Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 387 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Groene ketenaansprakelijkheid

Geen ontkomen aan

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2021
Trefwoorden georganiseerde misdaad, ecologische misdaad, corruptie, fraude, Oekraïne
Auteurs Em. prof. dr. P.C. van Duyne
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt verslag gedaan van onderzoek naar ontbossing in Oekraïne. Uit door Earthsight en plaatselijke onderzoeksjournalisten uitgevoerd onderzoek blijkt dat een groot deel van het naar de EU uitgevoerde hout onwettig gewonnen is, mogelijk gemaakt door corruptie van hooggeplaatste ambtenaren. De in de EU gebruikte duurzaamheidscertificaten blijken de lading niet te dekken. Voorgesteld wordt een systeem van objectieve risicoaansprakelijkheid voor elke schakel in de handelsketen in te voeren: van oorsprong tot eindhandelaar.


Em. prof. dr. P.C. van Duyne
Em. prof. dr. P.C. van Duyne is emeritus hoogleraar Empirische aspecten van de strafrechtspleging aan de Universiteit van Tilburg.
Peer-reviewed artikel

Regelnaleving in de Nederlandse veehouderij

Misstanden, verklaringen en implicaties voor toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2021
Trefwoorden compliance, veehouderij, neutralisaties, normen, responsive regulation
Auteurs Fiore Geelhoed, Sophie Benerink en Martine Ceton
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse veehouderij staat volop in de aandacht door kwesties als mestfraude, dierenwelzijnskwesties en stikstofnormen. Dit roept vragen op omtrent regelnaleving onder Nederlandse veehouders, zoals welke regels zij al dan niet naleven en welke verklaringen hiervoor te geven zijn. Om deze vraag te beantwoorden is gebruikgemaakt van de data die zijn verzameld in het kader van drie casestudies naar regelnaleving onder varkenshouders, pluimveehouders en de betrokkenheid daarbij van dierenartsen. Deze studies laten zien dat de betrokken veehouders over het geheel genomen allemaal wel eens regels overtreden. Neutralisaties, strain en persoonlijke en sociale normen spelen daarbij een rol. De inzichten die deze studies opleveren, bieden diverse aanknopingspunten voor het versterken van toezicht.


Fiore Geelhoed
Dr. mr. F. Geelhoed werkt als universitair docent bij de Sectie Criminologie, Erasmus Universiteit Rotterdam.

Sophie Benerink
S.A.M. Benerink, MSc, is medewerker integriteitsbeoordeling bij de Kansspelautoriteit.

Martine Ceton
M.N. Ceton, MSc, is werkzaam als promovendus aan de VU, faculteit Klinische, neuro- en ontwikkelingspsychologie.
Artikel

De relatie tussen huiselijk geweld en betrokkenheid bij 1%motorclubs

(Ex-)partners van leden van 1%motorclubs in de (vrouwen)opvang

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2020
Trefwoorden huiselijk geweld, 1%mc, outlaw motorcycle gang, OMG, vrouwenopvang
Auteurs Nanne Vosters en Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Little is known about (former) partners of 1%motorcycle club members. Social professionals working with victims of domestic violence in shelters have regular encounters with these mostly female (ex-)partners. In this exploratory contribution we wonder what is known about domestic violence amongst people with (ex-)partners of 1%motorcycle club members and the consequences of the involvement of a motorcycle club for tackling this violence. Based on thirteen semi-structured interviews with social professionals working in a shelter, external professionals and (ex-)partners, the link between domestic violence and membership of a motorcycle club could not be verified. What this research does show is that safety is the number one priority in working with these (ex-)partners. Furthermore, it shows how complex it is to assess the seriousness of potential threat coming from these 1%motorcyle clubs. Further research on domestic violence in environments associated with organised crime and the cooperation between the judiciary system and social professionals is needed to improve safety and wellbeing for this specific group.


Nanne Vosters
Nanne Vosters is als docent verbonden aan de deeltijdopleiding Social Work van Avans Hogeschool en als onderzoeker bij het lectoraat Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties van Avans Hogeschool.

