Zoekresultaat: 124 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x

    Deze analyse bespreekt uitvoerig de argumenten van voor- en tegenstanders van het wetsvoorstel ter versoepeling van de Belgische abortuswetgeving (2019-…). Het fel bediscussieerde wetsvoorstel beoogt het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon uit te breiden en abortus te destigmatiseren. Door vrijwillige zwangerschapsafbreking als gezondheidszorg te kwalificeren geven de indieners van het wetsvoorstel tevens de voorkeur aan een gezondheidsrechtelijk traject op maat van de zwangere persoon als patiënt. De inkorting van de wachtperiode-en het schrappen van abortusspecifieke informatieverplichtingen geven in die zin blijk van vertrouwen in de zwangere persoon, in het kwalitatief handelen van de zorgverlener en in de waarborgen die het gezondheidsrecht reeds biedt. De wetgever dient met andere woorden uit te maken (1) welke regels hij in de context van abortus nodig acht, (2) of deze regels reeds worden gewaarborgd door de algemene gezondheidswetten- en deontologie, en (3) of de vooropgestelde regels hun doel bereiken. Een uitbreiding van het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon wordt tevens bewerkstelligd door de termijnuitbreiding van twaalf naar achttien weken voor abortus op verzoek. Een keuze voor een termijn is steeds in zekere mate willekeurig, doch reflecteert een beleidsethische keuze waarbij wordt gezocht naar een evenwicht tussen de bescherming van ongeboren leven en het zelfbeschikkingsrecht van de zwangere persoon. Praktische bekommernissen vormen hierbij geen fundamenteel bezwaar tegen een termijnuitbreiding maar dienen, in overleg met de betrokken sector, te worden geanticipeerd en maximaal te worden opgevangen door middel van organisatorische (niet-noodzakelijk juridische) initiatieven. Ten slotte beogen de indieners van het wetsvoorstel opheffing van alle strafsancties voor vrijwillige zwangerschapsafbreking. Op rechtstheoretisch vlak blijven echter vragen bestaan omtrent de manier waarop dit voorstel een volledige depenalisering doorvoert. Hoewel het tuchtrecht enige rol kan spelen bij gebrek aan strafsancties, creëert de vooropgestelde depenalisering van ongeoorloofde zwangerschapsafbreking door een arts een rechtsonzekere situatie.
    ---
    This analysis extensively discusses the arguments of supporters and opponents of the legislative proposal to relax the Belgian abortion legislation (2019-…). The heavily debated proposal primarily aims to expand the pregnant person’s right to self-determination and to destigmatise abortion. By qualifying consensual termination of pregnancy as health care, the supporters of the proposal also prioritise an individualised, health-oriented approach towards the pregnant person as patient. In the same vein, the diminished waiting period and the removal of abortion-specific information duties express trust in the pregnant person, in the qualitative conduct of the health care provider, and in the guarantees that the health law already provides. In other words, the legislator must determine 1) which regulations it deems necessary in the context of abortion, 2) whether these regulations are already guaranteed by general health laws and ethics, and 3) whether the proposed regulations achieve their intended purpose. An expansion of the pregnant person’s right to self-determination is also achieved by the extension from twelve to eighteen weeks as a limit for abortion on request. Although a time limit is always arbitrary to some extent, it mainly reflects a policy-ethical decision in which a balance is sought between the protection of unborn life and the pregnant person’s right to self-determination. Practical concerns do not establish a fundamental objection to the extension of such limit, but must, in consultation with the medical profession, be anticipated and dealt with as much as possible by means of organisational (not necessarily legal) initiatives. Finally, the proposal lifts all criminal sanctions currently applicable to consensual termination of pregnancy. On a legal-theoretical level, however, questions remain about the way in which the proposal implements full depenalisation. Although disciplinary law can play some role in the absence of criminal sanctions, the depenalisation of unlawful termination of pregnancy by a health care professional produces legal uncertainty.


