Zoekresultaat: 29 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2016 x Rubriek Article x
Artikel

Enkele kanttekeningen bij het wetsvoorstel bestuur en toezicht rechtspersonen

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, bestuurdersaansprakelijkheid stichting, decharge-problematiek, one-tier board, raad van commissarissen
Auteurs Prof. mr. S.M. Bartman, Mr. C. de Groot, Mr. J. Nijland e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het wetsvoorstel voor de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen wordt beoogd de kwaliteit van bestuur en toezicht bij verenigingen, coöperaties, onderlinge waarborgmaatschappijen en stichtingen te verbeteren. In dit artikel bespreken de auteurs kort enkele aspecten van het wetsvoorstel in het licht van de doelstelling en de bruikbaarheid in de praktijk.


Prof. mr. S.M. Bartman
Prof. mr. S.M. Bartman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de Universiteit Leiden.

Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.

Prof. mr. drs. I.S. Wuisman
Prof. mr. drs. I.S. Wuisman is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Rechtsgeldigheid en doorwerking van een aandeelhoudersovereenkomst in de persoonsgebonden BV: een stappenplan voor de praktijk

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomst, rechtsgeldigheid, doorwerking, vennootschapsrechtelijke werking, persoonsgebonden
Auteurs Mr. R. de Leeuw
SamenvattingAuteursinformatie

    Zowel de literatuur als de rechtspraak geeft geen blijk van een helder toetsingskader voor de beoordeling van de rechtsgeldigheid en doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten. Dit artikel beschrijft een eenduidig toetsingskader (inclusief schematisch stappenplan) waarmee een rechter, notaris of advocaat kan beoordelen of een aandeelhoudersovereenkomst geldig is, en zo ja, of deze in het concrete geval doorwerkt in de vennootschap.


Mr. R. de Leeuw
Mr. R. de Leeuw is juridisch medewerker bij Schaap Advocaten Notarissen te Rotterdam.
Artikel

Is de motie een nuttig instrument voor de aandeelhouder van een beursvennootschap naast en in aanvulling op het agenderingsrecht ex artikel 2:114a BW?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden motie, agenderingsrecht, artikel 2:114a BW, agendapunt, Fugro/Boskalis
Auteurs Mr. L. Stoppels en Mr. drs. J. van Bekkum
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de Boskalis/Fugro-zaak stellen de auteurs in dit artikel de vraag of de zogenoemde ‘motie’ in de praktijk voor aandeelhouders van beursvennootschappen een nuttig instrument kan zijn om standpunten van de algemene vergadering onder de aandacht van het bestuur en de RvC te brengen.


Mr. L. Stoppels
Mr. L. Stoppels is advocaat te Amsterdam bij Lemstra Van der Korst.

Mr. drs. J. van Bekkum
Mr. drs. J. van Bekkum is advocaat te Amsterdam bij Lemstra Van der Korst en tevens verbonden aan het Onderzoekscentrum Onderneming & Recht/Van der Heijden Instituut, Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Verwerking van het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2016
Trefwoorden rechtsverwerking, enquêterecht, Cordial, artikel 2:350 BW, artikel 2:349 BW
Auteurs Mr. D.L. Barbiers
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden enkele kanttekeningen geplaatst bij de Cordial-beschikking waarin de Hoge Raad voor de eerste keer besliste dat rechtsverwerking in het enquêterecht toepassing vindt. Verder wordt ingegaan op hoe rechtsverwerking zich verhoudt tot de ontvankelijkheidstermijn van artikel 2:349 lid 1 BW en de belangenafweging van artikel 2:350 BW.


Mr. D.L. Barbiers
Mr. D.L. Barbiers is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Reguleringsinstrumenten in de spoorsector: wisselend succes

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2016
Trefwoorden overheidsregulering, aandeelhouderschap, regulering met contracten, zelfstandig bestuursorgaan, publiekrechtelijke concessie
Auteurs mr. S. Pereth
SamenvattingAuteursinformatie

