Zoekresultaat: 20 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2011 x Rubriek Artikel x
Artikel

‘De Tweede Kamermethode’: versterkte parlementaire invloed op Europese besluitvorming

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 6 2011
Trefwoorden Tweede Kamer, EU-besluitvorming, subsidiariteit, behandelvoorbehoud, BNC-fiche, gele kaart, nationale parlementen
Auteurs Drs. J. Kester en Dr. M. van Keulen
SamenvattingAuteursinformatie

    In de afgelopen jaren heeft de Kamer haar betrokkenheid bij Europese ontwikkelingen en wetgevende voorstellen aanzienlijk versterkt. Vanuit hun ervaring in de EU-staf beschrijven de auteurs hoe de Tweede Kamer Europese besluitvormingsprocessen beïnvloedt. In de decentrale aanpak blijft de betrokkenheid niet beperkt tot de woordvoerders Europa. Instrumenten als de subsidiariteitstoets en het recent ingevoerde behandelvoorbehoud worden uiteengezet. Dit wordt toegelicht met praktijkcases van een ‘vakcommissie’ die veel meer is gaan doen aan de Europese Unie: Sociale zaken. De Kamerinbreng wordt minder juridisch-technisch en meer politiek. Soms wat korter door de bocht, maar een duidelijke bijdrage aan de politisering van het EU-beleid.


Drs. J. Kester
Drs. J. Kester was van 2008 t/m 2010 EU-adviseur van de Tweede Kamer en griffier van de Tijdelijke commissie subsidiariteitstoets. Hij was eerder werkzaam bij de Europese Commissie en het ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. jkester@minszw.nl

Dr. M. van Keulen
Dr. M. van Keulen is griffier van de vaste commissie voor Europese zaken en coördinator van de EU-staf van de Tweede Kamer; hiervoor was zij verbonden aan onder meer het Instituut Clingendael en de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. m.vkeulen@tweedekamer.nl
Artikel

Een victimologisch perspectief op het internationale strafrecht

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2011
Trefwoorden international crimes, victimology, (international) criminal justice, victims’ rights
Auteurs Dr. Antony Pemberton, Prof. mr. dr. Rianne Letschert, Dr. mr. Anne-Marie de Brouwer e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    This article develops a victimological perspective on international criminal justice, based on a review of the main victimological characteristics of international crimes. These include the complicity or active involvement of government agencies, the large numbers of victims and the peculiar position of international crime victims who, at the time the crimes are committed, are usually not viewed as victims by the perpetrators, but placed outside the moral sphere or even depicted as perpetrators rather than victims.Key elements of this perspective concern the external coherence of the criminal justice reaction - the interlinking of criminal justice with other reparative efforts - as well as its internal coherence - the extent to which the procedures of international criminal justice are aligned with what it realistically can and should achieve. With internal coherence in mind, the article examines the victimological findings relating to the main rights of victims in the criminal procedure (recognition/acknowledgement, information/participation and compensation/reparation) and subsequently analyzes how the specifics of international crimes moderate them.


Dr. Antony Pemberton
Dr. A. Pemberton is associate professor of victimology aan het International Victimology Institute Tilburg van Tilburg University, a.pemberton@uvt.nl.

Prof. mr. dr. Rianne Letschert
Prof. mr. dr. R.M. Letschert is professor of victimology and international law aan het International Victimology Institute Tilburg van Tilburg University, r.m.letschert@uvt.nl.

Dr. mr. Anne-Marie de Brouwer
Dr. mr. A.-M. de Brouwer is associate professor of international criminal law aan het Department of Criminal Law van Tilburg University, a.l.m.debrouwer@uvt.nl.

