Zoekresultaat: 18 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2014 x Rubriek Artikel x
Artikel

De Richtlijn woningkredietovereenkomsten: een Europese oplossing voor de crisis op de woningmarkt?

Oriënteren moet je leren

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden hypotheken, woningkredietovereenkomsten, ESIS, consumentenrecht
Auteurs Mr. drs. N.M. Giphart
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 4 februari 2014 is de Richtlijn woningkredietovereenkomsten vastgesteld. Deze richtlijn geeft een nieuw kader voor verschillende aspecten rondom het adviseren en het verstrekken van hypotheken en andere woningkredietovereenkomsten. Hoewel de hypotheekmarkt in Nederland al vrij gereguleerd is, zal de richtlijn op bepaalde onderdelen tot wijziging van de regels leiden. Een en ander hangt ook af van de keuzes die de wetgever op tal van onderwerpen zal moeten maken.In deze bijdrage zullen eerst enkele algemene onderwerpen uit de richtlijn aan de orde komen, zoals achtergrond, doelstelling en reikwijdte. Daarna komen inhoudelijke onderwerpen aan bod, waarbij wat langer zal worden stilgestaan bij onderwerpen die voor de praktijk de meeste gevolgen zullen hebben. Hierna volgt een korte conclusie waarbij gekeken wordt in hoeverre deze richtlijn bijdraagt aan het oplossen van de crisis op de woningmarkt in Nederland.Richtlijn 2014/17/EU van het Europees Parlement en de Raad van 4 februari 2014 inzake kredietovereenkomsten voor consumenten met betrekking tot voor bewoning bestemde onroerende goederen en tot wijziging van de Richtlijnen 2008/48/EG en 2013/36/EU en Verordening (EU) nr. 1093/2010, Pb. EU 2014, L 60.


Mr. drs. N.M. Giphart
Mr. drs. N.M. (Ninette) Giphart is bedrijfsjurist bij ABN AMRO Bank N.V. Dit artikel is op persoonlijke titel geschreven.
Artikel

Kanttekeningen bij het voorstel voor de Richtlijn bescherming bedrijfsgeheimen: wat brengt het ons (en wat niet)?

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden bedrijfsgeheimen, knowhow, ongeoorloofde mededinging, TRIPS, handhavingsrichtlijn
Auteurs Mr. J.J. Allen en Mr. E.A. de Groot
SamenvattingAuteursinformatie

    Voorstel voor een Richtlijn van het Europees Parlement en de Raad betreffende de bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie (bedrijfsgeheimen) tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken en openbaar maken daarvan. Een kritische beschouwing vanuit de Nederlandse praktijk.Richtlijn 2004/48EG van het Europees Parlement en de Raad betreffende de handhaving van intellectuele eigendomsrechten, Pb. EG 2004, L 195/16.


Mr. J.J. Allen
Mr. J.J. (John) Allen is advocaat te Amsterdam (NautaDutilh N.V.).

Mr. E.A. de Groot
Mr. E.A. (Emma) de Groot is advocaat te Amsterdam (NautaDutilh N.V.).
Artikel

Ambtshalve toetsing in hoger beroep

Over de omvang van het hoger beroep en het door de grieven ontsloten gebied

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 2 2014
Trefwoorden hoger beroep, grievenstelsel, openbare orde, ambtshalve toetsing
Auteurs Mr. F.J.P. Lock
SamenvattingAuteursinformatie

    Met het arrest Heesakkers/Voets (HR 13 september 2013, ECLI:NL:HR:2013:691) is weer eens de vraag onder de aandacht gebracht welke plaats ambtshalve toetsing inneemt in het Nederlandse appelprocesrecht en meer in het bijzonder hoe die toetsing zich verhoudt tot het grievenstelsel. In hoeverre is de rechter in hoger beroep buiten de grieven om tot ambtshalve toetsing gehouden? De auteur geeft uitleg over de begrippen ‘omvang van het hoger beroep’ en ‘het door de grieven ontsloten gebied’ en bespreekt welke ruimte het Nederlandse appelprocesrecht biedt om ambtshalve te toetsen aan bepalingen van openbare orde. De in dit verband relevante procesrechtelijke begrippen blijken in literatuur en jurisprudentie niet altijd eenduidig te worden gebruikt, waardoor verwarring op de loer ligt. De auteur concludeert dat het oordeel van de Hoge Raad in Heesakkers/Voets past binnen het bestaande kader van de ambtshalve toetsing in hoger beroep aan de regels van openbare orde.


