Zoekresultaat: 112 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2015 x Rubriek Article x
Artikel

De verschuivende functies van de Awb

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2015
Trefwoorden harmonisatie, rechtseenheid, borging van rechtsstatelijkheid
Auteurs Prof. dr. B.J. Schueler
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat aan de hand van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) in op een van de drie hoofdcategorieën van rechtseenheid die Stip en Zijlstra onderscheiden, namelijk de rechtseenheid die ziet op het voorkomen van verschillende uitleg en toepassing van dezelfde rechtsnormen binnen een rechtsorde. De auteur bespreekt de vijf belangrijkste redenen om algemene regels van bestuursrecht in de Awb op te nemen in plaats van een regeling te maken voor deelterreinen. Hij bespreekt deze redenen vanuit vijf invalshoeken: rechtseenheid, kenbaarheid, voorspelbaarheid, efficiëntie van wetgeving en borging van rechtsstatelijkheid. In het huidige tijdsgewricht zijn met name die laatste twee van belang door twee ontwikkelingen. Ten eerste proberen bestuur en wetgevers de slagkracht van het bestuur te vergroten. De Awb waarborgt dat burgers de middelen houden die nodig zijn om voor hun belangen en rechten op te komen. Ten tweede komt door verschuivingen het zwaartepunt in wetgeving steeds meer bij het bestuur te liggen: normstelling wordt meer bestuurlijk ingekleurd, de rechter wordt op afstand gezet en de wetgever laat inhoudelijke regelgeving over aan het bestuur. Dit werpt een nieuw licht op de waarborgfunctie van de Awb, die het handelen van het bestuur normeert.


Prof. dr. B.J. Schueler
Prof. dr. B.J. Schueler is hoogleraar bestuursrecht, in het bijzonder het omgevingsrecht, aan de Universiteit Utrecht en staatsraad in de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Artikel

Ruimtelijk plannen met buisleidingen: verleden, heden en toekomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden buisleidingen, ondergrond, kabels, leidingen, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. I.J. (Ingeborg) Wind-Middel
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op buisleidingen in het omgevingsrecht met een focus op ruimtelijke planning. Het betreft een overzichtsartikel en daarmee een handreiking voor degenen die zich willen oriënteren op de toepasselijke ruimtelijke kaders. Om het huidige beleid in perspectief te plaatsen, zal allereerst het belangrijkste ‘oude’ beleid voor buisleidingen in relatie tot ruimtelijke ordening worden besproken (‘verleden’). Vervolgens zal worden ingegaan op de thans geldende belangrijkste ruimtelijke wet- en regelgeving (‘heden’). Tot slot wordt het wetsvoorstel Omgevingswet kort besproken (‘toekomst’). Andere interessante aanpalende onderwerpen zoals gedogen (Belemmeringenwet Privaatrecht, BP), nadeelcompensatie, eigendom of de Telecommunicatiewet Publiekrecht komen in deze bijdrage niet of slechts zijdelings aan bod.


Mr. I.J. (Ingeborg) Wind-Middel
Mr. I.J. (Ingeborg) Wind-Middel is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en maakt daar onderdeel uit van het Public Law team. Zij is gespecialiseerd in het omgevingsrecht.

    Deze bijdrage gaat over de verschillen tussen de enquêteprocedure als verzoekschriftprocedure en het kort geding als dagvaardingsprocedure. In beide procedures kunnen voorlopige ordemaatregelen worden verkregen, maar er bestaan belangrijke verschillen. Gedacht kan worden aan bijvoorbeeld het belang dat in de procedure centraal staat alsmede de rol die belanghebbenden spelen.


Mr. B. Kemp
Mr. B. Kemp is advocaat bij DVDW Advocaten te Den Haag, als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid, research fellow bij het Institute for Corporate Law, Governance and Innovation Policies (ICGI) van de Universiteit Maastricht.
Artikel

Een praktijkvennootschap voor een advocaat: de nieuwe kleren van de keizer?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden bestuurdersaansprakelijkheid, beroepsaansprakelijkheid, Onrechtmatige daad, praktijkvennootschap
Auteurs Mr. B.I. Kraaipoel
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 18 september 2015 heeft de Hoge Raad een arrest gewezen over beroepsaansprakelijkheid van twee advocaten. Het artikel behandelt de vraag in hoeverre een beroepsbeoefenaar door zijn praktijkvennootschap wordt beschermd tegen persoonlijke aansprakelijkheid. Daarnaast wordt ingegaan op de vraag onder welke omstandigheden een werknemer aansprakelijk kan worden gehouden door de contractuele wederpartij van zijn werkgever.


