Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 367 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

40 jaar JV!

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 6 2014
Auteurs Bert Berghuis, Marit Scheepmaker, Ben Rovers e.a.

Bert Berghuis

Marit Scheepmaker

Ben Rovers

Frans Leeuw

Albert Klijn

Frits Huls
Artikel

The Balance between Data Protection and Investigative Powers of Governments

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2014
Trefwoorden data protection, privacy, personal data, Patriot Act
Auteurs A. Lombard en E.W. Stein
SamenvattingAuteursinformatie

    An overview of the restrictions of the Dutch Data Protection Act concerning the transfer of processing of personal data outside of the EEA, the powers conferred by U.S. Federal Laws with respect to access by intelligence and law enforcement authorities to personal data, and the associated risks faced by businesses.


A. Lombard
A. Lombard is a lawyer at Allen & Overy Amsterdam.

E.W. Stein
E.W. Stein is a lawyer at Allen & Overy Amsterdam.
Artikel

Algemene aspecten van de Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2014
Trefwoorden belastingrecht, bestuursrecht, rechtsbescherming, elektronisch bestuurlijk verkeer
Auteurs Prof. mr. M. Scheltema
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage wordt ingegaan op het wetsvoorstel Wet vereenvoudiging formeel verkeer Belastingdienst, dat door de staatssecretaris van Financiën in de zomer van 2013 is ingediend bij de Tweede Kamer. Het voorstel bevat twee componenten: een wijziging van de procedure voor het opleggen van een aanslag en de rechtsbescherming daartegen en de invoering van verplicht digitaal verkeer tussen de belastingplichtigen en de Belastingdienst. De voorstellen hangen met elkaar samen: digitaal verkeer vraagt om een eenvoudiger aanslagprocedure, die meer ruimte voor ‘informele’ correcties biedt. Beide voorstellen hebben bredere betekenis voor het bestuursrecht. De auteur gaat in op hun merites, zowel voor de fiscaliteit als voor het algemene bestuursrecht.


Prof. mr. M. Scheltema
Prof. mr. M. Scheltema is regeringscommissaris voor algemene regels van bestuursrecht.
Artikel

Een uitgewoond belastingstelsel en wat er aan te doen?

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 2 2014
Trefwoorden belastingherziening, soliditeit, draagkrachtbeginsel, instrumentalisering, vlaktaks
Auteurs Mr. dr. J.J.M. Jansen
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste grote herziening van ons belastingstelsel dateert van 2001. Sindsdien hebben de maatschappelijke ontwikkelingen echter niet stilgestaan en heeft er een economische crisis plaatsgevonden, waarvan de gevolgen nog dagelijks voelbaar zijn. Bij politici, beleidsmakers, het bedrijfsleven en fiscale wetenschappers bestaat er een brede consensus dat het huidige belastingstelsel structurele aanpassingen behoeft. Het beeld rijst van een inefficiënt belastingstelsel met hoge tarieven en onzekere opbrengsten dat economische keuzes te veel verstoort. In deze bijdrage worden verschillende actuele fiscale knelpunten besproken die opgelost zouden moeten worden. Het ligt echter niet in de verwachting dat het kabinet deze op korte termijn zal aanpakken.


Mr. dr. J.J.M. Jansen
Mr. dr. J.J.M. Jansen is staatsraad bij de Afdeling advisering van de Raad van State.
Artikel

Nieuwe tussenstand Wet verplichte ggz: voortgang, twijfels en zorgen

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden Dwangtoepassing, Psychiatrie, Wetswijziging
Auteurs Mr. drs. T.P. Widdershoven en mr. dr. V.E.T. Dörenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    In september 2013 is aan de Tweede Kamer een nota van wijziging aangeboden behorende bij het wetsvoorstel Verplichte geestelijke gezondheidszorg (Kamerstuk 32399). Dit wetsvoorstel is sinds 2010 bij de Tweede Kamer in behandeling. Met de nota van wijziging worden grote aanpassingen in de procedure voor het verlenen van verplichte zorg voorgesteld en ook een aantal aanpassingen in de positie van betrokkene. De belangrijkste wijzigingen worden in dit artikel van commentaar voorzien.


