Zoekresultaat: 30 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

De eeuwige zoektocht naar de meest fundamentele persoonlijke oorzaken van misdadigheid

Een historische schets van de forensische psychiatrie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1-2 2021
Trefwoorden forensische psychiatrie, mensbeeld, toerekeningsvatbaarheid
Auteurs Prof. dr. Joke Harte en Mr. Hanneke Beekman
SamenvattingAuteursinformatie

    For this anniversary issue of the centenary of the journal PROCES, we focused on the field of forensic psychiatry. What does one hundred years of PROCES tell us about the developments in this domain? Our starting point was an article from 1930. At that time, forensic psychiatry was not yet an integrated part of the criminal process. The anonymous author makes a plea for this to be the case. He substantiates this on the basis of four cases from his own practice. Now, one hundred years later, we conclude that this integration of forensic psychiatry into the criminal justice practice has been accomplished: there is ample attention to the mental health of suspects and detainees. The cases also show us how drastically the perspective on delinquents with a mental condition has changed, as a suspect suffering from a mental disorder was seen, by definition, as not criminally responsible. Reviewing the developments of the past hundred years has made us realize how temporary and transient our current perspective is. We are, however, convinced that the interest in individual motives of delinquents will always remain.


Prof. dr. Joke Harte
Prof. dr. Joke Harte is hoogleraar bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit en lid van de redactie van PROCES.

Mr. Hanneke Beekman
Mr. Hanneke Beekman, juriste, is werkzaam als stafjurist in het Pieter Baan Centrum te Almere en bij de Dienst Noord-Holland van het Nederlands Instituut voor Forensische Psychiatrie en Psychologie (NIFP) te Amsterdam.
Artikel

De Euthanasiearresten van de Hoge Raad: lessen voor de toekomst

Een analyse van het strafrechtelijk en tuchtrechtelijk arrest in de zaak ‘Kastanje’

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 4 2020
Trefwoorden euthanasie, dementie, artikel 293 Sr, wilsbekwaamheid
Auteurs Mr. J.T.E. (Tim) Vis
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur analyseert de in de zaak ‘Kastanje’ gewezen arresten, waarin de Hoge Raad heeft bepaald dat euthanasie bij door voortgeschreden dementie wilsonbekwaam geworden patiënten, op grond van een schriftelijke wilsverklaring, onder voorwaarden is toegestaan. De auteur bespreekt waarom de thematiek in zowel de medische als juridische praktijk tot discussie leidde, beschrijft de bijzondere rechtsgang en het normenkader dat de Hoge Raad heeft vastgesteld en destilleert lessen voor de toekomst. Daarbij gaat hij in op de herijking van de positie van het strafrecht in de euthanasiepraktijk, de rol van het openbaar ministerie daarbij en ontwikkeling van de ‘medisch-professionele norm’.


Mr. J.T.E. (Tim) Vis
J.T.E. Vis is advocaat bij Vis & Van Reydt advocaten in Amsterdam.
Artikel

Access_open Eichmann, moreel oordelen en strafuitsluitingsgronden

De gedeelde verantwoordelijkheid voor verantwoordelijkheid

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden strafrechtelijke verantwoordelijkheid, reflexieve zelfcontrole, morele en juridische normen, strafuitsluitingsgronden
Auteurs Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Tegenwoordig bestaat meer aandacht voor burgers die om uiteenlopende redenen niet goed in staat zijn om zich aan juridische normen te houden, in het bijzonder ook aan strafrechtelijke normen. Het gaat om mensen wier cognitieve vermogens tekortschieten en/of die een onderontwikkeld vermogen van zelfcontrole hebben. Deze ontwikkeling kan worden beschouwd als een zekere mate van erkenning dat de maatschappij – en de overheid in het bijzonder – medeverantwoordelijk is voor het scheppen van de bestaansvoorwaarden waaronder mensen zich kunnen ontplooien tot verantwoordelijke burgers. In dit artikel betoog ik dat deze gedeelde verantwoordelijkheid niet alleen geldt voor de ontwikkeling van de mentale capaciteiten die nodig zijn om de normen van het recht te kunnen volgen, maar ook voor het bieden van toegang aan burgers tot de materiële normen zelf.


