Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 2311 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Access_open De wettelijke bedenktijd: ter achtergrond

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden wettelijke bedenktijd, responstijd, agenderingsrecht, openbaar bod, corporate governance
Auteurs A. Duldar en Prof. mr. E.C.H.J. Lokin
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreken de auteurs de achtergrond van het wetsvoorstel voor de invoering van een wettelijke bedenktijd. Na een korte schets van de afwijzende houding van de minister tien jaar geleden en de recente ontwikkelingen die alsnog hebben geleid tot het wetsvoorstel, benoemen de auteurs de meest prangende vragen die het wetsvoorstel oproept. Dit ter introductie van de andere bijdragen over de wettelijke bedenktijd.


A. Duldar
A. Duldar is masterstudent Recht & Onderneming aan de Universiteit Utrecht. Hij schrijft zijn scriptie over de wettelijke bedenktijd.

Prof. mr. E.C.H.J. Lokin
Prof. mr. E.C.H.J. Lokin is hoogleraar Ondernemingsrecht aan de Universiteit Utrecht, advocaat bij Stibbe te Amsterdam en hoofdredacteur van MvO.
Artikel

De voorgestelde wettelijke bedenktijd: een (on)gerechtvaardigde belemmering?

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden voorontwerp wettelijke bedenktijd, Europeesrechtelijke toetsing, wettelijke bedenktijd
Auteurs Mr. R. Traas
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschouwt de mogelijke strijdigheid van de voorgestelde wettelijke bedenktijd met het vrij verkeer van kapitaal en de vrijheid van vestiging. Meer specifiek wordt de door de minister aangedragen rechtvaardiging voor een eventuele belemmerende werking van wettelijke bedenktijd op deze beginselen aan Europees recht getoetst.


Mr. R. Traas
Mr. R. Traas is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Artikel

Voorontwerp bedenktijd: een bedenkelijke geringschatting van het ondernemingsrecht

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden wettelijke bedenktijd, langetermijnwaardecreatie, ondernemingsrechtelijke redelijkheid en billijkheid, Nederlandse Corporate Governance Code, RNA-beschikking
Auteurs Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kabinetsvoorstel ter invoering van een wettelijke bedenktijd wekt de indruk dat de stand van het Nederlandse recht buiten de rechtspraktijk onbemind is; immers, ons recht biedt (meer dan) voldoende bescherming aan beursgenoteerde ondernemingen. Daarnaast sluit de voorgestelde wettelijke bedenktijd een beroep op artikel 2:8 BW ter weigering van agendering uit. Aldus oordeelt de auteur dat het voorstel zowel overbodig als onwenselijk is.


Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten
Mr. A.J.J.P.B.M. Kersten is werkzaam als hoofd European Relations bij Vereniging van Effectenbezitters.
Artikel

De beslispraktijk van het Schadefonds Geweldsmisdrijven: een kwalitatieve studie naar de beoordeling van verzoeken tot tegemoetkoming

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden slachtoffers, geweldscriminaliteit, schade, tegemoetkoming, beslispraktijk
Auteurs Mara Huibers MSc., Prof. dr. mr. Maarten Kunst en Dr. mr. Sigrid van Wingerden
SamenvattingAuteursinformatie

    Victims who suffer severe damages due to the act of a violent crime can request state compensation from the Dutch Violent Offences Compensation Fund (VOCF). VOCF workers who decide on these requests use their discretionary powers to translate the VOCF’s rules and policy into concrete actions. This study investigated (1) to what extent these VOCF workers match Lipsky’s definition of street-level bureaucrats and (2) what routines and heuristics they use to deal with time and information constraints. On the basis of document analysis and interviews, we found that the decision makers of the VOCF can to a certain extent be seen as street-level bureaucrats. To make decisions timely, some of them use routines such as the ‘downstream orientation’. This means that they award requests for compensation if they think that the applicant would be able to successfully contest a rejecting decision. To deal with a lack of information, they sometimes include a review clause in the text of a rejection decision. The use of heuristics was not found among the lawyers who decide in first instance, but in case of appeal hearings heuristics such as the affect and representativeness heuristic seem to play a role in the decision-making process. Future research should investigate whether these routines and heuristics lead to disparities in outcomes.


Mara Huibers MSc.
Mara Huibers is docent Criminologie aan de Universiteit Leiden.

Prof. dr. mr. Maarten Kunst
Maarten Kunst is hoogleraar criminologie aan Universiteit Leiden.

Dr. mr. Sigrid van Wingerden
Sigrid van Wingerden is universitair hoofddocent criminologie aan Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Detentie van asielzoekers: een kwestie van gevoel?

