Zoekresultaat: 68 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Ambtshalve toetsing in hoger beroep

Over de omvang van het hoger beroep en het door de grieven ontsloten gebied

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2014
Trefwoorden hoger beroep, grievenstelsel, openbare orde, ambtshalve toetsing
Auteurs Mr. F.J.P. Lock
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het arrest Heesakkers/Voets (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691) is weer eens de vraag onder de aandacht gebracht welke plaats ambtshalve toetsing inneemt in het Nederlandse appelprocesrecht en meer in het bijzonder hoe die toetsing zich verhoudt tot het grievenstelsel. In hoeverre is de rechter in hoger beroep buiten de grieven om tot ambtshalve toetsing gehouden? De auteur geeft uitleg over de begrippen ‘omvang van het hoger beroep’ en ‘het door de grieven ontsloten gebied’ en bespreekt welke ruimte het Nederlandse appelprocesrecht biedt om ambtshalve te toetsen aan bepalingen van openbare orde. De in dit verband relevante procesrechtelijke begrippen blijken in literatuur en jurisprudentie niet altijd eenduidig te worden gebruikt, waardoor verwarring op de loer ligt. De auteur concludeert dat het oordeel van de Hoge Raad in Heesakkers/Voets past binnen het bestaande kader van de ambtshalve toetsing in hoger beroep aan de regels van openbare orde.


Mr. F.J.P. Lock
Mr. F.J.P. Lock is raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en medewerker van TCR.
Artikel

Het probleem van meetinvariantie bij het vergelijken van subgroepen op basis van somscores

Vermijdingsgedrag als casestudy

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2014
Trefwoorden measurement invariance, differential item functioning, fear of crime, avoidance behavior
Auteurs Arne De Boeck MSc, Prof. dr. Wim Hardyns en Prof. dr. Lieven Pauwels
SamenvattingAuteursinformatie

    Using summated scale scores to make group comparisons is only meaningful if one can assume that the scale measures attribute in the same way in each of the groups involved in the comparison. This assumption is called measurement invariance. This contribution discusses the use of modern statistical measurement models to test this assumption and to verify the consequences of a possible violation for the comparison of group means. In the empirical part of the contribution the authors illustrate their account by examining whether a scale assessing avoidance behavior – commonly used in fear of crime research – is invariant across gender and age groups.


Arne De Boeck MSc
A. De Boeck, MSc is onderzoeker aan het Leuven Institute of Criminology (LINC) van de Universiteit van Leuven.

Prof. dr. Wim Hardyns
Prof. dr. W. Hardyns is postdoctoraal mandaathouder bij het Fonds Wetenschappelijk Onderzoek - Vlaanderen (FWO) en verbonden aan de Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse van de Universiteit Gent en aan de Onderzoeksgroep Crime & Society van de Vrije Universiteit Brussel.

Prof. dr. Lieven Pauwels
Prof. dr. L.J.R. Pauwels is directeur van de Onderzoeksgroep Sociale Veiligheidsanalyse (SVA) binnen de vakgroep Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Gent.
Artikel

Geen woorden maar daden

De invloed van legitimiteit en vertrouwen op het nalevingsgedrag van verkeersovertreders

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden perceptions of legitimacy, Compliance, procedural justice
Auteurs Marc Hertogh, Bert Schudde en Heinrich Winter
SamenvattingAuteursinformatie

    For many years, most regulatory research focused on instrumental motivations for compliance, which emphasize the role of rewards and punishments related to (dis)obeying the law. However, more recent studies have also emphasized the potential role of normative motivations. Using survey data collected from a sample of 1,182 traffic offenders in the Netherlands, and building on the ‘procedural justice model’ which was first developed in Why People Obey the Law (Tyler 1990), this paper explores how perceptions of legitimacy shape regulatory compliance. The study makes three contributions to the literature. First, this study is one of the few studies in which the procedural justice model is tested in Continental Europe. Second, following recent critiques in the literature, the paper introduces three modifications to the original model. Third, and unlike most previous studies, this study is not entirely based on self-reporting by drivers, but includes actual evidence about their behavior as well. With regard to the self-reported level of compliance, our study largely confirms Tyler’s (1990) original findings. Yet with regard to the observed level of compliance, there are also important differences between both studies. These findings will be explained by shifting our focus of attention from Tyler’s ‘universalistic’ approach to ‘legitimacy-in-context’ (Beetham 1991).