Mr. dr. J. (Johannes) Bijlsma
Johannes Bijlsma is universitair docent strafrecht aan het Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL), Universiteit Utrecht.
Artikel

Drie modellen voor eigen schuld bij strafuitsluitingsgronden

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Culpa in causa, Actio libera in causa, Eigen schuld, Strafuitsluitingsgronden, Vollrausch
Auteurs Mr. R.H. (Robert) Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de Nederlandse rechtspraktijk kan de rechter een beroep op een strafuitsluitingsgrond verwerpen als blijkt dat de verdachte een zekere mate van eigen schuld heeft, ondanks dat de (overige) voorwaarden zijn vervuld. In de literatuur worden bezwaren aangevoerd tegen deze pragmatische benadering en zijn alternatieve aansprakelijkheidsmodellen tot stand gekomen: eigen schuld als zelfstandig strafbaar feit en de actio libera in causa. In deze bijdrage worden beide modellen beschreven en vergeleken met de Nederlandse benadering.


Mr. R.H. (Robert) Jansen
Robert Jansen is docent/onderzoeker strafrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam en verricht promotieonderzoek naar culpa in causa in het stelsel van strafuitsluitingsgronden.
Artikel

Het bewijs van excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Bewijsrecht, Excepties, Formeel recht
Auteurs Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt betoogd dat de stelling dat het bewijs van excepties een lagere bewijsdrempel niet juist is. De strafrechter geeft een oordeel over het bewijs van het tenlastegelegde én over de strafbaarheid van feit en dader. Voor elk van die oordelen geldt de eis dat de feiten buiten redelijke twijfel moeten vaststaan. Er is in die zin geen onderscheid tussen de eerste vraag zoals genoemd in artikel 350 Sv en de tweede en derde vraag die in die bepaling genoemd worden. Wel wijkt de wijze waarop de rechter tot zijn oordeel over de strafbaarheid komt af van de wijze waarop hij meestal tot het bewijsoordeel komt.


Mr. dr. W.H.B. (Wilma) Dreissen
Wilma Dreissen is universitair hoofddocent straf- en strafprocesrecht aan de Open Universiteit.
Artikel

(On)geschreven excepties

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Excepties, Codificatie, Strafuitsluitingsgrond, Kwalificatie-uitsluitingsgrond, Ontbreken van materiële wederrechtelijkheid
Auteurs Mr. S.R. (Sven) Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    Naast de geschreven algemene en bijzondere strafuitsluitingsgronden en de ongeschreven algemene strafuitsluitingsgronden ontbreken van materiële wederrechtelijkheid en afwezigheid van alle schuld, zijn in de jurisprudentie ook verschillende ongeschreven contextgebonden excepties aanvaard, bijvoorbeeld de medische exceptie, de kunstexceptie en de sport- en spelexceptie. In deze bijdrage wordt ingegaan op de vraag of c.q. in hoeverre er aanleiding bestaat dergelijke ongeschreven excepties in de wet te verankeren.


Mr. S.R. (Sven) Bakker
Sven Bakker is als docent en onderzoeker verbonden aan het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden en verricht promotieonderzoek naar contextgebonden excepties in het Nederlandse strafrecht. Tevens is hij redactiesecretaris van dit tijdschrift.
Artikel

Het pleitbaar standpunt als bijzondere strafuitsluitingsgrond?

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden Pleitbaar standpunt, Strafuitsluitingsgrond, Fiscaal boeterecht
Auteurs Prof. mr. G.J.M.E. (Guido) de Bont
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2017 heeft de strafkamer van de Hoge Raad het zogeheten ‘pleitbaar standpunt’ uit het fiscale boeterecht een plaats gegeven in de strafrechtelijke doctrine, door aan te geven op welke wijze een dergelijk verweer in het kader van de vragen ingevolge artikel 348/350 Sv dient te worden aangemerkt. In deze bijdrage wordt de meest recente jurisprudentie omtrent het pleitbaar standpunt binnen het leerstuk van opzet in het strafrecht toegelicht en wordt bezien in hoeverre het pleitbaar standpunt kan worden aangemerkt als een erkende strafuitsluitingsgrond dan wel of er argumenten bestaan om een bijzondere strafuitsluitingsgrond aanwezig te achten.