    De overheid beschikt over verschillende instrumenten om een sector mee te reguleren. In de spoorsector is met een aantal van deze instrumenten ervaring opgedaan. Meer specifiek betreft het regulering door middel van contracten en het aandeelhouderschap. Deze instrumenten en de mogelijkheden om ermee te sturen zijn in de afgelopen decennia veelvuldig onderwerp van (parlementaire) discussie geweest. Wat bleek is dat die mogelijkheden meer dan eens beperkt waren. Gesteld kan worden dat de genoemde privaatrechtelijke instrumenten enkele inherente beperkingen kennen, die in de weg kunnen staan aan effectieve sturing en toezicht van overheidswege. Bij een contract is per definitie meer dan één partij betrokken, waardoor beslissingen niet eenzijdig genomen kunnen worden en het aandeelhouderschap betreft nu eenmaal een rol op afstand. Deze bezwaren kunnen worden ondervangen door in plaats van een contract te kiezen voor een publiekrechtelijke concessie. In plaats van het aandeelhouderschap in een private rechtspersoon kan voor een zelfstandig bestuursorgaan worden geopteerd. De conclusie is niet dat contracten en het aandeelhouderschap kunnen worden afgeschreven als instrumenten om mee te sturen. Contracten en het aandeelhouderschap kunnen in andere gevallen wel voldoende handvatten bieden. Veel is bijvoorbeeld ook afhankelijk van de inhoud en vormgeving van het contract. Ook de onderhandelingspositie bij het vormgeven van de contracten en de mate van verantwoordelijkheid die de overheid wenst te dragen zijn relevant. Per geval zullen die afwegingen moeten worden gemaakt.


mr. S. Pereth
mr. S. (Sven) Pereth is wetgevingsjurist bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Artikel

Aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden en het mededingingsrecht: wat moet een mededingingsjurist weten van de mogelijkheden tot uitsluiting in het aanbestedingsrecht?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2016
Trefwoorden aanbesteding, uitsluitingsgronden, ernstige fout, valse verklaring, proportionaliteit
Auteurs Maurice Esssers en Robert Fröger
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de per 1 juli 2016 geïntroduceerde wijzigingen van de Aanbestedingswet 2012 is het kader voor aanbestedingsrechtelijke uitsluitingsgronden gewijzigd. In dit artikel staan de uitsluitingsgronden centraal die voor beoefenaars van het mededingingsrecht relevant zijn. Met name wanneer ACM boetes oplegt wegens overtreding van (sectorspecifieke) regelgeving, gaan deze uitsluitingsgronden in latere aanbestedingen een rol spelen. Aspecten van een besluit die een impact hebben op de aanbestedingsrechtelijke kansen van ondernemingen zijn onder meer: de duur van de overtreding, de aard van de overtreding, de wijze van afdoening, de rechtspersonen waaraan de overtreding wordt toegerekend, de publicatiedatum en de mate van verwijtbaarheid.


Maurice Esssers
Mr. M.J.J.M. Essers is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.

Robert Fröger
Mr. R.A. Fröger is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Artikel

De Curaçaose zbo

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2016
Trefwoorden zelfstandige bestuursorganen, artikel 111 Staatsregeling Curaçao, historische context, verordenende bevoegdheid
Auteurs Dr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    De bestuurlijke organisatie van de Curaçaose overheid kent naast de klassieke bestuursorganen, als de raad van ministers en de individuele minister, ook entiteiten die op afstand zijn geplaatst, zoals overheidsnv’s en overheidsstichtingen. Daarnaast kent de Staatsregeling van Curaçao sedert 2004 ook nog de mogelijkheid om openbare lichamen en zelfstandige bestuursorganen in te stellen. Vooral van deze laatste bestuursvorm, de zbo, wordt door de wetgever van Curaçao de laatste tijd veel gebruikgemaakt. In dit artikel wordt antwoord gegeven op wat precies een Curaçaose zbo is, waarbij nader wordt ingegaan op de diverse publiekrechtelijke entiteiten die lang voor 2004 werden ingesteld. Tevens komen aan de orde de bevoegdheden en verplichtingen die een zbo kent. Een en ander toegelicht aan de hand van een praktijkvoorbeeld, namelijk de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten.


