Zoekresultaat: 62 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2020 x Rubriek Article x
Artikel

Access_open De Europese grenzen aan winstuitkering door zorgaanbieders

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2020
Trefwoorden winstuitkering door zorgaanbieders, Unierecht, EVRM
Auteurs Dr. L.R. Glas LLM, prof. mr. J.W. van de Gronden en mr. dr. J.M. Veenbrink
SamenvattingAuteursinformatie

    Regulering van winstuitkering is een politiek discussiepunt. Het kan dan ook voorkomen dat regulering van winstuitkering tot een lappendeken aan wetgeving leidt. Dit artikel gaat na welke ruimte het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM) en het Unierecht laten om politieke compromissen te sluiten op het gebied van winstuitkering door zorgaanbieders.


Dr. L.R. Glas LLM
Lize Glas is universitair docent Europees Recht bij de Radboud Universiteit, Nijmegen.

prof. mr. J.W. van de Gronden
Johan van de Gronden is hoogleraar Europees Recht bij de Radboud Universiteit, Nijmegen.

mr. dr. J.M. Veenbrink
Marc Veenbrink is universitair docent Europees Recht bij de Radboud Universiteit, Nijmegen.
Artikel

Access_open De effecten van de coronamaatregelen voor mensen met een beperking vanuit een juridisch oogpunt

Tijdschrift Handicap & Recht, Aflevering 2 2020
Trefwoorden VN-verdrag Handicap, COVID-19, coronamaatregelen, lockdown, crisiscommunicatie
Auteurs Mr. M. Swaanenburg-van Roosmalen
SamenvattingAuteursinformatie

    Coronamaatregelen zijn zeer divers (zowel publiek als privaat) en kunnen verschillend uitpakken voor mensen met een beperking, al naar gelang hun omstandigheden, zoals de plaats waar zij wonen, werken en onderwijs volgen. Hoe verschillend individuele situaties van mensen met een beperking ook kunnen zijn, bij alle maatregelen rond corona moeten juridische analyses de rechten van mensen met een beperking betrekken: niet alleen in het licht van de Grondwet en wetgeving met waarborgen ter zake, maar ook van mensenrechtenverdragen en dan vooral het VN-verdrag Handicap. Het VN-verdrag Handicap is in coronatijd onverminderd van kracht. Uit het verdrag volgt dat ook bij de totstandkoming van coronamaatregelen nauw overleg geboden is met mensen met een beperking en hun representatieve organisaties. Deze bijdrage geeft aan welke aspecten bij het beoordelen van verschillende concrete coronamaatregelen in het bijzonder van belang zijn, gezien het VN-verdrag Handicap.


Mr. M. Swaanenburg-van Roosmalen
Mr. M. (Marjolein) Swaanenburg-van Roosmalen is lid van het College voor de Rechten van de Mens. Deze bijdrage geeft de opvattingen van de auteur weer en bindt het College op geen enkele wijze.
Artikel

Concurrentie en duurzaamheid gaan hand in hand

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4-5 2020
Trefwoorden duurzaamheid, artikel 101 VWEU, concurrentie, artikel 6 Mw, Mededingingsrecht
Auteurs Eric van Damme
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage belicht de auteur de onderwerpen mededinging, duurzaamheid en klimaatverandering vanuit economisch perspectief en probeer hij te duiden wat de bijdrage van de economische wetenschap aan de discussie over mededinging en duurzaamheid zou kunnen zijn. Zijn belangrijkste stelling is dat mededinging niet slechts een instrument is, maar een publiek belang dat bescherming verdient, dat onze Mededingingswet dit belang onvoldoende beschermt en dat de ACM zich sterker als hoeder van dit belang zou moeten opstellen.


