Zoekresultaat: 30 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2015 x Rubriek Article x
Artikel

Natura 2000 en Bouwen met de Natuur: een blik op de praktijkervaring in een zoektocht naar synergie tussen economie en ecologie

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Natura 2000, Habitatrichtlijn, Bouwen met de Natuur
Auteurs Dr. V. (Vera) Vikolainen, Prof. mr. M. (Michiel) Heldeweg, Dr. K. (Kris) Lulofs e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De toepassing van Europese natuurbeschermingsregels wordt bij veel infrastructurele projecten als juridische belemmering ervaren. In deze bijdrage geven de auteurs een positieve blik op de ervaringen in of nabij Natura 2000-gebieden in Noordwest-Europese estuaria en kustgebieden en stellen dat Natura 2000 niet per se een struikelblok hoeft te vormen, en dat het toepassen van innovatieve ontwerpmethoden als Bouwen met de Natuur het verschil kan maken voor de implementatie van Natura 2000 op projectniveau. Empirisch bewijs hiervoor is in veertien cases gezocht, waarbij drie verschillende onderzoeksontwerpen zijn gebruikt. Afgesloten wordt met een vooruitblik naar wat dit betekent voor de private partijen en overheden, voor de evaluatie van Natura 2000 in 2015 en voor Bouwen met de Natuur als innovatieve ontwerpmethode.


Dr. V. (Vera) Vikolainen
Dr. V. (Vera) Vikolainen is universitair onderzoeker aan de Universiteit Twente.

Prof. mr. M. (Michiel) Heldeweg
Prof. mr. M. (Michiel) Heldeweg is hoogleraar Publiekrecht voor het openbaar bestuur aan de Universiteit Twente.

Dr. K. (Kris) Lulofs
Dr. K. (Kris) Lulofs is universitair hoofdonderzoeker (OZ1) aan de Universiteit Twente.

Prof. dr. H. (Hans) Bressers
Prof. dr. H. (Hans) Bressers is hoogleraar Beleidsstudies en Milieubeleid aan de Universiteit Twente.
Artikel

Woningovervallen op ouderen: een zeldzaam, maar heftig fenomeen

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2015
Trefwoorden house robberies, oldsters, violence, risk factors, house robbery offenders
Auteurs Dr. B. Rovers en S. Mesu MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In recent years the total number of violent robberies in the Netherlands has gone down sharply, but the number of robberies on private homes doesn’t decline. Especially robberies on private homes of the elderly are notorious for the level of violence used by the attackers, while the loot is often negligible. In this article the authors investigate this offense. Chances of becoming a victim are very small, but people who are robbed in their own homes often face severe violence. On the one hand these high violence levels and consequential injuries are related to the age of the victims: the elderly resist the attackers more than younger people do, and because of their age they are more vulnerable to physical attacks. On the other hand the high levels of violence are typical of (all) robberies on private homes: the unknown space and the unpredictable behavior of residents contribute to this. Most of these robberies are poorly planned and executed. This also explains why so many of these incidents turn nasty. The elderly are not specially targeted, the reasons they are robbed do not differ from other robberies on private homes: the attackers expect an easy accessible and substantial loot. In many cases both assumptions turn out to be wrong. Risk factors and prevention options are discussed.


Dr. B. Rovers
Dr. Ben Rovers is criminoloog/onderzoeker bij onderzoeksbureau BTVO in Den Bosch.

S. Mesu MSc
Sally Mesu MSc is teamleider Informatieknooppunt Korpsleiding (en voormalig onderzoeker) bij de Nationale Politie.
Artikel

Spot on! Zelfredzaamheid en verwachtingen van burgers bij een black-out

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0304 2015
Trefwoorden Stroomonderbreking, Zelfredzaamheid, Actief burgerschap, Veerkracht
Auteurs Evelien De Pauw, Arne Dormaels en Marleen Easton
SamenvattingAuteursinformatie

    Since winter 2014, Belgian is faced with a possible rolling out of power. Blackouts come without any warning whilst the duration and cause of it is mostly unclear. Rolling outs are usually planned by utility companies to put small service areas without electricity, to cope with a high energy demand that the utility companies can’t supply. This rolling out plan can prevent a larger blackout and should make people aware of the consequences of a possible black-out.
    Given this situation, this paper presents the result of a study asking citizens about their self-efficacy and organizations of their own house hold to deal with possible blackouts. For this survey, 473 citizens have been interviewed in 2 Belgian cities. We asked about their own action to organize themselves and were looking at their expectations of the government.


