Zoekresultaat: 53 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht x Rubriek Artikel x
Artikel

De provinciale Verordening ruimte als instrument voor verduurzaming van de veehouderij

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden provinciale Verordening ruimte, veehouderij, milieunormen, duurzaamheid
Auteurs Mr. P.B. Bokelaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De schaalvergroting en intensivering in de veehouderij hebben met name in de concentratiegebieden geleid tot een verslechtering van het woon- en leefklimaat. In deze bijdrage wordt aan de hand van de jurisprudentie bezien op welke wijze deze verslechtering door middel van de Verordening ruimte kan worden tegengegaan. Vervolgens wordt aan de hand van de Verordening ruimte 2014 van de provincie Noord-Brabant kritisch bezien of het mogelijk is dit verslechterde woon- en leefklimaat te verbeteren en tegelijkertijd de verduurzaming van de veehouderij te bevorderen. Geconcludeerd wordt dat door middel van de algemene regels van de provinciale Verordening ruimte de vestiging en uitbreiding van veehouderijen in aangewezen gebieden kunnen worden beperkt of verboden, zelfs als daarmee wordt afgeweken van een reconstructieplan of wanneer reeds maatregelen zijn getroffen op grond van de regelgeving ter bestrijding van dierziekten. Uit de wetsgeschiedenis valt op te maken dat in de Verordening ruimte ook milieunormen kunnen worden opgenomen, tenzij daardoor strijd ontstaat met andere wetgeving. Daarmee zou de Verordening ruimte in beginsel de mogelijkheid bieden om het woon- en leefklimaat te verbeteren en tevens de duurzaamheid van de veehouderij te bevorderen. Echter, de wijze waarop de milieunormen in de Verordening ruimte 2014 van Noord-Brabant zijn vormgegeven, lijkt – vooral met betrekking tot de normen voor geur en fijn stof – juridisch kwetsbaar. De toekomst zal daarom moeten uitwijzen of de provinciale Verordening ruimte ook een bruikbaar instrument is voor de verduurzaming van de veehouderij.


Mr. P.B. Bokelaar
Mr. P.B. (Peter) Bokelaar is senior (juridisch) beleidsmedewerker bij de directie Duurzaamheid van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Artikel

Gezondheidsrisico’s van veehouderijen

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden veehouderijen, gezondheid, milieunormen, ruimtelijke ordening
Auteurs Mr. P.P.A. Bodden
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de vraag hoe de gezondheidsrisico’s (zoönosen en endotoxinen) van veehouderijen via het omgevingsrecht worden gereguleerd. Daarbij worden achtereenvolgens de jurisprudentie over ruimtelijke besluiten, de jurisprudentie inzake milieubesluiten en te verwachten beleid aan de orde gesteld. Tot slot zal aan de hand van de Q-koortsepidemie worden geïllustreerd hoe het systeem thans werkt.


Mr. P.P.A. Bodden
Mr. P.P.A. (Paul) Bodden is advocaat bij Hekkelman Advocaten & Notarissen te Nijmegen.
Artikel

Burgerparticipatie in het omgevingsrecht

Zet de regulering – nu en in de Omgevingswet – aan tot het instellen van bezwaar en beroep?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden participatie, Omgevingswet, Tracéwet, verkenning
Auteurs mr. drs. C. de Brauw, mr. dr. M. van Amstel-van Saane en Prof. dr. Tj. de Cock Buning
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken burgerparticipatie bij ruimtelijke besluitvorming. Daarbij wordt aandacht besteed aan de achtergrond van burgerparticipatie, de vorderingen die in recente wetgeving zijn gemaakt en de toekomst van burgerparticipatie in de Omgevingswet. Vanuit sociaalwetenschappelijk oogpunt wordt betoogd dat de wettelijke verankering in afdeling 3.4 Awb onvoldoende is. Burgerparticipatie is pas effectief als daadwerkelijk invloed ontstaat bij de participanten worden geactiveerd om deel te nemen en de mogelijkheid krijgen om het beslissingsproces te beïnvloeden.


mr. drs. C. de Brauw
Claar de Brauw is junior onderzoeker bij het Athena Instituut VU Amsterdam en advocaat bij Vos en Vennoten Advocaten te Haarlem.

mr. dr. M. van Amstel-van Saane
Mariette van Amstel-van Saane is assistent professor aan het Athena Instituut van de VU en tevens senior adviseur sociaal maatschappelijk ondernemen bij Schuttelaar en Partners in Den Haag.

