Zoekresultaat: 26 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2020 x Rubriek Article x
Artikel

De burgemeester als ‘sheriff’ in de aanpak van ondermijnende misdaad: op weg naar een wettelijke grondslag?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2020
Trefwoorden burgemeester, ondermijning, openbare orde, georganiseerde criminaliteit
Auteurs Benny van der Vorm en Petrus C. van Duyne
SamenvattingAuteursinformatie

    Traditionally, the mayor has an important role as a citizen’s father and as a maintainer of public order. In the context of the so-called ‘undermining’ criminality, the mayor has been increasingly empowered with new legal instruments to combat undermining criminality. Some mayors see themselves as a sheriff. However, in the Dutch Municipal Act, the mayor only has a task of maintaining the public order. How does this task relate to combating undermining criminality? What is the role of the mayor in the combat of undermining criminality? Nowadays, there is no legal basis in the Dutch Municipal Act to equip the mayor with crime-fighting duties. This article proposes to equip the mayor with a legal duty as a crime fighter.


Benny van der Vorm
Benny van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en is verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging en het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Petrus C. van Duyne
Petrus C. van Duyne is emeritus hoogleraar Empirische aspecten van de strafrechtspleging aan de Universiteit van Tilburg.
Artikel

De wetgever die tot zichzelf sprak

Over de binding van de wetgever aan procedurele, wettelijke normen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2020
Trefwoorden organieke wetgeving, zelfbinding, grondwetsinterpretatie, autonomie van de wetgever
Auteurs Prof. mr. S.A.J. Munneke
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de vraag besproken of de wetgever in formele zin gebonden is aan eerdere eigen wetgeving die extra procedurele eisen aan het wetgevingsproces bevat. Die vraag wordt, met een beroep op de autonomie van de wetgever, ontkennend beantwoord. Dat geldt ook als die procedurele wetgeving uitwerking geeft aan grondwettelijke normen. Wel kan de organieke wet een hulpmiddel zijn bij de interpretatie van de achterliggende grondwettelijke norm. Aan die norm is de wetgever uiteraard wel gebonden.


Prof. mr. S.A.J. Munneke
Prof. mr. S.A.J. (Solke) Munneke is hoogleraar staatsrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

De betekenis van grondwettelijke grondrechten voor de wetgever: dode letter of zelfstandig ijkpunt?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Grondwet, beperkingssystematiek, constitutionele toetsing
Auteurs Mr. dr. L.C. Groen en Prof. mr. L.F.M. Verhey
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit de letterlijke tekst van de grondrechtenbepalingen in de Grondwet volgt strikt genomen alleen de eis dat een grondrechtsbeperking op een formele wet moet zijn gebaseerd. Hieruit moet echter niet worden afgeleid dat er geen materiële vereisten gelden waaraan beperkingen van grondwettelijke grondrechten moeten voldoen: het grondwettelijk wetsbegrip leent zich voor een materiële invulling. Uit diverse passages in de parlementaire stukken blijkt dat de grondwetgever deze materiële invulling ook voor ogen had, en ook in de ontwikkelingen na de grondwetsherziening van 1983 zijn daarvoor aanknopingspunten te vinden. Met een dergelijke invulling kan de toetsing aan de Grondwet in het wetgevingsproces meer inhoud en diepgang krijgen. Het artikel beschrijft dit en biedt handvatten voor deze toetsing.


Mr. dr. L.C. Groen
Mr. dr. L.C. (Lisanne) Groen is wetgevingsadviseur bij de Afdeling advisering van de Raad van State en redacteur van RegelMaat.

