Zoekresultaat: 142 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2017 x Rubriek Article x
Artikel

Over preventief guardianship: er zijn is vaak genoeg

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Guardianship, preventive guardianship, crime prevention, presence of bystanders, Evaluation
Auteurs Henk Elffers
SamenvattingAuteursinformatie

    The most important mechanism for crime prevention is just the presence of guardians. Some counter arguments against this thesis are discussed and rejected. By manipulating the presence of guardians it is possible to influence the level of prevention. It is argued that a large scale evaluation of such measures is wanted.


Henk Elffers
Henk Elffers is senior-onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving NSCR te Amsterdam, emeritus hoogleraar empirische bestudering van de strafrechtspleging aan de Vrije Universiteit Amsterdam en adjunct professor bij de School of Criminology and Criminal Justice van Griffith University, Mt Gravatt, Queensland, Australië.
Artikel

Fortuna: een ‘commissaris’ zonder raad van commissarissen maar met bevoegdheid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden enquêterecht, onmiddellijke voorzieningen, informatieverschaffing, minderheidsaandeelhouder, commissaris
Auteurs Mr. A. Spaargaren en Mr. A.S. van der Heide
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de Fortuna-beschikking van de Ondernemingskamer. In deze beschikking wordt als onmiddellijke voorziening een commissaris benoemd, die geen deel uitmaakt van de raad van commissarissen en exclusief bevoegd is te beslissen over de informatievoorziening aan de aandeelhouders. De auteurs onderzoeken hoe dit zich verhoudt tot de heersende leer.


Mr. A. Spaargaren
Mr. A. Spaargaren is advocaat bij Lexence te Amsterdam.

Mr. A.S. van der Heide
Mr. A.S. van der Heide is advocaat bij Lexence te Amsterdam.
Artikel

Datamining in een veranderende wereld van opsporing en vervolging

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Strafprocesrecht, Strafrecht, Art. 3 Politiewet 2012, Datamining, Privacy
Auteurs Mr. dr. S. Brinkhoff
SamenvattingAuteursinformatie

    Datamining wordt meer en meer als opsporingsmethode ingezet. Onderzocht wordt of de huidige wettelijke grondslagen, mede gelet op jurisprudentie van het EHRM, wel voldoen voor de inzet van deze methode. Een handvat wordt geboden voor een wettelijke regeling.


Mr. dr. S. Brinkhoff
Mr. dr. S. Brinkhoff is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan de vaksectie Straf(proces)recht en Criminologie van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

Het decryptiebevel aan de verdachte in het economisch strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden decryptiebevel, Economisch strafrecht, WED, Bevel tot uitlevering, verdachte
Auteurs Mr. dr. E. Gritter
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt ingegaan op de mogelijkheden die de WED biedt om onder dwang een decryptiebevel aan de verdachte te richten. Na onderzoek van de wettelijke grondslag wordt ingegaan op de grenzen die het nemo tenetur-beginsel stelt aan het kunnen effectueren van dit bevel.


Mr. dr. E. Gritter
Mr. dr. E. Gritter is als universitair docent straf(proces)recht verbonden aan de Vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Rijksuniversiteit Groningen en is tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De bevoegdheid van de politie om computers binnen te treden: tijd voor een grondrecht op de bescherming van informatie-technische systemen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden hackbevoegdheid politie, botnets, nieuw grondrecht, integriteit communicatieapparaten, Computercriminaliteit III
Auteurs Dr. B. van der Sloot
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel computercriminaliteit III is bijna aangenomen en legt een aantal nieuwe bevoegdheden voor de politie neer, waaronder de mogelijkheid om computers van burgers binnen te treden. Niet alleen kan de politie zodoende onderzoek doen, ook mag zij gegevens kopiëren en aanpassingen doen aan de computer, bijvoorbeeld om bepaalde malware te verwijderen. Commentatoren hebben erop gewezen dat dit een zware inmenging is in de privésfeer van burgers. Het zou dan ook tijd zijn voor een nieuw grondrecht op de integriteit van digitale gegevensdragers. Dit artikel bespreekt de nieuwe bevoegdheid van de politie en de introductie van een mogelijk nieuw grondrecht.


