Zoekresultaat: 130 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Article x
Artikel

Het wetsvoorstel ongewenste zeggenschap telecommunicatie

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 5-6 2019
Trefwoorden vitale vennootschappen, investeringstoets, nationale veiligheid, telecom
Auteurs Mr. E. Breukink
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat over het onlangs verschenen wetsvoorstel Wet ongewenste zeggenschap telecommunicatie. De auteur vergelijkt het wetsvoorstel met de consultatieversie. Hij betrekt daarbij het kritische advies van de Raad van State.


Mr. E. Breukink
Mr. E. Breukink is als promovendus verbonden aan het Van der Heijden Instituut, onderdeel van het Onderzoekcentrum Onderneming & Recht (OO&R), van de Radboud Universiteit Nijmegen. Hij bereidt een proefschrift voor over de agenda en het agenderingsrecht bij kapitaalvennootschappen.
Artikel

Wat kunnen België en Nederland van elkaar leren over zakelijke bemiddeling?

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Zakelijke mediation, Advocaten, Rechters, bedrijven, België
Auteurs Theo De Beir en Willem Meuwissen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article discusses the Belgian perspective on the Dutch ‘ZAM/ACB research on possibilities and impediments for commercial mediation’ which was undertaken by the Montaigne Centre of the University of Utrecht. In Belgium bMediation, the Federal Mediation Committee and the Ghent University periodically monitor the practice of mediation in Belgium with the instrument of the 'Bemiddelingsbarometer'. It turns out that parties and their advisers in both Belgium and the Netherlands still prefer a traditional judicial approach instead of mediation, mostly because of a lack of information.


Theo De Beir
Theo De Beir is erkend bemiddelaar in burgerlijke, handels- en sociale zaken, advocaat, docent en managing partner van Agrementor Brussels.

Willem Meuwissen
Willem Meuwissen is erkend bemiddelaar in burgerlijke, handels- en sociale zaken, advocaat, docent en managing partner van Agrementor Antwerp.
Rechtsbescherming

Geheimhouding en openbaarheid in het Europees bankentoezicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden SSM, beroepsgeheim, openbaarheid bestuur, bankentoezicht, ECB
Auteurs Dr. G. ter Kuile
SamenvattingAuteursinformatie

    Bankentoezichthouders krijgen aardig wat verzoeken om informatie en documenten over banken en bankentoezicht. Maar het beroepsgeheim van bankentoezichthouders verhindert deze openbaarheid van bestuur. In 2018 hebben het Hof van Justitie en het Gerecht de regels over het beroepsgeheim verduidelijkt. Dit artikel bespreekt verschillende aspecten uit vijf arresten van 2018 over geheimhoudingsplichten in het bankentoezicht die op gespannen voet kunnen staan met het ‘transparantiebeginsel’. De aspecten zien op het belang van geheimhouding bij bankentoezicht, op het concept ‘vertrouwelijke informatie’ en dat tijdsverloop de vertrouwelijkheid teniet kan doen, en op de overweging dat het ‘recht op een eerlijk proces’ moet worden afgewogen tegen het belang bij geheimhouding.

    • Gerecht 26 april 2018, zaak T-251/15, Espírito Santo Financial (Portugal)/ECB, ECLI:EU:T:2018:234 (hogere voorziening C-442/18 P.).

    • HvJ 19 juni 2018, zaak C-15/16, BaFin/Baumeister, ECLI:EU:C:2018:464.

    • HvJ 13 september 2018, zaak C-358/16, UBS Europe/CSSF, ECLI:EU:C:2018:715.

    • HvJ 13 september 2018, zaak C-594/16, Buccioni/Banca d’Italia, ECLI:EU:C:2018:717.

    • Gerecht 27 september 2018, zaak T-116/17, Der Spiegel/ECB, ECLI:EU:T:2018:614.

    • Artikel 1, 10 lid 3, 11 VEU.

    • Artikel 15 VWEU.

    • Artikel 37 Statuut ESCB/ECB (Protocol nr. 4).

    • Artikel 41 lid 2 sub b, 42, 47, 48 EU Handvest.

