Zoekresultaat: 80 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift RegelMaat x Rubriek Artikel x
Artikel

Hoe de belastingheffer de mens ontdekt

Een praktijkperspectief op de relatie tussen belastingregels en belastinggedrag

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2014
Trefwoorden belastingheffing, gedragsregulering, gedragsbeïnvloeding, communicatie, nudging
Auteurs H.J.M. van Rooij en D. Geurts
SamenvattingAuteursinformatie

    Effectiviteit van belastingwetgeving is niet alleen afhankelijk van de wijze waarop de regels zijn ingericht en worden uitgevoerd door de belastingheffer, maar ook van de instelling en het gedrag van de belastingbetaler. De Belastingdienst zet vanuit deze gedachte niet alleen in op toezicht en handhaving, maar ook op service, ondersteuning en vormen van samenwerking. Inzichten uit gedragswetenschappen zijn hierbij onmisbaar om ervoor te zorgen dat inspanningen effectief zijn en niet averechts uitpakken. De auteurs gaan in op een aantal kenmerken van het gedrag van belastingbetalers (aan wie niets menselijks vreemd blijkt) en de wijze waarop daarmee door de Belastingdienst rekening wordt gehouden bij de uitvoering van zijn taken. Daarnaast besteden ze aandacht aan enige lessen die hieruit ook door de wetgever te trekken zijn.


H.J.M. van Rooij
H.J.M. van Rooij werkt als beleidsadviseur bij het directoraat-generaal Belastingdienst van het ministerie van Financiën en houdt zich bezig met communicatie en de relatie tussen gedrag en beleid.

D. Geurts
D. Geurts werkt als beleidsadviseur bij het directoraat-generaal Belastingdienst van het ministerie van Financiën en houdt zich bezig met communicatie en de relatie tussen gedrag en beleid.
Artikel

Symboolwetgeving: de opkomst, ondergang en wederopstanding van een begrip

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2014
Trefwoorden symboolwetgeving, communicatieve benadering van wetgeving, interactionisme, open normen, democratie
Auteurs Prof. dr. B. van Klink
SamenvattingAuteursinformatie

    De communicatieve benadering van wetgeving heeft aanleiding gegeven tot de nodige wetenschappelijke discussie. In deze bijdrage gaat de auteur nader in op de aangevoerde kritiekpunten. Doel van dit artikel is te bepalen in welke opzichten de communicatieve benadering aanvulling of correctie behoeft. Conclusie is dat het achterliggende democratische ideaal nog steeds relevant is: de wens om burgers meer te betrekken bij de totstandkoming en de uitvoering van wetgeving. Tegelijk moet beter rekenschap worden afgelegd van de processen van in- en uitsluiting waarmee wetgeving onvermijdelijk gepaard gaat. Niet iedereen kan, mag of wil meepraten over de betekenis van de wet, niet elk gezichtspunt kan in het uiteindelijke wetgevende besluit erkenning krijgen.


Prof. dr. B. van Klink
Prof. dr. B. van Klink is hoogleraar Methoden van recht en rechtswetenschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Verzamelwetgeving: meer dan een opeenhoping van wijzigingsvoorstellen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2013
Trefwoorden verzamelwetgeving, voorstel van wet
Auteurs mr. W.A.E. Brüheim
SamenvattingAuteursinformatie

    Verzamelwetgeving lijkt met name in de Eerste Kamer een imagoprobleem te hebben. De bezwaren tegen dit type wetgeving hebben echter veelal slechts betrekking op een klein deel van de wetten die in de praktijk met dit begrip worden aangeduid. In deze bijdrage wordt daarom een scherpere definitie van het begrip verzamelwetgeving voorgesteld. Ook wordt ingegaan op een betrekkelijk recente nota waarin criteria worden gegeven om de opportuniteit te beoordelen van het opnemen van een onderwerp in een verzamelwetsvoorstel.


mr. W.A.E. Brüheim
mr. W.A.E. Brüheim is werkzaam als senior juridisch adviseur en coördinator internationale zaken bij de Kiesraad.
Artikel

