Verfijn uw zoekresultaat

Zoekresultaat: 386 artikelen

x
De zoekresultaten worden gefilterd op:
Rubriek Artikel x
Artikel

Het verlofstelsel in hoger beroep is dood, leve het verlofstelsel

Tijdschrift Tijdschrift Modernisering Strafvordering, Aflevering 1 2018
Trefwoorden verlofstelsel, hoger beroep, grievenstelsel, artikel 410a Sv artikel 14 lid 5 IVBPR, artikel 2 Zevende Protocol EVRM, artikel 6 EVRM
Auteurs Mr. dr. G. Pesselse
SamenvattingAuteursinformatie

    Dat het verlofstelsel van artikel 410a Sv wordt afgeschaft, is zo goed als zeker. Vrijwel niemand zal er rouwig om zijn. Met de afschaffing van het verlofstelsel in hoger beroep verdwijnt het fenomeen verlofstelsels in het algemeen echter niet van het toneel. Sterker nog, het in de modernisering voorgestelde gematigde grievenstelsel in hoger beroep draagt de kiemen voor een nieuw verlofstelsel in zich. De vraag is: moet het conceptwetsvoorstel voor Boek 5 van het Wetboek van Strafvordering over rechtsmiddelen worden aangevuld met een nieuw verlofstelsel, nu wél behoorlijk vormgegeven?


Mr. dr. G. Pesselse
Mr. dr. G. (Geert) Pesselse is wetenschappelijk medewerker bij de afdeling strafrecht van het Gerechtshof ’s-Hertogenbosch en research fellow bij het Onderzoekscentrum voor Staat en Recht (SteR), Radboud Universiteit Nijmegen. De auteur promoveerde op 16 februari 2018 in Nijmegen op een proefschrift getiteld ‘Verlofstelsels in strafzaken’, waarnaar in dit artikel veelvuldig wordt verwezen.
Artikel

De vermogensinkomensbijtelling en het EVRM

De nieuwe Wlz en de gewijzigde Wmo (II)

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 03 2016
Trefwoorden Levensverzekering, pensioen en sociale zekerheid
Auteurs Mr. F.M.H. Hoens

Mr. F.M.H. Hoens
Artikel

Een compliment voor de mantelzorger of ... voor de rechter?

Het is maar van wiens kant men het bekijkt

Tijdschrift EstateTip Review, Aflevering 27 2015
Trefwoorden Testament
Auteurs




Artikel

De EU-bevoegdheid betreffende de externe coördinatie van sociale zekerheid

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 5 2014
Trefwoorden coördinatie sociale zekerheid, externe betrekkingen, associatieovereenkomsten, rechtsbasis, vrij verkeer
Auteurs Mr. A.P. van der Mei
SamenvattingAuteursinformatie

    Artikel 48 VWEU kent aan de EU-wetgever de bevoegdheid toe de socialezekerheidsstelsels van de lidstaten te coördineren teneinde het vrij verkeer van werknemers binnen de EU te faciliteren. In twee door het Verenigd Koninkrijk tegen de Raad van de Europese Unie op grond van artikel 263 VWEU ingestelde beroepen, diende het Hof van Justitie zich te buigen over de vraag of de EU-wetgever deze bevoegdheid voor ‘interne’ coördinatie ook kan aanwenden voor een besluit gericht op de uitbreiding van de Socialezekerheidsverordening 883/2004 tot het grondgebied en de onderdanen van derde landen. Het Hof van Justitie oordeelt dat de EU-wetgever dat kan: artikel 48 VWEU kan de rechtsbasis vormen voor een besluit gericht op een dergelijke ‘externe’ coördinatie van sociale zekerheid indien derde staten op basis van associatieakkoorden voor doeleinden van socialezekerheidscoördinatie reeds zijn gelijkgesteld aan EU-lidstaten. Deze bijdrage analyseert de twee arresten en beziet de mogelijke implicaties.HvJ EU 26 september 2013, zaak C-431/11, Verenigd Koninkrijk/Raad van de Europese Unie, n.n.g. en HvJ EU 27 februari 2014, zaak C-656/11, Verenigd Koninkrijk/Raad van de Europese Unie, n.n.g.