    • Artikel 53 e.v. CRD IV (Richtlijn 2013/36/EU).

    • Artikel 27 SSMR (Verordening (EU) nr. 1024/2013).

    • Artikel 26 en 32 SSM-kaderverordening (Verordening (EU) nr. 468/2014).

    • Besluit ECB/2004/3.


Dr. G. ter Kuile
Dr. G. (Gijsbert) ter Kuile is jurist bij het secretariaat van de raad van toezicht (Supervisory Board) van de Europese Centrale Bank (ECB).

Sabine Droogleever Fortuyn
Artikel

Zomertoets Tuchtquiz 2019

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 6 2019
Auteurs Trudeke Sillevis Smitt en Linus Hesselink

Trudeke Sillevis Smitt

Linus Hesselink
Artikel

De Nederlandse Staat als aandeelhouder in Air France/KLM: een nieuwe deelneming, een nieuw deelnemingenbeleid

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 3-4 2019
Trefwoorden deelnemingenbeleid, overheidsdeelnemingen, publieke belangen, minderheidsaandeelhouder, Air France-KLM S.A.
Auteurs Mr. J. Nijland
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de aankoop van aandelen in Air France-KLM hoopt de Nederlandse Staat de internationale bereikbaarheid van Nederland beter te borgen. Deze bijdrage bespreekt in hoeverre deze aankoop de positie van de Staat versterkt en hoe het huidige deelnemingenbeleid aldus verruimd lijkt te worden met ruimte voor nieuwe overheidsdeelnemingen.


Mr. J. Nijland
Mr. J. Nijland is universitair docent Ondernemingsrecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Een nieuwe Aanbeveling van de Raad van Europa: naar een duurzame verankering van het herstelrecht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Aanbeveling van de Raad van Europa, Recommendation No. R(99)19, Herstelrecht in strafzaken, strafproces
Auteurs Ivo Aertsen
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents and critically discusses a new Recommendation on restorative justice (CM/Rec(2018)8) that was adopted on 3 October 2018 by the Committee of Ministers of the Council of Europe. This new regulation builds on the previous Recommendation No. R(99)19 on mediation in penal matters and recommends the governments of the 47 member States of the Council of Europe the adopt and implement the principles of restorative justice as described in the Appendix of the new Recommendation. These guidelines apply to national authorities and national agencies in general, and to judges, public prosecutors, police, prisons, probation, juvenile justice agencies, victim support services and restorative justice services in particular. The article presents the origins of the Recommendation, its contents and its meaning for restorative justice developments in Europe and beyond.


Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is professor herstelrecht en victimologie aan de KU Leuven en redactielid van dit tijdschrift.
Artikel

De Nederlandse gedragscode wetenschappelijke integriteit 2018

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 2 2019
Trefwoorden good research practice, transparency, independence, duties of care, responsibility
Auteurs Prof. dr. Antoine Hol
SamenvattingAuteursinformatie

    The new Dutch Code of Conduct for Research Integrity (2018) offers an important document for strengthening good research practices. It can be used in training researchers, informing the general public on standards guaranteeing trustworthiness of scientific research and handling allegations of misconduct in this research. The code departs from a set of principles worked out in standards describing the do’s and don’ts of good research practice. The Dutch code distinguishes itself for amongst others having a special section on duties of care of the organization where researchers are appointed. The organization has special responsibilities to give support to its researchers to develop good research practice and to foster a research culture in which dilemmas of integrity can be discussed in an open atmosphere. In this article special attention is paid to the principle of dependency. It is with regard to this principle that the researcher is most vulnerable, especially when it comes to commissioned research projects. How can the researcher be supported when dependency and honesty are under pressure?