Mr. drs. T.P. Widdershoven
Ton-Peter Widdershoven is jurist bij de Stichting PVP te Utrecht.

mr. dr. V.E.T. Dörenberg
Vivianne Dörenberg is docent gezondheidsrecht bij de Vrije Universiteit in Amsterdam en als onderzoeker verbonden aan het EMGO-instituut.
Artikel

Access_open Racial Profiling and the Presumption of Innocence

Tijdschrift Netherlands Journal of Legal Philosophy, Aflevering 1 2014
Trefwoorden racial profiling, stop-and-frisk, presumption of innocence, communicative theories of criminal law, social inequality and criminal law
Auteurs Peter DeAngelis
SamenvattingAuteursinformatie

    I argue that a compelling way to articulate what is wrong with racial profiling in policing is to view racial profiling as a violation of the presumption of innocence. I discuss the communicative nature of the presumption of innocence as an expression of social trust and a protection against the social condemnation of being undeservingly investigated, prosecuted, and convicted for committing a crime. I argue that, given its communicative dimension, failures to extend the presumption of innocence are an expression of disrespect. I take the New York Police Department’s stop-and-frisk policy as an example of racial profiling and argue that its use of race-based forms of suspicion as reasons for making stops is a violation of the presumption of innocence. I maintain that this systemic failure to extend the presumption of innocence to profiled groups reveals the essentially disrespectful nature of the NYPD policy.


Peter DeAngelis
Peter DeAngelis is Ph.D. Candidate in Philosophy at Villanova University.
Artikel

De subjectieve zwaarte van detentie

Een empirisch onderzoek

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2014
Trefwoorden subjective severity imprisonment, deterrence, just desert, deprivation model, importation model
Auteurs Ellen Raaijmakers MSc, Dr. Jan de Keijser, Prof. dr. Paul Nieuwbeerta e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Both in punishment theory and sentencing practices, the subjective sentence severity is an important yet neglected area of research. This paper aims to explain differences between inmates in their subjective severity of imprisonment and to contemplate these against the background of important sentencing goals and sentencing principles. Two models commonly used to explain adjustment to prison life were applied: the import and deprivation model. Data from the Prison Project, collected among Dutch inmates staying in pretrial detention, reveal that both import and deprivation characteristics are related to the subjective severity of imprisonment. No support is found for a moderation effect of personality.


Ellen Raaijmakers MSc
E. Raaijmakers, MSc is promovendus bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Jan de Keijser
Dr. J.W. de Keijser is universitair hoofddocent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is hoogleraar bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.

Dr. Anja Dirkzwager
Dr. A.J.E. Dirkzwager is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR).

Dr. Joni Reef
Dr. J. Reef is universitair docent bij het Instituut voor Strafrecht & Criminologie van de Universiteit Leiden.
Artikel

Het Duitse recht op nevengeschikt aanklagen

De volledige integratie van het slachtoffer in het strafproces

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Accessory prosecution, victims, Victim lawyers, Secondary victimization, punishment
Auteurs Michael Kilchling en Helmut Kury
SamenvattingAuteursinformatie

    In this article the German concept of accessory prosecution (Nebenklage) is discussed. The Nebenklage was implemented in the Code of Criminal Procedure of 1877. It had merely an accessory function in conjunction with the private prosecution and the Klageerzwingungsverfahren, two legal institutions which had little practical relevance. Nowadays, in the course of the modern victim movement, the Nebenklage has radically changed into an instrument that is clearly provided as the main participatory option for victims interested in actively contributing to the trial of ‘their’ criminal. Previous research findings are outlined and the results of an explorative survey are presented. The findings suggest that the mere presence of the victim lawyer can significantly change the atmosphere in the courtroom, thus enhancing the willingness of the defence to treat the victim more respectfully.


Michael Kilchling
Michael Kilchling is criminoloog en is werkzaam aan het Max-Planck-Institut für ausländisches und internationales Strafrecht in Freiburg (Duitsland), en is daarnaast voorzitter van het European Forum for Restorative Justice.