Mr. dr. Roelof Haveman
Mr. dr. R.H. Haveman is freelance Rule of Law Consultant, momenteel gestationeerd in Côte d’Ivoire, roelof.haveman@gmail.com.
Artikel

Normontwikkeling door Thematisch Toezicht

De invloed van risicogebaseerde responsiviteit op normontwikkeling

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden toezicht, normontwikkeling, risico’s, responsiviteit, Inspectie voor de Gezondheidszorg
Auteurs Drs. F.C.J. Neefjes, Prof. dr. R. Bal en Prof. dr. P.B.M. Robben
SamenvattingAuteursinformatie

    Responsiviteit van toezichthouders wordt veelal beschreven in procedurele zin dan wel in de zin van rekening houden met de nalevingsbereidheid van ondertoezichtstaanden. In dit artikel introduceren wij een derde vorm van responsiviteit, gericht op het type risico dat centraal staat in het toezicht. In dit artikel wordt de invloed van risicogebaseerde responsiviteit op normontwikkeling door ondertoezichtstaanden onderzocht. Het kwalitatief onderzoek bestaat uit een analyse van twee Thematisch Toezichtsprojecten van de Inspectie voor de Gezondheidszorg en laat een samenhang zien tussen de mate van responsiviteit en het type risico dat centraal staat in het Thematisch Toezicht. Naarmate er een betere match is tussen de aard van de interacties die de inspectie aangaat met het veld enerzijds en de aard van de risico’s die centraal staan in het toezicht, blijkt het toezicht door te werken in normontwikkeling. Hoewel wordt gepleit voor het gebruik van het concept van risicogebaseerde responsiviteit in het toezicht, is nader onderzoek nodig naar de werkingsmechanismen en de effecten daarvan.


Drs. F.C.J. Neefjes
Drs. F.C.J. Neefjes is inspecteur bij de Inspectie voor de Gezondheidszorg, Amsterdam.

Prof. dr. R. Bal
Prof. dr. R. Bal is hoogleraar bij het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. P.B.M. Robben
Prof. dr. P.B.M. Robben is werkzaam bij de Afdeling Onderzoek en Innovatie, Inspectie voor de Gezondheidszorg en hoogleraar bij het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Jazzy structures

Een slotbeschouwing over de toekomst van veiligheid

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2011
Auteurs Hans Boutellier
SamenvattingAuteursinformatie

    The author provides a discussion of the articles in this issue of the Tijdschrift voor Veiligheid (Journal on Security) on the occasion of its tenth anniversary. He notes that there is an increasing hybridising, subjectification and fragmentation in the security area. The increasing interweaving of security politics seems to apply least to a common approach in ‘social security and physical safety issues’ (crime control and disaster and crisis management), while exactly this was aimed for in so-called integral security politics. According to the author that is the case because of ‘the moral pin’, which plays a dominant role in crime, but not in safety issues. The entanglement of forms of security identified by the author has a normative basis – it comes from the social order of an increasingly complex society. For the future an ever greater responsibilisation can be expected, in which the perception of security becomes even more important than it is now already. Not a big orchestrated security policy, but jazzy structures will then determine the prospects.


Hans Boutellier
Prof. dr. J.C.J. (Hans) Boutellier is algemeen directeur van het Verwey-Jonker Instituut en hoogleraar Veiligheid & Burgerschap aan de Vrije Universiteit Amsterdam, Faculteit der Sociale Wetenschappen, Afdeling Bestuurswetenschappen, De Boelelaan 1081, 1081 HV Amsterdam. E-mail: j.c.j.boutellier@vu.nl
Artikel

Access_open Geloven in onderwijs

Het kennisgebied geestelijke stromingen in het Nederlands basisonderwijs

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2011
Trefwoorden primary education, religious movements
Auteurs Marietje Beemsterboer
SamenvattingAuteursinformatie

    Since the introduction of the Primary Education Act in 1985, all Dutch primary schools are obliged to teach religious movements as a subject, to make children aware that they are growing up in a multicultural society. Although many schools endorse the idea of education in spiritual movements, recent study shows that currently only 14% of the Dutch primary schools teach all religious movements without focusing on one tradition. This article discuss what the legislator had in mind with the obligation to educate religious movements, what it became in practice and the opportunities schools see for education in religious movements.