F. De Meyer
Fien De Meyer doet doctoraatsonderzoek naar regelgeving inzake abortus aan de Universiteit van Antwerpen.

C. De Mulder
Charlotte De Mulder doet doctoraatsonderzoek naar het statuut van ongeboren leven aan de Universiteit van Antwerpen.

Mr. F.M.H. Hoens
Artikel

‘Executeur’ en inroepen legitieme portie

Bundesgerichtshof 5 november 2014 IV ZR 104/14

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 1 2015
Trefwoorden Internationaal
Auteurs


Artikel

Tegenstrijdig belang en toezicht bij stichtingen

Over wat er is en wat er gaat komen

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 28 2015
Trefwoorden Schenking
Auteurs Harold Koster
Auteursinformatie

Harold Koster
Harold Koster is werkzaam aan de Erasmus School of Law


Artikel

Vraag en aanbod binnen het Arubaanse forensisch-psychiatrische veld

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Therapeutische maatregelen, Terbeschikkingstelling (tbs), Strafrechtelijke opvang verslaafden (sov), Ondercuratelestelling met last tot plaatsing, Plaatsing psychiatrisch ziekenhuis
Auteurs Mr. R.S.T. Gaarthuis en Prof. dr. F. Koenraadt
SamenvattingAuteursinformatie

    In de loop van 2014 zal op Aruba een nieuw Wetboek van Strafrecht in werking treden. Dit wetboek voorziet onder andere in de introductie van een aantal nieuwe op therapeutische leest geschoeide beveiligingsmaatregelen, zoals tbs, SOV en de strafrechtelijke ondercuratelestelling. De auteurs inventariseren de beschikbaarheid van (bestaande en aanstaande) juridische titels binnen het Arubaanse recht ten behoeve van gedwongen opneming van psychisch gestoorde of verslaafde volwassenen die vanwege onaangepast, zelfdestructief en/of delinquent gedrag met politie of justitie in aanraking komen. Deze titels worden besproken en aan een kritische analyse onderworpen. Daarnaast wordt bezien in hoeverre het huidige aanbod van forensisch-psychiatrische voorzieningen op het eiland toereikend zal zijn in het licht van de behoefte die zal ontstaan zodra het nieuwe wetboek in volle omvang in werking treedt.


Mr. R.S.T. Gaarthuis
Mr. R.S.T. Gaarthuis is als wetenschappelijk medewerker straf- en strafprocesrecht werkzaam aan de Universiteit van Aruba.

Prof. dr. F. Koenraadt
Prof. dr. F. Koenraadt is hoogleraar forensische psychiatrie en psychologie aan de Universiteit Utrecht. Daarnaast is hij als wetenschappelijk adviseur verbonden aan het Pieter Baan Centrum (NIFP) te Utrecht en aan de Forensisch Psychiatrische Kliniek te Assen. Hij heeft een eigen praktijk voor forensische psychologie te Amsterdam en hij verzorgde afgelopen jaren tevens onderwijs aan de Universiteit van Aruba en de Universiteit van Curaçao.
Artikel

De attestatie de vita

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden attestatie de vita, bewijsrecht, pensioenrecht
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage is gewijd aan de attestatie de vita, waarvan de grondslag is te vinden in de op 10 september 1998 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst betreffende de afgifte van een attestatie de vita alsmede artikel 1:19k BW. Met de invoering van de attestatie de vita is beoogd om het bewijs van het in leven zijn van een persoon in een ander land dan waar deze woont, te vergemakkelijken. Men denke in dit verband bijvoorbeeld aan elders opgebouwde pensioenrechten.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Zelfredzaamheid en estate planning

‘Vorsorgevollmacht’ voorkomt ‘Betreuung’ en betutteling

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 13 2014
Trefwoorden Testament
Auteurs




Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de executeur-afwikkelingsbewindvoerder

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden executele, afwikkelingsbewind, artikel 4:171 BW, artikel 3:183 BW, quasiwettelijke verdeling
Auteurs Mr. J.L.D.J. Maasland
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de executeur-afwikkelingsbewindvoerder. Met name aan de orde komt de vraag of erflater de afwikkelingsbewindvoerder de bevoegdheid kan verlenen om zelfstandig over goederen van de nalatenschap te beschikken en een verdeling daarvan tot stand te brengen. Daarbij gaat de auteur ook in op de vorm en wijze van een verdeling door de afwikkelingsbewindvoerder. Ten slotte behandelt de auteur de quasiwettelijke verdeling, de testamentvorm met de executeur-afwikkelingsbewindvoerder als basis.