Marc Hertogh
Marc Hertogh is hoogleraar Rechtssociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen. Centrale thema’s in zijn onderzoek zijn de maatschappelijke effecten van wetgeving, de maatschappelijke beleving van recht en rechtsstaat, en de legitimiteit van het overheidsoptreden. Recente publicaties: Scheidende machten: de relatiecrisis tussen politiek en rechtspraak (Boom Juridische uitgevers 2012) en (met Heleen Weyers) Recht van onderop: antwoorden uit de rechtssociologie (Ars Aequi Libri 2011).

Bert Schudde
Bert Schudde studeerde sociologie aan de Rijksuniversiteit Groningen en is werkzaam als onderzoeker bij Pro Facto. Hij heeft brede onderzoekservaring in toegepast beleids- en evaluatieonderzoek, grootschalig surveyonderzoek en kwantitatieve analyse.

Heinrich Winter
Heinrich Winter is directeur van Pro Facto, bureau voor bestuurskundig en juridisch onderzoek, onderwijs en advies. Daarnaast is hij in Groningen bijzonder hoogleraar Toezicht. Hij is veelvuldig betrokken bij wetsevaluaties, waarover hij ook publiceert. Recente publicaties over toezicht zijn ‘Waar blijft het interbestuurlijk toezicht?’, in: Publicaties van de Staatsrechtkring nr. 16 (Wolf Legal Publishers 2012) en ‘Meten van de effecten van toezicht. Yes we can?’, Tijdschrift voor Toezicht 2012/2, p. 63-80. In 2013 schreef hij met Bert Marseille de handleiding Professioneel behandelen van bezwaarschriften voor BZK/Prettig contact met de overheid.
Artikel

Remission in de nieuwe arbitragewet

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Remission, Terugverwijzing, Vernietiging, Herroeping, Arbitrage
Auteurs Mr. N. Peters en Mr. B. van Zelst
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel gaan de auteurs in op de voorgestelde mogelijkheid van remission in de nieuwe arbitragewet. Daarbij signaleren zij een aantal mogelijke onduidelijkheden en discussiepunten. Zij trachten daar antwoorden op te geven en stellen een aantal oplossingen voor. De auteurs concluderen dat de mogelijkheid van remission bijdraagt aan een efficiënte(re) procesvoering. Daarom valt zij toe te juichen.


Mr. N. Peters
Mr. N. Peters is advocaat bij Banning N.V. alsmede docent en buitenpromovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Mr. B. van Zelst
Mr. Van Zelst is docent aan de Radboud Universiteit.
Artikel

Decentraliseren zonder recentralisatiereflex

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 5 2013
Trefwoorden decentralisatie, interbestuurlijke betrekkingen, sociale zekerheid, maatschappelijke ondersteuning
Auteurs J. van den Berg MSc, Mr. dr. J.H. Bosselaar en J. van der Veer MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    De verwachtingen over de uitwerking van decentralisaties in het sociale domein zijn hooggespannen: efficiëntere dienstverlening, een grotere doelmatigheid en meer responsiviteit liggen in het verschiet. Maar zijn deze verwachtingen realistisch? De praktijk leert dat decentralisaties vaak worden gevolgd door recentraliserende maatregelen, waardoor de rijksoverheid de verantwoordelijkheid weer in handen neemt. Bovendien hebben gemeenten de neiging om elkaars beleid te kopiëren, in plaats van er een lokale kleur aan te geven. In deze bijdrage wordt stilgestaan bij deze mechanismen en de vraag hoe hierop kan worden geanticipeerd tijdens de aanstaande decentralisatieoperaties.


J. van den Berg MSc
J. van den Berg, MSc is socioloog en was tot 1 januari 2013 verbonden aan de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.