Marietje Beemsterboer
Mw. M.M. Beemsterboer MPhil, BA, BEd, studeerde in 2011 af als Master of Philosophy in Religious Studies aan de Universiteit van Leiden. Zij is momenteel werkzaam als groepsleerkracht in het basisonderwijs en als docent levensbeschouwing in het middelbaar onderwijs.
Artikel

De reclassering en licht verstandelijk beperkte cliënten

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2011
Trefwoorden intellectual disabilitie, probation, supervision, screening
Auteurs René Poort, Jacqueline Bosker en Marjolein Agema
SamenvattingAuteursinformatie

    The Dutch probation service has some indications that a substantial part of the probationers have intellectual disabilities. However, there is a lack of reliable information on the exact numbers. Three issues concerning probationers with intellectual disabilities are discussed, that ask further research and development in the field of probation. The first issue is the necessity to improve screening and assessment. Reliable and valid assessment of an intellectual disability is important to match interventions and supervision to the possibilities and skills of probationers. A second issue is the availability of interventions and policy that are suitable for probationers with intellectual disabilities. Some examples are given on offender supervision. Besides that, probation officers must have enough knowledge and skills to supervise this group in an effective way. A third issue is the co-operation of the probation service with mental healthcare.


René Poort
René Poort is hoofd van het cluster Beleidsrealisatie bij Reclassering Nederland.

Jacqueline Bosker
Jacqueline Bosker is als senior beleidsmedewerker werkzaam bij Reclassering Nederland. Daarnaast is zij als onderzoeker verbonden aan het lectoraat Werken in Justitieel Kader van de Hogeschool Utrecht.

Marjolein Agema
Marjolein Agema is als beleidsmedewerker werkzaam bij Reclassering Nederland. Zij werkt als beleidsmedewerker voor regio Noord-Nederland en is daarnaast landelijk projectleider van de pilot LVB en aandachtsfunctionaris voor de landelijke beleidsportefeuille LVB.
Artikel

Access_open Een discipline in transitie

Rechtswetenschappelijk onderzoek na de Commissie Koers

Tijdschrift Law and Method, 2011
Trefwoorden rechtswetenschappelijk onderzoek, peer review, ranking, methodologie, grand challenges
Auteurs Carel Stolker
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2010 verscheen het rapport Kwaliteit & diversiteit van de Commissie Koers die het wetenschappelijk onderzoek van negen Nederlandse juridische faculteiten beoordeelde. De conclusie van het rapport is dat het ‘goed’ gaat met het rechtswetenschappelijk onderzoek in Nederland, maar tegelijkertijd ziet de Commissie ‘een discipline in transitie’. De Commissie dringt er bij de decanen van de faculteiten op aan om veel meer te gaan samenwerken. Als uitgesproken ‘zwak’ benoemt ze het gegeven dat er binnen de discipline geen algemeen gedeelde opvatting bestaat over de wetenschappelijke kwaliteit op grond waarvan onderzoeksresultaten beoordeeld kunnen worden. In deze bijdrage blikt de auteur aan de hand van de bevindingen van de Commissie Koers terug en trekt hij lijnen naar de toekomst. Volgens hem verdient vooral de externe oriëntatie aandacht: de wetenschappelijke verantwoording (peer review, ranking, impactmeting), de steeds belangrijker wordende maatschappelijke verantwoording, en de thematisering van het juridische onderzoek (de Europese ‘grand challenges’ en de Nederlandse topsectoren).


Carel Stolker
Prof. mr. Carel Stolker was decaan van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden. Daarvoor was hij vice-decaan voor het onderzoek en directeur van het facultaire E.M. Meijers Instituut. In het academisch jaar 2011-2012 werkt hij aan een boek over rechtenfaculteiten.
Artikel

Wonen, wijken en diversiteit

Een interpretatieve beleidsanalyse van de legitimering van de relatie tussen huisvesting en integratie in ‘probleemwijken’

