Zoekresultaat: 15 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2013

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2014
Trefwoorden kroniek, regelgeving, mededingingsafspraken, machtspositie, procedurele aangelegenheden
Auteurs Mr. Robert Bosman en Mr. Edmon Oude Elferink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de besluiten en informele zienswijzen besproken die ACM in 2013 op het gebied van het kartelverbod en het verbod van misbruik van economische machtspositie heeft genomen. De voor de toepassing van het mededingingsrecht aangewezen bestuursrechters wezen in totaal zeventien uitspraken in kartel- en daarmee gerelateerde zaken. In 2013 viel ook definitief het doek voor de NMa. Na een periode van ruim vijftien jaar waarin de NMa het mededingingsrecht in Nederland op de kaart zette, ging de toezichthouder op in ACM. Kortom, er viel ook in dit verslagjaar weer het nodige te beleven.


Mr. Robert Bosman
Mr. A.R. Bosman is als advocaat werkzaam bij CMS.

Mr. Edmon Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is als advocaat werkzaam bij CMS.
Artikel

Het Duitse recht op nevengeschikt aanklagen

De volledige integratie van het slachtoffer in het strafproces

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Accessory prosecution, victims, Victim lawyers, Secondary victimization, punishment
Auteurs Michael Kilchling en Helmut Kury
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the German concept of accessory prosecution (Nebenklage) is discussed. The Nebenklage was implemented in the Code of Criminal Procedure of 1877. It had merely an accessory function in conjunction with the private prosecution and the Klageerzwingungsverfahren, two legal institutions which had little practical relevance. Nowadays, in the course of the modern victim movement, the Nebenklage has radically changed into an instrument that is clearly provided as the main participatory option for victims interested in actively contributing to the trial of ‘their’ criminal. Previous research findings are outlined and the results of an explorative survey are presented. The findings suggest that the mere presence of the victim lawyer can significantly change the atmosphere in the courtroom, thus enhancing the willingness of the defence to treat the victim more respectfully.


Michael Kilchling
Michael Kilchling is criminoloog en is werkzaam aan het Max-Planck-Institut für ausländisches und internationales Strafrecht in Freiburg (Duitsland), en is daarnaast voorzitter van het European Forum for Restorative Justice.

Helmut Kury
Helmut Kury was hoogleraar psychologie en criminologie en was onder andere verbonden aan het Max-Planck-Institut für ausländisches und internationales Strafrecht in Freiburg (Duitsland).
Artikel

Beoordeling van duurzaamheidsinitiatieven onder het kartelverbod

Contouren van een algemeen beoordelingskader en toepassing daarvan op het Energieakkoord

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Energieakkoord, Milieu, Duurzaamheid, Kartelverbod
Auteurs Mr. E.H. Pijnacker Hordijk
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur betoogt dat de beoordeling van het Energieakkoord een gemiste kans is om de Wouters-leer daadwerkelijk in de praktijk toe te passen. Daarvoor in de plaats is een kwantitatieve inschatting van de financiële gevolgen van de maatregel gesteld die in diverse opzichten betwistbaar is, met alle negatieve gevolgen van dien voor de uitvoerbaarheid van het Energieakkoord. En dat terwijl er brede maatschappelijke consensus bestond over de wenselijkheid van snelle implementatie daarvan. De beoordeling door ACM van de gevolgen van het Energieakkoord maakt op treffende wijze duidelijk waar het aan schort: als gevolg van een verabsolutering van het deelbelang van de consumentenwelvaart wordt een maatschappelijk uitzonderlijk breed gedragen initiatief doorkruist, waarvan de positieve gevolgen voor het milieu onbetwistbaar zijn.


Mr. E.H. Pijnacker Hordijk
Mr. E.H. Pijnacker Hordijk is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V. en tevens redactielid van M&M.
Artikel

Ultima ratio legis: het Hof of de nationale wetgever?

