Zoekresultaat: 53 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

De rechtsmacht van de rechter en het toepasselijke recht op de EU-behandelingsovereenkomst

Tijdschrift Tijdschrift voor Vergoeding Personenschade, Aflevering 4 2013
Trefwoorden behandelingsovereenkomst, aansprakelijkheid, toepasselijk recht, rechtsmacht rechter
Auteurs Mr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    Patiënten die in een Belgische kliniek een (cosmetische) geneeskundige behandeling ondergaan, zijn niet langer een uitzondering. Net als in Nederland kunnen in België fouten worden gemaakt, kan de patiënt schade lijden en kunnen zich geschillen voordoen. Gewoontegetrouw zal de Nederlandse patiënt zich in zo’n geval tot de Nederlandse rechter wenden. Maar is dit wel de juiste weg en is het Nederlandse recht eigenlijk wel van toepassing? In de onderhavige bijdrage wordt op deze vragen antwoord gegeven aan de hand van een analyse van de Rome I-Verordening en de EEX-Verordening. Na een tussenconclusie wordt voorts bezien of de typering van de behandelingsovereenkomst als een consumentenovereenkomst of afspraken tussen arts en patiënt kunnen leiden tot de toepassing van ander recht.


Mr. R.P. Wijne
Mr. R.P. Wijne is auteur van het proefschrift Aansprakelijkheid voor zorggerelateerde schade, dat zij op 12 september 2013 heeft verdedigd. Wijne is voorts docent gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam, lid-jurist bij de medische tuchtcolleges en medewerker bij het Wetenschappelijk Bureau van Holla Advocaten te Eindhoven.
Artikel

Ambtshalve toepassing van consumentenbeschermend EU-recht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2013
Trefwoorden ambtshalve, rechtsstrijd, matiging, onderzoeksplicht, consumenten
Auteurs Mr. dr. A.G.F. Ancery
SamenvattingAuteursinformatie

    Hoe ver reikt de plicht tot ambtshalve toepassing van consumentenrecht? Uit recente jurisprudentie van het HvJ EU en de Hoge Raad volgt dat deze ook rust op de appèlrechter. In deze bijdrage wordt besproken welke gevolgen deze jurisprudentie heeft voor de feitenrechters en hoe zij daar invulling aan kunnen geven.


Mr. dr. A.G.F. Ancery
Mr. dr. A.G.F. Ancery is werkzaam bij het Wetenschappelijk Bureau van de Hoge Raad der Nederlanden.

Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes is advocaat en partner bij BarentsKrans.

J. Kampman LL.B.
J. Kampman LL.B. is masterstudent privaatrecht en strafrecht aan de UvA; diens masterscriptie heeft als basis gediend voor dit artikel.

Mr. F. Niemöller
Mr. F. (Fabienne) Niemöller is werkzaam bij EUclaim B.V. Dit bedrijf is gespecialiseerd in compensatieverhalen bij luchtvaartmaatschappijen op basis van Verordening 2004/216/EG.

mr. I.G.B. Maertzdorff
Mr. I.G.B. (Ilona) Maertzdorff is werkzaam bij EUclaim B.V. Dit bedrijf is gespecialiseerd in compensatieverhalen bij luchtvaartmaatschappijen op basis van Verordening 2004/216/EG.
Artikel

De wettelijke en de contractuele klachttermijn bij koop

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 5 2013
Trefwoorden klachttermijn, artikel 7:23 BW, garantie
Auteurs Mr. M. van der Velde
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur de lengte van de wettelijke klachttermijn bij koop en de mogelijkheden om contractueel de klachttermijn in te kleuren.