Evelien De Pauw
Evelien De Pauw is assistent aan de UGent, opleiding bestuurskunde en publiek management, en verbonden als gastdocent aan de Vives Hogeschool, studiegebied sociaal agogisch werk, bachelor Maatschappelijke Veiligheid.

Arne Dormaels
Arne Dormaels is werkzaam bij het Innovatiecentrum voor Veiligheid, INNOS vzw en verboden aan de UGent, opleiding bestuurskunde en publiek management.

Marleen Easton
Marleen Easton is voorzitter van INNOS en als hoofddocent verbonden aan de UGent, opleiding bestuurskunde en publiek management.
Artikel

De ervaren mogelijkheden om te re-integreren vanuit detentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 0304 2015
Trefwoorden Prison life, staff-prisoner relationships, correctional officers, rehabilitation, survey
Auteurs Toon Molleman en Karin Lasthuizen
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we examine which factors are correlated to the rehabilitation of prisoners. Central is the prisoners’ willingness during their imprisonment to work on a successful return in society. Assumptions derived from the theory were statistically tested with data from the Dutch Detainee Survey 2014; a large-scale study, in which prisoners held in all Dutch penitentiary institutions (N = 29) were surveyed (n = 2120). The results are in line with the theory and show that detainees are more positive about their (potential for) rehabilitation when they are more satisfied with a) the way they are treated by correctional officers (staff orientation); b) active deployment of the so-called Detention and Re-integration Plan; c) their daily program and activities, and; d) the experienced autonomy and personal decision-making. These outcomes offer fruitful perspectives on how the prison system can promote a successful return of prisoners in our society.


Toon Molleman
Toon Molleman is strategisch management adviseur bij de divisie gevangeniswezen en vreemdelingenbewaring van de Dienst Justitiële Inrichtingen.

Karin Lasthuizen
Karin Lasthuizen is universitair hoofddocent Bestuurskunde aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Kinderrechten in hart, hoofd en hand ter bevordering van veiligheid

Passen we kinderrechten genoeg toe?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2015
Trefwoorden Veiligheid van kinderen, Kinderrechten, Toepassing, Wetgeving kindermishandeling, Wetgeving huiselijk geweld
Auteurs Dr. Channa Al
SamenvattingAuteursinformatie

    Child safety is an important condition for the healthy development of children. Child maltreatment is an extensive problem in society with significant medical, emotional, cognitive, social and economic consequences. In policy-making, attention for this phenomenon has increased, resulting in new laws and measures. However, the Committee for Childs Rights of the United Nations formulated numerous recommendations for a better implementation of the Convention on the Rights of the Child in the Netherlands. This article focuses on how child safety and children’s rights are related and explores the implementation of the convention, considering relevant new laws and scientific (field) research.


Dr. Channa Al
Dr. Channa Al is sociaal psycholoog en werkt als adviseur jeugd bij BMC Implementatie.
Artikel

Met de wijsheid achteraf

Hindsight en outcome bias in het toezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden biases, beoordelen, vertekening, hindsight bias, outcome bias
Auteurs Jennifer Eeuwijk MSc., Dr. Judith van den Bosch, Prof. Dr. Gerrit van der Wal e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Als we weten hoe een situatie afloopt, worden we onbewust beïnvloed door die kennis in ons oordeel over de situatie. Het kan de beoordeling van de kwaliteit van de in het verleden genomen beslissingen beïnvloeden (outcome bias), maar ook de beoordeling van de geschatte waarschijnlijkheid van de afloop (hindsight bias). Deze vertekeningen zijn een methodologisch probleem bij het werk van een toezichthouder. Door middel van literatuurstudie, expertinterviews en een focusgroepdiscussie met inspecteurs, is nagegaan wat we onder hindsight en outcome bias verstaan, welke factoren deze vertekening beïnvloeden en hoe deze te verminderen. De kans op vertekening neemt toe, als het eenvoudig lukt om verklaringen te bedenken voor de afloop. Het risico op vertekening kan teruggedrongen worden door, bijvoorbeeld, alternatieve uitkomsten te bedenken. Multidisciplinaire teams en het organiseren van tegenspraak zouden de kwaliteit van het werk van toezichthouders kunnen vergroten.