Eric van Damme
Prof. dr. E. van Damme is werkzaam bij het Departement Economie en TILEC van de Universiteit Tilburg.
Artikel

Access_open Bescherming van derdelandmigranten tegen arbeidsuitbuiting in de EU

Tijdschrift Arbeidsrechtelijke Annotaties, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Migratie, Derdelanders, Arbeidsuitbuiting
Auteurs Mr. drs. Gerrie Lodder
SamenvattingAuteursinformatie

    Arbeidsmigratie is in de EU een belangrijk en actueel onderwerp. Enerzijds, omdat steeds meer landen in de EU te kennen geven dat ze voor het op peil houden van het arbeidspotentieel hun toevlucht moeten nemen tot het aantrekken van arbeidsmigranten van buiten de EU. Anderzijds blijkt dat er regelmatig sprake is van uitbuiting van deze arbeidsmigranten. In EU-wetgeving in het algemeen en de regulering van migratie van onderdanen van derde landen (derdelanders) naar de EU in het bijzonder wordt aandacht besteed aan de kwetsbare positie van derdelanders en een eerlijke behandeling. Het doel van migratiewetgeving is echter met name ook het beheersen van migratie, het bestrijden van illegale migratie en het stimuleren van economische ontwikkeling. Deze verschillende doelen kunnen met elkaar botsen. In dit artikel wordt onderzocht wat de invloed is van de EU-migratiewetgeving op de uitbuiting van arbeidsmigranten.


Mr. drs. Gerrie Lodder
Mr. drs. G.G. Lodder is werkzaam als onderzoeker en docent bij het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Discussie, Nieuws en Analyse

De strafbaarstelling van gebruikers

Een onderzoek naar de legitimiteit en rechtvaardigheid van strafbaarstelling van harddrugsgebruik

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 6 2020
Trefwoorden Drugsgebruik, Legitimiteit, Rechtvaardigheid, Criteria voor strafbaarstelling, Strafbaarstelling
Auteurs Mr. Y. (Yamit) Hamelzky
SamenvattingAuteursinformatie

    In het kader van ontwrichtende criminaliteit ontstaat steeds meer aandacht voor de gebruikerskant. Zo ook voor de harddrugsgebruiker, die een ontwrichtende invloed op de samenleving heeft. Dit artikel beantwoordt daarom de vraag of strafbaarstelling van harddrugsgebruik legitiem en rechtvaardig is. Teneinde deze vraag te beantwoorden wordt getoetst aan de criteria voor strafbaarstelling en worden de argumenten die ten grondslag liggen aan de strafbaarstelling van de prostituant die misbruik maakt van prostituees die slachtoffer zijn van mensenhandel ter inspiratie gebruikt.


Mr. Y. (Yamit) Hamelzky
Yamit Hamelzky is docent straf(proces)recht aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Access_open Actualiteiten particuliere arbeidsongeschiktheidsverzekering (AOV)

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2020
Trefwoorden abeidsongeschiktheidsverzekering., schending mededelingsplicht, begrip arbeidsongeschiktheid, claimbehandeling
Auteurs Mr. dr. E.J. Wervelman
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt de belangrijkste actualiteiten op het terrein van arbeidsongeschiktheidsverzekeringen. Daarbij is in het bijzonder aandacht geschonken aan de rol van deze verzekering binnen de letselschade. Daarnaast komt het karakter van de AOV aan orde, de schending van de mededelingsplicht, het begrip arbeidsongeschiktheid en de claimbehandeling.


Mr. dr. E.J. Wervelman
Mr. dr. E.J. Wervelman is als advocaat verbonden aan VWW Advocaten - Mediation te Utrecht en is raadsheer-plaatsvervanger bij het gerechtshof ’s-Hertogenbosch.
Artikel

Handhaving van bijtincidenten

De gebeten hond

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2020
Trefwoorden bijtincidenten, artikel 425 Wetboek van Strafrecht, lichte bevelsbevoegdheid, Honden
Auteurs Mr. Jaap Baar
SamenvattingAuteursinformatie

    This article examines how the enforcement of dog biting incidents takes place in the Netherlands. Enforcement can be carried out using both criminal and administrative law. This practice is discussed, as well as where the bottlenecks in enforcement practice are. Finally, proposals are made to improve present practices.


Mr. Jaap Baar
Mr. Jaap Baar is advocaat in straf- en bestuurszaken bij Kuyp Baar advocaten.
Artikel

Overgangsrecht in het Arubaanse recht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2020
Trefwoorden overgangsrecht, wetgeving, Aruba
Auteurs Mr. N. Vleeming-Tromp
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat is overgangsrecht en welke vormen van overgangsrecht zijn er? In dit artikel wordt op basis van dossieronderzoek het gebruik van het overgangsrecht in Aruba beschreven. Geconstateerd kan worden dat over de vraag of overgangsrecht noodzakelijk is en in welke vorm dit vormgegeven moet worden zeker is nagedacht in verschillende dossiers. Of dat in alle gevallen zo is, valt moeilijk te zeggen. Het vaststellen van overgangsrecht is en blijft maatwerk en is niet alleen afhankelijk van juridische argumenten, maar is zeker ook gebaseerd op uitvoeringstechnische aspecten en politieke overwegingen.


