Zoekresultaat: 24 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2012 x Rubriek Artikel x
Artikel

Nog geen horizontale rechtstreekse werking van het vrije verkeer van goederen?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden artikel 34 VWEU, vrij verkeer van goederen, horizontale werking, normerings- en certificeringsactiviteiten, bijzondere redenen van particulier belang
Auteurs Mr. dr. H.J. van Harten en mr. T. Nauta
SamenvattingAuteursinformatie

    In brede kring wordt aangenomen dat het vrij verkeer van diensten, werknemers en vestiging onder omstandigheden rechtstreeks doorwerken in horizontale relaties. In de zaak Fra.bo past het Hof van Justitie het leerstuk van de horizontale rechtstreekse werking niet expliciet toe op het vrije goederenverkeer. Zaakspecifiek maakt het Hof van Justitie echter duidelijk dat onder omstandigheden ook een particuliere organisatie als gedaante van ‘publieke macht’ kan worden aangemerkt waarmee haar activiteiten en voorschriften binnen de reikwijdte van het recht betreffende het vrije goederenverkeer vallen. Het Hof van Justitie lijkt hiermee impliciet aan te sluiten bij zijn collectiviteitsredenering inzake het vrij verkeer van diensten, werknemers en de vestigingsvrijheid.


Mr. dr. H.J. van Harten
Herman van Harten is verbonden aan het Europa Instituut, Universiteit Utrecht.

mr. T. Nauta
Thomas Nauta is werkzaam bij het Ministerie van Buitenlandse zaken en schrijft deze bijdrage op persoonlijke titel.
Artikel

De titanenstrijd tussen Apple en Samsung

Uitleg van de FRAND-verplichtingen bij de rechter en in het onderzoek van de Europese Commissie naar Samsung

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2012
Trefwoorden Apple, Samsung, FRAND, licenties, octrooi en standaardisering
Auteurs Mr. drs. D.P. Kuipers en mr. J.I. Kohlen
SamenvattingAuteursinformatie

    De gemoederen in de elektronicasector worden de laatste tijd aardig bezig gehouden door het juridische gevecht tussen Samsung en Apple in een flink aantal landen. In dit artikel geven wij vanuit mededingingsrechtelijk perspectief een beschouwing van de procedures die Apple en Samsung in Nederland voeren. Daarbij zoomen wij in op de FRAND1x De term FRAND staat voor ‘Fair Reasonable And Non-Discriminatory’ en slaat op de licentievoorwaarden die door een dominante octrooihouder of octrooipool alsmede door een octrooihouder die beschikt over octrooien die essentieel zijn voor toepassing van een technologische standaard zouden moeten worden gehanteerd. - aspecten van die zaak waarbij met name interessant is te constateren dat deze zowel in civielrechtelijke octrooiprocedures aan de orde komen als in het onderzoek dat de Europese Commissie is gestart. Wij concluderen dat het voor de eenduidigheid van de rechtspraak goed zou zijn als de Europese Commissie snel duidelijkheid schept in de FRAND-discussie en aangeeft op welke wijze deze ingrijpt op het mededingingsrecht, in het bijzonder artikel 102 VWEU.

Noten

  • 1 De term FRAND staat voor ‘Fair Reasonable And Non-Discriminatory’ en slaat op de licentievoorwaarden die door een dominante octrooihouder of octrooipool alsmede door een octrooihouder die beschikt over octrooien die essentieel zijn voor toepassing van een technologische standaard zouden moeten worden gehanteerd.


