Zoekresultaat: 13 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Jaar 2009 x Rubriek Artikel x

    This article describes the development of the Dutch bar, which seems to follow the international trends, the Anglo-Saxon trends in particular. These trends are internationalization, commercialization, organizational professionalization, specialization and differentiation. The Dutch bar nowadays consists of approximately 15.000 advocates, working in approximately 3.800 law firms. Approximately 3.500 advocates work in the Top 30 law firms, whereas the firms consisting of one advocate form the majority of the bar. Particularly during the last decade the bar has grown tremendously due to an increase in demand for specialistic legal service and advice. Due to new developments the client has become more prominent when it comes to determining the quality of the legal service, a phenomenon also known as ‘simultaneity’.


R. van Otterlo
Prof. mr. dr. Rob van Otterlo is als bijzonder hoogleraar organisatie van de juridische dienstverlening verbonden aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. Hij is tevens werkzaam bij de Nederlandse Orde van Advocaten in Den Haag.
Artikel

De verdrijving van Hulanda

De Sabanen en hun toekomst als BES-eilanders

Tijdschrift Justitiële verkenningen, Aflevering 5 2009
Auteurs F. Guadeloupe
SamenvattingAuteursinformatie

    In the ongoing effort to create a post-imperial Dutch Kingdom, one in which colonial categories have no place, preparations are underway to reorganize this transatlantic political entity. The BES islands, Bonaire, Sint Eustatius, and Saba, will be granted the status of overseas municipalities of the Netherlands. Such welcoming efforts by mandarins in The Hague must however be based upon a sound understanding of how the cultural sensibilities of many Caribbean Dutch continue to be impacted by the lingering memories of the colonialism. Throughout the Dutch Caribbean isles, these lingering memories have given rise to Hulanda, a collection of fantastic spectres supposedly representing the benevolent and malevolent mindsets of the European Dutch to whom the future allegedly belongs. By specifically focusing on Saban imaginings of Hulanda, as well as offering modes to exorcize these specific spectres, this essay seeks to contribute to the process of mutual recognition within the Dutch Kingdom.


F. Guadeloupe
Dr. Francio Guadeloupe is verbonden aan de afdeling Culturele Antropologie en Ontwikkelingsstudies van de Faculteit Sociale Wetenschappen van de Radboud Universiteit.
Artikel

Contracteren met consumenten

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 4 2009
Trefwoorden consument, consumentenbescherming, Europa
Auteurs Prof. mr. A.G. Castermans
SamenvattingAuteursinformatie

    De ene consument is de andere niet. Castermans bepleit daarom de nationale rechter de vrijheid te gunnen naar bevind mild of kritisch te bejegenen. Het is de vraag of die vrijheid vanuit Europa is gegund, aangezien het streven daar luidt: harmonisatie. Echter, als de Europese consument niet bestaat, ligt het voor de hand de rechter die vrijheid wel te gunnen, aldus Castermans.


Prof. mr. A.G. Castermans
Prof. mr. A.G. Castermans is hoogleraar burgerlijk recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Driekwart van de heersende leer over vervaltermijnen is onjuist

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 4 2009
Trefwoorden verval, verjaring, ambtshalve toepassing, stuiting
Auteurs Mr. dr. J.L. Smeehuijzen
SamenvattingAuteursinformatie

    Wat betreft vermogensrechtelijke vervaltermijnen zijn drie van de vier traditionele onderscheidingen tussen verval en verjaring onhoudbaar: (1) vervaltermijnen moeten net zo min als verjaringstermijnen ambtshalve worden toegepast en (2) afstand van verval is niet in mindere mate mogelijk dan afstand van verjaring. (3a) Stuiting van verval is, via een redelijke wetsuitleg of via de beperkende werking van de redelijkheid en billijkheid, mogelijk als het gaat om vorderingsrechten.Helemaal gelijk zijn vermogensrechtelijke verval- en verjaringstermijnen intussen niet; (3b) voor bevoegdheden of obliegenheiten is de stuitingfiguur in de regel ongeschikt, omdat daar de crediteur zelf zijn recht kan verwezenlijken of zijn obliegenheit kan vervullen.


