Zoekresultaat: 21 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Waar wringt het bij de wraking?

Over de voorgestelde vernieuwingen in de wrakingsprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden wraking
Auteurs Mr. dr. P. Smits
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het rechtsvergelijkend onderzoek naar de mogelijkheden tot herziening van de Nederlandse wrakingsprocedure van juli 2012 door wetenschappers van de universiteit Utrecht (Giesen e.a.) geanalyseerd voor zover het de civiele wrakingsregeling betreft. Na een beschrijving van de wrakingsregeling in artt. 36 e.v. Rv worden de voorstellen tot efficiëncyverhoging en tempering van oneigenlijk gebruik (het interne perspectief) besproken. Vervolgens worden de suggesties tot vergroting van het maatschappelijk draagvlak van het wrakingsinstrument (het externe perspectief) bezien . De conclusie is dat de voorstellen aangaande het interne perspectief zonder meer waardevol zijn, doch dat die aangaande het externe perspectief minder aanspreken.


Mr. dr. P. Smits
Mr. dr. P. Smits is advocaat bij ING Bank te Amsterdam.
Artikel

Stuiting van de bevrijdende verjaring en de verhouding tussen art. 3:316 en 3:317 BW

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 10 2013
Trefwoorden verjaring, Van Lanschot/Grove c.s., stuiting, ander dan de rechthebbende
Auteurs Mr. J.M. Hummelen
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt in deze bijdrage naar aanleiding van het arrest Van Lanschot/Grove c.s. de mogelijkheden tot stuiting van de (bevrijdende) verjaring. Daarbij wordt aandacht besteed aan de verhouding tussen art. 3:316 en 3:317 BW en ingegaan op de vraag of een ander dan de rechthebbende de verjaring kan stuiten op basis van art. 3:317 BW.


Mr. J.M. Hummelen
Mr. J.M. Hummelen is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam en promovendus aan de Rijksuniversiteit Groningen.

Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat en partner bij BarentsKrans.

J. Kampman LL.B.
J. Kampman LL.B. is masterstudent privaatrecht en strafrecht aan de UvA; diens masterscriptie heeft als basis gediend voor dit artikel.
Artikel

De wettelijke en de contractuele klachttermijn bij koop

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2013
Trefwoorden klachttermijn, artikel 7:23 BW, garantie
Auteurs Mr. M. van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de lengte van de wettelijke klachttermijn bij koop en de mogelijkheden om contractueel de klachttermijn in te kleuren.


Mr. M. van der Velde
Mr. M. van der Velde is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

    Deze bijdrage bespreekt de remedies uit het GEKR die de koper bij niet-nakoming door de verkoper ten dienste staan. Bezien wordt of de regeling met betrekking tot de remedies vergeleken met het Nederlands recht voordelen kan opleveren voor de koper of de verkoper. Vooral de aandacht verdienen de nakoming, de schadevergoeding en de ontbinding, maar ook zal worden stilgestaan bij enkele algemene punten met betrekking tot de uitoefening van remedies, zoals de klachtplicht. De conclusie luidt dat koper en verkoper allebei geen duidelijke redenen hebben om voor het GEKR te kiezen wat de regeling van de remedies betreft.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is wetenschappelijk onderzoeker en docent bij de sectie Burgerlijk Recht, Erasmus School of Law.
Artikel

Naar een uniforme klachtplicht bij consumentencontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 5 2011
Trefwoorden klachttermijn, klachtplicht, Art. 6:89 BW, consumentenkoop
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
SamenvattingAuteursinformatie