Prof. mr. L.F.M. Verhey
Prof. mr. L.F.M. (Luc) Verhey is staatsraad bij de Afdeling advisering van de Raad van State en hoogleraar staats- en bestuursrecht aan de Universiteit Leiden (Kirchheiner-leerstoel).
Artikel

Italiaanse toestanden

Interne en externe deelneming aan een criminele (maffia-)organisatie

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 5 2020
Trefwoorden Italiaans recht, deelneming aan een criminele maffiaorganisatie, strafrechtelijke aansprakelijkheid, facilitators, externe en interne deelneming
Auteurs Mr. dr. L.J.J. (Laura) Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    In Italië kunnen faciliterende beroepsbeoefenaars als louche notarissen, advocaten en rechters, en ook andere facilitators die een maffiaorganisatie ondersteunen zonder daarvan lid te zijn, worden vervolgd wegens ‘externe deelneming aan een criminele maffiaorganisatie’. Die strafrechtelijke aansprakelijkheid is controversieel en leidt al decennialang tot debatten in de rechtspraak en literatuur. Deze bijdrage bespreekt de ontwikkeling van de Italiaanse strafrechtelijke aansprakelijkheid wegens externe en ook interne deelneming aan een maffiaorganisatie, en vervolgens de vraag of facilitators van criminele organisaties naar Nederlands recht vervolgd (zouden kunnen) worden wegens algemene deelneming aan deelneming aan een criminele organisatie.


Mr. dr. L.J.J. (Laura) Peters
Mr. dr. L.J.J. (Laura) Peters is universitair docent Straf(proces)recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden zwijgrecht, bewijsrecht, prima facie-case, procespositie, nemo tenetur
Auteurs Mr. J.C. (Justus) Reisinger
SamenvattingAuteursinformatie

    In het straf(proces)recht is het zwijgrecht een fundamenteel recht voor de verdachte. De redenen om gebruik te maken van het zwijgrecht kunnen zeer divers en uiteenlopend zijn: van schuldige tot en met onschuldige, alle gradaties daartussen. Omdat de rechter normaliter niet weet wat de reden is, roept de auteur van het artikel op om niet langer gebruik te maken van het betrekken van het zwijgen van een verdachte in de bewijsvoering. Welbeschouwd is dat – bewijsrechtelijk gezien – ook helemaal niet nodig. Het voorkomt in elk geval (de schijn van) een afbreuk aan de wezenlijke belangen die aan het zwijgrecht ten grondslag liggen.


Mr. J.C. (Justus) Reisinger
Mr. J.C. Reisinger is advocaat bij Van Boom Advocaten.
Artikel

Drie modellen voor eigen schuld bij strafuitsluitingsgronden

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Culpa in causa, Actio libera in causa, Eigen schuld, Strafuitsluitingsgronden, Vollrausch
Auteurs Mr. R.H. (Robert) Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Nederlandse rechtspraktijk kan de rechter een beroep op een strafuitsluitingsgrond verwerpen als blijkt dat de verdachte een zekere mate van eigen schuld heeft, ondanks dat de (overige) voorwaarden zijn vervuld. In de literatuur worden bezwaren aangevoerd tegen deze pragmatische benadering en zijn alternatieve aansprakelijkheidsmodellen tot stand gekomen: eigen schuld als zelfstandig strafbaar feit en de actio libera in causa. In deze bijdrage worden beide modellen beschreven en vergeleken met de Nederlandse benadering.


Mr. R.H. (Robert) Jansen
Robert Jansen is docent/onderzoeker strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht promotieonderzoek naar culpa in causa in het stelsel van strafuitsluitingsgronden.
Artikel

(On)geschreven excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Excepties, Codificatie, Strafuitsluitingsgrond, Kwalificatie-uitsluitingsgrond, Ontbreken van materiële wederrechtelijkheid
Auteurs Mr. S.R. (Sven) Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Naast de geschreven algemene en bijzondere strafuitsluitingsgronden en de ongeschreven algemene strafuitsluitingsgronden ontbreken van materiële wederrechtelijkheid en afwezigheid van alle schuld, zijn in de jurisprudentie ook verschillende ongeschreven contextgebonden excepties aanvaard, bijvoorbeeld de medische exceptie, de kunstexceptie en de sport- en spelexceptie. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag of c.q. in hoeverre er aanleiding bestaat dergelijke ongeschreven excepties in de wet te verankeren.


