Zoekresultaat: 57 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2012 x Rubriek Artikel x
Artikel

Nog geen horizontale rechtstreekse werking van het vrije verkeer van goederen?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden artikel 34 VWEU, vrij verkeer van goederen, horizontale werking, normerings- en certificeringsactiviteiten, bijzondere redenen van particulier belang
Auteurs Mr. dr. H.J. van Harten en mr. T. Nauta
SamenvattingAuteursinformatie

    In brede kring wordt aangenomen dat het vrij verkeer van diensten, werknemers en vestiging onder omstandigheden rechtstreeks doorwerken in horizontale relaties. In de zaak Fra.bo past het Hof van Justitie het leerstuk van de horizontale rechtstreekse werking niet expliciet toe op het vrije goederenverkeer. Zaakspecifiek maakt het Hof van Justitie echter duidelijk dat onder omstandigheden ook een particuliere organisatie als gedaante van ‘publieke macht’ kan worden aangemerkt waarmee haar activiteiten en voorschriften binnen de reikwijdte van het recht betreffende het vrije goederenverkeer vallen. Het Hof van Justitie lijkt hiermee impliciet aan te sluiten bij zijn collectiviteitsredenering inzake het vrij verkeer van diensten, werknemers en de vestigingsvrijheid.


Mr. dr. H.J. van Harten
Herman van Harten is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.

mr. T. Nauta
Thomas Nauta is werkzaam bij het Ministerie van Buitenlandse zaken en schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel.
Artikel

Particuliere beveiligers als publieke handhavers

De inzet van private boa’s door gemeenten

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden private security officers, public surveillance, public private partnership, local government, police work
Auteurs J. Terpstra
SamenvattingAuteursinformatie

    Dutch local governments increasingly decide to contract private security officers for surveillance and enforcement tasks in the public space. This article presents an analysis of the daily work of these private security officers. Local governments contract these private workers because they are faced with problems of social disorder and crime. Although the police should formally manage the work of these private security workers, in practice this task is hardly realized. These private workers are faced with four problems: their work is boring, they are uncertain about what they are expected to do, don’t know exactly what their formal powers are, and are unsatisfied about their lack of means for self-defence. Although they don’t differ in their work style from their public colleagues, their position as private worker and the flexible job they have, are hard to reconcile with what they are expected to do (like reassuring citizens).


J. Terpstra
Prof. dr. ir. Jan Terpstra is als hoogleraar Criminologie verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De opmars van de private veiligheidszorg

Een nationaal en internationaal perspectief

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden private security companies, private security figures, public-private partnership, police, crime prevention
Auteurs J. de Waard en R. van Steden
SamenvattingAuteursinformatie

    Private security is traditionally a highly fragmented industry with a national focus. However, with the arrival of multinational brands in the market such as Group 4 Securicor and Securitas, we are witnessing a rise of global private security. After providing the latest statistics on the growth of this industry in the Netherlands, the authors give examples of how private security is evolving throughout the world. Issues that are further addressed include the opportunities and challenges (multinational) private security companies present to the Netherlands.


J. de Waard
Drs. Jaap de Waard is werkzaam bij de directie Rechtshandhaving van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

R. van Steden
Dr. Ronald van Steden is als universitair docent verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Private rechtspraak: online én offline een realiteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden E-courts, alternative dispute resolution, online dispute resolution, eBay, Paypal
Auteurs C.N.J. de Vey Mestdagh en T. van Zuijlen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private administration of justice is an online and offline reality. In this article the reality of online dispute resolution (ODR) is explored, using the example of eBay (60 million conflicts taken on each year). The issue of jurisdiction in online cases is clarified and an analysis is made of the causes of the propagation of ODR. Finally the new phenomenon of online dispute prevention (ODP) is examined. This leads to the conclusion that ODR started as an alternative form of dispute settlement, but more and more becomes a substitute for the public administration of justice.


C.N.J. de Vey Mestdagh
Dr. mr. Kees de Vey Mestdagh is hoofd van het Centrum voor Recht & ICT, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit Groningen, www.rechtenict.nl, e-mail c.n.j.de.vey.mestdagh@rug.nl.