Jennifer Eeuwijk MSc.
Jennifer Eeuwijk MSc. is senior onderzoeker bij het Pallas health research and consultancy in Rotterdam

Dr. Judith van den Bosch
Dr. Judith van den Bosch is directeur van het Pallas health research and consultancy in Rotterdam.

Prof. Dr. Gerrit van der Wal
Prof. dr. G. van der Wal is voormalig inspecteur-generaal IGZ, em. hoogleraar sociale geneeskunde, EMGO+, Afdeling Sociale Geneeskunde, VUmc Amsterdam.

Prof. dr. Paul Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is adviseur bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg, bijzonder hoogleraar toezicht op de kwaliteit van de gezondheidszorg, iBMG, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Conflictbeleving en herstelrecht in Brussel

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 3 2015
Trefwoorden conflict and crime, metropolitan challenges, neighbourhoods
Auteurs Minne Huysmans en Erik Claes
SamenvattingAuteursinformatie

    This article stems from a practice-oriented research on restorative justice and perceptions of conflict in a poor neighbourhood in Brussels: the Anneessens district. The first part of the article focuses on the conceptual shift from a crime-oriented towards a conflict-oriented restorative justice, including the search for a user-friendly working definition of ‘conflict’. The classical restorative justice story receives a facelift in order to address metropolitan challenges. The second part analyses 41 walking interviews of residents, focusing on conflict themes and zones. The third part cautiously checks the working definition in the frame of the analysed data. A provisional conclusion entails that the notion of crime and its related meanings should not be discarded too quickly.


Minne Huysmans
Minne Huysmans is docent in de opleiding orthopedagogie van Odisee en praktijkonderzoeker in het PWO-onderzoek Herstelrecht in Brussel. Tot 2012 was hij bemiddelaar in Brussel binnen de HCA-dienst van Alba vzw.

Erik Claes
Erik Claes is onderzoeker en docent filosofie in de opleiding sociaal werk van Odisee. Hij is projectleider van het PWO-onderzoek Herstelrecht in Brussel.
Artikel

Nederland een van de meest punitieve landen in Noord- en West-Europa? Een mythe ontzenuwd

Tijdschrift PROCES, Aflevering 4 2015
Trefwoorden Strafklimaat, Punitiviteit, Gevangenisstraffen, Internationale vergelijking
Auteurs Dr. Ben van Velthoven
SamenvattingAuteursinformatie

    It is frequently claimed that the punishment regime in the Netherlands lately has become one of the most severe in North and West Europe. This claim is critically addressed using data over the period 1990-2011 from the European Sourcebooks of Crime and Criminal Justice. Prison stock data from recent SPACE I Annual Penal Statistics are also taken into account. These data hardly do warrant a reliable international comparison of punitivity levels in Europe. At any rate, there is no evidence that the punishment regime in the Netherlands is among the most severe in North and West Europe, on the contrary.


Dr. Ben van Velthoven
Dr. Ben van Velthoven is als universitair hoofddocent Rechtseconomie verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid te Leiden.
Artikel

De Omgevingswet zet een speelveld uit voor duurzame ontwikkeling

Maar waar staan de piketpalen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Omgevingswet, duurzame ontwikkeling
Auteurs Drs. J.E.M. (Michel) Filart
SamenvattingAuteursinformatie