Prof. dr. Antoine Hol
Prof. dr. A.M. Hol is hoogleraar Encyclopedie van het recht/Rechtsfilosofie aan de Universiteit Utrecht en medeauteur van de Nederlandse gedragscode wetenschappelijke integriteit. Hij is tevens voorzitter van de Commissies Wetenschappelijke Integriteit van Universiteit Utrecht en Tilburg University.
Rechtsbescherming

De ‘space to think’ in de Eurowob na De Capitani en ClientEarth

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden Eurowob, toegang tot documenten, transparantie, ‘space to think’, besluitvorming EU
Auteurs Y.C. Bijl LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage worden twee recente uitspraken besproken waarin de EU-rechter zich heeft uitgelaten over de vraag of in het kader van de Eurowob een beroep op een ‘space to think’ kan volstaan om een document niet te openbaren. Het concept van de ‘space to think’ zweeft al enige tijd rond in de rechtspraak inzake de Eurowob maar de precieze contouren van het concept en wanneer er een geslaagd beroep op kan worden gedaan zijn niet duidelijk. Deze bijdrage beoogt meer helderheid daarin te brengen.


Y.C. Bijl LLM
Y.C. (Yannick) Bijl LLM is jurist bij de afdeling Europees Recht van het ministerie van Buitenlandse Zaken.
Telecommunicatie

Een nieuw telecomkader: het Europees wetboek voor elektronische communicatie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden Elektronische communicatie, Telecommunicatie, Radiospectrum, Ex ante regulering, 5G, ACM, Internationaal bellen
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde en Mr. P.C. Knol
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 17 december 2018 verscheen de nieuwe Richtlijn tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie in het Publicatieblad. Op diezelfde dag werd ook de nieuwe Berec-verordening gepubliceerd, die ook op 20 december 2018 in werking trad en rechtstreeks toepasselijk is, dus geen omzetting behoeft in de nationale rechtsorde. Veel is vertrouwd en is alleen in een ander jasje gestoken, maar daarnaast zijn er veel detailaanpassingen waarvan het afwachten is wat die gaan betekenen. Hoe dan ook zal dit nieuwe Europese telecomkader tot aanpassingen in de Nederlandse Telecommunicatiewet leiden. In deze bijdrage wordt ingegaan op de totstandkomingsgeschiedenis van het Europees wetboek en de belangrijkste inhoudelijke wijzigingen voor de praktijk. Ingegaan wordt op de connectiviteitsdoelstelling en het realiseren van zeer snelle vaste en mobiele netwerken, marktregulering, toegangsverplichtingen, universele diensten, eindgebruikersbescherming, nieuwe tariefregulering voor internationaal bellen en het institutioneel kader.
    Richtlijn (EU) 2018/1972 van het Europees Parlement en de Raad van 11 december 2018 tot vaststelling van het Europees wetboek voor elektronische communicatie, PbEU 2018, L 321/36 (hierna: de richtlijn).


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is als bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht verbonden aan eLaw van de Universiteit Leiden en is advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.

Mr. P.C. Knol
Mr. P.C. (Paul) Knol is bedrijfsjurist bij KPN en gastdocent bij eLaw.
Artikel

Access_open De mislukte unificatie van Unilever

Tijdschrift Maandblad voor Ondernemingsrecht, Aflevering 1-2 2019
Trefwoorden duale structuur, fusie, scheme of arrangement, governance, aandeelhouders
Auteurs Drs. R. Abma
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel beschrijft de belangrijkste redenen van de mislukte eenwordingsoperatie van Unilever in 2018. Een gebrekkige communicatie over de voor- en nadelen van de verschillende alternatieven voor de herziening van de vennootschappelijke structuur, een gebrek aan voorafgaande consultatie van de belangrijkste aandeelhouders en een onderschatting van de Brexit-sentimenten hebben het Unilever-bestuur waarschijnlijk de das omgedaan.