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2011
Trefwoorden legitimacy, housing, integration, interpretative policy analysis
Auteurs Marleen van der Haar en Ashley Terlouw
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article we study ways in which the relationship between housing and integration of migrants are being justified and legitimated in policy documents from the cities of Arnhem and Nijmegen. Making use of a critical frame analysis, we are particularly interested in the assumptions made with regard to the preferred population composition of neighbourhoods, images of ‘normality’ and ‘the ideal society’. Based on the analysis of a set of policy documents (such as the most recent coalition agreement, housing policy document and several neighbourhood plans of each city) and a pilot study that includes interviews with local administrators and residents of twelve neighbourhoods, we found that most problems that are being related to residential segregation in neighbourhoods are defined in socio-economic terms. In general, the data show that the mixing of people with different socio-economic positions is thought to be the solution to this problem. References to migrants are mainly indirect: many documents mention that a large part of the poor people are migrants. The issue of integration is mostly dealt with in documents that focus on so-called ‘problem neighbourhoods’. We conclude that the desirability of diverse neighbourhoods in terms of types of housing and groups of people is widespread. Yet the assumptions on which these ideas are built remain largely implicit.


Marleen van der Haar
Marleen van der Haar is postdoc onderzoeker en docent bij het Institute for Management Research, Radboud Universiteit Nijmegen. Op dit moment doet zij (samen met Mieke Verloo en Iris van Huis) een studie naar organisaties in de publieke sector die projecten uitvoeren met als doel bepaalde mannen te emanciperen en te activeren. Hiervoor deed zij (samen met Dvora Yanow) aan de Vrije Universiteit onderzoek naar de implicaties van het gebruik van de beleidstermen allochtoon en autochtoon. In 2007 promoveerde zij op een proefschrift over de manieren waarop professionele repertoires van maatschappelijk werkers beïnvloed worden door hulpverlening aan een cultureel divers cliëntenbestand. Kenmerkend voor haar werk is het gebruik van een combinatie van kritische frameanalyse en etnografisch onderzoek.

Ashley Terlouw
Ashley Terlouw is hoogleraar rechtssociologie aan de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij studeerde rechten aan de Universiteit Utrecht en werkte onder meer als wetenschappelijk medewerker bij het stafbureau Vreemdelingenzaken van de Rechtbank Den Haag en als hoofd van de afdeling Vluchtelingen bij Amnesty International Nederland. In 2003 promoveerde zij aan de Radboud Universiteit op een rechtssociologisch onderzoek naar samenwerking tussen vreemdelingenrechters. In de periode 2004-2008 was zij als commissielid verbonden aan de Commissie gelijke behandeling. Zij publiceert op het gebied van gelijke behandeling, rechtspleging en migratierecht.
Artikel

Beleidsevaluatie ex ante en rechtsvergelijking

Perspectief voor een integrale en internationaal vergelijkende beoordeling van nieuw beleid en wetgeving

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2011
Trefwoorden beleidsevaluatie, beleidsanalyse, rechtsvergelijking, impact assessment
Auteurs Dr. P. van der Knaap, Dr. R.W. Turksema en Drs. S.M.W.H. Melis MA GDip Ec
SamenvattingAuteursinformatie

    Een systematische analyse en beoordeling van de te verwachten maatschappelijke baten en andere effecten van beleidsalternatieven in relatie tot de maatschappelijke kosten. Dat is kort gezegd de formele omschrijving van beleidsevaluatie ex ante. Beleidsevaluatie ex ante is evenals rechtsvergelijking van belang om goed onderbouwde beslissingen te kunnen nemen over het te voeren beleid en daar achteraf op een goede wijze verantwoording over te kunnen afleggen. Recentelijk heeft de rijksoverheid in dat kader met het Integraal Afwegingskader voor beleid en regelgeving (IAK) een nieuw initiatief genomen.Deze bijdrage gaat in op het belang van ex-antebeleidsevaluatie en rechtsvergelijking voor goed en verantwoord ‘evidence-based’ beleid. We beschrijven de stappen die hierbij van belang zijn en gaan daarbij in op de rol die rechtsvergelijking kan spelen. Vervolgens gaan we in op de ervaringen die binnen de Europese Commissie en het Verenigd Koninkrijk de laatste jaren zijn opgedaan met zogeheten ‘impact assessments’: integrale ex-antebeoordelingen van de effecten van beleidsmaatregelen. We eindigen met enkele conclusies over de wenselijkheid om beleids- en wetsvoorstellen integraal op hun merites te beoordelen en over de meerwaarde van rechtsvergelijking in een wetgevingsarena die steeds internationaler wordt.