    Het begrip duurzame ontwikkeling is al enkele decennia onderwerp van publiek debat. Het heeft zich ook sluipenderwijs een plek verworven in het internationale recht. Het wetsvoorstel voor de Omgevingswet introduceert het begrip duurzame ontwikkeling in de Nederlandse wetgeving. En wel meteen als kerndoel van de wet. Deze ‘evolutiestap’ zou een impuls moeten geven aan de normatieve betekenis van duurzame ontwikkeling binnen de Nederlandse samenleving.
    Dit beschrijvende artikel plaatst het begrip duurzame ontwikkeling in het perspectief van zijn opkomst. Hiermee wordt getracht te peilen wat de huidige normatieve kracht van het begrip is en of het wetsvoorstel van de Omgevingswet de normatieve kracht van duurzame ontwikkeling versterkt. Op basis van de bevindingen in dit artikel zal de auteur nader onderzoeken hoe de Omgevingswet kan worden ingezet voor de verdere normatieve versterking van duurzame ontwikkeling.
    Dit artikel memoreert eerst de waarden die aan het concept duurzame ontwikkeling ten grondslag liggen. Daarna geeft het globaal weer hoe het staat met de problematiek waarvoor het begrip duurzame ontwikkeling in het leven is geroepen. Vervolgens tracht het aan te geven in hoeverre er bestuurlijke en juridische ‘handen en voeten’ zijn gegeven aan duurzame ontwikkeling. Daarbij worden onder andere de Verklaring van Rio de Janeiro voor Milieu en Ontwikkeling uit 1992 en de alweer bijna vergeten Millennium Declaration uit 2000 in herinnering gebracht. Vervolgens wordt de blik op Nederland gericht. In ‘gidsland’ Nederland kwam na de ondertekening van de genoemde Verklaring van Rio veel positieve energie los rond duurzame ontwikkeling. De heldere Nederlandse koers raakte echter verloren in de mistbanken van de internationale politiek. Dit lijkt de daadkracht die in de jaren na ‘Rio 1992’ aan de dag was gelegd, geen goed te hebben gedaan.
    Het wetsvoorstel voor de Omgevingswet slaat ‘piketpalen’ voor een nieuw ‘speelveld’ voor duurzame ontwikkeling. Het wetsvoorstel sluit aan bij de ecologische achtergrond van het begrip duurzame ontwikkeling. Wellicht zet dit nieuwe wettelijke kader de maatschappelijke krachten op een duurzamere koers. De normatieve kracht van duurzame ontwikkeling binnen het kader van de Omgevingswet lijkt te worden begrensd door wetenschappelijke, juridische en bestuurlijke (on)mogelijkheden om omgevingswaarden voor duurzame ontwikkeling te definiëren. De normatieve kracht van de Omgevingswet wordt mede bepaald door de wisselwerking tussen de Omgevingswet en andere rechtsdomeinen. Het artikel bakent dit externe bereik van de Omgevingswet conceptueel af aan de hand van de term ‘duurzaamheidsrecht’, een concept dat goed aan zou kunnen sluiten bij de maatschappelijke behoefte aan duurzame ontwikkeling, maar dat in de bestaande Nederlandse situatie geen formele rechtsbasis heeft.


Drs. J.E.M. (Michel) Filart
Drs. J.E.M. (Michel) Filart is zelfstandig onderzoeker-adviseur onder de bedrijfsnaam Improofit MVO-Consult en buitenpromovendus via de Open Universiteit (zie voor verdere informatie www.improofit.com).
Artikel

Wetgevingsjuristen ten prooi aan New Political Governance?

Een inventarisatie (2002-2015)

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2015
Trefwoorden politisering, gedelegeerde regelgeving, rechtsstatelijkheid
Auteurs Dr. C.F. van den Berg en Mr. dr. G.S.A. Dijkstra
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage richt zich op de vraag in hoeverre de rol en positie van de wetgevingsjuridische functie in het laatste decennium zijn veranderd, in het bijzonder of het werk van wetgevingsjuristen is gepolitiseerd. Politisering komt voor in drie vormen, namelijk in patronagebenoemingen, het versterken van de partijpolitieke grip op beleid en uitvoering en in New Political Governance. De auteurs concluderen voorlopig dat het werk van wetgevingsjuristen inderdaad is gepolitiseerd, waarbij een transitie heeft plaatsgevonden van de tweede vorm van politisering naar New Political Governance. Dit is met name zichtbaar doordat steeds meer gebruik wordt gemaakt van gedelegeerde wetgeving, waar wetgevingsjuristen van oudsher minder bemoeienis mee hebben. De politisering van hun werk leidt ertoe dat wetgevingsjuristen steeds minder in staat zijn om rechtsstatelijke waarden te waarborgen. De auteurs onderscheiden, in navolging van Van Lochem, vijf verschillende strategieën om hiermee om te gaan, maar er lijkt onder wetgevingsjuristen zelf geen consensus te zijn over wat nu de beste strategie is. De auteurs zijn van mening dat de democratische rechtsstaat moet worden versterkt om de toegenomen politieke spanning in het werk van wetgevingsjuristen te verlichten.


