Zoekresultaat: 9 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift RegelMaat x Rubriek Artikel x
Artikel

Algemene aspecten van de Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2014
Trefwoorden belastingrecht, bestuursrecht, rechtsbescherming, elektronisch bestuurlijk verkeer
Auteurs Prof. mr. M. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het wetsvoorstel Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst, dat door de staatssecretaris van Financiën in de zomer van 2013 is ingediend bij de Tweede Kamer. Het voorstel bevat twee componenten: een wijziging van de procedure voor het opleggen van een aanslag en de rechtsbescherming daartegen en de invoering van verplicht digitaal verkeer tussen de belastingplichtigen en de Belastingdienst. De voorstellen hangen met elkaar samen: digitaal verkeer vraagt om een eenvoudiger aanslagprocedure, die meer ruimte voor ‘informele’ correcties biedt. Beide voorstellen hebben bredere betekenis voor het bestuursrecht. De auteur gaat in op hun merites, zowel voor de fiscaliteit als voor het algemene bestuursrecht.


Prof. mr. M. Scheltema
Prof. mr. M. Scheltema is regeringscommissaris voor algemene regels van bestuursrecht.
Artikel

Uitvoeringsorganisaties: juridische adviseurs voor de wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden uitvoering, uitvoeringsorganisaties, Vreemdelingenwet 2000, procesvertegenwoordiging
Auteurs Mr. ir. M. Petsch en Mr. N.Th. van Schelven
SamenvattingAuteursinformatie

    Wet- en regelgever zijn gebaat bij een juridische terugkoppeling vanuit de praktijk. De focus ligt op de advisering van rechter naar wetgever. Onderbelicht is de rol van landelijke uitvoeringsorganisaties. Zij zijn belast met de uitvoering van wet- en regelgeving op een specifiek terrein en partij bij alle rechtsgeschillen op dat terrein. Daardoor hebben ze een goed beeld van onvolkomenheden in regelgeving. Tot hun verantwoordelijkheid behoort ervoor te zorgen dat zij te allen tijde rechtmatig handelen, juridisch in control zijn. Met systematische jurisprudentieanalyses kunnen uitvoeringsorganisaties een bijdrage leveren aan een kwalitatieve verbetering van wet- en regelgeving. Zo vormen zij een zekere brugfunctie tussen rechtspraak en wetgever.


Mr. ir. M. Petsch
Mr. ir. M. Petsch is senior procesvertegenwoordiger bij de IND. m.petsch@ind.minvenj.nl

Mr. N.Th. van Schelven
Mr. N.Th. van Schelven is directeur Procesvertegenwoordiging bij de IND. nt.schelven@ind.minvenj.nl
Artikel

Toetsing in het wetgevingsproces versterkt

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2012
Trefwoorden constitutionele toetsing, grondrechten
Auteurs Prof. mr. R.J.B. Schutgens
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de adviezen van de Nationale conventie en de Staatscommissie Grondwet en naar aanleiding van het (nog aanhangige) voorstel-Halsema wordt in deze bijdrage de constitutionele toetsing door de wetgever opnieuw aan een beschouwing onderworpen. Daarbij is vooral aandacht voor de toetsing aan de grondrechten. Er komen verschillende manieren aan bod om de toetsing tijdens de wetsprocedure te versterken: verbeteringen in de wetgevingsadvisering door de Raad van State; de instelling van een algemene Kamercommissie voor grondrechten en constitutionele toetsing naar Brits voorbeeld; een kritischere en onafhankelijke rol voor de Kamers ten opzichte van de regering; het vaststellen van een toetsingskader waarin regering, Staten-Generaal en Raad van State gezamenlijk vastleggen aan welke materiële normen zij (nader) toetsen bij toetsing aan de Grondwet. Tot slot wordt betoogd dat de rechter de kwaliteit van de toetsing in de wetsprocedure kan bevorderen door bij zijn toetsing aan de verdragsgrondrechten de toetsing door de wetgever kritisch te beoordelen.