T. van Zuijlen
Tim van Zuijlen is student van de master Recht & ICT van het Centrum voor Recht & ICT.
Artikel

Naar een Europese glijdende openbare ordeschaal voor het personenverkeer?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden openbare orde, openbare veiligheid, duurzaam verblijf, artikel 83 lid 1 VWEU, verwijderingsmaatregel
Auteurs Mr. H. Oosterom-Staples
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest P.I is de tweede zaak waarin het Hof van Justitie het begrip ‘dwingende redenen van openbare veiligheid zoals door de lidstaten gedefinieerd’ in artikel 28 lid 3 Richtlijn 2004/38/EG verduidelijkt. Dit arrest verduidelijkt de bevoegdheid die lidstaten genieten om het verblijfsrecht te beperken dat begunstigden van Richtlijn 2004/38/EG die gedurende een periode van tien jaar op hun grondgebied hebben verbleven. Het beeld dat opdoemt, laat zich vergelijken met de in het Nederlandse vreemdelingenrecht gebruikte glijdende schaal waarbij de duur van het verblijf, de ernst van het strafbaar feit, de maximumstrafmaat en de opgelegde straf bepalend zijn om tot beëindiging van het verblijfsrecht over te gaan.


Mr. H. Oosterom-Staples
Mevr. mr. H. Oosterom-Staples, vakgroep Europees en internationaal publiekrecht, Tilburg University.
Artikel

Een Europees buitenlands aanbestedingsbeleid?

Het voorstel van de Commissie voor een verordening inzake de toegang van derde landen tot de Europese aanbestedingsmarkt.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden overheidsopdrachten, gemeenschappelijke handelspolitiek, interne markt
Auteurs Mr. W.R. Möhlmann
SamenvattingAuteursinformatie

    In maart 2012 heeft de Europese Commissie de Europese wetgever voorgesteld een buitenlands beleid vast te stellen op het gebied van Europese aanbestedingen. De voorgestelde verordening voorziet in een drietal instrumenten die moeten leiden tot een betere toegang van Europese goederen, diensten en bedrijven tot aanbestedingen in derde landen, tot eerlijker concurrentie op de Europese interne markt en tot meer rechtszekerheid. De instrumenten machtigen enerzijds individuele aanbestedende diensten en anderzijds de Commissie om onder specifieke voorwaarden restrictieve maatregelen te treffen als er sprake is van protectionistische maatregelen in derde landen.


Mr. W.R. Möhlmann
Mr. W.R. Möhlmann is werkzaam bij de Europese Commissie, DG Interne markt en diensten, afdeling Internationale dimensie van overheidsopdrachten.
Artikel

Minimumeis aan volgestort maatschappelijk kapitaal in strijd met fundamentele vrijheden

De vrijheid van vestiging en de vrijheid van dienstverrichting verzetten zich tegen de dubbele standaard van Italiaanse belastinginning.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden vrijheid van vestiging/dienstverrichting, aanbesteding en dienstenconcessie
Auteurs Mr. M.L. Weeda en mr. L.J. Terpstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze prejudiciële verwijzingsprocedure stelt het Hof van Justitie vast dat de artikelen 49 en 56 VWEU1x In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen. aldus moeten worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen de verplichting uit hoofde van een Italiaanse regeling tot het hebben van een minimaal volgestort maatschappelijk kapitaal van 10 miljoen euro voor marktdeelnemers belast met de inning van belastingen, met uitzondering van vennootschappen waarin de Italiaanse overheid een meerderheidsbelang heeft. Volgens de verwijzende rechter bevat de Italiaanse regeling voorzorgsmaatregelen die de overheid op een meer evenredige wijze kunnen beschermen. Dit lijkt voor het Hof van Justitie onder meer reden om op de vragen van de verwijzende rechter te antwoorden dat de betrokken bepaling uit de Italiaanse regeling een onevenredige en dus ongerechtvaardigde beperking van de fundamentele vrijheden van vestiging en dienstverlening vormt.

Noten

  • 1 In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen.