Dr. P. van der Knaap
Dr. P. van der Knaap is directeur doelmatigheidsonderzoek bij de Algemene Rekenkamer. peter.vanderknaap@rekenkamer.nl

Dr. R.W. Turksema
Dr. R.W. Turksema is specialist doelmatigheidsonderzoek bij de Algemene Rekenkamer. r.turksema@rekenkamer.nl

Drs. S.M.W.H. Melis MA GDip Ec
Drs. S.M.W.H. Melis MA GDip Ec is senioronderzoeker bij de Algemene Rekenkamer. simone.melis@rekenkamer.nl
Artikel

Evaluatie van de theorie en praktijk van het nieuwe onderwijstoezicht

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden Evaluatie, toezichtmodel, risicoanalyse, Governance, onderwijs
Auteurs Dr. I.F. de Wolf en Drs. J.J.H. Verkroost
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel evalueert de theorie en praktijk van het Nederlandse onderwijstoezicht. We focussen hierbij op drie belangrijke wijzigingen, namelijk (a) het risicogerichte toezicht, (b) de bestuursaanpak en (c) de uitbreiding van het interventierepertoire. Het artikel laat zien dat zeer zwakke scholen zich over het algemeen verbeteren en dat er eerste indicaties zijn van een daling van het totaal aantal zeer zwakke scholen. Het toezicht is daarnaast vooral efficiënter geworden: er is minder toezichtlast voor scholen en het toezicht wordt gedaan met minder inspecteurs. Verder blijkt de risicoanalyse betrouwbaar en valide, maar gevoelig voor strategisch gedrag. De detectiesnelheid is met de risicoanalyse verbeterd, maar de risicoanalyse kent wel veel valse positieven. De rol van de besturen rond kwaliteitsverbetering is versterkt en verbeterafspraken met besturen worden als effectief ervaren. Bij een deel van de besturen ontbreekt wel een bruikbare verantwoording. Verder kan betere positionering van leerlingen en ouders in theorie tot meer kwaliteitsverbetering op scholen leiden, maar is hiervan in de praktijk nauwelijks sprake.


Dr. I.F. de Wolf
Dr. I.F. de Wolf is werkzaam aan Stanford University (USA) / Universiteit van Amsterdam en is programmamanager R&D bij de Inspectie van het Onderwijs.

Drs. J.J.H. Verkroost
Drs. J.J.H. Verkroost is coördinerend inspecteur bij de Inspectie van het Onderwijs.
Artikel

Verplichte nazorg effectief?

Tijdschrift PROCES, Aflevering 3 2011
Trefwoorden juvenile delinquents, aftercare, re-adjustment, placement in Institution for Juvenile offenders
Auteurs Dr. Maartje Timmermans en Dr. Katrien de Vaan
SamenvattingAuteursinformatie

    In the near future juvenile delinquents who return from a PIJ-measure (Placement in Institution for Juvenile Offenders) will receive aftercare on a compulsory basis. Aftercare aims at a successful re-adjustment in society, contributing to reduced recidivism. In 2008 a pilot was set up in which 18+ PIJ youth were offered voluntary aftercare. Commissioned by the Ministry of Justice, Regioplan Beleidsonderzoek investigated the experiences in the pilot. Results show that the content of the aftercare is mainly focused on practical issues. Support on (further) development of psychosocial abilities is minimal. The authors make recommendations that could be relevant in setting up the content of obligatory and effective aftercare.


Dr. Maartje Timmermans
Dr. M. Timmermans is onderzoeker op het gebied van criminaliteit en veiligheid bij Regioplan Beleidsonderzoek.

