Zoekresultaat: 43 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Samenloop van een tuchtrechtelijke en een strafrechtelijke procedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2021
Trefwoorden tuchtrecht, criminal charge, samenloop, nemo tenetur, medewerkingsplicht
Auteurs Mr. dr. R.L. Herregodts
SamenvattingAuteursinformatie

    Het komt voor dat over hetzelfde feitencomplex zowel een tuchtrechtelijke als een strafrechtelijke procedure wordt gevoerd. Volgens de jurisprudentie van het EHRM en de tuchtcolleges is dit niet in strijd met het ne bis in idem-beginsel. Toch is die samenloop niet zonder complicaties. Dit artikel gaat over een daarvan, namelijk de situatie dat de beroepsbeoefenaar zich, met het oog op een lopende of naderende strafrechtelijke procedure, niet vrij voelt om in de tuchtprocedure mondeling en schriftelijk te verklaren over de inhoud van de klacht.


Mr. dr. R.L. Herregodts
Mr. dr. R.L. Herregodts is universitair docent bij de vakgroep Staatsrecht, Bestuursrecht en Bestuurskunde van de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Access_open Belemmeringen bij de aanpak van onregelmatigheden door de curator

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2021
Trefwoorden Insolvency practitioner, Insolvency fraud, Directors’ liability, Enforcement, Empty estates
Auteurs Jessie Pool LL.M. BSc., Dr. Helen Pluut en Prof. mr. Reinout Vriesendorp
SamenvattingAuteursinformatie

    For years, Dutch legal scholars have been debating about the desirability of mandatory private enforcement of irregularities and fraud by the insolvency practitioner. The assumption is that revenue-oriented insolvency practitioners impede efficient enforcement of irregularities in insolvency. The findings of our quantitative study support the assumption that insolvency practitioners do not take enforcement actions in every suspicious insolvency and that norm violations are less likely to enforced when no recourse is offered. The findings of our qualitative study indicate that there are additional explanations for this relative lack of enforcement, such as lack of renumeration and poor follow-up procedures. Therefore, although the insolvency practitioner is assumed to be of great importance in combatting irregularities in bankruptcies, we doubt the effectiveness and preventive effect of the role of the insolvency practitioner. We make various recommendations to facilitate insolvency practitioners in dealing with irregularities.


Jessie Pool LL.M. BSc.
Jessie Pool is als PhD-Fellow verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht van de Universiteit Leiden. Dit artikel is geschreven in het kader van haar proefschrift over het signaleren en redresseren van onregelmatigheden door de curator.

Dr. Helen Pluut
Helen Pluut is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Leiden.

Prof. mr. Reinout Vriesendorp
Reinout Vriesendorp is als hoogleraar Insolventierecht verbonden aan de afdeling Ondernemingsrecht en de afdeling Bedrijfswetenschappen van de Universiteit Leiden en is advocaat te Amsterdam.
Artikel

Access_open Het instellen van een medische tuchtprocedure: een ‘criminal charge’?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2021
Trefwoorden beroepsverbod, tuchtrecht, strafrecht, Engel, EVRM
Auteurs Mr. M.F. Mooibroek
SamenvattingAuteursinformatie

    Sinds de inwerkingtreding van de Wet modernisering tuchtrecht kan de medische tuchtrechter een absoluut beroepsverbod opleggen. Daarmee is het karakter van de medische tuchtprocedure fundamenteel gewijzigd en kan de vraag worden gesteld of de medische tuchtvervolging heeft te gelden als ‘criminal charge’ in de zin van artikel 6 EVRM.


Mr. M.F. Mooibroek
Maurice Mooibroek is advocaat bij KBS Advocaten te Utrecht en buitenpromovendus Radboud Universiteit Nijmegen.

    Het ontgrendelen van elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk staat nog steeds in de schijnwerpers van de rechtswetenschap en de rechtspraktijk. Uit de literatuur is een duidelijke meerderheidsopvatting te distilleren, namelijk dat de verdachte verplicht kan worden elektronische gegevensdragers met een biometrisch kenmerk te ontgrendelen, maar dat van een verplichting zijn wachtwoord af te staan geen sprake kan zijn. Verschillende nationale gerechten hebben dezelfde conclusie getrokken. Ondanks de duidelijke meerderheidsopvatting werd tegen een van de eerste uitspraken, een vonnis van de rechtbank Noord-Holland, cassatie in het belang van de wet ingesteld waarin advocaat-generaal Bleichrodt onlangs concludeerde. In deze bijdrage wordt de zojuist genoemde conclusie besproken, in het licht van de afwezigheid van een fundamentele bezinning op de normering van opsporingsbevoegdheden in de digitale wereld.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Kroniek formeel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2020
Auteurs Frezia Aarts, Max den Blanken, Rachel Bruinen e.a.