Prof. dr. Tj. de Cock Buning
Tjard de Cock Buning is professor ethiek in de aard- en levenswetenschappen bij het Athena Instituut, VU.
Artikel

M.e.r.: Omgevingswetinstrument bij uitstek!

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden m.e.r., toetsversie Omgevingswet, toepassingsbereik, alternatieven
Auteurs mr. drs. G.A.J.M. Hoevenaars
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt het hoofdstuk milieueffectenrapportage uit de toetsversie van de Omgevingswet. Daarbij wordt gereageerd op de bijdrage van Soppe, Gundelach en Witbreuk in TO 2, 2013. Volgens de auteur sluit de m.e.r. goed aan bij de beoogde integraliteit van de instrumenten in de Omgevingswet. Voor de flexibiliteit in instrumenten ligt dit mogelijk complexer. Verder worden het voorgestelde open toepassingsbereik van de regeling, de verplichting alternatieven te onderzoeken en de beoordeling voorafgaand aan de planm.e.r. besproken.


mr. drs. G.A.J.M. Hoevenaars
Gijs Hoevenaars is werkzaam als jurist/werkgroepsecretaris van de Commissie voor de m.e.r. Hij schrijft dit artikel op persoonlijke titel.
Artikel

Instructies in de Omgevingswet: onmisbare beïnvloedingsinstrumenten of overbodige ballast?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Omgevingswet, instructies interbestuurlijk toezicht, aanwijzing, indeplaatsstelling, schorsing en vernietiging
Auteurs Prof. dr. F.P.C.L. Tonnaer
SamenvattingAuteursinformatie

    In het wetsvoorstel voor de Omgevingswet worden de proactieve en reactieve aanwijzingsbevoegdheid uit de Wro overgenomen in de vorm van instructies en instructieregels en van een bredere toepassing voorzien. De auteur betoogt in deze bijdrage dat de instructie geen meerwaarde heeft in de nieuwe wet. Daarbij wordt gewezen op de beperkte toegevoegde waarde ten opzichte van de schorsings- en vernietigingsbevoegdheid en de indeplaatsstelling. Daar waar instructies wel meer mogelijk maken dan deze generieke instrumenten, roept de auteur de vraag op of dat wel wenselijk is in termen van de staatrechtelijke verhoudingen.


Prof. dr. F.P.C.L. Tonnaer
Prof. dr. F.P.C.L. (Frans) Tonnaer is deeltijdhoogleraar omgevingsrecht bij de Open Universiteit en algemeen directeur van Tonnaer Adviseurs in Omgevingsrecht.
Artikel

Het voorstel voor een Omgevingswet – goed voor natuur en milieu?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Omgevingswet, toetsversie, natuur en milieu
Auteurs Prof. dr. Ch.W. Backes
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van de in februari 2013 gepubliceerde toetsversie van de Omgevingswet gaat de auteur in op de gevolgen van het wetsvoorstel voor natuur en milieu. Er worden ook aandachtspunten benoemd die in het belang van natuur en milieu in acht moeten worden genomen bij de uitwerking van de onderliggende regelgeving. Daarbij wordt aandacht besteed aan de algemene systematiek van de wet, de normstelling door de formele wetgever, de projectprocedure, de programmatische aanpak, de rechtsbescherming, de handhaving, de m.e.r. en de zorgplichten in het wetsvoorstel.


Prof. dr. Ch.W. Backes
Prof. dr. Ch.W. (Chris) Backes is hoogleraar bestuursrecht aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

En weer een moderniseringsslag ... Of vormt de Omgevingswet dan toch het eindstation voor een eigentijds m.e.r.-systeem?

Uiteenzetting van de belangrijkste wijzigingen in de m.e.r.-regelgeving ingevolge de Omgevingswet

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Omgevingswet, milieueffectenrapport, project-m.e.r., plan-m.e.r.
Auteurs Mr. dr. M.A.A. Soppe, Mr. J. Gundelach en Mr. drs. H. Witbreuk
SamenvattingAuteursinformatie

    Aan de hand van de toetsversie van februari 2013 beoordelen de auteurs de opname van de m.e.r.-regelgeving in het voorstel voor de nieuwe Omgevingswet. Het wetsvoorstel wordt vergeleken met de bestaande nationale en Europese regelgeving en het voorstel van de Commissie tot wijziging van de m.e.r.-richtlijn. Zowel het toepassingsbereik als de inhoud van de plan- en project-m.e.r. komt aan bod.