Mr. F.J.P. Lock
Mr. F.J.P. Lock is raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en medewerker van TCR.
Artikel

Overschrijding van de redelijke termijn door rechterlijke instanties. (Nieuwe) wegen naar aansprakelijkheid en schadevergoeding

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden overheidsaansprakelijkheid, redelijke termijn, immateriële schadevergoeding
Auteurs Mr. R.D. Lubach
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs deed zich in een onteigeningsprocedure voor de Hoge Raad de kans voor om algemene opmerkingen te maken over aansprakelijkheid van de overheid voor overschrijding van de redelijke termijn in civiele procedures. Anders dan in het bestuursprocesrecht is hiervoor een afzonderlijke gang naar de (kanton)rechter nodig. Materieel zoekt de Hoge Raad echter aansluiting bij de vaste bedragen en de factoren inzake termijnoverschrijding, zoals die kenbaar zijn uit de rechtspraak van de hoogste bestuursrechters en het EHRM.


Mr. R.D. Lubach
Mr. R.D. Lubach is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Het semi-dwingendrechtelijke karakter van de klantenvergoeding bij het einde van de agentuurovereenkomst nader belicht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden handelsagent, agentuurovereenkomst, klantenvergoeding, goodwillvergoeding, dwingendrechtelijk
Auteurs Mr. ir. M.J. Sturm
SamenvattingAuteursinformatie

    De regeling van de klantenvergoeding ex art. 7:442 BW is semidwingendrechtelijk van karakter. De mogelijkheden om via het internationaal privaatrecht de regeling te omzeilen zijn beperkt, terwijl ook anderszins die mogelijkheden lijken te ontbreken.


Mr. ir. M.J. Sturm
Mr. ir. M.J. Sturm is advocaat bij Houthoff Buruma te Rotterdam.
Artikel

Een zo hoog mogelijke netto-opbrengst bij de executoriale verkoop van onroerende zaken

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden hypotheekhouder, volmacht, onderhandse verkoop, toe-eigening, verbod
Auteurs Mr. dr. I. Visser
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage komt aan de orde in hoeverre de hypotheekhouder gebruik kan maken van alternatieve vormen van verkoop om zijn vordering te voldoen, indien de schuldenaar in verzuim is met zijn verplichtingen uit de hypotheekakte.


Mr. dr. I. Visser
Mr. dr. I. Visser is docent aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht en senior jurist bij het Notarieel Kenniscentrum van Netwerk Notarissen.
Artikel

De processuele waarborgen binnen de onderzoeksfase van het enquêterecht

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2014
Trefwoorden enquêterecht, onderzoek, onderzoeker, processuele waarborgen, beginselen
Auteurs Mr. N.V. Douma
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de vraag of de onderzoeksfase van het enquêterecht met voldoende processuele waarborgen omkleed is.


Mr. N.V. Douma
Mr. N.V. Douma is advocaat bij Stibbe te Amsterdam.
Artikel

Onoverdraagbaarheidsbedingen en cessieverboden: de stand van zaken na HR 21 maart 2014

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 4 2014
Trefwoorden artikel 3:38 lid 2 BW, onoverdraagbaarheidsbeding, cessieverbod, uitlegregel, financieringspraktijk
Auteurs Mr. E.M. Kleyweg en Mr. M. Alipour
SamenvattingAuteursinformatie

    Het arrest van de Hoge Raad van 21 maart 2014 heeft een einde gemaakt aan de jarenlange discussie in de praktijk en literatuur over de werking en uitleg van cessieverboden. De vraag of een onoverdraagbaarheidsbeding aan een rechtsgeldige verpanding in de weg staat, is nog niet beantwoord.