Prof. mr. G.J.M.E. (Guido) de Bont
Guido de Bont is advocaat bij De Bont Advocaten en hoogleraar formeel belastingrecht aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Bont en blauw: strafbaar en straffeloos geweldgebruik door de politie

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden politiegeweld, ambtsinstructie, wettelijk voorschrift, noodweer, feitenonderzoek
Auteurs Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
SamenvattingAuteursinformatie

    Van de politie wordt in beginsel verlangd dat zij zich vreedzaam van haar taken kwijt. Bij de uitoefening daarvan kan zij echter geconfronteerd worden met personen die deze frustreren, en genoopt worden geweld te gebruiken. Dat levert veelal een strafbaar feit op, dus rijst de vraag hoe recht gedaan moet worden aan de omstandigheid dat geweld gebruikt werd door een overheidsfunctionaris, onder moeilijke omstandigheden. De Wet geweldsaanwending opsporingsambtenaar markeert de keuze voor een nieuw perspectief op politiegeweld.


Mr. dr. M.M. (Menno) Dolman
Menno Dolman is rechter-plaatsvervanger in de rechtbanken Den Haag en Rotterdam.
Artikel

Grondslag en grenzen van noodweer(exces)

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 4 2020
Trefwoorden noodweer, noodweerexces, grondslag, proportionaliteit, subsidiariteit
Auteurs Mr. R. (Rob) ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Noodweer berust op een dubbele grondslag: zelfverdediging en rechtsordeverdediging. In de praktijk bestaat onduidelijkheid over de precieze verhouding tussen beide pijlers. In dit artikel wordt een aanzet gegeven die verhouding te verduidelijken, om vervolgens enkele recente moeilijke noodweerzaken te bezien in het licht van die verhouding. Tevens is getracht de grondslag van noodweerexces bloot te leggen.


Mr. R. (Rob) ter Haar
Rob ter Haar is docent strafrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

Over hulp bij zelfdoding

Enkele gedachten naar aanleiding van de recente uitspraak van het Bundesverfassungsgericht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2020
Trefwoorden hulp bij zelfdoding, euthanasiewetgeving, BVerfG, zelfbeschikkingsrecht, voltooid leven
Auteurs Prof. mr. J.K.M. Gevers
SamenvattingAuteursinformatie

    Recent heeft het Duitse constitutionele hof een baanbrekende uitspraak gedaan waarin een wettelijke bepaling die het verlenen van hulp bij zelfdoding aan banden legt, met een beroep op het zelfbeschikkingsrecht nietig wordt verklaard. Volgens het hof zijn de mogelijkheden voor de wetgever op dit gebied grenzen te stellen zeer beperkt. Naar aanleiding van de uitspraak wordt ingegaan op de rol van de rechter, het oprukkend zelfbeschikkingsrecht en de positie van hulp bij zelfdoding ten opzichte van euthanasie.


Prof. mr. J.K.M. Gevers
Sjef Gevers is emeritus hoogleraar gezondheidsrecht, Amsterdam UMC/Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Eichmanns verdediging in Jeruzalem

Tijdschrift Boom Strafblad, Aflevering 2 2020
Trefwoorden Tweede Wereldoorlog, Gehoorzame dader, Internationale misdrijven, Adolf Eichmann
Auteurs Mr. dr. N. (Klaas) Rozemond
SamenvattingAuteursinformatie

    Adolf Eichmann is het duidelijkste voorbeeld van het prototype van de verdachte die zich als gehoorzame dader presenteerde. In dit artikel wordt een overzicht gegeven van het daderperspectief zoals Eichmann dat op de zitting in Jeruzalem schetste. Betoogd wordt dat in het licht van het vonnis van de Rechtbank Jeruzalem uit 1961 en de kennis van nu, dat perspectief als een vorm van misleiding kan worden beschouwd.