Mr. N. Vleeming-Tromp
Mr. N. Vleeming-Tromp LL.Mleg is in februari 2007 afgestudeerd aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Aruba, in 2009 afgestudeerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en in 2012 afgestudeerd aan de Academie voor Wetgeving, waar zij zich heeft verdiept in het overgangsrecht. Zij is sinds september 2012 werkzaam bij de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van Aruba als wetgevingsjurist. Dit artikel is echter volledig op persoonlijke titel geschreven en alle uitspraken en stellingen zijn slechts de hare en hoeven niet de zienswijze van de Directie Wetgeving en Juridische Zaken van Aruba te reflecteren.
Telecommunicatie

Kroniek Telecommunicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden elektronische communicatie, Telecomcode, connectiviteit, aanleg netwerken, netneutraliteit
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    De beschikbaarheid van vaste en mobiele netwerken met zeer hoge capaciteit, zoals glasvezelnetwerken en 5G-netwerken, is cruciaal in de digitale economie. De Richtlijn van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie (‘de Telecomcode’) heeft als doelstelling om bij te dragen aan de ontwikkeling van hoogwaardige netwerken. Deze connectiviteitsdoelstelling staat naast de reeds bestaande doelstellingen op het gebied van mededinging, interne markt en de bescherming van eindgebruikers. Deze bijdrage beschrijft allereerst de maatregelen, veelal soft law, die ter invulling van de connectiviteitsdoelstelling in de twee jaar na de vaststelling van de Telecomcode op Europees niveau zijn genomen, zoals Berec-richtsnoeren met een verduidelijking van nieuwe begrippen en instrumenten in de Telecomcode en een Aanbeveling van de Commissie voor een toolbox om de kosten van aanleg van nieuwe netwerken te verlagen. Daarna komt de gedeeltelijke implementatie in de Nederlandse Telecommunicatiewet aan de orde. Vervolgens passeert de jurisprudentie de revue, waarin een uitleg van de reikwijdte en de inhoud van het kader voorafgaand aan de Telecomcode, en van de Netneutraliteitsrverordening wordt gegeven. Daarbij wordt, waar relevant, ook benoemd hoe de uitleg zicht verhoudt tot de Telecomcode en de Nederlandse implementatie.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is als bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht verbonden aan eLaw van de Universiteit Leiden en is advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Europees internationaal privaatrecht

Internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter en de immuniteit van internationale organisaties

De uitspraak van het Hof van Justitie in Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE)

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7-8 2020
Trefwoorden internationale organisaties, internationale bevoegdheid van de nationale rechter, immuniteit, Brussel I-bis
Auteurs Prof. dr. E.C.P.D.C. De Brabandere
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 3 september 2020 heeft het Hof van Justitie uitspraak gedaan in de zaak Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE). De zaak heeft betrekking op de internationale bevoegdheid van de Nederlandse rechter inzake een geschil tussen een reeks vennootschappen en een internationale organisatie. Naast de vraag of de Nederlandse rechter internationaal bevoegd is om kennis te nemen van een verzoek door een internationale organisatie tot opheffing van een conservatoir beslag, bespreken het arrest en deze noot de vraag of rekening gehouden moet worden met de immuniteit van executie van internationale organisaties.
    HvJ 3 september 2020, zaak C-186/19, ECLI:EU:C:2020:638 (Supreme/Supreme Headquarters Allied Powers Europe (SHAPE)).