Dr. C.F. van den Berg
Dr. C.F. van den Berg is als universitair hoofddocent verbonden aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. G.S.A. Dijkstra
Mr. dr. G.S.A. Dijkstra is als universitair docent verbonden aan het Instituut Bestuurskunde van de Universiteit Leiden.
Artikel

Van secularisering naar securitisering

Een beschouwing over de relatie tussen religie, criminaliteit en veiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden religion and crime, secularization, radicalization, surveillance
Auteurs Prof. dr. Hans Boutellier
SamenvattingAuteursinformatie

    The Western world seems to be a secular one. Although secularization has long roots, from the sixties onwards the role of religion in public life has diminished. How did that affect the crime and security issue? Criminological literature learns that there is a two-sided relationship: (1) in a religious context there is an inhibiting effect of being religious; and (2) religion can also legitimize or neutralize criminal or violent behavior – for example in the case of Islam-related terrorist acts. Secularization did indeed contribute to the rise of crime; in nowadays secular context religion can – the other way around – legitimize criminal behavior. The author argues that secularization also has facilitated the growth of the security issue as such. Fear of crime was the driving force behind a process in which secularization resulted in securitization of Western society.


Prof. dr. Hans Boutellier
Prof. dr. J.C.J. Boutellier is wetenschappelijk directeur van het Verwey-Jonker Instituut en bijzonder hoogleraar Veiligheid en Burgerschap aan de afdeling Bestuurswetenschappen en Politicologie van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Daling in geregistreerde jeugdcriminaliteit

Enkele mogelijke verklaringen

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden crime drop, juvenile suspects, trends, macro explanations, time series analysis
Auteurs Dr. André van der Laan en Dr. Gijs Weijters
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, from 2007 police census data show a sharp decrease in the number of suspects of crime among juveniles aged 12 to 25 years old. How to explain this decrease remains unclear. Constructionist theories suggest that changes in police census data are fully explained by changes in the law enforcement system. Normative theories argue that changes in police data can be explained by demographic, social or economic trends. In this paper, we systematically explored the (inter)national literature for macro factors that could explain changes in juvenile crime. Next, in an empirical case study of the city of Amsterdam, we explored which of these macro factors relate to changes over time in the number of juvenile suspects of crime and the types of crime they were suspected of. Due to multicollinearity of the macro factors multivariate analyses were not possible. Our results indicate that the decrease in police registered juvenile crime in Amsterdam should be explained by multiple factors. Some of these factors concern policy investments (such as focus on school drop-out and targeted law enforcement), other factors relate to socialdemographic developments which appeared coincidentally.


Dr. André van der Laan
Dr. A.M. van der Laan is senioronderzoeker bij de afdeling Criminaliteit Rechtshandhaving en Sancties (CRS) van het WODC. Zijn onderzoeksinteresse betreft ontwikkelingen in en achtergronden van jeugdcriminaliteit en veelplegers en effecten van justitiële sancties.

Dr. Gijs Weijters
Dr. G.M. Weijters is onderzoeker bij de afdeling Criminaliteit Rechtshandhaving en Sancties (CRS) van het WODC.
Artikel

Trends in perceptie van criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden fear of crime, risk perception
Auteurs Marnix Eysink Smeets en Dr. Ben Vollaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Some overestimation of crime risk is likely, but that does not mean that risk perceptions are not adjusted in line with changes in actual crime risk. Based on time series data, we show that crime risk perceptions are strongly related to rates of victimization. The conventional wisdom that the drop in crime since the 1990s did not result in an adjustment in risk perceptions can be easily refuted. The much discussed crime drop goes together with a much less discussed fear drop.


Marnix Eysink Smeets
M. Eysink Smeets is Lector Public Reassurance aan de Hogeschool Inholland.

Dr. Ben Vollaard
Dr. B.A. Vollaard is universitair docent economie aan de Universiteit Tilburg.
Artikel

Jeugddelinquentie in vergelijkend perspectief

Vertellen micro- en macroanalyses hetzelfde verhaal?