    Rieme-Jan Tjittes ten slotte, pleit voor het gelijkschakelen van de eisen die het recht stelt aan het tijdig klagen door consumenten. Als gevolg van het implementeren van een Europese richtlijn geldt bij de consumentenkoop voor het op de voet van artikel 7:23 BW gaan lopen van de klachttermijn alleen de eis dat de consument feitelijk weet van het gebrek aan de zaak, niet daarenboven ook nog de (vaak in de tijd daaraan voorafgaande) eis dat de consument het gebrek redelijkerwijs had behoren te ontdekken. Artikel 6:89 BW (de algemene klachtplicht) differentieert echter niet tussen een consument-crediteur en een andere crediteur, zodat voor de consument-crediteur in algemene zin ook gewoon de dubbele eis geldt, terwijl het niet zelden (denk aan financiële dienstverlening) om complexere producten gaat dan bij de doorsnee-koop. Tjittes vindt dit onwenselijk en wil voor consumenten ook bij de algemene klachtplicht uitgaan van (in feite) enkel de eis van feitelijk weten en, Grosheide, heeft hij daarmee misschien niet een punt?


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Rieme-Jan Tjittes is advocaat bij BarentsKrans, hoogleraar Privaatrecht VU, raadsheer-plv. Gerechtshof Arnhem en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

De klachtplicht bij koop

HR 25 maart 2011, LJN BP8991, RvdW 2011, 419 (Ploum/Smeets II)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2011
Trefwoorden gezichtspuntencatalogus, klachtplicht, arrest Ploum/Smeets II, art. 6:89 BW, art. 7:23 lid 1 BW
Auteurs Mr. Y.A. Rampersad en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is door de Hoge Raad een ‘gezichtspuntencatalogus’ ontwikkeld aan de hand waarvan kan worden getoetst of in een concreet geval aan de klachtplicht van art. 6:89 en 7:23 lid 1 BW is voldaan. In deze bijdrage wordt het arrest Ploum/Smeets II van 25 maart 2011, LJN BP8991, RvdW 2011, 419, besproken waarin deze gezichtspuntencatalogus is uitgebreid en nader is uitgewerkt.


Mr. Y.A. Rampersad
Mr. Y.A. Rampersad is onlangs afgestudeerd in de richtingen Civiel recht en Straf(proces)recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

De kenbaarheid van opschorting

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 6 2011
Trefwoorden opschorting, mededelingsplicht, mededelingsplicht, klachtplicht, ingebrekestelling
Auteurs Mr. M.M. Stolp
SamenvattingAuteursinformatie

    Kan een schuldenaar gebruik maken van een opschortingsrecht zonder mee te delen dat en op welke grond hij opschort? De wet zwijgt hierover. Uit een arrest van afgelopen nazomer blijkt dat de Hoge Raad zijn op dit punt eerder uitgezette richtsnoeren tot een ‘bestendig kader’ heeft gevormd. Deze bijdrage beoogt dit kader te verhelderen en aldus de praktijk meer houvast te bieden bij beantwoording van eerdergenoemde vraag.


Mr. M.M. Stolp
Mr. M.M. Stolp is advocaat bij Houthoff Buruma te Den Haag.
Artikel

Omkering van de bewijslast

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2011
Trefwoorden stelplicht, bewijslast, omkering van de bewijslast, bevrijdend verweer, klachtweer
Auteurs Mr. E.J. Bellaart en Mr. D.E. Alink
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest van 23 april 2010 van de Hoge Raad betreft naar de mening van auteurs een voorbeeld van toepassing van een bijzondere regel van omkering van de bewijslast op grond van art. 150 Rv in het kader van een vernietigingsprocedure van een arbitraal vonnis. Het arrest maakt, in meer algemene zin, duidelijk dat de omkering van de bewijslast niet een omkering van de stelplicht betekent. Als sprake is van een bevrijdend verweer dient daarop een beroep te worden gedaan, ongeacht de omkering van de bewijslast. Het arrest schijnt ook licht op andere bevrijdende verweren waarbij de bewijslast is omgekeerd, zoals de klachtplicht ex art. 7:23 BW.


Mr. E.J. Bellaart
Mr. E.J. Bellaart is gerechtsauditeur bij het Wetenschappelijk Bureau (Civiel) van de Hoge Raad der Nederlanden.

