Zoekresultaat: 12 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht x Jaar 2013 x Rubriek Artikel x
Artikel

Verstrekking van patiëntgegevens door zorgaanbieders aan zorgverzekeraars

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2013
Trefwoorden gegevensverstrekking, persoonsgegevens, beroepsgeheim, zorgverzekeraar, geheimhoudingsplicht
Auteurs Mr. drs. J.M.E. Citteur en mr. drs. J.J. Rijken
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt de gegevensverstrekking door zorgaanbieders aan zorgverzekeraars onderzocht. Daartoe wordt allereerst de wettelijke basis voor die gegevensverstrekking beschreven en vervolgens nagegaan hoe de regeling in een drietal casusposities wordt toegepast. Het blijkt dat het antwoord op de vraag of patiëntgegevens al dan niet mogen worden verstrekt, staat of valt met het antwoord op de vraag of een wettelijke verplichting tot die gegevensverstrekking bestaat. Indien dat het geval is, vindt een belangenafweging plaats. Daarbij wordt, mede in het kader van artikel 8 EVRM, onder meer gekeken naar de proportionaliteit en subsidiariteit van de gegevensverstrekking.


Mr. drs. J.M.E. Citteur
Juliette Citteur is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V. te Den Haag.

mr. drs. J.J. Rijken
Joris Rijken is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn N.V. te Den Haag.
Artikel

Medisch beroepsgeheim en familieleden

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 8 2013
Trefwoorden beroepsgeheim, familieleden, vertegenwoordiging, belangen, conflict van plichten
Auteurs Prof. mr. J.C.J. Dute en mr. dr. M.C. Ploem
SamenvattingAuteursinformatie

    Waar het gaat om de uitwisseling van medische gegevens vormt de hoedanigheid van familielid als zodanig geen grond om inbreuk te maken op het medisch beroepsgeheim. Het is in beginsel aan de betrokkene zelf om uit te maken of familieleden mogen worden geïnformeerd. In deze bijdrage worden situaties besproken waarin familieleden vanwege de rol die zij vervullen (vertegenwoordiger) of de belangen die zij bij inzage in het dossier van hun naaste hebben (rouwverwerking, behoefte aan informatie over erfelijkheidsonderzoek of andere gezondheidsbelangen, vermoeden van een medische fout, vermogensbelangen) moeten of mogen worden geïnformeerd, ook al heeft de betrokkene daarmee niet expliciet ingestemd.


Prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens lid van het College voor de Rechten van de Mens.

mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/docent gezondheidsrecht bij het AMC, Afdeling Sociale Geneeskunde.

    Zorgaanbieders werken vaak samen in maatschapsverband. Dit artikel positioneert de maatschap binnen het Nederlandse algemene en zorgspecifieke mededingingsrecht. Eerst wordt onderzocht of fusies tussen maatschappen van vrijgevestigde medisch specialisten van verschillende ziekenhuizen onder het concentratietoezicht dan wel het kartelverbod uit de Mededingingswet moeten worden beoordeeld. Daarna wordt onderzocht wat en wanneer op grond van artikel 48 en 45 Wet marktordening gezondheidszorg tegen maatschappen kan worden ondernomen. Hierbij wordt tevens ingegaan op de ACM-lijn maatschappen en ziekenhuizen alsmede het NZa-besluit in Thuisapotheek – Huisartsenpraktijk Prinsenbeek.


Mr. dr. E.M.H. Loozen
Edith Loozen is universitair docent bij het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG).
Artikel

Patientenrechtegesetz: geneeskundige behandeling in Duits Burgerlijk Wetboek

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 7 2013
Trefwoorden Patientenrechtegesetz, Medisch aansprakelijkheidsrecht
Auteurs Prof. mr. E.H. Hondius en prof. mr. J.G. Sijmons
SamenvattingAuteursinformatie

    Afgelopen winter trad in Duitsland het nieuwe patiëntenrecht in werking. Een nieuwe titel in het Burgerlijk Wetboek, als de WGBO bij ons. In dit artikel bespreken de auteurs de contouren van deze compacte wet. Is de ontwikkeling in Duitsland vergelijkbaar met die in Nederland? De meest opvallende afwijkingen zijn een regeling van ‘Aufklärungspflichten’ voor de geïnformeerde toestemming naast ‘Informationspflichten’. Scherp gesteld zijn verder de verplichtingen over dossiervoering. Een bepaling over de aansprakelijkheid rondt de bepalingen in de titel van de geneeskundige behandelingsovereenkomst af, waarbij de patiënt tegemoet wordt gekomen in de op hem rustende bewijslast voor aansprakelijkheid van de hulpverlener.