Mr. J.L.D.J. Maasland
Mr. J.L.D.J. Maasland is kandidaat-notaris bij Greenille te Rotterdam en universitair gastdocent aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

10 jaar nieuw erfrecht en de legitieme portie

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 6 2013
Trefwoorden ratio legitieme, toerekening, in aanmerking te nemen giften, peildatum, maatschappelijke veranderingen
Auteurs Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
SamenvattingAuteursinformatie

    Na tien jaar erfrechtrecht is het de vraag of de regeling van de legitieme portie niet aan heroverweging toe is. Argumenten daarvoor zouden kunnen zijn de maatschappelijke veranderingen, maar ook de gecompliceerdheid van bepaalde onderdelen uit de regelingen. In deze bijdrage wordt een inventarisatie hiervan gemaakt.


Prof. T.J. Mellema-Kranenburg
Prof. T.J. Mellema-Kranenburg is notaris bij Van Heeswijk Notarissen Rotterdam en hoogleraar aan de Universiteit Leiden.

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het beoordelingskader van de ‘onbelangrijk verzuim’-exceptie van artikel 2:248 lid 2 BW in het geval dat de publicatietermijn van artikel 2:394 lid 3 BW niet is nageleefd. Hierbij wordt onder meer ingegaan op de (recente) jurisprudentie hieromtrent en het in de literatuur regelmatig opgeworpen betoog dat niet-naleving van de publicatieplicht uit artikel 2:248 lid 2 BW dient te worden geschrapt.


Mr. J.M. Siegers
Mr. J.M. Siegers is advocaat bij Stibbe.
Artikel

AWBZ: nieuwe wijn in oude zakken of oude wijn in nieuwe zakken?

HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259: vrijwillig uitbetalen revisited

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 5 2013
Trefwoorden AWBZ, opeisbaarheid, uitbetalen, uitkeren, HR 1 februari 1991, NJ 1992, 259, vrijwillig
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 1 januari 2013 is een vermogensinkomensbijtelling ingevoerd in de AWBZ. Hoens gaat in op de vraag of dit gevolgen heeft voor het antwoord op de vraag of (testamentaire) opeisbaarheid van de erfdelen gewenst of nodig is, zodra er sprake is van een (dreiging van een) door de vermogensinkomensbijtelling veroorzaakte vermogensintering. Bij de beantwoording staat de verzorging van de langstlevende voorop. Dat bij dit alles eenvoud het kenmerk van het ware ís, en kán zijn, volgt uit een arrest van de Hoge Raad van 1 februari 1991, NJ 1992, 259.


Mr. F.M.H. Hoens
Mr. F.M.H. Hoens is als docent/onderzoeker verbonden aan het Centrum voor Notarieel Recht van de Radboud Universiteit Nijmegen en is estate planner te Nijmegen (f.hoens@jur.ru.nl).
Artikel

Mentorschap: onbekend maakt onbemand

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 3 2013
Trefwoorden mentorschap, beschermingsmaatregel, mentor, niet-vermogensrechtelijke belangen
Auteurs Mr. Noris van Lis-Donata en Dr. Earney Francis Lasten
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel geeft het resultaat weer van een evaluatieonderzoek naar de toepassing van de Wet mentorschap in Aruba. Deze wet biedt bescherming aan meerderjarigen die tijdelijk of duurzaam niet in staat zijn hun niet-vermogenrechtelijke belangen behoorlijk waar te nemen. In een onderzoek gaf het merendeel van de respondenten aan geen of weinig kennis te hebben van de Wet mentorschap. Advocaten en de civiele rechter hebben de Wet mentorschap niet toegepast in de eerste tien bestaansjaren van deze wet. Toch onderkennen alle geïnterviewde vertegenwoordigers van hulpverlenende organisaties dat er behoefte is aan mentorschap in de thuiszorg van bejaarden en andere meerderjarige hulpbehoevenden met lichamelijke of geestelijke beperkingen. Mentorschap wordt ook beschouwd als een alternatieve beschermingsmaatregel voor drugsverslaafden. De onbekendheid met het mentorschap werkt belemmerend op de toepassing van de Wet mentorschap. Nadere regels betreffende de taken en bevoegdheden van de mentor, onder supervisie van een coördinatiecentrum, zullen de benoemingen van mentoren gunstig beïnvloeden.