Prof. dr. E.C.P.D.C. De Brabandere
Prof. dr. E.C.P.D.C. (Eric) De Brabandere is hoogleraar internationale geschillenbeslechting aan Grotius Centre for International Legal Studies en advocaat aan de Balie te Brussel (DMDB Law).
Article

Access_open Overturning Wrongful Convictions by Way of the Extraordinary Review

The Spanish Experience

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden extraordinary review, remedies, fair trial, wrongful convictions, criminal justice, innocence, procedural safeguards, justice
Auteurs Lorena Bachmaier Winter en Antonio Martínez Santos
SamenvattingAuteursinformatie

    According to the traditional view, the ultimate aim of the extraordinary review (recurso de revisión) provided in the Spanish justice system was to deal with wrongful criminal convictions and correct those serious miscarriages of justice which became apparent only after the judgment had become final. However, the 2015 reform called this traditional view into question by formally including two additional grounds for review that are not necessarily related to the correcting miscarriages or blatant mistakes in the assessment of the facts made by the sentencing court. This paper aims to give an overview of the extraordinary review in Spain. To that end it will first address the legal framework and its practical implementation, as well as present pitfalls and best practices. Finally, future trends and challenges will be identified in order to improve the protection of defendants who have suffered a wrongful conviction.


Lorena Bachmaier Winter
Lorena Bachmaier Winter is Professor of Law at the Universidad Complutense de Madrid.

Antonio Martínez Santos
Antonio Martínez Santos is Associate Professor of Law, Francisco de Vitoria University, Madrid.
Article

Access_open Between Legal Certainty and Doubt

The Developments in the Procedure to Overturn Wrongful Convictions in the Netherlands

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 4 2020
Trefwoorden revision law, post-conviction review, wrongful convictions, miscarriages of justice, criminal law, empirical research
Auteurs Nina Holvast, Joost Nan en Sjarai Lestrade
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch legislature has recently (2012) altered the legislation for post-conviction revision of criminal cases. The legislature aimed to improve the balance between the competing interests of individual justice and the finality of verdicts, by making post-conviction revision more accessible. In this article we describe the current legal framework for revising cases. We also study how the revision procedure functions in practice, by looking at the types and numbers of (successful) requests for further investigations and applications for revision. We observe three challenges in finding the right balance in the revision process in the Netherlands. These challenges concern: 1) the scope of the novum criterion (which is strict), 2) the appropriate role of an advisory committee (the ACAS) in revision cases (functioning too much as a pre-filter for the Supreme Court) and, 3) the difficulties that arise due to requiring a defence council when requesting a revision (e.g., financial burdens).


Nina Holvast
Nina Holvast is Assistant Professor at the Erasmus Universiteit Rotterdam.

Joost Nan
Joost Nan is Associate Professor at the Erasmus University Rotterdam.

Sjarai Lestrade
Sjarai Lestrade is Assistant Professor at the Radboud University Nijmegen.
Artikel

De huidige status van het rechtsgebied omgevingsrecht

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden omgevingsrecht, natuurbeheer, milieubeheer, ruimtelijke ontwikkeling
Auteurs Mr. dr. J. Sybesma
SamenvattingAuteursinformatie

    Teruggeblikt wordt op de ontwikkelingen in het omgevingsrecht, zijnde natuur, milieu en ruimtelijke ontwikkeling, gedurende de laatste twintig jaar van de Caribische delen van het Koninkrijk.


Mr. dr. J. Sybesma
Mr. dr. J. Sybesma is lid van de Raad van Advies (RvA) van Curaçao en bijzondere rechter in de Raad van Beroep Ambtenarenzaken en in LAR Sociale Verzekeringszaken van het Gemeenschappelijk Hof van Justitie (GHvJ). Hij is ook redactielid van het Caribisch Juristenblad. Deze bijdrage reflecteert geenszins de mening van de RvA Curaçao en/of die van het GHvJ.
Artikel

Strafrechtelijke stand van zaken

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden cassatieregeling, strafprocesrechtelijke wetgeving, strafrechtelijke wetgeving, Caribisch deel van het Koninkrijk
Auteurs Prof. mr. H. de Doelder en Mr. J.H.J. Verbaan
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bevat een bespreking van een aantal belangrijke wijzigingen in de straf(proces)rechtelijke wetgeving in het Caraibisch gebied. Het betreft een aantal wijzigingen die reeds zijn ingevoerd (strafrechtelijke bepalingen) en wijzigingen die worden beoogd (strafvorderlijke bepalingen). De wijzigingen worden toegelicht en van commentaar voorzien. Tot slot wordt nog stilgestaan bij de jurisprudentie van de Hoge Raad en de invloed die zijn uitspraken op de regelgeving heeft (gehad). Nadere aandacht wordt besteed aan de cassatieregeling in het Caraibische deel van het Koninkrijk. Betoogd wordt dat die regeling aanpassing behoeft.