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden street-level bureaucrats, aliens detention, asylum seekers, emotions, intuition
Auteurs Mr. drs. Wouter van der Spek en Dr. Anita Böcker
SamenvattingAuteursinformatie

    This paper analyses how street-level bureaucrats in the Netherlands decide on detaining asylum seekers. The paper is based on interviews with officers of the national police and the military police who take these decisions as part of their job. The relevant Dutch and European legal rules are not clear and unambiguous and the officers are given wide margins of discretion in making these decisions. Many interviewees said that they ultimately rely on their ‘feelings’. The paper therefore pays special attention to whether and how gut feelings and emotions of the officers influence their decision-making. In addition, the paper examines whether and how the increased use of ICTs and the Europeanisation of migration and asylum law have reduced the officers’ discretion and autonomy.


Mr. drs. Wouter van der Spek
Wouter van der Spek is junior docent bestuursrecht en promovendus aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen.

Dr. Anita Böcker
Anita Böcker is universitair hoofddocent rechtssociologie aan de Radboud Universiteit.
Artikel

Het werk van Wibo van Rossum – een bloemlezing

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Wibo van Rossum, Legal anthropology, Administration of Justice, Empirical research, The Netherlands
Auteurs Dr. mr. Marc Simon Thomas en Prof. mr. Rick Verschoof
SamenvattingAuteursinformatie

    This article is about the work of Wibo van Rossum who passed away in April 2018. Trained as a legal anthropologist he has conducted empirical research on the administration of justice in the Netherlands for many years. This anthology is about four research reports he produced and many articles he has written in two decades. This article provides an academic as well as a practical review of his work.


Dr. mr. Marc Simon Thomas
Marc Simon Thomas is universitair docent aan de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. Rick Verschoof
Rick Verschoof is senior rechter en bijzonder hoogleraar rechtspraak aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Vertrouwen in het notariële tuchtrecht

Ervaren procedurele rechtvaardigheid onder het notariaat

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Notarieel tuchtrecht, Procedurele rechtvaardigheid, Vertrouwen, Tuchtrecht, Notarieel recht
Auteurs Dr. Kees van den Bos, Mr. Dr. Jan Biemans en Mr. Dr. Eddy Bauw
SamenvattingAuteursinformatie

    This quantitative empirical research project describes how notaries evaluate disciplinary jurisdiction. Findings show that perceived procedural justice matters for notaries’ trust in the disciplinary jurisdiction of their cases. For example, those respondents who had been involved in a disciplinary case themselves, rated the disciplinary judge with a 5.3 on a 10-point scale when procedural justice was perceived by them to be relatively low. In contrast, when respondents who had been involved in a disciplinary case perceived procedural justice to be relatively high they rated the disciplinary judge with 7.6 on the same 10-point scale. This suggests that perceived procedural justice matters among an interesting type of professionals (notaries) who are involved in an interesting procedure in their profession (a disciplinary evaluation of their professional handling) in which important decisions are made. The current paper can contribute to the development of a barometer of notary disciplinary law.


Dr. Kees van den Bos
Kees van den Bos is hoogleraar Sociale Psychologie en hoogleraar Empirische Rechtswetenschap aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.

Mr. Dr. Jan Biemans
Jan Biemans is kernhoogleraar Burgerlijk recht, i.h.b. Goederenrecht en Notarieel recht aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.

Mr. Dr. Eddy Bauw
Eddy Bauw is hoogleraar Privaatrecht, i.h.b. Aansprakelijkheidsrecht en Rechtspleging aan de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Montaigne Centrum voor Rechtsstaat en Rechtspleging van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Access_open Naar een Gedragscode Afhandeling Beroepsziekteclaims?

Een verkorte weergave van de bevindingen van de eerste fase van het project Gedragscode Afhandeling Beroepsziekteclaims

Tijdschrift Afwikkeling Personenschade, Aflevering 1 2019
Trefwoorden project Gedragscode Afhandeling Beroepsziekteclaims, eerste fase, ervaren knelpunten, kansen voor een gedragscode als oplossingsrichting
Auteurs Mr. M. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Om de afhandeling van beroepsziekteclaims te verbeteren is in januari 2018 het project Gedragscode Afhandeling Beroepsziekteclaims (project GAB) gestart. In het kader van de eerste fase van dit project is een inventariserend onderzoek verricht naar de ervaren knelpunten bij de afhandeling van beroepsziekteclaims en de kansen voor een gedragscode als oplossingsrichting. Het doel van dit onderzoek was om te bezien of voldoende aanknopingspunten bestaan om te gaan werken aan de totstandkoming van een gedragscode. In deze bijdrage worden de bevindingen van de eerste fase van het project GAB op hoofdlijnen weergegeven.