Mr. dr. M.A.A. Soppe
Mr. dr. M.A.A. (Marcel) Soppe is werkzaam als advocaat bestuursrecht bij Soppe Gundelach Witbreuk advocaten te Almelo (www.soppegw.nl).

Mr. J. Gundelach
Mevrouw mr. J. (Jade) Gundelach is werkzaam als advocaat bestuursrecht bij Soppe Gundelach Witbreuk advocaten te Almelo (www.soppegw.nl).

Mr. drs. H. Witbreuk
Mr. drs. H. (Heino) Witbreuk is werkzaam als advocaat bestuursrecht bij Soppe Gundelach Witbreuk advocaten te Almelo (www.soppegw.nl).
Artikel

Omgevingswet waterproof?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Omgevingswet, Waterwet, waterbeheer
Auteurs Mr. dr. H.J.M. Havekes en Mr. W.J. Wensink
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind februari jl. verscheen de toetsversie van de concept-Omgevingswet met bijbehorende algemene en artikelsgewijze toelichting. De auteurs bespreken en beoordelen dit voorontwerp vanuit het perspectief van het waterbeheer en de positie van de waterbeheerder. De bestaande Waterwet, waarin die beheerder nu zijn juridisch instrumentarium vindt, vormt daarbij een belangrijke toetssteen.


Mr. dr. H.J.M. Havekes
Mr. dr. H.J.M. (Herman) Havekes is werkzaam bij de Unie van Waterschappen en het Water Governance Centre.

Mr. W.J. Wensink
Mr. W.J. (Willem) Wensink is als coördinator bestuurlijk-juridische zaken werkzaam bij de Unie van Waterschappen.

    Op 1 oktober 2012 is de Wet revitalisering generiek toezicht (Wrgt) in werking getreden. De Wrgt is niet van toepassing op de reactieve en proactieve aanwijzingsbevoegdheid in de Wet ruimtelijk ordening (Wro). Dit is gebaseerd op de (onjuiste) aanname dat de aanwijzingen geen interbestuurlijk toezicht zouden zijn, zoals door de Wrgt wordt gereguleerd. In deze bijdrage wordt beargumenteerd waarom de aanwijzingsbevoegdheden wel tot het interbestuurlijk toezicht behoren. Betoogd wordt dat de reactieve aanwijzing geen meerwaarde heeft ten opzichte van de instrumenten die de Wrgt biedt. In de aankomende Omgevingswet kan de reactieve aanwijzing van Rijk en provincie dan ook worden gemist.


Mr. dr. H.J. de Vries
Mr. dr. H.J. (Henk) de Vries is beleidsadviseur bij de afdeling Managementondersteuning van de provincie Utrecht.
Artikel

De introductie van ecosysteemdiensten in het groene omgevingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2013
Trefwoorden ecosysteemdiensten, Europees recht, natuurbeschermingsrecht, omgevingsrecht, ruimtelijk bestuursrecht
Auteurs Mr. dr. F.H. Kistenkas
SamenvattingAuteursinformatie

    Introductie in het groene omgevingsrecht van het voor de juridische professie nog nieuwe concept van ecosysteemdiensten zal meer duurzame functiecombinaties mogelijk kunnen maken. Voor duurzame gebiedsontwikkeling is een balans van planet-people-profit (3P) nodig. Daarvoor heeft men in plaats van de thans in het omgevingsrecht gebruikelijke toetsing juist weging als rechtsvindingsmethodiek nodig. Daarbij zouden ecosysteemdiensten zeer behulpzaam kunnen zijn. In een duurzaamheidsladder zou wellicht al in de nieuwe Omgevingswet kunnen worden vastgelegd dat een plan of project een 3P-balans en intergenerationale meerwaarde zou moeten bewerkstelligen voor productiediensten, immateriële diensten en voor regulerende en ondersteunende diensten.