Mr. drs. D.P. Kuipers
Mr. drs. D.P. Kuipers is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.

mr. J.I. Kohlen
Mr. J.I. Kohlen is advocaat bij Bird & Bird LLP te Den Haag.
Artikel

Producentenorganisaties in het Europees landbouwbeleid en het mededingingsrecht

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 6 2012
Trefwoorden mededingingsrecht, Europees landbouwbeleid, producentenorganisaties, PO, Gemeenschappelijke Marktordening
Auteurs B.P.T. van Wonderen LLM MA
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Gemeenschappelijk Europees landbouwbeleid (GLB) voorziet landbouworganisaties, en in het bijzonder producentenorganisaties (PO’s), van een economische functie in het organiseren van de landbouwmarkten. De vraag hierbij is of de economische functie van PO’s op gespannen voet staat met de Europese mededingingsregels. In dit artikel betoog ik dat de economische rol van PO’s in het landbouwbeleid in samenhang moet worden gezien met de uitzonderingsbepaling voor de landbouw, die is neergelegd in Verordening 2006/1184/EG en in artikel 175 en 176 van Verordening 2007/1234/EG. Op basis van deze uitzonderingsbepaling zouden uitzonderingen op het kartelverbod mogelijk zijn ten behoeve van horizontale samenwerking in PO’s.


B.P.T. van Wonderen LLM MA
B.P.T. van Wonderen LLM MA studeerde Internationaal en Europees recht aan de Universiteit van Amsterdam en was beleidsmedewerker bij het Ministerie van Economische Zaken, Landbouw en Innovatie. Dit artikel is geschreven op basis van zijn afstudeerscriptie.

    In een bestek van enkele maanden hebben verschillende Europese rechterlijke instanties een aantal belangrijke arresten gewezen over kortingsregelingen en exclusiviteitsovereenkomsten die worden gehanteerd door een onderneming met een machtspositie. Naast een arrest van het Hof van Justitie in een ‘gewone’ administratieve hoger beroepsprocedure tegen een besluit van de Commissie (Tomra1x HvJ EU19 april 2012, zaak C-549/10 P, Prokent/Tomra, n.n.g. ), betreft dit een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Vrijhandelsassociatie (EVA-Hof) (Posten Norge2x EVA-Hof 18 april 2012, E-15/10, Posten Norge/Toezichthoudende Autoriteit EVA. ) en een arrest van het Hof van Justitie in een prejudiciële procedure (Post Danmark3x HvJ EU 27 maart 2012, zaak C-209/10, Post Danmark, n.n.g. ). Dit artikel zal allereerst een samenvatting geven van de verschillende arresten. Vervolgens zullen de arresten kort worden becommentarieerd.

Noten

  • 1 HvJ EU19 april 2012, zaak C-549/10 P, Prokent/Tomra, n.n.g.

  • 2 EVA-Hof 18 april 2012, E-15/10, Posten Norge/Toezichthoudende Autoriteit EVA.

  • 3 HvJ EU 27 maart 2012, zaak C-209/10, Post Danmark, n.n.g.


Mr. B.J.H. Braeken
Mr. B.J.H. Braeken is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Arrest Toshiba: toepassing ne bis in idem-beginsel in kartelzaken

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden Toshiba, Ne bis in idem, gasgeïsoleerd schakelmateriaal, Artikel 11 Verordening 2003/1/EG
Auteurs Mr. G. Oosterhuis en mr. A.M. Huijts
SamenvattingAuteursinformatie

    Het te bespreken arrest betreft prejudiciële vragen gesteld door de regionale rechtbank te Brno, Tsjechië1x Voluit: Krajský soud v Brně. met betrekking tot het gasgeïsoleerd schakelmateriaalkartel. Aan de orde komen de bevoegdheidsverdeling tussen de Commissie en nationale mededingingsautoriteiten op grond van Verordening 2003/1/EG en het ne bis in idem-beginsel.

Noten

  • 1 Voluit: Krajský soud v Brně.


Mr. G. Oosterhuis
Mr. G. Oosterhuis is advocaat bij Houthoff Buruma in Brussel.

mr. A.M. Huijts
Mr. A.M. Huijts is eveneens advocaat bij Houthoff Buruma in Brussel.
Artikel

Minimumeis aan volgestort maatschappelijk kapitaal in strijd met fundamentele vrijheden

De vrijheid van vestiging en de vrijheid van dienstverrichting verzetten zich tegen de dubbele standaard van Italiaanse belastinginning.