Mr. S.R. (Sven) Bakker
Sven Bakker is als docent en onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en verricht promotieonderzoek naar contextgebonden excepties in het Nederlandse strafrecht. Tevens is hij redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Artikel

In(ternet)filtratie: een roep om meer waarborgen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden digitale infiltratie, infiltratie(bevoegdheid), Lijst Ia Opiumwet, Operatie Bayonet, Hansa Market
Auteurs Mr. S.B.H. van Overveld, Mr. I.C. Smits en Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
SamenvattingAuteursinformatie

    Door middel van een grootschalige digitale infiltratieoperatie werd de dark market ‘Hansa’ in 2017 door de Nederlandse politie en het Openbaar Ministerie opgerold. De politie maakte gebruik van de bevoegdheid die haar op grond van artikel 126h Sv toekomt: de ‘klassieke’ infiltratiebevoegdheid. Kan deze infiltratiebevoegdheid zonder meer worden aangewend in een digitale context, of klinkt in dat geval een roep om meer waarborgen?


Mr. S.B.H. van Overveld
Mr. S.B.H. (Sophie) van Overveld is als docent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Mr. I.C. Smits
Mr. I.C. (Isabel) Smits is als docent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.

Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
Mr. C.M. (Celine) Taylor Parkins-Ozephius is als docent Straf(proces)recht verbonden aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Samenwerkingsverbanden en de strafrechtspleging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden samenwerkingsverbanden, verdedigingsrechten, nemo tenetur-beginsel, onrechtmatig bewijs, convenanten
Auteurs Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel ‘Gegevensuitwisseling in samenwerkingsverbanden’ beoogt kaders te bieden voor de multilaterale samenwerking tussen strafrechtelijke, bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke actoren ter bestrijding van ongewenste maatschappelijke fenomenen, waaronder de bestrijding van fraude. Het voorstel richt zich uitsluitend op de normering van de gegevensverwerking die onder de vlag van die samenwerkingsverbanden plaatsvindt. In dit artikel wordt betoogd dat die benadering te beperkt is. Dat wordt geïllustreerd met een analyse van de mogelijke gevolgen van het voorstel voor de verdedigingsrechten en het bewijsrecht, in het bijzonder het leerstuk van het onrechtmatig verkregen bewijs.


Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman is hoogleraar Transnationale rechtshandhaving en fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Moet de strafrechter ook de scheidsrechter zijn van het publieke debat?

De scheiding der machten in het licht van de vrijheid van meningsuiting voor volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Freedom of speech, Separation of powers, Criminal law, Hate speech, Legal certainty
Auteurs Jip Stam
SamenvattingAuteursinformatie

    This article contains a critical review of the provisions in the Dutch penal code regarding group defamation and hate speech. It is argued that not only these provisions themselves but also their application by the Dutch supreme court, constitutes a problem for the legitimacy and functioning of representative democracy. This is due to the tendency of the supreme court to employ special constraints for offensive, hateful or discriminatory speech by politicians. Because such a special constraint is not provided or even implied by the legislator, the jurisprudence of the supreme court is likely to end up in judicial overreach and therefore constitutes a potential – if not actual – breach in the separation of powers. In order to forestall these consequences, the protection of particularly political speech should be improved, primarily by a revision of the articles 137c and 137d of the Dutch penal code or the extension of parliamentary immunity.


Jip Stam
Jip Stam is onderzoeker en docent bij de afdeling Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Leidse rechtenfaculteit.

    Een rechtsstaat is gebaseerd op zelfbinding van de overheid aan het recht. Deze zelfbinding moet verankerd zijn in regels die onder meer de onafhankelijkheid van de rechterlijke macht vastleggen. De ontwikkelingen in Polen en elders tonen echter aan dat juridische regels van zelfbinding geen blokkades maar verkeersdrempels zijn op de weg naar despotisch bestuur. Een rechtsstaat vereist vooral een cultuur van zelfbinding. De conceptualisering van deze rechtsstaatcultuur staat nog in de kinderschoenen.