Mr. M. van der Velde
Mr. M. van der Velde is advocaat bij Loyens & Loeff te Amsterdam.
Artikel

Consumer Sales Guarantees in the European Union

Proefschrift van mr. A. Wiewiorowska-Domagalska

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2013
Auteurs Dr. C.A.N.M.Y. Cauffman
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. A. Wiewiorowska-Domagalska


Dr. C.A.N.M.Y. Cauffman
Dr. C.A.N.M.Y. Cauffman is universitair docent privaatrecht aan Maastricht University.
Artikel

Private rechtspraak: online én offline een realiteit

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 8 2012
Trefwoorden E-courts, alternative dispute resolution, online dispute resolution, eBay, Paypal
Auteurs C.N.J. de Vey Mestdagh en T. van Zuijlen
SamenvattingAuteursinformatie

    Private administration of justice is an online and offline reality. In this article the reality of online dispute resolution (ODR) is explored, using the example of eBay (60 million conflicts taken on each year). The issue of jurisdiction in online cases is clarified and an analysis is made of the causes of the propagation of ODR. Finally the new phenomenon of online dispute prevention (ODP) is examined. This leads to the conclusion that ODR started as an alternative form of dispute settlement, but more and more becomes a substitute for the public administration of justice.


C.N.J. de Vey Mestdagh
Dr. mr. Kees de Vey Mestdagh is hoofd van het Centrum voor Recht & ICT, Faculteit Rechtsgeleerdheid, Universiteit Groningen, www.rechtenict.nl, e-mail c.n.j.de.vey.mestdagh@rug.nl.

T. van Zuijlen
Tim van Zuijlen is student van de master Recht & ICT van het Centrum voor Recht & ICT.

Mr. dr. drs. C.M.D.S. Pavillon
Charlotte Pavillon is als postdoctoraal onderzoeker verbonden aan het Groningen Centre for Law and Governance (RUG). Mijn dank gaat uit naar Jesse Meindertsma voor zijn waardevolle bijdrage aan de totstandkoming van dit artikel.

    Deze bijdrage bespreekt de remedies uit het GEKR die de koper bij niet-nakoming door de verkoper ten dienste staan. Bezien wordt of de regeling met betrekking tot de remedies vergeleken met het Nederlands recht voordelen kan opleveren voor de koper of de verkoper. Vooral de aandacht verdienen de nakoming, de schadevergoeding en de ontbinding, maar ook zal worden stilgestaan bij enkele algemene punten met betrekking tot de uitoefening van remedies, zoals de klachtplicht. De conclusie luidt dat koper en verkoper allebei geen duidelijke redenen hebben om voor het GEKR te kiezen wat de regeling van de remedies betreft.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is wetenschappelijk onderzoeker en docent bij de sectie Burgerlijk Recht, Erasmus School of Law.

Prof. mr. E.H. Hondius
Prof. Mr. E.H. Hondius is hoogleraar Europees privaatrecht aan de Universiteit Utrecht.
Artikel

(Uit)eindelijk een optioneel instrument voor Europees contractenrecht

De conceptverordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2012
Trefwoorden Europees contractenrecht, optioneel instrument, consumentenrecht, kooprecht, wetgeving
Auteurs Dr. C. Jeloschek
SamenvattingAuteursinformatie

    Met haar voorstel voor een verordening voor een gemeenschappelijk Europees kooprecht presenteert de Commissie een autonoom regime van contracten(koop)recht. Dit is een volledig geharmoniseerde set aan regels die bij grensoverschrijdende transacties in plaats van nationale (contracten)rechten kan worden gekozen. Deze bijdrage schetst de reikwijdte van dit voorstel en onderzoekt de toegevoegde waarde ervan. Hoewel deze verordening als een mijlpaal in de ontwikkeling van het Europese consumentenrecht kan worden gezien, is niet zonder meer duidelijk dat de consument hier ook echt beter van wordt. Zo plaatst de auteur enkele kritische kanttekening wat betreft de toepassing en de effecten van dit instrument in de (rechts)praktijk.


Dr. C. Jeloschek
Dr. C. Jeloschek is werkzaam als advocaat bij Kennedy Van der Laan in Amsterdam.


