Zoekresultaat: 65 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht x Rubriek Artikel x
Artikel

Uitvoering van de Europese Erfrechtverordening in Nederland: wijziging van Boek 10 BW en inpassing van de Europese erfrechtverklaring

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden internationaal erfrecht, grensoverschrijdende erfopvolging, Uitvoeringswet Verordening Erfrecht, Europese Erfrechtverordening, Haags Erfrechtverdrag 1989, Boek 10 BW, Europese erfrechtverklaring, IPR
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel tot uitvoering van de Europese Erfrechtverordening ingediend. Verschillende onderdelen van de verordening vragen om nadere uitvoeringswetgeving in de lidstaten. In deze bijdrage worden de belangrijkste bepalingen uit het Nederlandse wetsvoorstel besproken. Onder meer de wijzigingen in Titel 12 van Boek 10 BW en de introductie van de Europese erfrechtverklaring in het Nederlandse rechtssysteem komen aan bod.
    Al met al maakt de Uitvoeringswet de contouren van de toepassing van de verordening in Nederland weer een beetje duidelijker, al blijven er voor de weerbarstige internationale boedelpraktijk ook nog voldoende vragen open.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade advocaten en notarissen te Groningen.
Artikel

Enige opmerkingen over de nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil op grond van vormgebreken

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden uiterste wil, uiterste wilsbeschikking, nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil, authenticiteit, vormvereisten, artikel 3:39 BW, artikel 4:109 BW, misbruik van bevoegdheid
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wna bepaalt dat wanneer aan bepaalde vormvereisten niet is voldaan, een akte authenticiteit mist en zij niet voldoet aan de voorschriften waarin de vorm van een notariële akte wordt geëist. Boek 4 van het BW geeft in artikel 109 een eigen regeling voor (onder meer) een in een notariële akte gegoten uiterste wil die niet aan bepaalde vormvereisten voldoet. Dit artikel moet worden gezien als een bepaling die een afwijking inhoudt van de hoofdregel van artikel 3:39 BW: op grond van lid 4 van artikel 4:109 BW geldt namelijk dat het niet in acht nemen van bepaalde vormvereisten (waar de Wna wel de sanctie van verlies van authenticiteit op stelt) geen nietigheid, maar vernietigbaarheid van de uiterste wil meebrengt.
    In deze bijdrage wordt – mede aan de hand van HR 5 oktober 2001, NJ 2002/410 – op zoek gegaan naar de grenzen van de mogelijkheid een vernietigbare uiterste wil te vernietigen.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

De attestatie de vita

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden attestatie de vita, bewijsrecht, pensioenrecht
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage is gewijd aan de attestatie de vita, waarvan de grondslag is te vinden in de op 10 september 1998 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst betreffende de afgifte van een attestatie de vita alsmede artikel 1:19k BW. Met de invoering van de attestatie de vita is beoogd om het bewijs van het in leven zijn van een persoon in een ander land dan waar deze woont, te vergemakkelijken. Men denke in dit verband bijvoorbeeld aan elders opgebouwde pensioenrechten.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de positie van de langstlevende echtgenoot

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden wettelijke verdeling, andere wettelijke rechten, ouderlijke boedelverdeling, voortgezet gebruik, vruchtgebruik, schulden nalatenschap
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage van het themanummer ’10 jaar nieuw erfrecht’ bespreken de auteurs de positie van de langstlevende echtgenoot. De wettelijke verdeling, andere wettelijke rechten en diverse uitspraken die betrekking hebben op de positie van de langstlevende echtgenoot komen aan bod.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Prof. mr. W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de executeur-afwikkelingsbewindvoerder

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden executele, afwikkelingsbewind, artikel 4:171 BW, artikel 3:183 BW, quasiwettelijke verdeling
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de executeur-afwikkelingsbewindvoerder. Met name aan de orde komt de vraag of erflater de afwikkelingsbewindvoerder de bevoegdheid kan verlenen om zelfstandig over goederen van de nalatenschap te beschikken en een verdeling daarvan tot stand te brengen. Daarbij gaat de auteur ook in op de vorm en wijze van een verdeling door de afwikkelingsbewindvoerder. Ten slotte behandelt de auteur de quasiwettelijke verdeling, de testamentvorm met de executeur-afwikkelingsbewindvoerder als basis.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam en universitair gastdocent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de legitieme portie

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden ratio legitieme, toerekening, in aanmerking te nemen giften, peildatum, maatschappelijke veranderingen
Auteurs Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Na tien jaar erfrechtrecht is het de vraag of de regeling van de legitieme portie niet aan heroverweging toe is. Argumenten daarvoor zouden kunnen zijn de maatschappelijke veranderingen, maar ook de gecompliceerdheid van bepaalde onderdelen uit de regelingen. In deze bijdrage wordt een inventarisatie hiervan gemaakt.


Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
Prof. T.J. Mellema-Kranenburg is notaris bij Van Heeswijk Notarissen Rotterdam en hoogleraar aan de Universiteit Leiden.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en uitleg van uiterste wilsbeschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden testeren, uitlegging, uiterste wilsbeschikking, gewijzigde omstandigheden, dwaling in het objectieve recht, rechtsgevolgen testament
Auteurs Mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur behandelt een aantal thema’s uit ’10 jaar uitlegging van uiterste wilsbeschikkingen’. Vooral de na het testeren gewijzigde omstandigheden springen in de jurisprudentie en de literatuur in het oog; de auteur stelt de vraag of het instrument uitleg wel het juiste instrumentarium is om rechtsgevolgen te verbinden aan die gewijzigde omstandigheden. Het recentste arrest van de Hoge Raad over uitleg (11 oktober 2013) wordt ook kort besproken.


Mr. L.A.G.M. van der Geld
Mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur van Netwerk Notarissen, kandidaat-notaris en docent aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht, maar niet voor informele samenlevingspartners

Een denkraam met voorstel

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Informele partner en erfrecht, Versterferfrecht, Art. 4:82 BW, Art. 4:10 BW
Auteurs Prof. mr. F.W.J.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    Het is een testamentair Walhalla voor samenlevend Nederland. Art. 4:82 BW biedt al 10 jaar ruime mogelijkheden. Maar voor informele samenlevingspartners ontbreken erfrechtelijke vangnetten. Freek Schols schetst een denkraam en vraagt zich af of de erfrechtelijke positie verbeterd moet worden. Vervolgens doet hij een voorstel.


Prof. mr. F.W.J.M. Schols
Prof. mr. F.W.J.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols Estate Planning te Nijmegen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de wettelijke vereffening

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden wettelijke vereffening, beneficiaire aanvaarding, benoeming vereffenaar, partiële vereffening
Auteurs Prof. mr. W.D. Kolkman
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen tien jaren hebben zich talrijke ontwikkelingen voorgedaan op het gebied van de wettelijke vereffeningsprocedure. Deze bijdrage geeft een kort overzicht.


Prof. mr. W.D. Kolkman
Prof. mr. W.D. Kolkman is hoogleraar privaatrecht, in het bijzonder notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij Elan Notarissen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de positie van het kind

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden kinderen, langstlevende, wettelijke verdeling, legitieme portie, som ineens
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kind heeft in het nieuwe erfrecht aanzienlijk moeten inschikken ten behoeve van de positie van de langstlevende echtgenoot en de testeervrijheid van ouders. Anders dan onder het oude erfrecht worden kinderen geacht zelf tijdig voor hun rechten op te komen. Men denke hierbij aan het vaststellen van hun vordering in de zin van artikel 4:13 lid 3 BW en het inroepen van de legitieme portie en de som ineens van artikel 4:35 BW. Door gebrekkig kantonrechtelijk toezicht op het bewind van de wettelijke vertegenwoordiger zijn de rechten van minderjarigen in het erfrecht slecht gewaarborgd. De jurisprudentie met betrekking tot artikel 4:35 BW biedt het kind dat de leeftijd van 21 nog niet heeft bereikt hoop. De bescherming die de langstlevende op grond van artikel 4:82 BW geniet is te ver doorgeschoten. Het biologische kind zonder afstammingsband met zijn verwekker heeft zijn situatie het laatste decennium aanzienlijk zien verbeteren. Hij krijgt met terugwerkende kracht dezelfde positie als andere kinderen in de nalatenschap van zijn verwekker.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de fiscaliteit

‘Niet meer inhoudelijk overeenkomen met?’

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Quasi-wettelijke verdeling, Ventieltechniek, Afvullegaat, Defiscalisatie, Tweetrapstestament
Auteurs Prof. dr. B.M.E.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijft de auteur de fiscale perikelen die het Nederlandse keuzetestament, in het bijzonder de quasi-wettelijke verdeling, de afgelopen tien jaar heeft doorgemaakt, alsmede de huidige stand van zaken. De rode draad van het verhaal is de vraag in hoeverre het keuzetestament nog ‘inhoudelijk moet overeenkomen met’ de wettelijke verdeling. Dit was het geval voor defiscalisatie in de inkomstenbelasting en voor de ventieltechniek in de Successiewet. Fiscaal is dit thans echter geen must meer, maar dat neemt niet weg dat de praktijk om praktische redenen inhoudelijk zal blijven overeenkomen met de wettelijke verdeling. De auteur geeft ook aan dat art. 10 SW 1956 in beginsel niet van toepassing is op de langstlevendentestamenten. Ook komt de fiscale hype rond het Radartestament aan bod. De auteur geeft aan dat de reden dat er zo veel fiscaal creatieve testamenten worden gemaakt, is gelegen in het afnemen van de kracht van de legitieme portie onder nieuw erfrecht. Hierdoor heeft bijvoorbeeld het fiscale fenomeen ‘afvullegaat’ zich kunnen ontwikkelen.