Mr. M. de Groot
Mr. M. de Groot is als wetenschappelijk docent verbonden aan de sectie Burgerlijk recht van de Erasmus School of Law en was secretaris-onderzoeker van de eerste fase het project Gedragscode Afhandeling Beroepsziekteclaims.

    Voor welke geschillen leent de deelgeschilprocedure zich, en onder welke omstandigheden is het zinvol, of juist niet zinvol, om een deelgeschilprocedure te starten?


Mr. J.G. Keizer
Mr. J.G. Keizer is advocaat bij SAP Letselschade Advocaten in Amersfoort.
Artikel

Online uitbuiting van consumenten voorkomen: een zorgplicht voor dominante ondernemingen?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Trefwoorden online markten, uitbuiting, consumenten, digitale machtspositie, data
Auteurs Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Online markten vormen een nieuwe uitdaging voor het mededingingsrecht. Alle voordelen van deze vorm van handel in termen van toegankelijkheid en keuzemogelijkheden ten spijt kunnen consumenten hier worden overschaduwd door ondernemingen die in een virtuele omgeving de persoonlijke data van hun tegenpartij kunnen benutten om deze uit te buiten of te discrimineren. Dit artikel behandelt de vraag of, en zo ja wanneer, deze tak van het recht gebruikt kan worden om door middel van het opleggen van een zorgplicht consumenten te beschermen tegen onbillijk ofwel oneerlijk gedrag door partijen die hun digitale machtspositie misbruiken.


Wolf Sauter
Prof. dr. mr. drs. W. Sauter is in dienst bij de Autoriteit Consument en Markt (ACM) en verbonden aan het Tilburg Law and Economics Center (Tilec). Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel, en is een bewerkte en gecondenseerde versie van het Social Sciences Research Network (SSRN) Working Paper ‘A duty of care to prevent online exploitation of consumers? Digital dominance and special responsibility in EU competition law’, https://ssrn.com/abstract=3353280
Artikel

‘Wij staan op het punt om uit het peloton te demarreren naar de koplopers’

Interview met Martijn Snoep door redactie Markt & Mededinging, 18 april 2019

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2019
Auteurs Cees Dekker, Anna Gerbrandy en Gunnar Niels
SamenvattingAuteursinformatie

    Totdat hij in september 2018 voorzitter werd van de ACM, was Martijn Snoep naast advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek ook een van de vaste columnisten van Markt & Mededinging. Van 2013 tot in 2018 liet hij met enige regelmaat zijn licht schijnen over allerhande onderwerpen die het mededingingsrecht en -beleid raken. In verband met zijn benoeming tot voorzitter eindigde Martijn Snoep zijn bijdragen als columnist aan ons blad. Dat leek de redactie van Markt & Mededinging een goede reden om de columns van Martijn Snoep nog eens te herlezen en (mede) aan de hand daarvan hem in zijn nieuwe functie te interviewen over zijn kijk op de ontwikkelingen in het mededingingsrecht en de rol van de ACM.


Cees Dekker
Mr. C.T. Dekker is advocaat bij Nysingh advocaten-notarissen N.V. en redacteur van dit tijdschrift.

Anna Gerbrandy
Prof. dr. mr. A. Gerbrandy is hoogleraar mededingingsrecht aan de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.

Gunnar Niels
Dr. G. Niels is partner bij Oxera en redacteur van dit tijdschrift.

    Op 7 februari 2019 heeft de Duitse kartelwaakhond Bundeskartellamt (BKa) het langverwachte besluit bekendgemaakt waarin het vaststelt dat Facebook misbruik maakt van haar dominante marktpositie door op websites van derden gebruikersdata te verzamelen en te verwerken en in strijd handelt met dataprotectiewetgeving. Volgens het BKa geven gebruikers hier geen expliciete toestemming voor of wordt hun geen ‘opt-out’ geboden. Dat geldt ook voor de toestemming voor commercieel gebruik van persoonsgegevens, die door Facebook wordt afgedwongen van haar gebruikers. Het BKa legt Facebook daarom verplichtingen op om dit gedrag binnen twaalf maanden te beëindigen en haar gebruiksvoorwaarden aan te passen. De zaak is een novum, omdat het de eerste keer is dat een mededingingsautoriteit het misbruikverbod handhaaft op grond van overtreding van de dataprotectieregels. In deze bijdrage gaan de auteurs in op het Facebook-besluit, een aantal controversiële standpunten die het BKa inneemt en hoe de zaak past in het bredere debat over mededingingstoezicht in digitale markten.