Drs. R. Abma
Drs. R. Abma is directeur bij Eumedion te Den Haag.
Artikel

Vrijwillige rechtspraak: rechters op het mediationpad?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2019
Trefwoorden neighbourhood courts, mediation, friendly solutions, voluntary jurisdiction, de-escalation
Auteurs Prof. dr. Dick Allewijn
SamenvattingAuteursinformatie

    A characteristic difference between administration of justice and mediation so far was the element of voluntariness on the side of the clients. Administration of justice however is, for the citizen who is brought before the courts, not voluntary. Recently pilots have been started in which citizens can turn voluntarily to the Court at low cost, and not far from their neighborhood. Judges will not primarily aim at making a decision in accordance with the law, but at finding friendly solutions. Does this mean that judges are going to mediate? And if so, how should this be appreciated? In this contribution attention is paid to certain aspects of this question. It is argued that differences between jurisdiction and mediation still remain. More than mediators judges must act within the legal framework. The extent to which they can engage in the emotional undercurrent of conflicts is limited. Confidence in the Court is from a different origin than trust in the mediator, and that also makes a difference. And finally, a judge is competent to make a binding judgment, which influences the way he or she is looked at by the parties.


Prof. dr. Dick Allewijn
Prof. dr. D. Allewijn is als bijzonder hoogleraar Mediation verbonden aan de Faculteit Rechten van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij is tevens werkzaam als MfN-registermediator en trainer bij het Centrum voor Conflicthantering.

    Alternative/amicable dispute resolution (ADR) is omnipresent these days. In line with global evolutions, the Belgian legislator embraced the use of these ADR mechanisms. Recent reforms of the law, first in 2013 with the act concerning the introduction of a Family and Juvenile Court and consecutively in 2018 with the act containing diverse provisions regarding civil law with a view to the promotion of alternative forms of conflict resolution, implemented more far-reaching measures to promote ADR than ever before. The ultimate goal seems to alter our society’s way of conflict resolution and make the court the ultimum remedium in case all other options failed.In that respect, the legislator took multiple initiatives to stimulate amicable dispute resolution. The reform of 2013 focused solely on family cases, the one in 2018 was broader and designed for all civil cases. The legal tools consist firstly of an information provision regarding ADR for the family judge’s clerk, lawyers and bailiffs. The judges can hear parties about prior initiatives they took to resolve their conflict amicably and assess whether amicable solutions can still be considered, as well as explain these types of solutions and adjourn the case for a short period to investigate the possibilities of amicable conflict resolution. A legal framework has been created for a new method, namely collaborative law and the law also regulates the link between a judicial procedure and the methods of mediation and collaborative law to facilitate the transition between these procedures. Finally, within the Family Courts, specific ‘Chambers of Amicable Settlement’ were created, which framework is investigated more closely in this article. All of these legal tools are further discussed and assessed on their strengths and weaknesses.
    ---
    Alternatieve of minnelijke conflictoplossing is alomtegenwoordig. De Belgische wetgever heeft het gebruik van deze minnelijke oplossingsmethodes omarmd, in navolging van wereldwijde evoluties. Recente wetshervormingen implementeerden maatregelen ter promotie van minnelijke conflictoplossing die verder reiken dan ooit tevoren. Het betreft vooreerst de hervorming in 2013 met de wet betreffende de invoering van een familie- en jeugdrechtbank en vervolgens kwam er in 2018 de wet houdende diverse bepalingen inzake burgerlijk recht en bepalingen met het oog op de bevordering van alternatieve vormen van geschillenoplossing. De ultieme doelstelling van deze hervormingen is een mentaliteitswijziging omtrent onze wijze van conflictoplossing teweegbrengen, waarbij de rechtbank het ultimum remedium dient te worden nadat alle overige opties faalden.De wetshervorming van 2013 focuste uitsluitend op familiale materies, de hervorming van 2018 was ruimer en had alle burgerlijke zaken voor ogen. De wettelijke mogelijkheden bestaan vooreerst uit een informatieverstrekking omtrent minnelijke conflictoplossing in hoofde van de griffier van de familierechtbank, advocaten en gerechtsdeurwaarders. Rechters kunnen partijen horen omtrent eerdere ondernomen initiatieven om hun conflict op een minnelijke manier op te lossen, zij beoordelen of minnelijke oplossingen alsnog kunnen worden overwogen, zij kunnen de diverse minnelijke mogelijkheden toelichten aan partijen alsook de zaak voor een korte periode uitstellen om partijen toe te laten de mogelijkheden aan minnelijke conflictoplossing te verkennen. Er werd voorts een wetgevend kader uitgewerkt voor een nieuwe oplossingsmethode, namelijk de collaboratieve onderhandeling. De wet creëert tevens een link tussen een gerechtelijke procedure en de methodes van bemiddeling en collaboratieve onderhandeling, om de overgang tussen deze procedures te vereenvoudigen. Tot slot werden er binnen de familierechtbanken specifieke kamers voor minnelijke schikking opgericht, waarvan het wetgevend kader in detail wordt bestudeerd in dit artikel. Al deze wettelijke opties worden nader besproken en beoordeeld aan de hand van hun sterktes en zwaktes.