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 8/9 2012
Trefwoorden vrijheid van vestiging/dienstverrichting, aanbesteding en dienstenconcessie
Auteurs Mr. M.L. Weeda en mr. L.J. Terpstra
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze prejudiciële verwijzingsprocedure stelt het Hof van Justitie vast dat de artikelen 49 en 56 VWEU1x In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen. aldus moeten worden uitgelegd dat zij zich verzetten tegen de verplichting uit hoofde van een Italiaanse regeling tot het hebben van een minimaal volgestort maatschappelijk kapitaal van 10 miljoen euro voor marktdeelnemers belast met de inning van belastingen, met uitzondering van vennootschappen waarin de Italiaanse overheid een meerderheidsbelang heeft. Volgens de verwijzende rechter bevat de Italiaanse regeling voorzorgsmaatregelen die de overheid op een meer evenredige wijze kunnen beschermen. Dit lijkt voor het Hof van Justitie onder meer reden om op de vragen van de verwijzende rechter te antwoorden dat de betrokken bepaling uit de Italiaanse regeling een onevenredige en dus ongerechtvaardigde beperking van de fundamentele vrijheden van vestiging en dienstverlening vormt.

Noten

  • 1 In dit artikel zal naar de artikelnummers van het Verdrag betreffende de Werking van de Europese Unie worden verwezen.


Mr. M.L. Weeda
Mr. M.L. Weeda is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.

mr. L.J. Terpstra
Mr. L.J. Terpstra is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

De Europese schikkingsprocedure voor kartelzaken

De ervaringen tot nu toe

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Europese Commissie, kartels, schikkingen, procedure
Auteurs Mr. A.M. ter Haar
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behandelt de door de Europese Commissie in 2008 geïntroduceerde schikkingsprocedure voor kartelzaken. Op grond van de eerste zes schikkingsbesluiten wordt beoordeeld hoe succesvol de procedure tot nu toe heeft uitgepakt voor de Commissie en voor deelnemende ondernemingen. Hierbij wordt allereerst kort ingegaan op de achtergrond en het verloop van de procedure. Vervolgens komen de voordelen en risico’s voor beide partijen in de procedure aan bod en wordt gekeken hoe deze zich tot nu toe in de praktijk voordoen. Het artikel concludeert positief over de procedure maar wijst op enkele mogelijke verbeterpunten.


Mr. A.M. ter Haar
Mr. A.M. (Maurits) ter Haar is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek in Amsterdam.
Artikel

Afbakening van bevoegdheden en de toepassing van het ne bis in idem-beginsel in het mededingingsrecht na het Toshiba-arrest

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Ne bis in idem-beginsel, Verordening 2003/1/EG, competentieverdeling, handhaving, boete
Auteurs Mr. R. Elkerbout LL.M
SamenvattingAuteursinformatie

    43 jaar na het Walt Wilhelm-arrest heeft de grote kamer van het Hof van Justitie zich in het Toshiba-arrest opnieuw uitgelaten over de onderlinge afbakening van bevoegdheden tussen de Commissie en de nationale mededingingsautoriteiten alsook over de betekenis van het ne bis in idem-beginsel bij de handhaving van het mededingingsrecht in grensoverschrijdende kartelzaken. De auteur bespreekt in deze bijdrage het arrest en de implicaties daarvan voor de afbakening van bevoegdheden binnen het Europese netwerk van mededingingsautoriteiten. Voorts wordt een aantal kritische kanttekeningen geplaatst bij het oordeel van het Hof van Justitie aangaande de toepassing van het ne bis in idem-beginsel in de onderhavige kartelzaak.


Mr. R. Elkerbout LL.M
Ruben Elkerbout is advocaat bij Stek in Amsterdam.
Artikel

VALE: grensoverschrijdende omzetting in het verlengde van Cartesio

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2012
Trefwoorden grensoverschrijdende omzetting, zetelverplaatsing, Cartesio, Europese Unie
Auteurs Mr. W.J.T. de Jonge
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het onlangs gewezen VALE-arrest en de mogelijkheden die dit arrest schept met betrekking tot grensoverschrijdende omzettingen binnen de Europese Unie.


