Zoekresultaat: 92 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Art. 2:207c BW is vervallen – leve de steunverlening?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden steunverlening, aansprakelijkheid, tegenstrijdig belang, doeloverschrijding, pauliana
Auteurs Mr. J.H.L. Beckers
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het schrappen van artikel 2:207c BW is het leerstuk van de (financiële) steunverlening verleden tijd. Naar huidig recht moet steunverlening worden getoetst aan de algemene regels voor bestuurshandelen. In deze bijdrage wordt ingegaan op het aansprakelijkheidskader en de betekenis van de regels inzake doeloverschrijding, tegenstrijdig belang en de pauliana.


Mr. J.H.L. Beckers
Mr. J.H.L. Beckers is wetenschappelijk medewerker bij NautaDutilh te Amsterdam en verbonden aan het Van der Heijden Instituut van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

De gewijzigde Leidraad: leasebranche weer veilig, maar tegen hoge prijs

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden bodemrecht, bodemverhuurconstructie, Invorderingswet 1990, Leidraad Invordering 2008, (operational en financial) lease
Auteurs Mr. C.P.M. Braeken
SamenvattingAuteursinformatie

    In een poging leasemaatschappijen buiten de reikwijdte van art. 22bis IW 1990 te laten vallen is de Leidraad Invordering 2008 gewijzigd. In deze bijdrage wordt onderzocht of de gewijzigde Leidraad zijn doel verwezenlijkt en inderdaad voldoende ruimte biedt voor leasemaatschappijen om buiten de reikwijdte van art. 22bis IW 1990 te vallen.


Mr. C.P.M. Braeken
Mr. C.P.M. Braeken is per 1 juni 2014 werkzaam als advocaat-stagiaire bij Stibbe.
Artikel

De stand van zaken omtrent de betekenis van het fiduciaverbod voor factoring

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 2 2014
Trefwoorden fiduciaverbod, artikel 3:84 lid 3 BW, factoring, Kraamzorg Nederland
Auteurs Mr. N.T. Brusik
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de stand van zaken over de betekenis van het fiduciaverbod voor factoring naar aanleiding van de uitspraken van de Rechtbank Utrecht en het Hof Amsterdam inzake Kraamzorg Nederland.


Mr. N.T. Brusik
Mr. N.T. Brusik is advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

Naar een betere waarborging van de onafhankelijkheid van de faillissementscurator

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden positie faillissementscurator, rechtsvergelijking, Europese Insolventieverordening, benoeming en ontslag curator, juridische beroepen
Auteurs Prof. mr. B. Wessels
SamenvattingAuteursinformatie

    Het thema ‘onafhankelijkheid van de faillissementscurator’ wordt onderzocht, mede vanuit rechtsvergelijkend en internationaal perspectief. Dit leidt tot een beschouwing van de onafhankelijkheid van een curator ten opzichte van de schuldenaar, van de schuldeisers en ten opzichte van de rechter-commissaris. Europese ontwikkelingen nopen er mede toe vaart te maken met het in de wet vastleggen van regels die de onafhankelijkheid van een faillissementscurator waarborgen.


Prof. mr. B. Wessels
Prof. mr. B. Wessels is juridisch adviseur te Dordrecht en hoogleraar internationaal insolventierecht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Conflictmanagement binnen bedrijven in zwaar weer

De mediërende rol van turnaround managers bij het motiveren van werknemers in een reorganisatie onder druk

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Turnaround Management, Financial Distress, employee, motivation
Auteurs Janneke Vissers, Jan Adriaanse en Jean-Pierre van der Rest
SamenvattingAuteursinformatie

    Employee resistance to change is a key factor to turnaround failure. Interim managers who support companies in financial distress, mediate between employees, management, shareholders, bank, and other stakeholders in order to solve organisational conflicts. This article explores the internal social dynamic aspects of a turnaround. It develops a theoretical framework on the role of trust, emotion and communication, and its affect on reducing internal resistance, and describes the outcomes of an exploratory research study. Findings confirm that employee motivation to make a reorganisation a success significantly impacts upon turnaround success. Resistance can be reduced by an open communication climate, offering a new perspective, attention to emotions, managing by walking around, and ‘practicing what you preach’. More research is necessary to generalize the findings and to better understand success and failure factors.