Mr. B.I. Kraaipoel
Mr. B.I. Kraaipoel is advocaat bij RESOR te Amsterdam.
Artikel

De shockschadevordering in het strafproces

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2015
Trefwoorden shockschade, strafproces, voeging benadeelde partij
Auteurs Mr. E.S. Engelhard, Mr. M.R. Hebly en Mr. drs. I. van der Zalm
SamenvattingAuteursinformatie

    Naasten en nabestaanden van slachtoffers van ernstige misdrijven kunnen, indien zij door de confrontatie met de schokkende gebeurtenis psychische schade lijden, zich met hun vordering tot vergoeding van shockschade voegen in het strafproces. Hoe en in welke mate worden shockschadevorderingen in het strafproces inhoudelijk behandeld, gegeven het feit dat deze vorderingen snel een onevenredige belasting van het strafproces kunnen opleveren? Welke invloed en betekenis heeft de verruiming van het voegingscriterium per 1 januari 2011 hierin? Ter beantwoording van deze vragen hebben de auteurs uitvoerig jurisprudentieonderzoek uitgevoerd naar het ‘lot’ van shockschadevorderingen in het strafproces.


Mr. E.S. Engelhard
Mr. E.S. Engelhard is promovendus bij de sectie Burgerlijk Recht van Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam.

Mr. M.R. Hebly
Mr. M.R. Hebly is promovendus bij de sectie Burgerlijk Recht van Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam.

Mr. drs. I. van der Zalm
Mr. drs. I. van der Zalm is wetenschappelijk docent bij de sectie Burgerlijk Recht van Erasmus School of Law, Erasmus University Rotterdam.
Artikel

You can talk the talk but can you walk the walk?

Niet-mededingingsrechtelijke nationale belemmerende maatregelen met betrekking tot fusies en buitenlandse investeringen en het recht van de Europese Unie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2015
Trefwoorden Fusies en buitenlandse investeringen, publieke belangen, bevoegdheidsverdeling nationaal-supranationaal
Auteurs Mr. P. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    Een nieuwe golf van economisch patriottisme doet de vraag rijzen in hoeverre het Unierecht een keurslijf vormt voor publieke belangen die, in het kader van fusies en buitenlandse investeringen, kunnen worden ingeroepen ter onttrekking van nationale regelingen aan de vrije mededinging. In dit artikel zal deze kwestie benaderd worden vanuit het perspectief van het internemarktrecht. Daarbij zal worden ingegaan op de vraag of – en zo ja, wanneer – lidstaten op grond van het Unierecht nationale mechanismen mogen instellen en/of toepassen.


Mr. P. Jansen
Mr. P. (Pim) Jansen is als wetenschappelijk onderzoeker verbonden aan het instituut Consument, Concurrentie en Markt van de Faculteit Rechtsgeleerdheid aan de KU Leuven, België.
Artikel

De ministerieplicht van de notaris wordt door de Hoge Raad gefundeerd op de civielrechtelijke positie van zijn cliënt

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2015
Trefwoorden ministerieplicht notaris, rechtmatig belang koper bij levering, botsende rechten op levering, vestiging tweede hypotheekrecht zonder vereiste toestemming eerste hypotheekhouder, verhouding civielrechtelijke en tuchtrechtelijke aansprakelijkheid van notaris
Auteurs Prof. dr. S. Perrick
SamenvattingAuteursinformatie

    In het belangrijke arrest HR 3 april 2015, ECLI:NL:HR:2015:831 grondt de Hoge Raad de ministerieplicht van de notaris op de civielrechtelijke positie van zijn cliënt. Daaruit valt de zorgplicht jegens derden af te leiden. De auteur verheldert de betekenis van het arrest, behandelt het verband met het tuchtrecht en ziet onder ogen wat de betekenis van het arrest is voor andere casusposities.


Prof. dr. S. Perrick
Prof. dr. S. Perrick is advocaat te Amsterdam en bijzonder hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2015
Trefwoorden privaatrechtelijke handhaving, Europees mededingingsrecht, schadevergoeding, inbreuk op het mededingingsrecht
Auteurs Mr. dr. E.J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorontwerp van de implementatiewet richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht is ter consultatie gepubliceerd. Het voorontwerp strekt tot omzetting van de richtlijn privaatrechtelijke handhaving mededingingsrecht. In deze bijdrage bespreekt de auteur aan de hand van het voorontwerp de voorgestelde wijzigingen in het BW en Rv.