Mr. D.E. Alink
Mr. D.E. Alink is gerechtsauditeur bij het Wetenschappelijk Bureau (Civiel) van de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Access_open Algemene bankvoorwaarden: modernisering, maar geen vernieuwing

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 2 2010
Trefwoorden Algemene Bankvoorwaarden, informatieplicht, titel 7.7B BW, zekerheidsrechten, beëindiging kredietrelatie
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    Per 1 november 2009 gelden de Algemene Bankvoorwaarden 2009, die de Algemene Bankvoorwaarden 1995 vervangen. De Algemene Bankvoorwaarden 2009 bevatten een modernisering ten opzichte van de voorwaarden uit 1995. Er is rekening gehouden met de bepalingen van titel 7.7B BW. Opmerkelijk is voorts de schrapping van de aansprakelijkheidsbeperking. De belangrijkste onderdelen uit de Algemene Bankvoorwaarden 1995 zijn niet gewijzigd, zodat de onder die voorwaarden gewezen rechtspraak haar gelding blijft behouden. De reikwijdte van de voorwaarden is evenwel beperkt, omdat de specifieke bankproducten hun eigen voorwaarden kennen die boven de algemene bankvoorwaarden prevaleren.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Artikel

Langdurige vertraging van de vliegreis: uitstel is in EU-verordening voor het recht op vergoeding gelijk aan afstel

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 2 2010
Trefwoorden reisrecht, Verordening 261/2004, compensatie bij vertraging
Auteurs Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
SamenvattingAuteursinformatie

    EU-Verordening 261/2004 houdt al sinds haar inwerkingtreding per 17 februari 2005 de gemoederen bezig. In 2009 heeft het HvJEU enkele knopen over de verordening doorgehakt. In het Rehder-arrest bepaalde het HvJEU dat zowel de rechter van de plaats van vertrek als de rechter van de plaats van aankomst bevoegd is van vorderingen kennis te nemen.
    In het Sturgeon-arrest verklaarde het HvJEU dat passagiers van wie de vlucht langdurig vertraagd is, aanspraak kunnen maken op de in de verordening voorziene compensatie. Het HvJEU gaat tegen de wil van de wetgever in. De auteur plaats kritische kanttekeningen bij deze laatste uitspraak.


Mr. drs. J.H.M. Spanjaard
Mr. drs. J.H.M. Spanjaard is advocaat bij La Gro Advocaten te Alphen aan den Rijn.
Artikel

Verlies van rechten door niet tijdig protesteren: art. 6:89 BW is niet van toepassing indien geheel niet is gepresteerd

HR 23 maart 2007, C05/284HR (Brocacef/FGC)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2007
Trefwoorden overeenkomst, levering, prestatie, schuldenaar, uitleg, leverancier, mededingingsrecht, partiële nietigheid, schuldeiser, conversie
Auteurs C.R. Christiaans

C.R. Christiaans
Artikel

Ambtshalve toepassing van art. 6:89 en 7:23 lid 1 BW: Een bijdrage naar aanleiding van HR 20 januari 2006, NJ 2006, 80

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2006
Trefwoorden motorfiets, vervaltermijn, betaling, redelijkheid en billijkheid, prestatie, rechtsgevolg, vermogensrecht, rechtsmiddel, rechtsverwerking, verbod
Auteurs P.S. Bakker

P.S. Bakker

M.J. Vis

S.Y.Th. Meijer
Artikel

Access_open <i>Un droit porté trop loin devient une injustice</i>: Misbruik van bevoegdheid uit historisch en comparatief perspectief

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 01 2007
Trefwoorden Misbruik van bevoegdheid, Onrechtmatige daad, Redelijkheid en billijkheid, Schuldeiser, Eigenaar, Rechtspraak, Schuldenaar, Verbod, Contract, Gemeente
Auteurs Schrage, E.J.H.