Mr. A.P. van der Mei
Mr. A.P. (Anne Pieter) van der Mei is als universitair hoofddocent verbonden aan Maastricht Center for European Law (MCEL), Universiteit Maastricht.
Artikel

Het normale maatschappelijke risico: zonder meer 2%?

Tijdschrift StAB, Aflevering 2 2014
Auteurs Marloes Hildenbrant

Marloes Hildenbrant
Artikel

Kroniek Nederlands mededingingsrecht 2013

Tijdschrift Markt & Mededinging, Aflevering 2 2014
Trefwoorden kroniek, regelgeving, mededingingsafspraken, machtspositie, procedurele aangelegenheden
Auteurs Mr. Robert Bosman en Mr. Edmon Oude Elferink
SamenvattingAuteursinformatie

    In deze kroniek worden de besluiten en informele zienswijzen besproken die ACM in 2013 op het gebied van het kartelverbod en het verbod van misbruik van economische machtspositie heeft genomen. De voor de toepassing van het mededingingsrecht aangewezen bestuursrechters wezen in totaal zeventien uitspraken in kartel- en daarmee gerelateerde zaken. In 2013 viel ook definitief het doek voor de NMa. Na een periode van ruim vijftien jaar waarin de NMa het mededingingsrecht in Nederland op de kaart zette, ging de toezichthouder op in ACM. Kortom, er viel ook in dit verslagjaar weer het nodige te beleven.


Mr. Robert Bosman
Mr. A.R. Bosman is als advocaat werkzaam bij CMS.

Mr. Edmon Oude Elferink
Mr. E. Oude Elferink is als advocaat werkzaam bij CMS.
Artikel

Uitvoering van de Europese Erfrechtverordening in Nederland: wijziging van Boek 10 BW en inpassing van de Europese erfrechtverklaring

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden internationaal erfrecht, grensoverschrijdende erfopvolging, Uitvoeringswet Verordening Erfrecht, Europese Erfrechtverordening, Haags Erfrechtverdrag 1989, Boek 10 BW, Europese erfrechtverklaring, IPR
Auteurs Mr. J.G. Knot
SamenvattingAuteursinformatie

    Onlangs is bij de Tweede Kamer een wetsvoorstel tot uitvoering van de Europese Erfrechtverordening ingediend. Verschillende onderdelen van de verordening vragen om nadere uitvoeringswetgeving in de lidstaten. In deze bijdrage worden de belangrijkste bepalingen uit het Nederlandse wetsvoorstel besproken. Onder meer de wijzigingen in Titel 12 van Boek 10 BW en de introductie van de Europese erfrechtverklaring in het Nederlandse rechtssysteem komen aan bod.
    Al met al maakt de Uitvoeringswet de contouren van de toepassing van de verordening in Nederland weer een beetje duidelijker, al blijven er voor de weerbarstige internationale boedelpraktijk ook nog voldoende vragen open.


Mr. J.G. Knot
Mr. J.G. Knot is universitair docent internationaal privaatrecht aan de Rijksuniversiteit Groningen en adviseur bij PlasBossinade advocaten en notarissen te Groningen.
Artikel

Enige opmerkingen over de nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil op grond van vormgebreken

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 2 2014
Trefwoorden uiterste wil, uiterste wilsbeschikking, nietigheid en vernietigbaarheid van een uiterste wil, authenticiteit, vormvereisten, artikel 3:39 BW, artikel 4:109 BW, misbruik van bevoegdheid
Auteurs Mr. P.C. van Es
SamenvattingAuteursinformatie