Decentraliseren zonder recentralisatiereflex

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2013
Trefwoorden decentralisatie, interbestuurlijke betrekkingen, sociale zekerheid, maatschappelijke ondersteuning
Auteurs J. van den Berg MSc, Mr. dr. J.H. Bosselaar en J. van der Veer MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    De verwachtingen over de uitwerking van decentralisaties in het sociale domein zijn hooggespannen: efficiëntere dienstverlening, een grotere doelmatigheid en meer responsiviteit liggen in het verschiet. Maar zijn deze verwachtingen realistisch? De praktijk leert dat decentralisaties vaak worden gevolgd door recentraliserende maatregelen, waardoor de rijksoverheid de verantwoordelijkheid weer in handen neemt. Bovendien hebben gemeenten de neiging om elkaars beleid te kopiëren, in plaats van er een lokale kleur aan te geven. In deze bijdrage wordt stilgestaan bij deze mechanismen en de vraag hoe hierop kan worden geanticipeerd tijdens de aanstaande decentralisatieoperaties.


J. van den Berg MSc
J. van den Berg, MSc is socioloog en was tot 1 januari 2013 verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. J.H. Bosselaar
Mr. dr. J.H. Bosselaar is onderzoeksmanager bij de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.

J. van der Veer MSc
J. van der Veer, MSc is onderzoeker/PhD-kandidaat bij de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Uitvoeringsorganisaties: juridische adviseurs voor de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden uitvoering, uitvoeringsorganisaties, Vreemdelingenwet 2000, procesvertegenwoordiging
Auteurs Mr. ir. M. Petsch en Mr. N.Th. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    Wet- en regelgever zijn gebaat bij een juridische terugkoppeling vanuit de praktijk. De focus ligt op de advisering van rechter naar wetgever. Onderbelicht is de rol van landelijke uitvoeringsorganisaties. Zij zijn belast met de uitvoering van wet- en regelgeving op een specifiek terrein en partij bij alle rechtsgeschillen op dat terrein. Daardoor hebben ze een goed beeld van onvolkomenheden in regelgeving. Tot hun verantwoordelijkheid behoort ervoor te zorgen dat zij te allen tijde rechtmatig handelen, juridisch in control zijn. Met systematische jurisprudentieanalyses kunnen uitvoeringsorganisaties een bijdrage leveren aan een kwalitatieve verbetering van wet- en regelgeving. Zo vormen zij een zekere brugfunctie tussen rechtspraak en wetgever.


Mr. ir. M. Petsch
Mr. ir. M. Petsch is senior procesvertegenwoordiger bij de IND. m.petsch@ind.minvenj.nl

Mr. N.Th. van Schelven
Mr. N.Th. van Schelven is directeur Procesvertegenwoordiging bij de IND. nt.schelven@ind.minvenj.nl
Artikel

Ultima ratio legis: het Hof of de nationale wetgever?

Over de constitutionele balans tussen wetgever en rechter bij het verwerkelijken van Europese mensenrechten

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden toetsing aan EVRM door wetgever en rechter, Brighton Declaration, directe werking verdragsrecht, artikel 93 Grondwet, artikel 94 Grondwet, wetsvoorstel-Taverne
Auteurs Prof. mr. E.C.M. Jurgens
SamenvattingAuteursinformatie

    De spanning tussen de rol van de wetgever en die van de rechter bij het implementeren van mensenrechten kan niet worden opgelost door het geven van het laatste woord aan een van hen. Het Hof in Straatsburg heeft zo’n laatste woord, omdat wijziging van het EVRM zeer moeilijk is. De Raad van Europa heeft in de Brighton Verklaring van 2012 voorstellen gedaan om de interpretatieruimte van het Hof enigszins in te tomen. In Nederland wil het initiatiefvoorstel Taverne de bevoegdheid van de nationale rechter afschaffen om direct te toetsen aan het EVRM, dit door wijziging van artikel 93 en 94 Grondwet. De beide voorstellen worden in deze bijdrage besproken.


Prof. mr. E.C.M. Jurgens
Prof. mr. Jurgens is emeritus hoogleraar staatsrecht (Universiteit Maastricht en Vrije Universiteit Amsterdam), oud-lid van de Eerste en van de Tweede Kamer en oud-lid van de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa, alsmede oud-redacteur van RegelMaat. ejurgens@xs4all.nl
Artikel

Onbekend maakt onbemind

Naar betere communicatie tussen wetgever en rechter

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden toelichting wetsvoorstel, taken en bevoegdheden van de rechter, rechtsvorming, wetsvoorstel-Taverne, toetsingsverbod, artikel 93 Grondwet, artikel 94 Grondwet, wetgevingsadvisering, wetgevingsbevel
Auteurs Prof. dr. mr. E. Bauw
SamenvattingAuteursinformatie