Ronald Janse
Ronald Janse is hoogleraar Encyclopedie van de rechtswetenschap aan de Open Universiteit.
Artikel

Ethiek, liberalisme en gemeenschap

Enkele gedachten over herstelrecht en zorgethiek

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden ethiek, liberalisme, gemeenschap, communitarisme, zorgethiek
Auteurs Pieter De Witte
SamenvattingAuteursinformatie

    This article considers Christopher D. Marshall’s proposal to draw a connection between the ethics of care and restorative justice. The ethics of care tradition is critical of the modern liberal interpretation of morality as a rational endeavor based on universal principles. The article attempts to spell out the ethical and political implications of adopting this fundamental viewpoint in the context of restorative justice. On the ethical level, the ethics of care may remind the tradition of restorative justice of its essential reliance on the concrete moral practices and competences of people that precede any conceptualized normative ethics. On the political level, an ethics of care approach to restorative justice seems to lead to a certain deadlock in that it fails (and refuses) to offer a rational justification of restorative justice practices. On a closer look, the ethics of care can provide such a justification, be it a ‘communitarian’ one.


Pieter De Witte
Pieter de Witte is RK-gevangenisaalmoezenier, postdoctoraal onderzoeker aan het Centrum voor Religie, Ethiek en Detentie en docent Religie, Zingeving en Levensbeschouwing (KU Leuven).
Artikel

Access_open De renaissance van de voorlopige maatregelen in het mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2020
Trefwoorden voorlopige maatregel, voorlopige voorziening, last onder dwangsom, interim measure, Broadcom
Auteurs Marieke Bredenoord-Spoek en Stijn de Jong
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit overzichtsartikel beschrijft het handhavingsinstrument van de ‘voorlopige maatregel’ in het Europese en Nederlandse mededingingsrecht. De auteurs signaleren dat dit instrument aan populariteit wint bij toezichthouders.


Marieke Bredenoord-Spoek
Mr. M.G. Bredenoord-Spoek is werkzaam als advocaat bij Stibbe.

Stijn de Jong
Mr. S. de Jong is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Artikel

Access_open Klimaatverandering en strafrecht: een verkenning

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Milieustrafrecht, Klimaatverandering, Handhaving klimaatwetgeving, Broeikasgas, Co2
Auteurs Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik en Mr. S.H. (Seppe) Stax
SamenvattingAuteursinformatie

    Klimaatverandering is niet meer weg te denken uit het publieke debat. In het afgelopen jaar stond het onderwerp vaak op de politieke agenda, werd Greta Thunberg uitgeroepen tot Time Person of the Year en was het Urgenda-arrest een van de meest besproken gerechtelijke uitspraken van het jaar. Binnen het strafrecht wordt nog weinig aandacht aan klimaatverandering besteed, maar dat zal op korte termijn veranderen. Dit artikel bevat een verkenning naar de strafrechtelijke aansprakelijkheid van partijen die bijdragen aan klimaatverandering en de strafrechtelijke handhaving van klimaatwetgeving.


Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik
Mr. S.J. (Sjoerd) Lopik is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.

Mr. S.H. (Seppe) Stax
Mr. S.H. (Seppe) Stax is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Het strafrecht en illegale gewasbeschermingsmiddelen in 2020

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Milieustrafrecht, Gewasbeschermingsmiddelen, Duaal sanctiestelsel, Europese sanctie-eis
Auteurs Mr. R.M.J. (Rob) de Rijck en Mr. F.M. (Floor) van den Bogart
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage geeft een actueel overzicht van het strafrecht op het gebied van gewasbeschermingsmiddelen. Er wordt een globaal overzicht gegeven van het EU-stelsel van toelating en het belang daarvan. Daarna wordt de strafrechtelijke handhaving in Nederland meer gedetailleerd beschreven. Dit is een jong strafrechtgebied dat aan Europese eisen moet voldoen en dat door de wetgever met het bestuursrecht in een duaal sanctiestelsel is geplaatst. Het strafrecht blijkt hier nog zoekende en twee fundamentele vragen staan open.


Mr. R.M.J. (Rob) de Rijck
Rob de Rijck is landelijk coördinerend officier van justitie milieu bij het Functioneel Parket. In de beschreven zaken die leidden tot de vonnissen van de Rechtbank Den Haag van 2012 en van de Rechtbank Rotterdam van 2014 en 2019 trad hij als officier ter zitting op.

Mr. F.M. (Floor) van den Bogart
Floor van den Bogart is commissiesecretaris milieu bij het Functioneel Parket. Zij was betrokken bij het genoemde EMPACT Operational Action Plan.

