Zoekresultaat: 83 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2013 x Rubriek Artikel x
Artikel

QALY-tijd in de vaststelling van smartengeld bij letsel?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden gezondheidseconomie, letselschade, smartengeld, Quality Adjusted Life Year (QALY)
Auteurs Mr. dr. L.T. Visscher
SamenvattingAuteursinformatie

    Er bestaat in Nederland onvrede over de toegekende bedragen aan smartengeld bij letsel, zowel wat betreft de omvang als wat betreft de onderlinge verhouding van de bedragen bij licht en (zeer) ernstig letsel. Op basis van inzichten uit de gezondheidseconomie, in het bijzonder het concept van de Quality Adjusted Life Year (QALY), onderzoekt de auteur of er inderdaad sprake is van scheefgroei en te lage bedragen. De conclusie is dat er geen sprake is van systematische ernstige scheefgroei, maar dat de bedragen over de hele linie wel beduidend lager zijn dan vanuit gezondheidseconomische optiek zou mogen worden verwacht.


Mr. dr. L.T. Visscher
Mr. dr. L.T. Visscher is universitair hoofddocent Rechtseconomie aan het Rotterdam Institute of Law and Economics (RILE), Erasmus School of Law, van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Naasten, fundamentele rechten en het Nederlandse limitatief en exclusief werkende artikel 6:108 BW: één probleem, twee perspectieven

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden EVRM, recht op leven, schadevergoeding, overlijdensschade, nabestaanden
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Mr. dr. R. Rijnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht onder het EVRM, zoals zich dat vormt in de rechtspraak van het EHRM, leidt tot inconsistenties in het Nederlandse schadevergoedingsrecht: een naaste van een persoon die slachtoffer is geworden van een schending van het recht op leven kan tegenwoordig immers alleen vergoeding van eigen immateriële schade vorderen als de schending is gepleegd door een overheidsorgaan. Deze inconsistentie verdient aandacht, maar men realisere zich dat we hier raken aan bredere problematiek. Wij menen daarom dat er in de discussie over de inconsistentie eerst aandacht moet zijn voor de bredere vragen: hoe werken fundamentele rechten door en welke derde verdient waarvan vergoeding? Centraal staan daarbij steeds de overkoepelende kernvragen: wie verdient rechtens een remedie en waarom?


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is docent en onderzoeker aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (RENFORCE).

Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is universitair docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Access_open Een vergeten episode uit de schoolstrijd: de ontdekking van ‘openbaar’ en ‘bijzonder’ onderwijs

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden openbaar onderwijs, bijzonder onderwijs, schoolstrijd, Grondwet, vrijheid van onderwijs/ onderwijsvrijheid
Auteurs Sophie van Bijsterveld
SamenvattingAuteursinformatie

    The battle over the school system is one of the liveliest chapters in Dutch constitutional history. It resulted, in 1848, in the constitutional acknowledgement of a dual system of education: education provided by public authority (‘public education’) and private education (practically synonymous with confessional education); and, in 1917, in the constitutional guarantee of public funding for the latter on the same footing as the former.
    The battle over the school system is usually described as a battle for freedom of private, confessional education from the start. This article shows that prior to this, in the first stage of this battle, the concept of ‘private education’ itself had to be invented and that the concept of ‘public education’ had to develop a different meaning. Public education, the notion used in the Constitutions of 1814 and 1815, originally meant education in schools in contrast to house education. It was this broad concept of education that was entrusted to the care of government and, therefore, not free. This article focuses on the first half of the 19th century. On the basis of original sources it traces the fascinating process of the birth of these new categories, that determine the Dutch education system up to now.