    Terwijl de samenleving sterk is veranderd en – onder invloed daarvan – ook de politieke en staatkundige verhoudingen in beweging zijn, is de manier waarop wetgever en rechter met elkaar communiceren nauwelijks gewijzigd. Dat lijkt steeds vaker tot een verkeerd begrip van elkaars rol en positie te leiden. Het wetsvoorstel Taverne is daar een goed voorbeeld van. In deze bijdrage wordt eerst ingegaan op die rol en positie en vervolgens op de vraag hoe de communicatie tussen wetgever en rechter kan worden verbeterd. Ideeën en voorstellen zijn er genoeg, maar de uitvoering is problematisch.


Prof. dr. mr. E. Bauw
Prof. dr. mr. E. Bauw is hoogleraar rechtspleging aan de Universiteit van Amsterdam, tevens hoofd juridische kwaliteit, wetgevingsadvisering en internationale samenwerking bij de Raad voor de rechtspraak en raadsheer-plaatsvervanger in de gerechtshoven Arnhem-Leeuwarden en Den Haag. e.bauw@rechtspraak.nl
Artikel

Artikel 8 EVRM: proportionaliteit en verwerking van persoonsgegevens

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden bescherming persoonsgegevens, proportionaliteit, EHRM, dataprotectierichtlijn, wetgevingsproces
Auteurs Prof. mr. L.F.M. Verhey en Mr. M.W. Raijmakers
SamenvattingAuteursinformatie

    Indien ontwerpwetgeving leidt tot de verwerking van persoonsgegevens, moet de wetgever in veel gevallen een toets uitvoeren aan artikel 8 EVRM en het relevante EU-recht. Bij die toets draait het vaak om de vraag of de beperkende maatregel voldoet aan het proportionaliteitsvereiste. In de Straatsburgse rechtspraak is de proportionaliteit een paraplu waaronder uiteenlopende waarborgen worden geschaard. De complexiteit en veelomvattendheid van de proportionaliteitstoets werken door op nationaal niveau. De wijze waarop de proportionaliteitstoets door de Nederlandse wetgever wordt verricht, is wisselvallig. Soms vindt een expliciete toetsing plaats in het kader van artikel 8 EVRM, vaak is dat ook niet het geval.


Prof. mr. L.F.M. Verhey
Prof. mr. L.F.M. Verhey is hoogleraar Kirchheiner leerstoel aan de Universiteit Leiden en Staatsraad bij de Afdeling advisering van de Raad van State. l.f.m.verheij@law.leidenuniv.nl

Mr. M.W. Raijmakers
Mr. M.W. Raijmakers is sectorhoofd directie Advisering bij de Raad van State. m.raijmakers@raadvanstate.nl
Artikel

Evenredigheid in het EU-recht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden evenredigheidsbeginsel, rechtsgrondslag, subsidiariteitsbeginsel, besluitvorming EU, rol nationale parlementen, toetsing HvJ EU
Auteurs Mr. dr. R.H. van Ooik
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage behandelt de functie die het evenredigheidsbeginsel speelt als toetsingsmaatstaf voor de instellingen van de Europese Unie wanneer zij bindende regelgeving uitvaardigen. Daartoe wordt eerst de omschrijving van dit beginsel in het Europese recht onderzocht, alsmede de verhouding van het evenredigheidsbeginsel tot de nauw verwante beginselen van toedeling van bevoegdheden en subsidiariteit. Daarna gaat het om de vraag wie, tijdens het totstandkomingproces van EU-regelgeving, invloed hebben op de beslissing of EU-regelgeving ‘evenredig’ is. Vervolgens wordt uitvoerig gekeken naar de rechtspraak van het Hof van Justitie van de EU over toetsing van Europese regelgeving aan het evenredigheidsbeginsel. Daarna kunnen conclusies worden getrokken over de van die rechtspraak uitgaande normerende werking op de besluitvormende EU-instellingen.