    De Wna bepaalt dat wanneer aan bepaalde vormvereisten niet is voldaan, een akte authenticiteit mist en zij niet voldoet aan de voorschriften waarin de vorm van een notariële akte wordt geëist. Boek 4 van het BW geeft in artikel 109 een eigen regeling voor (onder meer) een in een notariële akte gegoten uiterste wil die niet aan bepaalde vormvereisten voldoet. Dit artikel moet worden gezien als een bepaling die een afwijking inhoudt van de hoofdregel van artikel 3:39 BW: op grond van lid 4 van artikel 4:109 BW geldt namelijk dat het niet in acht nemen van bepaalde vormvereisten (waar de Wna wel de sanctie van verlies van authenticiteit op stelt) geen nietigheid, maar vernietigbaarheid van de uiterste wil meebrengt.
    In deze bijdrage wordt – mede aan de hand van HR 5 oktober 2001, NJ 2002/410 – op zoek gegaan naar de grenzen van de mogelijkheid een vernietigbare uiterste wil te vernietigen.


Mr. P.C. van Es
Mr. P.C. van Es is universitair hoofddocent notarieel recht aan de Universiteit Leiden.
Artikel

Een voorstel voor een effectief rechtsmiddel voor overschrijdingen van het redelijketermijnvereiste

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 4 2014
Trefwoorden artikel 47 Handvest, redelijketermijnvereiste, effectief rechtsmiddel
Auteurs Mr. A.E. Beumer LLM
SamenvattingAuteursinformatie

    Op 26 november 2013 gaf de Grote Kamer van het Hof van Justitie een belangrijk oordeel in drie mededingingszaken, Kendrion, Groupe Gascogne, en Gascogne Deutschland. De drie uitspraken zullen de boeken ingaan als de uitspraken waarin het Hof van Justitie duidelijkheid verschafte over het rechtsmiddel dat particulieren kunnen instellen wanneer zij op EU-niveau worden geconfronteerd met een schending van het redelijketermijnvereiste. In lijn met eerdere jurisprudentie moest het Hof van Justitie kiezen tussen twee rechtsmiddelen. Ten eerste kon het Hof van Justitie, conform de zaak Baustahlgewebe, een schending vaststellen en vervolgens zelf (als een vorm van genoegdoening) de boete verlagen die de Commissie had opgelegd. Ten tweede kon het Hof van Justitie, in overeenstemming met de zaak Grüne Punkt, opteren voor een aparte schadevergoedingsactie. Het Hof van Justitie maakt een principiële keuze voor het tweede rechtsmiddel.HvJ EU 26 november 2013, zaak C-58/12 P, Groupe Gascogne/Commissie, zaak C-40/12 P, Gascogne Sack Deutschland/Commissie, en zaak C-50/12 P, Kendrion/Commissie, n.n.g.


Mr. A.E. Beumer LLM
Mr. A.E. (Elsbeth) Beumer LLM is als PhD-onderzoeker verbonden aan het Europa Instituut van de Universiteit Leiden.
Artikel

De Embryowet opnieuw geëvalueerd

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 3 2014
Trefwoorden embryo, stamcellen, geslachtskeuze, chimaere
Auteurs Mr. dr. M.C. Ploem, dr. W.J. Dondorp, prof. mr. J. Legemaate e.a.
SamenvattingAuteursinformatie

    De Embryowet werd in 2012 voor de tweede keer geëvalueerd. Veel van de in de eerste evaluatie gesignaleerde knelpunten zijn nog niet opgelost, en er zijn nieuwe bijgekomen. Het zijn met name de verbodsbepalingen die tot discussie (blijven) leiden. Zo beperkt het verbod om embryo’s voor andere doeleinden dan zwangerschap tot stand te brengen nog steeds de mogelijkheden voor onderzoek naar de effectiviteit en veiligheid van nieuwe voortplantingstechnieken. Een nieuwe discussie betreft het maken van mens-diercombinaties als mogelijke bron van menselijke organen. De Embryowet verbiedt dergelijke ‘chimaeren’ langer dan veertien dagen te kweken, maar dat verbod is zo geformuleerd dat de huidige techniek voor het maken van chimaeren er niet onder valt. De auteurs bespreken in hun bijdrage nog diverse andere technologische ontwikkelingen, geven aan welke implicaties die hebben voor de Embryowet en plaatsen kanttekeningen bij de door het kabinet in reactie op beide evaluaties ingenomen standpunten.


