levensbeëindiging bij kinderen tussen één en twaalf jaar jong. Deze bijdrage is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Meer zeggenschap van burgers en organisaties over regulering

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2016
Trefwoorden zeggenschap, burgers, reguleringsstijlen, internetconsultatie
Auteurs Dr. A.M. Bokhorst
SamenvattingAuteursinformatie

    De centrale vraag in dit artikel is hoe de wetgever de zeggenschap van burgers, organisaties en belanghebbenden kan versterken en onbedoelde gevolgen van technocratie daarbij kan tegengaan. De inzet van alternatieve reguleringsstijlen, zoals beter reguleren, verbetert de kwaliteit van regelgeving. Zo maakt internetconsultatie het wetgevingsproces transparanter en responsiever, maar door het beperkte bereik neemt de collectieve zeggenschap van burgers er niet substantieel door toe. Dereguleren lijkt zoals beoogd de individuele zeggenschap van belanghebbenden te versterken. Maar niet iedereen waardeert die individuele zeggenschap evenzeer of kan er even goed mee omgaan. Om sociale zeggenschap van organisaties te versterken zet de overheid in op meer ruimte voor co- en zelfregulering. Het verschilt sterk per dossier in hoeverre de sociale zeggenschap is toegenomen. Als onbedoeld gevolg blijkt bij alternatieve reguleringsstijlen dat technocraten zoals toezichthouders in het gat springen dat de wetgever achterlaat. Vervolgens kan het parlement als medewetgever met een initiatiefwet proberen om de autonomie van burgers, organisaties en belanghebbenden te bewaken, zoals geïllustreerd wordt met de casus van de initiatiefwet Bisschop. Deze casus roept wel de vraag op of de regering en het parlement niet systematischer kunnen reflecteren op de (dis)balans tussen participatieve, technocratische en representatieve democratie.


Dr. A.M. Bokhorst
Dr. A.M. (Meike) Bokhorst is senior wetenschappelijk medewerker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid en associate researcher bij Institutions for Open Societies van de Universiteit Utrecht. Ze werkte eerder als programmasecretaris Bruikbare rechtsorde bij de directie Wetgeving van het ministerie van Justitie.
Toont 1 - 20 van 85 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.