Michael Mekel
Drs. M.M.S. Mekel is adviseur bij de Raad voor het Openbaar Bestuur en hoofdauteur van het adviesrapport Een sterkere rechtsstaat.
Artikel

Rare jongens die strafrechtelijke beginselen

De invloed van het strafrecht op het mededingingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2020
Trefwoorden fundamentele rechten, mededingingsrecht, ne bis in idem, rechtszekerheid, lex mitior
Auteurs Mr. dr. J.M. Veenbrink
SamenvattingAuteursinformatie

    In het mededingingsrecht is veel discussie over de waarborgen die van toepassing zijn. Zo beargumenteren ondernemingen vaak dat mededingingsautoriteiten hun fundamentele rechten hebben geschonden. Het is dan aan de rechters om te bepalen of dit inderdaad het geval is. In dit artikel wordt gekeken of er bij de ontwikkeling van deze waarborgen inspiratie wordt gehaald uit het strafrecht.


Mr. dr. J.M. Veenbrink
Mr. dr. J.M. Veenbrink is universitair docent Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Neurenberg als wegbereider voor het internationale strafrecht

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Neurenburg Tribunaal, Internationaal strafrecht, Oorlogsmisdrijven, Tweede Wereldoorlog
Auteurs Prof. mr. H.G. (Harmen) van der Wilt
SamenvattingAuteursinformatie

    De 75-jarige herdenking van de historische verrichtingen van het Neurenberg Tribunaal biedt een mooie gelegenheid om de balans op te maken van de staat van het internationale strafrecht. In het licht van de grillige veranderingen in de opvattingen over de normatieve en politieke levensvatbaarheid van internationaal strafrecht wordt in dit essay ingegaan op bijdrage van het Neurenberg Tribunaal aan de ontwikkeling van het internationale strafrecht.


Prof. mr. H.G. (Harmen) van der Wilt
Hoogleraar internationaal strafrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Access_open Een kinderrechtenproof Vlaams jeugddelinquentierecht?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Vlaams jeugdstrafrecht, Kinderrechten, IVRK
Auteurs K. (Katrien) Herbots en S. (Sofie) van Rumst
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aanname van het Jeugddelinquentiedecreet, bepaalt Vlaanderen de richting die het wil uitgaan in het omgaan met personen die op minderjarige leeftijd strafbare feiten plegen of hiervan verdacht worden. Zo ambieerde Vlaanderen onder meer zich ‘internationaal als goede praktijk in de aanpak van jeugddelinquentie te profileren’. Deze bijdrage gaat vanuit een kinderrechtenperspectief na in welke mate het nieuwe Vlaamse decreet deze internationale ambitie waar maakt.


K. (Katrien) Herbots
Katrien Herbots is Raadgever Jeugd en Kinderrechten bij Vlaams minister van Brussel, Jeugd en Media.

S. (Sofie) van Rumst
Sofie van Rumst is advocaat en beleidsadviseur Kinderrechtencommissariaat.
Artikel

Access_open Criteria voor strafbaarstelling

De integratie tussen theorie en wetgevingsbeleid

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Criteria voor strafbaarstelling, Ultimum remedium, Wetgevingsbeleid, Evidence-based lawmaking
Auteurs Mr. dr. S.S. (Sanne) Buisman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse strafrecht is gebaseerd op de idee van ultimum remedium. Strafrecht kan grote gevolgen hebben voor de verdachten. Of en op welke wijze bepaald ongewenst gedrag moet worden strafbaar gesteld, vereist daarom een gedegen afweging tussen de voor- en nadelen van het strafrecht. Criteria voor strafbaarstelling bieden de wetgever een argumentatiekader aan de hand waarvan strafbaarstelling kan worden gelegitimeerd en gerechtvaardigd. In dit artikel worden de huidige strafbaarstellingtheorieën aangevuld met wetgevingsbeleid.


Mr. dr. S.S. (Sanne) Buisman
Mr. dr. S.S. Buisman is universitair docent strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam. Op 14 januari 2020 verdedigde zij succesvol haar proefschrift, getiteld ‘Contract Tort & Crime. Criminalisation of breaches of sale contracts under Dutch and EU law’, aan Tilburg University.
Toont 1 - 20 van 26 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.