Mr. dr. J.H. Bosselaar
Mr. dr. J.H. Bosselaar is onderzoeksmanager bij de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.

J. van der Veer MSc
J. van der Veer, MSc is onderzoeker/PhD-kandidaat bij de onderzoeksgroep ‘Governance of Activation’ van de Vrije Universiteit Amsterdam.
Artikel

De commanditaire vennootschap als jointventurevehikel: perikelen met het beheersverbod

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 3 2013
Trefwoorden joint venture, commanditaire vennootschap, beheersverbod, bv/cv-structuur
Auteurs Mr. A.J.S.M. Tervoort
SamenvattingAuteursinformatie

    Onderzocht wordt in hoeverre de cv een passende rechtsvorm is voor een joint venture (JV). Daartoe wordt het verbod voor een commanditaire vennoot om daden van beheer te verrichten geanalyseerd. De conclusie is dat de reikwijdte van dit verbod zo onduidelijk is, dat een cv een minder geschikte rechtsvorm is voor een JV wanneer de partners joint control over hun samenwerkingsvehikel willen hebben zonder het risico te lopen op hoofdelijke verbondenheid voor diens schulden. Afgesloten wordt met een overzicht van enige structuurvarianten die beter bruikbaar lijken.


Mr. A.J.S.M. Tervoort
Mr. A.J.S.M. Tervoort is bedrijfsjurist en advocaat te Amsterdam en is als fellow verbonden aan het Zuidas Instituut voor Financieel Recht en Ondernemingsrecht te Amsterdam.

Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade te Groningen; j.g.knot@rug.nl.

Mr. A. Mens
Mr. A. Mens is als promovenda verbonden aan de sectie Internationaal Privaatrecht van de Rijksuniversiteit Groningen en bezig met de voorbereiding van een proefschrift over de erkenning van buitenlandse adopties in Nederland; a.mens@rug.nl.
Artikel

De openbaarheid van de civiele procedure

Mag het een onsje meer zijn?

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Openbaarheid, Achter gesloten deuren, inzage in vonnissen, inzage in processtukken, recht op privéleven
Auteurs Mr. R.R. Verkerk en Mr. R.A. Woutering
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel bespreekt de grondslagen van het beginsel van openbaarheid en de beperkingen die daaraan kunnen en mogen worden gesteld. Hoewel openbaarheid van de procedure in de Grondwet en artikel 6 EVRM is voorgeschreven, is zij immers niet absoluut. Indien sprake is van een botsing met andere fundamentele rechten, zoals het recht op een privéleven, is maatwerk geboden. De auteurs bepleiten dat op enkele punten meer openheid van zaken gewenst is.


Mr. R.R. Verkerk
Mr. R.R. Verkerk is advocaat bij Houthoff Buruma.

Mr. R.A. Woutering
Mr. R.A. Woutering is advocaat bij Houthoff Buruma.
Artikel

‘Elk voordeel heeft zijn nadeel’, of toch niet?

Het berekenen van de goodwillvergoeding bij beëindiging van een agentuurovereenkomst

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden handelsagent, agentuurovereenkomst, klantenvergoeding, provisie, goodwillvergoeding
Auteurs Mr. D.E. Alink
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest T-Mobile/Klomp heeft de Hoge Raad uiteengezet hoe de klantenvergoeding ex art. 7:442 BW wordt bepaald. De door de handelsagent verloren provisie speelt daarbij een belangrijke rol. Toch mag niet worden geconcludeerd dat het nadeel van de handelsagent leidend is; bepalend is het voordeel van de principaal.