Helmut Kury
Helmut Kury was hoogleraar psychologie en criminologie en was onder andere verbonden aan het Max-Planck-Institut für ausländisches und internationales Strafrecht in Freiburg (Duitsland).
Artikel

UPC/Gemeente Hilversum: tariefafspraken in kabeltelevisiecontract ingehaald door regulering

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2/3 2014
Trefwoorden audiovisueel, elektronische communicatie, kabeltelevisie, NRI, programmapakket en tarieven
Auteurs Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
SamenvattingAuteursinformatie

    Veel gemeenten in Nederland hebben in het verleden bij de verkoop van hun kabeltelevisienetwerken langlopende tariefafspraken gemaakt ten behoeve van hun inwoners. Over de afdwingbaarheid van deze tariefafspraken is veel en lang geprocedeerd vanuit verschillende invalshoeken. Dit arrest gaat in op de vraag hoe deze tariefafspraken zich verhouden met het nadien in werking getreden Europees telecommunicatiekader. Het arrest geeft een uitleg van enkele kernbegrippen in het telecommunicatierecht, zoals elektronische communicatie en nationale regelgevende instantie (NRI). Vervolgens wordt aan de hand van het beginsel van loyale samenwerking getoetst of de Gemeente Hilversum zich kan beroepen op de met UPC overeengekomen tariefbedingen.HvJ EU 7 november 2013, zaak C-518/11, UPC Nederland BV/Gemeente Hilversum, n.n.g.


Prof. mr. G.P. van Duijvenvoorde
Prof. mr. G.P. (Gera) van Duijvenvoorde is bijzonder hoogleraar Telecommunicatierecht, bij eLaw@Leiden, Universiteit Leiden en advocaat-in-dienstbetrekking bij KPN.
Artikel

Voorstel richtlijn netwerkveiligheid als onderdeel van EU cyber security-strategie: naar een open, veilig en betrouwbaar internet?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2/3 2014
Trefwoorden beveiliging informatiesystemen, cyber security-strategie, richtlijn
Auteurs Mr. J. Toet en prof. mr. A.R. Lodder
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel behandelt het voorstel van de Commissie van 7 februari 2013 om een richtlijn in te voeren ter verhoging van het algehele niveau van beveiliging van netwerk- en informatiesystemen in de Europese Unie. Het voorstel vormt een onderdeel van de cyber security-strategie van de Commissie. De auteurs plaatsen kanttekeningen bij (de effectiviteit van) de gekozen maatregelen en de implementatie daarvan in het licht van een uitgebreide beschrijving van de voorliggende problematiek. Zij onderschrijven echter de noodzaak tot het treffen van maatregelen op Europees niveau en sluiten af met hun aanbevelingen ter versterking van het voorstel en de cyber security-strategie.Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad houdende maatregelen om een hoog gemeenschappelijk niveau van netwerk- en informatiebeveiliging in de Unie te waarborgen, COM(2013)48 final


Mr. J. Toet
Mr. J. (Joeri) Toet is advocaat te ’s Gravenhage.

prof. mr. A.R. Lodder
Prof. Mr. A.R. (Arno) Lodder is hoogleraar Internet Governance and Regulation aan de Vrije Universiteit Amsterdam, afdeling Transnational Legal studies.
Artikel

Over de bestrijding van politiële discriminatie

Kanttekeningen bij de beschuldiging van etnisch profileren

Tijdschrift PROCES, Aflevering 1 2014
Trefwoorden etnisch profileren, politie, discriminatie, preventief fouilleren
Auteurs Dr. Guus Meershoek
SamenvattingAuteursinformatie

    Several reports and publications criticise the Dutch police for discriminating against minorities during stop-and-search actions. This article argues that discrimination can be found in the police but not to the extent that the critics suggest. Recent research on stop-and-search practices in a large Dutch city suggests that the police treat youth with a minority background differently but that they don’t treat them unequally. The article concludes with a warning against the use of the expression ethnic profiling, because it hinders correction of discrimination by the police.


Dr. Guus Meershoek
Dr. Guus Meershoek is lector Politiegeschiedenis aan de Politieacademie en universitair docent Bestuurskunde aan de Universiteit Twente.
Artikel

Melding van kindermishandeling: afscheid van het conflict van plichten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Melding kindermishandeling, Conflict van plichten, Tuchtrecht
Auteurs Mr. C.A. Bol en prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behelst een onderzoek naar de tuchtrechtelijke toetsing van de melding van kindermishandeling over de periode 2002 tot 2013. De melding op eigen initiatief van de hulpverlener wordt niet (langer) getoetst aan het conflict van plichten, maar aan de ruimere criteria van de KNMG-meldcode. Informatieverschaffing op verzoek beoordeelt de tuchtrechter daarentegen strenger dan de KNMG-meldcode vereist. Als juridische grondslag voor de melding van kindermishandeling kan het conflict van plichten beter worden verlaten. Wel blijft dit leerstuk van betekenis als toetssteen voor professionele meldcodes.


