Zoekresultaat: 14 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2011 x Rubriek Artikel x
Artikel

NMa en NZa: houd je bij je leest!

Een analyse van de mededingingsbevoegdheden van beide toezichthouders aan de hand van het Samenwerkingsprotocol NMa-NZa 2010

Tijdschrift Tijdschrift voor Toezicht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden samenwerkingsprotocol, mededingingsbevoegdheden, NMa, NZa, samenwerkingsprotocol NMa-NZa 2010
Auteurs Mr. dr. E.M.H. Loozen
SamenvattingAuteursinformatie

    Eind 2010 zijn de NMa en de NZa een nieuw samenwerkingsprotocol overeengekomen. Hierin is vastgelegd hoe beide toezichthouders zullen omgaan met situaties waarin hun mededingingsbevoegdheden elkaar raken dan wel overlappen. Uit de kernafspraken blijkt dat beide toezichthouders weinig idee hebben als het gaat om de vraag hoe hun mededingingsbevoegdheden zich tot elkaar verhouden. In drie van de vier afspraken die gericht zijn op het voorkomen van dubbel toezicht is helemaal geen sprake van dubbel toezicht. De afspraken met betrekking tot de wijze waarop de NZa haar zienswijzen in concentratiezaken dient in te vullen zijn niet functioneel dan wel contraproductief.


Mr. dr. E.M.H. Loozen
Mr. dr. E.M.H. Loozen is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Fusie zorgverzekeraars Achmea en De Friesland

Hoezo functioneel concentratietoezicht?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2011
Trefwoorden zorgverzekeringsmarkt, zorgstelsel, functioneel concentratietoezicht, Achmea/De Friesland, Nma
Auteurs Mr. dr. E.M.H. Loozen, Prof. dr. F.T. Schut en Dr. M. Varkevisser
SamenvattingAuteursinformatie

    In de zorgsector is een belangrijke rol weggelegd voor concurrentie tussen verzekeraars. Het is daarom van groot belang dat fusies op de zorgverzekeringsmarkt niet tot een significante belemmering van de daadwerkelijke mededinging leiden. In dit artikel wordt uiteengezet dat – uitgaande van een functioneel concentratietoezicht – de NMa niet alleen bij een verbod, maar ook bij een goedkeuring naar economische maatstaven aannemelijk moet maken dat een fusie niet tot een significante belemmering van de daadwerkelijke mededinging zal leiden. In het besluit inzake de fusie van Achmea en De Friesland heeft de NMa dit onvoldoende gedaan.


Mr. dr. E.M.H. Loozen
Mr. dr. E.M.H. Loozen is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Prof. dr. F.T. Schut
Prof. dr. F.T. Schut is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Dr. M. Varkevisser
Dr. M. Varkevisser is verbonden aan het instituut Beleid & Management Gezondheidszorg (iBMG) van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Pandora geëvalueerd

Een interview met mr. Francie Peters, directeur van CED Mens, over het Pandora-project

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 3 2011
Trefwoorden evaluatie, Pandora-project, alternatieve schadeafwikkeling, whiplash, letselschade, Q-consult
Auteurs Mevrouw mr. H.M. Storm
SamenvattingAuteursinformatie

    In de bijdrage wordt mevrouw mr. Francie Peters, een van de initiatiefneemsters van het Pandora-project en directeur van CED Mens, geïnterviewd over het verloop van het Pandora- project en de resultaten ervan. In dit project is een alternatieve schadeafwikkeling ontwikkeld voor niet-objectiveerbaar letsel zoals whiplash. De resultaten van deze manier van letselschade afwikkelen zijn thans onderzocht door Q-consult en gepubliceerd. Het totaal aan zaken die in dit project werden afgewikkeld, voldeed niet geheel aan de verwachtingen. Desondanks kan uit de evaluatie de conclusie worden getrokken dat het project op een aantal kritische factoren, zoals cliënttevredenheid en transparantie van de kosten, voldoende tot goed scoort. Mr. Peters hoopt dat het project gelet op de gemeten resultaten navolging krijgt van de betrokkenen in de branche.