Dr. J. Sybesma
Dr. J. Sybesma is redactielid van het Caribisch Juristenblad. Hij is tevens lid van de RvA, adviseur van de Centrale Bank van Curaçao en Sint Maarten (CBCS) en parttime docent aan de juridische faculteit van de Universiteit van Curaçao. Dit artikel is echter volledig à titre personnel geschreven en alle uitspraken en stellingen zijn slechts de zijne.
Artikel

Concurrerende overheidsondernemingen: a continuing story

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2016
Trefwoorden staatssteun, vennootschapsbelasting, level playing field, overheidsonderneming, (object)vrijstelling
Auteurs Edwin Schotanus
SamenvattingAuteursinformatie

    De discussie tussen lidstaat Nederland en de Europese Commissie betreffende de fiscale ongelijkheid tussen overheidsondernemingen en ‘gewone’ ondernemingen als gevolg van de vrijstelling voor vennootschapsbelasting duurt voort. De Europese druk heeft inmiddels geleid tot afschaffing van de generieke vrijstelling voor vennootschapsbelasting voor overheidsondernemingen. Toch doet lidstaat Nederland vooralsnog geen algehele afstand van de vrijstelling. De Wet modernisering Vpb-belastingplicht overheidsondernemingen introduceert namelijk nieuwe categorieën vrijstellingen. Dit artikel behandelt de vraag of deze nieuwe vrijstellingen tegemoetkomen aan de dienstige maatregel van de Europese Commissie, of dat deze nog steeds een verstoring van de fiscale gelijkheid (kunnen) veroorzaken en dus slechts ‘uitstel van (Europese) executie’ zullen bieden.


Edwin Schotanus
Mr. E.W.F. Schotanus is advocaat bij KienhuisHoving.
Artikel

Gevolgen voor winstuitkeringen aan aandeelhouders na herziening jaarrekening BV

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 8-9 2016
Trefwoorden herziening jaarrekening, herroeping vaststellingsbesluit, gevolgen winstuitkeringen aandeelhouders
Auteurs Mr. M.A.R. Vonk
SamenvattingAuteursinformatie

    In de praktijk bestaat soms behoefte om de jaarrekening te herzien. Bijvoorbeeld wanneer deze geen juist beeld geeft over de gang van zaken bij een onderneming. In dit artikel bespreekt de auteur wat bij herziening van de jaarrekening de mogelijke gevolgen zijn voor de reeds gedane winstuitkeringen aan aandeelhouders.


Mr. M.A.R. Vonk
Mr. M.A.R. Vonk is als Junior Adviseur Ondernemingsrecht werkzaam bij Bureau Vaktechniek van BDO Accountants & Belastingadviseurs te Tilburg.
Artikel

Turboliquidatie: wat is een bate van de rechtspersoon in de zin van artikel 2:19 lid 4 BW?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden turboliquidatie, artikel 2:19 lid 4 BW, turbogeliquideerde rechtspersoon
Auteurs Mr. H.J. de Kloe
SamenvattingAuteursinformatie

    Als het faillissement van een turbogeliquideerde rechtspersoon wordt aangevraagd, is het regelmatig van belang of de artikel 2:248 BW-vordering, de paulianavordering en de Peeters/Gatzen-vordering baten zijn van de rechtspersoon in de zin van artikel 2:19 lid 4 BW. Deze vraag wordt behandeld en er worden alternatieven aangereikt voor schuldeisers van een turbogeliquideerde rechtspersoon.


Mr. H.J. de Kloe
Mr. H.J. de Kloe is wetenschappelijk docent ondernemingsrecht en faillissementsrecht bij de sectie Handels- en Ondernemingsrecht & Financieel Recht van de Erasmus School of Law te Rotterdam.
Artikel

Loyaliteitsdividend, bijzondere stemrechtaandelen en de positie van minderheidsaandeelhouders

Midstream or IPO introduction, that’s the question

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden bijzondere stemrechtaandelen, loyaliteitsaandelen, corporate governance, enquêterecht, minderheidsaandeelhouders
Auteurs Mr. drs. A.A. Bootsma
SamenvattingAuteursinformatie

    De recentelijke invoering van bijzondere stemrechtaandelen wordt vergeleken met het bij DSM voorgestelde loyaliteitsdividend. Het loyaliteitsdividend werd midstream – door statutenwijziging bij een bestaande beurs-NV met zittende publieke aandeelhouders – voorgesteld. De bijzondere stemrechtaandelen zijn voorafgaand aan een beursgang (IPO) van een nieuwe (holding)vennootschap ingevoerd. Dit verschil werkt door in de positie van minderheidsaandeelhouders. Tegen deze achtergrond wordt ingegaan op de Eumedion-voorstellen voor regulering van bijzondere stemrechtaandelen.