Over de constitutionele balans tussen wetgever en rechter bij het verwerkelijken van Europese mensenrechten

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 4 2013
Trefwoorden toetsing aan EVRM door wetgever en rechter, Brighton Declaration, directe werking verdragsrecht, artikel 93 Grondwet, artikel 94 Grondwet, wetsvoorstel-Taverne
Auteurs Prof. mr. E.C.M. Jurgens
SamenvattingAuteursinformatie

    De spanning tussen de rol van de wetgever en die van de rechter bij het implementeren van mensenrechten kan niet worden opgelost door het geven van het laatste woord aan een van hen. Het Hof in Straatsburg heeft zo’n laatste woord, omdat wijziging van het EVRM zeer moeilijk is. De Raad van Europa heeft in de Brighton Verklaring van 2012 voorstellen gedaan om de interpretatieruimte van het Hof enigszins in te tomen. In Nederland wil het initiatiefvoorstel Taverne de bevoegdheid van de nationale rechter afschaffen om direct te toetsen aan het EVRM, dit door wijziging van artikel 93 en 94 Grondwet. De beide voorstellen worden in deze bijdrage besproken.


Prof. mr. E.C.M. Jurgens
Prof. mr. Jurgens is emeritus hoogleraar staatsrecht (Universiteit Maastricht en Vrije Universiteit Amsterdam), oud-lid van de Eerste en van de Tweede Kamer en oud-lid van de Parlementaire Assemblee van de Raad van Europa, alsmede oud-redacteur van RegelMaat. ejurgens@xs4all.nl
Artikel

Pas de deux

De wisselwerking tussen Luxemburgse en Straatsburgse jurisprudentie bij de harmonisatie van het asielrecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2012
Auteurs Prof. mr. H. Battjes
SamenvattingAuteursinformatie

    In januari 2011 oordeelde het Europese Hof voor de Rechten van de Mens dat artikel 3 EVRM overdracht van asielzoekers naar Griekenland verbiedt, in december 2011 concludeert het Hof van Justitie dat hetzelfde geldt voor artikel 4 van het Handvest van Grondrechten voor de EU. Met deze uitspraken leggen beide hoven belangrijke onvolkomenheden in het gemeenschappelijk Europees Asielstelsel bloot. In deze bijdrage wordt het voor beide arresten relevante recht geschetst, en de wisselwerking geanalyseerd in de jurisprudentie van het Hof van Justitie en het Europese Hof voor de Rechten van de Mens bij de Europese harmonisatie van het asielrecht.


Prof. mr. H. Battjes
Prof. mr. H. Battjes is hoogleraar Europees asielrecht bij de Faculteit rechtsgeleerdheid aan Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

Grenzen aan het beperken van toegang tot de rechter in milieuzaken volgens het Europese Hof van Justitie

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2011
Trefwoorden toegang rechter, relativiteitsvereiste, milieuverenigingen, gemengde verdragen, rechtsbasis
Auteurs Dr. W.Th. Douma
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Europese Hof van Justitie legt in twee rechtszaken uit hoe ver EU-lidstaten kunnen gaan in het beperken van de toegang tot de rechter en bestuurlijke procedures in milieuzaken. Duitsland ging te ver door het voor milieubeschermingsorganisaties onmogelijk te maken bezwaar te maken tegen beslissingen onder wetten die algemene belangen (zoals natuurbehoud) aangaan, en niet hun subjectieve rechten. In de Slovaakse zaak werd duidelijk dat nationale rechters nationale procesrechtelijke bezwaar- of beroepsvoorwaarden moeten uitleggen in overeenstemming met artikel 9 lid 3 Verdrag van Aarhus en de EU-verplichting om effectieve rechterlijke bescherming van door het EU-recht verleende rechten te verzekeren.


Dr. W.Th. Douma
Dr. Wybe Th. Douma is senior onderzoeker Europees Recht en Internationaal Handelsrecht, T.M.C. Asser Instituut, Den Haag.
Artikel