Frezia Aarts

Max den Blanken

Rachel Bruinen

Dirk Dammers

Alexandra Emsbroek

Jan Hoek

Chaimae Ihataren

Paul van Putten

Melissa Slaghekke

Aimée Timorason

Jiska Veenstra

Paul Verweijen

Ben Polman

Robert Malewicz

Debora Middelburg
Artikel

Waarover men niet kan spreken, daarover moet men zwijgen

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden zwijgrecht, bewijsrecht, prima facie-case, procespositie, nemo tenetur
Auteurs Mr. J.C. (Justus) Reisinger
SamenvattingAuteursinformatie

    In het straf(proces)recht is het zwijgrecht een fundamenteel recht voor de verdachte. De redenen om gebruik te maken van het zwijgrecht kunnen zeer divers en uiteenlopend zijn: van schuldige tot en met onschuldige, alle gradaties daartussen. Omdat de rechter normaliter niet weet wat de reden is, roept de auteur van het artikel op om niet langer gebruik te maken van het betrekken van het zwijgen van een verdachte in de bewijsvoering. Welbeschouwd is dat – bewijsrechtelijk gezien – ook helemaal niet nodig. Het voorkomt in elk geval (de schijn van) een afbreuk aan de wezenlijke belangen die aan het zwijgrecht ten grondslag liggen.


Mr. J.C. (Justus) Reisinger
Mr. J.C. Reisinger is advocaat bij Van Boom Advocaten.
Artikel

Bont en blauw: strafbaar en straffeloos geweldgebruik door de politie

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden politiegeweld, ambtsinstructie, wettelijk voorschrift, noodweer, feitenonderzoek
Auteurs Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
SamenvattingAuteursinformatie

    Van de politie wordt in beginsel verlangd dat zij zich vreedzaam van haar taken kwijt. Bij de uitoefening daarvan kan zij echter geconfronteerd worden met personen die deze frustreren, en genoopt worden geweld te gebruiken. Dat levert veelal een strafbaar feit op, dus rijst de vraag hoe recht gedaan moet worden aan de omstandigheid dat geweld gebruikt werd door een overheidsfunctionaris, onder moeilijke omstandigheden. De Wet geweldsaanwending opsporingsambtenaar markeert de keuze voor een nieuw perspectief op politiegeweld.


Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
Menno Dolman is rechter-plaatsvervanger in de rechtbanken Den Haag en Rotterdam.
Artikel

Access_open Samenwerkingsverbanden en de strafrechtspleging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 5 2020
Trefwoorden samenwerkingsverbanden, verdedigingsrechten, nemo tenetur-beginsel, onrechtmatig bewijs, convenanten
Auteurs Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel ‘Gegevensuitwisseling in samenwerkingsverbanden’ beoogt kaders te bieden voor de multilaterale samenwerking tussen strafrechtelijke, bestuursrechtelijke en privaatrechtelijke actoren ter bestrijding van ongewenste maatschappelijke fenomenen, waaronder de bestrijding van fraude. Het voorstel richt zich uitsluitend op de normering van de gegevensverwerking die onder de vlag van die samenwerkingsverbanden plaatsvindt. In dit artikel wordt betoogd dat die benadering te beperkt is. Dat wordt geïllustreerd met een analyse van de mogelijke gevolgen van het voorstel voor de verdedigingsrechten en het bewijsrecht, in het bijzonder het leerstuk van het onrechtmatig verkregen bewijs.


Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman
Prof. mr. M.J.J.P. Luchtman is hoogleraar Transnationale rechtshandhaving en fundamentele rechten aan de Universiteit Utrecht.