Prof. mr. H. de Doelder
Prof. mr. H. de Doelder is emeritus-hoogleraar aan de Erasmus Universiteit Rotterdam en hoogleraar aan de Universiteit van Curaçao.

Mr. J.H.J. Verbaan
Mr. J.H.J. Verbaan is wetenschappelijk docent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Het recht van de intellectuele eigendom 2000-2020

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden intellectuele eigendom, intellectuele eigendomsrechten
Auteurs Mr. C.A.D. Jänsch en Mr. J.A. de Baar
SamenvattingAuteursinformatie

    De rol van het intellectuele eigendomsrecht is de laatste jaren aanzienlijk toegenomen, niet in de laatste plaats door de toename van het gebruik van internet, sociale media en smartphones. Dit artikel is een bewerking van de laatste kroniek, gepubliceerd in TAR-Justicia 2000 nr. 4. De auteurs gaan in op relevante ontwikkelingen in de wetgeving en de rechtspraak, onder meer op het gebied van het auteursrecht, het merkenrecht en het octrooirecht sinds het begin van deze eeuw. Daarbij komen ook de verschillen in de vier jurisdicties binnen het Caribische deel van het Koninkrijk aan de orde. Tot besluit worden mogelijke ontwikkelingen in het komende decennium besproken.


Mr. C.A.D. Jänsch
Mr. C.A.D. Jänsch is advocaat-partner bij OX & WOLF legal partners te Curaçao.

Mr. J.A. de Baar
Mr. J.A. de Baar is advocaat-partner bij BBV Legal te Curaçao.
Artikel

Het personen- en familierecht anno 2020

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Vaststelling vaderschap, gezamenlijk gezag, huwelijksvermogensrecht, namenrecht, kindermishandeling
Auteurs Mr. R.M. Nieuw
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage voor dit lustrumnummer zal onder meer worden nagegaan in hoeverre sommige verdragsrechtelijke bepalingen een rol spelen binnen de ontwikkelingen van het personen- en familierecht gedurende het laatste decennium van 2011 tot 2020. In deze periode zijn verschillende voorstellen tot wetswijzigingen goedgekeurd door de wetgever die geleid hebben tot de inwerkingtreding van een reeks landsverordeningen.


Mr. R.M. Nieuw
Mr. R.M. Nieuw is als universitair docent privaatrecht en PhD candidate verbonden aan de University of Curaçao.
Article

Access_open Positive State Obligations under European Law: A Tool for Achieving Substantive Equality for Sexual Minorities in Europe

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Positive obligations, sexual minorities, sexual orientation, European law, human rights
Auteurs Alina Tryfonidou
SamenvattingAuteursinformatie

    This article seeks to examine the development of positive obligations under European law in the specific context of the rights of sexual minorities. It is clear that the law should respect and protect all sexualities and diverse intimate relationships without discrimination, and for this purpose it needs to ensure that sexual minorities can not only be free from state interference when expressing their sexuality in private, but that they should be given the right to express their sexuality in public and to have their intimate relationships legally recognised. In addition, sexual minorities should be protected from the actions of other individuals, when these violate their legal and fundamental human rights. Accordingly, in addition to negative obligations, European law must impose positive obligations towards sexual minorities in order to achieve substantive equality for them. The article explains that, to date, European law has imposed a number of such positive obligations; nonetheless, there is definitely scope for more. It is suggested that European law should not wait for hearts and minds to change before imposing additional positive obligations, especially since this gives the impression that the EU and the European Court of Human Rights (ECtHR) are condoning or disregarding persistent discrimination against sexual minorities.


Alina Tryfonidou
Alina Tryfonidou is Professor of Law, University of Reading.
Article

Access_open A Positive State Obligation to Counter Dehumanisation under International Human Rights Law

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Dehumanisation, International Human Rights Law, Positive State obligations, Framework Convention for the Protection of National Minorities, International Convention on the Elimination of all forms of Racial Discrimination
Auteurs Stephanie Eleanor Berry
SamenvattingAuteursinformatie