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2015
Trefwoorden cross-national criminology, juvenile delinquency, theoretical integration, self-report survey, theory-testing
Auteurs Chris Marshall PhD en Prof. Ineke Haen Marshall
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents a micro- and a macro-level analysis of predictors of delinquency in order to contribute to the discussion about the micro-macro problem in criminology. We use Coleman’s boat (1990) to situate our research question. Individual theories dominate the field of delinquency, there are few theories at macro level. Cross-level theoretical integration primarily takes place between individual (micro) and community (meso) levels, and hardly ever on (national) macro level. Our question is to which extent macro-level theory fruitfully may use concepts drawn from micro-level theory. We test a micro and a macro model using indicators from the domains of family, school, friends/peers and economy, using data collected by the Second International Self-Report Study of Delinquency (ISRD2), a cross-national self-report survey of delinquency and victimization among students between 12 and 16 years in 30 countries (n=71.436). Dependent variable at micro level is versatility (last year), at the macro level (national) we use contacts with the police for youths under 18. Results confirm the importance of including macro context (country clusters) in the analysis of individual delinquency. We further conclude that factors related to family and friends correlate at both micro and macro level with measures of delinquency; the role of school and economic factors is less clear-cut. The article concludes with the recommendation to give the micro-macro problem in delinquency theory a more central and explicit position in research programs.


Chris Marshall PhD
C.E. Marshall, PhD is Associate Professor bij de School of Criminology and Criminal Justice van de University of Nebraska-Omaha (VS).

Prof. Ineke Haen Marshall
Prof. I. Haen Marshall is Professor bij de School of Criminology and Criminal Justice en de Department of Sociology & Anthropology van de Northeastern University in Boston (VS).
Artikel

Gedragsprofiling: het bepalen van kwade bedoelingen en het meten van effectiviteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2015
Trefwoorden gedragsprofiling, afwijkend gedrag, psychologie, effectiviteitsmetingen, beveiligingspersoneel
Auteurs Helma van den Berg, Remco Wijn en Dianne van Hemert
SamenvattingAuteursinformatie

    Is behavioural profiling a viable alternative to more traditional approaches to profiling, viewed from the perspectives of underlying theoretical assumptions and measures of effectiveness? In this article we describe behaviour profiling in relation to other types of profiling, we review relevant psychological mechanisms that underpin behaviour profiling, and discuss effectiveness of this type of profiling as well as methodological aspects of measuring effectiveness. Behaviour profiling is a method largely used to select potential offenders before the offence is committed by observing and giving meaning to behaviours preceding incidents. Deviant behaviours exhibited by suspects can be either part of a modus operandi related to the offence, the consequence of increased stress, or an atypical response to prodding actions by security officers. Relevant psychological mechanisms to explain ways behaviour profiling works include direct characteristics of deception as well as indirect indicators of deception, such as a criminal being more self-focused and more cognitively engaged. Effectiveness of behaviour profiling is increased by training, including learning more about modi operandi and related behaviours, awareness of biases in general, specific relevant biases, and techniques to correct for these biases.


Helma van den Berg
Helma van den Berg is werkzaam bij TNDO Earth, Life, and Social Sciences. Helma.

Remco Wijn
Remco Wijn is research scientist bij TNO Earth, Life, and Social Sciences

Dianne van Hemert
Dianne A. van Hemert is werkzaam bij TNO Earth, Life, and Social Sciences en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Over crimmigratie en discretionair beslissen binnen het Mobiel Toezicht Veiligheid … of Vreemdelingen … of Veiligheid?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Mobiel Toezicht Veiligheid, Crimmigratie, Discretionaire bevoegdheid, Koninklijke Marechaussee
Auteurs Mr. dr. Maartje van der Woude, Tim Dekkers BBA MSc en Jelmer Brouwer MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    This article aims to explore the driving factors behind the process of crimmigration, the merger of crime control and migration control. By analysing the legal and policy framework governing the so-called ‘Mobile Security Monitor’ – the discretionary immigration checks carried out by the Royal Netherlands Marechaussee in the borderlands with Belgium and Germany, the research explores the extent to which the framework might leave room for crimmigration-based decisions on the street level. As the article shows, the dual nature of the Mobile Security Monitor as both an instrument for immigration control and crime control combined with an important name-change and the ongoing securitization of migration in Europe seem to create a favourable environment for crimmigration.


Mr. dr. Maartje van der Woude
Maartje van der Woude is Universitair Hoofddocent Straf(proces)recht aan de Universiteit Leiden en verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van dezelfde universiteit.

Tim Dekkers BBA MSc
Tim Dekkers is promovendus Criminologie en verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Jelmer Brouwer MSc
Jelmer Brouwer is promovendus Criminologie en verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Corporate opportunities nader gedefinieerd

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2015
Trefwoorden corporate opportunity, bestuurdersaansprakelijkheid, vrijgeven
Auteurs Mr. F.L. van Leeuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur twee recente uitspraken van de Ondernemingskamer en de rechtbank, waarin enige opheldering wordt gegeven omtrent de vraag wanneer een zakelijke kans als een ‘corporate opportunity’ kwalificeert.