Prof. dr. B.M.E.M. Schols
Prof. dr. B.M.E.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols Estate Planning te Nijmegen.
Artikel

AWBZ: nieuwe wijn in oude zakken of oude wijn in nieuwe zakken?

HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259: vrijwillig uitbetalen revisited

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden AWBZ, opeisbaarheid, uitbetalen, uitkeren, HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259, vrijwillig
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2013 is een vermogensinkomensbijtelling ingevoerd in de AWBZ. Hoens gaat in op de vraag of dit gevolgen heeft voor het antwoord op de vraag of (testamentaire) opeisbaarheid van de erfdelen gewenst of nodig is, zodra er sprake is van een (dreiging van een) door de vermogensinkomensbijtelling veroorzaakte vermogensintering. Bij de beantwoording staat de verzorging van de langstlevende voorop. Dat bij dit alles eenvoud het kenmerk van het ware ís, en kán zijn, volgt uit een arrest van de Hoge Raad van 1 februari 1991, NJ 1992, 259.


Mr. F.M.H. Hoens
Mr. F.M.H. Hoens is als docent/onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en is estate planner te Nijmegen (f.hoens@jur.ru.nl).

Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade te Groningen; j.g.knot@rug.nl.

Mr. A. Mens
Mr. A. Mens is als promovenda verbonden aan de sectie Internationaal Privaatrecht van de Rijksuniversiteit Groningen en bezig met de voorbereiding van een proefschrift over de erkenning van buitenlandse adopties in Nederland; a.mens@rug.nl.
Artikel

De nietigheid van het testamentaire vervreemdingsverbod

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden artikel 4:45 lid 2 BW, vervreemdingsverbod, overdraagbaarheid vorderingsrechten, certificering, blokkeringsregeling
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt het arrest van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 5 maart 2013 besproken over de vraag of de testamentaire last om een tot de nalatenschap behorende woning niet zonder toestemming van de andere erfgenaam te verkopen, op grond van artikel 4:931 BW (oud) – thans artikel 4:45 lid 2 BW – voor niet geschreven dient te worden gehouden. Hierbij wordt tevens ingegaan op de achtergronden van artikel 4:45 lid 2 BW. Vervolgens verkent de auteur alternatieve mogelijkheden om te bereiken dat bepaalde goederen van de nalatenschap – al dan niet gedurende een bepaalde periode na het overlijden – niet vervreemd kunnen worden.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam en universitair gastdocent Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

De ontaarde hereditatis petitio

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden hereditatis petitio, revindicatie, verkrijgende verjaring, zaaksvervanging, gerechtelijke vaststelling vaderschap
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    De vordering waarmee een erfgenaam de afgifte van de nalatenschap kan vorderen (de hereditatis petitio), is met de invoering van het nieuwe erfrecht wezenlijk van karakter veranderd. De hereditatis petitio, zoals deze is neergelegd in artikel 4:183 BW, vormt een mengeling van de revindicatie (art. 5:2 BW) en de hereditatis petitio zoals wij die onder het oude recht kenden (art. 881 BW (oud)). Dit heeft tot gevolg dat de eiser niet altijd meer kan volstaan met het bewijs van zijn erfgenaamschap, maar dat hij onder omstandigheden – afhankelijk van het verweer van de gedaagde – ook zijn eigendomsrecht moet bewijzen. Voorts betekent het dat ook goederen die op het moment van overlijden van de erflater niet meer in diens macht waren (zoals van hem gestolen goederen) met de hereditatis petitio kunnen worden opgeëist. Dit kan de termijn waarbinnen een dief op grond van artikel 3:105 lid 1 BW eigenaar wordt, aanzienlijk verlengen. Zaaksvervanging ten aanzien van de met de hereditatis petitio op te eisen goederen van de nalatenschap vindt alleen in verbintenisrechtelijke zin plaats. Voor een vervreemd goed van de nalatenschap komt een persoonlijke aanspraak tot vergoeding van het door de pseudo-erfgenaam genoten voordeel in de plaats.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Actualiteiten bedrijfsopvolgingsregeling in de Successiewet 1956