Mr. dr. M.C. Ploem
Corrette Ploem is onderzoeker/docent gezondheidsrecht bij het AMC, Afd. Sociale Geneeskunde.

dr. W.J. Dondorp
Wybo Dondorp is onderzoeker/docent bij de Universiteit Maastricht, Afd. Metamedica en onderzoeksscholen CAPHRI en GROW.

prof. mr. J. Legemaate
Johan Legemaate is hoogleraar gezondheidsrecht bij het AMC, Afd. Sociale Geneeskunde.

prof. dr. G.M.W.R. de Wert
Guido de Wert is hoogleraar bij de Universiteit Maastricht, Afd. Metamedica en onderzoeksscholen CAPHRI en GROW. Alle auteurs maakten deel uit van het onderzoeksteam dat de tweede evaluatie van de Embryowet heeft uitgevoerd. De laatste auteur maakte ook deel uit van het team dat de eerste evaluatie uitvoerde.
Artikel

Access_open Onverdoofd slachten

Dierenwelzijnargumenten tegen en godsdienstige argumenten voor deze slachtmethode

Tijdschrift Tijdschrift voor Religie, Recht en Beleid, Aflevering 1 2014
Trefwoorden animal welfare, slaughter without stunning, kosjer, halal
Auteurs Janine Janssen
SamenvattingAuteursinformatie

    In 2008 the Party for the Animals in Dutch Parliament submitted a bill on the slaughter of animals without stunning. Initially this bill was formulated as a ban of slaughter without stunning. But then an amendment was included with the clause that this form of slaughter was allowed, provided it can be proven that animal welfare is not more affected than in regular slaughter. This would result in a de facto prohibition. Although the House of Representatives (Tweede Kamer) voted in favor of this bill, it was rejected by the Senate (Eerste Kamer), much to the relief of the Jewish and Muslim communities in the Netherlands. Jews and Muslims must meet with several rules according to their faith while slaughtering animals. One of these rules is that animals are killed without prior stunning. This contribution focuses on arguments regarding animal welfare against and religious arguments for slaughter without stunning.


Janine Janssen
Dr. J. Janssen is hoofd onderzoek van het Landelijk Expertise Centrum Eer Gerelateerd Geweld (LEC EGG) van de Nederlandse politie. Daarnaast is zij verbonden aan de vakgroep strafrecht en criminologie van de Vrije Universiteit Amsterdam. Janine.Janssen@ziggo.nl.

    On the one hand, the religiously motivated circumcision of male minors is a manifestation of the right to freedom of religion. On the other hand, circumcision is an interference with the right to physical integrity. This article makes an effort to explain the fundamental rights’ position of male minor circumcision, dealing as well with the right to freedom of religion of the male minor, with some medical aspects, and with the difference between the circumcision of boys and girls. The article results in a discussion of the question, if specific regulation is required, in view of the recent discussion about the legitimacy of circumcision of male minors.


Aernout Nieuwenhuis
Mr. dr. A.J. Nieuwenhuis is universitair hoofddocent Staatsrecht aan de faculteit Rechtsgeleerdheid van de Universiteit van Amsterdam. A.J.Nieuwenhuis@uva.nl.
Artikel

Corporate governance en belangenconflicten van bestuurders bij openbare biedingen

Tijdschrift Onderneming en Financiering, Aflevering 1 2014
Trefwoorden tegenstrijdig belang, openbaar bod, corporate governance, claw back, Bruil, corporate event-regeling, afroomregeling
Auteurs Mr. K.L. Tienstra en Prof. mr. W.J. Oostwouder
SamenvattingAuteursinformatie

    De auteurs bespreken de governanceaspecten van belangenconflicten waarmee bestuurders van een Nederlandse doelvennootschap geconfronteerd kunnen worden, in het kader van een vriendelijk openbaar bod. Na een korte uiteenzetting van de openbaarbodregeling wordt de bij de Wet bestuur en toezicht ingevoerde tegenstrijdigbelangregeling toegepast, waarbij tevens ingegaan wordt op relevante jurisprudentie. Daarna komen de Wft, het Bob en de Code aan de orde. Aan de hand van dit overzicht wordt het position statement van UNIT4 getoetst en slaan zij een brug naar de per 1 januari 2014 ingevoerde corporate event-regeling uit de Wet Claw back, om af te sluiten met een conclusie.