Mr. drs. A.A. Bootsma
Mr. drs. A.A. Bootsma is werkzaam als promovendus bij Erasmus School of Law en verbonden aan het Instituut voor Ondernemingsrecht (IvO) en het IvO Center for Financial Law & Governance (ICFG).
Artikel

Overnamegevechten, ongewenste investeerders en vitale vennootschappen

Is een investeringstoets ter waarborging van ‘het algemeen belang’ wenselijk?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2016
Trefwoorden overname, algemeen belang, ongewenste investeerder, investeringstoets, KPN
Auteurs Mr. P.W.M. van Slobbe
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage staat de waarborging van het algemeen belang binnen overnames centraal. Besproken wordt of het wenselijk is dat (in het licht van een mogelijk wetsvoorstel) het verkrijgen van zeggenschap in bepaalde voor Nederland vitale vennootschappen, zoals KPN, wordt getoetst op mogelijke bedreigingen voor het algemeen belang.


Mr. P.W.M. van Slobbe
Mr. P.W.M. van Slobbe is onlangs afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen, Duale Master Onderneming en Recht.
Artikel

Is het maatschappelijk onbetamelijk om een (beroeps)fout te maken?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden beroepsaansprakelijkheid, advocaat, contractuele zorgvuldigheidsnorm, onrechtmatige daad
Auteurs Mr. K.C.A. Schweers en Mr. W.A.M. Rupert
SamenvattingAuteursinformatie

    Handelt een advocaat die bij de uitoefening van zijn werkzaamheden een fout heeft gemaakt onrechtmatig? Vooral de uit het leerstuk van wanprestatie voortvloeiende zorgvuldigheidsnorm van een redelijk bekwaam en redelijk handelend vakgenoot lijkt (mede) bepalend voor de beoordeling of de vordering op basis van onrechtmatige daad gegrond is.


Mr. K.C.A. Schweers
Mr. K.C.A. Schweers is juridisch medewerker bij Stadermann Luiten Advocaten te Rotterdam.

Mr. W.A.M. Rupert
Mr. W.A.M. Rupert is advocaat bij Stadermann Luiten Advocaten te Rotterdam.
Artikel

Tegenstrijdig belang

Recente ontwikkelingen sinds de wetswijziging in 2013

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 9 2016
Trefwoorden tegenstrijdig belang, Bruil, besluitvormingsregeling, materiële benadering, art. 2:239 BW
Auteurs Mr. E. Zwerus en Mr. S.R. Brand
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de inwerkingtreding van de Wet bestuur en toezicht per 1 januari 2013 heeft de externe vertegenwoordigingsregeling plaats moeten maken voor een interne besluitvormingsregeling bij tegenstrijdig belang van bestuurders. De invulling van het tegenstrijdig-belangbegrip is met de wijziging van de huidige regeling niet veranderd. De criteria zoals door de Hoge Raad geformuleerd in het 2007 gewezen Bruil-arrest zijn nog steeds leidend.


Mr. E. Zwerus
Mr. E. Zwerus is werkzaam als advocaat bij De Bok Roijers Gasseling Advocaten te Rotterdam.

Mr. S.R. Brand
Mr. S.R. Brand is werkzaam als advocaat bij De Bok Roijers Gasseling Advocaten te Rotterdam.
Artikel

Doorwerking van aandeelhoudersovereenkomsten na invoering van de flex-BV: wat is het alternatief?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden aandeelhoudersovereenkomsten, vennootschapsrechtelijke doorwerking, flex-BV
Auteurs Mr. T.L.M. van der Weijden
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit recente jurisprudentie blijkt dat de praktijk nog steeds worstelt met de vraag in hoeverre contractuele verplichtingen uit hoofde van een aandeelhoudersovereenkomst doorwerken binnen de vennootschapsrechtelijke verhoudingen. De invoering van de flex-BV heeft hier kennelijk onvoldoende verduidelijking gebracht. Aan de hand van enkele alternatieven voor aandeelhoudersovereenkomsten worden aanbevelingen gedaan voor de wetgever.