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden bedrijfsopvolgingsfaciliteiten, gelijkheidsbeginsel, ondernemingsvermogen, beleidsbesluit, bezwaarprocedure, proefprocedures, preferente aandelen, huwelijksvermogensrecht
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt een overzicht gegeven van de recente ontwikkelingen op het terrein van de bedrijfsopvolgingsfaciliteiten in de SW 1956.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Mr. K.M.L.L. van de Ven is docent belastingrecht aan de Universiteit Maastricht en werkzaam als kandidaat-notaris bij Metis Notarissen Maastricht Airport.
Artikel

Verhaal op het niet-geërfde vermogen van een zuiver aanvaard hebbende erfgenaam

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden Zuivere aanvaarding, dubbel verhaalsrecht, positie schuldeisers, beneficiaire aanvaarding, saisine, art. 4:182 BW, art. 4:184 BW
Auteurs Mr. Lucienne van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur gaat in op de vraag of schuldeisers door de zuivere aanvaarding door erfgenamen een dubbel verhaalsrecht moeten krijgen. In het huwelijksvermogensrecht is op 1 januari 2012 het verhaalsrecht na ontbinding van de gemeenschap ingeperkt. In deze bijdrage wordt een van de voorstellen tot wijziging van de wet besproken uit het rapport ‘Erven zonder financiële gevolgen’. Dit voorstel brengt met zich dat schuldeisers in beginsel alleen verhaal hebben op de goederen van de nalatenschap.’


Mr. Lucienne van der Geld
Mr. Lucienne van der Geld, juridisch directeur Netwerk Notarissen en als docent verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit te Nijmegen.
Artikel

Ik opa en ik oma …

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden last, Legaat, Iki-opa-last, contante waarde van de schuld, fictieve erfrechtelijke verkrijging
Auteurs Mr. K.M.L.L. van de Ven
Samenvatting

    Dit artikel is een bespreking van de civielrechtelijke verschillen tussen last en legaat alsmede het fiscale verschil tussen een last en een legaat bij een ik-opa- c.q. -oma-clausule.


Mr. K.M.L.L. van de Ven
Artikel

Overweging 26: testeer- en keuzevrijheid ordre public en fraus legis

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden IPR-erfrecht, Erfrechtverordening, rechtskeuze testeervrijheid, ordre public, fraus legis, dwingend erfrecht
Auteurs Prof. mr. F.W.J.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage stelt de auteur de vraag aan de orde of, na de inwerkingtreding van de Erfrechtverordening, ook het dwingende erfrecht van een ‘verordeningsland’ waarvan de erfwet niet van toepassing is, moet wijken, ook al zijn bijvoorbeeld goederen van de nalatenschap in dat land gelegen of had erflater aldaar zijn woonplaats. De auteur beantwoordt de vraag bevestigend. Bij zijn zoektocht stuit hij op overweging 26 bij de Erfrechtverordening: ‘Niets in deze verordening mag een gerecht beletten om mechanismen voor de bestrijding van wetsontduiking toe te passen, zoals fraus legis in het kader van het internationaal privaatrecht’, en spreekt de vrees uit dat Europese rechters overweging 26 te snel zullen aangrijpen als hun eigen dwingende erfrecht geweld wordt aangedaan.


Prof. mr. F.W.J.M. Schols
Prof. mr. F.W.J.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols in Nijmegen.
Artikel

De gevolgen van de Europese Erfrechtverordening voor Nederbelgen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden internationaal privaatrecht, erfrecht, Nederbelgen, Europese Erfrechtverordening
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland en Prof. dr. R.R.M. Barbaix
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage gaan de auteurs in op de gevolgen die het van toepassing worden van de Europese Erfrechtverordening heeft voor Nederbelgen. Zij bespreken daartoe allereerst het huidige Nederlandse en Belgische internationaal privaatrecht ten aanzien van het erfrecht. Daarna schetsen zij de hoofdlijnen van de Erfrechtverordening. Vervolgens lichten de auteurs aan de hand van een aantal voorbeeldsituaties de gevolgen van de Erfrechtverordening voor Nederbelgen toe. Zij sluiten af met een aantal conclusies en aanbevelingen.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam.

Prof. dr. R.R.M. Barbaix
Prof. dr. R.R.M. Barbaix is professor aan de Universiteit Antwerpen en advocaat bij Greenille te Brussel.
Toont 1 - 20 van 65 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.