Prof. mr. R.J.B. Schutgens
Prof. mr. R.J.B. Schutgens is hoogleraar Algemene rechtswetenschap aan de Radboud Universiteit Nijmegen. r.schutgens@jur.ru.nl
Artikel

Compliance by design

Het inbouwen van regelgeving in bedrijfsprocessen en informatiesystemen

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2012
Trefwoorden procesanalyse, business process management, compliance by design, toezicht
Auteurs Dr. J. Hulstijn
SamenvattingAuteursinformatie

    Het naleven van regelgeving en het toezicht daarop steunen op informatieverwerking. Informatiesystemen worden ingezet voor het verzamelen en beoordelen van bewijs dat men aan de regels voldoet, maar ze worden ook steeds vaker ingezet om gedrag te beïnvloeden. Bedrijfsprocessen en informatiesystemen worden dan zo ontworpen dat men als vanzelf aan de regels voldoet: ‘compliance by design’. In deze bijdrage wordt besproken op welke wijze algemene regelgeving kan worden vertaald in specifieke eisen en definities voor informatiesystemen. Het zet een stappenplan uit voor een juridische procesanalyse en benoemt enkele aandachtspunten die juridische experts kunnen helpen te zorgen dat het resulterende proces effectief is en rechtmatig. Toepassing van het stappenplan wordt geïllustreerd aan de hand van voorbeelden.


Dr. J. Hulstijn
Dr. J. Hulstijn is universitair docent bij de faculteit Techniek, Bestuur en Management van de Technische Universiteit Delft en coördinator van de nieuwe master’s opleiding Compliance Management. j.hulstijn@tudelft.nl
Artikel

De Wet NErpe: een onmisbare papieren tijger?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2010
Trefwoorden toezicht, taakverwaarlozing, aanwijzing, verhaalsrecht, publieke entiteiten, Europees recht
Auteurs Mr. R.J.M. van den Tweel
SamenvattingAuteursinformatie

    Met de Wet NErpe wordt een instrumentarium geïntroduceerd dat de nodige complicaties en rechtsvragen zal oproepen, omdat een schending van Europees recht vaak niet eenduidig is vast te stellen. Niettemin zal het effectief kunnen bijdragen aan het beoogde tweeledige doel: vooral met het verhaalsrecht beschikt de rijksoverheid over een instrument om te voorkomen dat Nederland financieel nadeel lijdt als gevolg van een schending van Europees recht door een publieke entiteit. Bovendien draagt de dreiging van inzet van dit instrumentarium, óók in de fase voordat de Europese Commissie Nederland heeft aangesproken, bij aan de naleving van het Europese recht.


Mr. R.J.M. van den Tweel
Mr. R.J.M. van den Tweel is advocaat bij Pels Rijcken & Droogleever Fortuijn advocaten en notarissen te Den Haag.
Artikel

De voorgeschiedenis van het wetsontwerp NErpe als bijdrage aan de discussie

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2010
Trefwoorden Europees recht, decentrale overheden, taakverwaarlozingsregeling, eigen verantwoordelijkheid, inbreukprocedure
Auteurs Prof. dr. B. Hessel
SamenvattingAuteursinformatie

    In de bijdrage wordt ingegaan op de voorgeschiedenis van het wetsontwerp NErpe en de standpunten van ambtelijke commissies zoals de ICER, koepels van decentrale overheden en beoefenaren van het Europees recht, of de voortschrijdende Europese integratie vraagt om zwaardere toezichtinstrumenten van het rijk op de decentrale overheden. De standpunten hadden met name betrekking op de vraag of de bestaande taakverwaarlozingsregeling uit de Provinciewet en Gemeentewet moet worden uitgebreid om de minister een effectief instrument te geven in geval van een inbreukprocedure door de Commissie. Deze door beoefenaren van het Europese recht bepleite verzwaring stuitte bij koepels en ambtelijke commissies op weerstand omdat zij afbreuk doet aan: (1) de traditionele bestuurlijke verhoudingen in het Huis van Thorbecke; en (2) de eigen verantwoordelijkheid van decentrale overheden voor de nakoming van het Europese recht. De twijfel aan de noodzaak van zo’n taakverwaarlozingsregeling werd uiteindelijk na vier jaar weggenomen door het standpunt van het kabinet-Balkenende II. Tegen die achtergrond is de auteur van mening dat het wetsontwerp NErpe te ver doorschiet door de minister niet alleen bij een inbreukprocedure een zelfvoorzieningsrecht te geven, maar ook wanneer decentrale overheden in het algemeen hun Europese verplichtingen niet nakomen. Het Europese beginsel van gemeenschapstrouw benadrukt de eigen verantwoordelijkheid van decentrale overheden voor het nakomen van Europees recht en hun kritische onafhankelijkheid van het rijk. Die eigen verantwoordelijkheid mag alleen opgeofferd worden in de noodsituatie en onder de tijdsdruk van een inbreukprocedure.