Janine Janssen
Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eergerelateerd Geweld van de Nationale Politie, lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool en bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit.
Artikel

Vrijheidsontneming, penitentiaire beginselen en de eendentest

Over de aard van vreemdelingenbewaring

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden vreemdelingenbewaring, vrijheidsontneming, penitentiair recht, Wet terugkeer en vreemdelingenbewaring, visitatie isoleercel
Auteurs Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, immigration detention is classified under administrative law. More precisely: it is a form of administrative coercion. But immigration detention is also deprivation of liberty, or a habeas corpus measure. This makes it the most far-reaching form of administrative coercion you can think of. The regime and house rules of immigration detention differ just a little from those of criminal deprivation of liberty. The draft bill on the Return and Detention Act provides some improvements. For asylum seekers that cause nuisance, there is the Enforcement and Supervision Location, where the foreign national is given an area restriction and must remain within the municipal boundaries. Due to the liberty restrictions, immigration detention should always be the last resort.


Mr. drs. Frans-Willem Verbaas
Mr. drs. F.W. Verbaas is advocaat bij Collet Advocaten Alkmaar. Hij is mensenrechtenadvocaat en gespecialiseerd in penitentiair recht en vreemdelingenrecht, waaronder vreemdelingenbewaring.
Artikel

Access_open ‘Ik verblijf in een gevangenis, daar is niets moreels aan.’ Ervaren procedurele rechtvaardigheid bij binnenkomst in vreemdelingenbewaring.

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden procedurele rechtvaardigheid, legitimiteit, vreemdelingenbewaring, binnenkomstprocedure, vreemdelingen
Auteurs Nicolien de Gier MSc, Mieke Kox MA, Prof. mr. dr. Miranda Boone e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Qualitative research in an immigration detention center in the Netherlands shows that detained unauthorized migrants consider the entry procedure in Immigration Centre Rotterdam procedurally just. These migrants are generally positive on the fairness of the entry procedure as their safety and welfare are guaranteed and existing procedural justice criteria are respected. However, they believe that immigration detention in itself is illegitimate and that they do not deserve to be detained. This shows that the focus on procedures and interactions is insufficient to understand the perceived legitimacy of immigration detention if shared values and consent with the legal basis of immigration detention are lacking.


Nicolien de Gier MSc
C.N. de Gier MSc is docent Criminologie bij de Universiteit Leiden.

Mieke Kox MA
M.H. Kox MA is postdoc Sociale Geografie bij de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. dr. Miranda Boone
Prof. mr. dr. M.M. Boone is hoogleraar Criminologie en Vergelijkende Penologie bij de Universiteit Leiden.

Dr. Gabry Vanderveen
Dr. G.N.G. Vanderveen is universitair docent Erasmus School of Law bij de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Access_open Het effect van een pro Justitia-rapportage op de bewijsbeslissing: een empirische verkenning

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Pro Justitia, Guilt, Conviction, Forensic mental health report
Auteurs Roosmarijn van Es MSc., Dr. Janne van Doorn, Prof. dr. Jan de Keijser e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    A forensic mental health report is requested in about 30% of more serious cases presented to the criminal court. These reports can be used at sentencing and advise the judge on criminal responsibility, recidivism risk, and possible treatment measures, but is not a formal factor in decisions about guilt. The current study focuses on the (unwarranted) effect of forensic mental health information on conviction decisions. Using an experimental vignette study among 155 criminology students, results show that when a mental disorder is present, conviction rates are higher than when such information is absent. In line with the story model of judicial decision-making, additional analyses showed that this effect was mediated by the evaluation of guilt rather than by the evaluation of other physical evidence. Implications for further research and practice are discussed.


Roosmarijn van Es MSc.
Roosmarijn van Es is promovenda bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie aan Universiteit Leiden. Haar onderzoek richt zich op de rol van informatie in pro Justitia-rapportages in rechterlijke beslissingen over bewijs en straf.

Dr. Janne van Doorn
Janne van Doorn is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie aan Universiteit Leiden.