Sophie van Bijsterveld
Prof. dr. S.C. van Bijsterveld is bijzonder hoogleraar Religie, rechtsstaat en samenleving aan de Universiteit van Tilburg en redactielid van het Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid. s.c.vbijsterveld@uvt.nl.
Artikel

Access_open ‘Civiel totalitarisme’, volkssoevereiniteit en de wenselijkheid van beperkt bestuur

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden liberale democratie, waardenpluralisme, confuciaanse democratie, christelijke bronnen
Auteurs Hans-Martien ten Napel
SamenvattingAuteursinformatie

    To what extent does liberal democracy still manage to realize the principle of expressive liberty? This article argues that, just as by the ethically monistic character of certain theoretizations of Confucian democracy, expressive liberty is threatened by a Western ‘civic totalism’ that insists that ‘politics enjoys general authority over subordinate activities and institutions because it aims at the highest and most comprehensive good for human beings’ (Galston). The ideal of liberal democracy will remain fundamentally flawed, as long as the sovereignty of the people on which its political legitimacy is more and more exclusively based hinders instead of advances a true sort of value pluralism.


Hans-Martien ten Napel
Mr. dr. H.-M.Th.D. ten Napel is als universitair hoofddocent verbonden aan de afdeling Staats- en Bestuursrecht van de Universiteit Leiden. h.m.t.d.tennapel@law.leidenuniv.nl.
Artikel

Training Diamant

Een persoonlijke impressie

Tijdschrift Tijdschrift voor Veiligheid, Aflevering 4 2013
Auteurs Frank Bovenkerk
SamenvattingAuteursinformatie

    This is an ethnographic evaluation study on a train the trainer programme (Diamant) for the prevention of political radicalisation among young Muslims in the Netherlands. Especially the training of independent judgement on moral issues looks promising to overcome cultural disorientation. Its preventive power for radicalisation is unclear since there were no radicals among the participants of the training.


Frank Bovenkerk
Prof. dr. Frank Bovenkerk is criminoloog en gepensioneerd hoogleraar Radicaliseringsstudies aan de Universiteit van Amsterdam. E-mail: f.bovenkerk@uva.nl.

    Halt is a Dutch organization for enforcement of alternative punishment given tot juveniles and prevention activities, like for example advisory services and educational programmes. In the context of the Government action programme Polarization and Radicalization – a programme to reduce the chances of people to become a radical or even a terrorist − the Halt offices in Limburg in cooperation with the KPC Group developed an education kit of six lessons meant for juveniles (primary school and secondary education). The lessons are given by Halt fellow workers and the teacher of the class is there for give them support and to observe the lessons. This project is qualitatively evaluated and the conclusion is as follows. The reason for the project is not located in a problem of radicalization, the final target group is more restricted than intended and in the implementation the words radicalization and polarization may not be used. Is it then a good educational package? Yes, say different Halt employees, but not for the problem raised, because that problem is not identified by them.


Hani Quint
Drs. Hani Quint is als onderzoeker/docent verbonden aan het lectoraat Politieleiderschap en Diversiteit van de Politieacademie. E-mail: Hani.Quint@politieacademie.nl.

    In this article a longitudinal effect study is described of resilience training Diamant. The training focuses in particular on adolescents with a dual identity who do not have work, are not enrolled in an education, feel unfairly treated (relatively deprived), have low self-esteem, and are at risk of social isolation. The training can be considered as a method to prevent development of criminal behaviour and possibly radicalisation. Certified trainers work with small groups of 10 to 15 adolescents to increase their resilience and help them finding their place in society. The present research focused on the following questions: (1) Does this training have a positive effect on self-esteem among the participants? (2) Does social isolation decrease as a consequence of the training? (3) Does the training reduce feelings of relative deprivation and help participants better deal with conflicts? Participants were interviewed before and halfway the training and directly after completing the training. A follow-up measurement three months after the end of the training examined effects on the longer term. In total 44 semi-structured interviews were held. Interviews were written out and coded using a two-step procedure: In the first step two researchers independently coded each interview. Second, when necessary, changes in the coding scheme were made. Then each interview was coded separately by the two researchers and disagreements were discussed until full agreement was reached. The results show that Diamant has a positive effect on self-esteem of participants. Also, participants overall showed an increase in connectedness to society. Third, Diamant reduced feelings of relative deprivation and participants indicated they could better deal with conflicts. Based on these results it is concluded that Diamant is effective in regard to its goals which were evaluated in this study. Limitations of the research and possibilities for future studies are discussed.