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is als docent gezondheidsrecht verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij werkt aan een proefschrift over het tuchtrecht voor de gezondheidszorg.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan dezelfde universiteit en tevens lid van het College voor de Rechten van de Mens.
Artikel

Naasten, fundamentele rechten en het Nederlandse limitatief en exclusief werkende artikel 6:108 BW: één probleem, twee perspectieven

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden EVRM, recht op leven, schadevergoeding, overlijdensschade, nabestaanden
Auteurs Mr. dr. J.M. Emaus en Mr. dr. R. Rijnhout
SamenvattingAuteursinformatie

    Het recht onder het EVRM, zoals zich dat vormt in de rechtspraak van het EHRM, leidt tot inconsistenties in het Nederlandse schadevergoedingsrecht: een naaste van een persoon die slachtoffer is geworden van een schending van het recht op leven kan tegenwoordig immers alleen vergoeding van eigen immateriële schade vorderen als de schending is gepleegd door een overheidsorgaan. Deze inconsistentie verdient aandacht, maar men realisere zich dat we hier raken aan bredere problematiek. Wij menen daarom dat er in de discussie over de inconsistentie eerst aandacht moet zijn voor de bredere vragen: hoe werken fundamentele rechten door en welke derde verdient waarvan vergoeding? Centraal staan daarbij steeds de overkoepelende kernvragen: wie verdient rechtens een remedie en waarom?


Mr. dr. J.M. Emaus
Mr. dr. J.M. Emaus is docent en onderzoeker aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en het Utrecht Centre for Regulation and Enforcement in Europe (RENFORCE).

Mr. dr. R. Rijnhout
Mr. dr. R. Rijnhout is universitair docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht, verbonden aan het Utrecht Centre for Accountability and Liability Law (UCALL) en redacteur van dit tijdschrift.

    Preventive interventions against terrorist attacks can be justified on legal and moral grounds. The Dutch broad-based approach against terrorism also addresses radicalizations processes. It is, however, hard to justify why a government in a liberal democracy should be allowed to intervene in processes of radicalization where danger to society is not obvious. A reason to justify intervention is when a (former) radical asks for help. Theories based on the ideas of Kant and Rawls also allow for intervention if an individual’s autonomy is diminished because he is member of a sect or under the spell of a charismatic leader. Other interventions with regard to (prevention of) radicalization cannot be justified by deontological theories such as Kant’s and Rawls’. Virtue ethics or teleology would, however, allow interventions but only if they are geared towards helping the individual in their quest to the good life. This justification allows for interventions that are, for example, focused on supporting individuals to critically reflect, reason and discuss about the good life and a just society. Based on the teleological justification constraints can be derived for preventive interventions with regard to radicalization or even deradicalisation. Notice that individuals cannot be forced to join these programs because there is no legal basis.


Anke van Gorp
Dr. ir. Anke van Gorp is onderzoeker en hogeschooldocent Ethiek en Veiligheid aan de Hogeschool Utrecht, Integrale Veiligheidskunde, Faculteit FMR. E-mail: anke.vangorp@hu.nl

Arnold Roosendaal
Mr. Arnold Roosendaal is onderzoeker bij TNO, afdeling Strategy and Policy for the Information Society.
Artikel

De nieuwe Europese privacywetgeving: stand van zaken bijna twee jaar na Commissievoorstel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden gewone wetgevingsprocedure, artikel 7 en 8 Handvest, gegevensbescherming, verhouding EU-VS, onafhankelijk toezicht
Auteurs Mr. H. Hijmans
SamenvattingAuteursinformatie