Mr. E.M. Kleyweg
Mr. E.M. Kleyweg is advocaat bij Loyens en Loeff te Amsterdam.

Mr. M. Alipour
Mr. M. Alipour is advocaat bij Loyens en Loeff te Amsterdam.
Artikel

Ervaringen met Europese civiele procedures in Nederland

Een terugblik en wenkend toekomstperspectief

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden Europese procedures, betalingsbevelprocedure, geringe vorderingen, grensoverschrijdend procederen
Auteurs Prof. mr. X.E. Kramer
SamenvattingAuteursinformatie

    De Europese betalingsbevelprocedure en de Europese procedure voor geringe vorderingen (small claims procedure) zijn de eerste twee eenvormige Europese civielrechtelijke procedures. De vraag is hoe deze Europese procedures in Nederland functioneren en in de praktijk worden ervaren. Om deze vraag te beantwoorden zijn, naast rechtspraakonderzoek, gegevens verzameld en interviews afgenomen bij onder meer rechtbanken. De uitkomsten zijn niet overweldigend positief; beide procedures worden vooralsnog weinig gebruikt en er zijn problemen rond de toepassing. De verwachting is echter dat de Europese procedures belangrijker zullen worden gezien de Europese ambities en het recente aanpassingsvoorstel van de Commissie voor small claims.Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure, Pb. EU 2006, L 399/1 (EBB-Verordening);Verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad van 17 juli 2007 tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen, Pb. EU 2007, L 199/1 (EPGV-Verordening);Voorstel voor een verordening van het Europees Parlement en de Raad tot wijziging van Verordening (EG) nr. 861/2007 van het Europees Parlement en de Raad tot vaststelling van een Europese procedure voor geringe vorderingen en Verordening (EG) nr. 1896/2006 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2006 tot invoering van een Europese betalingsbevelprocedure, COM(2013)794 def.


Prof. mr. X.E. Kramer
Prof. mr. X.E. (Xandra) Kramer is hoogleraar aan de Erasmus School of Law, Erasmus Universiteit Rotterdam. Zij bekleedt tevens de TPR-leerstoel en is visiting professor Global Law School aan de Universiteit Leuven (2013-2014). Deze bijdrage is mede mogelijk gemaakt door de ondersteuning van NWO in het kader van de Vernieuwingsimpuls – Vidi.
Artikel

De toegang tot de rechter in een moderne rechtsstaat

IJkpunten voor een concrete vormgeving

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 1 2014
Trefwoorden access to justice, rule of law, ADR, law enforcement, checks and balances
Auteurs G. Corstens en R. Kuiper
SamenvattingAuteursinformatie

    As a core element of the ‘rechtsstaat’ (a country under the rule of law) the importance of the principle of access to justice is widely agreed upon. Nevertheless it is complicated to reach an agreement on subjects that are pivotal to the implementation of this principle in practice. The needs of society change over time and the factors that influence the concrete accessibility are many (costs, length, complexity of procedures, etc.). Furthermore, as a result of the coming into being of ADR and new forms of law enforcement the use of the civil and criminal trial has declined. To evaluate the current state of access to justice against the backdrop of these factors and developments the central question should be whether the judge is still able to fulfil his function in a rechtsstaat of providing legal protection, whilst functioning as a counterbalance to the executive and law-making powers of the state.


G. Corstens
Mr. dr. Geert Corstens is president van de Hoge Raad der Nederlanden.

R. Kuiper
Mr. Reindert Kuiper is gerechtsauditeur bij de Hoge Raad der Nederlanden.
Artikel

Tussentijdse evaluatie deelgeschilprocedure

Verslag van de op 1 november 2013 door het Kenniscentrum Milieu en Gezondheid in samenwerking met de Expertgroep Letselschade en Studiecentrum Rechtspleging (SSR) georganiseerde themadag

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2014
Trefwoorden deelgeschilprocedure, evaluatie, themadag
Auteurs Mr. E.C. Huijsmans en Mr. H.A.W. Vermeulen
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage doen de auteurs verslag van de op 1 november 2013 door het Kenniscentrum Milieu en Gezondheid in samenwerking met de Expertgroep Letselschade en Studiecentrum Rechtspleging (SSR) georganiseerde themadag. Tijdens deze themadag is door deelgeschilrechters en juridische ondersteuning zowel in werkgroepen als plenair gesproken over hun ervaringen met de deelgeschilprocedure. Uit de discussies komt pregnant naar voren dat deelgeschilrechters duidelijk invulling geven aan de regiefunctie, maar wat ter zitting in dat verband is besproken, blijkt vaak niet uit de beschikkingen. Bij de evaluatie van de wet zal hier ook aandacht voor moeten zijn.