Mr. M.L. Weeda
Mr. M.L. Weeda is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

mr. L.J. Terpstra
Mr. L.J. Terpstra is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De Awb en de omgevingsvergunning van rechtswege

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wabo, omgevingsvergunning, positieve beschikking, van rechtswege
Auteurs Mr. dr. J. Robbe
SamenvattingAuteursinformatie

    Zoals zoveel relaties is ook die tussen de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bijzondere bestuurswetten niet altijd zonder problemen. De bijzondere en de algemene regeling verhouden zich niet altijd even goed tot elkaar. Dat is ook het geval bij de relatie tussen de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Awb, die in deze bijdrage centraal staat. Het onderwerp is de door de Wabo geïntroduceerde omgevingsvergunning van rechtswege. In hoeverre sluit de regeling die de Wabo op dit punt bevat aan op de algemene regeling van de positieve beschikking van rechtswege in de Awb? Welke overeenkomsten, maar vooral welke verschillen zijn er? En wat zou dit moeten betekenen voor de toekomst van de omgevingsvergunning van rechtswege?


Mr. dr. J. Robbe
Mr. dr. J. (Jan) Robbe is universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht en in het bijzonder het omgevingsrecht aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Centrum voor Omgevingsrecht en Beleid (<www.centrumvooromgevingsrecht.nl>).
Artikel

Op het land in plaats van achter het raam

Aard en omvang van arbeidsuitbuiting in Nederland

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Human trafficking, Labour exploitation, Illegal migration
Auteurs Daphne Postma MSc. en Dr. Joris van Wijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Since 2005 article 273 of the Dutch criminal code does not only qualify exploitation of prostitutes as a criminal act, but also exploitation taking place in other sectors. Seven years down the line not much is known about this type of human trafficking. Based on an analysis of files of the Dutch Social Security Investigation and Detection Service (ISZW-DO) this article describes in which sectors such exploitation takes place, the characteristics of both victims and (alleged) perpetrators and the modus operandi used. The article concludes and emphasizes that especially subtle means of coercion are used, but that these can transform into more serious types of coercion.


Daphne Postma MSc.
Daphne Postma MSc. is in 2011 afgestudeerd als criminoloog aan de Vrije Universiteit Amsterdam.

Dr. Joris van Wijk
Dr. Joris van Wijk is universitair docent Criminologie aan de Vrije Universiteit Amsterdam, j.van.wijk@vu.nl.
Artikel

Wettelijke aansprakelijkheidsbeperking voor DNB en AFM

Hoe hoog komt de nieuwe lat te liggen?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden aansprakelijkheidsbeperking DNB en AFM, uitleg opzet en grove schuld
Auteurs Mr. S. Sahtie
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de in juli 2012 aangenomen wet besproken waarmee de aansprakelijkheid van De Nederlandsche Bank (DNB) en de Autoriteit Financiële Markten (AFM) wordt beperkt tot kort gezegd opzet en grove schuld. De auteur gaat in op de uitleg van de begrippen opzet en grove schuld en onderzoekt hoe hoog de nieuwe lat voor aansprakelijkheid komt te liggen ten opzichte van de aanvankelijk geldende norm van een ‘behoorlijk en zorgvuldig handelende toezichthouder’. Ook wordt ingegaan op onder andere het causaliteitsvereiste, de omkeringsregel en enkele relevante ontwikkelingen op Europeesrechtelijk gebied. Geconcludeerd wordt dat DNB en AFM op grond van de nieuwe wettelijke regeling vrijwel immuun zijn gemaakt voor aansprakelijkheid.


Mr. S. Sahtie
Mr. S. Sahtie is Legal Counsel bij ABN AMRO Bank N.V. en was daarvoor als jurist werkzaam bij De Nederlandsche Bank (DNB).
Artikel

Arbitraal beding in algemene voorwaarden niet per definitie onredelijk bezwarend in business-to-consumer verhoudingen

Denk niet zwart, denk niet grijs, denk niet zwart-wit, maar in de kleur van ... de concrete omstandigheden van het geval

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden arbitraal beding, arbitragebeding, onredelijk bezwarend, Richtlijn oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten, zwarte lijst
Auteurs Mr. dr. E.-J. Zippro
SamenvattingAuteursinformatie

    De geldigheid van arbitrale bedingen in algemene voorwaarden die de consument de toegang tot de overheidsrechter ontzeggen, staat al geruime tijd ter discussie. Hoewel de regeling betreffende algemene voorwaarden in Boek 6 van het Burgerlijk Wetboek reeds in 1992 is ingevoerd en de Richtlijn oneerlijke bedingen in consumentenovereenkomsten vanaf 1993 is ingetreden, is er tot nu toe geen eenduidig antwoord mogelijk op de vraag of een arbitraal beding in business-to-consumer verhoudingen onredelijk bezwarend is. In deze bijdrage wordt aan de hand van HR 21 september 2012, LJN BW6135 (Van Marrum/de opdrachtgever) nader ingegaan op de vraag of een arbitraal beding in algemene voorwaarden onredelijk bezwarend is voor de consument.