Mr. W.J.T. de Jonge
Mr. W.J.T. de Jonge is kandidaat-notaris bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

Oostenrijks sectoraal rijverbod: de weg door het Inntal voert langs Brussel

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 7 2012
Trefwoorden sectoraal rijverbod, vrij verkeer van goederen, rechtvaardiging, geschiktheid, bewijsvereisten
Auteurs Mr. K. Sevinga
SamenvattingAuteursinformatie

    Opnieuw kan een maatregel van Oostenrijk met het oog op de verbetering van de luchtkwaliteit in het dal van de Inn de toets aan de evenredigheid niet doorstaan. Oostenrijk mag door de Commissie aangedragen alternatieve maatregelen slechts dan afwijzen, wanneer het kan aantonen dat die maatregelen ongeschikt zijn om het nagestreefde doel op het vrij verkeer van goederen minder beperkende wijze te bereiken.


Mr. K. Sevinga
Mr. K. Sevinga is werkzaam bij de Hoofddirectie Bestuurlijke en Juridische Zaken van het ministerie van Infrastructuur en Milieu.
Artikel

Mededingingsbeleid en publieke belangen: een economisch perspectief

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 4 2012
Trefwoorden Mededingingsrecht, Publieke belangen, Uitzonderingsgronden, Maatschappelijk verantwoord concurreren, Marktwerking
Auteurs Dr. Paul de Bijl en dr. Theon van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Diverse commentatoren hebben recent geopperd dat de nieuwe Autoriteit Consument en Markt (ACM) meer rekening met de wisselwerking tussen mededinging en diverse publieke belangen (ook andere dan gerelateerd aan marktmacht) moet gaan houden. Publieke belangen anders dan gerelateerd aan marktmacht zijn echter al elders belegd: de mededingingsautoriteit hanteert de daaruit volgende wet- en regelgeving als randvoorwaarden. ‘Integraal’ mededingingsbeleid zou leiden tot intransparantie en reguleringsonzekerheid; het is niet verstandig die kant op te gaan. Sterker, beleidsmakers en politici kunnen bijdragen aan effectiever mededingingsbeleid door ‘overige’ publieke belangen scherp te articuleren.


Dr. Paul de Bijl
Dr. Paul de Bijl is hoofd van de sector Marktordening bij het Centraal Planbureau en extramural fellow van TILEC, Universiteit van Tilburg.

dr. Theon van Dijk
Dr. Theon van Dijk is werkzaam bij economisch adviesbureau Lexonomics.

Dr. P.C.J. De Tavernier
Dr. P.C.J. De Tavernier is verbonden aan het Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Leiden. Hij is tevens lid van het bijzonder academisch personeel van de Universiteit Antwerpen.

Prof. mr. C.E.C. Jansen
Prof. mr. C.E.C. Jansen is hoogleraar privaatrecht aan de Vrije Universiteit Amsterdam, hoogleraar privaatrechtelijk bouwrecht aan de Universiteit van Tilburg en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof ’s-Hertogenbosch. De auteur dankt mw. mr. A.T.M. van den Borne voor haar opmerkingen bij een conceptversie van dit artikel. Het artikel is afgesloten op 11 april 2012.
Artikel

De NMa staat voor de deur. Maar waar is haar rechterlijke machtiging?

Tien jaar na Colas Est

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2012
Trefwoorden Colas Est, rechterlijke machtiging, EVRM, invallen, bedrijfsruimten
Auteurs Mr. M.M. Slotboom
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur zet in dit artikel uiteen waarom hij – mede in het licht van recente rechtspraak van het Europees Hof voor de Rechten van de Mens – van mening blijft dat de Nederlandse wetgever het wettelijk kader zodanig moet aanpassen dat NMa-ambtenaren die de opdracht krijgen een bedrijfsruimte te betreden om overtredingen van de Mededingingswet op te sporen, te allen tijde beschikken over een vooraf gegeven rechterlijke machtiging. Net zoals dat sinds 2007 ook het geval is voor het betreden van privéwoningen.