Mr. F.L. van Leeuwen
Mr. F.L. van Leeuwen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Zandwinning, zandsuppletie en de kaderrichtlijn Mariene Strategie

Over de juridische betekenis van de KMS en de mogelijkheid Nederland te beschermen in verband met klimaatadaptatie door zandwinning en zandsuppleties voor de kust

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Zandwinning, Mariene, Strategie, Noordzee
Auteurs R.A.F. Vermolen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaat de auteur in op de vraag wat de juridische betekenis van de kaderrichtlijn mariene strategie (KMS) is voor de mogelijkheid om Nederland te beschermen in verband met klimaatadaptatie door zandwinning en zandsuppleties voor de kust. Hierbij zal eerst aandacht worden besteed aan de vraag wat onder zandwinning en zandsuppleties dient te worden verstaan, welke (mogelijke) effecten zij hebben op het mariene milieu en hoe deze activiteiten wettelijk zijn gereguleerd. Vervolgens zal worden ingegaan op de inhoud van de KMS en haar betekenis voor de mogelijkheden tot zandwinning en zandsuppleties ten behoeve van kustverdediging door Nederland.


R.A.F. Vermolen
R.A.F. (Raf) Vermolen is een (honoursprogramma) masterstudent Staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Regulation & governance-onderzoek in het rechtenonderwijs in Nederland

Stranger in a strange land?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2015
Trefwoorden onderwijs, wetgeving, regulering, governance, curriculum
Auteurs K. Van Aeken
SamenvattingAuteursinformatie

    Het onderzoeksdomein regulering en governance groeit gestaag sinds 2007. Toch weerspiegelt dit succes zich niet in de curricula van de rechtenopleidingen in Nederland. De kloof tussen het onderzoek en het onderwijs inspireert tot dit artikel. Eerst wordt dit onderzoeksveld afgebakend ten opzichte van klassiek wetgevingsonderwijs en de zogenaamde leg-reg studies. Kenmerkend voor de regulering-en-governancebenadering is de erkenning van de rol van niet-statelijke actoren en niet-hiërarchische vormen van gezag, terwijl de klassieke rechtsstaat wijkt voor een administratieve, regulerende overheid. Dit perspectief is bij uitstek multidisciplinair en empirisch, en zou een verrijking betekenen voor de opleiding van de toekomstige jurist. Personele, perceptieve en institutionele factoren verklaren waarom de bevindingen uit het regulering-en-governanceonderzoeksveld maar beperkt doorsijpelen naar het rechtenonderwijs. Vooral de perceptie van het veld als niet-juridisch lijkt van groot belang te zijn. Een blijvende ondervertegenwoordiging in het onderwijs zou een gemiste kans zijn, temeer omdat de rechtswetenschappen een unieke bijdrage kunnen leveren aan de reguleringsstudies door de instrumenteel ingestelde sociale wetenschappers vertrouwd te maken met normatieve vraagstukken.


K. Van Aeken
Dr. K. Van Aeken is Assistant Professor aan de Tilburg Law School.
Artikel

Schadevergoedingsregelingen voor slachtofferschap van seksueel misbruik: kwetsbaar voor fraude?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 2 2015
Trefwoorden Schadevergoedingsregelingen, Slachtofferschap, Seksueel misbruik, Fraude
Auteurs Dr. mr. Maarten Kunst
SamenvattingAuteursinformatie

    Lately, several private and public compensation schemes have been established in the Netherlands for people who have been sexually abused as a minor by representatives of the Catholic Church, childcare workers or foster parents. Eligible for compensation are those who can make a reasonable case of the likelihood that they have been sexually abused. They do not have to provide indisputable proof of the abuse. The author of this article argues that this low burden of proof makes these compensation schemes vulnerable to fraud. He supports his argumentation with several examples of dishonest victims who have been unmasked as fraudsters. Furthermore, he explains that undetected fraud can have several adverse by-effects, such as the condemnation of falsely accused persons and impairment of the credibility of compensation schemes and agencies that run such schemes. The author concludes with emphasizing the need for more explicit policies on fraud prevention, detection, and control.


Dr. mr. Maarten Kunst
Dr. mr. M.J.J. Kunst is universitair hoofddocent Criminologie aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 30 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.