Prof. dr. Jan de Keijser
Jan de Keijser is hoogleraar Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie aan Universiteit Leiden.

Prof. dr. mr. Maarten Kunst
Maarten Kunst is hoogleraar Criminologie bij het Instituut voor Strafrecht en Criminologie aan Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open De gelegenheid te baat nemen?

Criminaliteit in tijden van corona en sociale onthouding

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Corona, Crime, Lockdown, Opportunity theory, COVID-19
Auteurs Dr. Edwin Kruisbergen, Marco Haas MA, Drs. Joanieke Snijders e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    To control the COVID-19 outbreak Dutch government opted for a so-called intelligent lockdown. The virus as well as the lockdown caused significant personal and societal damage. It also created, however, a unique natural experiment. How did the forced stay in affect the crime levels? This article presents empirical data on crime trends during the lockdown. Initially, the general crime level decreased sharply. However, the general crime level quickly returned to pre-lockdown levels. Different types of crime displayed divergent trends, e.g. property crimes decreased sharply whereas online crime rates increased considerably. These trends fit rather well with an opportunity theoretical approach regarding crime.


Dr. Edwin Kruisbergen
Edwin Kruisbergen is onderzoeker Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) en Kenniscoördinator DG Politie en Veiligheidsregio’s, Ministerie van Justitie en Veiligheid. Als onderzoeker vooral actief op de terreinen georganiseerde criminaliteit en opsporing.

Marco Haas MA
Marco Haas is teamleider van het Informatie-analyseteam (IAT) van DG Politie en Veiligheidsregio’s (Ministerie van JenV) en de politie. Het IAT is een gecombineerd team van politie, JenV en het CBS dat op basis van data-analyse politiethema’s onderzoekt ten behoeve van beleids- en besluitvorming.

Drs. Joanieke Snijders
Joanieke Snijders is informatieanalist bij het Informatie-analyseteam (IAT) van DG Politie en Veiligheidsregio’s (Ministerie van JenV) en de politie. Projectcoördinator van de ontwikkeling van een datagedreven monitor die maatschappelijke ontwikkelingen volgt en de mogelijke invloed daarvan in kaart brengt.

Ron Maas MMO
Ron Maas is teamleider Informatie-analyseteam (IAT) en Hoofd Nationale Briefing, Politie.
Artikel

Access_open Bescherming van derdelandmigranten tegen arbeidsuitbuiting in de EU

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Migratie, Derdelanders, Arbeidsuitbuiting
Auteurs Mr. drs. Gerrie Lodder
SamenvattingAuteursinformatie

    Arbeidsmigratie is in de EU een belangrijk en actueel onderwerp. Enerzijds, omdat steeds meer landen in de EU te kennen geven dat ze voor het op peil houden van het arbeidspotentieel hun toevlucht moeten nemen tot het aantrekken van arbeidsmigranten van buiten de EU. Anderzijds blijkt dat er regelmatig sprake is van uitbuiting van deze arbeidsmigranten. In EU-wetgeving in het algemeen en de regulering van migratie van onderdanen van derde landen (derdelanders) naar de EU in het bijzonder wordt aandacht besteed aan de kwetsbare positie van derdelanders en een eerlijke behandeling. Het doel van migratiewetgeving is echter met name ook het beheersen van migratie, het bestrijden van illegale migratie en het stimuleren van economische ontwikkeling. Deze verschillende doelen kunnen met elkaar botsen. In dit artikel wordt onderzocht wat de invloed is van de EU-migratiewetgeving op de uitbuiting van arbeidsmigranten.


Mr. drs. Gerrie Lodder
Mr. drs. G.G. Lodder is werkzaam als onderzoeker en docent bij het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Artikel

Over mensen, dieren en beesten

Op zoek naar dierlijke en andere metaforen in het racismedebat

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Racisme, Antisemitisme, Othering, animal wellbeing
Auteurs Prof. dr. Janine Janssen en Prof. dr. Emile Kolthoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Racism is related to the process of ‘othering’. Individual people or groups can be described as ‘other’ by depicting them as ‘beasts’. In another form of othering accusations of maltreatment of other than human animals play an important role: awful people abuse innocent animals. Next to that concepts like ‘genocide’ and ‘slavery’ are nowadays used in order to describe the way humans treat other animals. All of this influences the debate on racism.