Allard R. Feddes
Dr. Allard Feddes is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen, afdeling Sociale Psychologie, Universiteit van Amsterdam. E-mail: A.R.Feddes@uva.nl.

Liesbeth Mann
Drs. Liesbeth Mann is als promovenda verbonden aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen, afdeling Sociale Psychologie, Universiteit van Amsterdam. E-mail: L.Mann@uva.nl.

Nathalie de Zwart
Nathalie de Zwart, BSc, was ten tijde van het onderzoek als onderzoeksassistente verbonden aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen, afdeling Sociale Psychologie, Universiteit van Amsterdam. E-mail: dezwart.n@gmail.com.

Bertjan Doosje
Prof. dr. Bertjan Doosje is verbonden aan de Faculteit der Maatschappij- en Gedragswetenschappen, afdeling Sociale Psychologie, en het Amsterdam Institute for Social Sciences (AISS) ‘Challenges to Democratic Representation’. Hij is als bijzonder hoogleraar bekleder van de FORUM Frank Buijs-leerstoel voor Radicaliseringsstudies. E-mail: E.J.Doosje@uva.nl.
Artikel

Transparantie leidt niet vanzelfsprekend tot vertrouwen in de rechtspraak

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 2 2013
Trefwoorden Transparency, information, factors influencing confidence in the judiciary
Auteurs Petra Jonkers
SamenvattingAuteursinformatie

    Transparency of institutions like the judiciary is often assumed to increase confidence. However, a recent survey concerning opinions about the judiciary showed that in many cases one trusts the judiciary without having any special interest in the judiciary itself. It revealed that confidence in the judiciary depends on various factors like anomy, social trust, general institutional trust, personal experience and feelings about a fair chance in a hypothetical case for court. And transparency will not easily change these factors. Furthermore, providing information can both strengthen and weaken confidence due to the personal backgrounds of those receiving the information. Finally, this paper discusses whether strategic and positive information that is needed to increase confidence allows for drawing one’s own conclusions as transparency promises.


Petra Jonkers
Petra Jonkers is politicoloog en stafmedewerker bij de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid. Zij promoveerde in 2003 in Nijmegen op een rechtssociologisch onderzoek naar de kwaliteit van wetgeving. Recente publicaties: ‘Inzicht in gedrag voorwaarde voor goede wetgeving’, Regelmaat 2013-28(1), p. 6-21; ‘Zet transparantie liever in voor bekritiseerbaarheid dan voor vertrouwen’, in: D. Broeders, C. Prins, H. Griffioen, P. Jonkers, M. Bokhorst & M. Sax (red.), Speelruimte voor transparantere rechtspraak, Amsterdam: Amsterdam University Press 2013, p. 449-479.
Artikel

De criminaliteitsdaling in New York

Over de zin en onzin van veiligheidsbeleid

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2013
Auteurs M.B. Schuilenburg en M.B. Schuilenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    This article describes the long decline of crime rates in New York, as analysed by Franklin Zimring in his book The city that became safe (2012). The author discusses and analyses the processes involved in ‘lesson drawing’ and the ‘policy transfer’ from New York to the Netherlands. Issues that are further addressed include the opportunities of prevention and the enforcement of ‘hot crimes’.


M.B. Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is verbonden aan de afdeling Criminologie van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit te Amsterdam.

M.B. Schuilenburg
Dr. mr. Marc Schuilenburg is verbonden aan de afdeling Criminologie van de Faculteit Rechtsgeleerdheid van de Vrije Universiteit te Amsterdam.
Artikel

Blik naar het Noorden?