Mr. dr. R.H. van Ooik
Mr. dr. R.H. van Ooik is universitair hoofddocent Europees recht aan de Universiteit van Amsterdam. r.h.vanooik@uva.nl
Artikel

Het proportionaliteitsbeginsel in het wetgevingsbeleid

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2013
Trefwoorden proportionaliteit, wetgevingsbeleid, rechtsbeginselen, afwegingskader, wetgevingskwaliteit
Auteurs Mr. M.Tj. Bouwes
SamenvattingAuteursinformatie

    Proportionaliteit van wetgeving omvat zowel de rechtvaardiging van overheidsinterventie als de keuze van het middel ter bereiking van het doel en de effectiviteit van de maatregel. De bijdrage plaatst de proportionaliteitsvraag in de sleutel van de rechtsstaat en de bescherming van burgerlijke vrijheden. Beperken van vrijheidsrechten en ingrijpen in wezenlijke elementen van de maatschappelijke ordening mogen niet verder gaan dan noodzakelijk ter bereiking van een legitiem doel. Het proportionaliteitsbeginsel als toetssteen voor wetgeving is evenwel problematisch omdat maatschappelijke en politieke oordelen over de wenselijkheid van wetgevend optreden evenzeer meespelen en legitiem zijn. In deze bijdrage wordt uiteengezet dat desondanks proportionaliteit en daarmee ook politieke afwegingen over noodzaak en inhoud van een wettelijke maatregel door de rechter kunnen worden getoetst.


Mr. M.Tj. Bouwes
Mr. M.Tj. Bouwes is hoofd van de sector wetgevingskwaliteitsbeleid van de directie Wetgeving en Juridische Zaken van het ministerie van Veiligheid en Justitie. m.tj.bouwes@minvenj.nl
Artikel

Sectorspecifiek mededingingsrecht en fusietoetsing

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2013
Trefwoorden fusietoets, aanmerkelijke marktmacht, mededinging, toezicht, sectorspecifiek
Auteurs Prof. mr. W. Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Nederland kent naast het algemene op Europese leest geschoeide mededingingsregime dat wordt gehandhaafd door de Autoriteit Consument en Markt (ACM) een aantal sectorspecifieke regimes, die deels eveneens door de ACM, maar ook deels door andere toezichthouders worden gehandhaafd. Het algemene regime dat geldt ten aanzien van de mededingingsbeperkende afspraken, misbruik van economische machtsposities en fusies wordt voor een aantal sectoren aangevuld met een regime ten aanzien van aanmerkelijke marktmacht (AMM), dat het mogelijk maakt om verplichtingen op te leggen teneinde mededingingsproblemen te voorkomen. Bovendien kent een aantal sectorregimes een eigen – doorgaans aanvullende – fusietoets. Deze bijdrage beschrijft het sectorspecifieke mededingingsrecht met de nadruk op de verschillende vormen van fusietoetsing en hun samenhang met het commune mededingingsregime.


Prof. mr. W. Sauter
Prof. mr. W. Sauter is werkzaam bij de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) en het Tilburg Law and Economics Center (TILEC). wsauter@nza.nl
Artikel

Over verwatering en politisering van het mededingingstoezicht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2013
Trefwoorden mededinging, toezicht, publieke belangen, politisering, ACM
Auteurs Prof. dr. B.E. Baarsma
SamenvattingAuteursinformatie

    Het mededingingstoezicht is volop in beweging en daarin schuilen kansen, maar ook bedreigingen. De binnenlandse omgeving is het afgelopen decennium vijandig geweest ten aanzien van marktwerking en mededinging. Tegelijk ziet het ernaar uit dat de toezichthouder zich heeft aangepast aan de veranderende omgeving, en heeft hij aangegeven ook andere publieke belangen dan mededinging te willen meewegen in de beoordeling van concentraties, kartels en misbruikzaken. Hierin schuilt het gevaar van verwatering en verdere politisering van het mededingingstoezicht.


Prof. dr. B.E. Baarsma
Prof. dr. B.E. Baarsma is algemeen directeur van SEO Economisch Onderzoek en bijzonder hoogleraar Marktwerking- en mededingingseconomie aan de Faculteit Economie en Bedrijfskunde van de Universiteit van Amsterdam. b.baarsma@seo.nl
Artikel