Mr. M.M. Slotboom
Mr. M.M. Slotboom is partner bij Simmons & Simmons LLP te Brussel.
Artikel

Belgisch en Nederlands belastingrecht verbieden aftrek kartelboetes; EU-recht ook?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 6 2012
Trefwoorden aftrekbaarheid, kartelboetes, effectiviteitsbeginsel, belastingrecht, grondwet
Auteurs Mr. W.W. Geursen
SamenvattingAuteursinformatie


Mr. W.W. Geursen
Mr. W.W. Geursen is werkzaam als promovendus bij de Vrije Universiteit, Amsterdam.
Artikel

Forward to the Past: de territoriale exploitatie van uitzendrechten na het arrest Premier League

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden voorwaardelijke toegang, vrij verkeer van diensten, absolute gebiedsbescherming, auteursrecht, mededeling aan het publiek
Auteurs Mr. H.M.H. Speyaert
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Premier League van het HvJ EU komen alle denkbare aspecten van de IE-rechtelijke en technische bescherming van territoriaal geëxploiteerde uitzendrechten aan bod. Daarbij wordt de lezer meegenomen op een reis terug in de tijd, naar golden oldies als Consten/Grundig, Codidel I en Coditel II. Het arrest kan belangrijke gevolgen hebben voor het exploitatiemodel voor uitzendingen van supranationaal belang, zoals opnames van sportevenementen (EK’s en WK’s, Olympische Spelen of, zoals hier, betaald voetbal wedstrijden), films of televisieseries.


Mr. H.M.H. Speyaert
Mr. H.M.H. Speyart is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam en vaste medewerker van NTER.
Artikel

Een aanval op het Europese emissiehandelsysteem vanuit de lucht

Een bespreking van de prejudiciële beslissing van het Hof van Justitie inzake Richtlijn 2008/101/EG tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden klimaatverandering, emissiehandel, luchtvaart, extra-territoriale werking, milieu
Auteurs Mr. F.M. Fleurke
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Hof van Justitie heeft het onderbrengen van de luchtvaart bij het Europese emissiehandelssysteem (EU EHS) in een prejudiciële beslissing geldig bevonden. De geldigheid van Richtlijn 2008/101/EG tot wijziging van Richtlijn 2003/87/EG teneinde ook luchtvaartactiviteiten op te nemen in de regeling voor de handel in broeikasgassenemissierechten binnen de Europese Unie werd betwist door een aantal Amerikaanse vliegtuigmaatschappijen, die stelden dat de richtlijn in strijd is met internationale verdragen en met het internationale gewoonterecht. De uitkomst van de zaak is van groot belang voor de toekomst van het Europese klimaatbeleid, vooral nu onderhandelingen over een nieuw klimaatakkoord stroef verlopen. Vanuit juridisch perspectief is de zaak bovendien interessant omdat het Hof van Justitie zich heeft moeten uitlaten over de extraterritoriale werking van het EU-recht.


Mr. F.M. Fleurke
Mr. F.M. Fleurke is universitair docent Europees milieurecht aan de Tilburg Law School.
Artikel

Effectieve rechtsbescherming: eindeloos potentieel, ongeleid projectiel?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden effectieve rechtsbescherming, effectiviteitsbeginsel, toegang tot de rechter, procedurele autonomie, rechterlijke toetsing
Auteurs Dr. L.Y.M. Parret
SamenvattingAuteursinformatie

    Het beginsel van effectieve rechtsbescherming komt in toenemende mate voor in de rechtspraak van het Hof van Justitie en het Gerecht, dwars door alle rechtsgebieden heen. De bedoeling van deze bijdrage is om aan de hand van enkele uitspraken van de afgelopen twee jaren, de grote variëteit van procesrechtelijke onderwerpen te illustreren waar de rechtspraak uit Luxemburg een impact op heeft. Die periode valt ook samen met de tijdspanne gedurende welke het Handvest van de grondrechten juridisch bindend is. Het Handvest bevat het beginsel van effectieve rechtsbescherming zoals hierna zal blijken. De nadruk ligt op de rechtspraak die handelt over de handhaving van het EU-recht door de nationale rechter, al wordt hier en daar de vergelijking gemaakt met de rol van het Hof van Justitie en het Gerecht als bestuursrechter. In dit overzicht worden enkele vragen geformuleerd die de rechtspraak oproept. De coherentie van de rechtspraak wordt bemoeilijkt door de complexiteit van de rechtsbronnen. Het zou naar de toekomst toe goed zijn als er meer klaarheid zou komen in de relatie tussen het beginsel van effectieve rechtsbescherming en het effectiviteits- of doeltreffendsbeginsel. Als achtergrond voor de bespreking van de rechtspraak hierna, wordt eerst kort stilgestaan bij de bronnen en de twee genoemde beginselen.