Mr. dr. N. (Klaas) Rozemond
Universitair hoofddocent strafrecht, Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Misdaad of heldendaad: humanitaire mensensmokkel bezien vanuit de crimmigratietrend

Tijdschrift Crimmigratie & Recht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden asiel, crimmigratie, mensensmokkel, humanitaire hulp, vervoerdersaansprakelijkheid
Auteurs Mr. Anna Chatelion Counet
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, the penalization of human smuggling has become broader and more severe. This development is part of a crimmigration trend that describes an increase of immigration-related criminal offenses. Currently, the provision does not include a financial component, nor does it exclude acts with a humanitarian motive. The validity of such severe prohibitions, especially those including acts that are not morally reprehensible, is questioned through the concept of ‘humanitarian smuggling’. Moral reprehensibility is one of the criteria for criminalization that provide a framework for the reflection on the Dutch prohibition of human smuggling that is conducted in this article.


Mr. Anna Chatelion Counet
Mr. A. Chatelion Counet is Consulent Asielprocedure bij VluchtelingenWerk Nederland. Zij is recentelijk afgestudeerd in het strafrecht op het onderwerp ‘humanitaire mensensmokkel’, haar afstudeerscriptie ligt ten grondslag aan dit artikel.
Artikel

Herstelbeslissingen in het nieuwe Wetboek van Strafvordering nader beschouwd

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2020
Trefwoorden Modernisering Wetboek van Strafvordering, Herstelbeslissingen door lagere rechter en Hoge Raad, Verbeteren en aanvullen van rechterlijke beslissingen na sluiting van het onderzoek ter terechtzitting, Gesloten stelsel en concentratie van rechtsmiddelen, Herstelbeslissingen door de Hoge Raad
Auteurs Prof. dr. R.C.P. Haentjens
SamenvattingAuteursinformatie

    De voorstellen tot modernisering van het nieuwe Wetboek van Strafvordering betreffen onder meer nieuwe bepalingen aangaande herstelbeslissingen door de strafrechter na sluiting van het onderzoek ter terechtzitting. De voorstellen codificeren voor een groot gedeelte de reeds tot ontwikkeling gekomen jurisprudentie. Nieuw is het gemarkeerde onderscheid tussen het aanbrengen van verbeteringen en het aanvullen van de rechterlijke beslissing. Dit onderscheid werkt door in de uitwerking wat betreft de procedurele bevoegdheden van de bij het strafproces betrokken partijen: de strafrechter, de Officier van Justitie, de verdachte, de benadeelde partij en in het voorkomende geval de (voogd van de) minderjarige. De voorgestelde nieuwe regeling roept vragen op met betrekking tot de beginselen van concentratie en geslotenheid van rechtsmiddelen. Tevens vraagt de regeling voor de aanvulling nadere bezinning: tot welk moment is aanvulling toegelaten met het oog op het aanweneden van rechtsmiddelen? De vraag is gerechtvaardigd of de regeling zoals voorgesteld niet nog eens kritisch moet worden bezien. In het hierna volgende artikel wordt die vraag bevestigend beantwoord.


Prof. dr. R.C.P. Haentjens
Prof. dr. R.C.P. (Rijnhard) Haentjens was vicepresident van het Gerechtshof Amsterdam en is emeritus hoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Access_open Noodweer bij eenvoudige mishandeling: vrijspraak of OVAR?

Niet de kwalificatie ‘mishandeling’, maar het ten laste gelegde gedrag van de verdachte moet bewezen worden. Eenheid van rechtstoepassing is dringend gewenst.