Mr. dr. E.J. Zippro
Mr. dr. E.J. Zippro is advocaat bij ZIPPRO & MEIJER Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Invordering dwangsommen

Tijdschrift StAB, Aflevering 4 2015
Auteurs Peter Cup

Peter Cup

    Plattelandswoning. Beleidsregels. Spuitzone.

Artikel

Het levenstestament

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden life will, power of attorney, protection of vulnerable adults, mental (in)capacity, ageing
Auteurs Mr. C.G.C. Engelbertink
SamenvattingAuteursinformatie

    A legal document appointing one or more people to help a person make decisions or to make decisions on the person’s behalf is a power of attorney (levenstestament). It is meant to be used in situations when illness prevents a person to make decisions that need to be made. In the levenstestament certain trusted people have been given the authority to manage money affairs, property and medical decisions on behalf of the ill person. The document is registered. The author argues that mental incapacity can also be temporarily or partially.


Mr. C.G.C. Engelbertink
Mr. Chanien Engelbertink is estate planner en (levens)executeur te Bussum.
Artikel

Woningovervallen op ouderen: een zeldzaam, maar heftig fenomeen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden house robberies, oldsters, violence, risk factors, house robbery offenders
Auteurs Dr. B. Rovers en S. Mesu MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years the total number of violent robberies in the Netherlands has gone down sharply, but the number of robberies on private homes doesn’t decline. Especially robberies on private homes of the elderly are notorious for the level of violence used by the attackers, while the loot is often negligible. In this article the authors investigate this offense. Chances of becoming a victim are very small, but people who are robbed in their own homes often face severe violence. On the one hand these high violence levels and consequential injuries are related to the age of the victims: the elderly resist the attackers more than younger people do, and because of their age they are more vulnerable to physical attacks. On the other hand the high levels of violence are typical of (all) robberies on private homes: the unknown space and the unpredictable behavior of residents contribute to this. Most of these robberies are poorly planned and executed. This also explains why so many of these incidents turn nasty. The elderly are not specially targeted, the reasons they are robbed do not differ from other robberies on private homes: the attackers expect an easy accessible and substantial loot. In many cases both assumptions turn out to be wrong. Risk factors and prevention options are discussed.


Dr. B. Rovers
Dr. Ben Rovers is criminoloog/onderzoeker bij onderzoeksbureau BTVO in Den Bosch.

S. Mesu MSc
Sally Mesu MSc is teamleider Informatieknooppunt Korpsleiding (en voormalig onderzoeker) bij de Nationale Politie.
Artikel

Ouderenmishandeling

Een verkenning naar aard en omvang

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden elder abuse, victims, prevalence, definition, study method
Auteurs Drs. I. Plaisier en Drs. M. de Klerk
SamenvattingAuteursinformatie

    Older people can become victims of abuse by someone they know and whom they depend on, such as family, friends or professional caregivers. Elder abuse is not always intentional, sometimes it is due to care falling short. Conducting a study to explore the prevalence of elder abuse is difficult. Commissioned by the Dutch State Secretary for Health, Welfare and Sport, the Netherlands Institute for Social Research (SCP) has brought together the current knowledge on this topic using the most recent data drawn from qualitative research, surveys of older persons, professionals and volunteers, and record data. The sources together do not produce an unambiguous picture of the actual number of victims in the Netherlands. All sources produce far lower figures than the estimated 200,000 based on a study of twenty years ago. The numbers found depend strongly on the research method and definition of the phenomenon.


Drs. I. Plaisier
Drs. Inger Plaisier is als onderzoeker werkzaam bij het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in Den Haag.

Drs. M. de Klerk
Drs. Mirjam de Klerk is als onderzoeker werkzaam bij het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP) in Den Haag.
Artikel

Aandacht voor de morele dimensie van toezicht

Een onderzoek naar de inzet van moreel beraad voor inspecteurs

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden goed toezicht, ethiek, moreel beraad, dilemma’s, reflectie
Auteurs Wike Seekles, Guy Widdershoven, Paul Robben e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Inspecteurs en toezichthoudende organisaties staan dagelijks voor lastige beslissingen. Het bepalen van wat uiteindelijk ‘goed toezicht’ is, vergt naast regelgeving, vakinhoudelijke kennis en protocollen ook morele afwegingen. In inspectieorganisaties is doorgaans geen tijd en expertise voor een methodische reflectie op de morele dimensie van het werk. Om te onderzoeken of moreel beraad een bijdrage kan leveren aan de omgang met morele vragen in de dagelijkse toezichtpraktijk is een exploratieve pilotstudie uitgevoerd binnen de Inspectie voor de Gezondheidszorg.