Mr. D.E. Alink
Mr. D.E. Alink is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad en rechter-plaatsvervanger bij de Rechtbank Den Haag.
Artikel

Onafhankelijkheid leidt niet tot betere financiële prestaties

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2013
Trefwoorden onafhankelijkheid, bestuur, commissarissen, financiële prestaties, meta-analyse
Auteurs Mr. dr. N.J.M. van Zijl, Prof. dr. M. Lückerath-Rovers en Prof. dr. A. de Bos
SamenvattingAuteursinformatie

    De aandacht voor onafhankelijkheid van het bestuur of de raad van commissarissen is groot, maar de gevolgen voor de financiële prestaties zijn niet duidelijk. Eerder onderzoek levert wisselende resultaten op. Deze studie analyseert op kwantitatieve wijze eerder onderzoek naar de relatie tussen onafhankelijkheid en financiële prestaties met behulp van een meta-analyse. Op basis van 43 onderzochte studies – uit de periode 2000 tot en met 2011 – met 52.182 waarnemingen laten de resultaten een significant negatieve correlatie tussen onafhankelijkheid en financiële prestaties zien. Het kan dus niet worden onderbouwd dat onafhankelijkheid leidt tot betere financiële prestaties van een onderneming.


Mr. dr. N.J.M. van Zijl
Mr. dr. N.J.M. van Zijl is gepromoveerd aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. M. Lückerath-Rovers
Prof. dr. M. (Mijntje) Lückerath-Rovers is hoogleraar Corporate Governance aan de Nyenrode Business Universiteit en lid van de redactie van TvT.

Prof. dr. A. de Bos
Prof. dr. A. de Bos is hoogleraar Bedrijfseconomie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Twitter tijdens flitscrises

Een onderbenut potentieel?

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Twitter, flash crises, crisis communication, Moerdijk, social media
Auteurs Jelle Groenendaal, Martine de Bas en Ira Helsloot
SamenvattingAuteursinformatie

    By pointing to the immense use of Twitter by citizens during crises, communication experts argue that governments should participate more actively on Twitter during crises. Until now, however, little empirical research has been conducted to validate this claim. This article aims at validating this claim and putting forward building blocks for an evidence-based vision on the use of Twitter by governments during flash crises, i.e. large-scale incidents that occur unexpectedly and immediately. The authors analysed 52.806 tweets sent by citizens and governments during a large-scale industrial fire in Moerdijk (2011). They looked at the content of the tweets and sorted them into fourteen categories. The results show that most of the tweets sent by citizens contained no new or relevant information for governments. In addition, the tweets sent by governments were totally ‘snowed under’ in the huge stream of tweets from citizens. Consequently, the tweets sent by governments were very little re-tweeted by Twitter users. The authors conclude that the Moerdijk case does not show a need for a more proactive role of governments on Twitter.


Jelle Groenendaal
Jelle Groenendaal MSc is onderzoeker bij Crisislab en promovendus aan de Radboud Universiteit Nijmegen. E-mail: j.groenendaal@crisislab.nl

Martine de Bas
Martine de Bas MSc is adviseur crisisbeheersing en veiligheid bij de gemeente Papendrecht. E-mail: EM.de.bas@papendrecht.nl

Ira Helsloot
Prof. dr. Ira Helsloot is hoogleraar Besturen van Veiligheid aan de Radboud Universiteit Nijmegen en voorzitter van stichting Crisislab. E-mail: i.helsloot@crisislab.nl
Artikel

Access_open Scheiding van kerk en staat als oorzaak van kerkvernieuwing

Een verrassende transformatie van de rooms-katholieke kerk in de negentiende en twintigste eeuw

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2012
Auteurs Maurice van Stiphout
SamenvattingAuteursinformatie

    The introduction of the separation of Church and State had far-reaching consequences for the Roman Catholic Church. Important changes were: the development of an own Ius Publicum Ecclesiasticum, a more central position of the Pope in the Church and a greater uniformity in the Church community than ever before. In the same time in most Western countries Roman Catholics started an emancipatory process both individually and as a group, participating in political life, (re-)establishing religious communities and catholic associations. All these juridical developments really transformed the Church making also new theological reflection possible resulting in the Second Vatican Council.


Maurice van Stiphout
Mr. dr. M. van Stiphout studeerde rechten, kerkelijk recht en theologie in Leiden, Leuven en Groningen. Hij is stafjurist aan de Interdiocesane Dienst voor het Katholiek Godsdienstonderwijs en lid van het Instituut voor Bedrijfsjuristen, beide in Brussel. Hij publiceert over (historische) kerk-staatverhoudingen, rechtsgeschiedenis, canoniek recht en Vlaams onderwijsrecht. maurice.van.stiphout@telenet.be.
Artikel

Non-pecuniary damages: financial incentive or symbol?