Janneke Vissers
Janneke Vissers volgde een minor Bedrijfswetenschappen bij de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – tijdens haar studie Psychologie aan de Universiteit Leiden. Onlangs ontving zij van de Vrije Universiteit Amsterdam een Master degree in Bedrijfswetenschappen.

Jan Adriaanse
Jan Adriaanse is hoogleraar Turnaround Management, geeft leiding aan de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – Universiteit Leiden en is oprichter en directeur van Turnaround Powerhouse® te Rotterdam.

Jean-Pierre van der Rest
Jean-Pierre van der Rest is Visiting Research Scholar bij de Afdeling Bedrijfswetenschappen – Faculteit der Rechtsgeleerdheid – Universiteit Leiden, en directeur Onderzoek en lector bij Hotelschool Den Haag.
Artikel

De nieuwe flex-bv en doorbraak van aansprakelijkheid in concernverhoudingen

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Flex-BV, aanwijzingsbevoegdheid, doorbraak, aansprakelijkheid en concernverband.
Auteurs Mr. M.G. van den Boogerd en Mr. E.J. Luten
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 oktober 2012 is artikel 2:239 lid 4 BW gewijzigd, in die zin dat de in de statuten van een vennootschap op te nemen aanwijzingsbevoegdheid niet langer beperkt is tot algemene beleidslijnen. Het bestuur is gehouden de aanwijzingen op te volgen, tenzij deze in strijd zijn met het belang van de vennootschap. De reeds in de praktijk bestaande feitelijke instructiemacht van de AVA krijgt daarmee een wettelijke basis. In deze bijdrage wordt stilgestaan bij de mogelijke gevolgen die deze wetswijziging heeft voor het leerstuk van de doorbraak van aansprakelijkheid in concernverband.


Mr. M.G. van den Boogerd
Mr. M.G. van den Boogerd is als advocaat werkzaam bij Kneppelhout & Korthals Advocaten te Rotterdam.

Mr. E.J. Luten
Mr. E.J. Luten is als advocaat werkzaam bij Kneppelhout & Korthals Advocaten te Rotterdam.
Artikel

Aansprakelijkheidsbeperking van (markt)toezichthouders: de weg naar beter toezicht?

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden aansprakelijkheid, gatekeepers, preventie, rechtseconomie, toezichthouders
Auteurs Mr. drs. R.J. Dijkstra en Mr. dr. L.T. Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel onderzoeken wij met behulp van inzichten uit de rechtseconomie of beperking van de aansprakelijkheid van toezichthouders wegens falend toezicht wenselijk is. Omdat er redenen zijn om te vrezen dat onbeperkte aansprakelijkheid tot excessief toezicht leidt, betogen wij dat de aansprakelijkheid inderdaad beperkt moet worden. Deze beperking moet niet bestaan in een maximumbedrag waarvoor de toezichthouder aansprakelijk kan zijn, maar in een soepeler gedragsstandaard, zoals ‘opzet of grove schuld’.


Mr. drs. R.J. Dijkstra
Mr. drs. R.J. Dijkstra is werkzaam als parttime promovendus bij de Universiteit van Tilburg.