Dr. B. van der Sloot
Dr. B. van der Sloot is senior researcher aan het Tilburg Institute for Law, Technology, and Society (TILT), Tilburg University.
Artikel

Cumulerende procedures en dubbele bestraffing

De invloed van Europa op het ne bis in idem-beginsel in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden ne bis in idem-beginsel, EVRM, Europese Unie, dubbele bestraffing, criminal charge
Auteurs Mr. A.C.M. Klaasse en Mr. J.N. de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het ne bis in idem-beginsel is geregeld in respectievelijk artikel 68 Sr en artikel 5:43 Awb. Ook in procedures die buiten het strafrecht of bestuurlijke boeterecht vallen, kan het Europese verbod op dubbele bestraffing doorwerken in Nederland. De Hoge Raad heeft erkend dat de algemene beginselen van een behoorlijke procesorde bescherming bieden in het kader van het ne bis in idem-beginsel. Bovendien is artikel 50 van het Handvest van de EU van toepassing indien EU-recht ten uitvoer wordt gelegd. Op deze wijze is jurisprudentie van het Hof van Justitie van de EU en het EHRM ook van belang voor Nederland.


Mr. A.C.M. Klaasse
Mr. A.C.M. Klaasse is juridisch medewerker bij Hertoghs advocaten in Rotterdam.

Mr. J.N. de Boer
Mr. J.N. de Boer is advocaat bij Hertoghs advocaten in Amsterdam.
Artikel

Over de houdbaarheid van de parlementaire immuniteit voor (gemeentelijke) volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Parlementaire immuniteit, Vrijheid van meningsuiting, Volksvertegenwoordigers, Vervolgingsrecht, Uitingsdelicten
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Volksvertegenwoordigers die zich binnen een officiële vergadering beledigend uitlaten tegenover andere parlementariërs kunnen hiervoor niet worden vervolgd of civielrechtelijk worden aangesproken. Hetzelfde geldt voor andere delicten, zoals de schending van de geheimhoudingsplicht en het aanzetten tot haat. Het Openbaar Ministerie komt in dergelijke gevallen geen vervolgingsrecht toe. De voorzitter is bevoegd om sanctionerend op te treden. In het huidige regime lijkt de toegevoegde waarde van deze parlementaire immuniteit voor volksvertegenwoordigers achterhaald te zijn, vanwege een ruime uitleg van de vrijheid van meningsuiting voor politici.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – leuker kunnen we het wél maken

Reactie op TvGR-artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden klinisch geneesmiddelenonderzoek, Europese wetgeving
Auteurs Dr. ir. M. Al, mr. I. van Veldhuizen, dr. C. de Heer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Reactie Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO) op artikel Van der Windt: ‘De beoordeling van geneesmiddelenonderzoek onder de nieuwe Europese verordening – niet leuker, niet makkelijker’, verschenen in in TvGR 2017, nr. 4-5, p. 331-341. De CCMO wil graag enkele misverstanden wegnemen, die zouden kunnen ontstaan na lezing van het artikel van mr. drs. Th. van der Windt. De reikwijdte van de nieuwe Europese verordening voor klinisch geneesmiddelenonderzoek is in essentie niet anders dan van de huidige EU-richtlijn. METC-leden mogen onder de verordening nog steeds bij dezelfde instelling werkzaam zijn als waar het onderzoek plaatsvindt, maar, net als nu, niet aan dezelfde afdeling. Mede door diverse voorbereidende inspanningen zal Nederland ook na 2019 een aantrekkelijk land blijven voor het doen van klinisch geneesmiddelenonderzoek.


Dr. ir. M. Al

mr. I. van Veldhuizen

dr. C. de Heer

prof. dr. J. van Gerven
Monique Al, Isabelle van Veldhuizen, Cees de Heer en Joop van Gerven zijn respectievelijk coördinator Landelijk Bureau CCMO, coördinator Bureau CCMO, algemeen secretaris, en voorzitter van de Centrale Commissie Mensgebonden Onderzoek (CCMO).
Artikel

De Algemene verordening gegevensbescherming: een introductie voor de zorgsector

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2017
Trefwoorden Algemene verordening gegevensbescherming, privacy, bijzondere persoonsgegevens, accountability
Auteurs Mr. C. van Balen en mr. O.S. Nijveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Vanaf 25 mei 2018 is de Algemene verordening gegevensbescherming (AVG) van toepassing. De AVG brengt ook voor organisaties in de zorgsector nieuwe verplichtingen met zich mee. In dit artikel worden de belangrijkste wijzigingen die de verordening meebrengt ten opzichte van de Wet bescherming persoonsgegevens (Wbp) besproken, voor zover die van belang zijn voor organisaties in de zorgsector. De auteurs gaan in op de nieuwe rechten van betrokkenen, de verplichtingen van verwerkingsverantwoordelijken en bewerkers en sancties en rechtsbescherming. Verder wordt de verhouding tussen de AVG en de bestaande sectorale wetgeving binnen de zorg besproken.