Schrage, E.J.H.
Artikel

Access_open Rechtsverwerking en gerechtvaardigd vertrouwen

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 02 2006
Trefwoorden Rechtsverwerking, Verjaring, Betaling, Contract, Redelijkheid en billijkheid, Rechtsvordering, Verjaringstermijn, Schuldeiser, Verzekeraar, Bull
Auteurs Schrage, E.J.H.

Schrage, E.J.H.
Artikel

Driekwart van de heersende leer over vervaltermijnen is onjuist

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden verval, verjaring, ambtshalve toepassing, stuiting
Auteurs Mr. dr. J.L. Smeehuijzen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat betreft vermogensrechtelijke vervaltermijnen zijn drie van de vier traditionele onderscheidingen tussen verval en verjaring onhoudbaar: (1) vervaltermijnen moeten net zo min als verjaringstermijnen ambtshalve worden toegepast en (2) afstand van verval is niet in mindere mate mogelijk dan afstand van verjaring. (3a) Stuiting van verval is, via een redelijke wetsuitleg of via de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, mogelijk als het gaat om vorderingsrechten.Helemaal gelijk zijn vermogensrechtelijke verval- en verjaringstermijnen intussen niet; (3b) voor bevoegdheden of obliegenheiten is de stuitingfiguur in de regel ongeschikt, omdat daar de crediteur zelf zijn recht kan verwezenlijken of zijn obliegenheit kan vervullen.


Mr. dr. J.L. Smeehuijzen
Mr. dr. J.L. Smeehuijzen is universitair docent aan de VU en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof Arnhem. Deze bijdrage is grotendeels ontleend aan hoofdstuk 28 van zijn dissertatie De bevrijdende verjaring (VU 2008).
Artikel

De aanneming van bouwwerken in het ‘Ontwerp Gemeenschappelijk Referentiekader’ en in Nederland: toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2009
Trefwoorden bouw, bouwwerken, ontwerp gemeenschappelijk referentiekader
Auteurs Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen en Mr. ir. F.M. van Cassel
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel spitst zich toe op de aanneming van bouwwerken, meer in het bijzonder op het toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk in de PEL SC en in de diverse nationale (wettelijke en contractuele) regelingen. Auteurs bevelen na bestudering van verschillende regelingen ten slotte aan de Europese regelgeving niet toe te passen.


Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen
Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.

Mr. ir. F.M. van Cassel
Mr. ir. F.M. van Cassel is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.
Artikel

Access_open Over volledige harmonisatie en herinrichting van het BW

Knelpunten bij de omzetting van de (voorgestelde) richtlijn consumentenrechten

Tijdschrift Vermogensrechtelijke Analyses, Aflevering 1 2009
Trefwoorden consumentenrechten, omzetting richtlijn, volledige harmonisatie, codificatie
Auteurs Prof. mr. M.H. Wissink
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage behandelt twee knelpunten waartoe de implementatie van de Richtlijn consumentenovereenkomsten in het Nederlandse recht aanleiding zal geven. De voorgestelde volledige harmonisatie leidt tot de noodzaak nadere keuzes te maken over bepaalde regelingen in het BW die niet alleen B2C-transacties betreffen (zoals art. 6:234 en 7:23 BW). Moeten zij ook voor B2B- of C2C-contracten aan het lagere beschermingsniveau van de richtlijn worden aangepast? In de tweede plaats wordt besproken of de richtlijn, gezien haar opzet en systematiek, een andere wijze van omzetting in het Nederlandse recht vereist. Aanbevolen wordt dat de algemene informatieplichten, de overeenkomsten op afstand en de colportage in Afdeling 6.5.2A BW geregeld worden. De regels over algemene voorwaarden en consumentenkoop kunnen op hun huidige plaats blijven.


Prof. mr. M.H. Wissink
Prof. mr. M.H. Wissink is hoogleraar privaatrecht, Rijksuniversiteit Groningen.
Toont 1 - 20 van 21 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.