Mr. dr. L.T. Visscher
Mr. dr. L.T. Visscher is werkzaam als universitair hoofddocent bij het Rotterdam Institute of Law and Economics (RILE) van de Erasmus School of Law.
Artikel

Belastingplan 2013: de beoogde versterking van het bodemvoorrecht van de fiscus

Juridische en economische implicaties

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 11 2012
Trefwoorden bodemvoorrecht fiscus, stil pandrecht, eigendomsvoorbehoud, bodemverhuur, Pauliana, Invorderingswet 1990
Auteurs Mr. R. van den Bosch
SamenvattingAuteursinformatie

    Als gevolg van een voorgenomen aanpassing van de Invorderingswet 1990 in het kader van het Belastingplan 2013 worden de rechten van financiers met een stil pandrecht en eigendomsvoorbehoud ondergeschikt gemaakt aan het bodemvoorrecht van de fiscus. Met het oog op de te verwachten juridische en economische implicaties pleit de auteur voor opschorting en heroverweging van de voorgestelde aanpassing.


Mr. R. van den Bosch
Mr. R. van den Bosch is als bedrijfsjurist werkzaam voor ING Bank.

Prof. mr. C.E.C. Jansen
Prof. mr. C.E.C. Jansen is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam, hoogleraar privaatrechtelijk bouwrecht aan de Universiteit van Tilburg en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof ’s-Hertogenbosch. De auteur dankt mw. mr. A.T.M. van den Borne voor haar opmerkingen bij een conceptversie van dit artikel. Het artikel is afgesloten op 11 april 2012.
Artikel

Girale betaling, automatische incasso en het recht van storno

HR 16 september 2011, LJN BQ8732 (SNS/Pasman q.q.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2012
Trefwoorden betalingstransacties, giraal betalingsverkeer, incasso, stornering
Auteurs Mr. dr. B. Bierens
SamenvattingAuteursinformatie

    In HR 16 september 2011 (LJN BQ8732, SNS/Pasman q.q.) oordeelde de Hoge Raad over automatische incasso en de bevoegdheid tot het terugboeken door de bank van geïncasseerde tegoeden (‘stornering’). Deze bevoegdheid kan ook worden uitgeoefend zonder dat sprake is van een overschrijding van de kredietlimiet op de geïncasseerde rekening. Deze bijdrage plaatst het arrest in de bredere context van het giraal betalingsverkeer.


Mr. dr. B. Bierens
Mr. dr. B. Bierens is hoofd Legal Department Wholesale, Corporate Finance, bij Rabobank Nederland.
Artikel

Pompen of verzuipen?

Bestuurder in de gevarenzone: ken uw getallen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden insolventie, reorganisatie, bestuur, onbehoorlijke taakvervulling
Auteurs Mw. mr. A.P.G. Gielen en Mr. C. Bijl
SamenvattingAuteursinformatie

    ‘Pompen of verzuipen? Bestuurder in de gevarenzone: ken uw getallen’ is een bewerking van een paper van de auteurs geschreven ten behoeve van de Insolad-cursus ‘Financiële economie voor curatoren’. Onderzocht is of bedrijfseconomische indicatoren handvatten kunnen bieden voor het te voeren beleid van noodlijdende ondernemingen. De auteurs concluderen dat bestuurders zich onvoldoende bewust zijn van het nut van het besturen van de onderneming aan de hand van actuele managementinformatie, die hen in staat kan stellen feitelijke insolventie te voorkomen en tijdig te reorganiseren. Bepleit wordt een wettelijk systeem waarbij de bestuurder door periodieke registraties wordt gedwongen elementaire managementinformatie beschikbaar te hebben, bij gebreke waarvan bij faillissement een wettelijk vermoeden van onbehoorlijke taakvervulling ontstaat.


Mw. mr. A.P.G. Gielen
Mw. mr. A.P.G. Gielen is advocaat bij Vlaskamp Advocaten B.V. te Amersfoort.