Sofie Raes
Sofie Raes is a Ph.D. candidate at the Institute for Family Law of the University of Ghent, where she researches alternative dispute resolution, with a focus on the chambers of amicable settlement in Family Courts. She is also an accredited mediator in family cases.
Artikel

Het leefklimaat in Nederlandse penitentiaire inrichtingen: de Life In Custody–studie

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2019
Trefwoorden Quality of prison life, Imprisonment, Prison Climate Questionnaire, LIC-study
Auteurs Dr. Hanneke Palmen, Dr. Anouk Bosma en Dr. Esther van Ginneken
SamenvattingAuteursinformatie

    The Life In Custody-study is a large scale, prospective panel study, aimed to examine the quality of prison life in The Netherlands. This paper describes the LIC-study by giving a detailed overview of the data collection procedure, and strategies to optimize response, and presents the first nationwide results on prison climate in The Netherlands. Results show that the data collection procedures utilized were successful in obtaining a high response rate (which was an exceptional 81%) and reaching a representative group of prisoners. Furthermore, results show that the perceptions of prison climate vary across prison regimes, and to a lesser extent across age groups and time spent in detention.


Dr. Hanneke Palmen
Dr. Hanneke Palmen is universitair docent Criminologie.

Dr. Anouk Bosma
Dr. Anouk Bosma is universitair docent Criminologie.

Dr. Esther van Ginneken
Dr. Esther van Ginneken is universitair docent Criminologie.
Artikel

Access_open Drie jaar nieuwe arbitragewet: tien suggesties voor verbetering

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Arbitrage, Internationale arbitrage, Handelsarbitrage
Auteurs Niek Peters
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden tien suggesties gedaan ter verbetering van de nieuwe arbitragewet.


Niek Peters
Mr. N. Peters is advocaat te Amsterdam bij Cleber en docent aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Confraternele mededelingen

Tijdschrift Advocatenblad, Aflevering 10 2018
Auteurs Aldert van der Bent en Patrick Slob

Aldert van der Bent

Patrick Slob
Artikel

Nieuw in België: Collaboratieve Onderhandelingen Wettelijk Geregeld

(New in Belgium: A Statutory Basis for Collaborative Negotiations)

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Collaboratieve onderhandelingen, Bemiddelingswet, conflictoplossing, België, Collaboratieve advocaat
Auteurs Willem Meuwissen
SamenvattingAuteursinformatie

    The ADR Act of 18 June 2018 provides for an insertion into the ‘Gerechtelijk Wetboek’ (Judicial Code), entitled ‘Collaboratieve onderhandelingen’ (Collaborative Negotiations), which came into force on 1 January 2019.


Willem Meuwissen
Willem Meuwissen is an attorney and accredited mediator with the Belgian Federal Mediation Commission and a member of the Belgian Association of Collaborative Professionals. He teaches negotiation and mediation at the universities of Antwerp and Brussels. He trains students becoming certified mediator at bMediaton and EMTPJ.
Artikel

Een wolf onder de wolven. Ethiek en Ethische Commissies in criminologisch onderzoek naar ‘the powerful’

Tijdschrift Tijdschrift over Cultuur & Criminaliteit, Aflevering 3 2018
Trefwoorden Ethics committees, The powerful, Moral entrepreneurs, Ethics creep, Arms trader
Auteurs Dr. Rita Faria en Dr. Yarin Eski
SamenvattingAuteursinformatie