    In het voorjaar van 2012 heb ik in NTEReen bijdrage geschreven over de Commissievoorstellen van 25 januari 2012 voor nieuwe Europese wetgeving op het gebied van de gegevensbescherming. De behandeling van deze voorstellen – en dan vooral de voorgestelde verordening – bij de Raad en het Parlement heeft de gemoederen in Brussel en ook in Nederland sterk beziggehouden vanwege de grote belangen die ermee gemoeid zijn en de vaak uiteenlopende meningen over de verordening an sich en veel van de specifieke bepalingen die deze bevat. Het meest aansprekende bewijs daarvan zijn de bijna vierduizend amendementen die binnen het EP zijn ingediend in relatie tot de voorgestelde verordening. Bij het beëindigen van deze bijdrage is nog veel onduidelijk over het vervolg van het dossier. Ik wil deze bijdrage dan ook vooral benutten om de voor de lezers van NTER meest relevante elementen van het debat in kaart te brengen, in vervolg op mijn bijdrage uit 2012.Voorstel voor een verordening betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens (algemene verordening gegevensbescherming) ( COM/2012/011 def.).Voorstel voor een richtlijn betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens door bevoegde autoriteiten met het oog op de voorkoming, het onderzoek, de opsporing en de vervolging van strafbare feiten of de tenuitvoerlegging van straffen, en betreffende het vrije verkeer van die gegevens ( COM/2012/010 def.).


Mr. H. Hijmans
Mr. H. (Hielke) Hijmans is afdelingshoofd Policy & Consultation bij de Europese toezichthouder voor de gegevensbescherming (EDPS). De auteur schrijft dit artikel op persoonlijke titel.
Artikel

Conferencing internationaal: vaker toegepast dan gedacht

Tijdschrift Tijdschrift voor Herstelrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden Conferencing, Internationale toepassing
Auteurs Estelle Zinsstag en Inge Vanfraechem
SamenvattingAuteursinformatie

    Conferencing is a restorative justice practice which has started developing quite consistently since the 1990s, in majority in Anglophone countries such as New Zealand, Australia, the USA, Canada or the UK and in particular with consistently promising results for juvenile justice in Northern Ireland. Some continental European, Latin American and African countries are also starting to introduce this alternative to traditional criminal justice, especially in the case of juvenile justice, with some equally promising results. This article presents up-to-date information about the state of conferencing in the world and discusses some of the major conclusions that have come out of a European research project and book.


Estelle Zinsstag
Estelle Zinsstag is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en coördineert een EC Daphne project rond seksueel geweld en herstelrecht. Ze is managing editor van Restorative Justice: An International Journal.

Inge Vanfraechem
Inge Vanfraechem is senior onderzoeker aan het KU Leuven Instituut voor Criminologie (België) en manager van een Europees FP7 project rond herstelrecht en interculturele conflicten.
Artikel

Cyberpesten vanuit een criminologisch perspectief

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 4 2013
Trefwoorden cybercrime, criminological challenges, cyberbullying, characteristics perpetrators, interrelation online-offline
Auteurs Drs. Joyce Kerstens en Sander Veenstra MSc
SamenvattingAuteursinformatie

    It is assumed that the online world creates new possibilities for criminal behaviour. Only recently criminologists started the debate on the applicability of traditional criminological theories to cybercrime offending. Data retrieved from the national Dutch survey Youth & Cybersafety indicate that cyberbullying behaviour is not only strongly interwoven with traditional bullying behaviours, but is also affected by the distinct features of the online environment. The findings give support to the suggestion that the aetiological schema to explain cyberbullying should postulate the interaction between individual characteristics, distinct features of the online environment and the interaction between offline and online social realities.


Drs. Joyce Kerstens
J. Kerstens is projectleider Jeugd & Cybersafety bij het lectoraat Cybersafety, verbonden aan NHL Hogeschool en de Politieacademie. Zij is tevens promovenda aan de rechtenfaculteit van de Open Universiteit.

Sander Veenstra MSc
S. Veenstra is cum laude afgestudeerd aan de University of Leicester (Criminology, thesis over cyber bullying) en werkt als onderzoeker bij het lectoraat Cybersafety, verbonden aan NHL Hogeschool en de Politieacademie.
Artikel

Henk Leenen: peetvader van het Nederlandse gezondheidsrecht

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Health law, agenda-setting, formal and informal position, self-determination
Auteurs Heleen Weyers
SamenvattingAuteursinformatie

    This article paints Henk Leenen as the godfather of Dutch health law. Godfather because Leenendesigned his own version of health law, a version that is characterized by an emphasis on autonomy of the patient. And godfather because Leenen was one of the founders of the Dutch Association of Health Law and for many years the editor of its periodical. He succeeded to bind almost all health law scholars to this organization and his way of seeing health law. The article illustrates Leenen’s influence by describing his reading of autonomy in health law, by outlining his informal and formal position in the health law landscape and by sketching the coming into being and the content of two important laws: the Law on medical contracts and the Law on physician assisted death (‘euthanasia’).