Pauline Kuipers
Mr. drs. D.P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Janneke Kohlen
Mr. J.I. Kohlen is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

Annelot Kuiper
Mr. A.C.A. Kuiper is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.
Artikel

Access_open Fenomenologie van het proces van bewijzen in strafzaken

Over de noodzaak van het vooroordeel

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Auteurs Thomas Jacobus de Jong
Samenvatting

    In deze bijdrage staat de activiteit van bewijzen in strafzaken centraal. Betoogd wordt dat de vigerende rationalistische opvatting van strafrechtelijk bewijzen eraan voorbij gaat dat het bewijzen zich allereerst voltrekt op een vóór-reflectief niveau. Het primaire blikveld van de mens is namelijk niet het objectiverende kennen, zoals in de rationele bewijstheorieën wordt voorondersteld, maar de praktische relatie tot de wereld. In dit kader wordt eerst de filosofische achtergrond van de rationalistische bewijsopvatting in kaart gebracht, in het bijzonder de invloed van Aristoteles en Descartes. Vervolgens worden de daaruit voortkomende bevindingen aan de hand van ideeën en inzichten die zijn ontleend aan de existentiële fenomenologie kritisch gewaardeerd. Dit leidt tot de uiteenzetting van een hermeneutische opvatting van strafrechtelijk bewijzen.


Thomas Jacobus de Jong
Artikel

Access_open Broken rules, ruined lives

Een verkenning van de normativiteit van de onrechtservaring

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Trefwoorden onrecht, Slachtofferrechten, Benjamin, Shklar
Auteurs Nanda Oudejans en Antony Pemberton
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoewel de rechtspositie van slachtoffers de afgelopen decennia verstevigd lijkt, blijft de relatie tussen slachtoffer en strafrecht ongemakkelijk. Rechtswetenschappers tonen zich bezorgd dat de toenemende aandacht voor de belangen van slachtoffers uitmondt in ‘geïnstitutionaliseerde wreedheid.’ Deze zorg wordt echter gevoed door een verkeerd begrip van slachtofferschap en heeft slecht begrepen wat het slachtoffer nu eigenlijk van het recht verlangt. Deze bijdrage probeert de vraag van het slachtoffer aan het recht tot begrip te brengen. Wij zullen de onrechtservaring van het slachtoffer conceptualiseren als een ontologisch alleen en verlaten zijn van het slachtoffer. Het aanknopingspunt om de relatie tussen slachtoffer en recht opnieuw te denken zoeken wij in deze verlatenheid. De kern van het betoog is dat het slachtoffer (mede) in het recht beschutting zoekt tegen deze verlatenheid, maar ook altijd onvermijdelijk tegen de grenzen van het recht aanloopt. Van een rechtssysteem dat zich volledig uitlevert aan de noden van slachtoffers kan dan ook geen sprake zijn. Integendeel, het recht moet zijn belang voor slachtoffers deels zien in de onderkenning van zijn eigen beperkingen om onrecht te keren, in plaats van de onrechtservaring van het slachtoffer weg te moffelen, te koloniseren of ridiculiseren.


Nanda Oudejans
Nanda Oudejans is universitair docent rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht.

Antony Pemberton
Antony Pemberton is hoogleraar victimologie aan Tilburg University.
Artikel

Access_open De dialectiek bij Paul Scholten: haar aard, oorsprong en bronnen

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Paul Scholten, dialectiek, existentialisme, Artificiële Intelligentie, ethische theologie
Auteurs Wim Borst
SamenvattingAuteursinformatie

    Een bekend kenmerk van Scholtens beschouwingswijze was zijn dialectiek.
    Langemeijer heeft de aard ervan scherp geduid, maar erkend in het duister te tasten over haar oorsprong en bronnen. Hegel en Barth komen niet in aanmerking. Ik wijs op de betekenis die de theoloog P.D. Chantepie de la Saussaye (1848-1920) gehad kan hebben voor de ontwikkeling van Scholtens denken, zowel inhoudelijk als qua dialectiek. Sommige contemporaine auteurs lijken Scholten schatplichtig te achten aan Kierkegaard; ik acht dat te speculatief. Moderne digitale technologie opent potentieel grote mogelijkheden voor de toepassing van computers en artificiële intelligentie (AI) in de rechtspleging. Scholtens dialectiek stelt ons voor fundamentele rechtsfilosofische vragen ten aanzien van de mogelijkheid en wenselijkheid van ‘rechtspraak door computers’.