De wetgever als keuzearchitect

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2013
Trefwoorden gedragsregulering, evidence-based wetgeven, irrationaliteit, nudging, new governance
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    Wie de wet niet louter gebruikt om bestaande normen, zeden en gewoonten te codificeren, maar ook om gedrag te modificeren, zal rekening moeten houden met kennis uit de gedragswetenschappen. Met name gedragseconomisch onderzoek richt zich in toenemende mate op voorspelbaar irrationeel keuzegedrag van burgers. Zogeheten nudges of slimme prikkels worden voorgesteld om het gedrag van burgers te reguleren. De vraag is echter hoe evidence-based nudges zijn, in hoeverre ze wetgeving overbodig maken en of de wetgever überhaupt wel rekening wenst te houden met wetenschappelijke inzichten. In deze bijdrage wordt betoogd dat (wetgevings)juristen veel kunnen leren van recente inzichten uit gedragswetenschappelijk onderzoek, maar dat we er tegelijkertijd ook geen overspannen verwachtingen van moeten koesteren. Bovendien is het van belang om de normatieve vragen die een rol spelen bij het ‘manipuleren’ van keuzegedrag niet uit het oog te verliezen.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar theorie en methode van wetgeving aan de Universiteit van Tilburg en redacteur van RegelMaat. r.a.j.vangestel@uvt.nl
Artikel

Inzicht in gedrag voorwaarde voor goede wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2013
Trefwoorden gedragsmechanismen, gedragsinzichten in overheidsbeleid, keuzearchitectuur, framing, gedragscontracten en implementatie-intenties
Auteurs P. Jonkers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur in hoofdlijnen een aantal belangrijke inzichten in achtergronden van bewust en onbewust gedrag en gaat in op gedragsmechanismen die een rol spelen in effectieve beleidsinstrumenten. Vervolgens bespreekt zij de wijze waarop actief gestuurd kan worden met de nieuwe inzichten – al of niet met nieuwe, alternatieve instrumenten –mogelijke belemmeringen om gedragsinzichten te verwerken in wetgeving, en hoe met die belemmeringen kan worden omgegaan.


P. Jonkers
Dr. P. Jonkers is politicoloog en rechtssocioloog en werkzaam bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. In 2009 werkte ze mee aan de redactie van de WRR-publicatie De menselijke beslisser. Voor het Integraal Afwegingskader (zie <www.naarhetiak.nl>) schreef zij teksten over gedrag, die ook verwerkt zijn in dit artikel. jonkers@wrr.nl
Artikel

Een beter Bkmw door een gesimuleerde rechtszaak?

Ervaringen met een nieuw toetsingsinstrument bij wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Kaderrichtlijn Water, Bkmw, wetgevingskwaliteit, toetsing, simulatie
Auteurs Dr. C.G. Le Blansch en Drs. M.S. Thijssen
SamenvattingAuteursinformatie

    Om de houdbaarheid en werkbaarheid te toetsen van juridische implementatie van de Kaderrichtlijn Water door middel van het Bkmw vond op initiatief van het ministerie van VROM een gesimuleerde rechtszaak plaats. Nieuw hieraan was dat nog vóórdat sprake was van vigerende wetgeving een gesimuleerde rechterlijke toets werd gevraagd met het oog op het voorkomen van onbedoelde effecten. Evaluatie van de ervaringen leert dat het instrument van de gesimuleerde rechtszaak duidelijk potentie heeft, zowel qua verbetering van de wetgeving en het voorkomen van misinterpretaties en dure reparatiewetgeving als qua toegenomen vertrouwen tussen maatschappelijke partijen. Ook zijn aandachts- en verbeterpunten gesignaleerd voor een – door de auteurs aanbevolen – verdere inzet van het instrument.


Dr. C.G. Le Blansch
Dr. C.G. Le Blansch is directeur van Bureau KLB, Onderzoek Advies Proces. klb@bureauklb.nl

Drs. M.S. Thijssen
Drs. M.S. Thijssen is werkzaam bij het ministerie van Infrastructuur en Milieu en was als projectleider betrokken bij de implementatie van de Kaderrichtlijn Water. martijn.thijssen@minienm.nl
Artikel

De Omgevingswet in Europeesrechtelijk perspectief

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Omgevingswet, Wabo, Europees recht
Auteurs Mr. B.A. Beijen
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel staat de vraag centraal of de nieuwe Omgevingswet gemodelleerd kan en moet worden naar het Europese milieurecht en of dit de implementatie van nieuwe Europese richtlijnen in de toekomst eenvoudiger zal maken. Problematisch daarbij is met name dat het Europese milieurecht geen compleet en samenhangend systeem vormt. Bovendien laten sectorale richtlijnen zich niet altijd makkelijk in een integrale wet omzetten en stellen verplichtingen uit Europese richtlijnen grenzen aan de mogelijkheid om een integraal toetsingskader voor vergunningen te hanteren.