De herziening van het Altmark-pakket

Nieuwe regels voor staatssteun en diensten van algemeen economisch belang

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2011
Trefwoorden staatssteun, diensten van algemeen economisch belang (DAEB), Altmark, compensatiebeginsel, artikel 106 lid 2 VWEU
Auteurs Prof. mr. Wolf Sauter
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest Altmark uit 2003 betekende een doorbraak ten aanzien van de behandeling van diensten van algemeen economisch belang (DAEB) onder de staatssteunregels.1x HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH, Jur. 2003, p. I-7747 annotatie F.B. Ronkes Agerbeek, M&M 2003/6, p. 213. Zie ook B.J. Drijber en N. Saanen-Siebenga, ‘Financiering van openbare diensten na Altmark’, NTER 2003/10, p. 253. De Commissie bouwde in 2005 voort op dit arrest met een aantal samenhangende maatregelen op grond van artikel 106 lid 3 TFEU die erop gericht waren een kader te stellen voor DAEB die niet aan alle Altmark-voorwaarden voldeden maar de minimis waren of om andere redenen in aanmerking kwamen voor een vrijstelling op basis van artikel 106 lid 2 VwEU.2x Beschikking van de Commissie 2005/842/EG van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EU 2005, L312/67; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C297/4. Zie E.W.F. Schotanus, ‘Voordeel versus compensatie’, M&M 2005/7, p. 200; L. Hancher en S.J.H. Evans, ‘Altmark als katalysator: het Commissiepaklket met alle antwoorden rond staatssteun en diensten van algemeen economisch belang?’, NTER 2006/7, p. 153. Dit kader wordt hier het Altmark-pakket genoemd.3x Onder verwijzing naar de (destijds) verantwoordelijke Europees Commissaris spreekt de Commissie zelf wel van het (oude) ‘Monti/Kroes-pakket’ en van het (toekomstige) ‘Almunia-pakket’. Op grond van de tussentijds opgedane ervaring en een uitgebreide consultatie heeft de Commissie in september 2011 voorstellen gedaan voor de herziening van het Altmark-pakket met de bedoeling de nieuwe maatregelen nog in 2011 of januari 2012 vast te stellen. In deze bijdrage worden eerst kort het Altmark-arrest en het huidige Altmark-pakket besproken om vervolgens uitgebreider in te gaan op de nieuwe voorstellen. De nadruk ligt daarbij op de verschillen met de huidige situatie.

Noten

  • * Dit artikel is geschreven op persoonlijke titel, met dank aan Hans Vedder, Rein Halbersma en Michiel Veersma voor hun commentaar.
  • 1 HvJ EG 24 juli 2003, zaak C-280/00, Altmark Trans GmbH en Regierungspräsidium Magdeburg/Nahverkehrsgesellschaft Altmark GmbH, Jur. 2003, p. I-7747 annotatie F.B. Ronkes Agerbeek, M&M 2003/6, p. 213. Zie ook B.J. Drijber en N. Saanen-Siebenga, ‘Financiering van openbare diensten na Altmark’, NTER 2003/10, p. 253.

  • 2 Beschikking van de Commissie 2005/842/EG van 28 november 2005 betreffende de toepassing van artikel 86, lid 2, van het EG-Verdrag op staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst die aan bepaalde met het beheer van diensten van algemeen economisch belang belaste ondernemingen wordt toegekend, Pb. EU 2005, L312/67; Communautaire kaderregeling inzake staatssteun in de vorm van compensatie voor de openbare dienst, Pb. EU 2005, C297/4. Zie E.W.F. Schotanus, ‘Voordeel versus compensatie’, M&M 2005/7, p. 200; L. Hancher en S.J.H. Evans, ‘Altmark als katalysator: het Commissiepaklket met alle antwoorden rond staatssteun en diensten van algemeen economisch belang?’, NTER 2006/7, p. 153.

  • 3 Onder verwijzing naar de (destijds) verantwoordelijke Europees Commissaris spreekt de Commissie zelf wel van het (oude) ‘Monti/Kroes-pakket’ en van het (toekomstige) ‘Almunia-pakket’.


Prof. mr. Wolf Sauter
Prof. mr. Wolf Sauter is werkzaam bij Tilburg University (TILEC) en bij de Nederlandse Zorgautoriteit.
Artikel

RIE vervangt IPPC

Is de toepassing van BBT nu wél gewaarborgd?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2011
Trefwoorden BBT, IPPC, installatie, inrichting, emissies
Auteurs Mr. A. van Rossem
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2010 is de Europese Richtlijn 2010/75/EU inzake industriële emissies (geïntegreerde preventie en bestrijding van verontreiniging) aangenomen, kortweg de Richtlijn Industriële Emissies (RIE). De RIE voegt de IPPC-richtlijn samen met zes sectorale richtlijnen met betrekking tot industriële emissies. Daarnaast zijn de bestaande richtlijnen aangepast. Een aantal voorschriften van de IPPC-richtlijn zijn ingrijpend gewijzigd om te waarborgen dat de ‘beste beschikbare technieken’ zoals reeds voorgeschreven in de IPPC-richtlijn in alle lidstaten coherent worden toegepast. In deze bijdrage ga ik in op deze wijzigingen en zal ik mogelijke implicaties voor de Nederlandse praktijk aanstippen.