    For quite some years now, crimes of ‘the powerful’ have been studied by criminologists. While researching crimes of ‘the powerful’, researchers aim to maintain and safeguard their integrity and ethics. However, there seems to be a friction between, on the one hand, ethics of the researchers themselves and on the other hand, ethics (policies) of universities. Obviously, not only do they have to justify their actions and decisions to themselves and ‘science’ as a whole, they must justify their research to ethics committees (EC’s) of universities. It could result in complex and difficult situations when researchers suspect that EC’s themselves may be instruments and products of the powerful groups they are studying. In that case, EC’s might undermine ethics and research integrity themselves. What do certain EC- ‘conditions’ look like for research ethics and to which extent do they have to be adjusted or reconsidered when criminologists are researching ‘the powerful’? The key question that will be answered in this contribution is as follows: how can criminologist (re)act ethically responsibly when confronted with (un)ethical committees? To answer this and other relevant questions, after reviewing literature, we reflect on a biographical study of a legal arms trader. We then elaborate on the ‘ethics creep’ (Haggerty, 2004) that seems to haunt social sciences nowadays.


Dr. Rita Faria
Rita Faria Docent criminologie, University of Porto rfaria@direito.up.pt

Dr. Yarin Eski
Yarin Eski Docent criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam y.eski@vu.nl
Artikel

Herstelrecht en slachtoffers van bedrijfsgeweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2018
Trefwoorden Corporate violence, Health, concepts of participation
Auteurs Ivo Aertsen
SamenvattingAuteursinformatie

    Whether and under which conditions restorative justice can be applied to cases of corporate violence is explored starting from the phenomenon of corporate violence, defined as acts committed by corporations in the course of their regular activities but with harmful consequences for people’s health. Specific characteristics of different types of corporate violence are presented, as well as victims’ needs, experiences and expectations. The applicability of restorative justice, but also the need of its rethinking, is discussed through an analysis of the role of its key actors and the concepts of participation and restoration.


Ivo Aertsen
Ivo Aertsen is hoogleraar herstelrecht en victimologie aan de KU Leuven.
Vrij verkeer

Bescherming van wezenlijke nationale belangen en de aanbestedingsplicht

Rechtstreekse gunning van overheidsopdrachten als ultimum remedium

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5-6 2018
Trefwoorden Artikel 346 lid 1 VWEU, Richtlijn 2004/18/EG, Richtlijn 92/50/EEG, wezenlijke nationale veiligheidsbelangen, fundamentele vrijheden, Aanbestedingsrecht
Auteurs Mr. M.J.J.M. Essers en Mr. A.J.M. Louwers
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest van 20 maart 2018 inzake Europese Commissie tegen de Republiek Oostenrijk verduidelijkt het Hof van Justitie onder welke voorwaarden het lidstaten is toegestaan om af te zien van een Europese aanbesteding door zich te beroepen op de bescherming van wezenlijke nationale veiligheidsbelangen. Het Hof van Justitie overweegt dat lidstaten hierin weliswaar een beoordelingsmarge toekomt, maar dat de lidstaat die zich op deze uitzondering beroept moet kunnen aantonen dat die belangen niet anders beschermd hadden kunnen worden. Ook Nederland verkent de mogelijkheden voor verruiming van deze uitzonderingsgrond. Gelet op de groeiende publieke aandacht voor de bescherming van persoonsgegevens en nationale veiligheid, biedt deze zaak concrete aanknopingspunten om te toetsen wanneer een uitzondering op de aanbestedingsplicht wegens wezenlijke veiligheidsbelangen gerechtvaardigd is.
    HvJ 20 maart 2018, zaak C-187/16, Europese Commissie/Republiek Oostenrijk (Oostenrijkse Staatsdrukkerij), ECLI:EU:C:2017:578.


Mr. M.J.J.M. Essers
Mr. M.J.J.M. (Maurice) Essers is advocaat bij Clairfort te Amsterdam.

Mr. A.J.M. Louwers
Mr. A.J.M. (Noud) Louwers is advocaat bij Clairfort te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 130 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.