Tijdschrift Nederlands Tijdschrift voor Strafrecht, Aflevering 1 2020
Trefwoorden eenvoudige mishandeling, noodweer, ingeblikte wederrechtelijkheid, feitelijke betekenis, ontslag van alle rechtsvervolging
Auteurs Mr. P.C. (Perry) Quak
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage bespreekt de vraag tot welke einduitspraak de strafrechter, bij een geslaagd beroep op noodweer bij ‘eenvoudige mishandeling’, moet komen volgens het schema van artikel 352 Sv. Moet dat zijn: vrijspraak van het ten laste gelegde feit (art. 352, lid 1 Sv) of ontslag van alle rechtsvervolging (art. 352, lid 2 Sv)?


Mr. P.C. (Perry) Quak
Mr. P.C. Quak is senior rechter in de Rechtbank Gelderland.
Artikel

De sprekende gelijkenis besproken

Over de toepassing van het sprekende gelijkenis-criterium uit de Regeling wapens en munitie in de rechtspraktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Sprekende gelijkenis, Regeling wapens en munitie, Wet wapens en munitie, Categorie I, ten zevende, Nepwapens
Auteurs Mr. M.E. Veerman
SamenvattingAuteursinformatie

    Voorwerpen die een ‘sprekende gelijkenis’ vertonen met echte wapens vallen onder de categorie wapens van de WWM waarvoor de strengste restricties gelden. Maar wanneer is sprake van een sprekende gelijkenis, en wanneer niet? De sprekende gelijkenis is in literatuur en rechtspraak herhaaldelijk bekritiseerd en wordt wel bestempeld als een vaag criterium, niet in de laatste plaats omdat de interpretatie van het criterium in de praktijk sterk uiteen zou lopen. Deze bijdrage bevat een onderzoek naar de toepassing van de sprekende gelijkenis in de feitenrechtspraak en verstrekt op basis daarvan enkele aanbevelingen voor de omgang met dit criterium in de rechtspraktijk.


Mr. M.E. Veerman
Mr. M.E. Veerman heeft vorig jaar de master Straf- en strafprocesrecht aan de Universiteit Leiden afgerond.
Artikel

Militair strafrecht en militair optreden in het ruimte- en informatiedomein

Nog sciencefiction of al realiteit?

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 2 2018
Trefwoorden militair, informatiedomein, ruimtedomein, cyber, Borghouts
Auteurs Mr. J.M. Stad, MA
SamenvattingAuteursinformatie

    De Nederlandse krijgsmacht treedt behalve op land, ter zee en in de lucht steeds meer op in het ruimte- en informatiedomein. In het artikel wordt het belang voor de partijen in het militair strafproces verkend om voldoende kennis te vergaren over de aard van het militair optreden in deze twee nieuwe domeinen. Daartoe wordt kort beschreven wat de twee nieuwe domeinen inhouden en waar deze zijn geïncorporeerd in de organisatie van de krijgsmacht. Verder wordt de noodzaak om tot een ruimere interpretatie van aanbeveling 2 van de Commissie Borghouts te komen beschreven.


Mr. J.M. Stad, MA
Mr. J.M. Stad, MA is officier van justitie bij het arrondissementsparket Oost-Nederland. De auteur is gespecialiseerd in militair strafrecht en heeft een MA in War Studies, King’s College London. De auteur is als militair uitgezonden geweest naar Skopje/Macedonië, Basra/Irak en Uruzgan/Afghanistan.
Artikel

De Wiv 2002 en Wiv 2017 op enkele hoofdlijnen vergeleken

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2018
Trefwoorden New Intelligence and Security Services Act, Advisory referendum, Powers of intelligence and security services, Safeguards, Supervision
Auteurs Drs. Rob Dielemans
SamenvattingAuteursinformatie

    Last year, Dutch parliament approved the proposal for a new Intelligence and Security Services Act (Wiv 2017). This law will replace the current Intelligence and Security Services Act 2002 (Wiv 2002). The Wiv 2017 should be considered feasible with effect from 1 May 2018. Before that time however, an advisory referendum on the new law will be held on 21 March. This article first discusses the nature of the law and the need for innovation. Subsequently, a comparison of both laws takes place in general terms, with regard to the powers of the intelligence and security services, the safeguards, the supervision, the complaint handling and the international cooperation between intelligence and security services. It is argued that the extension of the powers of the services in the Wiv 2017 is only limited in scope, while the safeguards have been considerably strengthened. The introduction of a binding judgment in complaint handling also contributes to a better and more effective legal protection for citizens.