Dr. L.Y.M. Parret
Dr. L.Y.M. Parret is raadslid en kamervoorzitter, Belgische Raad voor de Mededinging, en universitair docent, Tilburg University.

    Op dit moment houdt de schuldencrisis Europa in zijn greep. Deze heeft genoopt tot een aantal ingrijpende maatregelen. Zo werd het Europees toezichtsraamwerk nader ingevuld en begon de ECB onder het zogenaamde Securities Markets Programme, staatsobligaties op te kopen. Tijdelijke Europese steunfaciliteiten werden opgetuigd en onder een daartoe aangepast EU- Werkingsverdrag werd het Europees Stabilisatie Mechanisme (ESM) als permanente steunfaciliteit in het leven geroepen. Met het oog op een sterkere economische unie werd in amper drie maanden het ‘Verdrag inzake stabiliteit, coördinatie en bestuur in de economische en monetaire unie’ uit de grond gestampt. Onderstaand komen genoemde maatregelen in vogelvlucht aan bod.


Mr. W.H. Bovenschen
Mr. W.H. Bovenschen is jurist institutionele en internationale zaken bij De Nederlandsche Bank NV.
Artikel

Kaderwetgeving en de verstrooiing van de wetgevende macht

Tijdschrift RegelMaat, Aflevering 3 2012
Trefwoorden kaderwetgeving, delegatie, snelheid en slagvaardigheid, primaat van de wetgever
Auteurs Prof. dr. R.A.J. van Gestel
SamenvattingAuteursinformatie

    De laatste jaren heeft zowel de Raad van State als de Eerste Kamer zich herhaaldelijk met klem verzet tegen het vermeendelijk toegenomen gebruik van kaderwetgeving vanwege de inbreuk die kaderwetten al snel zouden maken op het primaat van de wetgever. Het belangrijkste bezwaar tegen kaderwetten lijkt het gevaar dat het parlement als medewetgever buiten spel wordt gezet door te kiezen voor open normen in wetgeving en veelvuldige delegatie van regelgevende bevoegdheid naar het bestuur of het overlaten van nadere normstelling aan private regelgevers. Een vaak genoemd motief voor het gebruik van kaderwetten is het streven naar meer snelheid en slagvaardigheid in het wetgevingsproces. De vraag is echter of snelheid wel het daadwerkelijke motief is achter de inzet van kaderwetgeving, aangezien de tijdwinst die ermee wordt geboekt, vaak twijfelachtig lijkt. Denkbaar is ook dat veeleer sprake is van een verstrooiing van de wetgevende macht mede als gevolg van het tanende gezag van het parlement als medewetgever. Daarnaast lijkt de invloed van Europa belangrijke gevolgen te hebben voor het gebruik van kaderwetgeving en valt op dat het fenomeen kaderwet zeker geen nieuw of louter nationaal verschijnsel is. Het gebruik van kaderwetgeving lijkt populair in tijden van crisis en komt zowel op Europees niveau (kaderrichtlijnen) als in de ons omringende landen (lois-cadres, Rahmengesetze, skeleton bills, enzovoort) regelmatig voor.


Prof. dr. R.A.J. van Gestel
Prof. dr. R.A.J. van Gestel is hoogleraar Theorie en Methode aan de Universiteit van Tilburg en redacteur van RegelMaat. r.a.j.vangestel@uvt.nl
Toont 1 - 20 van 24 gevonden teksten
« 1
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.