Prof. mr. E.H. Hondius
Ewoud Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht en lid van de redactieraad van dit tijdschrift.

prof. mr. J.G. Sijmons
Jaap Sijmons is advocaat te Zwolle, bijzonder hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Utrecht en lid van de redactie van dit tijdschrift.
Artikel

Het voorgestelde verbod op verticale integratie tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden verticale integratie, zorgverzekeraars, zorgaanbieders, Wet marktordening gezondheidszorg
Auteurs Mr. dr. E. Plomp
SamenvattingAuteursinformatie

    Wetsvoorstel 33 362 introduceert in de Wet marktordening gezondheidszorg een verbod op verticale integratie tussen zorgverzekeraars en zorgaanbieders. Het verbiedt zorgverzekeraars, AWBZ-verzekeraars en zorgkantoren om (a) zelf zorg te verlenen en (b) direct of indirect zeggenschap te hebben over een zorgaanbieder. In dit artikel wordt betoogd dat dit verbod niet noodzakelijk en niet proportioneel is om het daarmee beoogde doel te bereiken. Gewezen wordt op het belang om (alternatieve) maatregelen te nemen om het vertrouwen in zorgverzekeraars en de transparantie met betrekking tot de kwaliteit van zorg te verbeteren.


Mr. dr. E. Plomp
Emke Plomp is arts in opleiding tot specialist, farmaceut en gezondheidsjurist.
Artikel

Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting: van geslotenheid naar openheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden donorgegevens, kunstmatige bevruchting, biologische afstamming
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem en dr. W.J. Dondorp
SamenvattingAuteursinformatie

    Op grond van de op 1 juni 2004 integraal in werking getreden Wet donorgegevens kunstmatige bevruchting kan een kind dat door medewerking van een donor is verwekt vanaf zestienjarige leeftijd vragen om kennisname van de identiteit van de donor. In deze bijdrage worden achtergrond en inhoud van de wet besproken en wordt ingegaan op de discussie rond opheffing van anonieme gameetdonatie en de mogelijkheid van aanvullende bescherming van donorkinderen.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/docent gezondheidsrecht bij het Academisch Medisch Centrum, Afdeling Sociale Geneeskunde.

dr. W.J. Dondorp
Wybo Dondorp is onderzoeker/docent gezondheidsethiek bij de Universiteit Maastricht, Afdeling Metamedica en onderzoeksscholen CAPHRI en GROW.
Artikel

Wetsvoorstel Zorg en dwang: impact van de recente wijzigingen voor het veld en de cliënt

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden onvrijwillige zorg, stappenplan, wilsonbekwaamheid, cliëntenvertrouwenspersoon, vergelijking met wetsvoorstel Verplichte GGz
Auteurs Mr. dr. B.J.M. Frederiks en mr. dr. K. Blankman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel Zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten, dat in de zomer van 2009 aan de Tweede Kamer werd aangeboden, heeft in 2012 belangrijke wijzigingen ondergaan. De auteurs wijzen behalve op de voordelen hiervan voor de rechtsbescherming van kwetsbare cliënten ook op een aantal nadelen. Zo worden het voorgestelde stappenplan, de omschrijving van onvrijwillige zorg en de regeling inzake vertegenwoordiging van wilsonbekwaamheid kritisch tegen het licht gehouden. Een vergelijking met het wetsvoorstel Verplichte GGz valt niet zonder meer positief uit voor het wetsvoorstel Zorg en dwang.


Mr. dr. B.J.M. Frederiks
Brenda Frederiks is universitair docent gezondheidsrecht bij het VUMC/EMGO+

mr. dr. K. Blankman
Kees Blankman is universitair docent familie- en gezondheidsrecht bij de VU.
Artikel

Kind en biobank: enkele juridische aspecten

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden biobank, restmateriaal, kinderen, informed consent, recht op (niet-)weten
Auteurs Mr. E.J. Kranendonk
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage gaat in op biobanken met lichaamsmateriaal van kinderen. Het gebruik hiervan roept specifieke vragen op ten aanzien van zeggenschap, terugkoppeling van individuele bevindingen en privacy. Zowel het internationale als het nationale wettelijke kader biedt geen volledige en heldere uitgangspunten voor de positie van de minderjarige donor, terwijl daar in de praktijk wel grote behoefte aan is.


Mr. E.J. Kranendonk
Elcke Kranendonk is promovenda gezondheidsrecht bij het Academisch Medisch Centrum Amsterdam/Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Zorginkoop door zorgverzekeraars en zorgkantoren: moet het verifieerbaar, transparant en non-discriminatoir?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden zorginkoop, economische machtspositie, contracteerbeleid, contractsvrijheid, aanbesteding
Auteurs Mr. H.M. den Herder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de inkoop van zorg zijn zorgverzekeraars en zorgkantoren in beginsel vrij om te bepalen met welke zorgaanbieders zij een contract willen sluiten, welke zorg zij bij hen willen inkopen en tegen welke voorwaarden. Uit de rechtspraak volgt dat de begrenzing van de contractsvrijheid wordt bepaald door twee factoren: de wijze van zorginkoop en de vraag of een zorgverzekeraar of een zorgkantoor een economische machtspositie heeft. In dit artikel wordt onderzocht welke eisen aan de zorgverzekeraars en zorgkantoren worden gesteld en of dat gelet op het mededingingsrecht terecht is.


