Zoekresultaat: 10 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie x Jaar 2009 x Rubriek Artikel x
Artikel

Moslimjongeren

De salafi-beweging en de vorming van een morele gemeenschap

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2009
Trefwoorden moslimjongeren, salafisme
Auteurs Martijn de Koning
SamenvattingAuteursinformatie

    Accounts of radicalization and of social movements are often flawed by a static understanding of participation in radical networks. By analyzing the practices of the Salafi movement and its participants in reviving, establishing and nurturing a moral community of true believers I will explore how participation in this movement is sustained. I will show that by teaching young Muslims a particular lifestyle, exemplifying what it means to be a true believer, the Salafi movement tries to establish a position as the moral guardian of the Muslim community. For Muslim youth in this movement the activities are a means to evoke and nurture the experience of belonging and an essential practice for being part of the community of true believers.


Martijn de Koning
Drs. M. de Koning is onderzoeker aan de Radboud Universiteit Nijmegen, post@martijndekoning.com.
Artikel

Hoe ondermijn je het radicale verhaal?

Overheidsbeleid en deradicalisering van Molukse en islamitische radicalen in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2009
Trefwoorden overheid, terrorisme, radicalisering
Auteurs Froukje Demant en Beatrice de Graaf
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we deal with the role of government in encouraging the decline of radical movements. We use the survey of factors promoting decline reported by Demant et al. (2008a). This overview will be further developed regarding the factor ‘official policy strategies’ on the basis of certain concepts taken from discourse analysis, adapted to counterterrorism and deradicalization strategies by De Graaf in 2009. The question posed is: ‘Which “narrative” can the government tell to encourage the decline of radical groups?’ We will therefore not address the different practical measures in this field, but focus instead on the perception of these official measures by the radicals. We will illustrate this process by means of a case-study: the deradicalization of South Moluccan youths in the 1970s. We will furthermore draw some lines to deradicalization of Jihadist radicals after 2001, also in the Netherlands.


Froukje Demant
Drs. F. Demant is onderzoeker bij de Anne Frank Stichting in Amsterdam, f.demant@annefrank.nl.

Beatrice de Graaf
Dr. B. de Graaf is onderzoeker bij het Centrum voor Terrorisme en Contraterrorisme van de Universiteit Leiden – Campus Den Haag, bdegraaf@campusdenhaag.nl.
Artikel

Van probleemmeisje naar delinquente vrouw?

Criminele carrières van residentieel behandelde meisjes, van 12 tot 32 jaar

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2009
Trefwoorden vrouwencriminaliteit, meisjescriminaliteit, hoog-risicomeisjes, delinquente vrouwen
Auteurs Thessa Wong, Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld en Dr. Anne-Marie Slotboom
SamenvattingAuteursinformatie

    Developmental trajectories are estimated of 147 high-risk girls from 12 to 32, based on conviction data. Four trajectories are identified: adolescence-limited, low frequency desisting, high frequency desisting, late onset. Despite their high delinquency risk, only few girls developed a long-term criminal career. Girls in the trajectories differ with regard to intelligence, self-concept, social skills, aggression, personality disorders, and divorced parents. For each trajectory a profile is given, based on type of offences, personality and background characteristics.


Thessa Wong
Th. M.L. Wong MSc is promovendus, afd. strafrecht en criminologie, Vrije Universiteit, Amsterdam. t.wong@rechten.vu.nl.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is hoogleraar methoden en technieken van criminologisch onderzoek, Vrije Universiteit, Amsterdam en senior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Amsterdam. CBijleveld@nscr.nl.

Dr. Anne-Marie Slotboom
Dr. M. Slotboom is universitair docent, afd. strafrecht en criminologie, Vrije Universiteit, Amsterdam. a.slotboom@rechten.vu.nl.
Artikel

Recidive na werkstraffen en na gevangenisstraffen

Een gematchte vergelijking

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2009
Trefwoorden recidive, werkstraf, recidive na werkstraf
Auteurs Hilde Wermink, Mr. dr. Arjan Blokland, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Recidivism after a community service is compared to recidivism after imprisonment in a matched sample of adult Dutch offenders. We use longitudinal, official record data to compare recidivism over a maximum of eight years. ‘Propensity score matching’ and ‘matching by variable’ are used to take selection-effects into account. After a community service offenders turn out to recidivate less than after a prison sanction.


Hilde Wermink
H. Wermink Bsc was (voor dit artikel) junior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Amsterdam. h.wermink@LAW.leidenuniv.nl.