Mr. C. Bijl
Mr. C. Bijl is advocaat bij Van Zeijl Bijl Aartsen Advocaten te Harderwijk.
Artikel

Corporate Governance, de financiële crisis en het subsidiariteitsbeginsel

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 4 2011
Trefwoorden Corporate Governance, EU Groenboek, Green Paper Financial Institutions, Green Paper Corporate Governance, financiële instellingen
Auteurs Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    Bij de onderzoeken naar de oorzaken van de financiële crisis werd ook de rol van Corporate Governance onder de loep genomen. Dit is aanleiding geweest voor de publicatie door de Europese Commissie van twee Groenboeken over respectievelijk Corporate Governance bij financiële instellingen en beloningsbeleid en de Europese Corporate Governance-structuur. Hierbij worden impliciet veel voorstellen voor nieuwe Corporate Governance-regels gedaan. In deze bijdrage wordt een aantal van deze voorstellen getoetst aan het subsidiariteitsbeginsel en het proportionaliteitsbeginsel die in art. 5 leden 3 en 4 TEU zijn vastgelegd en in de literatuur zijn uitgewerkt. Hierbij wordt ook bekeken of regulering van Corporate Governance-onderwerpen op EU-niveau ingaat tegen nationale voorkeuren in de vennootschappelijke regelgeving en dit gerechtvaardigd wordt door de noodzaak tot ingrijpen door de EU. Geconcludeerd wordt dat bij ‘gewone’ vennootschappen terughoudendheid moet worden betracht bij het invoeren van inhoudelijke aanvullende Corporate Governance-regels. Bij financiële instellingen is regulering op EU-niveau gewenst omdat aannemelijk is dat een falende Corporate Governance bij deze instellingen heeft bijgedragen aan de financiële crisis en een bedreiging vormt voor het Europese financiële systeem.


Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel recht bij de Universiteit Utrecht en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Kwijtschelding: de gevolgen voor de debiteur en de kwijtscheldingswinstvrijstelling

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 11 2011
Trefwoorden zakelijk versus onzakelijk, prijsgeven, insolventie, fiscale eenheid
Auteurs Mr. M. Kangarani
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage brengt de auteur de fiscale gevolgen van de kwijtschelding van een vordering voor de debiteur in kaart. Daarnaast komen de voorwaarden om in aanmerking te komen voor een belastingvrijstelling voor de kwijtscheldingswinst aan de orde.


Mr. M. Kangarani
Mr. M. Kangarani is werkzaam als fiscalist bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De erkenning en tenuitvoerlegging van Europese beslissingen in het licht van de Europese beginselen van procesrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2011
Trefwoorden wederzijds vertrouwen, erkenning, tenuitvoerlegging, art. 6 EVRM, art. 47 EU-Handvest, exequaturprocedure
Auteurs Mr. M. Freudenthal
SamenvattingAuteursinformatie

    Gebaseerd op het beginsel van ‘wederzijds vertrouwen’ dat EU-staten in elkaars rechtspraak geacht worden te hebben, wordt de grensoverschrijdende erkenning en tenuitvoerlegging van civiele beslissingen binnen de EU gaandeweg vereenvoudigd, dat deze beslissingen geen exequaturprocedure behoeven. Ter bescherming van de (niet verschenen) gedaagde dienen de procesrechtelijke beginselen van art. 6 EVRM en art. 47 EU-Handvest hierbij ijkpunt te zijn. Centraal staat het beginsel van ‘hoor en wederhoor’ dat in de EET-Vo gewaarborgd is o.m. door aan de betekening minimumvereisten te verbinden. In deze bijdrage wordt nagegaan of de balans tussen deze vereenvoudiging en de waarborgen die opgenomen zijn ter bescherming van de gedaagde evenwichtig is.