Debbie Liem
Debbie Liem is advocaat-belastingkundige bij VDB Advocaten.
Artikel

Conflictbeslechting na misdaad bij de Marrons in Suriname

Mogelijke bruggen tussen de traditionele en moderne misdaadaanpak

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Marrons, Suriname, traditionele misdaadaanpak, Twinningproject, krutu
Auteurs Jacques Claessen en Rinette Djokarto
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article, we report on our initial findings (from the field) regarding conflict resolution among the Maroons in Suriname. After first providing some background information about the Maroons (section 2), we describe their manner of conflict resolution after a crime has taken place and we explain what justice within this context entails for them (section 3). Subsequently, we try to distil ‘the useful elements’ from the Maroons’ approach to crime, that is to say elements with which modern restorative justice, i.e. restorative justice that meets, inter alia, human rights and constitutional requirements, can be nourished and strengthened. We also discuss some of the challenges we have encountered, where the traditional legal system and the modern criminal justice system come together (section 4). Then we try to build some possible bridges between the two legal systems (section 5). The contribution concludes with providing a window on the future of the development of restorative justice in Suriname and the Netherlands.


Jacques Claessen
Jacques Claessen is bijzonder hoogleraar herstelrecht en universitair hoofddocent strafrecht aan de Universiteit Maastricht en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Limburg.

Rinette Djokarto
Rinette Djokarto is docent strafrecht en rechtssociologie aan de Anton de Kom Universiteit van Suriname, buitenpromovenda aan de Universiteit Leiden en lid van het Constitutioneel Hof van Suriname.
Artikel

Verstoppertje in het enquêterecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2020
Trefwoorden SNS-enquête, enquêtepraktijk, verschoningsrecht
Auteurs Mr. P.H.M. Broere
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs oordeelde de Hoge Raad in de SNS-enquête dat aan het verschoningsrecht in het enquêterecht ook betekenis toekomt. De auteur bespreekt de beschikking van de Hoge Raad en de implicaties daarvan voor de enquêtepraktijk. Om aan de gevolgen van SNS te ontkomen wordt een drietal oplossingsrichtingen aangereikt.


Mr. P.H.M. Broere
Mr. P.H.M. Broere is als promovendus en docent verbonden aan het Van der Heijden Instituut, OO&R, Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Zwijgrecht afzwakken of afpakken?

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 5 2020
Auteurs Stijn van Merm, Alrik de Haas en Theo de Roos
Auteursinformatie

Stijn van Merm
Stijn van Merm is strafrechtadvocaat bij Weening Strafrechtadvocaten.

Alrik de Haas
Alrik de Haas is strafrechtadvocaat bij OMVR Advocaten, raadsheer-plaatsvervanger in Den Bosch, tevens voorzitter van de stichting Mens en Strafrecht.

Theo de Roos
Theo de Roos is emeritus hoogleraar strafrecht en strafrechtproces aan Tilburg University, tevens oud-raadsheer-plaatsvervanger in Den Bosch.
Artikel

Afgedwongen informatie van de gefailleerde in strafzaken en de poortwachtersfunctie van de strafrechter

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2019
Trefwoorden Faillissementswet, nemo tenetur-beginsel, startinformatie, art. 359a Sv, fraudebestrijdende rol curator
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    De gefailleerde is op grond van de in de Faillissementswet vastgelegde plichten tot inlichting en medewerking gehouden mee te werken aan het onderzoek van de curator. Dit onderzoek kan leiden tot een strafrechtelijke aangifte.
    In de kern ziet deze bijdrage op de vraag of, en zo ja welke rol de hierboven onder dwang verkregen gegevens in de daaropvolgende strafzaak kunnen spelen. Hebben deze gegevens alleen de status van startinformatie en dienen zij dus enkel om het opsporingsonderzoek een aanvang te doen nemen? Of kan deze informatie ook worden gebruikt voor het bewijs in die strafzaak? Dit alles is op het eerste oog niet onproblematisch als wordt bedacht dat een belangrijk strafvorderlijk uitgangspunt is dat een verdachte niet kan worden gedwongen mee te werken aan zijn eigen veroordeling, oftewel het in artikel 6 EVRM geïncorporeerde nemo tenetur-beginsel.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. Sven Brinkhoff is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit. Daarnaast fungeert hij als raadsheer-plaatsvervanger bij het Hof Den Bosch.
Artikel

Het zwijgrecht van de rechtspersoon: effectief in te zetten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2019
Trefwoorden zwijgrecht, rechtspersoon, verdachte, cautie, 6 EVRM
Auteurs Mr. E. de Witte
SamenvattingAuteursinformatie

    Naast een natuurlijk persoon, kan ook een rechtspersoon als verdachte worden aangemerkt. Iedere verdachte, dus ook een rechtspersoon, kan gebruikmaken van het hem toekomende zwijgrecht. Voor de opsporingsfase is echter niet wettelijk geregeld welke natuurlijke persoon het zwijgrecht van de rechtspersoon feitelijk kan inroepen.
    Het horen van bestuurders en overige (ex-)werknemers als bijvoorbeeld getuige of (mede)verdachte in het strafrechtelijk onderzoek naar de verdachte rechtspersoon, kan de rechtspersoon ernstig benadelen in het effectief kunnen uitoefenen van het hem toekomende zwijgrecht.