Mr. C. van Balen

mr. O.S. Nijveld
Chris van Balen is senior inspecteur (gezondheidszorg) bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Olga Nijveld is senior adviseur juridische zaken bij de Autoriteit Persoonsgegevens. Zij schrijven dit artikel op persoonlijke titel. De tekst is afgesloten op 2 november 2017.
Artikel

Anti-witwasrichtlijn: werk aan de winkel

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Virgil Matroos en Annemarije Schoonbeek
Auteursinformatie

Virgil Matroos
Annemarije Schoonbeek is partner bij Libertas Lawyers en is gespecialiseerd in toezicht en compliance.

Annemarije Schoonbeek
Virgil Matroos is toezichthouder bij de unit FTA van de NOvA.
Artikel

Kroniek Materieel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Frezia Aarts, Max den Blanken, Annick Diesfeldt e.a.

Frezia Aarts

Max den Blanken

Annick Diesfeldt

Chana Grijsen

Sophie Hof

Desiree de Jonge

Geert-Jan Kruizinga

Patrick van der Meij

Benjamin Mulder

Sabine Pijl

Ben Polman

Inge Raterman

Melissa Slaghekke

Aram Sprey

Paul Verweijen
Artikel

Kroniek Formeel strafrecht

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2017
Auteurs Ben Polman, Max den Blanken, Frezia Aarts e.a.

Ben Polman

Max den Blanken

Frezia Aarts

Paul Verweijen

Chana Grijsen

Rick van Leusden

Patrick van der Meij

Desiree de Jonge

Paul van Putten

Sabine Pijl

Melissa Slaghekke

Aram Sprey

Michiel Olthof

Maike Bouwman

Robert Malewicz
Artikel

Contractuele informatierechten in overnamecontracten en aandeelhoudersovereenkomsten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Artikel 843a Rv, exhibitieplicht, informatierechten, overnamecontracten, aandeelhoudersovereenkomsten
Auteurs Mr. L.J.E. Timmer
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Nederlandse rechtssysteem biedt partijen in het economisch verkeer handvatten om benodigde informatie boven tafel te krijgen, ook als deze zich bij een derde bevindt. Bij overnamecontracten kan worden gedacht aan artikel 843a Rv, dat een partij een grondslag biedt om in en buiten rechte kennis te nemen van een (schriftelijk bewijsmiddel) dat haar in beginsel wel bekend is, maar niet in haar bezit is. In vennootschapsrechtelijke verhoudingen is van belang het recht van de algemene vergadering op inlichtingen op grond van artikel 2:107/217 lid 2 BW.
    De wettelijke instrumenten bieden echter in veel gevallen onvoldoende houvast en rechtszekerheid. Om die reden is het bij een overnamecontract of aandeelhoudersovereenkomst in het belang van partijen om te voorzien in een heldere contractuele regeling die recht doet aan de feitelijke omstandigheden en de belangen van de betrokken partijen. Bij het opstellen van een dergelijke regeling dienen de betrokken juristen een balans te vinden tussen het belang van partijen op informatie, die zij op grond van de wet wellicht niet zouden kunnen verkrijgen, en het belang van de partij die de informatie zou moeten afstaan.


Mr. L.J.E. Timmer
Mr. L.J.E. Timmer is advocaat bij Allen & Overy LLP te Amsterdam.
Artikel

Digitale seksuele delicten in het straf- en strafprocesrecht

Tijdschrift PROCES, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Seksuele delicten, Internet, Strafbaarstelling, Opsporing
Auteurs Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch Minister for Security and Justice recently announced a revision of the sexual offences in the Dutch Penal Code. Part of this revision could be the introduction of several sexual offences that are committed on the internet. The Minister mentioned sexchatting, sextortion and revenge porn. This article describes the present-day possibilities the Penal Code offers in tackling these crimes, and gives insight in the bottlenecks in current penal law. This article also provides a description of several relevant criminal investigative powers in existing and future Dutch procedural law.


Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf(proces)recht. Hij is tevens als bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie, leerstoel Leo Polak, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van PROCES.
Artikel

Woonwagenbewoners in Nederland: een strijdbaar volk

Een onderzoek naar het belang van mensenrechten voor woonwagenbewoners

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2017
Trefwoorden Travellers/Roma/Sinti, Cultural rights and cultural identity, Legal consciousness, Ewick & Silbey, Empirical research
Auteurs Claire Loven
SamenvattingAuteursinformatie

    Legal institutions as well as European and international organisations have criticised Dutch policy regarding travellers (including Roma and Sinti living in a caravan). Main point of this criticism is that the Dutch government should do more to protect and facilitate the travellers culture.
    In academic literature, the policy has also been criticised from a human rights perspective. In most of these official and academic publications the perspective of travellers was missing. This gave reason for a qualitative research in the form of ten interviews with travellers in the Netherlands. Questions as what does it mean to be a traveller, how should your culture be protected and what do you do to protect your culture (using the law for instance) were, among others, part of these interviews.
    This article not only discusses the results of the interviews, but places them also against the theoretical background of legal consciousness, in particular the research of Ewick and Silbey (1998) in which three categories of attitudes towards the law and legal institutions were distinguished.
    At forehand it was expected that, as being a minority group, travellers would fall in the category ‘against the law’. Yet the findings of this research suggest that travellers, at least the respondents, fall in the category ‘with the law’. They use the law to reach a better position, i.e. to protect their cultural identity.


Claire Loven
Claire Loven is masterstudent Staats- en Bestuursrecht aan de Universiteit Utrecht en ten tijde van het onderzoek bachelorstudent Rechtsgeleerdheid aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Lichamelijke integriteit bij de ontwikkeling van de medische wetenschap: elementen uit de belangenafweging

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden belangenafweging, wetgeving, lichamelijke integriteit, wetenschappelijk onderzoek, lichaamsmateriaal
Auteurs Mr. E.B. Beenakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de belangenafweging onder de loep genomen die volgens de Nederlandse wetgever moet worden gemaakt om de integriteit van het lichaam te beperken en te beschermen bij de ontwikkeling van de medische wetenschap. Het toepasselijke juridisch kader bestaat uit het vereiste van toestemming van de betrokkene, het verbod op onevenredige financiële vergoeding, de medisch-ethische toetsing van onder meer de noodzakelijkheid en de bovengrens aan de belasting en risico’s. Naast een bespreking van deze vereisten wordt ingegaan op de klaarblijkelijke wens van de wetgever om aan te sluiten bij bestaand recht en om te kiezen voor een systeem met een sterk procedureel karakter in combinatie met open normen.


Mr. E.B. Beenakker
Mr. E.B. (Emile) Beenakker is wetgevingsjurist bij het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport en buitenpromovendus bij de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden.
Artikel

Rechtspositie van mensen met een verstandelijke beperking en ouderen met dementie; vrijheid gewaarborgd?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden artikel 11 Gw, rechtsbeginselen, Wet zorg en dwang, Wet Bopz, Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg;
Auteurs Mr. dr. B.J.M. Frederiks
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over gedwongen zorg aan mensen met een verstandelijke beperking en mensen met een psychogeriatrische aandoening. De aanleiding hiervoor is de toekomstige Wet zorg en dwang, die de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen (Wet Bopz) moet vervangen. Het beoogde doel van de nieuwe wet is het realiseren van een uniforme regeling voor het verlenen van zorg aan alle mensen met een psychogeriatrische aandoening of verstandelijke beperking, ook als zij niet instemmen met de zorgverlening en ongeacht de plaats waar zij verblijven. De vraag die in deze bijdrage centraal staat is of de wetgever haar grondwettelijke taak serieus neemt als het gaat om rechtsbescherming van cliënten met een verstandelijke beperking of een psychogeriatrische aandoening als zij te maken krijgen met gedwongen De Wet zorg en dwang is een wet met een zeer brede reikwijdte, waardoor inbreuken op artikel 11 Grondwet in veel meer situaties en ook bij vrijwillig opgenomen zorg cliënten mogelijk zijn dan onder het regime van de Wet bopz het geval was. Daar staat tegenover dat deze toepassingen wettelijk beschermd worden (stappenplan). Tegelijkertijd is volgens de auteur de rechtsbescherming daarmee erg dun. Bovendien zijn de verschillen met de toepassing van gedwongen zorg in andere sectoren groot. In het licht van artikel 11 Grondwet zijn deze verschillen volgens de auteur zelfs te groot.