Mevrouw mr. H.M. Storm
Mevrouw mr. H.M. Storm is advocaat bij de afdeling Rechtshulp van de ANWB.
Artikel

Slachtofferschap onder treinconducteurs

De rol van sociale informatieverwerking

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 3 2011
Trefwoorden Social Information Processing (SIP), victimization, (semi-)public professions, types of victims, violence
Auteurs Stephan Verschuren MSc., Tamar Fischer en Dr. Barbara Zwirs
SamenvattingAuteursinformatie

    This study examined whether variation in victimization among train ticket inspectors can be explained by the Social Information Processing (SIP) model which underlies the process of interaction. The study (N=125) shows that the amount of victimization is associated with encoding and emotions. Ticket inspectors who perceive more ‘neutral’ than ‘hostile’ cues report less victimization. Emotions have an indirect relation with the amount of victimization. The seriousness of the victimization is related to encoding, response generation, and response evaluation. Less serious victimization is found when neutral rather than hostile cues are observed, less aggressive responses are generated, and when aggressive responses are evaluated negatively and social responses positively. The results suggest that two types of victimization exist among ticket inspectors: the victim who is a relatively frequent victim and the victim who is victim of more serious forms of aggression.


Stephan Verschuren MSc.
S.M.J. Verschuren, MSc. is statistisch onderzoeker bij het Centraal Bureau voor de Statistiek, smj.verschuren@cbs.nl.

Tamar Fischer
Dr. T.F.C. Fischer is universitair docent bij de sectie criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, fischer@law.eur.nl.

Dr. Barbara Zwirs
Dr. B.W.C. Zwirs is universitair docent bij de sectie criminologie aan de Erasmus Universiteit Rotterdam, zwirs@law.eur.nl.
Artikel

Whiplash – observaties van een rechter

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 2 2011
Trefwoorden whiplash, subjectieve klachten, causaliteit, schadebeperking, letselschade
Auteurs Mr. H. de Hek
SamenvattingAuteursinformatie

    In het artikel wordt nagegaan hoe het komt dat de verhouding tussen slachtoffer en verzekeraar in een whiplashzaak vaak gepolariseerd is. Het lijkt er op dat de polarisatie mede veroorzaakt wordt door de gevolgen van een aantal recente maatschappelijke ontwikkelingen, onder meer een reductionistische benadering van gezondheidsklachten en de nadruk op authenticiteit. Bepleit wordt bij de behandeling van whiplashzaken in rechte de subjectieve klachten van het slachtoffer serieus te nemen, waardoor ruimte ontstaat om te onderzoeken of de klachten alleen het gevolg zijn van het ongeval of ook samenhangen met andere persoons- of omgevingsfactoren van het slachtoffer.


Mr. H. de Hek
Mr. H. de Hek is senior raadsheer bij het Gerechtshof Leeuwarden.
Artikel

Een vergissing van de bank in uw voordeel

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 4 2011
Trefwoorden schadebeperkingsplicht, beleggingsadvies, doorbreking causaal verband
Auteurs Mr. M.B.C. Kloppenburg en Mr. E.J. van Praag
SamenvattingAuteursinformatie

    Naar aanleiding van jurisprudentie van de beroepscommissie van het KiFiD over onjuist beleggingsadvies betogen auteurs dat uit het feit dat de belegger bekend is geraakt met de fout van de bank, doorgaans slechts volgt dat verdere schade is veroorzaakt door eigen schuld en slechts hoogst zelden dat het causaal verband tussen de fout en de verdere koersontwikkelingen is doorbroken.


Mr. M.B.C. Kloppenburg
Mr. M.B.C. Kloppenburg is advocaat te Den Haag en treedt in procedures over effectendienstverlening voornamelijk op voor banken.

Mr. E.J. van Praag
Mr. E.J. van Praag is advocaat te Den Haag en treedt in procedures over effectendienstverlening voornamelijk op voor banken.
Artikel

Ouderschap en crimineel gedrag

Het effect van het krijgen van een eerste kind op de ontwikkeling van crimineel gedrag

Tijdschrift Tijdschrift voor Criminologie, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Ouderschap, delinquent gedrag, Leeftijd, criminele carrière
Auteurs MSc Susanne de Goede, Prof. dr. mr. Arjan Blokland en Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
SamenvattingAuteursinformatie

    This study focuses on the effect of having a first child on parents’ criminal behaviour. First we examine whether after accounting for stable between person differences, such a parenthood-effect still exists. Next we examine whether this effect differs for men and women, having a child in or outside of wedlock or having a child at a young or average age. This study is based on the individual criminal careers of 3,527 men en 339 women. A fixed effects model was used to control for selection into parenthood and crime. Results show that criminal behaviour declines after having a first child among men, but that having a first child has no effect on women’s criminal behaviour. The independent effect of having a child is larger among unmarried men than married men. When men have their first child at a young age, however, their participation in crime increases.