Heleen Weyers
Heleen Weyers is universitair docent bij de Vakgroep Rechtstheorie aan de Rijksuniversiteit van Groningen. Zij geeft onderwijs in rechtssociologie, politieke theorie en wetsevaluatie. In haar onderzoek richt ze zich op de totstandkoming van recht, de sociale werking van recht en de relatie tussen beide. Qua onderwerpen gaat het daarbij onder andere om de regulering van het medisch handelen aan het einde van het leven en het rookverbod in de horeca.
Artikel

Nabeschouwing: de actor als factor

Tijdschrift Recht der Werkelijkheid, Aflevering 3 2013
Trefwoorden Kingdon, policy formation, policy entrepreneurs
Auteurs Alex Jettinghoff en Leny de Groot-van Leeuwen
SamenvattingAuteursinformatie

    With the help of a model of policy formation designed by John Kingdon, we seek to map the actors in the previous cases of legal change and to establish the way in which they performed their key role and what conditions allowed them to do that. It appears that only two of the actors are insiders, government officials. The rest are outsiders. According to Kingdon’s model, a particular kind of actors is most likely to play a key role in policy change. He calls them ‘policy entrepreneurs’ and they typically are experts in a particular field of policy, who spend time, energy and money to promote a proposal they favour. They spring into action when they seize an opportunity to push their proposal on the agenda of the decision-makers. In our small collection of actors, Lemkin, Sinzheimer and Leenen are prototypical ‘policy entrepreneurs’. The others do not fit this profile, but played an influential role nevertheless.


Alex Jettinghoff
Alex Jettinghoff is als fellow verbonden aan het Instituut voor Rechtssociologie van de Rechtenfaculteit van Radboud Universiteit Nijmegen. Hij schreef recentelijk over het procederen van bedrijven, rechterlijke specialisatie en de wording van het Unified Patent System van de Europese Unie.

Leny de Groot-van Leeuwen
Leny de Groot-van Leeuwen is hoogleraar Rechtspleging en voorzitter van het gelijknamige onderzoeksprogramma van het onderzoekscentrum Staat en Recht van de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij publiceerde in boeken en tijdschriften over de juridische beroepen en de legitimiteit van rechtspraak.
Artikel

Van je familie moet je het hebben

Een onderzoek naar de werking van preventief beleid in de derde pijler van de Top 600-aanpak van de gemeente Amsterdam

Tijdschrift PROCES, Aflevering 5 2013
Trefwoorden Top 600-aanpak, Amsterdam, derde pijler, preventiefuik
Auteurs Drs. Hugo Aalders, Drs. Bas Kurvers, Mr. Monique Mos e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    Prevention is very difficult to evaluate. If the situation you are trying to avoid, does not occur, it is likely to continue with prevention. If the situation does occur, it is logical to continue with the already taken preventive measures or even intensify these. This is what we call the ‘prevention trap’. In the first part of the article, a framework is presented for a methodological way to test policy on signals of the presence of a ‘prevention trap’. In the second part this framework is applied on the way the city of Amsterdam is dealing with the brothers and sisters of the top 600 criminal offenders, in the so called ‘Top 600 approach’. Some conclusions are drawn.


Drs. Hugo Aalders
Drs. Hugo Aalders is manager van de Dienst Werk en Inkomen van de gemeente Amsterdam.

Drs. Bas Kurvers
Drs. Bas Kurvers is strategisch adviseur van de Dienst Werk en Inkomen van de gemeente Rotterdam.

Mr. Monique Mos
Mr. Monique Mos is senior officier van justitie en afdelingshoofd van het parket Den Haag.

Mr. Gert Veurink
Mr. Gert Veurink is senior officier van justitie en sectiehoofd van het Landelijk Parket.
Toont 1 - 20 van 367 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 18 19
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.