Dr. Katrien de Vaan
Dr. K.B.M. de Vaan is onderzoeker op het gebied van criminaliteit en veiligheid bij Regioplan Beleidsonderzoek.
Artikel

Naar een Europees Burgerlijk Wetboek? Het Draft Common Frame of Reference (DCFR)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2011
Trefwoorden DCFR, Europees Burgerlijk Wetboek, optional instrument, toolbox, Europees verbintenissenrecht, Europees goederenrecht
Auteurs Mr. P.C.J. De Tavernier en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    Het DCFR bevat een blauwdruk voor een toekomstig Europees verbintenissen- en goederenrecht. In deze bijdrage wordt ingegaan op de achtergrond, de opzet en inhoud van het DCFR, controversiële en ongeregelde kwesties, evenals de invloed van het DCFR op de bestaande rechtspraktijk.


Mr. P.C.J. De Tavernier
Mr. P.C.J. De Tavernier is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden en lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is werkzaam bij de afdeling Burgerlijk recht van de Universiteit Leiden.
Artikel

Access_open Europa en zijn ‘gedomesticeerde’ islam

Geven de West-Europese kerk-staatregimes vorm aan de institutionalisering van de islam?

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Islam, Europe, policy, representative bodies
Auteurs Jonathan Debeer, Patrick Loobuyck en Petra Meier
SamenvattingAuteursinformatie

    In the accommodation of Islam to Europe, policymakers are confronted with the secular identity of the Western-European democracies which, over time, has resulted in diverse church-state regimes serving to shield politics from religion and vice versa.In this article, we examine whether these regimes have resulted in differences concerning the coming together, shape and problems with which representative bodies for the Islamic faith are faced. To do this, we compare the Belgian, Dutch, French, German and English case.Though governments are bound to existing church-state regimes, we note a European trend that questions their influence on said bodies.


Jonathan Debeer
J. Debeer is onderzoeker bij het Steunpunt Gelijkekansenbeleid van de Universiteit Antwerpen. Hij studeerde sociologie aan de Universiteit Antwerpen, Wereldgodsdiensten, Interreligieuze Dialoog en Religiestudie aan de Katholieke Universiteit Leuven en is momenteel bezig met beleidsvoorbereidende onderzoek naar imams in Vlaanderen.

Patrick Loobuyck
Prof. dr. P. Loobuyck doceert aan het Centrum Pieter Gillis van de Universiteit Antwerpen onder meer het vak Levensbeschouwing. Hij is tevens als gastdocent verbonden aan de Vakgroep Wijsbegeerte en Moraalwetenschappen van de Universiteit Gent, waar hij politieke filosofie doceert. Zijn onderzoek focust op religie in de democratische, seculiere samenleving, met bijzondere aandacht voor Habermas, levensbeschouwelijk onderwijs, geschiedenis van toleranatie en liberale neutraliteit.

Petra Meier
Prof. dr. P. Meier doceert Inleiding tot de Politicologie, Belgische politiek en Politieke Sociologie aan de Universiteit Antwerpen. Haar onderzoek spitst zich toe op vragen van vertegenwoordiging in politiek en beleid, voornamelijk maar niet exclusief van gender.
Artikel

Goed toezicht in ziekenhuizen

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden toezicht, cliëntenrechten, governance, verantwoording, bestuur
Auteurs prof. mr. F.C.B. van Wijmen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat mag anno 2011 van de raad van toezicht van een ziekenhuis verwacht worden? Van allerlei affaires in de gezondheidszorg gedurende de laatste vijftien jaren hebben we veel kunnen leren. Voeg daarbij dat de overheid en adviesorganen hun opvattingen en eisen op het terrein van governance hebben aangescherpt. De Zorgbrede Governancecode en plannen voor nieuwe patiëntenwetgeving (Wet cliëntenrechten zorg) leveren een indrukwekkende agenda voor een eigentijdse raad van toezicht, die in kritische wisselwerking staat met de raad van bestuur, die een dynamische verbinding onderhoudt met opdrachtgevers en belanghebbenden en die als het moet krachtig en correctief kan ingrijpen.