Mr. dr. Arjan Blokland
Mr. dr. A.A.J. Blokland is onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR). ABlokland@nscr.nl.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar criminologie, Universiteit Leiden. p.nieuwbeerta@law.leidenuniv.nl.

Drs. Nikolaj Tollenaar
Drs. N. Tollenaar is junior onderzoeker, Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), Den Haag. n.tollenaar@minjus.nl.
Artikel

Kinderdoding gevolgd door een ernstige poging tot zelfdoding

Drie modaliteiten van geweld

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2009
Trefwoorden kinderdoding, zelfdoding
Auteurs Marieke Liem, Prof. dr. Michiel Hengeveld en Prof. dr. Frans Koenraadt
SamenvattingAuteursinformatie

    Filicide, the murder of a child by a parent, is a dramatic event. The gravity increases when the perpetrator resorts to committing or attempting suicide. It is assessed to what extent filicide-(para)suicides can primarily be understood as homicidal or suicidal behaviour, or as a separate category of lethal violence. Parents committing filicide-parasuicide differ from filicidal parents and other suicidal parents in sociodemographic, individual and offence-related characteristics. Filicide-(para)suicide seem to constitute a category of lethal violence, different from both filicides and parasuicides.


Marieke Liem
M.C.A. Liem Msc, MPhil is promovendus, Willem Pompe Instituut voor Strafrechtswetenschappen en Criminologie, Universiteit Utrecht. m.liem@uu.nl.

Prof. dr. Michiel Hengeveld
Prof. dr. M.W. Hengeveld is hoogleraar psychiatrie, Erasmus MC, Rotterdam. m.w.hengeveld@erasmusmc.nl.

Prof. dr. Frans Koenraadt
Prof. dr. F.A.M.M. Koenraadt is hoogleraar forensische psychologie, Universiteit Utrecht. F.A.M.M.Koenraadt@uu.nl.
Artikel

Wie kwaad doet, kwaad ontmoet?

Over de samenhang van slachtofferschap en daderschap

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2009
Trefwoorden slachtofferschap, daderschap
Auteurs Carin Reep en Ko Oudhof
SamenvattingAuteursinformatie

    How many criminal suspects become victims themselves? A high correlation of offence and victimisation is to be expected because of a marked similarity between offenders and victims. We assume that offenders strongly fulfil the lifestyle and environment criteria, associated with an increased risk of victimisation. By studying self-reported victimisation data from 39.978 respondents, matched to registered criminal suspects, we verified our assumption that criminal suspects are at considerably higher risk of being victims. This correlation is especially high for crimes of violence and for people suspected of multiple crimes.


Carin Reep
Ir. C.M.M. Reep is statistisch onderzoeker, Centraal Bureau voor de Statistiek. cbgh@cbs.nl.

Ko Oudhof
Drs. J. Oudhof is senior statistisch onderzoeker, Centraal Bureau voor de Statistiek. kodf@cbs.nl.
Artikel

StatRec: inschatting van het recidivegevaar van verdachten van een misdrijf

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2009
Trefwoorden StatRec, recidiverisico, recidivekans
Auteurs Dr. Bouke Wartna, Drs. Nikolaj Tollenaar en Prof. dr. Stefan Bogaerts
SamenvattingAuteursinformatie

    Using data from judicial documentation on adult adjudicated offenders in the Netherlands, an actuarial risk prediction instrument has been developed. StatRec estimates the four year reconviction rate of adult offenders, based on a limited number of static factors. The metric qualities of the scale are good. StatRec produces a precise estimate of the base rate in the group of individuals with the same combination of background characteristics as the offender. The scale does not use dynamic and situational factors that may influence the risk of reoffending. Taking them into account only slightly enhances the predictive power. StatRec can be used to validate more specific risk assessment tools.


Dr. Bouke Wartna
Dr. B.S.J. Wartna is senior onderzoeker, Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), Den Haag. b.wartna@minjus.nl.

Drs. Nikolaj Tollenaar
Drs. N. Tollenaar is junior onderzoeker, Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC), Den Haag. n.tollenaar@minjus.nl.