Mr. dr. B.J.M. Frederiks
Mr. dr. B.J.M. (Brenda) Frederiks is werkzaam bij het VUmc als universitair docent en onderzoeker, hoofdredacteur van Journaal GGZ en recht en vervult meerdere functies binnen de zorg. Zo is zij lid respectievelijk voorzitter in klachtencommissies voor cliënten in de langdurige zorg en lid van het Centraal Tuchtcollege Gezondheidszorg.
Artikel

Realisering van het recht op onaantastbaarheid van het lichaam door middel van wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2017
Trefwoorden Onaantastbaarheid van het menselijk lichaam, Recht op lichamelijke integriteit, Artikel 11 Grondwet
Auteurs Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het nut en de meerwaarde van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam onderzocht, alsmede de grondrechtelijke randvoorwaarden die van belang zijn bij de realisering van het recht op de onaantastbaarheid van het lichaam. Dit wordt onder meer in het licht geplaatst van de rechtspraktijk en huidige en toekomstige dilemma’s en technologische ontwikkelingen. De meerwaarde van artikel 11 Grondwet wordt, met name ten opzichte van artikel 10 Grondwet (bescherming persoonlijke levenssfeer), wel als beperkt ingeschat omdat beide bepalingen ten aanzien van de onaantastbaarheid van het menselijk lichaam juridisch dezelfde bescherming bieden. De vraag is echter of dat terecht is, nu artikel 11 Grondwet het menselijk lichaam expliciet als rechtsobject beschermt. Technologische ontwikkelingen, waarbij enerzijds het menselijk lichaam steeds meer maakbaar wordt en aan veranderingen kan worden onderworpen. Juist in die context heeft het recht op onaantastbaarheid van het menselijk lichaam betekenis en urgentie. Anderzijds roepen ook de steeds grotere medische mogelijkheden en de hoge kosten waarmee dat gepaard gaat vragen op. Het belang van de bescherming die artikel 11 Grondwet biedt, is daarmee juist in het huidige tijdsgewricht van belang.


Mr. P.B.C.D.F. van Sasse van Ysselt
Mr. P.B.C.D.F. (Paul) van Sasse van Ysselt is waarnemend hoofd van de afdeling Constitutionele Zaken bij de directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties en verbonden aan de Afdeling staats- en bestuursrecht van de VU Amsterdam.
Artikel

Over de zoektocht naar en de grenzen van secundaire aansprakelijkheid na het schietincident in Alphen aan den Rijn

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2017
Trefwoorden secundaire aansprakelijkheid, zorgplicht, ouders, schietincident, Alphen aan den Rijn
Auteurs Mr. K.L. Maes
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 juni 2017 heeft de Rechtbank Den Haag zich uitgelaten over de vraag of de ouders van Tristan van der V. aansprakelijk zijn voor de gevolgen van het schietincident in Alphen aan den Rijn. Meer in het bijzonder gaat het daarbij om de vraag of de ouders de relevante autoriteiten hadden behoren te informeren over de geestestoestand van hun zoon, in plaats van een gevaarlijke situatie te laten voortduren. In deze bijdrage wordt de uitspraak van de rechtbank – mede in het licht van haar eerdere uitspraak over de aansprakelijkheid van de politie naar aanleiding van hetzelfde schietincident – geanalyseerd, waarbij aandacht wordt besteed aan de civielrechtelijke, secundaire zorgplicht van de ouders.


Mr. K.L. Maes
Mr. K.L. Maes is advocaat bij Van Benthem & Keulen te Utrecht en als buitenpromovenda verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) van de Universiteit Utrecht. Zij werkt aan een proefschrift over de thematiek van deze bijdrage.
Artikel

De beperkte reikwijdte van het Smallsteps-arrest

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 10-11 2017
Trefwoorden pre-pack, oogmerk faillissementsprocedure
Auteurs Mr. I. Spinath
SamenvattingAuteursinformatie

    Op het eerste gezicht lijkt het Smallsteps-arrest een aardverschuiving voor de voorbereide doorstart. Op het tweede gezicht is het effect slechts zeer beperkt.


Mr. I. Spinath
Mr. I. Spinath is advocaat bij Spinath & Wakkie te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 142 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.