prof. mr. F.C.B. van Wijmen
Prof. mr. F.C.B. van Wijmen is emeritus hoogleraar gezondheidsrecht aan de Universiteit Maastricht.
Artikel

Herstelrecht en het streven naar een betere democratie

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Restorative justice, ethics, democracy, responsibility
Auteurs Lode Walgrave
SamenvattingAuteursinformatie

    Restorative justice focuses on doing justice after the occurrence of an offence. It gives priority to deliberative encounters as the best way of achieving restoration. The ambition of the maximalist option of restorative justice is to modify the punitive apriorism in criminal justice into a restorative apriorism. One of the challenges is to unravel the socio-ethical and political intuitions that orient the option for restorative justice. Restorative justice is first of all an option based on socio-ethical considerations: aiming at restoration instead of accepting the punitive premise, and giving full space for deliberation processes among stakeholders instead of imposing a top down decision procedure. These social ethical grounds of restorative justice have a potential contribution to improving the quality of our democracies.


Lode Walgrave
Lode Walgrave is emeritus hoogleraar jeugdcriminologie aan de faculteit rechtsgeleerdheid van de Katholieke Universiteit Leuven.
Artikel

Vertrouwen in een lerende wetgever

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 1 2011
Trefwoorden wetgevingsbeleid, vertrouwen, regeldruk, zelfregulerend vermogen
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste jaren is in het wetgevingsbeleid het begrip vertrouwen centraal komen te staan. Vertrouwen zou de sleutel zijn tot de ‘regellichte samenleving’. De idee hierachter is dat je in een samenleving van ‘high trust’ minder regels nodig hebt. Professionals in het onderwijs, de politie, de zorg enzovoort zouden daarom meer keuze- en beslissingsvrijheid moeten krijgen. Daarnaast wordt vaak verdedigd dat de overheid meer zaken over dient te laten aan de eigen verantwoordelijkheid van bedrijven en maatschappelijke organisaties. De vraag die de auteur aan de orde wil stellen, luidt daarom: in hoeverre is aannemelijk dat het gebrek aan vertrouwen bij de wetgever in het zelfregulerend vermogen van de samenleving een aanjager is voor toenemende regelverdichting?


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar Theorie en Methode aan de Universiteit van Tilburg. R.A.J.vanGestel@uvt.nl
Artikel

Werk, werkduur en criminaliteit

Effecten van werk en werkduur op criminaliteit in een hoogrisicogroep mannen en vrouwen van 18 tot 32 jaar

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2011
Trefwoorden employment, employment duration, crime, emerging adults
Auteurs Janna Verbruggen, Arjan Blokland en Victor van der Geest
SamenvattingAuteursinformatie

    Using longitudinal data on the criminal careers of a group of high-risk men and women (N=540) who were institutionalized in a Dutch juvenile justice institution, this article addresses the effects of employment on crime. Results show that a large part of the sample is convicted for a serious offence at least once during the follow-up period. Participation and frequency of offending are higher among men compared to women. Employment participation of both men and women is below average. Fixed effects as well as random effects models show employment to reduce the odds of offending. Only for men, employment stability has an additional negative effect on offending.


Janna Verbruggen
J. Verbruggen, MSc is als promovendus verbonden aan het Phoolan Devi instituut, in een samenwerkingsverband tussen de Afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam en het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), jverbruggen@nscr.nl.

Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Criminology and Criminal Justice aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden, ablokland@nscr.nl.

Victor van der Geest
Drs. V.R. van der Geest is als universitair docent verbonden aan de Afdeling Strafrecht en Criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam en als onderzoeker aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), vvandergeest@nscr.nl.
Artikel

Het effect van arbeidsmarktafwezigheid op baankansen

Een vergelijking van baankansen tussen ex-gedetineerden en werkloze toekomstig gedetineerden

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 2 2011
Trefwoorden incarceration, employment opportunities, quasi-experimental design, ex-prisoner
Auteurs Anke Ramakers, Johan van Wilsem, Maria Fleischmann e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    A period of labor market absence decreases the chance to get a job. Previous research showed that labor market positions of both incarcerated and temporarily unemployed people are worse after compared to before the (forced) time out of the labor market. It remains uncertain which mechanisms cause the negative association between labor market absence and employment outcomes. In this paper we investigate whether incarceration affects the time to employment differently than regular unemployment. Using an unique quasi-experimental design we conduct event history analyses in order to estimate to what extent job opportunities differ for a group of ex-prisoners (N=1,790) and a group of unemployed future prisoners (N=266). The results show that ex-prisoners find a job more quickly than unemployed future prisoners. Possibly, training, aftercare and the prison experience (deterrence) have a positive effect in the period right after release.