Mr. T.L.M. van der Weijden
Mr. T.L.M. van der Weijden is onlangs afgestudeerd aan de Radboud Universiteit Nijmegen in de masters Ondernemingsrecht en Burgerlijk recht.
Artikel

Een reactie op een reactie: artikel 2:210 lid 5 BW

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vennootschapsrecht, faillissementsrecht, aansprakelijkheid te late deponering, artikel 2:210 lid 5 BW
Auteurs Mr. M.W. Josephus Jitta
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze reactie wordt ingegaan op de reactie van Schwarz en Wolf op de bijdrage van Van Hooff, waar het gaat om de gevolgen van artikel 2:210 lid 5 jo. artikel 2:248 lid 2 BW. Op grond van de rechtspraak van de Hoge Raad komt de auteur tot de conclusie dat de zorg van Schwarz en Wolf dat bij toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW de sanctie van artikel 2:248 lid 2 BW eerder zou intreden dan zonder toepassing van artikel 2:210 lid 5 BW, ongegrond is.


Mr. M.W. Josephus Jitta
Mr. M.W. Josephus Jitta is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Het rechtspersoonlijk belang van het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen: schijnuniformering of ware eendracht?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden uniformering, vennootschapsbelang, rechtspersoonlijk belang, Wet bestuur en toezicht rechtspersonen, vennootschappelijk belang
Auteurs R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp Wet bestuur en toezicht rechtspersonen introduceert het geüniformeerde begrip rechtspersoonlijk belang als gedragsnorm voor bestuurders en toezichthouders. Door duiding van en vergelijking met het huidige vennootschapsbelang komt de auteur tot de conclusie dat de in de consultatieronde geuite kritiek grotendeels onjuist c.q. onterecht is.


R.H.H. Vastmans LL.B (Hons.)
R.H.H. Vastmans is masterstudent Nederlands recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Bonje binnen de vereniging van eigenaars

Een bespreking van misbruik van meerderheidsmacht aan de hand van Rb. Limburg 5 november 2015, ECLI:NL:RBLIM:2015:9607

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden vereniging van eigenaars, misbruik van meerderheidsmacht, redelijkheid en billijkheid, artikel 5:130 BW, artikel 2:12 BW
Auteurs Mr. B. Kemp
SamenvattingAuteursinformatie

    Handelt een appartementseigenaar in strijd met de redelijkheid en billijkheid als hij in lijn met zijn persoonlijke belang stemt? De kantonrechter oordeelde van wel. In de bijdrage wordt ingegaan op materieelrechtelijke en procesrechtelijke aspecten van besluitvorming en het aantasten van die besluitvorming binnen VvE’s.


Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij DVDW Advocaten te Den Haag, als universitair docent verbonden aan het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht en redacteur van het Maandblad voor Ondernemingsrecht.
Artikel

‘The Law BV’: heeft het bewijsvoordeel in artikel 2:138 lid 2/248 lid 2 BW zijn langste tijd gehad?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2016
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, faillissementsaansprakelijkheid, boedeltekort, kennelijk onbehoorlijk bestuur
Auteurs Mr. C. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 12 februari 2016 heeft de Hoge Raad een uitspraak gedaan in een bestuurdersaansprakelijkheidsprocedure op grond van artikel 2:248 lid 2 BW. Uit de uitspraak komt naar voren dat het bewijsvoordeel dat de curator aan artikel 2:248 lid 2 BW kan ontlenen veel van zijn betekenis heeft verloren.


Mr. C. de Groot
Mr. C. de Groot is universitair hoofddocent aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Statuten, een kwestie van uitleg op maat?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2016
Trefwoorden uitleg, statuten, reglement, objectief, subjectief
Auteurs Mr. J.R. Hurenkamp
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de rechtspraak anno 2016 volgt dat statuten objectief moeten worden uitgelegd, maar dat in uitzonderingsgevallen een meer subjectieve uitleg gerechtvaardigd kan zijn, indien partijen betrokken zijn geweest bij de totstandkoming van de statuten, in een contractuele verhouding staan of de redelijkheid en billijkheid in art. 2:8 BW dat eist.


Mr. J.R. Hurenkamp
Mr. J.R. Hurenkamp is advocaat bij Wijn & Stael Advocaten te Utrecht.
Toont 1 - 20 van 29 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.