Prof. dr. Janine Janssen
Prof. dr. Janine Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld van de Nationale Politie, lector Veiligheid in Afhankelijkheidsrelaties aan Avans Hogeschool, bijzonder hoogleraar Rechtsantropologie aan de Open Universiteit en voorzitter van de redactie van PROCES.

Prof. dr. Emile Kolthoff
Prof. dr. Emile Kolthoff is lector Ondermijning aan Avans Hogeschool en hoogleraar Criminologie aan de Open Universiteit.
Artikel

Access_open Witwassen als bedrijfsmatige activiteit: de verborgen netwerken van witwassers

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2020
Trefwoorden money laundering, financial facilitators, networked criminology, organized crime
Auteurs Jo-Anne Kramer, Arjan Blokland en Melvin Soudijn
SamenvattingAuteursinformatie

    The Financial Action Task Force reported that money launderers may operate in professional money laundering networks. Whether such money laundering networks operate in the Netherlands is unclear. In this article the authors therefore explore whether professional money launderers collaborate in network structures and the business-like manner in which they offer their services. Business-like refers to their involvement in multiple cases, the amount of repeat customers, and excludes family relations. The research is based on Dutch police registrations of 236 professional money launderers. Our results suggest that professional money laundering networks are indeed active in the Netherlands and that money launderers in these networks offer their services in a business-like manner to a varying extent. An important caveat to the current findings is that the criminal cases analyzed predominantly pertain drug-related offenses, leaving the existence and professionalism of money laundering networks in other types of crime, like large-scale fraud, a question open for future research.


Jo-Anne Kramer
J. Kramer MSc is onderzoeker en docent Criminologie bij de Vrije Universiteit Amsterdam en was als junior onderzoeker verbonden aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam.

Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A.A.J. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en bijzonder hoogleraar Criminology & Criminal Justice bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Melvin Soudijn
Dr. M.R.J. Soudijn is research fellow bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) in Amsterdam en Operationeel Specialist bij de Nationale Politie.
Artikel

Een netwerkbenadering van de prostitutiesector in Noord-Nederland op basis van politie­registraties

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2020
Trefwoorden social network analysis, hidden population estimation, subgroup detection, key player problem, prostitution
Auteurs Johan Hiemstra, Gijs Huitsing en Jan Kornelis Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    The aim of this study was to investigate the scale and network structure of prostitution in the northern provinces of the Netherlands. This study tries to answer three research questions – using a social network analysis – about (1) the size of the prostitution network, (2) the formation of subgroups, and (3) key positions within the networks. The findings show that approximately two thirds of the researched prostitution networks is still unregistered, while there are indications that the outcome of the estimate is in line with the actual situation. Furthermore, results show that prostitutes have a tendency to form subgroups on the basis of the same nationality, which indicates that homophily plays a role in the formation of subgroups. The identification of the actors who occupy key positions in the network were based on the key player problem (KPP). A striking finding was that organizers of prostitution (such as pimps) did not have a central position in the networks. These findings provide insight into the way in which prostitution is registered, and provide points of departure for interventions to disrupt the network or, on the contrary, to strengthen it.


Johan Hiemstra
J.H.J. Hiemstra MSc is werkzaam als onderzoeker bij de afdeling Analyse en Onderzoek van de Dienst Regionale Informatieorganisatie (DRIO) binnen de eenheid Oost-Nederland van de Nationale Politie en is als PhD-student verbonden aan de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Gijs Huitsing
Dr. G. Huitsing is werkzaam als universitair docent bij de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.