Wim Borst
Wim Borst is beleidsadviseur op het Ministerie van Justitie en Veiligheid.
Artikel

Access_open De tijd van gewortelde vreemdelingen

Een filosofische analyse van tijd en worteling als grond voor verblijfsaanspraken van vreemdelingen

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2019
Trefwoorden migratierecht, vreemdelingen, tijd, identiteit, vanzelfsprekend worden
Auteurs Martijn Stronks
Samenvatting

    In dit artikel wordt langs wijsgerige weg de verhouding tussen tijd, identiteit en het verlenen van (sterkere) verblijfsaanspraken aan migranten onderzocht en verhelderd door een nieuwe betekenis van de term worteling voor te stellen. Want wat is worteling nu eigenlijk? Het is de relatie tussen menselijke tijd, worteling en het migratierecht die in dit artikel filosofisch wordt uitgediept. Dit om te verklaren waarom we in het migratierecht vreemdelingen in het algemeen na verloop van tijd sterkere aanspraken verlenen. In dit artikel wordt betoogd dat het verblijf van vreemdelingen op het grondgebied ervoor zorgt dat hun leven aldaar na verloop van tijd een vanzelfsprekend onderdeel uitmaakt van hun identiteit, en van het leven van anderen. Het is dit vanzelfsprekend worden van mensen door de tijd dat de grond is voor het bestaan van formele tijdscriteria voor insluiting in het migratierecht.


Martijn Stronks
Artikel

Het Geocopter-arrest: explicitering van de regel in een uitzonderlijke casus

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden Geocopter, artikel 2:248, bestuurdersaansprakelijkheid, faillissementsaansprakelijkheid, benadeling
Auteurs Mr. drs. J. van Bekkum
SamenvattingAuteursinformatie

    In het Geocopter-arrest expliciteert de Hoge Raad dat voor kennelijk onbehoorlijk bestuur ex artikel 2:248 BW is vereist dat sprake is van geobjectiveerde wetenschap van benadeling van schuldeisers. Dit zal grote invloed hebben op het processueel debat in artikel 2:248 BW-zaken, maar de uitkomst van dergelijke zaken weinig beïnvloeden.


Mr. drs. J. van Bekkum
Mr. drs. J. van Bekkum is advocaat bij Lemstra Van der Korst te Amsterdam en tevens verbonden aan het Van der Heijden Instituut, onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R), van de Radboud Universiteit Nijmegen.

    Vanwege maatschappelijke onrust is de positie van de OR ten aanzien van beloning, benoeming en ontslag van bestuurders sinds 2000 aanzienlijk uitgebreid. De OR heeft informatierechten, standpuntbepalingsrechten en een adviesrecht zonder beroep. Recent is daar een overlegrecht over de beloningsverhoudingen bij gekomen. In deze bijdrage bespreekt de auteur deze bevoegdheden en vergelijkt ze deze met elkaar. Leiden al die bevoegdheden daadwerkelijk tot meer invloed van de OR op de beloning, benoeming en het ontslag van bestuurders?


Dr. I. Zaal
Dr. I. Zaal is universitair hoofddocent Arbeidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het wetsvoorstel ongewenste zeggenschap telecommunicatie

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden vitale vennootschappen, investeringstoets, nationale veiligheid, telecom
Auteurs Mr. E. Breukink
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over het onlangs verschenen wetsvoorstel Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie. De auteur vergelijkt het wetsvoorstel met de consultatieversie. Hij betrekt daarbij het kritische advies van de Raad van State.


Mr. E. Breukink
Mr. E. Breukink is als promovendus verbonden aan het Van der Heijden Instituut, onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R), van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij bereidt een proefschrift voor over de agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen.
Artikel

Access_open De achterkant van het openbaar bod

Over de opkomst, ontwikkeling en normering van de pre-wired back-end

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden openbaar bod, pre-wired back-end, minderheidsaandeelhouders, activa/passiva-transactie, fusie
Auteurs Mr. J. Barneveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Pre-wired back-end structuren zijn in de overnamepraktijk ontwikkeld om na een openbaar bod tot 100% controle te komen. In dit artikel staan de opkomst en normering van die structuren centraal. Daarbij wordt bijzondere aandacht besteed aan de market practice om back-end-transacties aan additionele voorwaarden te onderwerpen.


Mr. J. Barneveld
Mr. dr. J. Barneveld is advocaat bij De Brauw in Amsterdam en dit jaar werkzaam bij Wachtell, Lipton, Rosen & Katz in New York.
Toont 1 - 20 van 2311 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 49 50
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.