Mr. E.C. Huijsmans
Mr. E.C. Huijsmans is stafjurist bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en verbonden aan het Kenniscentrum.

Mr. H.A.W. Vermeulen
Mr. H.A.W. Vermeulen is senior raadsheer bij het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en coördinator van het Kenniscentrum civiel.
Artikel

Onlineverkoop in exclusieve distributiesystemen

Een verkenning van de juridische beperkingen voor het geografisch sturen van onlineverkoop

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden mededingingsrecht, kartelverbod, exclusiviteit, online, actieve verkoop
Auteurs Mr. E.D. Glerum-van Aalst, Mr. drs. J. Smeets en Mr. L.G. Gerding
SamenvattingAuteursinformatie

    Een beperking van onlineprijzen of onlineaanbod kan de concurrentie beperken. De auteurs bespreken of het aan banden leggen van onlineverkopen mededingingsrechtelijke overtredingen oplevert. Ook bespreken zij hoe juridisch moet worden gekeken naar (informatie)technologische toepassingen om sturing te geven aan onlinebezoekers.


Mr. E.D. Glerum-van Aalst
Mr. E.D. Glerum-van Aalst is werkzaam als advocaat bij Kneppelhout & Korthals Advocaten.

Mr. drs. J. Smeets
Mr. drs. J. Smeets was ten tijde van het schrijven van dit artikel werkzaam als Legal Counsel bij T-Mobile Netherlands B.V. Per 1 april 2014 is zij als rechter in opleiding werkzaam bij de Rechtbank Den Haag.

Mr. L.G. Gerding
Mr. L.G. Gerding is werkzaam als advocaat bij Kneppelhout & Korthals Advocaten.
Artikel

Mediation: een nieuwe state of mind in het recht?

Gevolgen voor de commerciële rechtspraktijk

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden mediation, wetsvoorstel, mediationclausule, mediationovereenkomst, registermediator
Auteurs Mr. J.H.C. van Hövell tot Westerflier
SamenvattingAuteursinformatie

    De opmars van mediation zet door in de commerciële rechtspraktijk. Als het aan de regering ligt, krijgt binnenkort ook nationale mediation een plek in de wet. In dit artikel wordt besproken of het wetsvoorstel ter bevordering van mediation in het burgerlijk recht tegemoetkomt aan verschillende knelpunten bij mediation.


Mr. J.H.C. van Hövell tot Westerflier
Mr. J.H.C. van Hövell tot Westerflier is advocaat bij De Brauw Blackstone Westbroek N.V.
Artikel

Spoedeisend belang vereist bij opheffingskortgeding?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 3 2014
Trefwoorden spoedeisend belang, opheffingskortgeding, artikel 705 Rv
Auteurs Mr. A.Q. Vis
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage beschrijft de auteur dat in de jurisprudentie geen consensus bestaat ten aanzien van de vraag of spoedeisendheid vereist is voor het entameren van een opheffingskortgeding. Zij betoogt dat spoedeisendheid geen vereiste dient te zijn.