Prof. dr. B. Hessel
Prof. dr. B. Hessel is bijzonder hoogleraar Europees recht en decentrale overheden, wetenschappelijk adviseur van het Kenniscentrum Europa decentraal en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De rechter als regelgever

Over rechtersregelingen en rechtsvorming door de (bestuurs)rechter

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2010
Trefwoorden rechtersregeling, rechtsvorming, rechterlijk beleid, beleidsruimte, interpretatieruimte
Auteurs Mr. dr. J.C.A. de Poorter
SamenvattingAuteursinformatie

    De rechter voert in zekere zin beleid wanneer hij het recht bedrijft. Dit beleid is vaak neergelegd in niet als zodanig voor de rechtsgemeenschap kenbare, richtinggevende afspraken. De rechtsgemeenschap komt die slechts op het spoor door het bestuderen van de jurisprudentie. In andere gevallen neemt het beleid echter de vorm aan van in voor de rechtsgemeenschap kenbare beleidsregels, neergelegde afspraken. Vanuit rechtsstatelijke optiek zijn dergelijke rechtersregelingen niet zonder meer problematisch. Zeker niet waar de rechter enige beleidsruimte wordt gelaten. Wel vergt het openbaar maken van rechtersregelingen telkens een afweging van belangen van rechtszekerheid en rechtsgelijkheid tegenover het belang van de individuele rechtsbedeling. Wanneer de rechter niet over beleidsruimte, maar over enige mate van interpretatieruimte beschikt, lijkt een rechtersregeling minder aangewezen. De rechter spreekt in dergelijke gevallen door middel van zijn uitspraken.


Mr. dr. J.C.A. de Poorter
Mr. dr. J.C.A. de Poorter is raadadviseur bij de Raad van State. J.dePoorter@RaadvanState.nl
Artikel

Over uitvoerbaarheid en spontane naleving van het IAK

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Vertrouwen in wetgeving, integraal afwegingskader, Tafel van Elf, U&H-toets, uitvoeringstoets
Auteurs Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem
SamenvattingAuteursinformatie

    In de nota Vertrouwen in wetgeving kondigt de minister van Justitie de komst aan van het integrale afwegingskader (IAK). Een onderdeel van het IAK is de uitvoeringstoets. In deze bijdrage wordt het IAK zelf onderworpen aan de uitvoeringstoets. Uit deze uitvoeringstoets blijkt dat de kans op spontane naleving van het IAK nogal gering is. Maar wellicht is er te weinig rekening gehouden met de nieuwe werkelijkheid die met de invoering van het IAK mogelijk zal gaan bestaan. Die nieuwe werkelijkheid zou, bijvoorbeeld, kunnen ontstaan wanneer het IAK de beleids- en wetgevingsnormering niet alleen meer toegankelijk en hanteerbaar maakt, maar ook meer verplichtend.


Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem
Mr. drs. P.J.P.M. van Lochem is rector van de Academie voor Wetgeving. p.vanlochem@acwet.nl
Artikel

De BES-eilanden, de Grondwet en het Europese recht

Over constitutionele en Europeesrechtelijke consequenties van de handhaving van de LGO-status van de BES-eilanden

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2009
Trefwoorden LGO-status, openbaar lichaam, BES-eilanden, afwijking Grondwet
Auteurs Mr. H.G. Hoogers
SamenvattingAuteursinformatie

    De ontmanteling van het land Nederlandse Antillen zal erin resulteren dat de huidige drie eilandgebieden Bonaire, St. Eustatius en Saba als bijzondere openbare lichamen ex artikel 134 Grondwet deel van Nederland worden. Die invoeging in het Nederlandse staatsverband zal, zo is het voornemen van de betrokken partijen, niet leiden tot een verandering in de Europeesrechtelijke status van de drie eilanden: zij blijven behoren tot de zogeheten landen en gebieden overzee (LGO). Uit het behoud van de LGO-status vloeit echter niet per se voort dat grote delen van het Nederlandse recht van Europese oorsprong niet ingevoerd hoeven te worden: de LGO-status is namelijk een minimumstatus. Voor de vraag welke delen van het (Europese) recht in een bepaalde LGO dienen te gelden naast het recht dat uit de LGO-status zelf voortvloeit, is uiteindelijk nationaal recht doorslaggevend. De Grondwet biedt op dit moment niet de mogelijkheid om delen van het Nederlandse recht (delen van de Grondwet zelf daaronder begrepen) voor delen van Nederland generiek buiten toepassing te laten: als wij inderdaad delen van dat recht (ongeacht of het van Europeesrechtelijke oorsprong is of niet) voor Bonaire, St. Eustatius en Saba buiten toepassing willen laten (en dat is nadrukkelijk de bedoeling), dan zal daarvoor een constitutionele grondslag geschapen moeten worden.


Mr. H.G. Hoogers
Mr. H.G. Hoogers is als universitair hoofddocent verbonden aan de vakgroep staatsrecht en internationaal recht van de Rijksuniversiteit Groningen.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.