Mr. dr. F.H. Kistenkas
Mr. dr. F.H. (Fred) Kistenkas is universitair hoofddocent omgevingsrecht en senior onderzoeker op het onderzoeksinstituut Alterra van Wageningen Universiteit.
Artikel

Waar vinden we het Waddenzeebeleid?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2013
Trefwoorden Waddenzee, natuurbescherming, Barro, Natura 2000
Auteurs Mr. dr. P. Mendelts
SamenvattingAuteursinformatie

    De centrale vraag van deze bijdrage is of en in hoeverre we het Waddenzeebeleid nog moeten zien als ruimtelijke-ordeningsbeleid, of dat het Natuurbeschermingswetkader die rol heeft overgenomen of zal moeten overnemen.De PKB Waddenzee is sinds de inwerkingtreding van de Wro enkel op basis van overgangsrecht van toepassing. Met de definitieve aanwijzing van het gebied als Natura 2000 en het bijbehorende beheerplan in de maak zijn veel functies uit de PKB overgenomen door de nieuwe instrumenten uit het natuurbeschermingsrecht. De Waddenzee wordt ook beschermd op basis van het Besluit algemene regels ruimtelijke ordening. Door het afnemende belang van de PKB binnen het Waddenzeebeleid en de verspreiding van belangrijke elementen over NB-wet 1998-kader en RO-kader dreigt versnippering van de bescherming van de Waddenzee.


Mr. dr. P. Mendelts
Mr. dr. P. (Peter) Mendelts is zelfstandig juridisch adviseur te Leeuwarden en docent bestuursrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

Marktconforme regulering binnen het nieuwe instrumentarium van de Omgevingswet?

Een rechtseconomische beschouwing van het Europese handelssysteem in broeikasgasemissierechten

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden rechtseconomie, broeikasemissierecht, ETS
Auteurs Dr. J. van Zeben
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage biedt een rechtseconomische beschouwing van het Europese emissiehandelssysteem voor broeikasgassen. Daarbij wordt aandacht besteed aan de ontwikkeling van de bevoegdhedenverdeling tussen Europa en de lidstaten, de wijze waarop de bevoegdhedenverdeling functioneert en worden aanbevelingen gedaan voor de toekomstige verdeling van bevoegdheden.


Dr. J. van Zeben
Mevr. dr. J. (Josephine) van Zeben is onderzoeker Europees (milieu)recht en rechtseconomie bij het Amsterdam Center for Environmental Law and Sustainability van de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

De toekomst van nadeelcompensatie in het omgevingsrecht

Ruime reikwijdte van de regeling – beperkte toekenning van schadevergoeding!

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden nadeelcompensatie, Awb, normaal maatschappelijk risico, bijzondere last
Auteurs Mr. G.M. van den Broek
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur blikt vooruit op de gevolgen van de algemene grondslag voor het bieden van nadeelcompensatie in de Awb voor het omgevingsrecht. Daarbij wordt aandacht besteed aan de reikwijdte, de competentieverdeling van de rechter en de verwachte toepassing van de nadeelcompensatieregeling uit het wetsvoorstel. Aan de hand van het wetsvoorstel en de jurisprudentie van de Afdeling over de begrippen die daarin terug gaan komen, wordt duidelijk dat het wetsvoorstel grote gevolgen heeft voor het omgevingsrecht. De verplichting om nadeelcompensatie te verstrekken zal op meer handelingen van toepassing zijn, maar door een strikte interpretatie van de begrippen ‘normaal maatschappelijk risico’ en ‘bijzondere last’ hoeft dit niet te leiden tot een verhoging van de schadevergoedingsverplichting van de overheid.


Mr. G.M. van den Broek
Mevr. mr. G.M. (Berthy) van den Broek is universitair docent bij het Centrum voor Omgevingsrecht van de Universiteit Utrecht.

    Een analyse van de jurisprudentie van het Europese Hof voor de Rechten van de Mens over de verplichting van staten om indirecte schade te vergoeden in situaties van onteigening en situaties zonder onteigening. De verplichting om die indirecte schade te vergoeden lijkt voor beide situaties verschillend. Die rechtspraak verdient kritiek.