Jan Kornelis Dijkstra
Dr. J.K. Dijkstra is werkzaam als senior analist bij het Regionaal Informatie en Expertise Centrum (RIEC) Noord-Nederland en als universitair hoofddocent bij de vakgroep Sociologie van de faculteit Gedrags- en Maatschappijwetenschappen van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Kenmerken van kunstcriminaliteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2020
Trefwoorden art theft, history of art theft, organized crime, motives for stealing, international networks
Auteurs Noah Charney
SamenvattingAuteursinformatie

    This article seeks to provide an introduction to art theft today. It is divided into sections that look at the context in which art is stolen, definitions of key terms, an explanation as to why the field is understudied and under-reported, and a brief history of the phenomenon. It also contains sidelines on actual developments like the theft of a Van Gogh painting from the Singer Laren Museum in the Netherlands as well as on the drop of art theft since the start of the Corona pandemic.


Noah Charney
Dr. N. Charney is als adjunct-professor Kunstgeschiedenis verbonden aan de American University of Rome en de universiteit van Ljubljana. Hij is de oprichter van ARCA, the Association for Research into Crimes against Art (www.artcrimeresearch.org).
Artikel

De terugkeer van de beeldenstorm

Over iconoclasme, cultuurgoed en identiteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2020
Trefwoorden iconoclasm, definition, fear, identity, cultural heritage
Auteurs Joris Kila
SamenvattingAuteursinformatie

    This article aims to clarify the phenomenon of iconoclasm and how it impacts today’s society, in spite of the lack of research on this topic. After establishing its complex and sensitive nature, a first assessment containing types of iconoclasm and various motives of iconoclasts is presented. Different forms of iconoclasm are distinguished, explained and illustrated using examples. Special attention is given to the subject’s sensitivity in modern society while establishing the connection of the topic with identity in multiple shapes and forms. The article aims at contributing to a future multi-disciplinary debate.


Joris Kila
Dr. J.D. Kila is kunsthistoricus en klassiek archeoloog en promoveerde als cultureel-erfgoeddeskundige. Hij is thans onafhankelijk onderzoeker, maar werkte tot voor kort als senior onderzoeker bij het het Kompetenzzentrum Kulturelles Erbe und Kulturgüterschutz van de Universität Wien. Contact: www.joriskila.com.
Artikel

De aanpak van kunstcriminaliteit in Europa

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Art crime, European Union, United Kingdom, policing, prosecution
Auteurs Saskia Hufnagel
SamenvattingAuteursinformatie

    This article provides a short overview of art crime policing and gives some insights as to why art crime policing is an especially arduous task while specifically providing examples from the European Union (EU) and the United Kingdom (UK). The article focuses first on the detection of art crime, exploring why many crimes do not enter the criminal justice system. Here, the fact that art crimes are often not detected at all or, if they are, not reported to the police is discussed in some depth in particular with a view to art theft and forgeries. The article then addresses the investigation and prosecution of art crime cases in the EU and how they are facilitated and inhibited in various member states. Finally, the challenges and possible improvements at the European level are discussed and future directions of the fight against art crime are debated.


Saskia Hufnagel
Dr. S. Hufnagel is als senior wetenschappelijk medewerker verbonden aan de afdeling Strafrecht van de School of Law van Queen Mary University of London.
Artikel

‘Dirty money, pretty art’

Witwassen en ondermijning in tijden van financialisering van kunst

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 4 2020
Trefwoorden art market, financialization, money laundering, financial crime, jaw enforcement
Auteurs Christoph Rausch, Léonie Bouwknegt, Jeroen Duijsens e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    What is the current nature and extent of money laundering on the art market in times of an increasing financialization of art? This article introduces the problem of money laundering through art and reflects on the associated risks of financial crime. Drawing on two recently published research reports the article describes art market and art financialization practices that may facilitate money laundering. It presents an overview of relevant rules and regulations and points to the challenges of preventing art-based financial crimes.


Christoph Rausch
Dr. C. Rausch is als universitair hoofddocent verbonden aan het Maastricht Centre for Arts and Culture, Conservation and Heritage (MACCH) van de Universiteit Maastricht.

Léonie Bouwknegt
Mr. L. Bouwknegt is operationeel specialist bij de Politie Limburg en adviseur Ondermijning & Internationale Samenwerking, taakaccent Kunstgerelateerde Criminaliteit.