Mr. A. van Rossem
Mr. A. van Rossem is advocaat bij NautaDutilh.
Artikel

Kolencentrales, robuuste verbindingen en EU-milieurichtlijnen: balanceren tussen nationale en Europese doelstellingen

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden milieu, implementatie milieurichtlijnen, omzettingstermijn, ecologische hoofdtrsuctuur (EHS), vogel-en habitatrichtlijn
Auteurs Mr. F.M. Fleurke en Mr. dr. A. Trouwborst
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel worden twee actuele milieudossiers besproken die direct de grenzen van het Europees recht raken, namelijk de voorgenomen bouw van een aantal nieuwe kolencentrales en het huidige regeringsbeleid ten aanzien van ecologische verbindingszones. Beide dossiers illustreren dat de Nederlandse moeite met het voldoen aan Europese resultaatsverplichtingen nog niet tot het verleden behoort.


Mr. F.M. Fleurke
Mr. F.M. Fleurke is UD milieurecht aan de Universiteit van Tilburg.

Mr. dr. A. Trouwborst
Dr. A. Trouwborst is UD milieurecht aan de Universiteit van Tilburg.

    In the nineteenth century in the Netherlands, tramps and beggars were sent to Veenhuizen to work there as a form of punishment and rehabilitation. To investigate the background of these banished men, the authors drew a systematic 5% sample out of 6.000 men who were banished between 1896-1901. Using information from the so-called ‘signalements’-cards that were compiled, the authors found that the Veenhuizen men were not uneducated, unskilled workers, but on the contrary, often had some kind of (semi-)skilled profession. Many did not have a permanent abode, and only a few had (ever) been married. At on average 45 years of age, the Veenhuizen convicts were old for the era they lived in. As such these men lacked and had probably at some point in their lives lost societal as well as social ties, and had gone adrift.
    Recidivism was high. While the Veenhuizen measure may have been effective in delivering society from the blemishes that these men represented, but in general it didn't turn these men into fully participating citizens.


M. Weevers
Drs. Marian Weevers is historica en is werkzaam als beleidsadviseur bij de afdeling sociaal en economisch beleid van de gemeente Leiden.

C. Bijleveld
Prof. dr. mr. Catrien Bijleveld is hoogleraar Methoden en Technieken van Criminologisch Onderzoek aan de Vrije Universiteit in Amsterdam en senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving in Leiden.

S.Y.Th. Meijer
Artikel

Handhaving van IFRS, er is nog ruimte voor verbetering

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2010
Trefwoorden IAS-Verordening, IAS, financiële verslaggeving, verslaggevingsregels
Auteurs Mr. drs. H.K.O. Reimers
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 2005 is de toepassing van IAS/IFRS verplicht voor de geconsolideerde jaarrekening van effectenuitgevende instellingen in de EU . De grondslag hiervoor ligt in de IAS-Verordening 1606/2002/EG. De doelstellingen van de IAS-Verordening zijn verbetering van de vergelijkbaarheid en transparantie van financiële verslaggeving. Om dit te bereiken, worden in de literatuur drie voorwaarden genoemd: (1) kwalitatief hoogwaardige standaarden, (2) dwingende regelgeving en (3) effectief toezicht. In deze bijdrage worden deze drie voorwaarden besproken. Daarnaast wordt stilgestaan bij de vraag of de doelstellingen van de IAS-Verordening zijn bereikt en op welke punten verbetering gewenst is.


Mr. drs. H.K.O. Reimers
Mr. drs. H.K.O. Reimers AA CPA is advocaat bij Nauta Dutilh N.V. te Rotterdam en bestuurslid van de NOvAA.
Artikel

Energiebelasting belicht

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 62 2004
Trefwoorden groene elektriciteit, levering, energiebelasting, energiebedrijf, contract, consument, onroerende zaak, belasting op milieugrondslag, betaling, grijze energie
Auteurs M.H.N. Hoffer

M.H.N. Hoffer
Artikel

Geen openbare verkoop bij verpande aandelen op naam?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 7/8 2003
Trefwoorden aandeel, vennootschap, blokkeringregeling, aandeelhouder, overdracht, ondernemingsraad, pandhouder, executoriale verkoop, openbare verkoop, statuut
Auteurs F.F. Hinnen

F.F. Hinnen
Artikel

Een oplossing voor de 'bakstenen':goed gevoegd in het Europese kader?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2000
Trefwoorden compensatie, contract, Europese commissie, producent, voorstel van wet, mededinging, voorwaarde, beschikking, garantie, kabel
Auteurs H.P.A. Knops

H.P.A. Knops
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.