Een kenschets van het justitiële beleid in Scandinavië

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2013
Auteurs P. Kruize
SamenvattingAuteursinformatie

    This article focuses on the question whether Dutch policy makers and researchers ought to look more often to Scandinavia for inspiration and less to the West (UK and USA). Scandinavian countries are also influenced by Anglo-American ideas about crime and justice, but at the same time the number of incarcerated persons has not changed dramatically while recidivism rates are low. Dutch policy makers and researcher do sometimes look at initiatives and practices in Scandinavian countries, most often Sweden. Dutch society shares many similarities with the Scandinavian welfare states and therefore it should be natural – according to the author – to benefit more often from Scandinavian experiences. Some suggestions are discussed in the article.


P. Kruize
Dr. Peter Kruize is associate professor bij de Juridische Faculteit van de Universiteit van Kopenhagen. Daarnaast is hij partner bij Ateno – bureau voor criminaliteitsanalyse – in Amsterdam.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de positie van de langstlevende echtgenoot

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden wettelijke verdeling, andere wettelijke rechten, ouderlijke boedelverdeling, voortgezet gebruik, vruchtgebruik, schulden nalatenschap
Auteurs Prof. mr. E.A.A. Luijten en Prof. mr. W.R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage van het themanummer ’10 jaar nieuw erfrecht’ bespreken de auteurs de positie van de langstlevende echtgenoot. De wettelijke verdeling, andere wettelijke rechten en diverse uitspraken die betrekking hebben op de positie van de langstlevende echtgenoot komen aan bod.


Prof. mr. E.A.A. Luijten
Prof. mr. E.A.A. Luijten is emeritus hoogleraar aan de Radboud Universiteit Nijmegen.

Prof. mr. W.R. Meijer
Prof. mr. W.R. Meijer is emeritus hoogleraar aan de Open Universiteit Nederland te Heerlen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de executeur-afwikkelingsbewindvoerder

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden executele, afwikkelingsbewind, artikel 4:171 BW, artikel 3:183 BW, quasiwettelijke verdeling
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de executeur-afwikkelingsbewindvoerder. Met name aan de orde komt de vraag of erflater de afwikkelingsbewindvoerder de bevoegdheid kan verlenen om zelfstandig over goederen van de nalatenschap te beschikken en een verdeling daarvan tot stand te brengen. Daarbij gaat de auteur ook in op de vorm en wijze van een verdeling door de afwikkelingsbewindvoerder. Ten slotte behandelt de auteur de quasiwettelijke verdeling, de testamentvorm met de executeur-afwikkelingsbewindvoerder als basis.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam en universitair gastdocent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de legitieme portie

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden ratio legitieme, toerekening, in aanmerking te nemen giften, peildatum, maatschappelijke veranderingen
Auteurs Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Na tien jaar erfrechtrecht is het de vraag of de regeling van de legitieme portie niet aan heroverweging toe is. Argumenten daarvoor zouden kunnen zijn de maatschappelijke veranderingen, maar ook de gecompliceerdheid van bepaalde onderdelen uit de regelingen. In deze bijdrage wordt een inventarisatie hiervan gemaakt.


Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
Prof. T.J. Mellema-Kranenburg is notaris bij Van Heeswijk Notarissen Rotterdam en hoogleraar aan de Universiteit Leiden.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en uitleg van uiterste wilsbeschikkingen

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden testeren, uitlegging, uiterste wilsbeschikking, gewijzigde omstandigheden, dwaling in het objectieve recht, rechtsgevolgen testament
Auteurs Mr. L.A.G.M. van der Geld
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur behandelt een aantal thema’s uit ’10 jaar uitlegging van uiterste wilsbeschikkingen’. Vooral de na het testeren gewijzigde omstandigheden springen in de jurisprudentie en de literatuur in het oog; de auteur stelt de vraag of het instrument uitleg wel het juiste instrumentarium is om rechtsgevolgen te verbinden aan die gewijzigde omstandigheden. Het recentste arrest van de Hoge Raad over uitleg (11 oktober 2013) wordt ook kort besproken.