Jeroen Duijsens
Drs. J.M.H. Duijsens is als programmamanager verbonden aan het Platform Veilig Ondernemen Limburg.

Frank Assendelft
Dhr. F. Assendelft is werkzaam bij de afdeling Tactische Opsporing Financieel-Economisch van de Politie Limburg, taakaccent Kunst en Antiek.
Article

Access_open The Challenges for England’s Post-Conviction Review Body Deference to Juries, the Principle of Finality and the Court of Appeal

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden wrongful conviction, criminal justice, Criminal Cases Review Commission, Court of Appeal, discretion.
Auteurs Carolyn Hoyle Ph.D
SamenvattingAuteursinformatie

    Since 1997, the Criminal Cases Review Commission of England, Wales and Northern Ireland has served as a state-funded post-conviction body to consider claims of wrongful conviction for those who have exhausted their rights to appeal. A meticulous organisation that has over its lifetime referred over 700 cases back to the Court of Appeal, resulting in over 60% of those applicants having their convictions quashed, it is nonetheless restricted in its response to cases by its own legislation. This shapes its decision-making in reviewing cases, causing it to be somewhat deferential to the original jury, to the principle of finality and, most importantly, to the Court of Appeal, the only institution that can overturn a wrongful conviction. In mandating such deference, the legislation causes the Commission to have one eye on the Court’s evolving jurisprudence but leaves room for institutional and individual discretion, evidenced in some variability in responses across the Commission. While considerable variability would be difficult to defend, some inconsistency raises the prospects for a shift towards a less deferential referral culture. This article draws on original research by the author to consider the impact of institutional deference on the work of the Criminal Cases Review Commission and argues for a slightly bolder approach in its work


Carolyn Hoyle Ph.D
Carolyn Hoyle is Professor of Criminology at the Faculty of Law, University of Oxford, UK.
Article

Access_open Mechanisms for Correcting Judicial Errors in Germany

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden criminal proceedings, retrial in favour of the convicted, retrial to the disadvantage of the defendant, Germany, judicial errors
Auteurs Michael Lindemann en Fabienne Lienau
SamenvattingAuteursinformatie

    The article presents the status quo of the law of retrial in Germany and gives an overview of the law and practice of the latter in favour of the convicted and to the disadvantage of the defendant. Particularly, the formal and material prerequisites for a successful petition to retry the criminal case are subject to a detailed presentation and evaluation. Because no official statistics are kept regarding successful retrial processes in Germany, the actual number of judicial errors is primarily the subject of more or less well-founded estimates by legal practitioners and journalists. However, there are a few newer empirical studies devoted to different facets of the subject. These studies will be discussed in this article in order to outline the state of empirical research on the legal reality of the retrial procedure. Against this background, the article will ultimately highlight currently discussed reforms and subject these to a critical evaluation as well. The aim of the recent reform efforts is to add a ground for retrial to the disadvantage of the defendant for cases in which new facts or evidence indicate that the acquitted person was guilty. After detailed discussion, the proposal in question is rejected, inter alia for constitutional reasons.


Michael Lindemann
Michael Lindemann is Professor for Criminal Law, Criminal Procedure and Criminology at the Faculty of Law of Bielefeld University, Germany.

Fabienne Lienau
Fabienne Lienau is Research Assistant at the Chair held by Michael Lindemann.
Article

Access_open Correcting Wrongful Convictions in France: Has the Act of 2014 Opened the Door to Revision?