Prof. dr. Stefan Bogaerts
Prof. dr. S. Bogaerts is hoogleraar forensische psychologie en victimologie, Universiteit van Tilburg en Katholieke Universiteit Leuven. s.bogaerts@uvt.nl.
Artikel

Empirisch onderzoek in de Nederlandse criminologie

Een inventarisatie van 25 jaar methoden en technieken

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2009
Trefwoorden empirisch onderzoek, criminologisch onderzoek, kwalitatief onderzoek, kwantitatief onderzoek
Auteurs Prof. dr. Joanne van der Leun en Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Based on an analysis of twenty five years of articles in Tijdschrift voor Criminologie, we describe developments in the use of research methods and tools. One of the questions is how and to what extent new techniques are adopted over the years and whether certain sources of data become more or less popular. Almost half of the articles were non-empirical, and of the remainder the majority primarily made use of quantitative research methods. In the second half of the period under study, the use of secondary data, collected and often processed by people other than the researcher in question, became much more prominent. Amongst other elements, international comparative research was scarce, as was the use of experimental designs. About one-third of all empirical articles were based on qualitative research. We give some suggestions to increase variation among the kind of articles published in the journal.


Prof. dr. Joanne van der Leun
Prof. dr. J.P. van der Leun is hoogleraar criminologie, faculteit rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden, j.p.vanderleun@law.leidenuniv.nl.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is hoogleraar methoden en technieken van criminologisch onderzoek, Vrije Universiteit, Amsterdam en senior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), CBijleveld@nscr.nl.
Artikel

Onbedoelde gevolgen van vrijheidsstraffen

Een literatuurstudie

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2009
Trefwoorden vrijheidsstraf, detentieschade, gezondheid, sociaaleconomische positie, literatuuronderzoek
Auteurs Dr. Anja J.E. Dirkzwager, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta en Prof. dr. Jan P.S. Fiselier
SamenvattingAuteursinformatie

    This article reviews Dutch literature on collateral effects of incarceration on various life circumstances: psychological and physical health; social-economic status; well-being of partners of (ex-)prisoners; and well-being of children of (ex-)prisoners. Dutch research is predominantly descriptive and examines life circumstances of the prisoners and their family members during or just after imprisonment. Additionally, almost all Dutch studies, aiming to investigate the causal effects of incarceration on life circumstances, are characterised by methodological shortcomings, such as a lack of a longitudinal design or control groups. Therefore, it is still difficult to draw conclusions on the causal effects of imprisonment on life trajectory.


Dr. Anja J.E. Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Leiden, adirkzwager@nscr.nl.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is senior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Leiden en bijzonder hoogleraar, capaciteitsgroep sociologie, Universiteit Utrecht en onderzoeksschool Interuniversity Center for Social Science Theory and Methodology (ICS), pnieuwbeerta@nscr.nl.

Prof. dr. Jan P.S. Fiselier
Prof. dr. J.P.S. Fiselier is emeritus hoogleraar penologie, vakgroep strafrecht en criminologie, Rijksuniversiteit Groningen, was hoofddocent criminologie/penologie, sectie straf- en procesrecht, Radboud Universiteit Nijmegen en tijdelijk senior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Leiden, J.Fiselier@jur.ru.nl.
Artikel

Psychisch welbevinden van gedetineerde vrouwen in Nederland

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2009
Trefwoorden detentie, vrouwen, psychische gezondheid, gevangeniservaringen
Auteurs Dr. Anne-Marie Slotboom, Drs. Barbara Menting en Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
SamenvattingAuteursinformatie

    Incarcerated women have specific characteristics, needs, health problems, and have different experiences and adjustment problems to prison than men. Based on a survey of 251 female inmates, this paper analyses the association between imported factors, deprivation factors and psychological complaints. Depressive complaints, irritability, and risk of self-harm were all predicted through examination of both imported and deprivation factors. Psychological problems before detention was the most significant imported factor predicting psychological complaints. The most important deprivation factors were treatment by staff and other inmates and environmental stress. Posttraumatic stress complaints were predicted only by imported factors (traumatic events and psychological problems before detention). Next to the importation and deprivation factors, this paper suggests inclusion of a third group of factors: relations with children and family, which may be an independent group of factors in addition to the factors related to the prison environment.


Dr. Anne-Marie Slotboom
Dr. M. Slotboom is universitair docent, afd. strafrecht en criminologie, Vrije Universiteit Amsterdam, a.slotboom@rechten.vu.nl.

Drs. Barbara Menting
B. Menting MsC is aio, afdeling ontwikkelingspsychologie, faculteit psychologie en pedagogiek, Vrije Universiteit Amsterdam, B.Menting@psy.vu.nl.

Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld
Prof. dr. mr. C.C.J.H. Bijleveld is senior onderzoeker, Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), Leiden en hoogleraar methoden en technieken van criminologisch onderzoek, VU, Amsterdam, CBijleveld@nscr.nl.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.