Mr. dr. E.-J. Zippro
Mr. dr. E.-J. Zippro is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek te Amsterdam.
Artikel

De bestrijding van etnische discriminatie: van speerpunt tot non-issue?

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden discrimination, ethnicity, antidiscrimination policy in the Netherlands, human rights, right-wing extremism
Auteurs R. Witte en M.P.C. Scheepmaker
SamenvattingAuteursinformatie

    This article presents an overview of various measures, initiatives and developments regarding to the fight against discrimination in the Netherlands since 1971. It also gives a short overview of relevant international treaties on discrimination and the obligations for the parties involved. The political and societal attention for combating discrimination has decreased in recent years. There is a tendency to deny that discrimination is a real problem. Also the tone of voice in the public debate on integration of ethnic minorities has hardened. Nowadays, antidiscrimination policies and initiatives take place at the local level and state involvement is limited to facilitating support. The registration of discrimination complaints continues to be a problem and minor progress has been made in the last twenty years.


R. Witte
Dr. Rob Witte is als senior onderzoeker verbonden aan IVA Beleidsonderzoek & Advies te Tilburg.

M.P.C. Scheepmaker
Mr. Marit Scheepmaker is hoofdredacteur van Justitiële verkenningen.
Artikel

De Nederlandse staat van internetvrijheid

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2012
Trefwoorden internet freedom, legislation the Netherlands, retainment of customer data, privacy, net neutrality
Auteurs O.L. van Daalen
SamenvattingAuteursinformatie

    When thinking of restrictions on internet freedom, people often look to countries such as Egypt and Libya. But internet freedom in countries such as the Netherlands also warrants close examination. This article discusses a selection of Dutch measures which infringe on the fundamental right to privacy and communication freedom on the internet. With regard to privacy, it starts with the Dutch law requiring telecommunications providers to retain customer data, such as all records and location data. Also the plans to monitor internet traffic by the intelligence services as well as the lack of transparency on data requests by the Dutch government are discussed. With regard to communications freedom, the new Dutch law on net neutrality is analysed and described as positive for internet freedom. However, the author also sees developments threatening internet freedom. He mentions plans to introduce web blocking for websites facilitating copyright infringement and a draft law to allow the police to take down websites without judicial intervention. The author argues that the Netherlands should significantly improve its own state of internet freedom, especially if it wants to credibly claim that other countries should protect internet freedom.


O.L. van Daalen
Mr. Ot van Daalen is directeur van de digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom.
Artikel

Het toepasselijk recht op arbeidsovereenkomsten in de zeevaart

Een commentaar op HvJ EU 15 december 2011, zaak C-384/10, Voogsgeerd/Navimer

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden toepasselijk recht/EVO, plaats waar de arbeid gewoonlijk wordt verricht, vestiging van de werkgever, hiërarchie van aanknopingsfactoren, toerekenen van overeenkomst aan bepaald concernonderdeel
Auteurs Prof. dr. A.A.H. van van Hoek
SamenvattingAuteursinformatie

    Na het arrest Koelzsch (zaak C-29/10) bevat het onderhavige arrest opnieuw een uitleg van artikel 6 van het Europees Verdrag inzake het recht dat van toepassing is op verbintenissen uit overeenkomst (EVO). Het Hof van Justitie continueert in belangrijke mate de lijn ingezet in het eerdere arrest. Het belang van deze uitspraak schuilt in (1) de toepassing van de eerder ontwikkelde criteria voor het bepalen van de gewone werkplek op een arbeidsverhouding in de zeevaart en (2) de nadere uitleg die wordt gegeven aan de aanknoping aan de vestiging die de werknemer in dienst heeft genomen.