Mr. L.A.G.M. van der Geld
Mr. L.A.G.M. van der Geld is juridisch directeur van Netwerk Notarissen, kandidaat-notaris en docent aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht, maar niet voor informele samenlevingspartners

Een denkraam met voorstel

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Informele partner en erfrecht, Versterferfrecht, Art. 4:82 BW, Art. 4:10 BW
Auteurs Prof. mr. F.W.J.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    Het is een testamentair Walhalla voor samenlevend Nederland. Art. 4:82 BW biedt al 10 jaar ruime mogelijkheden. Maar voor informele samenlevingspartners ontbreken erfrechtelijke vangnetten. Freek Schols schetst een denkraam en vraagt zich af of de erfrechtelijke positie verbeterd moet worden. Vervolgens doet hij een voorstel.


Prof. mr. F.W.J.M. Schols
Prof. mr. F.W.J.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols Estate Planning te Nijmegen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de positie van het kind

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden kinderen, langstlevende, wettelijke verdeling, legitieme portie, som ineens
Auteurs Mr. J.H.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Het kind heeft in het nieuwe erfrecht aanzienlijk moeten inschikken ten behoeve van de positie van de langstlevende echtgenoot en de testeervrijheid van ouders. Anders dan onder het oude erfrecht worden kinderen geacht zelf tijdig voor hun rechten op te komen. Men denke hierbij aan het vaststellen van hun vordering in de zin van artikel 4:13 lid 3 BW en het inroepen van de legitieme portie en de som ineens van artikel 4:35 BW. Door gebrekkig kantonrechtelijk toezicht op het bewind van de wettelijke vertegenwoordiger zijn de rechten van minderjarigen in het erfrecht slecht gewaarborgd. De jurisprudentie met betrekking tot artikel 4:35 BW biedt het kind dat de leeftijd van 21 nog niet heeft bereikt hoop. De bescherming die de langstlevende op grond van artikel 4:82 BW geniet is te ver doorgeschoten. Het biologische kind zonder afstammingsband met zijn verwekker heeft zijn situatie het laatste decennium aanzienlijk zien verbeteren. Hij krijgt met terugwerkende kracht dezelfde positie als andere kinderen in de nalatenschap van zijn verwekker.


Mr. J.H.M. ter Haar
Mr. J.H.M. ter Haar is docent notarieel recht aan de Rijksuniversiteit Groningen.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de fiscaliteit

‘Niet meer inhoudelijk overeenkomen met?’

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden Quasi-wettelijke verdeling, Ventieltechniek, Afvullegaat, Defiscalisatie, Tweetrapstestament
Auteurs Prof. dr. B.M.E.M. Schols
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijft de auteur de fiscale perikelen die het Nederlandse keuzetestament, in het bijzonder de quasi-wettelijke verdeling, de afgelopen tien jaar heeft doorgemaakt, alsmede de huidige stand van zaken. De rode draad van het verhaal is de vraag in hoeverre het keuzetestament nog ‘inhoudelijk moet overeenkomen met’ de wettelijke verdeling. Dit was het geval voor defiscalisatie in de inkomstenbelasting en voor de ventieltechniek in de Successiewet. Fiscaal is dit thans echter geen must meer, maar dat neemt niet weg dat de praktijk om praktische redenen inhoudelijk zal blijven overeenkomen met de wettelijke verdeling. De auteur geeft ook aan dat art. 10 SW 1956 in beginsel niet van toepassing is op de langstlevendentestamenten. Ook komt de fiscale hype rond het Radartestament aan bod. De auteur geeft aan dat de reden dat er zo veel fiscaal creatieve testamenten worden gemaakt, is gelegen in het afnemen van de kracht van de legitieme portie onder nieuw erfrecht. Hierdoor heeft bijvoorbeeld het fiscale fenomeen ‘afvullegaat’ zich kunnen ontwikkelen.