Mr. M. Freudenthal
Mr. M. Freudenthal is honorair hoofdonderzoeker aan het Molengraaff Instituut te Utrecht.
Artikel

Access_open Boek 10 BW – een grote stap in de codificatie van het internationaal privaatrecht

Achtergronden en enige kanttekeningen

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Boek 10 BW internationaal privaatrecht, codificatie, algemene bepalingen, redelijkheid en billijkheid ook voor het IPR?, tweedeling BW-RV geschikt voor IPR?, verhouding tot het buitenlandse IPR
Auteurs Prof. mr. A.V.M. Struycken
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 januari 2012 zal er een Boek 10 BW zijn dat de codificatie bevat van een groot deel van het Nederlandse IPR. Het gaat om een consolidatie van een reeks IPR-wetten die sedert 1980 tot stand zijn gekomen. Aandacht wordt besteed aan het proces van voorbereiding van Boek 10, aan de functie van de redelijkheid en billijkheid in het IPR, aan de geschiktheid van het BW als onderdak voor het IPR, aan de verhouding tot het buitenlandse IPR en aan enige algemene bepalingen.


Prof. mr. A.V.M. Struycken
Prof. mr. A.V.M. Struycken is emeritus hoogleraar burgerlijk recht, internationaal privaatrecht en rechtsvergelijking aan de Radboud Universiteit Nijmegen en oud-voorzitter van de Staatscommissie voor Internationaal Privaatrecht.
Artikel

Access_open Bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken naar Nederlands, Duits en Amerikaans recht

Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren?

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2011
Trefwoorden pandrecht, fiduciaire eigendomsoverdracht, zekerheidsrechten, Europees vermogensrecht, goederenrecht, publiciteit
Auteurs Mr. M.A. Heilbron
SamenvattingAuteursinformatie

    Is het mogelijk en wenselijk een Europees openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten op roerende zaken te creëren? Dat is de vraag die in dit artikel aan de orde komt. Zij past binnen een bestaand debat over de toekomst van het zekerhedenrecht in het Europees privaatrecht. Om tot een antwoord op deze vraag te komen worden de rechtsstelsels van drie landen op het gebied van stille zekerheidsrechten vergeleken: dat van Nederland, Duitsland en de Verenigde Staten. Deze landen kennen momenteel onderling zeer verschillende systemen voor zekerheidsrechten op roerende zaken. Er wordt nagegaan of er in de Europese Unie behoefte bestaat aan harmonisatie van (delen van) het zekerhedenrecht en zo ja, of deze zou kunnen plaatsvinden door middel van de invoering van een openbare registratie voor zekerheidsrechten. Openbare registratie heeft publieke kenbaarmaking van zekerheidsrechten tot gevolg. Er zal worden onderzocht of het goederenrechtelijke publiciteitsbeginsel voldoende rechtvaardiging biedt voor het in het leven roepen van een openbaar register voor zekerheidsrechten.
    Naar de mening van de auteur is een openbaar register voor bezitloze zekerheidsrechten de meest wenselijke keuze voor het zekerhedenrecht in de EU. Dat komt met name doordat registratie bestaande bezwaren omtrent stille zekerheidsrechten weg zal nemen en een dergelijk recht overal in de EU erkend zal worden. Dat brengt naar haar mening de meeste rechtszekerheid voor het zekerhedenrecht.


Mr. M.A. Heilbron
Mr. M.A. Heilbron is afgestudeerd aan de Universiteit van Amsterdam in het privaatrecht.
Artikel

Arbitrage en het draagvlak bij insolventieprocedures

Tijdschrift Nederlands-Vlaams tijdschrift voor mediation en conflictmanagement, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Arbitrage, Insolventie, toepasselijk recht, praktische gevolgen
Auteurs Dirk De Meulemeester
SamenvattingAuteursinformatie

    An arbitrator and the parties can be confronted with an insolvent party. In such event the arbitrator will have to integrate the effects of the insolvency into the arbitration proceedings and consider several precautions in order to render a valid and enforceable award. The main principle when tackling most of these issues is the equality of creditors. Another issue can be the identification of the applicable (system of) law. The effect of the insolvency can vary considerably depending thereon. In domestic arbitration this will not be an issue. Also, when the parties all come from EU-member states, the identification of the applicable law and the effects of the insolvency are covered by the European Insolvency Regulation. But in other international disputes the relationship between bankruptcy law and arbitration can be complex and uncertain. To illustrate the difficulty of the issues the Syska Vivendi case serves as an excellent example. Finally we describe the impact on the way the arbitration is conducted by the tribunal and on the administration and supervision of the arbitration by the institution.