MSc Susanne de Goede
M.S. de Goede MSc is onderzoekscoördinator aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en was ten tijde van het schrijven van dit artikel als stagiair werkzaam bij het NSCR, m.s.de.goede@law.leidenuniv.nl.

Prof. dr. mr. Arjan Blokland
Prof. dr. mr. A. Blokland is senior onderzoeker bij het Nederlands Studiecentrum Criminaliteit en Rechtshandhaving (NSCR) en bijzonder hoogleraar Criminology and Criminal Justice, Faculteit der Rechtsgeleerdheid, Instituut voor Strafrecht en Criminologie, Universiteit Leiden, ablokland@nscr.nl.

Prof. dr. Paul Nieuwbeerta
Prof. dr. P. Nieuwbeerta is als hoogleraar verbonden aan het Instituut voor Strafrecht en Criminologie van de Universiteit Leiden en tevens als bijzonder hoogleraar werkzaam bij de vakgroep Sociologie/ICS in Utrecht, p.nieuwbeerta@law.leidenuniv.nl.
Artikel

De juridische beoordeling van het postwhiplashsyndroom: stand van zaken

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2011
Trefwoorden Letselschade, whiplash, NVN-richtlijnen, medisch beoordelingstraject, moeilijk objectiveerbare klachten
Auteurs Mr. A. Kolder
SamenvattingAuteursinformatie

    Een voornaam deel van de letselschadezaken bestaat uit claims wegens whiplashletsel. In tal van die zaken was de schaderegeling altijd al moeizaam, voornamelijk omdat de claimklachten naar hun aard subjectief zijn, en in die zin ‘medisch onverklaarbaar’, dat medisch beeldvormend materiaal geen onderliggende afwijkingen laat zien. Sinds de terugtrekkende beweging van de neurologen – van oudsher dé beoordelaars van whiplashletsel – door middel van de in november 2007 gewijzigde NVN-richtlijnen is het regelingsproces nóg moeizamer geworden. Aan de hand van een overzicht van recente rechtspraak wordt bezien of daaraan voor de letselschadepraktijk handvatten zijn te ontlenen die de huidige whiplashproblematiek minder weerbarstig maken.


Mr. A. Kolder
Mr. A. Kolder is advocaat bij Houkes c.s. Advocaten te Emmen en als docent privaatrecht en promovendus aansprakelijkheidsrecht verbonden aan de RuG.
Artikel

Whiplash revisited

AMA-6 en de neuroloog: is alles eindelijk opgelost?

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 1 2011
Trefwoorden whiplash, expertise, richtlijn NVN, moeilijk objectiveerbare klachten, AMA Guides
Auteurs Dr. E.M.H. van den Doel
SamenvattingAuteursinformatie

    De diagnose ‘whiplash’ blijft aanleiding geven tot discussie bij de afwikkeling van letselschade. Algemeen bekend is geworden dat de richtlijnen voor het vaststellen van functieverlies bij neurologische aandoeningen van de Nederlandse Vereniging voor Neurologie (NVN) geen mogelijkheid meer bieden tot het vaststellen van een percentage functieverlies bij deze diagnose. In deze bijdrage wordt besproken of andere richtlijnen, in casu de zesde editie van de richtlijnen van de American Medical Association (AMA-6), deze mogelijkheid wel bieden en op welke wijze hiermee moet worden omgegaan.


Dr. E.M.H. van den Doel
Dr. E.M.H. van den Doel is neuroloog in het Meander Medisch Centrum in Baarn.
Artikel

Pauliana en de vaststellingsovereenkomst

Vernietiging van een vaststellingsovereenkomst na HR 3 december 2010, LJN BN9366 (Ingwersen q.q./Vliegers Air Holland)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2011
Trefwoorden actio pauliana, vaststellingsovereenkomst, causaal verband, benadeling
Auteurs Mr. M.L. Tuil
SamenvattingAuteursinformatie

    In het arrest Ingwersen q.q./Vliegers Air Holland heeft de Hoge Raad geoordeeld dat de vaststellingsovereenkomst in beginsel een onverplichte rechtshandeling is die met de actio pauliana kan worden vernietigd. In deze bijdrage wordt onderzocht aan welke voorwaarden moet zijn voldaan, wil deze vernietiging succesvol zijn en welk bedrag na een geslaagde vernietiging door de curator kan worden teruggevorderd.