Wike Seekles
Dr. W.M. Seekles is universitair docent, afdeling Globaliserings- en dialoogstudies (UvH Utrecht) en wetenschappelijk medewerker Metamedica (VUmc Amsterdam).

Guy Widdershoven
Prof.dr. G.A.M. Widdershoven is Hoogleraar Medische Filosofie en Ethiek aan de Vrije Universiteit.

Paul Robben
Prof.dr. P.B.M. Robben is is bijzonder hoogleraar ‘Effectiviteit van toezicht op de kwaliteit van de gezondheidszorg’, instituut Beleid en Management Gezondheidszorg Erasmus Universiteit Rotterdam/Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Gonny van Dalfsen
Drs. G.M. van Dalfsen is coördinerend senior inspecteur Inspectie voor de Gezondheidszorg.

Bert Molewijk
Dr. B. Molewijk is ethicus, senior wetenschappelijk onderzoeker (UHD), teamleider (EMGO+, VUmc Amsterdam) en Associate Professor Clinical Erhics Support, Center for Medical Ethics, University of Oslo.
Artikel

Constitutionele toetsing in het Koninkrijk in context

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Constitutionele toetsing, Caribische landen, Commonwealth Caribbean, Eastern Caribbean, Caricom
Auteurs Mr. dr. F. Goudappel en Mr. dr. J. de Wit
SamenvattingAuteursinformatie

    Waarom hebben de Caribische landen binnen het Koninkrijk op 10-10-’10, terwijl constitutionele toetsing in het Koninkrijk geen usance was, gekozen voor het in hun Staatsregeling opnemen van een rechterlijke bevoegdheid van constitutionele toetsing? De auteurs zoeken een antwoord op deze vraag door in de eerste plaats de gekozen systemen van constitutionele toetsing in de Caribische landen te bespreken. Aansluitend plaatsen zij deze systemen in het perspectief van toetsing in andere Caribische overzeese gebieden en in regionale internationale samenwerkingsverbanden. Het blijkt echter zeer moeilijk, zo niet onmogelijk, om de gronden achter de verschillende systemen van constitutionele toetsing in Aruba, Curaçao en Sint Maarten te verklaren. De verschillen en de keuzes kunnen niet direct worden herleid naar enige traditie in de regio of in het Koninkrijk. De noodzaak van de keuzes gemaakt voor unieke systemen is de auteurs na deze rechtsvergelijking en bespreking van de ervaringen tot nu toe niet duidelijk.


Mr. dr. F. Goudappel
Mr. dr. F. Goudappel houdt de Jean Monnet Chair EU Trade Law in the Overseas Territories en is consultant Europees recht.

Mr. dr. J. de Wit
Mr. dr. J. de Wit is universitair hoofddocent aan Erasmus School of Law.
Artikel

Minderjarige slachtoffers in herstelbemiddeling: positie en ervaringen

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden jeugdige slachtoffers, Herstelbemiddeling, Participatie, Inspraak
Auteurs Eline Renders BA en Inge Vanfraechem
SamenvattingAuteursinformatie

    This article studies the position of young victims in restorative justice and mediation. First we study the literature, which shows that although young victims may have specific needs, their position within restorative justice remains underexposed. Therefore, we have set up a small explorative study in the beginning of 2015. Through nine interviews with young victims who have gone through a mediation process in Flanders, we sought to answer three central questions. The article discusses whether these victims were satisfied with the mediation process, whether they could have a say in the process and what the importance was of having support persons throughout the mediation process.
    We found that the participation of the parents does influence the mediation process, since the parents are the main support persons for the young victim. Other support people are seldom present in the process, although some victims wanted the school or a friend to participate. Most of the young victims found they had a say in the process, but the presence of the parents could be an impediment in that regard. Young victims interviewed were generally satisfied with the mediator and mediation process, but not always with the outcome of the mediation. Ensuring that these young victims really get a say in the process proved to be a point of attention for practice.


Eline Renders BA
Eline Renders is BA in sociaal werk (KH Leuven) en MA in Criminologie (KU Leuven) en schreef haar thesis aangaande herstelbemiddeling en minderjarige slachtoffers. Ze deed haar stage bij de Bemiddelingsdienst van het Arrondissement Leuven.

Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is senior onderzoeker aan het Leuvens Instituut voor Criminologie (KU Leuven) en redactielid van dit tijdschrift.