Drs. Rob Dielemans
Drs. R.J.I. Dielemans is werkzaam bij de Directie Constitutionele Zaken en Wetgeving van het Ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Over de houdbaarheid van de parlementaire immuniteit voor (gemeentelijke) volksvertegenwoordigers

Tijdschrift Tijdschrift voor Bijzonder Strafrecht & Handhaving, Aflevering 4 2017
Trefwoorden Parlementaire immuniteit, Vrijheid van meningsuiting, Volksvertegenwoordigers, Vervolgingsrecht, Uitingsdelicten
Auteurs Mr. dr. drs. B. van der Vorm
SamenvattingAuteursinformatie

    Volksvertegenwoordigers die zich binnen een officiële vergadering beledigend uitlaten tegenover andere parlementariërs kunnen hiervoor niet worden vervolgd of civielrechtelijk worden aangesproken. Hetzelfde geldt voor andere delicten, zoals de schending van de geheimhoudingsplicht en het aanzetten tot haat. Het Openbaar Ministerie komt in dergelijke gevallen geen vervolgingsrecht toe. De voorzitter is bevoegd om sanctionerend op te treden. In het huidige regime lijkt de toegevoegde waarde van deze parlementaire immuniteit voor volksvertegenwoordigers achterhaald te zijn, vanwege een ruime uitleg van de vrijheid van meningsuiting voor politici.


Mr. dr. drs. B. van der Vorm
Mr. dr. drs. B. van der Vorm is universitair docent straf(proces)recht en verbonden aan het Willem Pompe Instituut en het Montaigne Centrum voor Rechtspleging en Conflictoplossing van de Universiteit Utrecht en tevens redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Positieve uitlokking van ethisch hacken

Een onderzoek naar responsible-disclosurebeleid

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 2 2017
Trefwoorden ethical hacking, responsible disclosure, positive incitement, negative incitement, intrinsic desirability
Auteurs Karel Harms
SamenvattingAuteursinformatie

    In this contribution, the Dutch government’s acceptance of ethical hacking, by implementing a policy of responsible disclosure, is considered to be a beneficent development. Ethical hacking contributes to cybersecurity and is intrinsically desirable. The term positive incitement is proposed to describe the relatively new phenomenon of encouraging ethical hacking. Positive incitement will be analysed by making a comparison to the Dutch toleration policy regarding soft drugs, and to incitement by law enforcement. Positive incitement should not change into negative incitement, which would result in a serious breach of the rights of ethical hackers. Furthermore, it is argued that the intrinsic value of ethical hacking can justify searching for vulnerabilities in systems of organisations who do not approve of this in advance.


Karel Harms
Karel Harms studeert aan de Rijksuniversiteit Groningen en volgt de master Rechtswetenschappelijk onderzoek.
Artikel

Gluren bij de buren

Over strafbaarstelling van heimelijk filmen

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2017
Trefwoorden Heimelijk filmen, seksuele strekking, rechtsvergelijking
Auteurs Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
SamenvattingAuteursinformatie

    In early 2016, the Dutch minister of Security and Justice announced a revision of the sexual offences in the Dutch Penal Code. One topic that has been debated in Dutch literature and case law, is whether secretly scanning of naked persons should be criminalised as a separate sexual offence. This article discusses various (recently introduced) criminalisations of secretly scanning of naked persons in different countries, with the purpose of exploring the difficulties of a separate criminal offence.


Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde
Prof. dr. mr. Jeroen ten Voorde is universitair hoofddocent Straf(proces)recht. Hij is tevens als bijzonder hoogleraar Strafrechtsfilosofie, leerstoel Leo Polak, verbonden aan de Rijksuniversiteit Groningen en redacteur van PROCES.
Toont 1 - 20 van 30 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.