Prof. dr. B.M.E.M. Schols
Prof. dr. B.M.E.M. Schols is hoogleraar aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en tevens verbonden aan ScholsBurgerhartSchols Estate Planning te Nijmegen.
Artikel

Conferencing internationaal: vaker toegepast dan gedacht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Conferencing, Internationale toepassing
Auteurs Estelle Zinsstag en Inge Vanfraechem
SamenvattingAuteursinformatie

    Conferencing is a restorative justice practice which has started developing quite consistently since the 1990s, in majority in Anglophone countries such as New Zealand, Australia, the USA, Canada or the UK and in particular with consistently promising results for juvenile justice in Northern Ireland. Some continental European, Latin American and African countries are also starting to introduce this alternative to traditional criminal justice, especially in the case of juvenile justice, with some equally promising results. This article presents up-to-date information about the state of conferencing in the world and discusses some of the major conclusions that have come out of a European research project and book.


Estelle Zinsstag
Estelle Zinsstag is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en coördineert een EC Daphne project rond seksueel geweld en herstelrecht. Ze is managing editor van Restorative Justice: An International Journal.

Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en manager van een Europees FP7 project rond herstelrecht en interculturele conflicten.

    At the end of 2000, a pilot project began in Flanders (Belgium) to offer family group conferencing for juvenile offenders. Since June 2006, this restorative practice – together with victim-offender mediation – has been inserted in the new Youth Justice Act, making conferencing available in all judicial districts in Flanders. Five years later, however, the mediation-services had to conclude that the number of referrals for conferencing remains rather limited. This observation inspired the mediation services to take actions to bring conferencing more to the attention. This article reports on the findings of a study that was part of this process. Based on (1) an analysis of all conferencing-files that were referred between 1 January 2007 and 31 December 31, (2) focus groups with youth court social workers and criminologists working at the level of the public prosecutor and (3) surveys conducted with youth judges, the study aimed to identify and discuss barriers and obstacles within the current referral practice of conferencing in Flanders.


Lieve Bradt
Lieve Bradt studeerde af als sociaal agoog aan de Universiteit Gent. In 2009 promoveerde zij op een proefschrift over herstelbemiddeling en sociaal werk. Momenteel is zij als doctor-assistent verbonden aan de Vakgroep Sociale Agogiek van de Universiteit Gent.
Artikel

De vrijwilliger-ondersteuner en het herstelgericht groepsoverleg

Een experiment binnen de bemiddelingsdienst van Leuven (BAL)

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Vrijwilliger ondersteuner, hergo
Auteurs Erik Claes en Emilie Van Daele
SamenvattingAuteursinformatie

    This article sketches an experiment initiated by a local mediation service in Flanders (BAL) with regard to the role of a supporting volunteer in the context of family group conferencing. Engaged as researchers in this experiment, the authors reconstruct the conceptual challenges of this project and the solution proposed by the team of mediators. One of these challenges revolves around finding an appropriative account of restorative justice that fits with the aims of the Belgian conferencing practice and clarifies the role of the supporting volunteer. Another comes down to distinguishing this role with the essential tasks of the moderator, and formulating deontological devices. In the last part of this contribution a few learning points are formulated with regard to the process and results of the experiment. One of these points is the need to rethink how successfully offering the possibility of engaging a supporting volunteer to the stake holding parties.


Erik Claes
Erik Claes is docent filosofie en recht aan de Hogeschool-Universiteit Brussel (HUB), opleiding sociaal werk. Hij is projectleider van de onderzoeksprojecten ‘Herstelbemiddeling en vrijwilligers’ (2010-2013) en ‘Herstelrecht en interculturele spanningen in Brussel’, gefinancierd door PWO-financiering van de HUB.

Emilie Van Daele
Emilie Van Daele is stafmedewerkerster bij Socius en voormalig onderzoeksmedewerkster op het onderzoeksproject ‘Herstelbemiddeling en vrijwilligers’.
Toont 1 - 20 van 83 gevonden teksten
« 1 3 4 5
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.