Mr. H.M. den Herder
Hedwig den Herder is advocaat bij Pels Rijcken en Droogleever Fortuijn N.V. te ’s-Gravenhage.
Artikel

Zorg om het kind. Bescherming van minderjarigen en het gezondheidsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden minderjarigen, kinderbescherming, kindermishandeling, beroepsgeheim, toestemming medisch handelen
Auteurs Prof. mr. drs. M.R. Bruning
SamenvattingAuteursinformatie

    Als het gaat om zorg voor minderjarigen, worden de uitgangspunten uit het familie- en jeugdrecht – de ouderlijke autonomie staat voorop en de belangen van het kind zijn een bepalende factor – in het gezondheidsrecht niet altijd voldoende gewaarborgd. Toestemming van beide ouders met gezag, ook na scheiding, levert voor artsen soms knelpunten op. Bij vermoedens van kindermishandeling of ‘niet-pluis’ gevoelens heeft de arts vanuit een zorgrelatie met het kind een bijzondere verantwoordelijkheid. Bepleit wordt dat het (gezondheids)recht op bepaalde punten aanpassing behoeft en dat de wetgever bij wijzigingen en vernieuwingen in het jeugdzorg- en jeugdbeschermingsdomein het gezondheidsrecht uit boek 7 BW niet vergeet.


Prof. mr. drs. M.R. Bruning
Mariëlle Bruning is hoogleraar Jeugdrecht aan de Universiteit Leiden. Deze bijdrage is gebaseerd op de najaarslezing op 2 november 2012 in de Domus Medica te Utrecht voor de Vereniging voor Gezondheidsrecht.
Artikel

Zorg om jonge kinderen. Een gezondheidsrechtelijke benadering

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden minderjarigen, WGBO, beroepsgeheim, meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld, verwijsindex risicojongeren, bemoeizorg
Auteurs Mr. R.P. de Roode
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt besproken hoe de zeggenschap over medische behandeling van jonge patiëntjes is geregeld en hoe ver de verantwoordelijkheden en mogelijkheden van artsen reiken om in te grijpen en/of het beroepsgeheim te doorbreken als er zorgen zijn om deze kinderen. Betoogd wordt dat het gezondheidsrecht voldoende ruimte biedt om het kind in de knel te beschermen als dat nodig is. De zorgplicht van de arts, ondersteund door beroepsnormen die eisen en grenzen van goed hulpverlenerschap aangeven, zoals de KNMG-Meldcode kindermishandeling en huiselijk geweld en de Wegwijzer dubbele toestemming van de KNMG, biedt die ruimte. Wel zou de WGBO kunnen worden aangevuld met een bepaling op grond waarvan de toestemming van de niet-aanwezige ouder voor een medische behandeling mag worden verondersteld zolang niet blijkt van bezwaar. Ook zou de verwijsindex risicojongeren effectiever kunnen worden door er een fysieke regisseur aan te koppelen die kan ingrijpen bij hiaten of overlap in zorgaanbod en moet de op handen zijnde spreekplicht richting de gezinsvoogd worden voorzien van een uitzonderingsclausule voor ‘gewichtige redenen, het belang van het kind betreffende’. Meer meld- en informatieplichten bieden geen soelaas. Die zullen goede medische zorg aan kwetsbare kinderen alleen maar in de weg kunnen staan. De oplossingen daarvoor moeten worden gezocht in verbetering van het hulpaanbod en in professionalisering.


Mr. R.P. de Roode
Robinetta de Roode was tot 1 februari 2013 werkzaam als adviseur gezondheidsrecht bij de KNMG en is thans werkzaam als senior adviseur juridische zaken bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg.
Artikel

Grensoverschrijdend patiëntenverkeer in de Zorgverzekeringswet: is de voorgenomen wijziging van artikel 13 Europeesrechtelijk houdbaar?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2013
Trefwoorden EU-recht, gecontracteerde zorg, grensoverschrijdend patiëntenverkeer, restitutiepolis, zorg in natura
Auteurs Prof. mr. J.W. van de Gronden
SamenvattingAuteursinformatie

    De regering heeft voorgesteld om artikel 13 Zorgverzekeringswet te wijzigen. Het doel hiervan is om zorgverzekeraars de mogelijkheid te bieden om niet-gecontracteerde zorg, ook die ondergaan is in het buitenland, niet te vergoeden. Volgens de regering zou de EU-richtlijn betreffende de toepassing van de rechten van patiënten bij grensoverschrijdende gezondheidszorg dit toestaan. Nagegaan wordt of deze stelling hout snijdt. Bij de auteur bestaat de zorg dat bij onjuiste implementatie van Richtlijn 2011/24 zich vele ingewikkelde Europeesrechtelijke kwesties zullen voordoen. Dit zou ten koste gaan van de patiënt.


Prof. mr. J.W. van de Gronden
Johan van de Gronden is hoogleraar Europees recht aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Prof. dr. H.C.F.J.A. de Waele en mr. K. van der Touw worden hartelijk dank gezegd voor hun waardevolle commentaar. Uiteraard komt hetgeen in dit artikel wordt betoogd alleen voor rekening van de auteur.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.