Mr. E. de Witte
Mr. E. de Witte was ten tijde van het schrijven van dit artikel werkzaam bij Knoops’ advocaten te Amsterdam. Thans werkt zij bij Van Bavel Advocaten te Amsterdam.
Artikel

Overbrugging van procedurele breuklijnen bij een integrale aanpak van criminaliteit

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden (de keuze voor een) handhavingsstelsel, ne bis in idem, Integrale aanpak, Bewijsvergaring, vormverzuimen
Auteurs Prof. mr. dr. M.F.H. Hirsch Ballin
SamenvattingAuteursinformatie

    De overheid zet in op een ‘integrale aanpak’ van ondermijning, terrorisme, cybercrime en financieel-economische criminaliteit. Die integrale aanpak heeft ook belangrijke procedurele gevolgen. Tegelijkertijd of achtereenvolgens worden bevoegdheden ingezet die worden genormeerd in verschillende rechtsgebieden. Het door deze bevoegdheden vergaarde materiaal wordt bovendien onderling gedeeld en gebruikt voor andere bevoegdheden. Door de betrokkenheid van meerdere rechtsgebieden en door die rechtsgebieden gescheiden te blijven benaderen, is sprake van procedurele breuklijnen die af doen aan daadwerkelijke integratie en aan de waarborgfunctie van het recht. Niet een duidelijkere keuze tussen handhavingsstelsels is de route naar overbrugging, maar het bereiken van overeenstemming over de grondbeginselen die aan de normering ten grondslag liggen.


Prof. mr. dr. M.F.H. Hirsch Ballin
Prof. mr. dr. M.F.H. (Marianne) Hirsch Ballin is hoogleraar Straf- en strafprocesrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Geef mij toegang tot uw smartphone!

Een zoektocht naar de wettelijke grondslag van de gedwongen biometrische ontgrendeling van de smartphone

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 3 2019
Trefwoorden Smartphone, (biometrische) ontgrendeling, Legaliteitsbeginsel, Privacy, Vingerafdruk
Auteurs Mr. W. Albers, Mr. T. Beekhuis en Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
SamenvattingAuteursinformatie

    Uit een aantal vonnissen blijkt dat rechters zoekende zijn naar de wettelijke grondslag voor de gedwongen biometrische ontgrendeling van een smartphone. Zo worden de artikelen 3 Pw en 141/142 Sv, artikel 94 Sv e.v. en artikel 61a Sv genoemd. Deze bijdrage gaat nader in op deze bepalingen om inzicht te geven, mede in het licht van artikel 1 Sv en artikel 8 EVRM, in de zoektocht van de rechters. Gepoogd wordt een antwoord te geven op de vraag welke de meest aangewezen grondslag is voor deze wijze van ontgrendeling.


Mr. W. Albers
Mr. W. (Willemijn) Albers is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.

Mr. T. Beekhuis
Mr. T. (Tekla) Beekhuis is promovenda bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (Ucall) van de Universiteit Utrecht.

Mr. C.M. Taylor Parkins-Ozephius
Mr. C.M. (Celine) Taylor Parkins-Ozephius is docent Straf(proces)recht bij het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Tweede kansen, stigma’s en de praktijk van het civielrechtelijk bestuursverbod

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 7 2019
Trefwoorden civielrechtelijk bestuursverbod, bestuursverbod, faillissementsfraude, curator, Openbaar Ministerie
Auteurs Mr. M. Neekilappillai en Mr. dr. N.T. Pham
SamenvattingAuteursinformatie

    Het civielrechtelijk bestuursverbod biedt de curator en het Openbaar Ministerie een instrument om faillissementsfraude effectiever te bestrijden. Op basis van rechtspraakanalyse en interviews met betrokken curatoren wordt betoogd dat het civielrechtelijk bestuursverbod geen geschikt instrument is voor het aanpakken van onkundige maar bonafide bestuurders.