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Final criminal conviction, revision procedure, grounds for revision, preparatory investigative measures, Cour de révision et de réexamen
Auteurs Katrien Verhesschen en Cyrille Fijnaut
SamenvattingAuteursinformatie

    The French ‘Code de procédure pénale’ provides the possibility to revise final criminal convictions. The Act of 2014 reformed the procedure for revision and introduced some important novelties. The first is that it reduced the different possible grounds for revision to one ground, which it intended to broaden. The remaining ground for revision is the existence of a new fact or an element unknown to the court at the time of the initial proceedings, of such a nature as to establish the convicted person’s innocence or to give rise to doubt about his guilt. The legislature intended judges to no longer require ‘serious doubt’. However, experts question whether judges will comply with this intention of the legislature. The second is the introduction of the possibility for the applicant to ask the public prosecutor to carry out the investigative measures that seem necessary to bring to light a new fact or an unknown element before filing a request for revision. The third is that the Act of 2014 created the ‘Cour de révision et de réexamen’, which is composed of eighteen judges of the different chambers of the ‘Cour de cassation’. This ‘Cour de révision et de réexamen’ is divided into a ‘commission d’instruction’, which acts as a filter and examines the admissibility of the requests for revision, and a ‘formation de jugement’, which decides on the substance of the requests. Practice will have to show whether these novelties indeed improved the accessibility of the revision procedure.


Katrien Verhesschen
Katrien Verhesschen is PhD researcher and teaching assistant at the Institute of Criminal Law KU Leuven.

Cyrille Fijnaut
Cyrille Fijnaut is Emeritus Professor of Criminal Law & Criminology at Erasmus University Rotterdam, KU Leuven and Tilburg University.
Article

Access_open Migration and Time: Duration as an Instrument to Welcome or Restrict

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Migration, EU migration law, time
Auteurs Gerrie Lodder
SamenvattingAuteursinformatie

    States apply different material conditions to attract or restrict residence of certain types of migrants. But states can also make use of time as an instrument to design more welcoming or more restrictive policies. States can apply faster application procedures for desired migrants. Furthermore, time can be used in a more favourable way to attract desired migrants in regard to duration of residence, access to a form of permanent residence and protection against loss of residence. This contribution makes an analysis of how time is used as an instrument in shaping migration policy by the European Union (EU) legislator in the context of making migration more or less attractive. This analysis shows that two groups are treated more favourably in regard to the use of time in several aspects: EU citizens and economic- and knowledge-related third-country nationals. However, when it comes to the acquisition of permanent residence after a certain period of time, the welcoming policy towards economic- and knowledge-related migrants is no longer obvious.


Gerrie Lodder
Gerrie Lodder is lecturer and researcher at the Europa Institute of Leiden University.
Article

Access_open A Positive State Obligation to Counter Dehumanisation under International Human Rights Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Dehumanisation, International Human Rights Law, Positive State obligations, Framework Convention for the Protection of National Minorities, International Convention on the Elimination of all forms of Racial Discrimination
Auteurs Stephanie Eleanor Berry
SamenvattingAuteursinformatie

    International human rights law (IHRL) was established in the aftermath of the Second World War to prevent a reoccurrence of the atrocities committed in the name of fascism. Central to this aim was the recognition that out-groups are particularly vulnerable to rights violations committed by the in-group. Yet, it is increasingly apparent that out-groups are still subject to a wide range of rights violations, including those associated with mass atrocities. These rights violations are facilitated by the dehumanisation of the out-group by the in-group. Consequently, this article argues that the creation of IHRL treaties and corresponding monitoring mechanisms should be viewed as the first step towards protecting out-groups from human rights violations. By adopting the lens of dehumanisation, this article demonstrates that if IHRL is to achieve its purpose, IHRL monitoring mechanisms must recognise the connection between dehumanisation and rights violations and develop a positive State obligation to counter dehumanisation. The four treaties explored in this article, the European Convention on Human Rights, the International Covenant on Civil and Political Rights, the Framework Convention for the Protection of National Minorities and the International Convention on the Elimination of all forms of Racial Discrimination, all establish positive State obligations to prevent hate speech and to foster tolerant societies. These obligations should, in theory, allow IHRL monitoring mechanisms to address dehumanisation. However, their interpretation of the positive State obligation to foster tolerant societies does not go far enough to counter unconscious dehumanisation and requires more detailed elaboration.


Stephanie Eleanor Berry
Stephanie Eleanor Berry is Senior Lecturer in International Human Rights Law, University of Sussex.
Toont 1 - 20 van 387 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 19 20
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.