Mr. A.Q. Vis
Mr. A.Q. Vis is advocaat bij NautaDutilh te Amsterdam.
Artikel

De verstekprocedure getoetst: een empirisch onderzoek naar de verstekprocedure in het licht van het KEI-programma

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden verstekprocedure, incassovordering, betalingsbevelprocedure, KEI-programma, empirisch onderzoek
Auteurs Prof. mr. X.E. Kramer, Mr. I. Tillema en Mr. dr. M.L. Tuil
SamenvattingAuteursinformatie

    Een groot deel van de civiele vonnissen eindigt in een verstekvonnis. Het fungeren van de verstekprocedure als algemene incassoprocedure is bekritiseerd. Zo heeft de commissie-Asser-Groen-Vranken voor de invoering van een nationale betalingsbevelprocedure gepleit. In het programma Kwaliteit en Innovatie rechtspraak (KEI) wordt ervoor gekozen geen betalingsbevelprocedure in te voeren. De vraag is of het KEI-programma op dit punt de juiste keuzes maakt en wat mogelijke implicaties hiervan zijn. In deze bijdrage worden de belangrijkste bevindingen van uitgevoerd empirisch onderzoek naar de verstekprocedure gepresenteerd en in het licht hiervan de in het conceptwetsvoorstel gemaakte keuzes becommentarieerd.


Prof. mr. X.E. Kramer
Prof. mr. X.E. Kramer is als hoogleraar verbonden aan de Erasmus School of Law.

Mr. I. Tillema
Mr. I. Tillema is als promovenda verbonden aan de Erasmus School of Law.

Mr. dr. M.L. Tuil
Mr. dr. M.L. Tuil is als universitair docent verbonden aan de Erasmus School of Law.
Artikel

Het algemene bewijsbeslag: de Hoge Raad heeft gesproken

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden bewijsbeslag, exhibitieplicht, medewerkingsplicht, proces-verbaal, vrees voor verduistering
Auteurs Mr. N. de Boer
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteur bespreekt in haar bijdrage naar aanleiding van de beantwoording door de Hoge Raad van de prejudiciële vragen die werden gesteld over de (on)mogelijkheid van het leggen van bewijsbeslag in niet-IE-zaken het fenomeen ‘bewijsbeslag’. Zij schetst hierbij kort de voorgeschiedenis van de aan de Hoge Raad gestelde prejudiciële vragen. Vervolgens worden de door de Hoge Raad gegeven antwoorden besproken, waarbij de auteur vanuit de praktijk beschouwd af en toe een kritische aantekening plaatst. De auteur spreekt in haar conclusie de hoop uit dat de wetgever tot wetgeving zal overgaan.


Mr. N. de Boer
Mr. N. de Boer is werkzaam als Professional Support Lawyer op de sectie Dispute Resolution bij Houthoff Buruma te Rotterdam.
Artikel

Waar wringt het bij de wraking?

Over de voorgestelde vernieuwingen in de wrakingsprocedure

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2014
Trefwoorden wraking
Auteurs Mr. dr. P. Smits
SamenvattingAuteursinformatie

    In dit artikel wordt het rechtsvergelijkend onderzoek naar de mogelijkheden tot herziening van de Nederlandse wrakingsprocedure van juli 2012 door wetenschappers van de universiteit Utrecht (Giesen e.a.) geanalyseerd voor zover het de civiele wrakingsregeling betreft. Na een beschrijving van de wrakingsregeling in artt. 36 e.v. Rv worden de voorstellen tot efficiëncyverhoging en tempering van oneigenlijk gebruik (het interne perspectief) besproken. Vervolgens worden de suggesties tot vergroting van het maatschappelijk draagvlak van het wrakingsinstrument (het externe perspectief) bezien . De conclusie is dat de voorstellen aangaande het interne perspectief zonder meer waardevol zijn, doch dat die aangaande het externe perspectief minder aanspreken.


Mr. dr. P. Smits
Mr. dr. P. Smits is advocaat bij ING Bank te Amsterdam.
Artikel

De attestatie de vita

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden attestatie de vita, bewijsrecht, pensioenrecht
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage is gewijd aan de attestatie de vita, waarvan de grondslag is te vinden in de op 10 september 1998 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst betreffende de afgifte van een attestatie de vita alsmede artikel 1:19k BW. Met de invoering van de attestatie de vita is beoogd om het bewijs van het in leven zijn van een persoon in een ander land dan waar deze woont, te vergemakkelijken. Men denke in dit verband bijvoorbeeld aan elders opgebouwde pensioenrechten.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.