Mr. dr. J.L. Smeehuijzen
Mr. dr. J.L. Smeehuijzen is universitair docent aan de VU en raadsheer-plaatsvervanger in het Hof Arnhem. Deze bijdrage is grotendeels ontleend aan hoofdstuk 28 van zijn dissertatie De bevrijdende verjaring (VU 2008).
Artikel

De ontwerp groepsvrijstelling verticale beperkingen – een stap vooruit?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 5 2009
Trefwoorden verordening inzake verticale overeenkomsten, ontwerp-verordening, verticale beperkingen, toegangsvergoedingen, categoriemanagementovereenkomsten
Auteurs Mr. H.H.P. Lugard en Dr. T. van Dijk
SamenvattingAuteursinformatie

    Na tien jaar in werking te zijn geweest zal de verordening inzake verticale overeenkomsten, Verordening (EG) nr. 2790/1999, op 31 mei 2010 vervallen. De Europese Commissie is op 28 juli van dit jaar een consultatieronde gestart over aanpassingen van de huidige verordening (‘de ontwerp-verordening’) en de daarbij behorende richtsnoeren (‘de ontwerp-richtsnoeren’). In het persbericht bij de consultatieronde stelt de Commissie dat de voorgestelde aanpassingen ‘(…) zijn bedoeld om in te spelen op de recente marktontwikkelingen, met name de versterkte koopkracht van de grote detailhandelaars en de groei van de online verkoop.’ In dit artikel zetten we de belangrijkste door de Commissie voorgestelde aanpassingen op een rij en bespreken we meer in detail een aantal saillante wijzigingsvoorstellen: (1) aanpassingen van de reikwijdte van de vrijstelling, (2) twee ‘nieuwe’ verticale beperkingen, te weten toegangsvergoedingen en categoriemanagementovereenkomsten, (3) nieuwe regels met betrekking tot online distributie en (4) een aangepaste beoordeling van individuele hardekernbeperkingen, in het bijzonder van verticale prijsbinding. De nieuwe verordening zal naar verwachting in juni 2010 in werking treden en van toepassing blijven tot 31 mei 2020.


Mr. H.H.P. Lugard
Mr. H.H.P. Lugard is werkzaam als advocaat en bedrijfsjurist bij Royal Philips Electronics.

Dr. T. van Dijk
Dr. T. van Dijk is werkzaam bij Lexonomics.
Artikel

Het Wetsvoorstel Markt & Overheid

Tijdschrift Vennootschap & Onderneming, Aflevering 10 2009
Trefwoorden mededingingswet, overheid, gedragsregels, concurrentie, staatssteun
Auteurs Mr. R.W. de Vlam
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze bijdrage bespreekt de auteur het wetsvoorstel tot aanpassing van de Mededingingswet ter invoering van gedragsregels voor overheden wanneer deze zich op de markt begeven (Wetsvoorstel Markt & Overheid). De auteur staat stil bij de voorgeschiedenis en de inhoud van het wetsvoorstel en plaatst daarbij enkele kanttekeningen.


Mr. R.W. de Vlam
Mr. R.W. de Vlam is werkzaam als advocaat bij Loyens & Loeff.

    CEPINA, the Belgian Centre for Arbitration and Mediation recently published special mediation rules for the resolution of IT disputes. The most important rules are discussed. Also the background of this initiative is highlighted.


Mr. Marc Taeymans
Marc Taeymans is jurist en gecertificeerd mediator te Antwerpen. Hij is lid van de Federale Bemiddelingscommisie bij de FOD Justitie en lid van CEPINA. Hij is tevens rechter in handelszaken in de Rechtbank van koophandel te Antwerpen.