Mr. R.A. Dozy
Mr. R.A. Dozy is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem.
Artikel

Wie betaalt de schade van de patiënt in geval van een disfunctionerende prothese?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 4 2012
Trefwoorden aansprakelijkheid, arts, medisch hulpmiddel, producent, prothese, zorgverzekering
Auteurs Mr. R.P. Wijne
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen tijd wordt in de media veel aandacht besteed aan disfunctionerende protheses. Het blijkt niet om één zaak te gaan, maar betreft verschillende soorten protheses. Veelal zijn grote aantallen patiënten de dupe van een disfunctionerende prothese en lijden zij materiële en immateriële schade. In het onderhavige artikel wordt onderzoek gedaan naar de vergoedingsmogelijkheden in geval van schade die het gevolg is van een bij de geneeskundige behandeling gebruikte disfunctionerende prothese. Daarbij wordt acht geslagen op hetgeen de zorgverzekeraar, de arts en de producent aan de patiënt zouden moeten vergoeden en van welke verweren deze partijen zich kunnen bedienen.


Mr. R.P. Wijne
Rolinka Wijne is lid-jurist bij de Tuchtcolleges ’s-Gravenhage en Amsterdam en docent Gezondheidsrecht aan de Universiteit van Amsterdam. Zij werkt voorts als buitenpromovendus aan een onderzoek naar de aansprakelijkheid van de arts en het ziekenhuis.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. S.A. Kruisinga
Mr. S.A. Kruisinga is als universitair hoofddocent handelsrecht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Mr. M.Y. Schaub
Mr. M.Y. Schaub is als universitair docent burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

Prof. mr. A.L.M. Keirse
Prof. mr. A.L.M. Keirse is als hoogleraar burgerlijk recht verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.

mr. M.Y. Schaub
Mr. M.Y. Schaub is als universitair docent verbonden aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht van de Universiteit Utrecht.
Artikel

Gemengde overeenkomsten

De betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk: kwalificatie van overeenkomsten

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2012
Trefwoorden Gemengde overeenkomsten, Kwalificatie van overeenkomsten, Samenloop, Bijzondere overeenkomsten, Benoemde overeenkomsten
Auteurs Mr. M.E. Hinskens-van Neck en Mr. L.A.R. Siemerink
SamenvattingAuteursinformatie

    In de voorganger van het Maandblad voor Vermogensrecht is geschreven over gemengde overeenkomsten, de samenloop van verschillende door de wet benoemde bijzondere overeenkomsten, waarvoor art. 6:215 BW een grondslag biedt. Deze bijdrage bouwt hierop voort. Daartoe wordt ingegaan op de samenloop van verschillende wetsbepalingen en op de samenloop van overeenkomsten, om daarna in te gaan op de norm van art. 6:215 BW. Vervolgens wordt aan de hand van jurisprudentie de betekenis van art. 6:215 BW in de praktijk besproken.


Mr. M.E. Hinskens-van Neck
Mr. Hinskens-van Neck en mr. Siemering zijn gerechtsauditeurs bij de Hoge Raad der Nederlanden. Deze bijdrage is door hen geschreven op persoonlijke titel.

Mr. L.A.R. Siemerink
Mr. Siemerink is redactielid van MvV.
Artikel

Open normen in het Europees consumentenrecht. De oneerlijkheidsnorm in vergelijkend perspectief

Proefschrift van mr. C.M.D.S. Pavillon

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 1 2012
Trefwoorden open normen, Europees consumentenrecht, oneerlijkheidsnorm, vergelijkend perspectief
Auteurs Mr. G.J. Rijken
SamenvattingAuteursinformatie

    Bespreking van het proefschrift van mr. C.M.D.S. Pavillon.