Mr. D.G.J. Sanderink
Mr. D.G.J. (Dirk) Sanderink is promovendus bij de sectie bestuursrecht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De Awb en de omgevingsvergunning van rechtswege

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wabo, omgevingsvergunning, positieve beschikking, van rechtswege
Auteurs Mr. dr. J. Robbe
SamenvattingAuteursinformatie

    Zoals zoveel relaties is ook die tussen de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en bijzondere bestuurswetten niet altijd zonder problemen. De bijzondere en de algemene regeling verhouden zich niet altijd even goed tot elkaar. Dat is ook het geval bij de relatie tussen de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) en de Awb, die in deze bijdrage centraal staat. Het onderwerp is de door de Wabo geïntroduceerde omgevingsvergunning van rechtswege. In hoeverre sluit de regeling die de Wabo op dit punt bevat aan op de algemene regeling van de positieve beschikking van rechtswege in de Awb? Welke overeenkomsten, maar vooral welke verschillen zijn er? En wat zou dit moeten betekenen voor de toekomst van de omgevingsvergunning van rechtswege?


Mr. dr. J. Robbe
Mr. dr. J. (Jan) Robbe is universitair hoofddocent staats- en bestuursrecht en in het bijzonder het omgevingsrecht aan de afdeling Staats- en bestuursrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Centrum voor Omgevingsrecht en Beleid (<www.centrumvooromgevingsrecht.nl>).
Artikel

Voorstellen voor verbetering van het wetsvoorstel natuurbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wet natuurbescherming, soortenbescherming, gebiedsbescherming, intrinsieke waarde natuur
Auteurs Mr. H.M. Dotinga, Mr. E.E. Meijer en Mr. S. Scheerens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorstel voor de Wet natuurbescherming beoogt één overkoepelende regeling te bieden voor het Nederlandse natuurbeschermingsrecht. Daarbij is als uitgangspunt gekozen dat de bestaande regelgeving versoberd moet worden en dat aansluiting moet worden gezocht bij de Europese regelgeving. In deze kritische bijdrage bespreken de auteurs het wetsvoorstel, de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de bestaande regelgeving, mogelijke conflicten met Europees en internationaal recht, benoemen ze gemiste kansen en geven ze mogelijke alternatieven voor het wetsvoorstel.


Mr. H.M. Dotinga
Mr. H.M. (Harm) Dotinga is senior jurist bij Vogelbescherming Nederland en universitair docent bij het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.

Mr. E.E. Meijer
Mr. E.E. (Ernestine) Meijer was ten tijde van het schrijven van deze bijdrage zelfstandig juridisch adviseur voor onder meer Natuurmonumenten.

Mr. S. Scheerens
Mr. S. (Sytske) Scheerens heeft als stagiaire meegewerkt aan het opstellen van alternatieve voorstellen voor een nieuwe Wet natuurbescherming namens een groot aantal samenwerkende Nederlandse natuur-, landschaps- en dierenwelzijnsorganisaties.
Artikel

Omgevingswet: gemiste of benutte kansen?

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Omgevingswet, integraal toetsingskader, omgevingsverordening, gefaseerde invoering, rechtsbescherming
Auteurs Prof. dr. F.P.C.L. Tonnaer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Omgevingswet beoogt de veelheid aan wetten in het omgevingsrecht te integreren. In deze bijdrage bespreekt de auteur enkele dilemma’s in het wetgevingsproces. Daarbij wordt in het bijzonder aandacht besteed aan: de voorlopige keuze van de minister om de gemeentelijke structuurvisie niet te verplichten, een herhaald pleidooi voor het streven naar een integraal toetsingskader voor omgevingsvergunningen, de problematiek die samenhangt met het hanteren van twee procedures voor onderdelen van de gemeentelijke omgevingsverordening en de (te) rooskleurige manier waarop de minister aankijkt tegen de invoering van de Omgevingswet.