Mr. Erik Valgaeren
Erik Valgaeren is advocaat-vennoot bij Stibbe te Brussel gespecialiseerd in ICT-recht.
Artikel

De aanneming van bouwwerken in het ‘Ontwerp Gemeenschappelijk Referentiekader’ en in Nederland: toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk

Tijdschrift Contracteren, Aflevering 3 2009
Trefwoorden bouw, bouwwerken, ontwerp gemeenschappelijk referentiekader
Auteurs Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen en Mr. ir. F.M. van Cassel
SamenvattingAuteursinformatie

    Het artikel spitst zich toe op de aanneming van bouwwerken, meer in het bijzonder op het toezicht tijdens de bouw en oplevering van het werk in de PEL SC en in de diverse nationale (wettelijke en contractuele) regelingen. Auteurs bevelen na bestudering van verschillende regelingen ten slotte aan de Europese regelgeving niet toe te passen.


Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen
Mw. mr. B.J. Broekema-Engelen is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.

Mr. ir. F.M. van Cassel
Mr. ir. F.M. van Cassel is secretaris verbonden aan de Raad van Arbitrage voor de Bouw.
Artikel

Richtsnoeren voor de handhavingsprioriteiten van de EG-Commissie bij de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag

Een koerswijziging – maar hoe precies is het kompas afgesteld?

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 3 2009
Trefwoorden marktafscherming, efficiëntiewinsten, uitsluitingsstrategieën, voorwaardelijke kortingen, leveringsweigering
Auteurs Mr. L. Gyselen
SamenvattingAuteursinformatie

    In haar Richtsnoeren betreffende handhavingsprioriteiten bij de toepassing van artikel 82 EG-Verdrag kondigt de Commissie een dubbele koerswijzinging aan. Zij neemt zich voor om (a) grondiger te onderzoeken of het vermeend uitsluitingsgedrag van een dominante onderneming het rivaliteitsproces merkbaar zal verstoren en (b) deze onderneming de kans te geven aan te tonen dat haar uitsluitingsgedrag efficiëntiewinsten oplevert die opwegen tegen de verstoring van het rivaliteitsproces.De tweede koerswijziging lijkt de meest ingrijpende omdat zij de evenwichtsoefening van artikel 81 lid 3 EG-Verdrag binnenloodst in artikel 82 EG-Verdrag. Wij betwijfelen echter of deze conceptuele wijziging veel soelaas zal brengen voor dominante ondernemingen, eens de Commissie de diagnose gesteld zal hebben dat hun uitsluitingsgedrag het rivaliteitsproces merkbaar verstoort. Daarom lijkt ons de eerste wijziging van groter praktisch belang. De vraag is echter of het nieuwe kompas van de Commissie precies genoeg is afgesteld om deze behoorlijk in de praktijk om te zetten.


Mr. L. Gyselen
Mr. L Gyselen is vennoot bij Arnold & Porter LLP en advocaat aan de balie van Brussel.
Artikel

De beoordeling van samenwerkingsvormen in de zorg onder artikel 6 Mw

Ketenzorg is geen kartel

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2009
Trefwoorden VWS, ketenzorg, samenwerkingsvormen, mededinging, zorg, art. 6 Mw
Auteurs Mr. drs. B.M.M. Reuder, Dr. G. Tezel en mr. I.W. VerLoren van Themaat
SamenvattingAuteursinformatie

    Het Ministerie van VWS staat in de zorg zowel meer concurrentie, als meer samenwerking voor, waaronder samenwerking in de vorm van ketenzorg. Dat lijkt op het eerste gezicht paradoxaal. Marktwerking wordt immers vaak geassocieerd met de plicht voor partijen zelfstandig strategische keuzes te maken, terwijl ketenzorg juist vergaande afstemming verlangt. Dit artikel laat zien dat het mededingingsrecht niet in de weg staat aan realisatie van beide beleidsdoelen. Het mededingingsrecht biedt voldoende ruimte voor samenwerkingen die bijdragen aan de zorgdoelen kwaliteit, betaalbaarheid en bereikbaarheid, doch verbiedt afspraken die de marktwerking verder beperken dan noodzakelijk is voor de realisatie van deze doelstellingen.