Mr. M. Neekilappillai
Mr. M. Neekilappillai is als promovenda verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht, afdeling Burgerlijk recht, van de Universiteit Leiden.

Mr. dr. N.T. Pham
Mr. dr. N.T. Pham is als universitair docent verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht, afdeling Ondernemingsrecht, van de Universiteit Leiden.
Artikel

Modernisering Strafvordering: de bevoegdheden met betrekking tot het lichaam en het ongemotiveerd uithollen van waarborgen

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2019
Trefwoorden opsporing, ernstige bezwaren, strafvorderlijk onderzoek in en aan het lichaam, DNA-onderzoek, modernisering strafvordering
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    In het zesde hoofdstuk van Boek 2 van het concept-Wetboek van Strafvordering staan de strafvorderlijke bevoegdheden centraal die betrekking hebben op het lichaam. Voor een groot deel zijn de thans bestaande bevoegdheden samengebracht in één hoofdstuk en worden er maar een paar nieuwe bevoegdheden gecreëerd. In dit artikel wordt belicht dat tamelijk geruisloos en bovendien eenzijdig vanuit het perspectief van opsporingsbelangen op een aantal plekken de geldende waarborgen worden verminderd. Betoogd wordt dat daar niet te lichtvaardig toe moet worden overgaan. Zeker niet zonder deugdelijke onderbouwing en zeker niet bij bevoegdheden die een forse inbreuk maken op de lichamelijke integriteit van een verdachte burger. Het laten vervallen van de eis van het bestaan van ernstige bezwaren is in dit opzicht de meest fundamentele voorgestelde wijziging. Op dit punt verdient het de voorkeur dat de voorstellen van de wetgever worden bediscussieerd en zo nodig worden bijgestuurd.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. S. (Sven) Brinkhoff is als universitair hoofddocent straf(proces)recht verbonden aan de Open Universiteit.
Artikel

Het nemo-teneturbeginsel in de conceptwetsvoorstellen van het Wetboek van Strafvordering

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Nemo-teneturbeginsel, Modernisering Strafvordering, Handschriftanalyse, Stemvergelijking, Meewerkverplichting
Auteurs D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden twee in de modernisering van het Wetboek van Strafvordering geïntroduceerde opsporingsmethoden beoordeeld in het licht van het nemo-teneturbeginsel, te weten de handschriftanalyse en de stemvergelijking. Hiervoor wordt ten eerste uit de memories van toelichting de visie van de wetgever betreffende het nemo-teneturbeginsel gedistilleerd. Vervolgens worden de conceptartikelen waarin de nieuwe opsporingsmethoden zijn geregeld aan de rechtspraak van het EHRM getoetst.


D.A.G. van Toor PhD LLM BSc
D.A.G. (Dave) van Toor PhD LLM BSc is verbonden als universitair docent aan de Open Universiteit en als wetenschappelijk medewerker Straf(proces)recht & Criminologie aan de Universität Bielefeld (Duitsland). Hij schreef meerdere artikelen over de verplichting tot meewerken aan de uitvoering van een opsporingsbevoegdheid, zoals het decryptiebevel, de ontgrendeling van een smartphone en administratie- en inlichtingenverplichtingen.
Artikel

Beschouwing rapport Commissie-Koops: strafvordering in het digitale tijdperk

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 2 2018
Trefwoorden digitale opsporing, openbronnenonderzoek, beslag, data-analyse, big data
Auteurs Mr. dr. J.J. Oerlemans
SamenvattingAuteursinformatie

    De Commissie-Koops heeft onderzocht of het conceptwetsvoorstel Boek 2 voldoende rekening houdt met het digitale tijdperk anno 2018 en in de nabije toekomst. Dit artikel is een beschouwing op het rapport van de Commissie, waarbij de aanbevelingen met betrekking tot openbronnenonderzoek en het beslag op gegevensdragers uitgebreid besproken worden. Daarnaast wordt ingegaan op het fenomenen van de ‘dataficering’ van het opsporingsproces. In het artikel wordt antwoord gegeven op de vraag welke bijdrage het rapport heeft geleverd aan de modernisering van het Wetboek van Strafvordering.


Mr. dr. J.J. Oerlemans
Mr. dr. J.J. Oerlemans is als onderzoeker verbonden aan eLaw, het Centrum voor Recht en Technologie van de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 43 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.