Mr. M.L. Tuil
Mr. M.L. Tuil is als postdoc verbonden aan het Rotterdam Institute of Private Law van de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Aandeelhouders: rekening houden met de vennootschap?

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 2 2011
Trefwoorden PCM, aandeelhouder, vennootschappelijk belang
Auteurs Mr. S.T.E. Bakker
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de plicht van aandeelhouders om het vennootschappelijk belang in acht te nemen. In de PCM-beschikkingen heeft de OK bevestigd dat deze plicht voor aandeelhouders geldt. Daarnaast vormen de PCM-beschikkingen een uitbreiding van deze plicht.


Mr. S.T.E. Bakker
Mr. S.T.E. Bakker is werkzaam als advocaat bij Stibbe.
Artikel

Schadekansen bij medische fouten

Proportionele aansprakelijkheid in de praktijk

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2011
Trefwoorden proportionele aansprakelijkheid, medische fouten
Auteurs Dr. B.C.J. van Velthoven
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel analyseert de toepassing van proportionele aansprakelijkheid bij causaliteitsonzekerheid rondom medische fouten. In de lagere rechtspraak konden sinds 1993 ruim twintig uitspraken worden teruggevonden. De uitspraken vertonen op verschillende punten onvolkomenheden en inconsistenties. Rechters hebben soms moeite met het omzetten van verbale omschrijvingen in harde percentages en maken onvoldoende duidelijk hoe ze tot hun eindoordeel komen. Schadeclaims dienen niet te worden afgewezen op grond van kleine absolute schadekansen. Onvolledige informatie vanwege het handelen of nalaten van de arts vraagt om een aangepaste proportionele toerekening.


Dr. B.C.J. van Velthoven
Ben van Velthoven is universitair hoofddocent Rechtseconomie aan de Juridische Faculteit te Leiden.
Artikel

Familierelaties en het stoppen met misdaad

Aangrijpingspunten voor het reclasseringswerk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2011
Auteurs B. Vogelvang
SamenvattingAuteursinformatie

    Various criminologists describe family and partner relationships as forms of social capital. Also research shows that many delinquents say they have generally good relations with their family. Instead of focusing only on the delinquent's individual responsibility and risk factors, probation work should pay more attention to the protective aspects of the former convict's social environment. The author presents a framework, based on the work of the family therapist Nagy, that provides probations workers with the tools to involve the delinquent's family members in the process towards desistance.


B. Vogelvang
Dr. Bas Vogelvang is als lector Reclassering en Veiligheidsbeleid verbonden aan het Expertisecentrum Veiligheid van Avans Hogeschool te Den Bosch. Hij is tevens als expertadviseur werkzaam bij Adviesbureau Van Montfoort. Dit artikel is gebaseerd op het hoofdstuk ‘Justice for all: Family matters in offender supervision’ (Vogelvang en Van Alphen, 2011).
Artikel

What Works en What goes Wrong?

Over evidence-based beleid in de dagelijkse praktijk

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2011
Auteurs M. van Ooyen-Houben, C.N. Nas en J. Mulder
SamenvattingAuteursinformatie

    In the Netherlands a system of evidence-based interventions was set up, in which only behavioural interventions which meet the scientifically proven ‘What Works’ criteria can be applied to well-defined categories of offenders. An accreditation commission was installed by the ministry of Security and Justice to test behavioural interventions. One of the crucial elements of this evidence-based policy is that the interventions are carried out according to protocol and are applied to the target group by well-trained personnel. This, however, is a problem in practice. Reasons for the low intervention integrity lie among others in lack of support and lead in the organisation and low inflow of participants. The integrity problems pose a risk to the effectiveness of behavioural interventions. Literature suggests that a 100% compliance to protocols might be necessary nor desirable. Causes that lie in the organisation could be improved and the implementation process could be given some more time. Evidence-based policy is not that easy to carry out in daily practice. The future will show whether the goal of a reduction of criminal recidivism will be realized.


M. van Ooyen-Houben
Dr. Marianne van Ooyen-Houben is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie. Zij is tevens verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam/Criminologie en Maastricht University/Top Institute for Evidence Based Education Research.

C.N. Nas
Dr. Coralijn Nas is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.

J. Mulder
Dr. Juul Mulder is werkzaam bij het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum van het ministerie van Veiligheid en Justitie.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.