Prof. dr. F.P.C.L. Tonnaer
Prof. dr. F.P.C.L. (Frans) Tonnaer is deeltijdhoogleraar omgevingsrecht bij de Open Universiteit en algemeen directeur van Tonnaer Adviseurs in Omgevingsrecht.
Artikel

De Omgevingswet als stelsel voor het omgevingsrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden omgevingsrecht, Omgevingswet, omgevingsverordening, projectbesluit, bestemmingsplan
Auteurs Mr. O. Kwast
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kabinet gaat het omgevingsrecht regelen in één wet: de Omgevingswet. De hoofdlijnen van het voorgenomen stelsel worden besproken tegen de achtergrond van het denken over de samenhang van het omgevingsrecht, het constitutionele en Europese recht, de bestuurlijke organisatie en de geschiedenis van het omgevingsrecht. Aan de orde komen in het bijzonder de reikwijdte, de doelstellingen, de normen, de positie van de gemeente, de besluitfiguren (het projectbesluit en de omgevingsvergunning) en ook de omgevingsverordening als opvolger van het bestemmingsplan. Behalve enkele onbeantwoorde vragen tekent zich ook een samenhangend stelsel van omgevingsrecht af.


Mr. O. Kwast
Mr. O. (Olaf) Kwast werkt als advocaat bestuursrecht en omgevingsrecht bij de vakgroep Overheid & Onderneming van AKD in Rotterdam.
Artikel

De wijzigingen van het ontwerpwetsvoorstel Natuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden ontwerpwetsvoorstel Natuur, integratie Natuurbeschermingswet 1998, Flora- en faunawet en Boswet, Vogel- en Habitatrichtlijn, wetswijzigingen
Auteurs Mr. I.R. Viertelhauzen
SamenvattingAuteursinformatie

    Door de Wet natuur zal het natuurbeschermingsrecht zowel inhoudelijk als procedureel wijzigen. De Natuurbeschermingswet 1998, de Flora- en faunawet en de Boswet worden samengevoegd. In deze bijdrage wordt ingegaan op het ontwerpwetsvoorstel en worden de belangrijkste verschillen tussen het huidige en voorgestelde regime beschreven. Het ontwerpwetsvoorstel sluit nauw aan bij de Vogel- en de Habitatrichtlijn. Nationale koppen worden zo veel mogelijk verwijderd. Gebiedsbescherming, soortenbescherming en houtopstanden hebben elk, in afzonderlijke hoofdstukken, een eigen toetsingskader. Daarnaast zullen de taken en bevoegdheden in beginsel bij de provincies worden gelegd.


Mr. I.R. Viertelhauzen
Mr. I.R. (Ingrid) Viertelhauzen is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Eén jaar Wabo-jurisprudentie

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Wabo, Jurisprudentie, één jaar, Knelpunten
Auteurs Mr. J.R. van Angeren en Mevr. mr. V.M.Y. van ‘t Lam
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) is op dit moment iets meer dan een jaar in werking. Voor de auteurs vormde dat een reden om terug te blikken op één jaar ‘Wabo’-ervaring. Wat zijn tot nu toe de ervaringen met de Wabo; in het bijzonder wat zijn tot nu toe opvallende of van belang zijnde uitspraken over de Wabo? De conclusie is dat een jaar nadat de Wabo in werking is getreden er veel voorlopige voorzieningen zijn gewezen waarin de Wabo aan de orde is. Veel van die zaken gaan over het overgangsrecht en handhaving. Er zijn weinig uitspraken gewezen over omgevingsvergunningen die zien op verschillende van de in artikel 2.1 en 2.2 Wabo genoemde activiteiten, terwijl de doelstelling van de Wabo nu juist was dergelijke vergunningen mogelijk te maken. Er zijn over diverse onderwerpen uitspraken gewezen waarin bepaalde aspecten – bijvoorbeeld aspecten die voor de inwerkingtreding van de Wabo onduidelijk waren – nader worden uitgelegd. Ook zijn bepaalde in de literatuur genoemde knelpunten van de Wabo in jurisprudentie (al dan niet geheel) opgelost, zoals het belanghebbendebegrip en de vraag wat onder onlosmakelijke samenhang moet worden verstaan. Niet alle in de literatuur gesignaleerde knelpunten over de Wabo zijn in jurisprudentie opgelost, zoals de vraag hoe het begrip project moet worden uitgelegd. De auteurs wachten met spanning af op de contouren van de nieuwe Omgevingswet.


Mr. J.R. van Angeren
Mr. J.R. van Angeren is advocaat en partner bij Stibbe.

Mevr. mr. V.M.Y. van ‘t Lam
Mevr. mr. V.M.Y. van ’t Lam is advocaat bij Stibbe en lid van de redactie van TO.
Toont 1 - 20 van 53 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.