Mr. Noris van Lis-Donata
Mr. Noris van Lis-Donata is onderzoeker aan de Universiteit van Aruba.

Dr. Earney Francis Lasten
Dr. Earney F. Lasten was tot in 2012 docent/onderzoeker aan de Universiteit van Aruba; hij is momenteel verbonden aan de Universiteit EAN van Bogota, Colombia.
Artikel

Heffing van successiebelasting en overdrachtsbelasting bij trusts

Een pleidooi voor transparantie

Tijdschrift Caribisch Juristenblad, Aflevering 2 2013
Auteurs Mr. H.Th.M. Burgers
Auteursinformatie

Mr. H.Th.M. Burgers
Mr. H.Th.M. Burgers is notaris te Curaçao.
Artikel

Wetsvoorstel Zorg en dwang: impact van de recente wijzigingen voor het veld en de cliënt

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2013
Trefwoorden onvrijwillige zorg, stappenplan, wilsonbekwaamheid, cliëntenvertrouwenspersoon, vergelijking met wetsvoorstel Verplichte GGz
Auteurs Mr. dr. B.J.M. Frederiks en mr. dr. K. Blankman
SamenvattingAuteursinformatie

    Het wetsvoorstel Zorg en dwang psychogeriatrische en verstandelijk gehandicapte cliënten, dat in de zomer van 2009 aan de Tweede Kamer werd aangeboden, heeft in 2012 belangrijke wijzigingen ondergaan. De auteurs wijzen behalve op de voordelen hiervan voor de rechtsbescherming van kwetsbare cliënten ook op een aantal nadelen. Zo worden het voorgestelde stappenplan, de omschrijving van onvrijwillige zorg en de regeling inzake vertegenwoordiging van wilsonbekwaamheid kritisch tegen het licht gehouden. Een vergelijking met het wetsvoorstel Verplichte GGz valt niet zonder meer positief uit voor het wetsvoorstel Zorg en dwang.


Mr. dr. B.J.M. Frederiks
Brenda Frederiks is universitair docent gezondheidsrecht bij het VUMC/EMGO+

mr. dr. K. Blankman
Kees Blankman is universitair docent familie- en gezondheidsrecht bij de VU.
Artikel

Girale betaling en het faillissement van de bank

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2013
Trefwoorden faillissement, bank, 0.00 uur, rekening-courant, girale betaling
Auteurs Mr. M.A.E.C. van Haren
SamenvattingAuteursinformatie

    Deze bijdrage beschrijft de positie van de rekeninghouder ten opzichte van zijn failliete bank en in het bijzonder de transacties die rondom datum faillissement worden gedaan ten laste of ten gunste van zijn rekening.


Mr. M.A.E.C. van Haren
Mr. M.A.E.C. van Haren is jurist bij ING Bank.
Artikel

Planning en sociale zekerheid De eigen bijdrage in de AWBZ Steekt verplichte vermogensintering (weer) de kop op? (VII)

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 15 2013
Trefwoorden levensverzekering, pensioen en sociale zekerheidhenking
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens

Mr. F.M.H. Hoens


Artikel

De 'levensverzekeringsexecuteur' Een synthese met het oog op de leer van het zelfstandig recht

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 25 2013
Trefwoorden levensverzekering, pensioen en sociale zekerheid
Auteurs


Toont 1 - 20 van 124 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.