Comparing an economic and a sociological account of tort law

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2012
Auteurs Rob Schwitters
SamenvattingAuteursinformatie

    Schwitters focuses on the differences between economic and a sociological perspectives on non-pecuniary damages. By exposing the alternative perspectives on this issue, he illuminates some methodological differences between both disciplines. Although law and economics has had a positive influence on empirical research, he questions the merits of this perspective when analysing non-pecuniary damages. Law and economics regards non-pecuniary damages exclusively as a financial incentive to realise optimal deterrence and maximisation of welfare. Alternatively, in sociology of law there is also attention for the symbolic dimension of law in which rules are seen as normative standards of behaviour. Compensation is a way to bring the wrongdoer to recognise that he has done wrong and has to compensate the victim, and to show the victim that his rights are taken seriously. Through a sociological lens, the adoption of an exclusively economic model of human behaviour has to be questioned. To what extent human behaviour is really influenced by either financial incentives or by normative standards of behaviour is an open empirical question. Finally, he argues that the decision to base our institutions (such as law) on economic underpinnings is a decision which itself cannot be based on an economic procedure of aggregating individual preferences and maximising welfare.


Rob Schwitters
Rob Schwitters is associate professor (sociology of law) and member of the Paul Scholten Centre (University of Amsterdam). He publishes on tort law, responsibility and liability, the welfare state, compliance and methodological issues.
Artikel

Voorstellen voor verbetering van het wetsvoorstel natuurbescherming

Tijdschrift Tijdschrift voor Omgevingsrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Wet natuurbescherming, soortenbescherming, gebiedsbescherming, intrinsieke waarde natuur
Auteurs Mr. H.M. Dotinga, Mr. E.E. Meijer en Mr. S. Scheerens
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorstel voor de Wet natuurbescherming beoogt één overkoepelende regeling te bieden voor het Nederlandse natuurbeschermingsrecht. Daarbij is als uitgangspunt gekozen dat de bestaande regelgeving versoberd moet worden en dat aansluiting moet worden gezocht bij de Europese regelgeving. In deze kritische bijdrage bespreken de auteurs het wetsvoorstel, de voorgestelde wijzigingen ten opzichte van de bestaande regelgeving, mogelijke conflicten met Europees en internationaal recht, benoemen ze gemiste kansen en geven ze mogelijke alternatieven voor het wetsvoorstel.


Mr. H.M. Dotinga
Mr. H.M. (Harm) Dotinga is senior jurist bij Vogelbescherming Nederland en universitair docent bij het departement Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Utrecht.

Mr. E.E. Meijer
Mr. E.E. (Ernestine) Meijer was ten tijde van het schrijven van deze bijdrage zelfstandig juridisch adviseur voor onder meer Natuurmonumenten.

Mr. S. Scheerens
Mr. S. (Sytske) Scheerens heeft als stagiaire meegewerkt aan het opstellen van alternatieve voorstellen voor een nieuwe Wet natuurbescherming namens een groot aantal samenwerkende Nederlandse natuur-, landschaps- en dierenwelzijnsorganisaties.

    Deze bijdrage bespreekt de remedies uit het GEKR die de koper bij niet-nakoming door de verkoper ten dienste staan. Bezien wordt of de regeling met betrekking tot de remedies vergeleken met het Nederlands recht voordelen kan opleveren voor de koper of de verkoper. Vooral de aandacht verdienen de nakoming, de schadevergoeding en de ontbinding, maar ook zal worden stilgestaan bij enkele algemene punten met betrekking tot de uitoefening van remedies, zoals de klachtplicht. De conclusie luidt dat koper en verkoper allebei geen duidelijke redenen hebben om voor het GEKR te kiezen wat de regeling van de remedies betreft.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is wetenschappelijk onderzoeker en docent bij de sectie Burgerlijk Recht, Erasmus School of Law.

Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. Mr. E.H. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.

Prof. dr. A. De Boeck
Prof. dr. A. De Boeck is hoofddocent privaatrecht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel, docent aan de Universiteit Antwerpen en geaffilieerd onderzoeker aan de KU Leuven.
Artikel

Access_open Religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen: een (deels) gemiste kans

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 2 2012
Trefwoorden CSR, empirical research, religiosity, values
Auteurs Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
SamenvattingAuteursinformatie

    Nowadays the interest in and valuation of Corporate Social Responsibility (CSR) is impressive, but when it comes to the effective implementation of CSR in business practices there seems to be a large gap. In order to advance CSR, it is important to know what motivates executives to contribute to CSR. Religiosity may be a motivational driver of CSR. I investigated whether religiosity influences executives’ view of and contribution to CSR. Based on empirical research conducted among 473 executives, I find that traditional religiosity leads to a philanthropic orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of charity. Otherwise, I find that non-traditional religiosity leads to a financial orientation towards CSR and a significant higher contribution to CSR in terms of diversity.


Corrie Mazereeuw-van der Duijn Schouten
Dr. C. Mazereeuw-van der Duijn Schouten is bedrijfskundige (management van verandering) en algemeen directeur van een metaalverwerkingsbedrijf. Zij promoveerde in 2010 op een onderzoek naar de relatie tussen religie en maatschappelijk verantwoord ondernemen. cmvdds@gmail.com
Artikel

Goede code

De digitale samenleving in balans

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Code, iOverheid, privacy by design, keuzevrijheid, architectuur
Auteurs Dr. J.H. Hoepman en Mr. drs. T.F.M. Hooghiemstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de principes ‘code as law’ (schrijft de techniek de wet voor?) en ‘law as code’ (schrijft de wet de techniek voor?). Geschetst wordt dat deze twee principes meer met elkaar te maken hebben dan op het eerste gezicht lijkt. De schrijvers pleiten voor het concept goede code om de digitale samenleving in balans te brengen: softwarecode gebaseerd op het ‘code is law’-principe, maar als resultaat van een democratisch beslisproces en in wisselwerking met de juridische afbakening (‘law is code’). Zij beschrijven het spanningsveld tussen stuwende beginselen (zoals veiligheid en efficiëntieverhoging) en verankerende beginselen (zoals privacy en keuzevrijheid) overeenkomstig het rapport iOverheid van de WRR, dat bij politiek en beleid tot voor kort onder de radar bleef. Voor een zorgvuldige keuze tussen stuwende en verankerende beginselen zijn procesbeginselen zoals transparantie noodzakelijk. Het vervolg van de bijdrage gaat over goede code. Wat is noodzakelijk en mogelijk om te komen tot goede code? Welke ontwerpprincipes dienen daarbij te gelden? Tot slot wordt het proces beschreven om tot goede code te komen.


Dr. J.H. Hoepman
Dr. J.H. Hoepman is Senior onderzoeker computerveiligheid, privacy en identity management bij TNO en hoofddocent bij het Instituut voor computer- en informatiewetenschappen van de Radboud Universiteit Nijmegen. jhh@cs.ru.nl

Mr. drs. T.F.M. Hooghiemstra
Mr. drs. T.F.M. Hooghiemstra is sectormanager onderwijs, cultuur, welzijn en zorg en adviseur bij Het Expertise Centrum in Den Haag. t.hooghiemstra@hec.nl
Artikel

Het EVRM en de handhaving in het mededingingsrecht

De zaak Menarini uitgelicht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 1 2012
Trefwoorden artikel 6 EVRM, handhaving, ‘criminal charges’, procedurele waarborgen, rechterlijke toetsing
Auteurs A.E. Beumer, LLM en Dr. C.J. Van de Heyning, LLM
SamenvattingAuteursinformatie


A.E. Beumer, LLM
A.E. Beumer, LLM is als PhD onderzoeker verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.

Dr. C.J. Van de Heyning, LLM
Dr. C.J. Van de Heyning, LLM is als universitair docent verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 68 gevonden teksten
« 1 3 4
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.