Prof. dr. A.A.H. van van Hoek
Prof. dr. A.A.H. van Hoek is hoogleraar IPR en burgerlijk procesrecht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het concessiebegrip in het Commissievoorstel betreffende de gunning van concessieopdrachten

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden concessies, aanbestedingen, wezenlijk operationeel risico, uitvoering van werken
Auteurs Mr. K. Roffel en Dr. mr. G.J.J. van den van den Hof
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 20 december 2011 heeft de Europese Commissie een nieuwe richtlijn over de gunning van concessieopdrachten voorgesteld. In deze bijdrage wordt ingegaan op het huidige Europeesrechtelijke regime voor concessies, in het bijzonder de invulling van het transparantiebeginsel. Daarna worden twee nieuwe elementen in het voorstel geanalyseerd, het ‘wezenlijk operationeel risico’ en de nieuwe definitie voor het begrip ‘uitvoeren van werken’. Geconcludeerd wordt dat de Commissie met deze richtlijn meer helderheid brengt in het op concessies toepasselijke rechtskader, maar dat het Hof van Justitie nog nadere invulling zal moeten geven aan de centrale begrippen.


Mr. K. Roffel
Mr. K. Roffel is aanbestedingsjurist bij Royal HaskoningDHV.

Dr. mr. G.J.J. van den van den Hof
Dr. mr. G.J.J. van den Hof is senior jurist bij Royal HaskoningDHV en lector Gebiedsontwikkeling en Recht bij Saxion Hogescholen.
Artikel

Detentiebeleving en overleving van Nederlandse mulas in een Peruaanse gevangenis

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Imprisonment, Coping, detention experience, Ethnography, Dutch mulas
Auteurs Drs. Elga Sikkens en Dr. Marion van San
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands, not much research has been done on the ways that Dutch women experience and try to survive a detention abroad. The research, on which this article is based, did focus on Dutch female prisoners abroad, using an ethnographic research method. This study looks at the ways Dutch mulas experience their prison term in Peru and focuses on their strategies of survival. The ways these women react upon their detention can be traced back to existing literature on the importation theory and deprivation theory. Also it became apparent that various coping strategies are used to survive their Peruvian imprisonment. These coping strategies proof to be related to the life experiences of the women (importation theory) and the experienced prison environment (deprivation theory).


Drs. Elga Sikkens
Drs. E.M. Sikkens is promovendus aan de faculteit der sociale wetenschappen van de Universiteit Utrecht en junior onderzoeker bij FORUM, Instituut voor Multiculturele Vraagstukken.

Dr. Marion van San
Dr. M. van San is wetenschappelijk docent aan de faculteit der sociale wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam en senior onderzoeker bij Risbo (EUR).
Artikel

Valkuilen bij contracteren met publiekrechtelijke rechtspersonen

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 9 2012
Trefwoorden contracteren, overeenkomst, overheid, publiekrechtelijke rechtspersonen
Auteurs Mr. M.J. Woodward
SamenvattingAuteursinformatie

    Contracteren met publiekrechtelijke rechtspersonen is geen sinecure. De auteur bespreekt in deze bijdrage een aantal valkuilen en doet diverse praktische handreikingen.


Mr. M.J. Woodward
Mr. M.J. Woodward is advocaat bij Loyens & Loeff te Rotterdam.

    Deze bijdrage bespreekt de remedies uit het GEKR die de koper bij niet-nakoming door de verkoper ten dienste staan. Bezien wordt of de regeling met betrekking tot de remedies vergeleken met het Nederlands recht voordelen kan opleveren voor de koper of de verkoper. Vooral de aandacht verdienen de nakoming, de schadevergoeding en de ontbinding, maar ook zal worden stilgestaan bij enkele algemene punten met betrekking tot de uitoefening van remedies, zoals de klachtplicht. De conclusie luidt dat koper en verkoper allebei geen duidelijke redenen hebben om voor het GEKR te kiezen wat de regeling van de remedies betreft.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is wetenschappelijk onderzoeker en docent bij de sectie Burgerlijk Recht, Erasmus School of Law.

Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Hij is tevens lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.
Toont 1 - 20 van 57 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.