Dirk De Meulemeester
Dirk De Meulemeester is advocaat.
Artikel

The proof of the pudding…: het nieuwe EU-toezichtstelsel voor de financiële sector

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden toezicht, banken, verzekeringsmaatschappijen, effectenhandel, financiële sector
Auteurs Mr. J.C. van Haersolte
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2011 is in de Europese Unie het nieuwe toezichtstelsel voor de financiële sector in werking getreden. Het is een groot bouwwerk geworden met drie sectorale pilaren (EBA, EIOPA en ESMA). De ECB fungeert, in de gedaante van de ESRB, als entablement en de ondergrond wordt gevormd door de toezichthouders in de lidstaten. In dit artikel komen de belangrijkste verschillen met de reeds eerder in NTER besproken voorstellen van september 2009 aan de orde.– Verordening (EU) nr. 1092/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 betr. macroprudentieel toezicht van de Europese Unie en tot oprichting van een Europees Comité voor systeemrisico’s, Pb. EU 2010, L 331/1;– Verordening (EU) nr. 1093/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Bankautoriteit), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/78/EG van de Commissie, Pb. EU 2010, L 331/12;– Verordening (EU) nr. 1094/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor verzekeringen en bedrijfspensioenen), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/79/EG van de Commissie, Pb. EU 2010, L 331/48;– Verordening (EU) nr. 1095/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 24 november 2010 tot oprichting van een Europese toezichthoudende autoriteit (Europese Autoriteit voor effecten en markten), tot wijziging van Besluit nr. 716/2009/EG en tot intrekking van Besluit 2009/77/EG van de Commissie, Pb. EU 2010, L 331/84;– Verordening (EU) Nr. 1096/2010 van het Europees Parlement en de Raad van 17 november 2010 tot toewijzing aan de Europese Centrale Bank van specifieke taken betreffende de werking van het Europees Comité voor systeemrisico’s, Pb. EU 2010, L 331/162


Mr. J.C. van Haersolte
Mr. J.C. van Haersolte is jurist EU-recht, bureau Secretaris bij de Raad van State.
Artikel

De wet tot implementatie van de FZO-wijzigingsrichtlijn (2009/44/EG): zekerheid over zekerheid?

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden financiëlezekerheidsovereenkomst, 2002/47/EG, kredietvordering, 2009/44/EG
Auteurs Mr. P. Heemskerk
SamenvattingAuteursinformatie

    De wet tot implementatie van Richtlijn 2009/44/EG (waarbij Richtlijn 2002/47/EG is gewijzigd) maakt mogelijk dat naast geld en effecten ook zogeheten ‘kredietvorderingen’ kunnen worden verschaft als zekerheid onder een financiëlezekerheidsovereenkomst. In de bijdrage wordt de implementatiewet besproken. Niet zelden lijkt de implementatiewet, die raakt aan de fundamenten van het Nederlandse goederenrecht, niet helemaal doordacht.


Mr. P. Heemskerk
Mr. P. Heemskerk is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

Nieuwe vereisten aan securitisatietransacties in de Regeling securitisaties Wft 2010

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 3 2011
Trefwoorden financiële ondernemingen, securitisaties, Wet op het financieel toezicht, Besluit prudentiële regels Wft
Auteurs Mr. R.J.W. Analbers
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op de nieuwe vereisten die door de Regeling securitisaties Wft 2010 worden gesteld aan financiële ondernemingen die betrokken zijn bij een securitisatietransactie.


Mr. R.J.W. Analbers
Mr. R.J.W. Analbers is advocaat bij Clifford Chance te Amsterdam.
Toont 1 - 20 van 92 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.