    Inclusive mediation involves a mediator whose neutrality is based on involvement with both sides of the dispute, and whose normative references are implicit; he or she is an insider. Exclusive mediation, on the other hand, involves a third party whose neutrality derives from his knowing neither disputant, and whose references to norms are explicit; an outsider, so to speak. The concepts of inclusive and exclusive mediation have been introduced by the anthropologist Carol Greenhouse in the 1980s. Inclusive mediation heavily relies on local knowledge and local ties, and its orientation can be labelled as horizontal. Basically, it fits small-scale societies, while exclusive mediation is more common in Europe and the United States. This article is about dispute settlement in an indigenous community in the Ecuadorian highlands, were I have encountered a unusual mixture of both forms: a local teniente político who applies inclusive as well as exclusive aspects of mediation at the same time.


Marc Simon Thomas
Marc A. Simon Thomas is rechtsantropoloog en postdoc onderzoeker bij het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing, Universiteit Utrecht.
Artikel

Transfer pricing-risico’s bij overnames

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden transfer pricing, verrekenprijzen, due diligence, belastingen, overnamecontract
Auteurs Mr. M.A. Lange en Mr. drs. T. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    Veel M&A-professionals zijn niet goed bekend met ‘transfer pricing’ en de regelgeving die daarop van toepassing is. Dit kan resulteren in onvoldoende aandacht voor eventuele risico’s bij de target. In deze bijdrage bespreken de auteurs wat transfer pricing inhoudt en waarom het van belang is hier tijdens een overnameproces voldoende aandacht aan te besteden.


Mr. M.A. Lange
Mr. M.A. de Lange is als belastingadviseur werkzaam bij Loyens & Loeff te Rotterdam en maakt deel uit van Team Transfer Pricing.

Mr. drs. T. Mulder
Mr. drs. T. Mulder is als belastingadviseur werkzaam bij Loyens & Loeff te Rotterdam en maakt deel uit van Team Transfer Pricing.
Artikel

Toerekening van onrechtmatig (semi)overheidshandelen; over oude en nieuwe subregels, trends en ontwikkelingen

Bespreking van HR 26 juli 2015, ECLI:NL:HR:2015:1750 (Windpark Zeeland/Delta) en HR 18 september 2015, ECLI:NL:HR:2015:2722 (Staat/werknemer X)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2015
Trefwoorden onrechtmatige daad, toerekening, verkeersopvattingen, semioverheid, vernietigde besluiten, profijtbeginsel
Auteurs Mr. P. Memelink
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van twee recente arresten over ‘automatische toerekening’ krachtens verkeersopvatting in geval van rechtsdwaling of naderhand vernietigde besluitvorming. Deze bekende subregel wordt daarin uitgebreid naar supranationaal recht en naar handelen door een geprivatiseerd overheidsorgaan. De achtergrond van deze vorm van toerekening komt aan de orde, evenals bespreking van een recent pleidooi om daarin het ‘profijtbeginsel’ te betrekken.


Mr. P. Memelink
Mr. P. Memelink is professional support lawyer en hoofd kennismanagement bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

Privacyperikelen rond de Jeugdwet

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2015
Trefwoorden Jeugdwet, gegevensuitwisseling, privacy, medisch beroepsgeheim
Auteurs mr. dr. V.E.T. Dörenberg en prof. mr. drs. M.R. Bruning
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2015 is de Jeugdwet in werking getreden. Al voor de inwerkingtreding van deze wet was er discussie over de gegevensverwerkingen die met de wet gepaard gingen en de gevolgen daarvan voor de privacy van jeugdigen en ouders. In deze bijdrage worden deze eerste signalen van privacyknelpunten kort besproken en wordt een nadere typering gegeven van de naar onze mening grootste knelpunten op dit moment, die enerzijds samenhangen met de inhoud van de Jeugdwet en anderzijds te maken hebben met de uitvoering. De verschillende visies over hoe met deze knelpunten om te gaan, worden behandeld evenals een mogelijke oplossing om uit de bestaande impasse te komen.


mr. dr. V.E.T. Dörenberg
Vivianne Dörenberg is wetenschappelijk docent gezondheidsrecht bij het VU medisch centrum Amsterdam en als onderzoeker verbonden aan het EMGO instituut voor onderzoek naar gezondheid en zorg. Zij is redacteur van dit tijdschrift.

prof. mr. drs. M.R. Bruning
Mariëlle Bruning is hoogleraar jeugdrecht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 112 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.