    International human rights law (IHRL) was established in the aftermath of the Second World War to prevent a reoccurrence of the atrocities committed in the name of fascism. Central to this aim was the recognition that out-groups are particularly vulnerable to rights violations committed by the in-group. Yet, it is increasingly apparent that out-groups are still subject to a wide range of rights violations, including those associated with mass atrocities. These rights violations are facilitated by the dehumanisation of the out-group by the in-group. Consequently, this article argues that the creation of IHRL treaties and corresponding monitoring mechanisms should be viewed as the first step towards protecting out-groups from human rights violations. By adopting the lens of dehumanisation, this article demonstrates that if IHRL is to achieve its purpose, IHRL monitoring mechanisms must recognise the connection between dehumanisation and rights violations and develop a positive State obligation to counter dehumanisation. The four treaties explored in this article, the European Convention on Human Rights, the International Covenant on Civil and Political Rights, the Framework Convention for the Protection of National Minorities and the International Convention on the Elimination of all forms of Racial Discrimination, all establish positive State obligations to prevent hate speech and to foster tolerant societies. These obligations should, in theory, allow IHRL monitoring mechanisms to address dehumanisation. However, their interpretation of the positive State obligation to foster tolerant societies does not go far enough to counter unconscious dehumanisation and requires more detailed elaboration.


Stephanie Eleanor Berry
Stephanie Eleanor Berry is Senior Lecturer in International Human Rights Law, University of Sussex.
Article

Access_open The Potential of Positive Obligations Against Romaphobic Attitudes and in the Development of ‘Roma Pride’

Tijdschrift Erasmus Law Review, Aflevering 3 2020
Trefwoorden Roma, Travellers, positive obligations, segregation, culturally adequate accommodation
Auteurs Lilla Farkas en Theodoros Alexandridis
SamenvattingAuteursinformatie

    The article analyses the jurisprudence of international tribunals on the education and housing of Roma and Travellers to understand whether positive obligations can change the hearts and minds of the majority and promote minority identities. Case law on education deals with integration rather than cultural specificities, while in the context of housing it accommodates minority needs. Positive obligations have achieved a higher level of compliance in the latter context by requiring majorities to tolerate the minority way of life in overwhelmingly segregated settings. Conversely, little seems to have changed in education, where legal and institutional reform, as well as a shift in both majority and minority attitudes, would be necessary to dismantle social distance and generate mutual trust. The interlocking factors of accessibility, judicial activism, European politics, expectations of political allegiance and community resources explain jurisprudential developments. The weak justiciability of minority rights, the lack of resources internal to the community and dual identities among the Eastern Roma impede legal claims for culture-specific accommodation in education. Conversely, the protection of minority identity and community ties is of paramount importance in the housing context, subsumed under the right to private and family life.


Lilla Farkas
Lilla Farkas is a practising lawyer in Hungary and recently earned a PhD from the European University Institute entitled ‘Mobilising for racial equality in Europe: Roma rights and transnational justice’. She is the race ground coordinator of the European Union’s Network of Legal Experts in Gender Equality and Non-discrimination.

Theodoros Alexandridis
Theodoros Alexandridis is a practicing lawyer in Greece.

    The entry into force of the United Nations Convention on the Rights of Persons with Disabilities (CRPD) pushed state obligations to counter prejudice and stereotypes concerning people with disabilities to the forefront of international human rights law. The CRPD is underpinned by a model of inclusive equality, which views disability as a social construct that results from the interaction between persons with impairments and barriers, including attitudinal barriers, that hinder their participation in society. The recognition dimension of inclusive equality, together with the CRPD’s provisions on awareness raising, mandates that states parties target prejudice and stereotypes about the capabilities and contributions of persons with disabilities to society. Certain human rights treaty bodies, including the Committee on the Rights of Persons with Disabilities and, to a much lesser extent, the Committee on the Elimination of Discrimination against Women, require states to eradicate harmful stereotypes and prejudice about people with disabilities in various forms of interpersonal relationships. This trend is also reflected, to a certain extent, in the jurisprudence of the European Court of Human Rights. This article assesses the extent to which the aforementioned human rights bodies have elaborated positive obligations requiring states to endeavour to change ‘hearts and minds’ about the inherent capabilities and contributions of people with disabilities. It analyses whether these bodies have struck the right balance in elaborating positive obligations to eliminate prejudice and stereotypes in interpersonal relationships. Furthermore, it highlights the convergences or divergences that are evident in the bodies’ approaches to those obligations.


Andrea Broderick
Andrea Broderick is Assistant Professor at the Universiteit Maastricht, the Netherlands.
Toont 1 - 20 van 62 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.