Mr. drs. B.M.M. Reuder
Mr. drs. B.M.M. Reuder is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.

Dr. G. Tezel
Dr. G. Tezel is principal manager bij PricewaterhouseCoopers Advisory.

mr. I.W. VerLoren van Themaat
Mr. I.W. VerLoren van Themaat is advocaat bij Houthoff Buruma te Amsterdam.
Artikel

De reikwijdte van het beslag

Verslag van de discussie tijdens de voorjaarsvergadering van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht op 6 juni 2008

Tijdschrift Tijdschrift voor Civiele Rechtspleging, Aflevering 1 2009
Trefwoorden conservatoir beslag, beslagrekest, beslagverlof, bewijsbeslag, paulianabeslag, opheffing conservatoir beslag
Auteurs Mevrouw mr. J.H. van Dam-Lely en Mr. M.L. Tuil
SamenvattingAuteursinformatie

    Verslag van de voorjaarsvergadering van de Nederlandse Vereniging voor Procesrecht op 6 juni 2008 over de ‘reikwijdte van het beslag’. De inleidingen van mr. A.J. van der Meer (beslagverlof en opheffingskortgeding), mr. J.G.A. Linssen (bewijsbeslag) en mr. J.C. van Oven (beslag op verhulde beslagobjecten) worden in het verslag beknopt samengevat; van de discussie wordt uitgebreid verslag gedaan.


Mevrouw mr. J.H. van Dam-Lely
Mevrouw mr. J.H. van Dam-Lely is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.

Mr. M.L. Tuil
Mr. M.L. Tuil is verbonden aan de Erasmus Universiteit Rotterdam.
Artikel

Betekenis van het Europese mededingingsrecht voor het Nederlandse contractenrecht

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 3 2009
Trefwoorden Europese mededingingsrecht, contractenrecht, Kartelverbod, economische machtspositie, concentratiecontrole
Auteurs Mr. R. Meijer
SamenvattingAuteursinformatie

    Een van de leidende beginselen van het contractenrecht is de partijautonomie en de daaraan gekoppelde contractsvrijheid. Zoals iedere vrijheid kent echter ook contractsvrijheid haar grenzen. Het mededingingsrecht is als begrenzing van de contractsvrijheid de laatste jaren steeds belangrijker geworden. Overeenkomsten mogen er niet toe leiden dat de mededinging wordt beperkt. In het onderhavige artikel wordt besproken op welke manier het Europese mededingingsrecht inwerkt op het Nederlandse contractenrecht. Daartoe worden de Europese mededingingsregels op hoofdlijnen weergegeven. In dit artikel wordt onder mededingingsrecht verstaan het kartelverbod, het verbod van misbruik van economische machtspositie en de concentratiecontrole.


Mr. R. Meijer
Mr. R. Meijer is advocaat bij Allen & Overy te Amsterdam.
Artikel

In de boot genomen: genotsderving komt niet vanzelfsprekend in aanmerking voor vergoeding als vermogensschade

HR 5 december 2008, RvdW 2009, 2 (Pollen/Linssen Yachts B.V.)

Tijdschrift Maandblad voor Vermogensrecht, Aflevering 2 2009
Trefwoorden genotsderving, vergoeding, vermogensschade
Auteurs Mr. drs. M. van Kogelenberg
SamenvattingAuteursinformatie

    De koper draagt het risico van kleine gebreken in de aan hem geleverde zaken, indien de zaak adequaat is hersteld en de schade voorts uitsluitend bestaat uit gemist onstoffelijk voordeel ten gevolge van het tijdelijk niet beschikbaar zijn van de conforme zaak. Daarmee vult de Hoge Raad de regel uit het Burger/Brouwer Motors-arrest verder in.


Mr. drs. M. van Kogelenberg
Mr. drs. M. van Kogelenberg is AIO/docent burgerlijk recht aan de Eras- mus Universiteit Rotterdam.
Interface Showing Amount
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.