Anke Ramakers
A.A.T. Ramakers, MSc is als promovendus verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Universiteit Leiden, a.a.t.ramakers@law.leidenuniv.nl.

Johan van Wilsem
Dr. J. van Wilsem is als universitair docent Criminologie verbonden aan de Universiteit Leiden, ilsem@law.leidenuniv.nl.

Maria Fleischmann
M.S. Fleischmann, MSc is als promovendus verbonden aan de Faculteit der Sociale Wetenschappen van de Erasmus Universiteit Rotterdam, fleischmann@fsw.eur.nl.

Robert Apel
Dr. R. Apel is als universitair hoofddocent verbonden aan de School of Criminal Justice van de University at Albany, rapel@uamail.albany.edu.

Heike Goudriaan
Dr. H. Goudriaan is als onderzoeker verbonden aan de afdeling Rechtsbescherming en Veiligheid van het Centraal Bureau voor de Statistiek, h.goudriaan@cbs.nl.

Karin Beijersbergen
Drs. K.A. Beijersbergen is als promovendus verbonden aan het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR), kbeijersbergen@nscr.nl.
Artikel

What Works en What goes Wrong?

Over evidence-based beleid in de dagelijkse praktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2011
Auteurs M. van Ooyen-Houben, C.N. Nas en J. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands a system of evidence-based interventions was set up, in which only behavioural interventions which meet the scientifically proven ‘What Works’ criteria can be applied to well-defined categories of offenders. An accreditation commission was installed by the ministry of Security and Justice to test behavioural interventions. One of the crucial elements of this evidence-based policy is that the interventions are carried out according to protocol and are applied to the target group by well-trained personnel. This, however, is a problem in practice. Reasons for the low intervention integrity lie among others in lack of support and lead in the organisation and low inflow of participants. The integrity problems pose a risk to the effectiveness of behavioural interventions. Literature suggests that a 100% compliance to protocols might be necessary nor desirable. Causes that lie in the organisation could be improved and the implementation process could be given some more time. Evidence-based policy is not that easy to carry out in daily practice. The future will show whether the goal of a reduction of criminal recidivism will be realized.


M. van Ooyen-Houben
Dr. Marianne van Ooyen-Houben is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij is tevens verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam/Criminologie en Maastricht University/Top Institute for Evidence Based Education Research.

C.N. Nas
Dr. Coralijn Nas is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

J. Mulder
Dr. Juul Mulder is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

    Intervention teams are among the most discussed tools in the current process of securitisation. Their integrated approach takes into account all underlying causes of insecurity and quality of life. For a more effective approach authorities and organisations have to cooperate and let go of their mutual boundaries. But can the participants put aside their differences in perspectives and policies? This article discusses the goal of ‘ontkokering’ (‘decompartalisation’), this was done through a study of the practices of intervention team SIP in Amsterdam. On basis of thirteen interviews and observations the authors argue that there are three main mechanisms or ‘molar barriers’, which conserve the old structures in the integrated approach of the intervention team: ‘methodical robustness’, ‘institutional robustness’ and ‘financial robustness’.


M. Schuilenburg
Mr. Drs. Marc Schuilenburg is werkzaam bij de afdeling Strafrecht en Criminologie van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit te Amsterdam. Hij is tevens redactieraadlid van Justitiële verkenningen. Zie: www.marcschuilenburg.nl.

C. Dijkstra
Catharina Dijkstra MSc studeerde criminologie aan de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.