Mr. K.L. Tienstra
Mr. K.L. Tienstra is advocaat bij Loyens & Loeff N.V. in Amsterdam.

Prof. mr. W.J. Oostwouder
Prof. mr. W.J. Oostwouder is hoogleraar Bedrijfsfinancieel recht aan de Universiteit Utrecht en advocaat bij Loyens & Loeff.
Artikel

‘Le temps détruit tout’?

Het dienstenverkeer binnen de EU-Turkije Associatie na de uitspraak van het Hof van Justitie in Demirkan

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2/3 2014
Trefwoorden Turks Associatieverdrag, Vrij verkeer van diensten, Passievedienstenverkeer, Visumplicht, Vrij verkeer van personen
Auteurs Dr. Th. A.J.A. Vandamme
SamenvattingAuteursinformatie

    Kunnen Turkse onderdanen zonder visum afreizen naar Duitsland teneinde daar (misschien) diensten te gaan ontvangen als ze dat ook konden in vroegere tijden toen het Duitse recht op dit punt hen welgevallig was? In de onderhavige zaak werd het Hof van Justitie geconfronteerd met deze vraag waarbij de standstill-clausules uit het EU-Turkije Associatieregime centraal staan. Hebben deze clausules betrekking niet alleen betrekking op het verlenen maar ook op het ontvangen van diensten?HvJ EU 24 september 2013, zaak C-221/11, Leyla Demirkan/Bundesrepublik Deutschland, n.n.g.


Dr. Th. A.J.A. Vandamme
Dr. Th. A.J.A. (Thomas) Vandamme is docent/onderzoeker bij het Amsterdam Center for European Law and Governance, Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Het Europees Openbaar Ministerie tussen soevereiniteit en effectiviteit

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 2/3 2014
Trefwoorden Europees Openbaar Ministerie, fraudebestrijding, strafrecht
Auteurs Mr. dr. W. Geelhoed
SamenvattingAuteursinformatie

    Het voorstel van de Europese Commissie voor oprichting van een Europees Openbaar Ministerie hinkt op twee gedachten. Het streven is de fraudebestrijding voortvarender te maken, maar tegelijk niet ten koste van nationale strafvorderlijke autonomie te laten gaan. Wanneer nationale strafrechtelijke gevoeligheden koste wat kost worden gespaard, kan slechts een papieren tijger worden opgericht. Dan is het beter om ofwel niets te doen, ofwel een krachtige instelling op te richten die daadwerkelijk strafrechtelijke bescherming biedt voor de financiële belangen van de EU.Voorstel voor een verordening van de Raad tot instelling van het Europees Openbaar Ministerie, COM(2013)534


Mr. dr. W. Geelhoed
Mr. dr. W. (Pim) Geelhoed is als universitair docent straf- en strafprocesrecht verbonden aan de Universiteit Leiden.

    A new law that reforms the Belgian Council of State accomplishes better coordination between the treatment of complaints by ombudsmen and the proceedings before the Council of State. The term to initiate a proceeding is suspended by a complaint to an ombudsman.


Eric Lancksweerdt
Eric Lancksweerdt is magistraat bij de Belgische Raad van State (eerste auditeur-afdelingshoofd). Hij is tevens gastprofessor aan de universiteit Antwerpen, waar hij ook praktijkassistent voor het vak ‘bemiddelen en onderhandelen’ is. Eric Lancksweerdt legt momenteel de laatste hand aan een boek over ‘Recht en menselijke ontwikkeling’.
Artikel

De attestatie de vita

Tijdschrift Tijdschrift Erfrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden attestatie de vita, bewijsrecht, pensioenrecht
Auteurs Prof. mr. W. Breemhaar
SamenvattingAuteursinformatie

    De bijdrage is gewijd aan de attestatie de vita, waarvan de grondslag is te vinden in de op 10 september 1998 te Parijs tot stand gekomen Overeenkomst betreffende de afgifte van een attestatie de vita alsmede artikel 1:19k BW. Met de invoering van de attestatie de vita is beoogd om het bewijs van het in leven zijn van een persoon in een ander land dan waar deze woont, te vergemakkelijken. Men denke in dit verband bijvoorbeeld aan elders opgebouwde pensioenrechten.