Mr. B.A. Beijen
Mr. B.A. Beijen is werkzaam als docent/onderzoeker bij de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht. b.a.beijen@uu.nl
Artikel

Verbindende regels

Kansen voor meer samenhang binnen het omgevingsrecht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Omgevingswet, omgevingsrecht, integratie, stroomlijning, deregulering
Auteurs Mr. H.W. de Vos
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel gaat over de mogelijkheden die de nieuwe Omgevingswet biedt om uiteenlopende regels binnen het bestaande omgevingsrecht met elkaar te verbinden. Het vergroten van de inzichtelijkheid, de voorspelbaarheid en het gebruiksgemak van het omgevingsrecht is een belangrijk doel van de wetgevingsoperatie. In dit artikel staat het ontwerpproces centraal. Wat is het vertrekpunt van de nieuwe regelgeving, welke regels kunnen gestroomlijnd worden, hoe ontstaat er meer samenhang in het begrippenkader, de juridische instrumenten en de wijze van normstelling? Daarmee wordt tevens inzicht geboden in de vele keuzes die zullen moeten worden gemaakt binnen het ontwerpproces van de nieuwe regelgeving.


Mr. H.W. de Vos
Mr. H.W. de Vos is werkzaam bij de hoofddirectie bestuurlijke en juridische zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu en is betrokken bij de totstandkoming van de Omgevingswet. wilco.de.vos@minienm.nl
Artikel

Integraal en flexibel omgevingsrecht – droom of drogbeeld?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2012
Trefwoorden positieve evenredigheid, integraal vergunningenstelsel, flexibiliteit, trias politica
Auteurs Prof. dr. Ch.W. Backes
SamenvattingAuteursinformatie

    Een belangrijke drijfveer tot ontwikkeling van een Omgevingswet was het scheppen van een integraal en flexibel toetsingskader voor toestemmingsplichtige activiteiten. Het werken met één integraal criterium, bijvoorbeeld ‘een duurzame leefomgeving’, heeft inderdaad enige toegevoegde waarde, maar dit criterium moet dan wel door specifiekere normen geconcretiseerd worden. De regering wil daarentegen vooralsnog afzien van een dergelijk integraal criterium. Integraliteit en flexibiliteit moeten worden bereikt door de introductie van een niet-generieke afwijkingsmogelijkheid van in beginsel alle normen (‘positieve evenredigheid’). Een dergelijke afwijkingsmogelijkheid is echter in strijd is met de trias politica, de rechtszekerheid en het beginsel van materiële legaliteit. De regering zit dus op de verkeerde weg.


Prof. dr. Ch.W. Backes
Prof. dr. Ch.W. Backes is hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit Maastricht. chris.backes@maastrichtuniversity.nl
Artikel

Feitenloze politiek in het wetgevingsproces?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2012
Trefwoorden fact free politics, logos, ethos, pathos, rationaliteiten
Auteurs Prof. dr. R.A. Koole
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage betoogt de auteur dat fact free politics in zekere zin van alle tijden is, maar dat de huidige discussie daarover raakt aan de veranderde rol van emotie in de politiek. Vervolgens wordt vanuit dit perspectief stilgestaan bij de verschillende rationaliteiten die spelen bij het wetgevingsproces en wordt een pleidooi gehouden om de besluitvorming over wetten vooral als een eigenstandig politiek proces te beschouwen en te onderzoeken.


Prof. dr. R.A. Koole
Prof. dr. R.A. Koole is hoogleraar Politieke Wetenschappen aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Tegen dovemansoren?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2012
Trefwoorden strafrechtswetenschap, antiterrorismewetgeving, crime complex, social media
Auteurs Mr. dr. M.A.H. van der Woude
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaat de auteur, mede aan de hand van de casus van de antiterrorismewetgeving, nader in op de vraag wat de betekenis is van de strafrechtswetenschap bij de totstandkoming van nieuwe wet- en regelgeving op het terrein van orde en veiligheid. Haar standpunt is dat de rol van de strafrechtswetenschap binnen het wetgevingsproces tegenwoordig te beperkt is en geoptimaliseerd zou kunnen worden. Hierbij worden de strafrechtswetenschapper en de strafwetgever niet alleen in de schijnwerpers gezet, maar wordt ook de belangrijke en onlosmakelijke band tussen beiden benadrukt.


Mr. dr. M.A.H. van der Woude
Mr. dr. M.A.H. van der Woude is werkzaam als universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 80 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.