Mr. G.J. Rijken
Mr. G.J. Rijken is senior raadsheer aan het Gerechtshof Arnhem.
Artikel

Naar een uniforme klachtplicht bij consumentencontracten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 5 2011
Trefwoorden klachttermijn, klachtplicht, Art. 6:89 BW, consumentenkoop
Auteurs Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
SamenvattingAuteursinformatie

    Rieme-Jan Tjittes ten slotte, pleit voor het gelijkschakelen van de eisen die het recht stelt aan het tijdig klagen door consumenten. Als gevolg van het implementeren van een Europese richtlijn geldt bij de consumentenkoop voor het op de voet van artikel 7:23 BW gaan lopen van de klachttermijn alleen de eis dat de consument feitelijk weet van het gebrek aan de zaak, niet daarenboven ook nog de (vaak in de tijd daaraan voorafgaande) eis dat de consument het gebrek redelijkerwijs had behoren te ontdekken. Artikel 6:89 BW (de algemene klachtplicht) differentieert echter niet tussen een consument-crediteur en een andere crediteur, zodat voor de consument-crediteur in algemene zin ook gewoon de dubbele eis geldt, terwijl het niet zelden (denk aan financiële dienstverlening) om complexere producten gaat dan bij de doorsnee-koop. Tjittes vindt dit onwenselijk en wil voor consumenten ook bij de algemene klachtplicht uitgaan van (in feite) enkel de eis van feitelijk weten en, Grosheide, heeft hij daarmee misschien niet een punt?


Prof. mr. R.P.J.L. Tjittes
Rieme-Jan Tjittes is advocaat bij BarentsKrans, hoogleraar Privaatrecht VU, raadsheer-plv. Gerechtshof Arnhem en redacteur van dit tijdschrift.
Artikel

Nadere vormgeving van de bescherming van Richtlijn 1999/44/EG

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 10 2011
Trefwoorden consumentenbescherming, non-conformiteit, vervangingskosten, consumentenkoop
Auteurs Dr. M.Y. Schaub
SamenvattingAuteursinformatie

    Indien een non-conforme zaak door de verkoper wordt vervangen, zijn er naast de kosten van de vervangende zaak extra kostenposten, zoals verwijderingskosten van de non-conforme zaak en installatiekosten van de nieuwe zaak. In deze uitspraak bepaalt het Hof van Justitie dat de verkoper die kosten dient te dragen, ook als de tekortkoming niet toerekenbaar is. Uit de uitspraak volgt verder dat artikel 7:21 lid 5 BW in strijd lijkt te zijn met Richtlijn 1999/44/EC (Richtlijn consumentenkoop).


Dr. M.Y. Schaub
Dr. M.Y. Schaub is docent en onderzoeker aan het Molengraaff Instituut voor Privaatrecht, Universiteit Utrecht.
Artikel

De klachtplicht bij koop

HR 25 maart 2011, LJN BP8991, RvdW 2011, 419 (Ploum/Smeets II)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 12 2011
Trefwoorden gezichtspuntencatalogus, klachtplicht, arrest Ploum/Smeets II, art. 6:89 BW, art. 7:23 lid 1 BW
Auteurs Mr. Y.A. Rampersad en Mr. J.A. van der Weide
SamenvattingAuteursinformatie

    De afgelopen jaren is door de Hoge Raad een ‘gezichtspuntencatalogus’ ontwikkeld aan de hand waarvan kan worden getoetst of in een concreet geval aan de klachtplicht van art. 6:89 en 7:23 lid 1 BW is voldaan. In deze bijdrage wordt het arrest Ploum/Smeets II van 25 maart 2011, LJN BP8991, RvdW 2011, 419, besproken waarin deze gezichtspuntencatalogus is uitgebreid en nader is uitgewerkt.


Mr. Y.A. Rampersad
Mr. Y.A. Rampersad is onlangs afgestudeerd in de richtingen Civiel recht en Straf(proces)recht aan de Universiteit Leiden.

Mr. J.A. van der Weide
Mr. J.A. van der Weide is universitair docent burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Toont 1 - 20 van 53 gevonden teksten
« 1 3
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.