Prof. mr. W. Breemhaar
Prof. mr. W. Breemhaar is senior raadsheer in het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden en bijzonder hoogleraar Bijzondere onderwerpen Notarieel recht aan de Universiteit van Amsterdam.
Artikel

Melding van kindermishandeling: afscheid van het conflict van plichten?

Tijdschrift Tijdschrift voor Gezondheidsrecht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Melding kindermishandeling, Conflict van plichten, Tuchtrecht
Auteurs Mr. C.A. Bol en prof. mr. J.C.J. Dute
SamenvattingAuteursinformatie

    Dit artikel behelst een onderzoek naar de tuchtrechtelijke toetsing van de melding van kindermishandeling over de periode 2002 tot 2013. De melding op eigen initiatief van de hulpverlener wordt niet (langer) getoetst aan het conflict van plichten, maar aan de ruimere criteria van de KNMG-meldcode. Informatieverschaffing op verzoek beoordeelt de tuchtrechter daarentegen strenger dan de KNMG-meldcode vereist. Als juridische grondslag voor de melding van kindermishandeling kan het conflict van plichten beter worden verlaten. Wel blijft dit leerstuk van betekenis als toetssteen voor professionele meldcodes.


Mr. C.A. Bol
Caressa Bol is als docent gezondheidsrecht verbonden aan de Faculteit der Rechtsgeleerdheid van de Radboud Universiteit Nijmegen. Zij werkt aan een proefschrift over het tuchtrecht voor de gezondheidszorg.

prof. mr. J.C.J. Dute
Jos Dute is hoogleraar gezondheidsrecht aan dezelfde universiteit en tevens lid van het College voor de Rechten van de Mens.
Artikel

Splitsing energiebedrijven Europeesrechtelijk belicht

Tijdschrift Nederlands tijdschrift voor Europees recht, Aflevering 1 2014
Trefwoorden Vrij verkeer van kapitaal, privatiseringsverbod, neutraliteitsbeginsel, splitsing energiebedrijven, (zuiver) economische rechtvaardiging
Auteurs Mr. R. de Vlam
SamenvattingAuteursinformatie

    In het hier te bespreken arrest heeft het Hof van Justitie de bestaande jurisprudentie met betrekking tot het recht van een lidstaat om zijn eigendom in te richten verder aangescherpt. Een algeheel privatiseringsverbod valt binnen de werking van artikel 345 VWEU maar moet desondanks worden getoetst aan de verkeersvrijheden. Een verbod op het uitvoeren van netbeheerstaken binnen een groep waarin ook commerciële energieactiviteiten worden verricht, vormt een inbreuk op de verkeersvrijheden maar kan worden gerechtvaardigd door het niet (zuiver) economische belang van voorkomen van kruissubsidies. Proportionaliteit en functionaliteit van de maatregel moeten door de nationale rechter worden beoordeeld.HvJ EU 22 oktober 2013, gevoegde zaken C-105/12 tot en met C-107/12, Staat der Nederlanden/Essent NV en Essent Nederland BV, Eneco Holding NV en Delta NV, n.n.g.


Mr. R. de Vlam
Mr. R. (Roland) de Vlam is advocaat bij Loyens & Loeff N.V.
Toont 1 - 20 van 386 gevonden teksten
« 1 3 4 5 6 7 8 9 19 20
U kunt door de volledige tekst zoeken naar alle artikelen door uw zoekterm in het zoekveld in te vullen. Als u op de knop 'Zoek' heeft geklikt komt u op de zoekresultatenpagina met filters, die u helpen om snel bij het door u gezochte artikel te komen. Er zijn op dit moment twee filters: rubriek en jaar.